Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en de Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media van 14 december 2020, nr. 26358869, houdende regels voor subsidieverstrekking ten behoeve van een tijdelijke capaciteitsverhoging om de continuïteit van het onderwijs tijdens de uitbraak van COVID-19 te kunnen waarborgen (Subsidieregeling extra hulp voor de klas)
- BWB-id
- BWBR0044510
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Geldigheid
- 2022-08-01 t/m 2022-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0044510
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2020/subsidieregeling-extra-hulp-voor-de-klas
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2020/subsidieregeling-extra-hulp-voor-de-klas/2022-08-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0044510&g=2022-08-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0044510&z=2026-06-06&g=2022-08-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0044510/2022-08-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2020/subsidieregeling-extra-hulp-voor-de-klas
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: bevoegd gezag: artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs artikel 1 van de Wet primair onderwijs BES artikel 1 van de Wet op de expertisecentra artikel 1.1 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 artikel 1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs artikel 1.1.1 van de Wet educatie beroepsonderwijs BES bevoegd gezag als bedoeld in,,,,of; bezoldiging: loon inclusief vakantiegeld dat de ambtenaar in het po, vo en mbo in CN ontvangt op basis van de bezoldigingsregeling Bonaire 2016, de Regeling bezoldiging en toelagen onderwijspersoneel Sint Eustatius en de Regeling bezoldiging en toeslagen onderwijspersoneel Saba; DUS-I: Dienst Uitvoering Subsidies aan Instellingen; hoger onderwijs: artikel 1.1, onderdeel b, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek onderwijs als bedoeld in; instelling: artikel 1.1.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, artikel 1.8, eerste lid van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek instelling als bedoeld invoor zover die uit ’s Rijks kas bekostigde beroepsopleidingen of opleidingen voortgezet algemeen volwassenenonderwijs verzorgt of bekostigde instelling voor hoger onderwijs als bedoeld in; instellingsbestuur: artikel 1.1, onderdeel j van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoe instellingsbestuur van een bekostigde instelling als bedoeld ink; Kaderregeling: Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS ; middelbaar beroepsonderwijs: artikel 1.1.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs beroepsonderwijs en opleiding voortgezet algemeen volwassenenonderwijs als bedoeld in; middelbaar beroepsonderwijs BES: artikel 1.1.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs BES beroepsonderwijs als bedoeld in; minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap of Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media; penvoerder: artikel 11 penvoerder als bedoeld in; personeelsomvang: totale personeelsomvang uitgedrukt in fte op de peildatum 1 oktober 2019 van de vestigingen voor primair onderwijs en voortgezet onderwijs in de regio waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft, zoals vastgesteld met behulp van de in het kader van de aanvraagprocedure via www.dus-i.nl beschikbare rekentool; primaire arbeidsvoorwaarden: de som van salaris, vakantieuitkering en toeslagen waarop de werknemer op grond van de vigerende sectorcao jegens de werkgever aanspraak heeft; primair onderwijs: Wet op het primair onderwijs Wet op de expertisecentra onderwijs als bedoeld in deen het onderwijs bedoeld in de; primair onderwijs BES: Wet primair onderwijs BES onderwijs als bedoeld in de RAP-regio: Subsidieregeling regionale aanpak personeelstekort onderwijs 2020 en 2021 regio die is gevormd voor een subsidieaanvraag op grond van de; regio: artikel 5 regio als bedoeld in; school: artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs BES artikel 1 van de Wet op de expertisecentra artikel 1.1 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 uit ’s Rijks kas bekostigde school als bedoeld in,,,; vestiging: Wet op het primair onderwijs Wet op de expertisecentra artikel 4.13 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 artikel 4.14 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 artikel 4.16 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 hoofdvestiging of nevenvestiging van een school, bedoeld in de, de hoofdvestiging of nevenvestiging van een school, bedoeld in de, hoofdvestiging als bedoeld in, nevenvestiging als bedoeld inof tijdelijke nevenvestiging als bedoeld in; voortgezet onderwijs: Wet voortgezet onderwijs 2020 onderwijs als bedoeld in de; voortgezet onderwijs BES: Wet voortgezet onderwijs 2020 onderwijs als bedoeld in dein de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba. 2022 18695 18-07-2022 06-07-2022 MBO/33252859 2022 18695 18-07-2022 06-07-2022 MBO/33252859 01-08-2022 2022 993 09-02-2022 07-12-2021 VO/29106277 2022 993 09-02-2022 07-12-2021 VO/29106277 01-08-2022
Artikel 2 — Artikel 2 Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS Toepassing#
Artikel 2 Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS Toepassing Kaderregeling Deis van toepassing op subsidies die op grond van deze regeling worden verstrekt. 2020 66701 17-12-2020 14-12-2020 26358869 2020 66701 17-12-2020 14-12-2020 26358869 18-12-2020
Artikel 3 — Artikel 3 Te subsidiëren activiteiten#
Artikel 3 Te subsidiëren activiteiten 1 De minister kan subsidie verstrekken voor een tegemoetkoming in de extra kosten die scholen of instellingen tijdelijk maken om de continuïteit van het onderwijs tijdens de uitbraak van COVID-19 te kunnen waarborgen. 2 Voor het primair en voortgezet onderwijs en het middelbaar beroepsonderwijs zijn subsidiabel de kosten verbonden aan: a. het inzetten van leraren, onderwijsassistenten en instructeurs; b. het laten geven van gastlessen; c. het inzetten van studenten; d. de ondersteuning op logistiek en toezicht op de naleving van coronamaatregelen; e. het inhuren van personen die toezicht houden in de klas, bijvoorbeeld bij digitaal onderwijs door een leraar; f. het inhuren van ondersteuning en begeleiding ter ontzorging van leraren of docenten en ander personeel; of g. het werven, selecteren en organiseren van extra tijdelijke personele inzet. 3 Voor het hoger onderwijs zijn subsidiabel de kosten verbonden aan: a. surveillanten en begeleiders, bijvoorbeeld voor toetsing van studenten; b. helpdesk- en servicemedewerkers; c. student-assistenten voor begeleiding bij practica; d. personele ICT-ondersteuning bij online onderwijs, ondersteuning bij handhaving van de maatregelen ten behoeve van de bestrijding van COVID-19 op de campus, bij het anders inrichten van ruimten waaronder practicaruimten op de campus of bij communicatie- en roosterwerkzaamheden en bij andere werkzaamheden waarbij door de coronacrisis extra inspanningen nodig zijn; e. overige functies ter ondersteuning van het onderwijs en onderzoek; f. onderwijsvervanging door (student-assistenten en junior-docenten); of g. het werven, selecteren en organiseren van extra tijdelijke personele inzet. 4 Op grond van deze regeling wordt geen subsidie verstrekt voor: a. de verbetering van primaire arbeidsvoorwaarden en de bezoldiging van bestaand personeel; of b. activiteiten waarvoor de minister reeds op grond van een andere regeling subsidie heeft verstrekt. 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 27-04-2021
Artikel 4 — Artikel 4 Wijze van aanvragen eerste aanvraagtijdvak#
Artikel 4 Wijze van aanvragen eerste aanvraagtijdvak 1 In het primair- en voortgezet onderwijs wordt per regio door de penvoerder subsidie aangevraagd. 2 artikel 6, eerste lid Per regio kan in het aanvraagtijdvak, bedoeld in, maximaal één aanvraag worden ingediend voor het po en maximaal één aanvraag voor het vo. 3 In het middelbaar beroepsonderwijs wordt per instelling door het bevoegd gezag subsidie aangevraagd. 4 Op Bonaire, Sint Eustatius en Saba kan door de penvoerder per eiland maximaal één aanvraag worden ingediend voor het primair onderwijs BES en maximaal één aanvraag voor voortgezet onderwijs BES en het middelbaar beroepsonderwijs BES gezamenlijk. 5 Indien een gemeente of een vestiging in een gemeente deel uitmaakt van meer dan één aanvraag, wordt uitgegaan van de regio, zoals beschreven in de eerst ingediende aanvraag. 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 27-04-2021
Artikel 4a — Artikel 4a Wijze van aanvragen tweede aanvraagtijdvak#
Artikel 4a Wijze van aanvragen tweede aanvraagtijdvak 1 artikel 5a In het primair en voortgezet onderwijs wordt de subsidie aangevraagd door de penvoerder van de inbedoelde regio. 2 artikel 6a Per regio kan in het aanvraagtijdvak, bedoeld in, maximaal één aanvraag worden ingediend voor het primair onderwijs en maximaal één aanvraag voor het voortgezet onderwijs. 3 In het middelbaar beroepsonderwijs wordt per instelling door het bevoegd gezag subsidie aangevraagd. 4 In het hoger onderwijs wordt per instelling door het instellingsbestuur subsidie aangevraagd. 5 Op Bonaire, Sint Eustatius en Saba kan door de penvoerder per eiland maximaal één aanvraag worden ingediend voor het primair onderwijs BES en maximaal één aanvraag voor het voortgezet onderwijs BES en het middelbaar beroepsonderwijs BES gezamenlijk. 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 27-04-2021
Artikel 5 — Artikel 5 Eisen aan de regio’s in het po en vo voor Europees Nederland eerste aanvraagtijdvak#
Artikel 5 Eisen aan de regio’s in het po en vo voor Europees Nederland eerste aanvraagtijdvak 1 artikel 6, eerste lid Subsidieregeling uitvoering convenanten lerarentekort PO G5 De regio waarop de aanvraag voor het primair of voortgezet onderwijs voor het aanvraagtijdvak, bedoeld in, betrekking heeft is gelijk aan een RAP-regio of voor wat betreft het primair onderwijs een regio die is gevormd in het kader van de, met uitzondering van Almere. 2 Indien een vestiging nog niet deelneemt aan een regio als bedoeld in het eerste lid, kan een vestiging zich tijdelijk bij deze regio aansluiten indien is voldaan aan een van de volgende voorwaarden: a. de vestiging is gelegen in deze regio; b. de vestiging is gelegen in een aanpalende gemeente aan deze regio; of c. de vestiging is niet gelegen in een aanpalende gemeente aan een regio als bedoeld in het eerste lid. Indien door uitbreiding van deze regio de vestiging alsnog aanpalend wordt, dan kan deze zich alsnog bij deze regio aansluiten. 3 Indien de vestiging nog niet deelneemt aan een regio als bedoeld in het eerste lid en de vestiging niet is gelegen in een reeds bestaande regio, kunnen vestigingen ook een nieuwe regio vormen. 4 Een nieuwe regio als bedoeld in het derde lid voldoet in het geval van een aanvraag voor het primair onderwijs aan de volgende eisen: a. de vestigingen zijn gevestigd in een aaneengesloten geografisch gebied, uitgaande van bestaande gemeentegrenzen; b. ten minste 35 procent van de bevoegde gezagsorganen van de in de betreffende regio gelegen vestigingen voor primair onderwijs neemt deel aan de aanvraag; en c. de deelnemende vestigingen van de scholen voor primair onderwijs hebben een gezamenlijke personeelsomvang die ten minste een derde deel bedraagt van de totale personeelsomvang van de vestigingen van de scholen voor primair onderwijs in de regio, met een minimum van 800 fte. 5 Een nieuwe regio als bedoeld in het derde lid voldoet in het geval van een aanvraag voor het voortgezet onderwijs aan de volgende eisen: a. de vestigingen zijn gevestigd in een aaneengesloten geografisch gebied, uitgaande van bestaande gemeentegrenzen; b. ten minste 50 procent van de bevoegde gezagsorganen van de in de betreffende regio gelegen vestigingen voor voortgezet onderwijs neemt deel aan de aanvraag; en c. de deelnemende vestigingen van scholen voor voortgezet onderwijs hebben een gezamenlijke personeelsomvang die ten minste een derde deel bedraagt van de totale personeelsomvang van de vestigingen van scholen voor voortgezet onderwijs in de regio, met een minimum van 1.200 fte. 6 Indien sprake is van een sectoroverstijgende aanvraag zijn de eisen uit het vierde en vijfde lid eveneens van toepassing. 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 27-04-2021
Artikel 5a — Artikel 5a Eisen aan de regio’s in het po en vo voor Europees Nederland tweede aanvraagtijdvak#
Artikel 5a Eisen aan de regio’s in het po en vo voor Europees Nederland tweede aanvraagtijdvak 1 artikel 6a, eerste lid artikel 5 artikel 6, eerste lid De regio waarop de aanvraag voor het primair of voortgezet onderwijs voor het aanvraagtijdvak, bedoeld in, betrekking heeft, is gelijk aan de regio die op grond vanis gevormd voor het aanvraagtijdvak, bedoeld in. 2 artikel 6a, eerste lid Voor het aanvraagtijdvak, bedoeld in, kunnen geen nieuwe regio’s worden gevormd. 3 artikel 6a, eerste lid artikel 5 Voor het aanvraagtijdvak, bedoeld in, kunnen geen wijzigingen van regio’s plaatsvinden, behalve indien zo’n wijziging betrekking heeft op de toevoeging aan de regio van een vestiging die nog niet eerder heeft deelgenomen aan een regio als bedoeld in. 4 artikel 5, tweede lid, onder a, b, of c Indien een vestiging nog niet deelneemt aan een regio als bedoeld in het eerste lid, kan een vestiging zich tijdelijk bij deze regio aansluiten indien is voldaan aan een van de volgende voorwaarden van. 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 27-04-2021
Artikel 6 — Artikel 6 Subsidieaanvraag eerste tijdvak#
Artikel 6 Subsidieaanvraag eerste tijdvak 1 Een aanvraag kan worden ingediend in de periode van 18 december 2020 tot en met 24 januari 2021. 2 Aanvragen ingediend na 24 januari 2021 worden afgewezen. 3 artikelen 3.4 tot en met 3.7 van de Kaderregeling In afwijking van debevat de aanvraag voor het primair- en voortgezet onderwijs: a. een beschrijving waarom extra tijdelijke personele inzet noodzakelijk is; b. een opsomming van de gemeentes die de regio vormen; c. een overzicht van de bevoegde gezagsorganen en de deelnemende vestigingen die zij vertegenwoordigen; d. indien van toepassing een vermelding en beschrijving van opleidingsaanbieder en andere partijen waarmee wordt samengewerkt en een beschrijving van de aard van de samenwerking; e. de hoogte van het bedrag waarvoor subsidie wordt aangevraagd; f. artikel 3, tweede lid een inschatting van de kwantificering van de aangevraagde middelen in percentages per categorie als bedoeld in; g. de contactgegevens van de persoon die gedurende de looptijd van de subsidie fungeert als aanspreekpunt; en h. een ondertekende verklaring van alle bevoegde gezagsorganen die deelnemen aan de regio, waarin staat dat zij gezamenlijk werken aan de opgave in de regio, dat niet-bestede middelen naar rato van het aantal leerlingen waarvoor subsidie is verstrekt worden verdeeld, dat zij meewerken aan een monitoronderzoek en dat zij alle gegevens die noodzakelijk zijn voor de verantwoording door de penvoerder van de besteding van de subsidie op verzoek aan de penvoerder zullen verstrekken. 4 artikelen 3.4 tot en met 3.7 van de Kaderregeling In afwijking van debevat de aanvraag voor het middelbaar beroepsonderwijs: a. een beschrijving waarom extra tijdelijke personele inzet noodzakelijk is; b. indien van toepassing een vermelding en beschrijving van opleidingsaanbieders en andere partijen waarmee wordt samengewerkt en een beschrijving van de aard van de samenwerking; c. de hoogte van het bedrag waarvoor subsidie wordt aangevraagd; d. artikel 3, tweede lid een inschatting van de kwantificering van de aangevraagde middelen in percentages per categorie als bedoeld in; en e. de contactgegevens van de persoon die gedurende de looptijd van de subsidie fungeert als aanspreekpunt. 5 artikelen 3.4 tot en met 3.7 van de Kaderregeling In afwijking van debevat de aanvraag voor het primair- en voortgezet onderwijs BES en het middelbaar beroepsonderwijs BES: a. een beschrijving waarom extra tijdelijke personele inzet noodzakelijk is; b. voor welk eiland en welke sector of sectoren subsidie wordt aangevraagd; c. een overzicht van de bevoegde gezagsorganen en de deelnemende school of scholen die zij vertegenwoordigen; d. indien van toepassing een vermelding en beschrijving van opleidingsaanbieder en andere partijen waarmee wordt samengewerkt en een beschrijving van de aard van de samenwerking; e. de hoogte van het bedrag waarvoor subsidie wordt aangevraagd; f. artikel 3, tweede lid een inschatting van de kwantificering van de aangevraagde middelen in percentages per categorie als bedoeld in; g. de contactgegevens van de persoon die gedurende de looptijd van de subsidie fungeert als aanspreekpunt; en h. een ondertekende verklaring van alle bevoegde gezagsorganen die deelnemen aan de aanvraag, waarin staat dat zij gezamenlijk werken aan de opgave op het eiland, dat niet-bestede middelen naar rato van het aantal leerlingen waarvoor subsidie is verstrekt worden verdeeld, dat zij meewerken aan een monitoronderzoek en dat zij alle gegevens die noodzakelijk zijn voor de verantwoording door de penvoerder van de besteding van de subsidie op verzoek aan de penvoerder zullen verstrekken. 6 De aanvraag geschiedt met gebruikmaking van het digitale aanvraagformulier dat daartoe via de website van DUS-I beschikbaar wordt gesteld. 7 Een onvolledige aanvraag kan binnen twee weken worden aangevuld. Indien de aanvraag binnen die termijn niet is aangevuld, wordt de aanvraag afgewezen. 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 27-04-2021
Artikel 6a — Artikel 6a Subsidieaanvraag tweede tijdvak#
Artikel 6a Subsidieaanvraag tweede tijdvak 1 Een aanvraag kan voor het primair en voortgezet onderwijs en middelbaar beroepsonderwijs worden ingediend in de periode 1 mei 2021 tot en met 1 juni 2021. 2 Een aanvraag kan voor het hoger onderwijs worden ingediend in de periode 1 mei 2021 tot en met 31 augustus 2021. 3 Aanvragen die na het einde van een aanvraagtijdvak worden ingediend, worden afgewezen. 4 artikel 6, derde tot en met zevende lid Op een aanvraag bedoeld in het eerste lid zijn de eisen, genoemd in, van overeenkomstige toepassing. 5 artikelen 3.4 tot en met 3.7 van de Kaderregeling In afwijking van debevat een aanvraag als bedoeld in het tweede lid: a. een beschrijving waarom extra tijdelijke personele inzet noodzakelijk is; b. indien van toepassing een vermelding en beschrijving van opleidingsaanbieders en andere partijen waarmee wordt samengewerkt en een beschrijving van de aard van de samenwerking; c. de hoogte van het bedrag waarvoor subsidie wordt aangevraagd; d. artikel 3, derde lid een inschatting van de kwantificering van de aangevraagde middelen in percentages per categorie als bedoeld in; en e. de contactgegevens van de persoon die gedurende de looptijd van de subsidie fungeert als aanspreekpunt. 7 De aanvraag geschiedt met gebruikmaking van het digitale aanvraagformulier dat daartoe door DUS-I beschikbaar wordt gesteld. 8 Een onvolledige aanvraag kan binnen twee weken worden aangevuld. Indien de aanvraag binnen die termijn niet is aangevuld, wordt de aanvraag afgewezen. 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 27-04-2021
Artikel 7 — Artikel 7 Subsidieplafonds#
Artikel 7 Subsidieplafonds 1 artikel 6, eerste lid Voor subsidieverstrekking op grond van deze regeling in het kalenderjaar 2021 is voor het eerste aanvraagtijdvak, bedoeld in, in totaal een bedrag beschikbaar van: a. € 102 miljoen voor de sector primair onderwijs en primair onderwijs BES; b. € 56 miljoen voor de sector voortgezet onderwijs en voortgezet onderwijs BES; en c. € 52 miljoen voor de sector middelbaar beroepsonderwijs en middelbaar beroepsonderwijs BES. 2 Voor subsidieverstrekking op grond van deze regeling in het kalenderjaar 2021 is voor de aanvraagtijdvakken, bedoeld in artikel 6a, eerste lid en tweede lid, in totaal een bedrag beschikbaar van: a. € 102 miljoen voor de sector primair onderwijs en primair onderwijs BES; b. € 56 miljoen voor de sector voortgezet onderwijs en voortgezet onderwijs BES; en c. € 52 miljoen voor de sector middelbaar beroepsonderwijs en middelbaar beroepsonderwijs BES; en d. € 30 miljoen voor de sector hoger onderwijs. 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 27-04-2021
Artikel 8 — Artikel 8 Subsidiebedrag#
Artikel 8 Subsidiebedrag 1 artikel 6 6a Het maximale subsidiebedrag dat per regio in het primair- en voortgezet onderwijs, per aanvraagtijdvak bedoeld inen, kan worden verstrekt is afhankelijk van het aantal bekostigde leerlingen dat op de teldatum van 1 oktober 2019 stond ingeschreven op de vestigingen die deelnemen aan de regio’s, waarbij per sector de volgende bedragen van toepassing zijn: a. in het primair onderwijs maximaal € 72,– per leerling; b. in het voortgezet onderwijs maximaal € 62,– per leerling. 2 bijlage 1 Het maximale subsidiebedrag dat per instelling voor het middelbaar beroepsonderwijs kan worden verstrekt is opgenomen inbij deze regeling. 3 Het maximale subsidiebedrag dat per sector op Bonaire, Sint Eustatius en Saba kan worden verstrekt is afhankelijk van het aantal bekostigde leerlingen dat op de teldatum van 1 oktober 2019 stond ingeschreven op de scholen, waarbij per sector de volgende bedragen van toepassing zijn: a. in het primair onderwijs BES maximaal € 79,– per leerling; b. in het voortgezet onderwijs BES en het middelbaar beroepsonderwijs BES maximaal € 68,– per leerling. 4 artikel 5, derde lid Voor een nieuwe regio als bedoeld in, geldt dat de maximumbedragen, bedoeld in het eerste lid, worden vermeerderd met 10%. 5 Voor subsidieontvangers op Bonaire, Sint Eustatius of Saba wordt het in het derde lid bedoelde subsidiebedrag omgerekend in dollars tegen de vastgestelde wisselkoers. 6 bijlage 2 Het maximale subsidiebedrag dat voor het hoger onderwijs per instelling kan worden verstrekt is opgenomen inbij deze regeling. 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 27-04-2021
Artikel 9 — Artikel 9 Verdeling subsidie#
Artikel 9 Verdeling subsidie artikel 7 Indien een subsidieplafond als bedoeld inontoereikend is om alle daarvoor in aanmerking komende aanvragen te kunnen toewijzen, worden de te verstrekken subsidiebedragen voor alle aanvragen ten laste van het desbetreffende subsidieplafond naar rato naar beneden bijgesteld. 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 27-04-2021
Artikel 10 — Artikel 10 Subsidieverplichtingen#
Artikel 10 Subsidieverplichtingen 1 artikel 5, eerste lid De bestaande regio, bedoeld in, weigert geen vestigingen die zich in het kader van deze regeling tijdelijk bij die regio willen aansluiten. 2 artikel 3, tweede lid De penvoerder en het bevoegd gezag van een instelling meldt voor 31 mei 2022 in percentages per categorie hoe de extra personele inzet, bedoeld in, heeft plaatsgevonden. Voor deze melding wordt gebruikgemaakt van het format dat wordt bekendgemaakt door DUS-I. 3 artikel 3, derde lid Het instellingsbestuur meldt voor 31 mei 2022 in percentages per categorie hoe de extra personele inzet, bedoeld in, heeft plaatsgevonden. Voor deze melding wordt gebruikt gemaakt van het format dat daartoe door DUS-I beschikbaar is gesteld. 4 De penvoerder verdeelt de niet-bestede middelen bij de penvoerder naar rato van het aantal leerlingen waarvoor subsidie is verstrekt over de bevoegde gezagsorganen die deelnemen aan de regio. 5 artikel 6, eerste lid De activiteiten voor het primair onderwijs, voortgezet onderwijs en middelbaar beroepsonderwijs waarvoor subsidie is aangevraagd in het aanvraagtijdvak, bedoeld in, worden uitgevoerd van 1 januari 2021 tot en met 31 juli 2021. 6 artikel 6a, eerste lid De activiteiten voor het primair onderwijs, voortgezet onderwijs en middelbaar beroepsonderwijs waarvoor subsidie is aangevraagd in het aanvraagtijdvak, bedoeld in, worden uitgevoerd van 1 augustus 2021 tot en met 31 december 2021. 7 artikel 6a, tweede lid De activiteiten voor het hoger onderwijs waarvoor subsidie is aangevraagd in het aanvraagtijdvak, bedoeld in, worden uitgevoerd van 1 juli 2021 tot en met 31 december 2021. 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 27-04-2021
Artikel 11 — Artikel 11 Penvoerder#
Artikel 11 Penvoerder 1 Een bevoegd gezag, dat deelneemt aan de regio in het primair- en voortgezet onderwijs, treedt namens de andere bevoegde gezagsorganen in de regio op als penvoerder. 2 Op Bonaire, Saba en Sint Eustatius is één bevoegd gezag per aanvraag penvoerder. 3 Subsidie wordt aangevraagd door, verstrekt aan en verantwoord door de penvoerder. 4 De penvoerder is verantwoordelijk voor alle aan de subsidie verbonden verplichtingen, ongeacht welke van de samenwerkende bevoegde gezagsorganen feitelijk is belast met de uitvoering van de daarop betrekking hebbende werkzaamheden. 2020 66701 17-12-2020 14-12-2020 26358869 2020 66701 17-12-2020 14-12-2020 26358869 18-12-2020
Artikel 12 — Artikel 12 Vaststelling, betaling en besteding subsidie#
Artikel 12 Vaststelling, betaling en besteding subsidie 1 Een subsidie wordt direct vastgesteld op uiterlijk: a. artikel 6, eerste lid 31 maart 2021, indien het gaat om een aanvraag als bedoeld in; b. artikel 6a, eerste lid 15 augustus 2021, indien het gaat om een aanvraag als bedoeld in; c. artikel 6a, tweede lid 31 oktober 2021, indien het gaat om een aanvraag als bedoeld in. 2 De minister betaalt het subsidie bedrag ineens. 3 Als de activiteiten zijn uitgevoerd en aan de verplichtingen is voldaan, kan het niet aangewende deel van de subsidie worden besteed aan activiteiten passend bij het doel van deze regeling. 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 27-04-2021
Artikel 13 — Artikel 13 Verantwoording#
Artikel 13 Verantwoording 1 Regeling jaarverslaggeving onderwijs De verantwoording van de subsidie geschiedt in de jaarverslaggeving overeenkomstig demet model G, onderdeel 1, zoals bedoeld in richtlijn 660 van de Raad voor de Jaarverslaggeving. 2 De penvoerder, het bevoegd gezag van een instelling of het instellingsbestuur van een instelling toont op verzoek van de minister aan dat de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt, zijn verricht en dat is voldaan aan de verplichtingen die aan de subsidie verbonden zijn. 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 27-04-2021
Artikel 14 — Artikel 14 Evaluatie#
Artikel 14 Evaluatie De minister evalueert de subsidieregeling uiterlijk in 2022. 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 27-04-2021
Artikel 15 — Artikel 15 Inwerkingtreding en vervaldatum#
Artikel 15 Inwerkingtreding en vervaldatum 1 Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. 2 Deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2023. 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 2021 21730 26-04-2021 22-04-2021 VO/27788586 27-04-2021
Artikel 16 — Artikel 16 Citeertitel#
Artikel 16 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling extra hulp voor de klas. 2020 66701 17-12-2020 14-12-2020 26358869 2020 66701 17-12-2020 14-12-2020 26358869 18-12-2020