Regeling van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 6 december 2019, kenmerk 1617702-199192-J, houdende regels voor het verstrekken van subsidie voor continuïteit van cruciale jeugdzorg (Subsidieregeling continuïteit cruciale jeugdzorg)
- BWB-id
- BWBR0042974
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2026-04-18
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0042974
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2020/subsidieregeling-continu-teit-cruciale-jeugdzorg
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2020/subsidieregeling-continu-teit-cruciale-jeugdzorg/2026-04-18
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0042974&g=2026-04-18
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0042974&z=2026-06-06&g=2026-04-18
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0042974/2026-04-18
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2020/subsidieregeling-continu-teit-cruciale-jeugdzorg
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: betrokken gemeenten: opdrachtgevers van een organisatie waar sprake is van risico's op discontinuïteit van de jeugdhulp, jeugdreclassering of kinderbeschermingsmaatregelen; jaaromzet: jaaromzet zoals die valt af te leiden uit de meest recente door een accountant gecontroleerde jaarrekening van de aanvragende organisatie, dan wel uit de meest recente concept jaarrekening indien het jaar is afgerond en nog geen accountantsverklaring is afgegeven; jeugdhulp: artikel 1.1 van de Jeugdwet jeugdhulp als bedoeld in; jeugdreclassering: artikel 1.1 van de Jeugdwet jeugdreclassering als bedoeld in; kinderbeschermingsmaatregelen: artikel 1.1 van de Jeugdwet kinderbeschermingsmaatregelen als bedoeld in; minister: Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport; organisatie: artikel 1.1 van de Jeugdwet aanbieder van jeugdhulp of een gecertificeerde instelling als bedoeld in; zorgautoriteit: artikel 3, eerste lid, van de Wet marktordening gezondheidszorg Nederlandse Zorgautoriteit, genoemd in. 2025 43545 18-12-2025 10-12-2025 4319647-1090601-J 2025 43545 18-12-2025 10-12-2025 4319647-1090601-J 01-01-2026
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS artikelen 4.1, eerste lid 4.2 5.1 5.2 5.4 5.5 5.6 5.7 Deis niet van toepassing, met uitzondering van de,,,,,,en. 2024 41097 16-12-2024 06-12-2024 4023039-1076322-J 2024 41097 16-12-2024 06-12-2024 4023039-1076322-J 01-01-2025
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De minister kan ten behoeve van het jaar 2022, 2023, 2024, 2025, 2026, 2027, 2028 en 2029 aan een organisatie een subsidie verstrekken voor activiteiten voor het borgen van de continuïteit van cruciale jeugdzorg, indien: a. sprake is van een aantoonbaar liquiditeitsprobleem; en b. artikel 6, derde lid, onder f artikel 6, vierde lid de subsidie binnen een in het besluit tot subsidieverlening te bepalen termijn, maar uiterlijk binnen twee jaar na het besluit tot subsidieverlening wordt terugbetaald, op basis van de liquiditeitsprognose, bedoeld in, en het continuïteitsplan, bedoeld in, door de desbetreffende organisatie of door een andere rechtspersoon. 2 Onder cruciale jeugdzorg als bedoeld in het eerste lid wordt verstaan: a. artikel 2.2.3a van het Besluit Jeugdwet de vormen van jeugdhulp, bedoeld in; en b. de uitvoering van kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering door gecertificeerde instellingen. 3 Van een aantoonbaar liquiditeitsprobleem is sprake indien de organisatie binnen 6 maanden na de datum van ontvangst van haar complete aanvraag zonder subsidie niet over voldoende liquide middelen beschikt om aan haar betaalverplichtingen te voldoen. 4 De activiteiten, bedoeld in het eerste lid, worden aangewezen als diensten van algemeen economisch belang als bedoeld in artikel 106, tweede lid, van het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie. 5 Subsidie wordt uitsluitend verstrekt indien: a. getracht is het liquiditeitsprobleem op te lossen in samenwerking met de betrokken gemeenten en vervolgens met bemiddeling van de zorgautoriteit en het liquiditeitsprobleem desondanks niet is verholpen; b. artikel 6, vierde lid de organisatie voldoende aannemelijk maakt dat en hoe zij met de subsidie op grond van deze regeling in staat is de continuïteit van de cruciale jeugdzorg te borgen, op basis van het continuïteitsplan, bedoeld in; en c. de organisatie met de Staat een overeenkomst sluit waarbij de Staat haar belast met en zij zich verplicht tot het verrichten van de dienst van algemeen economisch belang, bedoeld in het vierde lid. 2026 14550 17-04-2026 05-04-2026 4368598-1096129-J 2026 14550 17-04-2026 05-04-2026 4368598-1096129-J 18-04-2026
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Het subsidieplafond bedraagt voor de periode 2020–2021 € 20.000.000. 2 Het subsidieplafond bedraagt voor het jaar 2022 € 5.000.000. 3 Het subsidieplafond bedraagt voor het jaar 2023 € 10.000.000. 4 Het subsidieplafond bedraagt voor het jaar 2024 € 10.000.000. 5 Het subsidieplafond bedraagt voor het jaar 2025 € 20.000.000. 6 Het subsidieplafond bedraagt voor het jaar 2026 € 14.600.000. 7 Het subsidieplafond bedraagt voor het jaar 2027 € 20.000.000. 8 Het subsidieplafond bedraagt voor het jaar 2028 € 20.000.000. 9 Het subsidieplafond bedraagt voor het jaar 2029 € 20.000.000. 10 artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht De minister verdeelt het uit hoofde van het subsidieplafond beschikbare bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen, met dien verstande dat als de aanvrager krachtensde gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvraag is aangevuld, met betrekking tot de verdeling, geldt als de datum van ontvangst. 2025 43545 18-12-2025 10-12-2025 4319647-1090601-J 2025 43545 18-12-2025 10-12-2025 4319647-1090601-J 01-01-2026
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 Een subsidie wordt voor ten hoogste twee jaar verstrekt. 2 artikel 3, derde lid artikel 6, derde lid, onder f De subsidie wordt berekend op basis van de liquiditeitsbehoefte, bedoeld in, en de liquiditeitsprognose, bedoeld in. 3 De subsidie bedraagt ten hoogste 15% van dat deel van de jaaromzet van de organisatie dat jeugdhulp of de uitvoering van kinderbeschermingsmaatregelen of jeugdreclassering betreft, waaronder de vorm van cruciale jeugdzorg ten behoeve waarvan subsidie wordt aangevraagd. 4 artikel 6, derde lid, onder f De subsidie wordt terugbetaald binnen een in het besluit tot subsidieverlening te bepalen termijn, op basis van de liquiditeitsprognose, bedoeld in, maar uiterlijk binnen twee jaar na het besluit tot subsidieverlening, door de subsidieontvanger of door een andere rechtspersoon. De subsidie wordt na de volledige terugbetaling van het desbetreffende bedrag ambtshalve op nihil vastgesteld. 2024 41097 16-12-2024 06-12-2024 4023039-1076322-J 2024 41097 16-12-2024 06-12-2024 4023039-1076322-J 01-01-2025
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 Een aanvraag tot verlening van een subsidie wordt uiterlijk 31 december van het betreffende jaar ontvangen. 2 Voor de aanvraag wordt een door de minister vastgesteld formulier gebruikt. 3 De aanvraag gaat vergezeld van de volgende documenten: a. statuten; b. een kopie van een bankafschrift; c. een beschrijving van de ondernemingsstructuur, met toelichting over de zeggenschap; d. de meest recente jaarrekening inclusief jaarverslag en controleverklaring, dan wel een concept jaarrekening, indien het jaar is afgerond en nog geen accountantsverklaring is afgegeven; e. de begroting van het huidige kalenderjaar, een begroting van het komende kalenderjaar en een begroting van het daarop volgende kalenderjaar; f. een liquiditeitsprognose per maand, voor de periode van dertig maanden na het indienen van de aanvraag, aansluitend bij de jaarrekening of concept jaarrekening, bedoeld onder d; g. een overzicht van de omzetspreiding per jeugdhulpregio, op basis van de omzet van de jaarrekening of concept jaarrekening, bedoeld onder d; h. een overzicht van het aantal jeugdigen per zorgvorm in het huidige en voorgaande kalenderjaar; en i. artikel 3, vijfde lid, onder c een getekende uitvoeringsovereenkomst als bedoeld in. 4 De aanvraag gaat daarnaast vergezeld van een continuïteitsplan van de aanvrager, opgesteld in overleg met de betrokken gemeenten, waaruit blijkt: a. artikel 3, tweede lid dat sprake is van cruciale jeugdzorg als bedoeld in, en een mogelijke discontinuïteit daarvan; b. artikel 3, derde lid dat sprake is van een aantoonbaar liquiditeitsprobleem als bedoeld in; c. wat de organisatie en de betrokken gemeenten tot nu toe reeds hebben ondernomen om discontinuïteit te voorkomen; d. welke activiteiten de organisatie nu voorstelt om de continuïteit te borgen en wat de noodzakelijke kosten hiervan zijn; e. dat en hoe de continuïteit van cruciale jeugdzorg gedurende en na afloop van de subsidieperiode ten minste voor twee jaar geborgd is; f. wat de rol en bijdrage van de betrokken gemeenten is bij de activiteiten, bedoeld onder d; g. welk subsidiebedrag gelet op de liquiditeitsprognose en de begroting noodzakelijk is om de continuïteit te borgen; en h. dat en hoe de subsidie uiterlijk binnen twee jaar na het besluit tot subsidieverlening wordt terugbetaald. 2024 41097 16-12-2024 06-12-2024 4023039-1076322-J 2024 41097 16-12-2024 06-12-2024 4023039-1076322-J 01-01-2025
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 artikel 6, derde lid, onder f De minister kan bij het besluit tot subsidieverlening ambtshalve voorschotten verlenen, op basis van de liquiditeitsprognose, bedoeld in. 2019 68084 13-12-2019 06-12-2019 1617702-199192-J 2019 68084 13-12-2019 06-12-2019 1617702-199192-J 01-01-2020
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 artikel 6, vierde lid De minister kan verlangen dat de subsidieontvanger periodiek verslag doet van de voortgang van haar continuïteitsplan, bedoeld in, in het bijzonder de aspecten genoemd onder d, e, f, en g. Het besluit tot subsidieverlening vermeldt op welke tijdstippen verslag wordt gedaan en waaruit het verslag bestaat. 2021 48160 02-12-2021 24-11-2021 3278228-1019291-J 2021 48160 02-12-2021 24-11-2021 3278228-1019291-J 01-01-2022
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 De minister kan een of meer bepalingen van deze regeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover toepassing gelet op het belang dat de desbetreffende bepaling beoogt te beschermen, zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard. 2019 68084 13-12-2019 06-12-2019 1617702-199192-J 2019 68084 13-12-2019 06-12-2019 1617702-199192-J 01-01-2020
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2020. 2 Deze regeling vervalt met ingang van 31 december 2029. 2024 41097 16-12-2024 06-12-2024 4023039-1076322-J 2024 41097 16-12-2024 06-12-2024 4023039-1076322-J 01-01-2025
Artikel 10a — Artikel 10a#
Artikel 10a Op aanvragen tot verlening van een subsidie die voor 1 januari 2025 zijn ingediend, blijft de regeling van toepassing zoals deze luidde voor dat tijdstip. 2024 41097 16-12-2024 06-12-2024 4023039-1076322-J 2024 41097 16-12-2024 06-12-2024 4023039-1076322-J 01-01-2025
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling continuïteit cruciale jeugdzorg. 2019 68084 13-12-2019 06-12-2019 1617702-199192-J 2019 68084 13-12-2019 06-12-2019 1617702-199192-J 01-01-2020