Regeling van de Minister van Justitie en Veiligheid van 18 december 2020, nr. 3137827, houdende vaststelling van bepalingen inzake toetsing van ambtenaren van politie met betrekking tot geweldsbeheersing, aanhoudings- en zelfverdedigingsvaardigheden en schietvaardigheid (Regeling toetsing geweldsbeheersing politie 2021)
- BWB-id
- BWBR0044623
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Justitie en Veiligheid
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2025-04-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0044623
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2021/regeling-toetsing-geweldsbeheersing-politie-2021
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2021/regeling-toetsing-geweldsbeheersing-politie-2021/2025-04-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0044623&g=2025-04-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0044623&z=2026-06-06&g=2025-04-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0044623/2025-04-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2021/regeling-toetsing-geweldsbeheersing-politie-2021
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. ambtenaar: artikel 2, onderdelen a, c, en d, van de Politiewet 2012 de ambtenaar van politie, bedoeld in, die rechtens is uitgerust met een of meer geweldsmiddelen; b. geweldsmiddel: artikel 1, vierde lid, onderdeel d, onder 1°, van de Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke marechaussee en de andere opsporingsambtenaren geweldsmiddel als bedoeld in; c. de toets geweldsbeheersing: de door de Politieacademie samengestelde toets ter beoordeling van de kennis op het gebied van geweldsbeheersing volgens de kwalificatievereisten van een politieopleiding; d. de toets aanhoudings- en zelfverdedigingsvaardigheden: de door de Politieacademie samengestelde toets ter beoordeling van aanhoudings- en zelfverdedigingsvaardigheden volgens de kwalificatievereisten van een politieopleiding; e. de toets schietvaardigheid: Besluit bewapening en uitrusting politie de door de Politieacademie samengestelde toets ter beoordeling van de schietvaardigheid voor een vuurwapen volgens de kwalificatievereisten van een politieopleiding die opleidt tot een ambtenaar die op grond van hetvanwege de taak waarmee hij is belast met dat vuurwapen is uitgerust; f. de toets specialistische geweldsvaardigheid: Besluit bewapening en uitrusting politie de door de Politieacademie samengestelde toets ter beoordeling van de vaardigheid voor het gebruik van een specialistisch geweldsmiddel, niet zijnde een vuurwapen, volgens de kwalificatievereisten van een politieopleiding die opleidt tot een ambtenaar die op grond van hetvanwege de taak waarmee hij is belast is uitgerust met dat specialistische geweldsmiddel; g. toetser: artikel 2 van de Politiewet 2012 de ambtenaar van politie, bedoeld in, die heeft voldaan aan de kwalificatievereisten van de daartoe strekkende opleiding en is gecertificeerd door de Politieacademie om de toets geweldsbeheersing, de toets aanhoudings- en zelfverdedigingsvaardigheden, de toets schietvaardigheid, of de toets specialistische geweldsvaardigheid af te nemen. h. bevoegd gezag: artikel 1, eerste lid, van het Besluit algemene rechtspositie politie bevoegd gezag als bedoeld in. 2025 9868 21-03-2025 14-03-2025 6204930 2025 9868 21-03-2025 14-03-2025 6204930 01-04-2025
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Een ambtenaar is steeds voor de duur van een kalenderjaar geoefend in het gebruik van een geweldsmiddel indien hij in het daaraan voorafgaande kalenderjaar met voldoende resultaat heeft afgelegd: a. de toets geweldsbeheersing, en b. de toets aanhoudings- en zelfverdedigingsvaardigheden. 2 Een ambtenaar is steeds voor de duur van een kalenderhalfjaar geoefend in het gebruik van een vuurwapen indien hij, naast de in het eerste lid bedoelde toetsen, in het daaraan voorafgaande, dan wel het lopende, kalenderhalfjaar de toets schietvaardigheid voor dat vuurwapen met voldoende resultaat heeft afgelegd. 3 Een ambtenaar is steeds voor de duur van een kalenderjaar geoefend in het gebruik van een specialistisch geweldsmiddel indien hij, naast de in het eerste lid bedoelde toetsen, in het daaraan voorafgaande kalenderjaar de toets specialistische geweldsvaardigheid voor dat specialistische geweldsmiddel met voldoende resultaat heeft afgelegd. 4 Het bevoegd gezag draagt er zorg voor dat de ambtenaar slechts over een geweldsmiddel beschikt, anders dan voor het vervoer en het gebruik ervan voor het volgen van onderwijs, indien hij geoefend is in het gebruik van dat geweldsmiddel. 5 Het bevoegd gezag neemt de geweldsmiddelen in van de ambtenaar die op de laatste dag van een kalenderjaar de in het eerste lid bedoelde toetsen niet met voldoende resultaat heeft afgelegd. 6 Het bevoegd gezag neemt terstond het vuurwapen in van de ambtenaar die de in het tweede lid bedoelde toets voor dat vuurwapen niet met voldoende resultaat aflegt. 7 Het bevoegd gezag neemt het specialistische geweldsmiddel in van de ambtenaar die op de laatste dag van een kalenderjaar de in het derde lid bedoelde toets voor dat specialistische geweldsmiddel niet met voldoende resultaat heeft afgelegd. 8 Indien de ambtenaar van wie een geweldsmiddel op grond van het vijfde dan wel zevende lid is ingenomen vanwege het niet behalen van de toetsen, bedoeld in het eerste respectievelijk derde lid, alsnog die toetsen met voldoende resultaat aflegt, is de ambtenaar vanaf dat moment voor de resterende duur van het lopende kalenderjaar, geoefend in het gebruik van dat geweldsmiddel. In afwijking van het eerste lid, moet hij de toetsen, bedoeld in het eerste lid, dat kalenderjaar nogmaals met voldoende resultaat afleggen om geoefend te zijn in het gebruik van een geweldsmiddel in het daarop volgende kalenderjaar. 9 Indien de ambtenaar van wie een vuurwapen op grond van het zesde lid is ingenomen alsnog de toets, bedoeld in het tweede lid, met voldoende resultaat aflegt, is de ambtenaar vanaf dat moment voor de resterende duur van het lopende en het daarop volgende kalenderhalfjaar geoefend in het gebruik van dat vuurwapen. 10 In buitengewone omstandigheden kan de Minister besluiten dat, in aanvulling op het eerste lid, de ambtenaar voor de duur van een kalenderjaar geoefend is in het gebruik van de in het eerste lid bedoelde geweldsmiddelen, indien hij de toets geweldsbeheersing en de toets aanhoudings- en zelfverdedigingsvaardigheden in het tweede daaraan voorafgaande kalenderjaar met voldoende resultaat heeft afgelegd. 11 In buitengewone omstandigheden kan de Minister besluiten dat, in aanvulling op het tweede lid, de ambtenaar voor de duur van een kalenderhalfjaar geoefend is in het gebruik van een vuurwapen, indien hij, naast de in het eerste lid bedoelde toetsen, de toets schietvaardigheid voor dat vuurwapen in het tweede daaraan voorafgaande kalenderhalfjaar met voldoende resultaat heeft afgelegd. 12 In buitengewone omstandigheden kan de Minister besluiten dat, in aanvulling op het derde lid, de ambtenaar voor de duur van een kalenderjaar geoefend is in het gebruik van een specialistisch geweldsmiddel, indien hij, naast de in het eerste lid bedoelde toetsen, de toets specialistische vaardigheid voor dat specialistische geweldsmiddel in het tweede daaraan voorafgaande kalenderjaar met voldoende resultaat heeft afgelegd. 2020 68074 23-12-2020 18-12-2020 3137827 2020 68074 23-12-2020 18-12-2020 3137827 01-01-2021
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Het bevoegd gezag biedt de ambtenaar ten minste 32 uren de gelegenheid tot het deelnemen aan de toetsing en de training ter voorbereiding daarop. Tevens ziet het bevoegd gezag er op toe dat de ambtenaar zich voorbereidt en het trainingsaanbod opvolgt. De ambtenaar bereidt zich voor op de af te leggen toetsen en volgt daarvoor het trainingsaanbod op. 2 De toets geweldsbeheersing, de toets aanhoudings- en zelfverdedigingsvaardigheden, de toets schietvaardigheid en de toets specialistische geweldsvaardigheid worden afgenomen door een door het bevoegd gezag daartoe aangewezen toetser. 2020 68074 23-12-2020 18-12-2020 3137827 2020 68074 23-12-2020 18-12-2020 3137827 01-01-2021
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Indien een ambtenaar een van de omschreven toetsen niet of niet met voldoende resultaat heeft afgelegd, doet de toetser hiervan onverwijld mededeling aan het bevoegd gezag. 2020 68074 23-12-2020 18-12-2020 3137827 2020 68074 23-12-2020 18-12-2020 3137827 01-01-2021
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 2 Het bevoegd gezag draagt zorg voor registratie van de deelname aan en de resultaten van de inbedoelde toetsen. Ingeval de Minister gebruik maakt van zijn bevoegdheid, bedoeld in artikel 2, tiende tot en met twaalfde lid, draagt het bevoegd gezag er zorg voor dat dit in de registratie wordt verwerkt. 2 artikel 37, eerste lid, van de Politiewet 2012 artikel 2 In het jaarverslag, bedoeld inwordt jaarlijks een overzicht opgenomen van de stand van zaken betreffende de inbedoelde toetsen. 3 artikel 39, eerste lid, van de Politiewet 2012 artikel 2 In de beleidsplannen, bedoeld inwordt jaarlijks een overzicht opgenomen van de deelname aan en de resultaten van de inbedoelde toetsen alsmede het gevoerde beleid hieromtrent. 2020 68074 23-12-2020 18-12-2020 3137827 2020 68074 23-12-2020 18-12-2020 3137827 01-01-2021
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2021. 2 Indien de Staatscourant waarin deze regeling wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 1 januari 2021, treedt zij in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, en werkt zij terug tot en met 1 januari 2021. 2020 68074 23-12-2020 18-12-2020 3137827 2020 68074 23-12-2020 18-12-2020 3137827 01-01-2021
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling toetsing geweldsbeheersing politie 2021. 2020 68074 23-12-2020 18-12-2020 3137827 2020 68074 23-12-2020 18-12-2020 3137827 01-01-2021