Regeling van de Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media van 28 augustus 2020, nr. PO/17898051, houdende regels voor de voorzieningenplanning bij scholen in het primair onderwijs (Regeling voorzieningenplanning po 2021)
- BWB-id
- BWBR0044044
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2024-08-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0044044
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2021/regeling-voorzieningenplanning-po-2021
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2021/regeling-voorzieningenplanning-po-2021/2024-08-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0044044&g=2024-08-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0044044&z=2026-06-06&g=2024-08-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0044044/2024-08-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2021/regeling-voorzieningenplanning-po-2021
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: aanvrager: bevoegd gezag dat bij de minister een aanvraag indient voor bekostiging van een openbare of een bijzondere school; basisgeneratie: het totaal aantal kinderen in de leeftijd van 4 tot en met 11 jaar, vermeerderd met 30 procent van het aantal kinderen in de leeftijd van 12, gebaseerd op gegevens onder meer verstrekt door het Centraal Bureau voor de Statistiek; belangstellingsmeting: artikel 74a van de wet belangstellingsmeting als bedoeld in; bevoegd gezag: wet bevoegd gezag als bedoeld in de; instellingscode: door de minister gehanteerd nummer van de school in de Basisregistratie Instellingen van DUO; DUO: Dienst Uitvoering Onderwijs; minister: Minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs; nevenvestiging: wet nevenvestiging als bedoeld in de; ouder: wet ouder als bedoeld in de; samenwerkingsverband: wet samenwerkingsverband als bedoeld in de; school: wet basisschool als bedoeld in de; stichtingsnorm: artikel 76 van de wet stichtingsnorm als bedoeld in; voedingsgebied: artikel 74a, tweede lid, onderdeel b, van de wet voedingsgebied als bedoeld in; wet: Wet op het primair onderwijs . 2022 8090 25-03-2022 15-03-2022 PO/FenV/31937769 2022 8090 25-03-2022 15-03-2022 PO/FenV/31937769 01-04-2022
Artikel 2 — Artikel 2 Beschikbaar stellen gegevens over voedingsgebied nieuwe school#
Artikel 2 Beschikbaar stellen gegevens over voedingsgebied nieuwe school DUO stelt een overzicht van de viercijferige postcodegebieden die behoren tot het voedingsgebied via de elektronische weg beschikbaar aan de aanvrager. 2020 46176 02-09-2020 28-08-2020 PO/17898051 2020 46176 02-09-2020 28-08-2020 PO/17898051 01-02-2021
Artikel 3 — Artikel 3 Melding voorgenomen aanvraag tot bekostiging#
Artikel 3 Melding voorgenomen aanvraag tot bekostiging 1 artikel 75, tweede lid, van de wet Het bevoegd gezag maakt melding van een voorgenomen aanvraag als bedoeld in, tussen 1 juni tot en met 30 juni in het kalenderjaar van de aanvraag, bedoeld in artikel 75, eerste lid, van de wet. 2 De melding bevat de volgende gegevens: a. naam van de contactpersoon; b. correspondentieadres; c. telefoonnummer van de contactpersoon; d. e-mailadres van de contactpersoon; e. KVK-nummer van de rechtspersoon; f. naam van de rechtspersoon; g. viercijferige postcode van de beoogde plaats van vestiging; h. methode van de belangstellingsmeting; i. naam van de school; en j. korte beschrijving van het onderwijskundig concept van de school van ten hoogste 2000 tekens. 3 De gegevens in het tweede lid, onderdeel d en de onderdelen f tot en met j, worden openbaar gemaakt op de website www.duo.nl. 4 Publicatie op de website www.duo.nl geschiedt slechts indien de gegevens voor 1 juli volledig zijn aangeleverd. 5 De melding van de voorgenomen aanvraag tot bekostiging wordt gedaan in het digitale portaal via de website www.duo.nl. 2020 63265 16-12-2020 26-11-2020 VO/26164430 2020 63265 16-12-2020 26-11-2020 VO/26164430 01-02-2021 2020 46176 02-09-2020 28-08-2020 PO/17898051 2020 46176 02-09-2020 28-08-2020 PO/17898051 01-02-2021
Artikel 4 — Artikel 4 Aanvraag tot bekostiging#
Artikel 4 Aanvraag tot bekostiging 1 artikel 74, eerste lid, van de wet Een aanvraag als bedoeld in, bevat naast de gegevens, genoemd in artikel 74, eerste, tweede en derde lid van de wet de volgende gegevens: a. naam van de contactpersoon; b. correspondentieadres; c. telefoonnummer van de contactpersoon; d. e-mailadres van de contactpersoon; e. naam van de rechtspersoon; f. statuten van de rechtspersoon; g. namen van de bestuursleden; h. namen van de leden van het interne toezicht; i. naam van de school; j. viercijferige postcode van de beoogde plaats van vestiging; k. gewaarmerkt uittreksel uit het handelsregister van de Kamer van Koophandel; en l. beschrijving van het onderwijskundig concept in ten hoogste 3000 tekens. 2 artikel 74, tweede lid, onderdeel c, van de wet Uit het document, bedoeld in, blijkt dat de in dat lid bedoelde partijen zijn gevraagd om te overleggen over de aanvraag, waarbij de voorgestelde datum van het overleg dient te liggen in de periode van 15 september in het kalenderjaar voorafgaand aan de aanvraag en 14 september van het kalenderjaar van de aanvraag. 3 De aanvraag tot bekostiging wordt ingediend in het digitale portaal via de website www.duo.nl. 2022 23306 08-09-2022 25-08-2022 33540320 2022 23306 08-09-2022 25-08-2022 33540320 15-09-2022
Artikel 4a — Artikel 4a Aanvragen tot bekostiging 2022#
Artikel 4a Aanvragen tot bekostiging 2022 artikel 4, tweede lid artikel 74, tweede lid, onderdeel c, van de wet In afwijking van, blijkt voor aanvragen die worden ingediend in 2022 uit het document, bedoeld in, dat in de periode van 15 september 2021 en 15 september 2022 de in dat artikel bedoelde partijen zijn uitgenodigd om te overleggen. 2022 23306 08-09-2022 25-08-2022 33540320 2022 23306 08-09-2022 25-08-2022 33540320 15-09-2022
Artikel 5 — Artikel 5 Verklaring omtrent het gedrag#
Artikel 5 Verklaring omtrent het gedrag 1 artikel 74, tweede lid, onderdeel d, van de wet De verklaring omtrent het gedrag, bedoeld in, is afgegeven volgens het screeningsprofiel onderwijs. 2 artikel 4, derde lid De verklaring omtrent het gedrag wordt zowel via het digitale portaal, bedoeld in, als in originele vorm aan DUO verstrekt. 2020 46176 02-09-2020 28-08-2020 PO/17898051 2020 46176 02-09-2020 28-08-2020 PO/17898051 01-02-2021
Artikel 6 — Artikel 6 Nadere regels belangstellingsmeting#
Artikel 6 Nadere regels belangstellingsmeting 1 artikel 74a, derde lid, onderdeel a, letter z en onderdeel b, letter z, van de wet De correctiefactor, bedoeld in, is 0,7. 2 artikel 74a, zesde lid, van de wet artikel 75, derde lid, van de wet Indien sprake is van een overlappend voedingsgebied als bedoeld in, voert de minister de vermindering na 1 november van het kalenderjaar van de aanvraag uit en wordt dit opgenomen in het besluit, bedoeld in. 3 artikel 74a, derde lid, onderdeel a, letters x en w, en onderdeel b, letter w, van de wet De aantallen, bedoeld in, stelt DUO vanaf 1 juli in het jaar van aanvraag beschikbaar aan de aanvrager. 2020 46176 02-09-2020 28-08-2020 PO/17898051 2020 46176 02-09-2020 28-08-2020 PO/17898051 01-02-2021
Artikel 7 — Artikel 7 Geldigheid ouderverklaringen#
Artikel 7 Geldigheid ouderverklaringen 1 artikel 74a, eerste lid, van de wet De ouderverklaring, bedoeld in, wordt door de ouder ingediend via de website www.duo.nl in de periode van 1 juli tot en met 29 oktober in het kalenderjaar van de aanvraag. 2 Na indiening van de aanvraag kan daarvoor geen ouderverklaring meer worden ingediend. 3 De ouder kan de ouderverklaring uiterlijk op 29 oktober, bedoeld in het eerste lid, intrekken. Deze maakt dan geen onderdeel meer uit van de belangstellingsmeting. 4 Na indiening van de aanvraag kan de ouderverklaring niet meer worden ingetrokken. 5 Indien de aanvrager een melding van een voorgenomen aanvraag intrekt, vervallen de hierbij behorende ingediende ouderverklaringen. 6 artikel 74a, eerste lid, van de wet De ouder kan in een volgend kalenderjaar opnieuw een ouderverklaring als bedoeld inten aanzien van hetzelfde kind indienen, indien de aanvraag waarvoor eerder een ouderverklaring is ingediend: a. wel is gemeld, maar niet is ingediend; of b. is afgewezen. 7 Vanaf 30 oktober in het jaar van de aanvraag stelt DUO aan de aanvrager het aantal geldige ouderverklaringen beschikbaar. 8 Degene die een ouderverklaring indient ontvangt daarvoor geen beloning in enige vorm. 9 Bij overtreding van het achtste lid kan de minister besluiten dat alle ingediende ouderverklaringen geen deel meer uitmaken van de desbetreffende belangstellingsmeting. 2022 23306 08-09-2022 25-08-2022 33540320 2022 23306 08-09-2022 25-08-2022 33540320 15-09-2022
Artikel 8 — Artikel 8 Uitzonderingssituaties toepassing marktonderzoek#
Artikel 8 Uitzonderingssituaties toepassing marktonderzoek 1 artikel 74a, eerste lid, van de wet Een marktonderzoek als bedoeld in, is uitsluitend toegestaan indien: a. in het viercijferig postcodegebied van de beoogde plaats van vestiging een groei van ten minste 30% in het aantal leerlingen in de leeftijd van 2 tot en met 4 jaar wordt verwacht tussen het kalenderjaar waarin het marktonderzoek plaatsvindt en het tiende kalenderjaar daaraanvolgend; of b. artikel 77 van de wet met een beroep opeen aanvraag tot bekostiging van een openbare school wordt ingediend. 2 Bij het aantonen van een groei als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, gebruikt het bevoegd gezag in ieder geval gegevens verstrekt door het Centraal Bureau voor de Statistiek en een voorspelling van de gemeente ten aanzien van de woningbouw waar het betreffende viercijferig postcodegebied in is gelegen. 2020 46176 02-09-2020 28-08-2020 PO/17898051 2020 46176 02-09-2020 28-08-2020 PO/17898051 01-02-2021
Artikel 9 — Artikel 9 Nadere regels marktonderzoek#
Artikel 9 Nadere regels marktonderzoek 1 artikel 74a, eerste lid, van de wet Een marktonderzoek als bedoeld in, wordt schriftelijk uitgevoerd, waarbij de anonimiteit van de ondervraagden wordt gegarandeerd. 2 Per kind vult de ouder een vragenlijst in. 3 Het marktonderzoek inventariseert de voorkeur van de ondervraagden voor een school doordat de ondervraagden een keuze kunnen maken uit de bestaande scholen binnen het voedingsgebied en de school waarop de aanvraag betrekking heeft. 4 Het marktonderzoek heeft als hoofdvraag ‘Op welke gepresenteerde school zou u uw kind inschrijven?’. 5 De vraagstelling en de informatie die voorafgaand aan en tijdens het marktonderzoek wordt verstrekt door het onderzoeksbureau, is ten aanzien van scholen als bedoeld in het derde lid, op dezelfde wijze vormgegeven en gepresenteerd, neutraal opgesteld en op geen enkele wijze sturend. 6 De informatie die wordt verstrekt per school, bedoeld in het derde lid, is in ieder geval voorzien van de naam van de school, de naam van het bevoegd gezag, een website van de school, en de plaats of de beoogde plaats van vestiging, door middel van een viercijferige postcode. De informatie voor de school waarop de aanvraag betrekking heeft omvat tevens een korte beschrijving van het onderwijskundig concept van de school. 7 Voor controle door de minister op de juistheid van de berekeningen levert het bevoegd gezag een volledig onderzoeksrapport aan, waarin de volgende gegevens zijn opgenomen: a. een beschrijving van de gebruikte onderzoeksmethode, met daarin opgenomen op welke wijze tot een aselecte groep van ondervraagden is gekomen, hoe de representativiteit van de ondervraagden is geborgd, hoe de data zijn geanalyseerd, inclusief de berekening van het belangstellingspercentage, het totale aantal ondervraagden, het totale aantal reacties, het aantal reacties per school en de beperkingen van het onderzoek; b. een beschrijving van de wijze waarop ondervraagden benaderd zijn, inclusief correspondentie aan ondervraagden; c. de vragenlijst zoals voorgelegd aan ondervraagden; d. de informatie over de scholen, bedoeld in het derde lid, zoals gepresenteerd aan ondervraagden; en e. de periode waarin het onderzoek heeft plaatsgevonden. 8 artikel 74a, derde lid, onderdeel b, letter y, van de wet Het minimale aantal leerlingen, bedoeld in, ten aanzien van wie is aangegeven dat er belangstelling is voor de school waar de aanvraag betrekking op heeft, is 5. 9 artikel 74a, vijfde lid, onderdeel a, van de wet Indien de onderzoekspopulatie, bedoeld in, minder dan 5.000 leerlingen bedraagt, is het minimale aantal leerlingen ten aanzien van wie aan het marktonderzoek is deelgenomen, bedoeld in artikel 74a, derde lid, onderdeel b, letter x, van de wet, 10% van de onderzoekspopulatie. Indien de onderzoekspopulatie 5.000 of meer leerlingen bedraagt, is het minimale aantal leerlingen ten aanzien van wie aan het marktonderzoek is deelgenomen, bedoeld in artikel 74a, derde lid, onderdeel b, letter x, van de wet, 500. 2020 46176 02-09-2020 28-08-2020 PO/17898051 2020 46176 02-09-2020 28-08-2020 PO/17898051 01-02-2021
Artikel 10 — Artikel 10 Verzelfstandiging#
Artikel 10 Verzelfstandiging 1 artikel 84a, eerste lid, van de wet Indien sprake is van verzelfstandiging als bedoeld in: a. artikel 3 het eerste lid en het tweede lid met uitzondering van onderdeel h zijn vanvan overeenkomstige toepassing; b. artikel 4, eerste lid, met uitzondering van onderdeel l is, van overeenkomstige toepassing; c. is de aanvraag voorzien van een prognose, bedoeld in het derde en vierde lid; en d. zijn de melding en de aanvraag voorzien van de instellingscode van de te verzelfstandigen vestiging. 2 artikel 84a, tweede lid, onderdeel a, van de wet Het aantal leerlingen op 1 oktober in het jaar voorafgaand aan de aanvraag, bedoeld in, is van het overblijvende deel van de school minimaal de opheffingsnorm en van de te verzelfstandigen vestiging minimaal de stichtingsnorm. 3 artikel 84a, tweede lid, onderdeel b en c, van de wet Het verwachte aantal leerlingen, bedoeld in, van het overblijvende deel van de school wordt berekend door het optellen van het verwachte aantal leerlingen per viercijferig postcodegebied, waaruit het overblijvende deel van de school op 1 oktober in het jaar voorafgaand aan de aanvraag zijn leerlingen betrekt. Het verwachte aantal leerlingen per viercijferig postcodegebied wordt berekend overeenkomstig de formule e = (f / g) * h, waarbij: e = het verwachte aantal leerlingen van het overblijvende deel van de school per betreffende viercijferig postcodegebied; f = het aantal leerlingen van het overblijvende deel van de school op 1 oktober voorafgaande aan het jaar van de aanvraag woonachtig in het betreffende viercijferig postcodegebied; g = het totaal aantal leerlingen van de basisgeneratie in het betreffende viercijferige postcodegebied op 1 januari van het jaar van aanvraag; h = het totaal aantal leerlingen van de basisgeneratie in het betreffende viercijferige postcodegebied op 1 januari in elk van de 10 jaren na het moment van de verzelfstandiging. 4 artikel 84a, tweede lid, onderdeel b en onderdeel c, van de wet Het verwachte aantal leerlingen, bedoeld in, van de school die na verzelfstandiging ontstaat, wordt berekend door het optellen van het verwachte aantal leerlingen per viercijferig postcodegebied waaruit de te verzelfstandigen vestiging op 1 oktober in het jaar voorafgaand aan de aanvraag zijn leerlingen betrekt. Het verwachte aantal leerlingen wordt per viercijferig postcodegebied wordt berekend overeenkomstig de formule i = (j / k) * l, waarbij: i = het verwachte aantal leerlingen van de te verzelfstandigen vestiging per betreffende viercijferig postcodegebied; j = het aantal leerlingen van de te verzelfstandigen vestiging op 1 oktober voorafgaande aan het jaar van de aanvraag woonachtig in het betreffende viercijferige postcodegebied; k = het totaal aantal leerlingen van de basisgeneratie in het betreffende viercijferige postcodegebied op 1 januari van het jaar van aanvraag; l = het totaal aantal leerlingen van de basisgeneratie in het betreffende viercijferige postcodegebied op 1 januari in het elfde jaar na de aanvraag. 5 De aantallen in het derde lid, letters g en h en het vierde lid, letters k en l stelt DUO vanaf 1 juli in het jaar van de aanvraag beschikbaar aan de aanvrager. 2024 21748 05-07-2024 21-06-2024 PO/FenV/46649158 2024 21748 05-07-2024 21-06-2024 PO/FenV/46649158 01-08-2024
Artikel 11 — Artikel 11 Melding grondslag school#
Artikel 11 Melding grondslag school artikel 164, eerste en derde lid van de wet Het bevoegd gezag dient een melding van een grondslag of een wijziging van een grondslag als bedoeld in, in bij DUO. 2022 8090 25-03-2022 15-03-2022 PO/FenV/31937769 2022 8090 25-03-2022 15-03-2022 PO/FenV/31937769 01-04-2022
Artikel 12 — Artikel 12 Uitvoeringsvoorschriften overgangsrecht plan van scholen 2022–2025#
Artikel 12 Uitvoeringsvoorschriften overgangsrecht plan van scholen 2022–2025 1 artikel 211, eerste lid, van de wet Op het plan van scholen 2022–2025, bedoeld in, dat is vastgesteld door de gemeenteraad voor 1 augustus 2021 en uiterlijk op 31 december 2021 is goedgekeurd door de minister, is dit artikel van toepassing. 2 artikel 75, derde lid Voor een school die op het plan van scholen is opgenomen met als aanvangsdatum 1 augustus 2022 wordt als datum van het besluit als bedoeld in, zoals luidend op 1 februari 2021, aangemerkt 31 mei 2021. 3 artikel 75, derde lid Voor een school die op het plan van scholen is opgenomen met als aanvangsdatum 1 augustus 2023 wordt als datum van het besluit als bedoeld in, zoals luidend op 1 februari 2021, aangemerkt 31 mei 2022. 4 artikel 75, derde lid Voor een school die op het plan van scholen is opgenomen met als aanvangsdatum 1 augustus 2024 wordt als datum van het besluit als bedoeld in, zoals luidend op 1 februari 2021, aangemerkt 31 mei 2023. 5 artikel 211, derde lid, van de wet Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op besluiten genomen op grond van. 2022 8090 25-03-2022 15-03-2022 PO/FenV/31937769 2022 8090 25-03-2022 15-03-2022 PO/FenV/31937769 01-04-2022
Artikel 13 — Artikel 13 Uitvoeringsvoorschriften overgangsrecht plan van scholen 2021–2024#
Artikel 13 Uitvoeringsvoorschriften overgangsrecht plan van scholen 2021–2024 1 artikel 211, tweede lid, van de wet Op het plan van scholen 2021–2024, bedoeld in, dat is vastgesteld door de gemeenteraad voor 1 augustus 2020 en uiterlijk op 31 december 2020 is goedgekeurd door de minister, is dit artikel van toepassing. 2 Van een school die op het plan van scholen is opgenomen met als aanvangsdatum 1 augustus 2021 vangt de bekostiging aan op 1 augustus 2021, indien de minister voor 1 augustus 2021 heeft besloten dat de bekostiging een aanvang kan nemen. 3 artikel 75, derde lid, van de wet Voor een school die op het plan van scholen is opgenomen met als aanvangsdatum 1 augustus 2022 wordt als datum van het besluit als bedoeld in, zoals luidend op 1 februari 2021, aangemerkt 31 mei 2021. 4 artikel 75, derde lid Voor een school die op het in het eerste lid bedoelde plan van scholen is opgenomen met als aanvangsdatum 1 augustus 2023 wordt als datum van het besluit als bedoeld in, zoals luidend op 1 februari 2021, aangemerkt 31 mei 2022. 5 artikel 211, derde lid, van de wet Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op besluiten genomen op grond van. 2022 8090 25-03-2022 15-03-2022 PO/FenV/31937769 2022 8090 25-03-2022 15-03-2022 PO/FenV/31937769 01-04-2022
Artikel 14 — Artikel 14 Inwerkingtreding#
Artikel 14 Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 februari 2021. 2020 46176 02-09-2020 28-08-2020 PO/17898051 2020 46176 02-09-2020 28-08-2020 PO/17898051 01-02-2021
Artikel 15 — Artikel 15 Citeertitel#
Artikel 15 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling voorzieningenplanning po 2021. Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst. 2020 46176 02-09-2020 28-08-2020 PO/17898051 2020 46176 02-09-2020 28-08-2020 PO/17898051 01-02-2021