Regeling van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, van 28 maart 2021, nr. IENW/BSK-2021/69344, houdende tijdelijke regels inzake een specifieke uitkering ten behoeve van het oppakken van buitenproportionele opgaven inzake bodem en het afronden van oude afspraken ter overbrugging van te maken afspraken daarover onder de Omgevingswet (Tijdelijke regeling specifieke uitkering bodem overbruggingsjaar 2021)
- BWB-id
- BWBR0044993
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Infrastructuur en Waterstaat
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2024-05-04
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0044993
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2021/tijdelijke-regeling-specifieke-uitkering-bodem-overbruggings
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2021/tijdelijke-regeling-specifieke-uitkering-bodem-overbruggings/2024-05-04
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0044993&g=2024-05-04
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0044993&z=2026-06-06&g=2024-05-04
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0044993/2024-05-04
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2021/tijdelijke-regeling-specifieke-uitkering-bodem-overbruggings
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen 1 In deze regeling wordt verstaan onder: bevoegd gezag: Wet bodembescherming Besluit aanwijzing bevoegdgezaggemeenten Wet bodembescherming Aanvullingswet bodem Omgevingswet provincie of gemeente als bedoeld in deof gemeente als bedoeld in hetzoals die luidden op de dag voor de datum van de inwerkingtreding van de; buitenproportionele opgave: artikel 5, tweede lid buitenproportionele opgave als bedoeld in; minister: Minister van Infrastructuur en Waterstaat; oude afspraken: aantoonbare financiële afspraken die in het verleden tussen een individueel bevoegd gezag en het Rijk zijn gemaakt over de sanering van een geval van ernstige bodemverontreiniging. 2 Wet bodembescherming Aanvullingswet bodem Omgevingswet De definities en begrippen van dezijn van overeenkomstige toepassing zoals die luidde op de dag voor de datum van de inwerkingtreding van de. 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Aanvullingswet bodem
Omgevingswet van kracht wordt.
Artikel 2 — Artikel 2 Kaderbesluit subsidies I en M#
Artikel 2 Kaderbesluit subsidies I en M artikelen 2, eerste en derde lid 4, eerste lid 6 8 10 11 12, aanhef en onderdelen b, c, e, g, i en k 14, eerste lid 17, eerste lid, aanhef en onderdelen a, b en e, en tweede lid 18 21 23, eerste en vijfde lid 24, eerste lid, van het Kaderbesluit subsidies I en M De,,,,,,,,,,,, enzijn van overeenkomstige toepassing op een specifieke uitkering die op grond van deze regeling wordt verstrekt. 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 01-04-2021
Artikel 3 — Artikel 3 Doel#
Artikel 3 Doel Het doel van deze regeling is om door middel van het verstrekken van specifieke uitkeringen bevoegde gezagen in staat te stellen een aantal taken op het gebied van bodemsanering goed af te ronden en nieuwe bodemkwaliteitsopgaven te signaleren en daarop te reageren met een passende aanpak. 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 01-04-2021
Artikel 4 — Artikel 4 Budgetten#
Artikel 4 Budgetten 1 Het plafond voor de specifieke uitkeringen op grond van deze regeling bedraagt: a. voor buitenproportionele opgaven: maximaal € 40.000.000,–, exclusief btw; en b. voor oude afspraken: maximaal € 23.000.000,–, exclusief btw. 2 artikel 4:34 van de Algemene wet bestuursrecht Specifieke uitkeringen voor oude afspraken die worden verleend ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld of goedgekeurd, worden verleend onder de voorwaarde, bedoeld in. 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 01-04-2021
Artikel 5 — Artikel 5 Verlening specifieke uitkering voor buitenproportionele opgaven#
Artikel 5 Verlening specifieke uitkering voor buitenproportionele opgaven 1 De minister kan op aanvraag een specifieke uitkering verlenen aan een bevoegd gezag voor het uitvoeren van een of meerdere buitenproportionele opgaven. 2 Een buitenproportionele opgave is een bodem- of grondwaterkwaliteitsopgave voor het bevoegd gezag a. met betrekking tot diffuus verspreid lood of tot PFAS of andere niet genormeerde stoffen waarbij sprake is van een dringende noodzaak om maatregelen te nemen vanwege risico’s voor mens, ecologie of van verspreiding van de verontreiniging of omdat stagnatie dreigt van noodzakelijke maatschappelijke ontwikkelingen; b. waarvoor de aanpak vraagt om veel kennis, capaciteit en middelen van dat bevoegd gezag; en c. die niet valt onder oude afspraken of onder afronding van historische spoedsaneringen. 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 01-04-2021
Artikel 6 — Artikel 6 Aanvraag specifieke uitkering voor buitenproportionele opgaven#
Artikel 6 Aanvraag specifieke uitkering voor buitenproportionele opgaven 1 artikel 5, eerste lid Een aanvraag als bedoeld in, bevat in ieder geval: a. de naam van het bevoegd gezag; b. de contactgegevens van de contactpersoon bij het bevoegd gezag; c. de datum van de aanvraag; d. een projectplan met daarin een beschrijving van het doel en de activiteiten waarvoor een specifieke uitkering wordt aangevraagd en waaruit blijkt dat er voor de aanpak door het desbetreffende bevoegd gezag een dringende noodzaak is om onaanvaardbare risico’s voor mens, ecologie of van verspreiding van de verontreiniging weg te nemen; en e. artikel 10, vierde lid, onderdeel b, van het Kaderbesluit subsidies I en M in afwijking vaneen korte toelichting op de doelmatigheid en doeltreffendheid van de in het projectplan opgenomen activiteiten. 2 Indien activiteiten als bedoeld in het eerste lid, worden uitgevoerd tezamen met andere decentrale overheden, zijn in het projectplan hun rol en verantwoordelijkheden uitgewerkt waaruit blijkt dat het bevoegd gezag de activiteiten uit het projectplan kan realiseren. 3 Artikel 17a van de Financiële-verhoudingswet is van overeenkomstige toepassing indien activiteiten als bedoeld in het eerste lid worden uitgevoerd door meerdere decentrale overheden. 4 De aanvraag, bedoeld in het eerste lid, kan worden ingediend in de periode van 1 tot en met 30 april 2021. 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 01-04-2021
Artikel 7 — Artikel 7 Verdelingsregime#
Artikel 7 Verdelingsregime 1 artikel 4, onderdeel a artikel 6, vierde lid De minister verdeelt het beschikbare bedrag, bedoeld in, na het einde van de aanvraagperiode, bedoeld in. 2 artikel 4, onderdeel a Indien het totaal van de voor honorering in aanmerking komende aanvragen, bedoeld in het eerste lid, meer bedraagt dan het beschikbare bedrag, bedoeld in, wordt dat bedrag evenredig verdeeld over de desbetreffende aanvragen. 3 artikel 4, onderdeel a Indien het beschikbare bedrag, bedoeld in, na de verdeling, bedoeld in het eerste lid, niet is uitgeput, kan de minister voor het resterende bedrag een tweede indieningstermijn openstellen. De minister maakt die indieningstermijn en het resterende beschikbare bedrag in de Staatscourant bekend. 4 Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing indien een tweede indieningstermijn wordt opengesteld. 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 01-04-2021
Artikel 8 — Artikel 8 Voorwaarden specifieke uitkering voor buitenproportionele opgaven#
Artikel 8 Voorwaarden specifieke uitkering voor buitenproportionele opgaven 1 artikel 5 Het bevoegd gezag, bedoeld in, besteedt de specifieke uitkering uitsluitend aan de voorbereiding, begeleiding en uitvoering van de activiteiten zoals opgenomen in het projectplan. 2 Een project start in 2021 en heeft een looptijd van ten hoogste drie jaar te rekenen vanaf de datum van de beschikking tot verlening van de specifieke uitkering. 3 In geval van onvoorziene vertraging in de uitvoering mogen in afwijking van het tweede lid de projecten uiterlijk op 31 december 2030 zijn uitgevoerd. 2024 14218 03-05-2024 02-05-2024 IENW/BSK-2024/133084 2024 14218 03-05-2024 02-05-2024 IENW/BSK-2024/133084 04-05-2024
Artikel 9 — Artikel 9 Verplichting ontvanger specifieke uitkering voor buitenproportionele opgaven#
Artikel 9 Verplichting ontvanger specifieke uitkering voor buitenproportionele opgaven artikel 5 Het bevoegd gezag, bedoeld in, verstrekt gedurende de looptijd van het project jaarlijks voor het einde van het kalenderjaar informatie aan de minister over de voortgang van de activiteiten waarvoor de desbetreffende specifieke uitkering is verstrekt. 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 01-04-2021
Artikel 10 — Artikel 10 Verlening specifieke uitkering voor oude afspraken#
Artikel 10 Verlening specifieke uitkering voor oude afspraken De minister kan een specifieke uitkering verlenen aan een bevoegd gezag voor de aanpak van een oude afspraak. 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 01-04-2021
Artikel 11 — Artikel 11 Aanvraag specifieke uitkering voor oude afspraken#
Artikel 11 Aanvraag specifieke uitkering voor oude afspraken 1 artikel 10 Een aanvraag als bedoeld in, bevat in ieder geval: a. de naam van het bevoegd gezag; b. de contactgegevens van de contactpersoon bij het bevoegd gezag; c. de datum van de aanvraag; en d. artikel 10 artikel 13 een projectplan voor de uitwerking van de beoogde maatregelen voor de inbedoelde sanering. De sanering voldoet aan de voorwaarden, bedoeld inen het doel van de sanering is concreet beschreven en is meetbaar. 2 De aanvraag kan worden ingediend in de periode van 15 oktober tot en met 31 december 2021. 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 01-04-2021
Artikel 12 — Artikel 12 Verdelingsregime specifieke uitkering voor oude afspraken#
Artikel 12 Verdelingsregime specifieke uitkering voor oude afspraken artikel 4, onderdeel b De minister verdeelt het beschikbare bedrag, bedoeld in, op volgorde van binnenkomst van de aanvragen. 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 01-04-2021
Artikel 13 — Artikel 13 Voorwaarden specifieke uitkering voor oude afspraken#
Artikel 13 Voorwaarden specifieke uitkering voor oude afspraken 1 artikel 10 Het bevoegd gezag, bedoeld in, besteedt de specifieke uitkering uitsluitend aan: a. de instandhouding of voortzetting van een reeds tussen de toenmalige Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer en het desbetreffende bevoegd gezag overeengekomen gevalsgerichte aanpak van ernstige bodemverontreiniging; b. het nemen van maatregelen die tot doel hebben om te komen tot afbouw van isoleren, beheer- en controlemaatregelen als bedoeld in het convenant bodem en ondergrond 2015–2020, zoals dat luidde op 31 december 2020; of c. het wegnemen van onvoorziene milieu-hygiënische risico’s bij de reeds overeengekomen gevalsgerichte aanpak van ernstige verontreiniging. 2 artikel 10 Een project als bedoeld instart in 2022 en heeft een looptijd van ten hoogste drie jaar te rekenen vanaf de datum van de beschikking tot verlening van de specifieke uitkering. 3 In geval van onvoorziene vertraging in de uitvoering mogen in afwijking van het tweede lid de projecten uiterlijk op 31 december 2030 zijn uitgevoerd. 2024 14218 03-05-2024 02-05-2024 IENW/BSK-2024/133084 2024 14218 03-05-2024 02-05-2024 IENW/BSK-2024/133084 04-05-2024
Artikel 14 — Artikel 14 Periode#
Artikel 14 Periode artikel 5 artikel 8 Een specifieke uitkering kan worden verleend voor werkzaamheden als bedoeld indie in 2021 zijn gestart mits deze zijn opgenomen in de aanvraag voor de desbetreffende specifieke uitkering en aan de voorwaarden, bedoeld inwordt voldaan. 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 01-04-2021
Artikel 15 — Artikel 15 Voorschotverstrekking#
Artikel 15 Voorschotverstrekking Gelijktijdig met de beschikking tot verstrekking van een specifieke uitkering als bedoeld in deze regeling, verstrekt de minister een voorschot van 100%. 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 01-04-2021
Artikel 16 — Artikel 16 Vaststelling specifieke uitkering#
Artikel 16 Vaststelling specifieke uitkering 1 artikel 17a van de Financiële-verhoudingswet artikel 8 artikel 13 artikel 9 De minister stelt de specifieke uitkering uiterlijk op 31 december van het jaar waarop de desbetreffende eindverantwoording, bedoeld inis ontvangen vast op het bedrag dat is bepaald in de verlening indien de activiteiten waarvoor de specifieke uitkering is verleend geheel zijn verricht en daarnaast volledig is voldaan aan de voorwaarden, bedoeld in, respectievelijk, en aan de verplichting, bedoeld in. 2 artikel 8 artikel 13 artikel 9 De minister stelt de specifieke uitkering vast op een lager bedrag dan dat is bepaald in de verleningsbeschikking indien de activiteiten waarvoor de specifieke uitkering is verleend niet of niet geheel hebben plaatsgevonden conform de voorwaarden, bedoeld in, respectievelijk, en de verplichting, bedoeld in. 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 01-04-2021
Artikel 17 — Artikel 17 Wijziging regeling#
Artikel 17 Wijziging regeling Wijzigt deze regeling. 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 01-04-2021
Artikel 18 — Artikel 18 Inwerkingtreding en horizonbepaling#
Artikel 18 Inwerkingtreding en horizonbepaling 1 Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 april 2021. Indien de Staatscourant waarin deze regeling wordt gepubliceerd wordt uitgegeven na 31 maart 2021, treedt zij in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, en werkt zij terug tot en met 1 april 2021. 2 Deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2031, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op specifieke uitkeringen die voor die datum zijn verleend dan wel zijn aangevraagd. 2024 14218 03-05-2024 02-05-2024 IENW/BSK-2024/133084 2024 14218 03-05-2024 02-05-2024 IENW/BSK-2024/133084 04-05-2024
Artikel 19 — Artikel 19 Citeertitel#
Artikel 19 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke regeling specifieke uitkering bodem overbruggingsjaar 2021. 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 2021 15942 30-03-2021 28-03-2021 IENW/BSK-2021/69344 01-04-2021