Regeling van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, van 25 januari 2022, nr. IENW/BSK-2021/278136, houdende regels voor de verstrekking van een specifieke uitkering in verband met de aanleg en verbetering van openbare havenfaciliteiten op de goederenvervoercorridors Oost en Zuidoost (Specifieke uitkering versterking havenvoorzieningen goederenvervoercorridors Oost en Zuidoost 2022–2026)
- BWB-id
- BWBR0046244
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Infrastructuur en Waterstaat
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2026-02-20
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0046244
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2022/specifieke-uitkering-versterking-havenvoorzieningen-goederen
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2022/specifieke-uitkering-versterking-havenvoorzieningen-goederen/2026-02-20
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0046244&g=2026-02-20
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0046244&z=2026-06-06&g=2026-02-20
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0046244/2026-02-20
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2022/specifieke-uitkering-versterking-havenvoorzieningen-goederen
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: aansluitende vaarwegen: vaarwegen die aansluiten op de goederenvervoercorridors of die als alternatief voor de vaarwegen op de goederenvervoercorridors kunnen worden ingezet zoals de vaarwegverbindingen richting de Rotterdamse haven, Noord-Hollandskanaal tot en met Alkmaar, Zaan, Gouwe, Hollandsche IJssel, Nederrijn, Pannerdensch kanaal en de Gelderse IJssel tot en met Zutphen; goederenvervoercorridors: corridor Oost (corridor Rotterdam – Arnhem/Nijmegen – Duitsland, corridor Zuidoost (corridor Rotterdam – Noord-Brabant/Limburg – Duitsland en corridor Zuid (corridor Amsterdam – Rotterdam – Moerdijk – Vlissingen – Terneuzen – Gent); haveninitiatief: in een een (gedeeltelijke) herstructurering of vernieuwing van openbare havenvoorzieningenbinnenhaven of zeehaven ter bevordering van de modal shift van goederen van de weg naar de binnenvaart; de Minister: de Minister van Infrastructuur en Waterstaat; modal shift: verschuiving van een deel van het goederenvervoer over de weg naar vervoer over het water waarmee de congestie op de weg kan worden verminderd binnen de goederenvervoercorridors; ontvanger: een provincie waar de goederenvervoercorridors in gelegen zijn; openbare havenvoorzieningen: openbare depotruimtes, havenbekkens en kades; provincies: Gelderland, Limburg, Noord-Brabant, Noord-Holland, Zeeland en Zuid-Holland; vaarwegen op de goederenvervoercorridors: de vaarwegen Waal, Maas, Brabantse kanalen, Noordzeekanaal, IJ, Amsterdam-Rijnkanaal, Lekkanaal, Lek, Oude Maas, Nieuwe Maas, Dordtse Kil, Hollandsch Diep, Volkerak, Schelde-Rijnverbinding, Midden-Zeelandroute, Westerschelde en Kanaal van Gent naar Terneuzen. 2026 2090 19-02-2026 17-02-2026 IENW/BSK-2025/290288 2090-n1 19-02-2026 2026 2090 19-02-2026 17-02-2026 IENW/BSK-2025/290288 20-02-2026
Artikel 2 — Artikel 2 Kaderbesluit subsidies I en M Toepasselijkheid#
Artikel 2 Kaderbesluit subsidies I en M Toepasselijkheid artikelen 6, eerste en zesde lid 8 9 10, eerste tot en met derde lid 11 12, aanhef en onderdelen c, q en i 13 14, eerste en tweede lid 17, eerste lid, aanhef en onderdelen a tot en met c, e en f 18 20, eerste lid 21 22, tweede lid 23, eerste, derde en vijfde lid 24, eerste lid, van het Kaderbesluit subsidies I en M De,,,,,,,,,,,,,, enzijn van overeenkomstige toepassing op deze regeling. 2022 1884 28-01-2022 25-01-2022 IENW/BSK-2021/278136 2022 1884 28-01-2022 25-01-2022 IENW/BSK-2021/278136 29-01-2022 01-01-2022
Artikel 3 — Artikel 3 Doel van de regeling#
Artikel 3 Doel van de regeling De Minister verleent een specifieke uitkering voor het versnellen van de realisatie van de verbetering van bestaande of uitbreiding van openbare havenvoorzieningen ten behoeve van de binnenvaart in binnenhavens en zeehavens op de goederenvervoercorridors om daarmee een bijdrage te leveren aan de modal shift. 2022 1884 28-01-2022 25-01-2022 IENW/BSK-2021/278136 2022 1884 28-01-2022 25-01-2022 IENW/BSK-2021/278136 29-01-2022 01-01-2022
Artikel 4 — Artikel 4 Voor uitkering in aanmerking komende kosten en de hoogte van de uitkering#
Artikel 4 Voor uitkering in aanmerking komende kosten en de hoogte van de uitkering 1 Voor een specifieke uitkering komen de kosten voor de verwerving, aanleg of verbetering van openbare infrastructuur of openbare havenvoorzieningen gelegen in binnenhavens of zeehavens zoals de verwerving en aanlegkosten voor additionele openbare depotruimte voor de opslag van containers, de kosten van verdieping van openbare havenbekkens of de kosten voor de aanleg of verbetering van openbare kademuren in aanmerking. 2 Een specifieke uitkering bedraagt ten hoogste 50% van het totaal van de in aanmerking komende kosten als bedoeld in het eerste lid, verminderd met de directe baten uit grondverwerving voor de kade en de direct aangrenzende grondstrook, met een maximum van € 2.000.000,–, inclusief omzetbelasting. 3 Lopende projecten die in het kader van deze regeling reeds eerder een specifieke uitkering hebben ontvangen, kunnen een aanvullende aanvraag indienen mits in die aanvraag aannemelijk wordt gemaakt dat de kosten voor de aanleg van het lopende project door externe invloeden aanmerkelijk hoger zijn uitgevallen ten opzichte van de in de eerdere aanvraag opgenomen aanlegkosten. 2026 2090 19-02-2026 17-02-2026 IENW/BSK-2025/290288 2026 2090 19-02-2026 17-02-2026 IENW/BSK-2025/290288 20-02-2026
Artikel 5 — Artikel 5 Uitkeringsplafond en wijze van verdeling#
Artikel 5 Uitkeringsplafond en wijze van verdeling 1 Het uitkeringsplafond bedraagt in totaal € 11.640.000,–. 2 De Minister verdeelt het bedrag op volgorde van rangschikking van de aanvragen 3 Er is een adviescommissie die belast is met advisering van de Minister over de aanvragen door middel van beoordeling en rangschikking, bedoeld in het tweede lid. 4 De adviescommissie bestaat uit drie experts die door de corridorpartijen in het Programma goederenvervoercorridors zijn aangewezen. 5 bijlage De adviescommissie beoordeelt de ingediende aanvragen aan de hand van de toetsingscriteria zoals opgenomen in debij deze regeling. 6 bijlage Voor elk van de in degenoemde toetsingscriteria is maximaal 10 punten te behalen, met in totaal een maximale beoordelingsscore van 40 punten. 7 De Minister besluit over de verstrekking van de uitkering op basis van het advies van de adviescommissie en wijkt hier slechts om zwaarwegende redenen van af. 8 Indien twee of meer projecten op dezelfde plaats in de rangschikking terechtkomen, wordt door middel van loting de definitieve plaats in de rangschikking bepaald. 2026 2090 19-02-2026 17-02-2026 IENW/BSK-2025/290288 2026 2090 19-02-2026 17-02-2026 IENW/BSK-2025/290288 20-02-2026
Artikel 6 — Artikel 6 Aanvraag#
Artikel 6 Aanvraag 1 artikel 3 Het college van gedeputeerde staten van een provincie kan een specifieke uitkering aanvragen voor een publiek-privaat haveninitiatief gelegen aan een van de vaarwegen op een van de goederenvervoercorridors en daarop aansluitende vaarwegen ten behoeve van de realisatie van het inomschreven doel. 2 Aanvragen kunnen jaarlijks tot 1 mei worden gedaan. 3 Voor een aanvraag wordt een door de Minister beschikbaar gesteld aanvraagformulier gebruikt. 4 Een aanvraag bestaat uit een volledig ingevuld aanvraagformulier en daarbij horende bijlagen, te weten: a. een investeringsbegroting; b. een private modal shift intentieverklaring; c. een financieringsbesluit van provincie. 5 2 De aanvraag bevat een CO-reductieberekening conform IenW-format. 6 In de aanvraag dient aan de hand van de investeringsbegroting te worden aangetoond dat de private investeringsomvang in het haveninitiatief in de periode van de eerste 5 jaar minimaal € 2.000.000,– exclusief BTW zal bedragen. 7 Voor de in het vierde en vijfde lid bedoelde documenten wordt de meest recente versie gebruikt. 8 In geval van een onvolledige aanvraag wordt de aanvrager in de gelegenheid gesteld de aanvraag binnen twee weken aan te vullen met de gegevens die op grond van dit artikel zijn vereist. 2026 2090 19-02-2026 17-02-2026 IENW/BSK-2025/290288 2026 2090 19-02-2026 17-02-2026 IENW/BSK-2025/290288 20-02-2026
Artikel 7 — Artikel 7 Afwijzingsgronden#
Artikel 7 Afwijzingsgronden De Minister beslist afwijzend op een aanvraag om een uitkering, indien: a. artikel 5, zesde lid de beoordelingsscore, als bedoeld in, minder bedraagt dan 20 punten; b. er geen sprake is van cofinanciering door de decentrale overheid; c. artikel 6, zesde lid de private investeringsomvang bedoeld in, niet is aangetoond. 2026 2090 19-02-2026 17-02-2026 IENW/BSK-2025/290288 2026 2090 19-02-2026 17-02-2026 IENW/BSK-2025/290288 20-02-2026
Artikel 8 — Artikel 8 Verlening#
Artikel 8 Verlening 1 De beschikking tot verlening van de specifieke uitkering bevat in ieder geval het bedrag dat betrekking heeft op de compensabele BTW-component die wordt toegevoegd aan het BTW-compensatiefonds. 2 artikel 4:34, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht Een uitkering ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld, wordt verleend onder de voorwaarde, bedoeld in. 2022 1884 28-01-2022 25-01-2022 IENW/BSK-2021/278136 2022 1884 28-01-2022 25-01-2022 IENW/BSK-2021/278136 29-01-2022 01-01-2022
Artikel 9 — Artikel 9 Voorschotverlening#
Artikel 9 Voorschotverlening 1 De Minister verstrekt een voorschot van 75%. 2 Dit voorschot wordt betaald binnen 6 weken na bekendmaking van de beschikking tot verlening. 2022 1884 28-01-2022 25-01-2022 IENW/BSK-2021/278136 2022 1884 28-01-2022 25-01-2022 IENW/BSK-2021/278136 29-01-2022 01-01-2022
Artikel 10 — Artikel 10 Verplichtingen ontvanger#
Artikel 10 Verplichtingen ontvanger 1 Een project is binnen 12 maanden na de toekenning van de specifieke uitkering gestart en wordt binnen twee en een half jaar voltooid te rekenen vanaf het moment van toekenning. 2 De Minister kan op voorafgaand verzoek van de ontvanger afwijken van de in het eerste lid genoemde termijnen. 3 De ontvanger levert jaarlijks op 1 maart een schriftelijk verslag aan de Minister aan over de voortgang van het project en de bijdrage aan de doelstellingen van de modal shift over het voorafgaande jaar. 2022 1884 28-01-2022 25-01-2022 IENW/BSK-2021/278136 2022 1884 28-01-2022 25-01-2022 IENW/BSK-2021/278136 29-01-2022 01-01-2022
Artikel 11 — Artikel 11 Verantwoording#
Artikel 11 Verantwoording artikel 17a van de Financiële-verhoudingswet De ontvanger legt verantwoording af over de besteding van de uitkering op de wijze bepaald in. 2022 1884 28-01-2022 25-01-2022 IENW/BSK-2021/278136 2022 1884 28-01-2022 25-01-2022 IENW/BSK-2021/278136 29-01-2022 01-01-2022
Artikel 12 — Artikel 12 Vaststelling#
Artikel 12 Vaststelling artikel 13 De Minister stelt de uitkering vast op 31 december van het jaar waarin de laatste verantwoording, bedoeld in, heeft plaatsgevonden. 2022 1884 28-01-2022 25-01-2022 IENW/BSK-2021/278136 2022 1884 28-01-2022 25-01-2022 IENW/BSK-2021/278136 29-01-2022 01-01-2022
Artikel 13 — Artikel 13 Evaluatieverslag#
Artikel 13 Evaluatieverslag De Minister publiceert voor 1 juli 2031 een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van de uitkeringen in de praktijk. 2026 2090 19-02-2026 17-02-2026 IENW/BSK-2025/290288 2026 2090 19-02-2026 17-02-2026 IENW/BSK-2025/290288 20-02-2026
Artikel 14 — Artikel 14 Inwerkingtreding en horizonbepaling#
Artikel 14 Inwerkingtreding en horizonbepaling 1 Deze regeling treedt op 1 januari 2022 in werking. 2 Indien de Staatscourant waarin deze regeling wordt gepubliceerd, wordt uitgegeven na 1 januari 2022, treedt zij in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, en werkt zij terug tot en met 1 januari 2022. 3 Deze regeling vervalt op 31 december 2030, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op uitkeringen die voor die datum zijn aangevraagd, verleend of vastgesteld. 2026 2090 19-02-2026 17-02-2026 IENW/BSK-2025/290288 2026 2090 19-02-2026 17-02-2026 IENW/BSK-2025/290288 20-02-2026
Artikel 15 — Artikel 15 Citeertitel#
Artikel 15 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Specifieke uitkering versterking havenvoorzieningen goederenvervoercorridors Oost, Zuidoost en Zuid 2022–2030. 2026 2090 19-02-2026 17-02-2026 IENW/BSK-2025/290288 2026 2090 19-02-2026 17-02-2026 IENW/BSK-2025/290288 20-02-2026
Artikel 5#
artikel 5, vijfde lid