Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 17 juli 2019, nr. MBO/10152750 houdende regels voor het verstrekken van subsidie aan instructeurs en het bevoegd gezag in het middelbaar beroepsonderwijs (Subsidieregeling instructeursbeurs mbo)
- BWB-id
- BWBR0042462
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Geldigheid
- 2022-08-01 t/m 2024-07-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0042462
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2019/subsidieregeling-instructeursbeurs-mbo
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2019/subsidieregeling-instructeursbeurs-mbo/2022-08-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0042462&g=2022-08-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0042462&z=2026-06-06&g=2022-08-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0042462/2022-08-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2019/subsidieregeling-instructeursbeurs-mbo
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: bachelor of associate degree-opleiding: artikel 7.3a, tweede lid, onderdelen a en b, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek opleiding als bedoeld in, die is opgenomen in het Centraal Register Opleidingen Hoger Onderwijs en wordt verzorgd door een erkende onderwijsinstelling; bevoegd gezag: artikel 1.1.1, onderdelen a en b van de begripsbepaling van bevoegd gezag, van de Wet educatie en beroepsonderwijs bevoegd gezag als bedoeld in; DUO: Dienst Uitvoering Onderwijs; instructeur: artikel 3.2, van het Besluit bekwaamheidseisen onderwijspersoneel personeelslid van een instelling, niet zijnde docent, belast met onderwijsondersteunende werkzaamheden als bedoeld in; minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap; studiejaar: artikel 1.1, onderdeel k, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek tijdvak dat aanvangt op 1 september en eindigt op 31 augustus van het daaropvolgende jaar als bedoeld in; studiepunten: artikel 7.4, eerste lid, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek studiepunten als bedoeld in; subsidie voor studiekosten: artikel 3, eerste lid, onderdeel a subsidie als bedoeld in; subsidie voor studieverlof: artikel 3, eerste lid, onderdeel b subsidie als bedoeld in. 2022 18695 18-07-2022 06-07-2022 MBO/33252859 2022 18695 18-07-2022 06-07-2022 MBO/33252859 01-08-2022
Artikel 2 — Artikel 2 Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS Toepassing#
Artikel 2 Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS Toepassing Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS artikelen 2.3, eerste lid, onderdeel a 3.1 3.2, tweede lid Deze regeling geldt in aanvulling op de, met uitzondering van de,en. 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 01-08-2019
Artikel 3 — Artikel 3 Te subsidiëren activiteiten#
Artikel 3 Te subsidiëren activiteiten 1 De minister kan subsidie verstrekken aan: a. een instructeur in het middelbaar beroepsonderwijs voor studiekosten in verband met het volgen van een bachelor of associate degree-opleiding; en b. het bevoegd gezag voor kosten in verband met het verlenen van studieverlof voor het volgen van een bachelor of associate degree-opleiding aan de instructeur in het middelbaar beroepsonderwijs. 2 De subsidie wordt telkens voor één studiejaar en voor één opleiding verstrekt. 3 De minister verstrekt aan een instructeur ten hoogste driemaal subsidie, indien het een opleiding betreft met een totale studielast van meer dan zestig studiepunten. 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 01-08-2019
Artikel 4 — Artikel 4 Subsidieplafond en verdeling#
Artikel 4 Subsidieplafond en verdeling 1 Voor het kalenderjaar 2019 is voor het verstrekken van de subsidie op grond van deze regeling ten hoogste € 700.000,– beschikbaar. 1a Voor de kalenderjaren 2021, 2022, 2023 en 2024 is voor het verstrekken van subsidie op grond van deze regeling jaarlijks ten hoogste € 1,8 miljoen beschikbaar. 2 artikel 4, eerste lid, van de Regeling subsidie zij-instroom Indien het beschikbare bedrag niet volledig wordt verstrekt, wordt het resterende bedrag door de Minister bekendgemaakt in de Staatscourant en toegevoegd aan het voor subsidieverstrekking in het desbetreffende kalenderjaar beschikbare bedrag, bedoeld in. 3 De minister verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van binnenkomst van de aanvragen voor subsidie met dien verstande dat aanvragers aan wie op basis van deze regeling reeds voor een eerste of tweede maal subsidie is verleend voor dezelfde opleiding, voorrang wordt verleend bij subsidieverstrekking. 4 artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht De aanvrager krijgt krachtenstwee weken de gelegenheid de aanvraag aan te vullen. Als de aanvraag binnen twee weken voldoende is aangevuld, geldt de dag waarop de aanvraag is ingediend als datum van ontvangst. 5 In afwijking van het vierde lid stelt de minister een aanvrager die in 2020 een onvolledige aanvraag doet, in de gelegenheid om de aanvraag aan te vullen tot en met uiterlijk 30 juni 2020. Indien de aanvraag uiterlijk op 30 juni 2020 voldoende is aangevuld, geldt de dag waarop de aanvraag is ingediend, met betrekking tot de in het eerste lid genoemde verdeling, als datum van ontvangst. 2022 18690 18-07-2022 06-07-2022 PO/33392377 2022 18690 18-07-2022 06-07-2022 PO/33392377 19-07-2022 01-01-2022
Artikel 5 — Artikel 5 Subsidieaanvraag studiekosten en studieverlof#
Artikel 5 Subsidieaanvraag studiekosten en studieverlof 1 De subsidie voor studiekosten wordt aangevraagd door de instructeur. 2 De subsidie voor studieverlof wordt door de instructeur aangevraagd namens het bevoegd gezag. 3 Een aanvraag wordt gedaan met gebruikmaking van de aanvraagformulieren die daartoe op de website van DUO beschikbaar zijn gesteld. 4 Een subsidieaanvraag kan jaarlijks worden ingediend van 1 april tot en met 31 mei, voorafgaand aan het studiejaar waarvoor subsidie wordt gevraagd. 5 In afwijking van het vierde lid kan voor het studiejaar 2019/2020 een subsidieaanvraag worden ingediend van 1 september 2019 tot 1 oktober 2019. 6 Aanvragen die buiten de aanvraagperiode worden ingediend, worden afgewezen. 7 artikel 3, derde lid Een aanvraag voor een tweede subsidie voor een opleiding als bedoeld in, wordt binnen drie studiejaren na de eerste subsidieverlening aangevraagd. 8 artikel 3, derde lid Een aanvraag voor een tweede of derde subsidie voor een opleiding als bedoeld in, wordt binnen vijf studiejaren na de eerste subsidieverlening aangevraagd. 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 01-08-2019
Artikel 6 — Artikel 6 Weigeringsgrond#
Artikel 6 Weigeringsgrond artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht Onverminderdweigert de minister subsidieverlening aan een instructeur, voor zover deze van de minister op basis van een andere regeling een tegemoetkoming in de studiekosten ontvangt voor het volgen van de opleiding. 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 01-08-2019
Artikel 7 — Artikel 7 Beslistermijn#
Artikel 7 Beslistermijn 1 artikel 5, vierde en vijfde lid De minister besluit binnen acht weken na het sluiten van de aanvraagtermijn, bedoeld in, op de subsidieaanvragen. 2 Indien de instructeur het dienstverband met het bevoegd gezag beëindigt en bij een ander bevoegd gezag in dienst treedt, maakt de instructeur daar melding van bij DUO in overeenstemming met het nieuwe bevoegd gezag. 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 01-08-2019
Artikel 8 — Artikel 8 Subsidiecriteria#
Artikel 8 Subsidiecriteria De subsidie voor studiekosten wordt uitsluitend verstrekt aan een instructeur die: a. hoofdstuk 3 van het Besluit bekwaamheidseisen onderwijspersoneel voldoet aan de bekwaamheidseisen voor instructeurs in het beroepsonderwijs, bedoeld in; b. artikel 1.1.1, onderdelen a en b van de begripsbepaling van bevoegd gezag, van de Wet educatie en beroepsonderwijs in dienst is van een bevoegd gezag dan wel een andere werkgever, en werkt bij een of meerdere instellingen, bedoeld in; en c. artikel 7.2.7, zesde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs voor minimaal twintig procent van zijn betrekkingsomvang belast is met het geven van instructie aan studenten met het oog op het verwerven van beroepsvaardigheden of het begeleiden van studenten binnen onderdelen van de beroepsopleiding die betrekking hebben op de beroepspraktijk tijdens de begeleide onderwijsuren, bedoeld in. 2022 18695 18-07-2022 06-07-2022 MBO/33252859 2022 18695 18-07-2022 06-07-2022 MBO/33252859 01-08-2022
Artikel 9 — Artikel 9 Berekening subsidiebedrag en betaling#
Artikel 9 Berekening subsidiebedrag en betaling 1 De subsidie voor studiekosten bestaat uit: a. de kosten van collegegeld tot een maximum van € 7.000; b. de kosten van studiemiddelen van tien procent van het verschuldigde collegegeld tot een maximum van € 350; en c. reiskosten van tien procent van het verschuldigde collegegeld tot een maximum van € 350. 2 De minister betaalt het subsidiebedrag ineens voor aanvang van de opleiding waarop de subsidie betrekking heeft. 3 In afwijking van het gestelde in het tweede lid, betaalt de minister het subsidiebedrag voor het studiejaar 2019/2020 in het kalenderjaar 2019. 4 In afwijking van het eerste lid, onderdelen b en c, bestaat de subsidie voor studiekosten voor het studiejaar 2021–2022 uit: a. de kosten van studiemiddelen van twintig procent van het verschuldigde collegegeld tot een maximum van € 350; en b. de reiskosten van twintig procent van het verschuldigde collegegeld tot een maximum van € 350. 2021 35580 19-07-2021 05-07-2021 mbo/28573584 2021 35580 19-07-2021 05-07-2021 mbo/28573584 20-07-2021
Artikel 10 — Artikel 10 Subsidieverplichting#
Artikel 10 Subsidieverplichting 1 De instructeur behaalt per studiejaar ten minste vijftien studiepunten. 2 In afwijking van het eerste lid behaalt de instructeur in het studiejaar 2019–2020 en het studiejaar 2020–2021 ten minste vijf studiepunten. 2021 35580 19-07-2021 05-07-2021 mbo/28573584 2021 35580 19-07-2021 05-07-2021 mbo/28573584 20-07-2021
Artikel 11 — Artikel 11 Steekproef#
Artikel 11 Steekproef 1 Op verzoek van de minister toont de instructeur aan dat hij voldoet aan de subsidiecriteria en de subsidieverplichtingen door het overleggen van: a. een document waaruit blijkt dat hij collegegeld heeft betaald; en b. een bewijsstuk waaruit blijkt dat hij tenminste vijftien studiepunten heeft behaald. 2 Ten aanzien van subsidies die voor het studiejaar 2019–2020 en het studiejaar 2020–2021 zijn verstrekt toont de instructeur, in afwijking van het eerste lid, op verzoek van de minister aan dat hij voldoet aan de subsidiecriteria en de subsidieverplichtingen door het overleggen van: a. een document waaruit blijkt dat hij het collegegeld heeft betaald; en b. een bewijsstuk waaruit blijkt dat hij ten minste vijf studiepunten heeft behaald. 2021 35580 19-07-2021 05-07-2021 mbo/28573584 2021 35580 19-07-2021 05-07-2021 mbo/28573584 20-07-2021
Artikel 12 — Artikel 12 Vaststelling#
Artikel 12 Vaststelling De subsidie voor studiekosten wordt ambtshalve vastgesteld binnen 22 weken na afloop van het studiejaar waarvoor de subsidie is verleend. 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 01-08-2019
Artikel 13 — Artikel 13 Subsidiecriteria#
Artikel 13 Subsidiecriteria De subsidie voor studieverlof wordt slechts verstrekt aan het bevoegd gezag, indien: a. de instructeur in dienst is bij het bevoegd gezag; en b. aan deze instructeur subsidie voor studiekosten wordt verleend. 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 01-08-2019
Artikel 14 — Artikel 14 Aantal studieverlofuren#
Artikel 14 Aantal studieverlofuren 1 Voor een instructeur met een voltijdsaanstelling komt ten hoogste 160 uur studieverlof voor subsidie in aanmerking. 2 Bij een instructeur met een deeltijdsaanstelling komt van de 160 uren studieverlof ten hoogste een evenredig deel voor subsidie in aanmerking. 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 01-08-2019
Artikel 15 — Artikel 15 Subsidiebedrag en betaling#
Artikel 15 Subsidiebedrag en betaling 1 Het subsidiebedrag voor studieverlof bedraagt € 36,29 per studieverlofuur. 2 De minister betaalt het subsidiebedrag ineens voor aanvang van de opleiding waarop de subsidie betrekking heeft. 3 In afwijking van het gestelde in het tweede lid, betaalt de minister het subsidiebedrag voor het studiejaar 2019/2020 in het kalenderjaar 2019. 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 01-08-2019
Artikel 16 — Artikel 16 Terugvordering#
Artikel 16 Terugvordering De minister kan de subsidie voor studieverlof terugvorderen indien: – de leraar binnen twee maanden na het verstrekken van de subsidie de aanvraag voor studieverlof of de aanvraag voor studiekosten intrekt. 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 01-08-2019
Artikel 17 — Artikel 17 Subsidieverplichting#
Artikel 17 Subsidieverplichting 1 Het bevoegd gezag verleent studieverlof aan de instructeur. 2 Uit de administratie van het bevoegd gezag blijkt dat het studieverlof daadwerkelijk is verleend. 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 01-08-2019
Artikel 18 — Artikel 18 Vaststelling en niet-bestede middelen#
Artikel 18 Vaststelling en niet-bestede middelen 1 De subsidie voor studieverlof wordt direct vastgesteld. 2 Indien voldaan is aan de subsidieverplichting kan de resterende subsidie voor studieverlof worden besteed aan andere activiteiten waarvoor bekostiging wordt verstrekt. 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 01-08-2019
Artikel 19 — Artikel 19 Verantwoording#
Artikel 19 Verantwoording Regeling jaarverslaggeving onderwijs De verantwoording door het bevoegd bezag van de subsidie voor studieverlof geschiedt in de jaarverslaggeving, bedoeld in de, met model G, onderdeel 1, behorende bij de richtlijn RJ 660, zoals vastgesteld door de Raad voor de Jaarverslaggeving. 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 01-08-2019
Artikel 20 — Artikel 20 Inwerkingtreding en horizonbepaling#
Artikel 20 Inwerkingtreding en horizonbepaling 1 Deze regeling treedt in werking met ingang van 01 augustus 2019. 2 Deze regeling vervalt met ingang van 01 augustus 2024. 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 01-08-2019
Artikel 21 — Artikel 21 Citeertitel#
Artikel 21 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling instructeursbeurs mbo. 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 2019 41844 26-07-2019 17-07-2019 MBO/10152750 01-08-2019