Besluit van de Minister van Justitie en Veiligheid van 11 maart 2019 (kenmerk DP&O/19/2529016), houdende instelling van de Visitatiecommissie NFI (Instellingsbesluit Visitatiecommissie NFI)
- BWB-id
- BWBR0042013
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Justitie en Veiligheid
- Geldigheid
- 2021-08-28 t/m 2021-12-30
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0042013
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2019/instellingsbesluit-visitatiecommissie-nfi
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2019/instellingsbesluit-visitatiecommissie-nfi/2021-08-28
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0042013&g=2021-08-28
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0042013&z=2026-06-06&g=2021-08-28
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0042013/2021-08-28
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2019/instellingsbesluit-visitatiecommissie-nfi
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen In dit besluit wordt verstaan onder: a. minister: Minister van Justitie en Veiligheid; b. commissie: Visitatiecommissie NFI; c. NFI: Nederlands Forensisch Instituut; d. ministerie: ministerie van Justitie en Veiligheid. 2019 14896 20-03-2019 11-03-2019 DP&O/19/2529016 2019 14896 20-03-2019 11-03-2019 DP&O/19/2529016 21-03-2019 01-02-2019
Artikel 2 — Artikel 2 Instelling en taak#
Artikel 2 Instelling en taak 1 Er is een onafhankelijke Visitatiecommissie NFI. 2 De commissie heeft tot taak om driemaal op onafhankelijke wijze de voortgang van het meerjarig verbetertraject van het NFI te toetsen door middel van visitaties. Daarbij wordt door de commissie beoordeeld of het beoogde verandertraject, waaronder strategie, organisatie en cultuur, doelmatig en doeltreffend wordt uitgevoerd door het NFI. 2019 14896 20-03-2019 11-03-2019 DP&O/19/2529016 2019 14896 20-03-2019 11-03-2019 DP&O/19/2529016 21-03-2019 01-02-2019
Artikel 3 — Artikel 3 Samenstelling, benoeming, ontslag#
Artikel 3 Samenstelling, benoeming, ontslag 1 De commissie bestaat uit ten minste vier leden, de voorzitter daaronder inbegrepen. 2 De commissieleden zitten op persoonlijke titel in de commissie. 3 De leden van de commissie worden benoemd door de minister. 4 De benoeming geschiedt voor de duur van de werkzaamheden van de commissie. 5 Bij tussentijds vertrek van een lid kan de minister op voordracht van de resterende leden een ander lid benoemen. 6 De leden kunnen wegens ongeschiktheid, onbekwaamheid of op andere zwaarwegende gronden worden geschorst en ontslagen door de minister. 2019 14896 20-03-2019 11-03-2019 DP&O/19/2529016 2019 14896 20-03-2019 11-03-2019 DP&O/19/2529016 21-03-2019 01-02-2019
Artikel 4 — Artikel 4 Leden#
Artikel 4 Leden 1 Tot voorzitter van de commissie wordt benoemd: Mr. W. Sorgdrager. 2 Tot de andere leden van de commissie worden benoemd: a. R. Bik; b. Prof. dr. M.A. van der Steen; c. mr. J. van der Vlist. 2020 24695 07-05-2020 22-04-2020 2857120/20/DP&O 2020 24695 07-05-2020 22-04-2020 2857120/20/DP&O 08-05-2020 01-01-2020
Artikel 5 — Artikel 5 Instellingsduur#
Artikel 5 Instellingsduur De commissie wordt opgeheven vier weken nadat het eindrapport is uitgebracht en uiterlijk 31 december 2021. 2021 38156 27-08-2021 06-08-2021 3419244/21/DP&O 2021 38156 27-08-2021 06-08-2021 3419244/21/DP&O 28-08-2021
Artikel 6 — Artikel 6 Secretariaat#
Artikel 6 Secretariaat 1 De minister voorziet in het secretariaat. 2 Het secretariaat van de commissie is voor de uitvoering van zijn taak uitsluitend verantwoording verschuldigd aan de voorzitter van de commissie. 2019 14896 20-03-2019 11-03-2019 DP&O/19/2529016 2019 14896 20-03-2019 11-03-2019 DP&O/19/2529016 21-03-2019 01-02-2019
Artikel 7 — Artikel 7 Werkwijze#
Artikel 7 Werkwijze 1 De commissie stelt haar eigen werkwijze vast. 2 Bij de visitatie worden verschillende stakeholders betrokken, zoals medewerkers van het NFI, de ondernemingsraad, ketenpartners, de eigenaar, de opdrachtgever en externe deskundigen. 2019 14896 20-03-2019 11-03-2019 DP&O/19/2529016 2019 14896 20-03-2019 11-03-2019 DP&O/19/2529016 21-03-2019 01-02-2019
Artikel 8 — Artikel 8 Inwinnen van inlichtingen commissie#
Artikel 8 Inwinnen van inlichtingen commissie 1 De commissie is bevoegd zich voor het inwinnen van inlichtingen rechtstreeks te wenden tot personen en instellingen en hen te verzoeken die medewerking te verlenen die redelijkerwijs nodig is voor de uitvoering van het onderzoek. 2 Ambtenaren van het ministerie zijn verplicht om de leden van de commissie de verlangde medewerking te verlenen, voor zover deze samenhangt met hun ambtelijke taak. 2019 14896 20-03-2019 11-03-2019 DP&O/19/2529016 2019 14896 20-03-2019 11-03-2019 DP&O/19/2529016 21-03-2019 01-02-2019
Artikel 9 — Artikel 9 Vergoeding#
Artikel 9 Vergoeding 1 Aan de voorzitter van de commissie wordt een vaste vergoeding per maand toegekend, waarbij de salarisschaal wordt vastgesteld op het maximum van schaal 18 zoals overeengekomen in de laatstelijk afgesloten collectieve arbeidsoverkomst voor rijksambtenaren en de arbeidsduurfactor op: a. 0,082 voor 2019; b. 0,075 voor 2020; c. 0,1 voor 2021. 2 Aan de andere leden van de commissie wordt een vaste vergoeding per maand toegekend, waarbij de salarisschaal wordt vastgesteld op het maximum van schaal 18 zoals overeengekomen in de laatstelijk afgesloten collectieve arbeidsoverkomst voor rijksambtenaren en de arbeidsduurfactor op: a. 0,055 voor 2019; b. 0,05 voor 2020; c. 0,067 voor 2021. 3 In afwijking van het tweede lid wordt in 2020 aan het lid Van der Vlist op diens verzoek geen vergoeding uitgekeerd. 2021 38156 27-08-2021 06-08-2021 3419244/21/DP&O 2021 38156 27-08-2021 06-08-2021 3419244/21/DP&O 28-08-2021
Artikel 10 — Artikel 10 Kosten van de commissie#
Artikel 10 Kosten van de commissie 1 De kosten van de commissie komen, voor zover op basis van een goedgekeurde raming, voor rekening van de minister. Onder kosten worden in ieder geval verstaan: a. de kosten voor faciliteiten van vergaderingen en voor secretariële ondersteuning, b. de kosten voor het inschakelen van externe deskundigheid en het laten verrichten van onderzoek, c. de kosten voor publicatie van de rapporten en d. de kosten voor huisvesting. 2 De commissie biedt zo spoedig mogelijk na haar instelling een gespecificeerde raming aan de minister aan. 3 De commissie voert een eigen financiële administratie. 2019 14896 20-03-2019 11-03-2019 DP&O/19/2529016 2019 14896 20-03-2019 11-03-2019 DP&O/19/2529016 21-03-2019 01-02-2019
Artikel 11 — Artikel 11 Huisvesting commissie#
Artikel 11 Huisvesting commissie De commissie verricht haar werkzaamheden op een locatie buiten het ministerie. 2019 14896 20-03-2019 11-03-2019 DP&O/19/2529016 2019 14896 20-03-2019 11-03-2019 DP&O/19/2529016 21-03-2019 01-02-2019
Artikel 12 — Artikel 12 Eindrapport, tussenrapporten en uiterste datum voor oplevering#
Artikel 12 Eindrapport, tussenrapporten en uiterste datum voor oplevering 1 Na afloop van elke visitatie biedt de voorzitter van de commissie haar visitatiebevindingen in een rapport aan de minister aan. De commissie levert in het voorjaar 2019 haar eerste rapportage met visitatiebevindingen op. Het rapport na de derde visitatie is tevens het eindrapport. 2 Het rapport met de visitatiebevindingen gaat vergezeld van een reactie van de directie van het NFI op deze bevindingen. 2019 14896 20-03-2019 11-03-2019 DP&O/19/2529016 2019 14896 20-03-2019 11-03-2019 DP&O/19/2529016 21-03-2019 01-02-2019
Artikel 13 — Artikel 13 Openbaarmaking commissie#
Artikel 13 Openbaarmaking commissie Rapporten, notities, verslagen, adviezen en andere producten die door of namens de commissie worden vervaardigd of vergaard, worden niet door de commissie openbaar gemaakt, maar uitsluitend aan de minister uitgebracht of overgedragen. 2019 14896 20-03-2019 11-03-2019 DP&O/19/2529016 2019 14896 20-03-2019 11-03-2019 DP&O/19/2529016 21-03-2019 01-02-2019
Artikel 14 — Artikel 14 Archiefbescheiden#
Artikel 14 Archiefbescheiden De commissie draagt zo spoedig mogelijk na beëindiging van haar werkzaamheden of, zo de omstandigheden daartoe aanleiding geven, zoveel eerder, de bescheiden betreffende die werkzaamheden over aan het archief van het ministerie. 2019 14896 20-03-2019 11-03-2019 DP&O/19/2529016 2019 14896 20-03-2019 11-03-2019 DP&O/19/2529016 21-03-2019 01-02-2019
Artikel 15 — Artikel 15 Inwerkingtreding#
Artikel 15 Inwerkingtreding 1 Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 februari 2019. 2 Dit besluit vervalt vier weken na het uitbrengen van het eindrapport en uiterlijk 31 december 2021. 2021 38156 27-08-2021 06-08-2021 3419244/21/DP&O 2021 38156 27-08-2021 06-08-2021 3419244/21/DP&O 28-08-2021
Artikel 16 — Artikel 16 Citeertitel#
Artikel 16 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit Visitatiecommissie NFI. 2019 14896 20-03-2019 11-03-2019 DP&O/19/2529016 2019 14896 20-03-2019 11-03-2019 DP&O/19/2529016 21-03-2019 01-02-2019