Regeling van de Minister van Buitenlandse Zaken van 19 december 2019, nr. MinBuZa.2019.4731-13, houdende beperkende maatregelen in het licht van ongeoorloofde booractiviteiten van Turkije in het oostelijk deel van de Middellandse Zee (Sanctieregeling Turkije 2019)
- BWB-id
- BWBR0043053
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Buitenlandse Zaken
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2020-01-07
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0043053
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2020/sanctieregeling-turkije-2019
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2020/sanctieregeling-turkije-2019/2020-01-07
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0043053&g=2020-01-07
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0043053&z=2026-06-06&g=2020-01-07
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0043053/2020-01-07
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2020/sanctieregeling-turkije-2019
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 Het is verboden te handelen in strijd met artikel 2, eerste en tweede lid, artikel 7, eerste lid, en artikel 8 van Verordening (EU) nr. 2019/1890 van de Raad van de Europese Unie van 11 november 2019 betreffende beperkende maatregelen in het licht van ongeoorloofde booractiviteiten van Turkije in het oostelijk deel van de Middellandse Zee (PbEU 2019, L 291). 2 Het verbod te handelen in strijd met artikel 2, eerste en tweede lid, van Verordening (EU) nr. 2019/1890, geldt niet in gevallen waarin artikel 3, eerste lid, artikel 4, eerste lid, artikel 5, eerste lid, of artikel 6 van Verordening (EU) nr. 2019/1890 van toepassing is. 2020 1252 06-01-2020 19-12-2019 MinBuZa.2019.4731-13 2020 1252 06-01-2020 19-12-2019 MinBuZa.2019.4731-13 07-01-2020
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 De bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 3, eerste lid, artikel 4, eerste lid, artikel 5, eerste lid, artikel 6, eerste lid, en artikel 7, eerste lid, van Verordening (EU) nr. 2019/1890 is de Minister van Financiën voor zover het betreft de vrijgave of beschikbaarstelling van tegoeden of informatie van financiële aard. 2 De bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 3, eerste lid, artikel 4, eerste lid, artikel 5, eerste lid, en artikel 7, eerste lid, van Verordening (EU) nr. 2019/1890 is de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking voor zover het betreft de vrijgave of beschikbaarstelling van economische middelen of informatie anders dan van financiële aard. 2020 1252 06-01-2020 19-12-2019 MinBuZa.2019.4731-13 2020 1252 06-01-2020 19-12-2019 MinBuZa.2019.4731-13 07-01-2020
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Deze regeling wordt aangehaald als: Sanctieregeling Turkije 2019. 2020 1252 06-01-2020 19-12-2019 MinBuZa.2019.4731-13 2020 1252 06-01-2020 19-12-2019 MinBuZa.2019.4731-13 07-01-2020
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. 2020 1252 06-01-2020 19-12-2019 MinBuZa.2019.4731-13 2020 1252 06-01-2020 19-12-2019 MinBuZa.2019.4731-13 07-01-2020