Besluit van de Minister van Justitie en Veiligheid van 2 februari 2018, houdende instelling van de Onderzoekscommissie WODC III inzake afhandeling klacht drugsonderzoeken (Instellingsbesluit Onderzoekscommissie WODC III inzake afhandeling klacht drugsonderzoeken)
- BWB-id
- BWBR0040617
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Justitie en Veiligheid
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2018-02-13
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0040617
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2018/instellingsbesluit-onderzoekscommissie-wodc-iii-inzake-afhan
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2018/instellingsbesluit-onderzoekscommissie-wodc-iii-inzake-afhan/2018-02-13
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0040617&g=2018-02-13
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0040617&z=2026-06-06&g=2018-02-13
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0040617/2018-02-13
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2018/instellingsbesluit-onderzoekscommissie-wodc-iii-inzake-afhan
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen In dit besluit wordt verstaan onder: a. Minister: de Minister van Justitie en Veiligheid; b. Commissie: artikel 2, eerste lid de commissie, bedoeld in. 2018 7421 12-02-2018 02-02-2018 2018 7421 12-02-2018 02-02-2018 13-02-2018 Vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018.
Artikel 2 — Artikel 2 Instelling en taak#
Artikel 2 Instelling en taak 1 Er is een onafhankelijke Onderzoekscommissie WODC III inzake afhandeling klacht drugsonderzoeken. 2 artikel 2, tweede lid, van het Instellingsbesluit Onderzoekscommissie WODC I inzake deugdelijkheid drugsonderzoeken De Commissie heeft tot taak onderzoek te verrichten naar de afhandeling van de klacht over beïnvloeding van de onderzoeken, bedoeld in. 3 Bij haar onderzoek beantwoordt de Commissie in ieder geval de volgende vragen: a) of, en zo ja, bij wie, wanneer en hoe de klacht is aangekaart en hoe vervolgens door degenen bij wie de klacht is geuit met deze klacht is omgegaan? b) Besluit melden vermoeden misstand Rijk en Politie Interne klokkenluidersregeling Rijk, Politie en Defensie viel de klacht naar het oordeel van de Commissie aan te merken als een vermoeden van een misstand als bedoeld in hetvan 15 december 2009 dan wel als bedoeld in devan 21 december 2016, die te goeder trouw en op goede gronden is aangekaart? c) in onderdeel b bedoelde besluit in onderdeel b bedoelde klokkenluidersregeling zo ja, is de klacht behandeld in overeenstemming met hetdan wel de? d) zo nee, is de klacht behandeld overeenkomstig de vereiste zorgvuldigheid en geldende richtlijnen? 4 De Commissie beoordeelt of de klacht op de daarvoor vereiste wijze is aangekaart, onderzocht en afgedaan. 5 De Commissie is bevoegd gedurende het onderzoek aanvullende vragen te formuleren en deze te onderzoeken en beantwoorden, indien zij dat dienstig acht aan haar opdracht. 6 Naar aanleiding van de bevindingen en conclusies is de Commissie bevoegd aanbevelingen te doen. 2018 7421 12-02-2018 02-02-2018 2018 7421 12-02-2018 02-02-2018 13-02-2018 Vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018.
Artikel 3 — Artikel 3 Samenstelling, benoeming, ontslag#
Artikel 3 Samenstelling, benoeming, ontslag 1 De Commissie bestaat uit een voorzitter en twee andere leden. De leden hebben zitting op persoonlijke titel en oefenen hun functie uit zonder last of ruggespraak. 2 Tot voorzitter van de Commissie wordt benoemd: prof. dr. mr. E. Verhulp. 3 Tot leden van de Commissie worden benoemd: – prof. dr. A. Nauta; – W. Wind. 4 De benoeming geschiedt voor de duur van de werkzaamheden van de Commissie. 5 Bij tussentijds vertrek van de voorzitter of een ander lid kan de Minister op voordracht van de resterende leden onderscheidenlijk de voorzitter een andere voorzitter dan wel een ander lid benoemen. 6 De voorzitter en de overige leden kunnen wegens ongeschiktheid, onbekwaamheid of op andere zwaarwegende gronden worden geschorst en ontslagen door de Minister. 2018 7421 12-02-2018 02-02-2018 2018 7421 12-02-2018 02-02-2018 13-02-2018 Vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018.
Artikel 4 — Artikel 4 Instellingsduur#
Artikel 4 Instellingsduur 1 De Commissie wordt ingesteld met ingang van 15 januari 2018. 2 De Commissie wordt opgeheven vier weken nadat het eindrapport is uitgebracht. 3 Na de opheffing van de Commissie kan de voorzitter nog worden verzocht om namens de Commissie een toelichting te geven op het eindrapport. 2018 7421 12-02-2018 02-02-2018 2018 7421 12-02-2018 02-02-2018 13-02-2018 Vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018.
Artikel 5 — Artikel 5 Secretariaat#
Artikel 5 Secretariaat 1 De Commissie voorziet zelf in haar secretariaat. 2 Het secretariaat is voor de uitvoering van zijn taak uitsluitend verantwoording schuldig aan de voorzitter van de Commissie. 3 De Minister draagt, op verzoek van de voorzitter van de Commissie, zorg voor de benodigde voorzieningen ten behoeve van de werkzaamheden van de Commissie. 2018 7421 12-02-2018 02-02-2018 2018 7421 12-02-2018 02-02-2018 13-02-2018 Vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018.
Artikel 6 — Artikel 6 Werkwijze#
Artikel 6 Werkwijze 1 De Commissie stelt haar eigen werkwijze vast. 2 De Commissie kan zich door andere personen doen bijstaan voor zover zij dat voor de vervulling van haar taak nodig acht. 3 De Commissie stelt een protocol vast over de wijze waarop zij het onderzoek uitvoert, waaronder in ieder geval over de wijze waarop zij personen hoort en daarvan verslag doet. 4 De Commissie bepaalt hoe zij, in het kader van hoor en wederhoor, bevindingen voorlegt aan personen of instanties die door deze bevindingen worden geraakt of die daartegen bedenkingen zouden kunnen hebben. 2018 7421 12-02-2018 02-02-2018 2018 7421 12-02-2018 02-02-2018 13-02-2018 Vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018.
Artikel 7 — Artikel 7 Inwinnen van inlichtingen; medewerkingsplicht ambtenaren#
Artikel 7 Inwinnen van inlichtingen; medewerkingsplicht ambtenaren 1 De Commissie is bevoegd zich voor het inwinnen van inlichtingen te wenden tot personen en instellingen en hen te verzoeken die medewerking te verlenen die redelijkerwijs nodig is voor de uitvoering van het onderzoek. 2 artikel 6, derde lid Het Ministerie van Justitie en Veiligheid verleent de Commissie de verlangde medewerking binnen de van toepassing zijnde wettelijke kaders. De Commissie krijgt toegang tot alle informatie die zij nodig heeft, binnen de van toepassing zijnde wettelijke kaders en met inachtneming van het in, bedoelde protocol. 3 De Commissie zal zich over de aan haar geboden medewerking verantwoorden in het eindrapport. 2018 7421 12-02-2018 02-02-2018 2018 7421 12-02-2018 02-02-2018 13-02-2018 Vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018.
Artikel 8 — Artikel 8 Eindrapport, tussenrapporten#
Artikel 8 Eindrapport, tussenrapporten 1 De Commissie brengt haar eindrapport uit aan de Minister. 2 De Commissie is bevoegd desgewenst één of meer tussenrapporten uit te brengen. 2018 7421 12-02-2018 02-02-2018 2018 7421 12-02-2018 02-02-2018 13-02-2018 Vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018.
Artikel 9 — Artikel 9 Vergoeding#
Artikel 9 Vergoeding 1 bijlage B van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984 De voorzitter en de andere leden van de Commissie hebben recht op een vaste vergoeding per maand. De toepasselijke salarisschaal voor de voorzitter en de andere leden is schaal 18, trede 10, van. 2 De arbeidsduur van de voorzitter wordt vastgesteld op 4/10 en die van de leden op 2/10 van een volledige taak. 2018 7421 12-02-2018 02-02-2018 2018 7421 12-02-2018 02-02-2018 13-02-2018 Vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018.
Artikel 10 — Artikel 10 Huisvesting en kosten#
Artikel 10 Huisvesting en kosten 1 De Commissie verricht haar werkzaamheden op een locatie buiten het Ministerie van Justitie en Veiligheid. 2 De kosten van de Commissie komen, voor zover goedgekeurd, voor rekening van het Ministerie van Justitie en Veiligheid. Onder kosten worden in ieder geval verstaan: a. de kosten voor de faciliteiten van vergaderingen en voor secretariële ondersteuning; b. de kosten voor het inschakelen van externe deskundigheid en het laten verrichten van onderzoek; en c. de kosten voor publicatie van rapporten. 3 De Commissie biedt zo spoedig mogelijk na haar instelling een gespecificeerde begroting aan de Minister aan. 4 De Commissie voert een eigen financiële administratie. 2018 7421 12-02-2018 02-02-2018 2018 7421 12-02-2018 02-02-2018 13-02-2018 Vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018.
Artikel 11 — Artikel 11 Archiefbescheiden#
Artikel 11 Archiefbescheiden 1 Het archief van de Commissie wordt na afloop van het onderzoek overgebracht naar het archief van het Ministerie van Justitie en Veiligheid. 2 Het beheer vindt plaats met inachtneming van de door de Commissie in haar protocol aangegeven vertrouwelijkheid, waarover met de Commissie nadere afspraken kunnen worden gemaakt. 2018 7421 12-02-2018 02-02-2018 2018 7421 12-02-2018 02-02-2018 13-02-2018 Vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018.
Artikel 12 — Artikel 12 Inwerkingtreding#
Artikel 12 Inwerkingtreding 1 Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018. 2 Dit besluit vervalt vier weken na het uitbrengen van het eindrapport. 2018 7421 12-02-2018 02-02-2018 2018 7421 12-02-2018 02-02-2018 13-02-2018 Vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018.
Artikel 13 — Artikel 13 Citeertitel#
Artikel 13 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit Onderzoekscommissie WODC III inzake afhandeling klacht drugsonderzoeken. 2018 7421 12-02-2018 02-02-2018 2018 7421 12-02-2018 02-02-2018 13-02-2018 Vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018.