Regeling van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 18 december 2017, nr. 2017-0000648667, houdende regels inzake de uitruil van een stimuleringspremie voor buitengewoon verlof (Regeling uitruil stimuleringspremie voor buitengewoon verlof)
- BWB-id
- BWBR0040473
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
- Geldigheid
- 2018-01-01 t/m 2019-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0040473
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2018/regeling-uitruil-stimuleringspremie-voor-buitengewoon-verlof
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2018/regeling-uitruil-stimuleringspremie-voor-buitengewoon-verlof/2018-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0040473&g=2018-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0040473&z=2026-06-06&g=2018-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0040473/2018-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2018/regeling-uitruil-stimuleringspremie-voor-buitengewoon-verlof
Artikel 1 — Artikel 1 Buitengewoon verlof#
Artikel 1 Buitengewoon verlof artikel 49tt van het Algemeen Rijksambtenarenreglement artikel 34 van het Algemeen Rijksambtenarenreglement artikel 94, eerste lid, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement De ambtenaar die in aanmerking komt voor een stimuleringspremie als bedoeld inkan deze geheel of gedeeltelijk inruilen voor een periode van buitengewoon verlof als bedoeld inuitsluitend in het persoonlijk belang direct voorafgaand aan de datum van zijn ontslag op eigen verzoek, bedoeld in. 2017 74050 27-12-2017 18-12-2017 2017-0000648667 2017 74050 27-12-2017 18-12-2017 2017-0000648667 01-01-2018
Artikel 2 — Artikel 2 Duur van het buitengewoon verlof#
Artikel 2 Duur van het buitengewoon verlof 1 De duur van het buitengewoon verlof in maanden wordt bepaald door het totale bedrag aan stimuleringspremie dat de ambtenaar inruilt voor buitengewoon verlof te delen door het maandsalaris dat de grondslag vormt voor de berekening van de stimuleringspremie. Het aantal maanden wordt op hele maanden naar boven afgerond als de uitkomst 0,5 of meer bedraagt en naar beneden als de uitkomst minder dan 0,5 bedraagt. 2 In afwijking van het eerste lid wordt, op verzoek van de ambtenaar, de stimuleringspremie ingeruild voor een langere periode van buitengewoon verlof. De duur van het buitengewoon verlof bedraagt maximaal het dubbele van het aantal maanden bedoeld in het eerste lid. In dat geval dient de volledige stimuleringspremie te worden ingeruild. 3 In afwijking van het eerste lid wordt, op verzoek van de ambtenaar, de stimuleringspremie ingeruild voor een kortere periode van buitengewoon verlof. De duur van het buitengewoon verlof bedraagt ten minste drie maanden. 4 artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet De laatste dag van het buitengewoon verlof is uiterlijk de dag voor de dag waarop de ambtenaar de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in, bereikt. 2017 74050 27-12-2017 18-12-2017 2017-0000648667 2017 74050 27-12-2017 18-12-2017 2017-0000648667 01-01-2018
Artikel 3 — Artikel 3 Uitkering#
Artikel 3 Uitkering 1 De ambtenaar heeft recht op een maandelijkse uitkering met ingang van de dag waarop zijn buitengewoon verlof ingaat. De uitkering bedraagt het totale bedrag aan stimuleringspremie dat de ambtenaar inruilt voor buitengewoon verlof gedeeld door het aantal maanden buitengewoon verlof. 2 Indien de stimuleringspremie niet in zijn geheel is ingeruild voor de periode van buitengewoon verlof, wordt het restant van de stimuleringspremie uitgekeerd na afloop van de periode van buitengewoon verlof. 2017 74050 27-12-2017 18-12-2017 2017-0000648667 2017 74050 27-12-2017 18-12-2017 2017-0000648667 01-01-2018
Artikel 4 — Artikel 4 Bepalingen ten aanzien van overige rechten#
Artikel 4 Bepalingen ten aanzien van overige rechten 1 De ambtenaar heeft geen recht op opname van levensloopverlof tijdens het buitengewoon verlof. 2 artikel 21c van het Algemeen Rijksambtenarenreglement De ambtenaar heeft geen recht op gebruikmaking van individuele keuzen in het arbeidsvoorwaardenpakket als bedoeld in. 2017 74050 27-12-2017 18-12-2017 2017-0000648667 2017 74050 27-12-2017 18-12-2017 2017-0000648667 01-01-2018
Artikel 5 — Artikel 5 Uitkering bij overlijden#
Artikel 5 Uitkering bij overlijden artikel 3, eerste lid Indien de ambtenaar overlijdt tijdens het buitengewoon verlof, wordt de uitkering, bedoeld in, uitbetaald tot en met de dag van overlijden. De stimuleringspremie die de ambtenaar had ingezet ten behoeve van buitengewoon verlof minus de reeds ontvangen uitkeringen en het restant, bedoeld in artikel 3, tweede lid, wordt uitgekeerd aan de nagelaten betrekkingen of rechtverkrijgenden van de ambtenaar. 2017 74050 27-12-2017 18-12-2017 2017-0000648667 2017 74050 27-12-2017 18-12-2017 2017-0000648667 01-01-2018
Artikel 6 — Artikel 6 Pensioen#
Artikel 6 Pensioen Over de periode van buitengewoon verlof wordt het werkgeversdeel van de pensioenafdracht niet ten laste gebracht van de ambtenaar. 2017 74050 27-12-2017 18-12-2017 2017-0000648667 2017 74050 27-12-2017 18-12-2017 2017-0000648667 01-01-2018
Artikel 7 — Artikel 7 Inwerkingtreding#
Artikel 7 Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2018. 2017 74050 27-12-2017 18-12-2017 2017-0000648667 2017 74050 27-12-2017 18-12-2017 2017-0000648667 01-01-2018
Artikel 8 — Artikel 8 Citeertitel#
Artikel 8 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling uitruil stimuleringspremie voor buitengewoon verlof. 2017 74050 27-12-2017 18-12-2017 2017-0000648667 2017 74050 27-12-2017 18-12-2017 2017-0000648667 01-01-2018