Besluit van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, van 19 april 2022, nr. IENW/BSK-2022/41066, in overeenstemming met de Staatssecretaris van Financiën en na overleg met de Minister voor Klimaat en Energie tot vaststelling van de wijze waarop de steun als percentage van het projectvermogen wordt berekend in het kader van de Regeling groenprojecten 2022 (Beleidsregel berekening steunpercentage Regeling groenprojecten 2022)
- BWB-id
- BWBR0046600
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2022-06-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0046600
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2022/beleidsregel-berekening-steunpercentage-regeling-groenprojec
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2022/beleidsregel-berekening-steunpercentage-regeling-groenprojec/2022-06-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0046600&g=2022-06-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0046600&z=2026-06-06&g=2022-06-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0046600/2022-06-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2022/beleidsregel-berekening-steunpercentage-regeling-groenprojec
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 artikel 1, van de Regeling groenprojecten 2022 De uitkomst van de formule, genoemd in het tweede lid, uitgedrukt in procenten dient ter bepaling van de bruto-subsidie-equivalent, genoemd in. 2 Voor de berekening van de netto contante waarde van de steun, die over een langere periode wordt genoten, tot de waarde op het tijdstip van toekenning daarvan wordt de formule gebruikt , waarbij geldt: N = de looptijd van de groenverklaring; CF = het rentevoordeel behaald met de groenverklaring r = de disconteringsvoet. 3 Voor de berekening van de netto contante waarde wordt gebruik gemaakt van de disconteringsvoet die op de datum van de toekenning van de steun van toepassing is. 4 De hoogte van de steun hangt af van het deel van de investering dat met een lening wordt gefinancierd, de looptijd van de lening en het rentevoordeel. 5 Bijlage, behorend bij artikel 2 van de Regeling groenprojecten 2022 De formule, genoemd in het eerste lid, geldt ten aanzien van elke projectcategorie, genoemd in de. 2022 10806 28-04-2022 19-04-2022 IENW/BSK-2022/41066 2022 10803 28-04-2022 19-04-2022 IENW/BSK-2022/51234 01-06-2022 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Regeling
groenprojecten 2022 in werking treedt.
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 Om de steun op het moment waarop de groenverklaring wordt afgegeven te kunnen bepalen wordt uitgegaan van: a. artikel 5.14, tweede lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001 een groenproject waarvan de gehele investering wordt gefinancierd met een geldlening van een groenfonds als bedoeld in; b. een maximale looptijd van de geldlening van tien jaar; c. een lineaire aflossing op de geldlening tot een restwaarde van € 0,–; d. een te behalen rentevoordeel van 0,50% punt; e. de disconteringsvoet zoals maandelijks wordt vastgesteld door de Europese Commissie. 2022 10806 28-04-2022 19-04-2022 IENW/BSK-2022/41066 2022 10803 28-04-2022 19-04-2022 IENW/BSK-2022/51234 01-06-2022 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Regeling
groenprojecten 2022 in werking treedt.
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 beleidsregel berekening steunpercentage Regeling groenprojecten 2016 Dewordt ingetrokken. 2022 10806 28-04-2022 19-04-2022 IENW/BSK-2022/41066 2022 10803 28-04-2022 19-04-2022 IENW/BSK-2022/51234 01-06-2022 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Regeling
groenprojecten 2022 in werking treedt.
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Regeling groenprojecten 2022 Deze beleidsregel treedt in werking op het tijdstip waarop dein werking treedt. 2022 10806 28-04-2022 19-04-2022 IENW/BSK-2022/41066 2022 10803 28-04-2022 19-04-2022 IENW/BSK-2022/51234 01-06-2022 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Regeling
groenprojecten 2022 in werking treedt.