Regeling van de Minister van Economische Zaken en Klimaat en de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 22 december 2022, nr. 2022-0000261694, houdende regels met betrekking tot de besteding van gelden uit het Fonds voor een rechtvaardige transitie, opgericht bij Verordening (EU) 2021/1056 van het Europees Parlement en de Raad (Subsidieregeling JTF 2021–2027)
- BWB-id
- BWBR0047689
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Economische Zaken en Klimaat
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2026-03-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0047689
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2022/subsidieregeling-jtf-2021-2027
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2022/subsidieregeling-jtf-2021-2027/2026-03-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0047689&g=2026-03-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0047689&z=2026-06-06&g=2026-03-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0047689/2026-03-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2022/subsidieregeling-jtf-2021-2027
Artikel 1.1 — Artikel 1.1 Begripsbepalingen#
Artikel 1.1 Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: – Algemene groepsvrijstellingsverordening: verordening (EU) nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard (PbEU 2014, L 187); – deelnemer: persoon die een activiteit volgt of deelneemt aan een project; – de-minimisverordening: verordening (EU) nr. 2023/2831 van de Commissie van 13 december 2023 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (PbEU L 2023/2831); – Europees steunkader: een mededeling, richtsnoer, kaderregeling beschikking, besluit of verordening op het gebied van staatssteun die de Europese Commissie, gelet op de artikelen 42, 106, derde lid, 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie heeft vastgesteld; – financieringsinstrument: financieringsinstrument als bedoeld in artikel 58, eerste en tweede lid, van de GB-verordening; – fonds: Fonds voor een rechtvaardige transitie als bedoeld in de JTF-verordening; – GB-verordening: verordening (EU) nr. 2021/1060 van het Europees Parlement en de Raad van 24 juni 2021 houdende gemeenschappelijke bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds Plus, het Cohesiefonds, het Fonds voor een rechtvaardige transitie en het Europees Fonds voor maritieme zaken, visserij en aquacultuur en de financiële regels voor die fondsen en voor het Fonds voor asiel, migratie en integratie, het Fonds voor interne veiligheid en het Instrument voor financiële steun voor grensbeheer en visumbeleid (PbEU 2021, L 231); – groep: een economische eenheid, waarin organisatorisch zijn verbonden: a. een natuurlijke persoon of privaatrechtelijke rechtspersoon, die direct of indirect: 1°. meer dan de helft van het geplaatste kapitaal verschaft aan; 2°. volledig aansprakelijk vennoot is van; of 3°. overwegende zeggenschap heeft over een of meer rechtspersonen of vennootschappen; en b. de in subonderdeel 3° bedoelde rechtspersonen of vennootschappen; – grote onderneming: onderneming die niet voldoet aan bijlage I van de Algemene groepsvrijstellingsverordening; – intermediaire instantie: instantie als bedoeld in artikel 71, derde lid, van de GB-verordening; – JTF-regio: regio waarvoor een territoriaal plan voor een rechtvaardige transitie als bedoeld in artikel 11 van de JTF-verordening is opgesteld, dat onderdeel is van het Programma JTF 2021–2027; – JTF-verordening: verordening (EU) 2021/1056 van het Europees Parlement en de Raad van 24 juni 2021 tot oprichting van het Fonds voor een rechtvaardige transitie (PbEU 2021, L 231); – kennisinstelling: a. onderdelen a, b, g of h van de bijlage, behorende bij de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek de instelling voor hoger onderwijs, genoemd in de, en een academisch ziekenhuis als bedoeld in onderdeel j van de bijlage behorende bij die wet; b. andere dan in onderdeel a bedoelde geheel of gedeeltelijk, meerjarig door de overheid gefinancierde onderzoeksorganisatie zonder winstoogmerk die activiteiten verricht met als doel de algemene wetenschappelijke of technische kennis uit te breiden; c. geheel of gedeeltelijk, meerjarig door een andere lidstaat van de Europese Unie gefinancierde: 1°. openbare instelling voor hoger onderwijs of een daaraan verbonden ziekenhuis, gelijkwaardig aan een instelling respectievelijk academisch ziekenhuis als bedoeld in onderdeel a; 2°. onderzoeksorganisatie zonder winstoogmerk die activiteiten verricht met als doel de algemene wetenschappelijke en technische kennis uit te breiden; d. onderzoeksorganisatie zonder winstoogmerk met eigen medewerkers in loondienst, die tot doel heeft via het structureel doen van eigen onderzoek en het ontwikkelen en testen van technische toepassingen door haar medewerkers, de technologische kennis op een specifiek terrein te bevorderen, die geen instelling is als bedoeld in onderdelen a tot en met c; – loonverletkosten: de loonkosten van deelnemers voor niet-productieve uren als gevolg van deelname aan opleidingen in het kader van projectactiviteiten, voor zover die hebben geleid tot een vermindering van de werkbare uren voor de werkgever; – Minister van EZK: Minister van Economische Zaken en Klimaat; – Minister van SZW: Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid; – Ministers: Minister van EZK en Minister van SZW gezamenlijk; – mkb: kleine en middelgrote ondernemingen zoals gedefinieerd in de Aanbeveling van de Europese Commissie van 6 mei 2003 betreffende de definitie van mikro, kleine en middelgrote ondernemingen (2003/361/EG; PbEU 2003, L 124); – NUTS-3 gebied: Verordening (EG) nr. 1059/2003 een in bijlage I bijvan het Europees Parlement en de Raad van 26 mei 2003 betreffende de opstelling van een gemeenschappelijke nomenclatuur van territoriale eenheden voor de statistiek (NUTS) (PbEU 2003, L 154) aangewezen NUTS-3 gebied; – onderneming: elke eenheid, ongeacht haar rechtsvorm of wijze van financiering, die een economische activiteit uitoefent; – penvoerder: door een samenwerkingsverband aangewezen penvoerende persoon of penvoerende organisatie, die als partij deelneemt aan het samenwerkingsverband; – productieve investering: investeringen in vaste activa of immateriële activa van ondernemingen met het oog op de productie van goederen en diensten, waardoor wordt bijgedragen tot de vorming van brutokapitaal en het scheppen van werkgelegenheid; – project: artikel 1.4, eerste lid een samenhangend geheel van activiteiten als bedoeld in; – Programma JTF 2021–2027: programma voor de uitvoering van de JTF-Verordening in de periode van 1 januari 2021 tot en met 31 december 2027 als bedoeld in artikel 10, eerste lid, van de JTF-verordening, en artikel 21, eerste lid, van de GB-verordening, waarbinnen het programma en de territoriale plannen voor een rechtvaardige transitie, bedoeld in artikel 11 van de JTF-verordening tot stand worden gebracht; – samenwerkingsverband: overeengekomen samenwerking die geen rechtspersoonlijkheid bezit, bestaand uit ten minste twee niet in een groep verbonden partijen, die is opgericht ten behoeve van de uitvoering van projectactiviteiten, niet zijnde een vennootschap. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 1.2 — Artikel 1.2 Doel en reikwijdte#
Artikel 1.2 Doel en reikwijdte 1 Het doel van deze regeling is het bijdragen aan het behalen van de doelstelling van het fonds, bedoeld in de artikelen 1, 2 en 3 van de JTF-verordening door middel van het verstrekken van subsidie. 2 Deze regeling is van toepassing op het verstrekken van subsidie ter uitvoering van de JTF-verordening voor activiteiten die voortkomen uit het Programma JTF 2021–2027. 3 Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS Deis niet van toepassing op subsidieverlening op grond van deze regeling. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.3 — Artikel 1.3 Delegatie EZK naar SZW#
Artikel 1.3 Delegatie EZK naar SZW hoofdstuk 9 De Minister van EZK delegeert zijn bevoegdheid tot uitvoering van deze regeling, met uitzondering van, aan de Minister van SZW. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.4 — Artikel 1.4 Subsidieverstrekking#
Artikel 1.4 Subsidieverstrekking 1 De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie voor activiteiten ter uitvoering van het Programma JTF 2021–2027. 2 De Minister van SZW legt de rechtvaardiging en de gronden waarop de rechtvaardiging berust neer in een document dat hij in zijn administratie bewaart en dat beschikbaar en raadpleegbaar is indien een subsidieverstrekking staatssteun kan opleveren en deze kan worden gerechtvaardigd door: 1°. de de-minimisverordening; of 2°. de artikelen 14, 15, 17, 18, 21, 22, 25, 26, 27, 28, 29, 30, 31, 32, 33, 34, 35, 36, 36bis, 36ter, 38, 38bis, 38ter, 39, 41, 42, 43, 45, 46, 47, 48, 49, 52, 53, 56, 56ter en 56quater van de Algemene groepsvrijstellingsverordening. 3 hoofdstukken 2 tot en met 8 De subsidieaanvrager dient een subsidieaanvraag in door middel van een door de Minister van SZW vastgesteld elektronisch formulier, dat beschikbaar is op een in elk van devermelde website. 4 Subsidie als bedoeld in het eerste lid kan worden verstrekt in de vorm van een bijdrage aan een financieringsinstrument. 5 Indien aanvragers van subsidie samenwerken in een samenwerkingsverband, dient de penvoerder namens hen de subsidieaanvraag in. 6 Indien de Europese Commissie op het tijdstip van subsidieverlening nog niet heeft ingestemd met het Programma JTF 2021–2027, wordt de subsidie, bedoeld in het eerste lid, verleend onder de voorwaarde dat de Europese Commissie instemt met dat programma. 7 Indien de Europese Commissie niet instemt met het programma zoals voorgelegd, kan de Minister van SZW de subsidieverlening aanpassen aan het gewijzigde Programma JTF 2021–2027, dat door de Europese Commissie overeenkomstig artikel 23, vierde lid, van de GB-verordening is goedgekeurd. 8 Indien de Europese Commissie op het tijdstip van subsidieverlening nog niet heeft ingestemd met de definitieve toewijzing van het flexibiliteitsbedrag voortvloeiend uit artikel 18 van de GB-verordening of de programmawijziging voortvloeiend uit artikel 24 van de GB-verordening, wordt de subsidie, bedoeld in het eerste lid, verleend onder de voorwaarde dat de Europese Commissie instemt met de definitieve toewijzing van het flexibiliteitsbedrag of de programmawijziging. 9 In geval van het niet vervullen van de voorwaarde, bedoeld in het achtste lid, kan de Minister van SZW de subsidieverlening aanpassen aan het gewijzigde Programma JTF 2021–2027, dat de instemming van de Europese Commissie heeft verkregen. 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 05-06-2025
Artikel 1.5 — Artikel 1.5 Subsidieaanvrager#
Artikel 1.5 Subsidieaanvrager hoofdstukken 2 tot en met 8 Subsidieaanvrager als bedoeld in deze regeling is degene die als zodanig is aangewezen in de. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.6 — Artikel 1.6 Aanwijzing programma-autoriteiten#
Artikel 1.6 Aanwijzing programma-autoriteiten 1 Als beheerautoriteit als bedoeld in artikel 71, eerste lid, van de GB-verordening wordt aangewezen de Minister van SZW. 2 Als auditautoriteit als bedoeld in artikel 71, eerste lid, van de GB-verordening wordt aangewezen de Auditdienst Rijk van het Ministerie van Financiën. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.7 — Artikel 1.7 Gebiedsbepaling#
Artikel 1.7 Gebiedsbepaling 1 De uitvoering van het Programma JTF 2021–2027 vindt plaats ten behoeve van zes JTF-regio’s en past in het territoriale plan voor een rechtvaardige transitie, bedoeld in artikel 11 van de JTF-verordening, voor de desbetreffende regio. 2 De in het eerste lid bedoelde JTF-regio’s zijn: a. Groningen-Emmen, bestaande uit: 1°. het NUTS-3 gebied Delfzijl en omgeving; 2°. het NUTS-3 gebied Oost-Groningen; 3°. het NUTS-3 gebied Overig Groningen; en 4°. de gemeente Emmen; b. IJmond, bestaande uit het NUTS-3 gebied IJmond; c. Groot-Rijnmond, bestaande uit het NUTS-3 gebied Groot-Rijnmond; d. West Noord-Brabant, bestaande uit het NUTS-3 gebied West Noord-Brabant; e. Zeeuws-Vlaanderen, bestaande uit: 1°. het NUTS-3 gebied Zeeuws-Vlaanderen; 2°. de gemeente Borsele; en 3°. de gemeente Vlissingen; f. Zuid-Limburg, bestaande uit het NUTS-3 gebied Zuid-Limburg. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.8 — Artikel 1.8 Aanwijzing intermediaire instanties#
Artikel 1.8 Aanwijzing intermediaire instanties 1 Voor de uitvoering van het deel van het Programma JTF 2021–2027 dat de JTF-regio Groningen-Emmen betreft, wordt als intermediaire instantie aangewezen het dagelijks bestuur van het Samenwerkingsverband Noord-Nederland. 2 Voor de uitvoering van het deel van het Programma JTF 2021–2027 dat de JTF-regio’s IJmond en Groot-Rijnmond betreft, wordt als intermediaire instantie aangewezen het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Rotterdam. 3 Voor de uitvoering van het deel van het Programma JTF 2021–2027 dat de JTF-regio’s West Noord-Brabant, Zeeuws-Vlaanderen en Zuid-Limburg betreft, wordt als intermediaire instantie aangewezen Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.9 — Artikel 1.9 Mandaatverlening door de Minister van SZW#
Artikel 1.9 Mandaatverlening door de Minister van SZW 1 hoofdstukken 1 tot en met 8 van deze regeling De Minister van SZW verleent bij besluit aan onder hem ressorterende ambtenaren en aan intermediaire instanties mandaat, volmacht en machtiging om in het kader van de uitvoering van de: a. besluiten te nemen, privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten en handelingen te verrichten die een privaatrechtelijke rechtshandeling noch een besluit zijn; b. te beslissen op bezwaarschriften; en c. in rechte op te treden en tegen rechterlijke uitspraken hoger beroep of cassatie in te stellen, dan wel af te zien van hoger beroep of cassatie. 2 Een gemandateerde als bedoeld in het eerste lid is in het kader van de uitvoering van deze regeling bevoegd tot het verlenen van ondermandaat aan bij hem werkzame functionarissen. 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 24-02-2023
Artikel 1.10 — Artikel 1.10 Openstelling#
Artikel 1.10 Openstelling 1 De Minister van SZW kan op grond van deze regeling uitsluitend subsidie verstrekken, indien de mogelijkheid tot het doen van een subsidieaanvraag is opengesteld door vaststelling van een subsidieplafond en een periode voor indiening van de aanvraag. 2 hoofdstukken 2 tot en met 8 In deworden subsidietitels opgenomen voor de individuele JTF-regio’s en voor JTF-regio-overstijgende subsidies, waarin specifieke openstellingen, de aard van de activiteiten waarvoor subsidie kan worden verleend en eventuele aanvullende voorwaarden worden geregeld. 3 De Ministers kunnen verschillende subsidieplafonds vaststellen voor verschillende activiteiten of categorieën van aanvragers, delen van JTF-regio’s en voor een of meer financieringsinstrumenten. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.11 — Artikel 1.11 Subsidiabele kosten#
Artikel 1.11 Subsidiabele kosten 1 Voor zover zij direct verbonden zijn met de uitvoering van activiteiten als bedoeld in artikel 8 van de JTF-verordening, zijn de volgende kosten subsidiabel: a. loonkosten inclusief overheadkosten; b. loonverletkosten; c. kosten van door een subsidieontvanger verrichte eigen arbeid; d. bijdragen in natura als bedoeld in artikel 67, eerste lid, van de GB-verordening; e. afschrijvingskosten als bedoeld in artikel 67, tweede lid, van de GB-verordening; f. andere kosten waarvoor een factuur of document met gelijkwaardige bewijskracht kan worden overgelegd; en g. fondskapitaal. 2 De loonverletkosten worden berekend door het aantal aan opleiding te besteden uren te vermenigvuldigen met een vast uurtarief van € 29,33. 3 Tenzij anders bepaald in deze regeling, komen vóór indiening van de subsidieaanvraag door de subsidieontvanger gemaakte kosten niet voor subsidie in aanmerking. 4 artikel 2 van de Wet op de omzetbelasting De subsidiabele kosten, bedoeld in het eerste lid, worden in aanmerking genomen met inbegrip van de btw, indien de subsidieontvanger de btw niet als belasting als bedoeld inin aftrek kan brengen. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025 01-07-2025
Artikel 1.12 — Artikel 1.12 Berekening loonkosten en eigen arbeid#
Artikel 1.12 Berekening loonkosten en eigen arbeid 1 De loonkosten, inclusief overhead, worden berekend: a. door het aantal aan het project te besteden uren te vermenigvuldigen met een vast uurtarief van € 60; b. als een vast percentage van een maandtarief van € 8.600 per werknemer, bij een voltijd dienstverband van 1.720 uur per jaar, of een evenredig deel daarvan bij een deeltijd dienstverband, overeenkomstig het vooraf vastgestelde vaste percentage van de tijd dat werknemers per maand aan het project hebben gewerkt en zonder verplichting om een afzonderlijk arbeidstijdregistratiesysteem op te zetten; of c. artikel 1.11, eerste lid, aanhef en onderdelen d, e en f door de kosten, bedoeld in, te vermenigvuldigen met 23 procent, onder de voorwaarden, genoemd in artikel 55, eerste lid, van de GB-verordening. 2 artikel 12, eerste lid, van het Kaderbesluit nationale EZK- en LNV-subsidies In afwijking van het eerste lid maken kennisinstellingen gebruik van een uurtarief berekend op basis van een door de Minister van EZK goedgekeurde integrale kostensystematiek als bedoeld in, indien zij daarover beschikken. Het gebruik van de integrale kostensystematiek is niet toegestaan indien binnen een project wordt gekozen voor de berekening van de loonkosten inclusief overhead, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c. 3 artikel 12, derde lid, van het Kaderbesluit nationale EZK- en LNV subsidies artikel 1.2, eerste lid, van de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies Indien op grond van het tweede lid gebruik wordt gemaakt van de integrale kostensystematiek, zijnen, van overeenkomstige toepassing. 4 De kosten van de door een subsidieontvanger verrichte eigen arbeid ten behoeve van het project worden berekend door het aantal uren dat de betrokken werknemer, werkzaam bij de subsidieontvanger, ten behoeve van het project heeft gewerkt te vermenigvuldigen met een vast uurtarief van € 60. 5 De subsidieontvanger stelt een document op met vermelding van de namen van de werknemers, bedoeld in het eerste lid, aanhef en onderdeel b, en het vaste percentage, bedoeld in dat onderdeel, waaruit akkoord blijkt van de werkgever en de werknemers, en houdt dat document beschikbaar in zijn administratie. 6 Indien een vast uurtarief wordt gehanteerd, kan het totale aantal voor een bepaald jaar te subsidiëren uren: a. indien gebruik wordt gemaakt een vast uurtarief als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, per werknemer niet meer bedragen dan 1.720 uren bij een voltijd dienstverband of een evenredig deel daarvan bij een deeltijd dienstverband; b. indien gebruik wordt gemaakt van een vast uurtarief als bedoeld in het vierde lid voor eigen arbeid, niet meer bedragen dan 1.720 uren. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025 01-07-2025
Artikel 1.13 — Artikel 1.13 Berekening loonkosten en eigen arbeid, met inbegrip van de overige subsidiabele kosten#
Artikel 1.13 Berekening loonkosten en eigen arbeid, met inbegrip van de overige subsidiabele kosten 1 artikel 1.12 artikel 1.11, eerste lid, aanhef en onderdelen a en c In afwijking vankunnen de kosten, bedoeld in, worden berekend met inbegrip van de kosten, bedoeld in de onderdelen d tot en met f van dat artikellid door: a. het aantal aan het project te besteden uren te vermenigvuldigen met een vast uurtarief van € 73; of b. als een vast percentage van een maandtarief van € 10.400 per werknemer bij een voltijd dienstverband van 1.720 uur per jaar, of een evenredig deel daarvan bij een deeltijd dienstverband, overeenkomstig het vaste percentage van de tijd dat de werknemer per maand aan het project heeft gewerkt, zonder de verplichting om een afzonderlijk arbeidstijdregistratiesysteem op te zetten. 2 De subsidieontvanger stelt een document op met vermelding van de namen van de werknemers, bedoeld in het eerste lid, aanhef en onderdeel b, en het vaste percentage, bedoeld in dat onderdeel, en houdt dat document beschikbaar in zijn administratie. 3 Indien een vast uurtarief, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, wordt gehanteerd, kan het totale aantal voor een bepaald jaar per werknemer gedeclareerde uren niet meer bedragen dan 1.720 uren bij een voltijd dienstverband of een evenredig deel daarvan bij een deeltijd dienstverband. 4 artikel 1.12, eerste lid De berekeningsmethoden, bedoeld in het eerste lid, kunnen binnen een project niet worden gehanteerd in combinatie met de berekeningsmethoden, bedoeld in. 5 artikel 1.12, tweede lid Indien een subsidieontvanger de integrale kostensystematiek, bedoeld in, hanteert binnen een project, kunnen de berekeningsmethoden, bedoeld in het eerste lid, gehanteerd worden door, indien van toepassing, de andere subsidieontvangers binnen hetzelfde project. 6 artikel 1.11, eerste lid, aanhef en onderdelen d tot en met f Indien de in het vijfde lid omschreven combinatie binnen een project wordt toegepast, kunnen de kosten, bedoeld in, niet apart worden toegerekend aan het project. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025 01-07-2025
Artikel 1.14 — Artikel 1.14 artikel 1.11, eerste lid, aanhef en onderdeel f Facturen voor kosten als bedoeld in, met een factuurbedrag van minder dan € 250, exclusief btw#
Artikel 1.14 artikel 1.11, eerste lid, aanhef en onderdeel f Facturen voor kosten als bedoeld in, met een factuurbedrag van minder dan € 250, exclusief btw 1 artikel 1.11, eerste lid, aanhef en onderdeel f De kosten, bedoeld in, komen niet in aanmerking voor subsidie, indien het factuurbedrag lager is dan € 250, exclusief btw. 2 artikel 1.11, eerste lid, aanhef en onderdeel f Bij subsidiëring van de kosten, bedoeld in, waarvoor een factuur wordt ingediend met een factuurbedrag van € 250 of meer, exclusief btw, wordt een opslag van 1 procent op het factuurbedrag toegepast, ter dekking van de kosten waarvoor op grond van het eerste lid geen facturen kunnen worden ingediend. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.15 — Artikel 1.15 Niet-subsidiabele kosten#
Artikel 1.15 Niet-subsidiabele kosten 1 Voor subsidie komen niet in aanmerkingen de kosten van activiteiten als bedoeld in artikel 9 van de JTF-verordening. 2 artikel 1.11, eerste lid Onverminderd de artikelen 64, eerste lid, en 66 van de GB-verordening, komen de volgende kosten in ieder geval niet in aanmerking als subsidiabele kosten als bedoeld in: a. administratieve en financiële sancties en boetes; b. winstopslagen binnen een groep of samenwerkingsverband; c. fooien en geschenken; d. representatiekosten en -vergoedingen; e. kosten van personeelsactiviteiten; f. kosten van overboekingen en annuleringen; g. gratificaties en bonussen; en h. kosten van outplacementtrajecten. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.16 — Artikel 1.16 Cumulatie#
Artikel 1.16 Cumulatie Onverminderd artikel 63, negende lid, van de GB-verordening, wordt, indien reeds door een bestuursorgaan of de Europese Commissie subsidie is verstrekt voor de subsidiabele kosten of een deel daarvan, slechts een zodanig bedrag aan subsidie verstrekt dat het totale bedrag aan subsidies niet meer bedraagt dan het bedrag dat volgens het toepasselijke Europese steunkader is toegestaan. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.17 — Artikel 1.17 Subsidieplafond en verdeling van subsidiebudgetten#
Artikel 1.17 Subsidieplafond en verdeling van subsidiebudgetten 1 Het maximaal beschikbare bedrag voor het verlenen van subsidie bedraagt voor het programma JTF 2021–2027 € 599.137.806. 2 Het maximaal beschikbare bedrag voor het verlenen van subsidie bedraagt: a. voor de JTF-regio Groningen-Emmen € 317.615.226; b. voor de JTF-regio IJmond € 56.304.516; c. voor de JTF-regio Groot-Rijnmond € 56.304.516; d. voor de JTF-regio West Noord-Brabant € 56.304.516; e. voor de JTF-regio Zeeuws-Vlaanderen € 56.304.516; en f. voor de JTF-regio Zuid-Limburg € 56.304.516. 3 artikel 1.10 De Minister van SZW verdeelt een subsidieplafond als bedoeld in: a. artikel 1.18 op volgorde van ontvangst van de aanvragen, overeenkomstig; of b. artikel 1.19 op volgorde van rangschikking naar geschiktheid, overeenkomstig. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.18 — Artikel 1.18 Volgorde van ontvangst#
Artikel 1.18 Volgorde van ontvangst 1 artikel 1.17, derde lid, onderdeel a Indien in deze regeling is bepaald dat verdeling van het subsidieplafond plaatsvindt op volgorde van ontvangst als bedoeld in, komt de eerst ontvangen aanvraag het eerst voor beoordeling van de subsidieaanvraag in aanmerking. 2 artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht Indien een aanvrager niet heeft voldaan aan enig wettelijk voorschrift voor het in behandeling nemen van de aanvraag en met toepassing vande gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, geldt met betrekking tot de verdeling de dag waarop de aanvraag voldoet aan de wettelijke voorschriften als datum van ontvangst. 3 Indien de Minister van SZW op de dag dat het subsidieplafond wordt bereikt meer dan één aanvraag ontvangt, stelt hij de onderlinge volgorde van die aanvragen vast door middel van loting. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.19 — Artikel 1.19 Rangschikking naar geschiktheid#
Artikel 1.19 Rangschikking naar geschiktheid 1 artikel 1.17, derde lid, onderdeel b Indien in deze regeling is bepaald dat verdeling van het subsidieplafond plaatsvindt op volgorde van rangschikking naar geschiktheid als bedoeld in, komt de hoogst gerangschikte aanvraag het eerst voor beoordeling van de subsidieaanvraag in aanmerking. 2 De Minister van SZW rangschikt de aanvragen waarop niet afwijzend is beslist hoger naarmate in totaal meer punten aan het project zijn toegekend. 3 Voor zover het subsidieplafond dreigt te worden overschreden, stelt de Minister van SZW de onderlinge rangschikking van de aanvragen die bij de beoordeling gelijk zijn gerangschikt vast door middel van loting. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.20 — Artikel 1.20 Beoordelingscriteria#
Artikel 1.20 Beoordelingscriteria 1 De Minister van SZW kent aan een project een hoger aantal punten toe naarmate: a. het project meer bijdraagt aan de doelstellingen van het Programma JTF 2021–2027; b. het project meer sociaaleconomisch integraal is; c. het technische en sociale innovatiegehalte van het project hoger is; d. het economisch of financieel toekomstperspectief hoger is; e. de kwaliteit van het projectplan beter is; of f. het project meer bijdraagt aan duurzame ontwikkeling en aan maatschappelijke-sociale impact. 2 artikel 1.10, tweede lid In een subsidietitel als bedoeld in, wordt bepaald welke van de criteria, genoemd in het eerste lid, worden gehanteerd bij de toekenning van punten. 3 In de desbetreffende subsidietitel wordt bepaald hoeveel punten per onderdeel van het eerste lid de Minister van SZW kan toekennen. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.21 — Artikel 1.21 Deskundigencommissies#
Artikel 1.21 Deskundigencommissies 1 De Minister van SZW stelt een deskundigencommissie in voor de: a. JTF-regio Groningen-Emmen; b. JTF-regio IJmond; c. JTF-regio Groot-Rijnmond; d. JTF-regio’s West-Noord-Brabant, Zeeuws-Vlaanderen en Zuid Limburg. 2 Een deskundigencommissie heeft tot taak de Minister van SZW op zijn verzoek te adviseren omtrent de inhoudelijke beoordeling van aanvragen om subsidie. 3 De adviezen van een deskundigencommissie gaan vergezeld van een deugdelijke motivering. 4 Een deskundigencommissie bestaat uit een voorzitter en ten minste drie leden die op voordracht van de intermediaire instantie worden benoemd en van wie de vergoeding wordt vastgesteld op grond van het Besluit vergoedingen adviescolleges en commissies. 5 In het benoemingsbesluit van de deskundigencommissie worden in elk geval de zittingsduur en de vergoedingen van de voorzitter en de leden vastgesteld. 6 Een deskundigencommissie stelt haar eigen werkwijze schriftelijk vast. 7 Een lid van een deskundigencommissie neemt geen deel aan de voorbereiding en vaststelling van een advies, indien dat lid een persoonlijk of zakelijk belang heeft bij de beschikking op de aanvraag, of een persoonlijk of zakelijk belang heeft bij de beschikking op een andere aanvraag in dezelfde onderlinge rangschikking. 8 Een lid van een deskundigencommissie kan op verzoek van de voorzitter van een andere deskundigencommissie, na overeenstemming tussen de voorzitters van de beide commissies en het betrokken lid, bij laatstgenoemde commissie worden ingeschakeld ten behoeve van een of meer adviseringstaken. 9 Het beheer van de bescheiden betreffende de werkzaamheden van een deskundigencommissie geschiedt op overeenkomstige wijze als bij het Ministerie van SZW. De bescheiden worden na beëindiging van de werkzaamheden van een deskundigencommissie bewaard in het archief van de betrokken Intermediaire Instantie. 10 Een deskundigencommissie verstrekt desgevraagd aan de Minister van SZW de voor de uitoefening van zijn taak benodigde inlichtingen. De Minister van SZW kan inzage vorderen van zakelijke gegevens en bescheiden, voor zover dat voor de vervulling van zijn taak redelijkerwijs nodig is. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.22 — Artikel 1.22 Subsidieaanvraag#
Artikel 1.22 Subsidieaanvraag 1 Een aanvraag voor subsidie op grond van deze regeling bevat ten minste: a. gegevens over de aanvrager, waaronder de naam, het post- en bezoekadres, het e-mailadres, het telefoonnummer, het rekeningnummer, en voor zover van toepassing het burgerservicenummer of het nummer waaronder de onderneming is geregistreerd bij de Kamer van Koophandel en gegevens over de contactpersoon bij de aanvrager; b. een projectplan; en c. voor zover van toepassing, een overzicht van de aan het samenwerkingsverband deelnemende partijen en de verdeling van verantwoordelijkheden, bevoegdheden en financiële verplichtingen van de partijen, alsmede een bewijsstuk waaruit blijkt dat de penvoerder bevoegd is om namens de partijen in het samenwerkingsverband te handelen en subsidie te ontvangen. 2 Het projectplan bevat in ieder geval: a. een begroting; b. een sluitend financieringsplan; c. een beschrijving van de aard en de omvang van de voorgenomen activiteiten; d. een beschrijving van de doelstelling, resultaten en producten die de subsidieaanvrager met de activiteiten nastreeft; e. een beschrijving van de wijze waarop de activiteiten zullen worden uitgevoerd, verantwoord en geadministreerd; f. de duur van de projectperiode; g. een beschrijving van de benodigde en beschikbare operationele en financiële capaciteit voor de uitvoering van de voorgenomen activiteiten; h. indien van toepassing, een beschrijving van de mijlpalen en tussentijdse momenten waarop besloten wordt over het al dan niet voortzetten van activiteiten van het project, inclusief output- en resultaatindicatoren en de voorziene risico’s; en i. indien het een aanvraag betreft die ziet op een of meer productieve investeringen in een grote onderneming, een analyse waaruit blijkt dat het verwachte banenverlies zonder de investering groter zou zijn dan het verwachte aantal gecreëerde banen. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.23 — Artikel 1.23 Beslissing op de aanvraag#
Artikel 1.23 Beslissing op de aanvraag 1 Indien het subsidieplafond wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst van de aanvragen, beslist de Minister van SZW binnen 26 weken na ontvangst van de aanvraag. 2 Indien het subsidieplafond wordt verdeeld op volgorde van rangschikking van de aanvragen, beslist de Minister van SZW binnen 26 weken na de laatste dag van de periode waarin aanvragen kunnen worden ingediend. 3 Indien de subsidie wordt verleend aan partijen in een samenwerkingsverband, verzendt de Minister van SWZ de beschikking tot subsidieverlening aan de penvoerder. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.24 — Artikel 1.24 Subsidieverlening en -vaststelling projecten minder dan € 200.000#
Artikel 1.24 Subsidieverlening en -vaststelling projecten minder dan € 200.000 1 Indien subsidie wordt aangevraagd voor projecten waarvan de totale kostprijs niet meer dan € 200.000 bedraagt, wordt de subsidie verleend met gebruikmaking van eenheidskosten of vaste bedragen als bedoeld in artikel 53, tweede lid, van de GB-verordening en kan de subsidie worden vastgesteld op basis van een ontwerpbegroting als bedoeld in artikel 53, derde lid, aanhef en onderdeel b, van de GB-verordening. 2 artikelen 1.12 1.13 Deenzijn niet van toepassing, indien de subsidie wordt verleend met gebruikmaking van het eerste lid. 3 artikelen 1.27 1.29 De Minister van SZW kan de subsidieaanvrager bij beschikking toestaan deengeheel of gedeeltelijk buiten toepassing te laten, indien de subsidie wordt verleend met gebruikmaking van het eerste lid. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.25 — Artikel 1.25 Afwijzingsgronden#
Artikel 1.25 Afwijzingsgronden artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht Onverminderdbeslist de Minister van SZW afwijzend op een aanvraag, indien: a. het project niet voldoende bijdraagt aan de verwezenlijking van de specifieke doelstellingen binnen het Programma JTF 2021–2027 of het gedeelte van het Programma JTF 2021–2027 waarvoor het deelplafond beschikbaar is gesteld; b. artikel 1.19 de aanvrager niet heeft voldaan aan enig wettelijk voorschrift voor het in behandeling nemen van de aanvraag op de uiterste datum van indiening in het geval van verdeling als bedoeld in; c. de subsidieverlening in strijd is met de GB-verordening of JTF-verordening; d. de subsidieverlening niet voldoet aan de bij deze regeling gestelde regels of in strijd is met wettelijke bepalingen rond subsidieverstrekking; e. de Minister van SZW door toewijzing niet zou voldoen aan een van de verplichtingen, gesteld in artikel 73 van de GB-verordening; f. de subsidieverstrekking zou leiden tot een overschrijding van het de-minimisplafond of de aanmeldingsdrempel, bedoeld in het toepasselijke Europese steunkader; g. de subsidieverstrekking zou leiden tot een overschrijding van de maximale steunintensiteit, die van toepassing is op de specifieke steuncategorie, bedoeld in het toepasselijke Europese steunkader; h. niet voldaan wordt aan de eisen inzake stimulerend effect, bedoeld in het toepasselijke Europese steunkader; i. de subsidie bestemd is voor een onderneming in moeilijkheden als bedoeld in het toepasselijke Europese steunkader, tenzij het op grond van het toepasselijke Europese steunkader is toegestaan aan een onderneming in moeilijkheden subsidie te verlenen; j. de aanvrager een ondernemer is tegen wie een bevel tot terugvordering uitstaat als bedoeld in het toepasselijke Europese steunkader; k. artikel 1.20 na toepassing vanaan een project minder dan 70 punten zijn toegekend; of l. artikel 1.20 na toepassing vanvoor een of meer van de op basis van artikel 1.20, derde lid, voor die subsidietitel gehanteerde criteria minder dan de helft van de mogelijke punten is toegekend. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.26 — Artikel 1.26 Verplichtingen subsidieontvanger#
Artikel 1.26 Verplichtingen subsidieontvanger 1 De subsidieontvanger of, indien subsidieontvangers samenwerken in een samenwerkingsverband, de penvoerder doet onverwijld schriftelijk mededeling aan de Minister van SZW van de indiening bij de rechtbank van een verzoek tot het op hem van toepassing verklaren van de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen, tot verlening van surseance van betaling aan hem of tot faillietverklaring van hem. 2 De subsidieontvanger voert de activiteiten uit overeenkomstig de subsidieverleningsbeschikking. 3 De subsidieontvanger of, indien subsidieontvangers samenwerken in een samenwerkingsverband, de penvoerder doet onverwijld schriftelijk melding aan de Minister van SZW zodra aannemelijk is dat: a. de activiteiten waarvoor subsidie is verleend niet, niet tijdig of niet geheel zullen worden verricht; b. niet, niet tijdig of niet geheel aan de aan de beschikking tot subsidieverlening verbonden verplichtingen zal worden voldaan; of c. de subsidiabele kosten wezenlijk afwijken van de begroting. 4 Een wijziging van een project waarvoor subsidie wordt verstrekt, of afwijking van de subsidieverleningsbeschikking behoeft de goedkeuring van de Minister van SZW, indien de wijziging of afwijking betreft: a. de subsidieontvanger; b. de activiteiten; c. de te realiseren doelstellingen; d. de financiering van het project; of e. de planning of looptijd. 5 Indien de subsidieontvanger subsidie aanwendt voor het verlenen van een opdracht waarbij de totale kosten bij één opdrachtnemer hoger zullen zijn dan € 70.000, toont hij de marktconformiteit van de beprijzing van de opdracht aan. 6 De Minister van SZW kan op verzoek van de subsidieontvanger of de penvoerder ontheffing verlenen van de verplichting, bedoeld in het vijfde lid. Aan de ontheffing kunnen voorschriften worden verbonden. 7 artikel 1.1 van de Aanbestedingswet 2012 Het vijfde lid is niet van toepassing als de subsidieontvanger die subsidie wil aanwenden voor het verlenen van een opdracht een aanbestedende dienst is als bedoeld in. 8 Aanbestedingswet 2012 artikel 2.130 van de Aanbestedingswet 2012. Indien het zevende lid van toepassing is en de subsidieontvanger een opdracht verleent naar aanleiding van een op grond van deverplichte aanbesteding, stelt de subsidieontvanger of de penvoerder de Minister van SZW op de hoogte van de gevolgde procedure en de gunningsbeslissing, overeenkomstig 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025 01-07-2025 Abusievelijk is een wijziging geformuleerd die niet kan worden doorgevoerd.
Artikel 1.27 — Artikel 1.27 Administratievoorschriften#
Artikel 1.27 Administratievoorschriften 1 De subsidieontvanger houdt een inzichtelijke en controleerbare administratie bij met betrekking tot de uitvoering van het project en de in verband daarmee gemaakte kosten en gerealiseerde opbrengsten. Deze administratie bestaat uit een projectadministratie en een financiële administratie waarin alle noodzakelijke gegevens tijdig, juist en volledig zijn vastgelegd en ten behoeve van de vaststelling van de subsidiabiliteit zijn te verifiëren met bewijsstukken. 2 De volledige administratie is per project voor controle beschikbaar op een voor de Minister van SZW vrij toegankelijke locatie. 3 De projectadministratie geeft inzicht in de geplande en gerealiseerde prestaties in termen van deelnemers dan wel in termen van geleverde producten of diensten. 4 De financiële administratie geeft inzicht in de subsidiabele kosten, de gerealiseerde opbrengsten en de wijze waarop deze kosten en opbrengsten aan het project worden toegerekend. 5 De administratie bevat bij activiteiten als bedoeld in artikel 8, onderdelen k, l, m en o, van de JTF-verordening tevens een deelnemersadministratie. De deelnemersadministratie bevat onder andere het burgerservicenummer van de deelnemers aan het project, geeft inzicht in de subsidiabiliteit van de activiteiten van de individuele deelnemer zelf en van de per individuele deelnemer behaalde resultaten. De deelnemersadministratie is beschikbaar, raadpleegbaar en verwerkbaar. 6 De subsidieontvanger verstrekt desgevraagd aan door de Minister van SZW dan wel door de Europese Commissie daartoe aangewezen instanties inzage in of informatie uit de administratie. Tevens verstrekt hij de voornoemde instanties desgevraagd informatie over de projecten, welke informatie voor monitoring en evaluatiedoeleinden gebruikt kan worden. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.28 — Artikel 1.28 Beschikbaarheid van bescheiden#
Artikel 1.28 Beschikbaarheid van bescheiden 1 Onverminderd de voorschriften voor staatssteun bewaart de subsidieontvanger alle administratieve bescheiden die betrekking hebben op het gesubsidieerde project tot ten minste 31 december 2035 dan wel tot een nader door de Minister van SZW aan de subsidieontvanger schriftelijk bekend te maken termijn. Indien de Europese Commissie, vanwege een gerechtelijke vervolging of een met redenen omkleed verzoek de bewaartermijn schorst, maakt de Minister van SZW de gevolgen voor de bewaartermijn, bedoeld in dit lid, in de Staatscourant bekend. 2 Van alle administratieve bescheiden wordt het origineel bewaard. Onverminderd artikel 82 van de GB-verordening kan hiervan worden afgeweken, indien het origineel wordt overgezet en bewaard op een andere gegevensdrager. Het overbrengen op een andere gegevensdrager geschiedt met juiste en volledige weergave van de gegevens en deze is de volledige bewaartermijn beschikbaar en kan binnen een redelijke tijd leesbaar worden gemaakt. 3 De administratie is zodanig ingericht en wordt zodanig gevoerd en bewaard, dat controle daarvan binnen een redelijke termijn mogelijk is. Daartoe verleent de subsidieontvanger de benodigde medewerking met inbegrip van het verschaffen van het benodigde inzicht in de opzet en de werking van de administratie. 4 De computersystemen die gebruikt worden voor documenten waarvan uitsluitend een elektronische versie bestaat, voldoen aan aanvaarde beveiligingsstandaarden die waarborgen dat de bewaarde documenten aan de nationale wettelijke eisen voldoen en dat er voor controledoeleinden op kan worden vertrouwd. 5 Alle administratieve bescheiden zijn beschikbaar voor de subsidieontvanger. De subsidieontvanger is en blijft verantwoordelijk voor een correcte opslag van alle administratieve bescheiden, ook als hij een derde met de opslag belast. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.29 — Artikel 1.29 Rapportageverplichtingen#
Artikel 1.29 Rapportageverplichtingen 1 Indien de periode van uitvoering van een project dat voor subsidie in aanmerking komt meer dan twaalf maanden in beslag neemt, wordt bij de beschikking tot subsidieverlening de verplichting opgelegd tot indiening van één of meer rapportages waarin de voortgang van het project wordt beschreven, waarbij rekening wordt gehouden met de mijlpalen van het project. 2 Bij activiteiten als bedoeld in artikel 8, onderdelen k, l, m en o, van de JTF-verordening, verstrekt de subsidieontvanger, onder gebruikmaking van het daartoe door de Minister van SZW elektronisch beschikbaar gestelde formulier en een door de Minister van SZW erkende elektronische handtekening, bij indiening van een rapportage als bedoeld in het eerste lid, aan de Minister van SZW het burgerservicenummer van de deelnemers aan zijn project. 3 Indien subsidieontvangers samenwerken in een samenwerkingsverband, dienen zij hun rapportages in via een penvoerder. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.30 — Artikel 1.30 Voorschotten vooruitlopend op te maken kosten#
Artikel 1.30 Voorschotten vooruitlopend op te maken kosten 1 Indien in deze regeling bepaald, kan de Minister van SZW op aanvraag voorschotten vooruitlopend op te maken kosten verlenen. 2 De subsidieaanvrager dient een aanvraag voor een voorschot in door middel van een door de Minister van SZW beschikbaar gesteld elektronisch formulier, dat beschikbaar is op een in elk van de hoofdstukken 2 tot en met 8 vermelde website. 3 Indien subsidieontvangers samenwerken in een samenwerkingsverband, dient de penvoerder namens hen de aanvraag tot het verlenen van een voorschot in. 4 Een voorschot vooruitlopend op te maken kosten kan maximaal 40 procent van de oorspronkelijk verleende subsidie bedragen. 5 De Minister van SZW beslist binnen 26 weken op een verzoek om een voorschot vooruitlopend op te maken kosten. 6 Indien subsidieontvangers samenwerken in een samenwerkingsverband, verzendt de Minister van SZW de beschikking tot voorschotverlening aan de penvoerder. 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 26-10-2024
Artikel 1.31 — Artikel 1.31 Bevoorschotting op basis van gerealiseerde projectactiviteiten#
Artikel 1.31 Bevoorschotting op basis van gerealiseerde projectactiviteiten 1 Indien in deze regeling bepaald, kan de Minister van SZW op aanvraag voorschotten op basis van gemaakte kosten verlenen, tenzij er sprake is van subsidieverlening op basis van een vast bedrag. 2 hoofdstukken 2 tot en met 8 De subsidieaanvrager dient een aanvraag voor een voorschot in door middel van een door de Minister van SZW beschikbaar gesteld elektronisch formulier, dat beschikbaar is op een in elk van devermelde website. 3 Indien subsidieontvangers samenwerken in een samenwerkingsverband, dient de penvoerder namens hen de aanvraag voor een voorschot in. 4 Het voorschot wordt verleend op basis van gerealiseerde kosten en betalingen. 5 Een aanvraag om een voorschot bevat een verslag omtrent de voortgang als bedoeld in artikel 1.29, eerste lid, en bevat voor zover van toepassing: a. bonnen en betaalbewijzen; b. bewijsstukken inzake de gemaakte personeelskosten; c. bewijsstukken inzake de gemaakte loonverletkosten; d. bewijsstukken inzake geleverde inbreng in natura; e. bewijsstukken inzake afschrijvingskosten; f. bewijsstukken ten aanzien van de realisatie van de activiteit. 6 Tenzij in deze regeling of de beschikking tot subsidieverlening anders is bepaald heeft de aanvraag om een voorschot betrekking op maximaal 100 procent van de verleende subsidie. 7 De Minister van SZW betaalt binnen tachtig dagen na ontvangst van de aanvraag van een voorschot op de subsidie, de op dat moment bekende verschuldigde subsidie. 8 De betaling van het bedrag, bedoeld in het zevende lid, kan worden opgeschort, indien: a. de Minister van SZW een verzoek tot aanvulling van ontbrekende gegevens heeft gedaan; b. een onregelmatigheid in de aanvraag van een voorschot is geconstateerd; of c. de door de Europese Commissie tussentijds uitgekeerde bedragen niet toereikend zijn. 9 Indien subsidieontvangers samenwerken in een samenwerkingsverband, verzendt de Minister van SZW de beschikking tot voorschotverlening aan de penvoerder. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.32 — Artikel 1.32 Aanvraag subsidievaststelling#
Artikel 1.32 Aanvraag subsidievaststelling 1 De subsidieontvanger dient een aanvraag tot subsidievaststelling uiterlijk binnen dertien weken na afloop van de projectperiode in. Bij het verzoek tot vaststelling van de subsidie wordt een verantwoording en een einddeclaratie gevoegd. 2 Indien subsidieontvangers samenwerken in een samenwerkingsverband, dient de penvoerder namens hen de aanvraag tot subsidievaststelling in. 3 hoofdstukken 2 tot en met 8 De subsidieaanvrager dient een subsidieaanvraag in door middel van een door de Minister van SZW beschikbaar gesteld elektronisch formulier, dat beschikbaar is op een in devermelde website. 4 Bij een aanvraag tot subsidievaststelling wordt in voorkomend geval mededeling gedaan van andere inkomsten, waaronder subsidies, waarmee de activiteit waarop de subsidie betrekking heeft is gefinancierd. 5 De aanvraag tot subsidievaststelling bevat in ieder geval: a. gegevens over de subsidieontvanger, waaronder naam, adres en het door de minister toegekende referentienummer; en b. gegevens over de hoogte van de gemaakte en betaalde subsidiabele kosten. 6 Een aanvraag tot vaststelling van een subsidie voor de uitvoering van een project gaat vergezeld van: a. een inhoudelijk eindverslag; b. bewijsstukken ter onderbouwing van de gerapporteerde waarde of waarden voor de output- en resultaatindicatoren; c. een financieel verslag; en d. het burgerservicenummer van de deelnemers aan het project, bij activiteiten als bedoeld in artikel 8, tweede lid, onderdelen k, l, m en o, van de JTF-verordening. 7 Het inhoudelijk eindverslag, bedoeld in het zesde lid, onderdeel a, bevat ten minste: a. een beschrijving van de activiteiten die in het kader van het project zijn verricht; en b. een evaluatie van de mate waarin de activiteiten hebben bijgedragen aan de doelstellingen, omschreven in het projectplan dat onderdeel vormt van de beschikking tot subsidieverlening. 8 artikel 1.31 Indien een aanvraag tot vaststelling van een subsidie vergezeld gaat van een aanvraag van een voorschot als bedoeld in, zijn het zevende en achtste lid van dat artikel onverminderd van toepassing. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.33 — Artikel 1.33 Beslissing op aanvraag subsidievaststelling#
Artikel 1.33 Beslissing op aanvraag subsidievaststelling 1 De Minister van SZW geeft de beschikking tot subsidievaststelling binnen 26 weken na ontvangst van de aanvraag daartoe dan wel nadat de voor het indienen van de vaststellingsaanvraag geldende termijn is verstreken. 2 Indien subsidieontvangers samenwerken in een samenwerkingsverband, verzendt de Minister van SZW de beschikking tot subsidievaststelling aan de penvoerder. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.34 — Artikel 1.34 Betaling samenwerkingsverbanden#
Artikel 1.34 Betaling samenwerkingsverbanden Betalingen van subsidie en voorschotten daarop aan de penvoerder gelden als bevrijdende betalingen aan de partijen in het samenwerkingsverband. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.35 — Artikel 1.35 Wettelijke rente bij terugvordering#
Artikel 1.35 Wettelijke rente bij terugvordering artikel 4:57 van de Algemene wet bestuursrecht artikel 7 van de Kaderwet EZK- en LNV-subsidies artikel 7 van de Kaderwet SZW-subsidies artikel 120, eerste lid, van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek Indien toepassing wordt gegeven aan,,, of in geval van terugvordering op grond van de GB-verordening of de JTF-verordening, worden terug te vorderen bedragen vermeerderd met de wettelijke rente, bedoeld in, die wordt berekend over de periode vanaf de datum van het verstrijken van de termijn waarbinnen terugbetaling door de subsidieontvanger moet plaatsvinden en de datum van terugbetaling door de subsidieontvanger. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.36 — Artikel 1.36 Instandhouding activiteit#
Artikel 1.36 Instandhouding activiteit 1 artikel 4:49 van de Algemene wet bestuursrecht Indien subsidie wordt verstrekt voor een activiteit als bedoeld in artikel 65, eerste lid, van de GB-verordening, wordt de beschikking tot subsidievaststelling onverminderdingetrokken of ten nadele van de subsidieontvanger gewijzigd indien binnen vijf jaar te rekenen vanaf de datum van de laatste betaling door de bevoegde autoriteit aan de begunstigde van het vastgestelde subsidiebedrag of een deel daarvan, of in voorkomend geval binnen een in de voorschriften betreffende staatssteun gestelde termijn, een van de volgende gebeurtenissen op de activiteit van toepassing is: a. beëindiging of verplaatsing van een productiecapaciteit als bedoeld in artikel 65, eerste lid, onderdeel a, van de GB-verordening; b. eigendomsoverdracht van een infrastructuurvoorziening waardoor een onderneming of een overheidsinstantie een onrechtmatig voordeel behaalt als bedoeld in artikel 65, eerste lid, onderdeel b, van de GB-verordening; of c. een substantiële verandering in de aard, de doelstellingen of de uitvoeringsvoorwaarden van de activiteit waardoor de oorspronkelijke doelstellingen dreigen te worden ondermijnd als bedoeld in artikel 65, eerste lid, onderdeel c, van de GB-verordening. 2 Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op een activiteit als bedoeld in artikel 65, tweede lid, van de GB-verordening die is onderworpen aan een verplichting tot behoud van de investering krachtens de op die investering van toepassing zijnde voorschriften betreffende staatssteun. 3 De in het eerste lid vastgestelde termijn van vijf jaar wordt in geval van het behoud van investeringen of van door het mkb gecreëerde werkgelegenheid, verkort tot drie jaar. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.37 — Artikel 1.37 Publiciteit#
Artikel 1.37 Publiciteit 1 De subsidieontvanger draagt er zorg voor dat bij alle op het publiek gerichte voorlichtings- en publiciteitsmaatregelen duidelijk wordt gemaakt dat voor het project steun is verleend vanuit de Europese Unie, overeenkomstig de vereisten uit de GB-verordening. 2 De projectresultaten worden om niet beschikbaar gesteld aan de Ministers of door een van hen aangewezen derden, en de subsidieontvanger verleent medewerking aan door de Ministers georganiseerde publicitaire en voorlichtingsactiviteiten gericht op de media, potentiële deelnemers van projecten en het grote publiek. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.38 — Artikel 1.38 Evaluatie#
Artikel 1.38 Evaluatie De subsidieontvanger verleent aan door de Minister van SZW dan wel door de Europese Commissie daartoe aangewezen instanties medewerking aan het uitvoeren van onderzoek en evaluaties en het opstellen van evaluatierapporten met betrekking tot deze regeling, en draagt, indien het gesubsidieerde project niet in eigen beheer wordt uitgevoerd, er zorg voor dat de feitelijke uitvoerder van het project deze medewerking verleent. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 1.39 — Artikel 1.39 Intrekking en terugvordering#
Artikel 1.39 Intrekking en terugvordering 1 afdeling 4.2.6 van de Algemene wet bestuursrecht Onverminderdkan een beschikking tot subsidieverlening door de Minister van SZW geheel of gedeeltelijk worden ingetrokken, en kunnen op basis daarvan uitbetaalde bedragen worden teruggevorderd: a. indien het project wordt uitgevoerd in afwijking van de projectbeschrijving, waarop de subsidieverlening was gebaseerd; b. indien de doelstellingen van het project niet of slechts ten dele worden gerealiseerd; c. indien de subsidieontvanger niet of niet meer beschikt over de benodigde operationele en financiële capaciteit voor de uitvoering van de voorgenomen activiteiten; d. op een daartoe strekkend verzoek van de subsidieontvanger; e. indien anderszins in strijd wordt gehandeld met de GB-Verordening. 2 Gehele of gedeeltelijke intrekking van de beschikking tot subsidieverlening op grond van het eerste lid, onderdeel a, vindt niet plaats, indien de afwijking van het bij de subsidieaanvraag gevoegde projectbeschrijving vooraf aan de Minister van SZW is voorgelegd en de Minister van SZW daarmee schriftelijk heeft ingestemd. 3 De Minister van SZW kan het terug te vorderen bedrag verrekenen met een aan die subsidieontvanger in het kader van deze regeling verleende en nog te betalen subsidie. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 2.1.1 — Artikel 2.1.1 Begripsbepalingen#
Artikel 2.1.1 Begripsbepalingen titel In dezewordt verstaan onder: – business case: uitwerking van een investeringsplan; – capaciteit: door de duurzame bedrijfsuitrusting bepaalde, technisch maximale vermogen tot produceren per tijdseenheid; – committed termsheet: juridisch bindend document tussen onderneming en investeerder(s) met de voorwaarden van de investering; – diversificatieproject: een project dat de diversificatie inhoudt van de activiteit binnen een vestiging van de onderneming. De nieuwe activiteit mag niet dezelfde (of een vergelijkbare activiteit) zijn als de activiteit die eerder in de vestiging werd uitgeoefend; – duurzame bedrijfsuitrusting: een investering die wordt geactiveerd op de balans van de onderneming; Deze investering mag niet binnen twee jaar worden afgeschreven, tenzij de bedrijfsuitrusting willekeurig kan worden afgeschreven op grond van fiscale regelgeving; – gewaarmerkte uncommitted termsheet: niet juridisch bindend document tussen onderneming en investeerder(s) met daarin de belangrijkste voorwaarden om tot de investering te komen. De uncommitted termsheet gaat vooraf aan de committed termsheet; – groene waterstof: waterstof geproduceerd uit hernieuwbare bronnen zoals duurzame elektriciteit via elektrolyse of uit biogrondstoffen; – industriële onderneming: een in het handelsregister van de Kamer van Koophandel ingeschreven entiteit die als economische activiteit goederen vervaardigt uit halffabricaten en grondstoffen met inzet van personeel, duurzame productiemiddelen en hulpstoffen; – proces- en maakindustrie: ondernemingen die activiteiten uitoefenen onder de codering van NACE Rev.2, sectie C; – regionaal transitieplan: het territoriaal plan voor een rechtvaardige transitie voor JTF-regio Groningen, opgenomen als bijlage bij het nationaal JTF-programma 2021–2027; – regionale innovatiestrategie: de regionale innovatiestrategie voor slimme specialisatie (‘RIS3’) voor Noord-Nederland, zoals vastgesteld door de Colleges van gedeputeerde staten van de provincies Drenthe, Fryslân en Groningen en te vinden op de website van SNN; – sluitende financiering: financiering van een project dat kan bestaan uit eigen middelen van de onderneming, vreemd vermogen en gevraagde subsidie(s). In geval van (co)financiering door derde(n) kan de aanvrager dit laten zien door middel van juridisch bindende documentatie van die derde(n). Het totaal van deze financiering is gelijk aan de projectkosten; – SNN: Samenwerkingsverband Noord-Nederland, de intermediaire instantie voor JTF-regio Groningen; – stimulerend effect: stimulerend effect als bedoeld in artikel 6 van de Algemene groepsvrijstellingsverordening; – transformatieproject: een fundamentele wijziging van het volledige productieproces van een industrieel bedrijf; – uitbreidingsproject: een project dat de uitbreiding van de capaciteit inhoudt; het betreft een uitbreiding van een industrieel bedrijf, hoofdkantoor van een bedrijf, of laboratorium van een bedrijf in dezelfde gemeente als waarin al een bedrijf van de ondernemer of een bedrijf van een tot hetzelfde concern behorende ondernemer is gevestigd; – vestigingsproject: een project waar geen sprake is van een uitbreidingsproject, maar nieuwe economische activiteiten inhoudt voortkomende uit: 1. het stichten van een industrieel bedrijf; 2. het stichten van een hoofdkantoor of laboratorium; of 3. het nieuw vestigen van een locatie van een in onderdeel 1 of onderdeel 2 genoemd bedrijf; – werkingsgebied: artikel 1.7, tweede lid, onderdeel a de JTF-regio Groningen bedoeld in; – werkingsgebied voor regionale investeringssteun: het gebied binnen het werkingsgebied dat is opgenomen in de Regionale Steunkaart 2022–2027, zoals door de Europese Commissie goedgekeurd bij Steunmaatregel SA.100273 (2021/N). 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025 01-09-2025
Artikel 2.1.2 — Artikel 2.1.2 Doel subsidie#
Artikel 2.1.2 Doel subsidie 1 Het doel van de subsidie op grond van deze titel is transformatie en diversificatie van de regionale economie en arbeidsmarkt conform het regionaal transitieplan. Deze transformatie wordt gerealiseerd in de vorm van steun aan een investeringsproject in de proces- en maakindustrie of de scheepsbouw en de daarbij behorende scholing van nieuw of bestaand personeel in het werken binnen en met de te realiseren investeringen. Projecten waaraan op basis van deze titel subsidie wordt verleend, passen binnen: a. Spoor 1 en Spoor 2 voor de investeringen onder deze openstellingen; b. Spoor 3 voor de opleidingscomponent. 2 Aanvrager draagt met de investeringen in het project bij aan de ontwikkeling van één of meer nieuwe waardeketens of industriële ecosystemen binnen de vier transities die zijn opgenomen in de regionale innovatiestrategie: a. van een lineaire naar een circulaire economie; b. van fossiele naar hernieuwbare energie; c. van zorg naar duurzame gezondheid; of d. van analoog naar digitaal. 3 Een aanvrager draagt met de om- of bijscholing van bestaande of nieuwe werknemers in het project bij aan het versterken van de competenties en vaardigheden van bestaande en nieuwe werknemers, niet zijnde standaardwerkzaamheden. Deze competenties en vaardigheden hangen voor de werkgever samen met de inzetbaarheid van deelnemers in het werken met de investeringen. Deze competenties en vaardigheden zijn voor de deelnemers gericht op hun toekomstbestendige inzetbaarheid op de arbeidsmarkt binnen de vier transities, bedoeld in het derde lid. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025 01-09-2025
Artikel 2.1.3 — Artikel 2.1.3 Doelgroep#
Artikel 2.1.3 Doelgroep De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie aan een onderneming in de proces- en maakindustrie of de scheepsbouw voor projecten die worden uitgevoerd in het werkingsgebied en die passen binnen de kaders van deze regeling. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025 01-09-2025
Artikel 2.1.4 — Artikel 2.1.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 2.1.4 Subsidiabele activiteiten 1 Subsidie op basis van deze titel kan worden verstrekt voor: a. investeringen in duurzame bedrijfsuitrusting en daarbij behorende gebouwen; het gaat om een vestigingsproject van een industriële onderneming; b. investeringen in duurzame bedrijfsuitrusting en daarbij behorende gebouwen; het gaat om een uitbreidingsproject van een industriële MKB-onderneming; c. investeringen in duurzame bedrijfsuitrusting en daarbij behorende gebouwen; het gaat om een diversificatieproject van een industriële MKB-onderneming; d. investeringen in duurzame bedrijfsuitrusting en daarbij behorende gebouwen; het gaat om een transformatieproject van een industriële MKB-onderneming; e. bij- of omscholing en training van bestaand en nieuw personeel direct verbonden aan de realisatie, het doen en het gebruiken, respectievelijk het bedienen van de investeringen, bedoeld in de onderdelen a, b, c of d. 2 Projecten zijn gericht op toekomstbestendigheid van de economie door diversificatie langs de lijnen van de vier transities of op groen perspectief voor de industrie door transformatie naar groene productieprocessen in de industrie door het vervangen van fossiele grond- en brandstoffen. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025 01-09-2025
Artikel 2.1.5 — Artikel 2.1.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 2.1.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt: a. voor aanvragen voor projecten van grote ondernemingen € 21.000.000; b. voor aanvragen voor projecten van MKB-ondernemingen € 29.000.000. 2 Met ingang van 15 december 2023 worden de subsidieplafonds uit het eerste lid samengevoegd. Het samengevoegde subsidieplafond bedraagt € 58.000.000. 3 Voor aanvragen die voor 15 december 2023 zijn ingediend, geldt dat het subsidieplafond als samengevoegd kan worden beschouwd, voor zover daar geen andere aanvragen mee worden benadeeld die voor 15 december 2023 zijn ingediend. 4 titel Hoofdstuk 9 Indien in het subsidieplafond middelen uit Rijkscofinanciering zijn opgenomen, wordt een aanvraag onder dezeeveneens beschouwd als een aanvraag voor Rijkscofinanciering op grond van. 5 artikel 1.18 titel 2.1 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen, overeenkomstig. Daarbij worden aanvragen die zijn ingediend op grond van, zoals die luidde op 31 augustus 2025, geacht te zijn ingediend op grond van deze titel en worden na die datum ontvangen aanvragen op grond van deze titel in de volgorde achteraan geplaatst. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025 01-09-2025
Artikel 2.1.6 — Artikel 2.1.6 Aanvraagperiode#
Artikel 2.1.6 Aanvraagperiode 1 Een aanvraag kan worden ingediend in de periode van 23 januari 2023 tot en met 13 februari 2026 vóór 17.00 uur. 2 titel 2.1 Een volgens, zoals die luidde op 31 augustus 2025, tijdig ingediende aanvraag, wordt geacht tijdig te zijn ingediend op grond van deze titel. 3 https://www.jtf-webportal.nl/mijn/ www.snn.nl/ Aanvragen worden ingediend door middel van het door de Minister van SZW vastgestelde aanvraagformulier dat beschikbaar is viaof via. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025 01-09-2025
Artikel 2.1.7 — Artikel 2.1.7 Hoogte subsidie#
Artikel 2.1.7 Hoogte subsidie 1 Indien het project valt onder het werkingsgebied van de Regionale Steunkaart 2022–2027, bedoeld in artikelen 13 en 14 van de Algemene groepsvrijstellingsverordening, bedraagt de subsidie voor een: a. kleine onderneming maximaal 30 procent van de subsidiabele kosten; b. middelgrote onderneming maximaal 20 procent van de subsidiabele kosten; c. grote onderneming maximaal 10 procent van de subsidiabele kosten. 2 Indien het project niet valt onder het werkingsgebied van de Regionale Steunkaart 2022–2027 bedraagt de subsidie voor een: a. kleine onderneming maximaal 20 procent van de subsidiabele kosten; b. middelgrote onderneming maximaal 10 procent van de subsidiabele kosten. 3 De subsidie bedraagt voor opleidingskosten maximaal 50% van de subsidiabele kosten. 4 De subsidie voor investeringskosten in een project bedraagt maximaal € 8.250.000 per project. 5 De subsidie bedraagt niet meer dan de maximale steunruimte op basis van de Algemene groepsvrijstellingsverordening. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025 01-09-2025
Artikel 2.1.8 — Artikel 2.1.8 Subsidiabele kosten#
Artikel 2.1.8 Subsidiabele kosten 1 artikel 1.11 In afwijking vankomen uitsluitend de volgende kosten voor subsidie in aanmerking: a. voor kosten van investeringen: 1°. artikel 1.11, eerste lid, onderdeel f andere kosten als bedoeld in, voor gebouwen, nader bepaald als de koopsom en overdrachtskosten of de aan derden verschuldigde verbouwkosten, exclusief de financieringskosten en de overdrachtsbelasting, of ingeval van huurkoop of financial lease de aanschafwaarde; 2°. artikel 1.11, eerste lid, onderdeel f andere kosten als bedoeld in, voor duurzame bedrijfsuitrusting, nader bepaald als de koopsom, of ingeval van huurkoop of financial lease de aanschafwaarde; b. kosten voor investeringen als bedoeld in onderdeel a komen uitsluitend voor subsidie in aanmerking voor zover: 1°. deze zijn geactiveerd op de balans; 2°. niet hoger zijn dan de taxatiewaarde; 3°. artikelen 3.31 tot en met 3.35 van de Wet op de inkomstenbelasting 2001 niet binnen twee jaar worden afgeschreven, tenzij het duurzame bedrijfsuitrusting is die met toepassing van deis aangewezen; c. voor kosten van bij- en omscholing: 1°. artikel 1.11, eerste lid, onderdeel f andere kosten voor opleiding en training als bedoeld in; 2°. artikel 1.11, eerste lid, onderdeel b in geval van opleiding en training voor competenties en vaardigheden niet zijnde standaardwerkzaamheden: loonkosten inclusief overhead als bedoeld in, voor de uren die medewerkers in dienst van de aanvrager deelnemen aan bij- en omscholing. 2 artikel 1.15 In aanvulling opkomen de volgende kosten niet voor subsidie in aanmerking: a. investeringen in bedrijfsgebouwen of duurzame bedrijfsuitrusting die de subsidieontvanger heeft gekregen van een natuurlijk persoon of rechtspersoon die tot hetzelfde concern behoort; b. investeringen in niet permanent op de bedrijfslocatie aanwezige duurzame bedrijfsuitrusting; c. artikel 365 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek immateriële vaste activa als bedoeld in; d. zelfstandige investeringen in gebouwgebonden duurzame energie-opwekkers; e. kosten van investeringen waarvoor onomkeerbare verplichtingen zijn aangegaan voor ontvangst van de aanvraag; f. kosten van training en opleiding waarvoor verplichtingen zijn aangegaan voor ontvangst van de aanvraag. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025 01-09-2025
Artikel 2.1.9 — Artikel 2.1.9 Starttermijn en looptijd#
Artikel 2.1.9 Starttermijn en looptijd 1 titel Met de uitvoering van de op grond van dezegesubsidieerde projecten wordt gestart binnen zes maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking. 2 Wanneer ten tijde van het indienen van de aanvraag benodigde vergunningen nog niet zijn verleend, wordt de subsidie verleend onder de opschortende voorwaarde dat alle benodigde vergunningen uiterlijk zes maanden na datum verleningsbeschikking zijn verkregen. 3 Wanneer ten tijde van het indienen van de aanvraag de benodigde financiering nog niet is zeker gesteld kan de subsidie worden verleend onder de opschortende voorwaarde dat de financiering uiterlijk zes maanden na datum verleningsbeschikking is zeker gesteld. 4 De uitvoering van het project is binnen 36 maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking voltooid. 5 Op verzoek van de subsidieontvanger kan de Minister van SZW de termijn, bedoeld in het eerste, tweede, derde lid of vierde lid verlengen. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025 01-09-2025
Artikel 2.1.10 — Artikel 2.1.10 Afwijzingsgronden#
Artikel 2.1.10 Afwijzingsgronden artikel 1.25 Onverminderdbeslist de Minister van SZW afwijzend op een aanvraag, indien: a. artikel 1.20 na toepassing vanaan een project minder dan 70 punten zijn toegekend; b. artikel 1.20 na toepassing vanaan een project een beoordeling is toegekend lager dan 80 procent op onderdeel a van artikel 1.20, eerste lid; c. artikel 1.20 na toepassing vanaan een project een beoordeling is toegekend lager dan 50 procent op onderdelen b, d, en f van artikel 1.20, eerste lid; d. artikel 1.20 na toepassing vanaan een project een beoordeling is toegekend lager dan 100 procent op onderdeel e van artikel 1.20, eerste lid; e. de totale subsidiabele kosten van het project minder bedragen dan € 2.500.000; f. de financiering van het project niet uiterlijk zes maanden na afgifte van de verleningsbeschikking aantoonbaar is. In het geval van financiering door derde(n) wordt juridisch bindende documentatie aangeleverd; g. de activiteiten gericht zijn op industriële dienstverlening, energieproductie of waterstofproductie ten behoeve van energieopwekking; h. de activiteiten gericht zijn op productie van biobrandstoffen waarvoor een bijmengverplichting reeds langer dan twee jaar van kracht is; i. de activiteiten gericht zijn op hergebruik van producten, afvalstoffen en/of grondstoffen, waarbij er geen sprake is van een hoogwaardige toepassing of wanneer er sprake is van het opwerken van afval uitsluitend ten behoeve van export; j. de onderneming geen financiële bijdrage levert uit eigen middelen van ten minste 25 procent van de subsidiabele kosten; k. als gevolg van het project het aantal arbeidsplaatsen bij de aanvrager afneemt; l. de financiering van het project, met uitzondering van de gevraagde subsidie, niet aantoonbaar sluitend is; m. de verhouding tussen eigen vermogen en vreemd vermogen, gezien de rentabiliteit en de aard van het bedrijf, naar oordeel van de Minister van SZW niet aanvaardbaar zal zijn nadat na uitvoering van het project de bedrijfsactiviteiten zijn gestart; n. er onvoldoende vertrouwen is in de technische of economische haalbaarheid van het project; o. het project niet voldoet aan het principe van Do no significant harm door ontbreken van overtuigend zicht op het ontvangen van alle noodzakelijke vergunningen; p. de analyse waaruit blijkt dat het verwachte banenverlies zonder de investering groter zou zijn dan het verwachte aantal gecreëerde banen niet goedgekeurd wordt. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025 01-09-2025
Artikel 2.1.11 — Artikel 2.1.11 Beoordelingscriteria#
Artikel 2.1.11 Beoordelingscriteria 1 artikel 1.20 Projecten worden beoordeeld door het toekennen van punten op de zes criteria bedoeld in het. De weging van de zes criteria is: a. de mate waarin het project meer bijdraagt aan de doelstellingen van het Programma JTF 2021–2027: 25 punten; b. de mate waarin het project meer sociaaleconomisch integraal is: 25 punten; c. de mate waarin het technische en sociale innovatiegehalte hoger is: 0 punten; d. de mate waarin het economisch of financieel toekomstperspectief hoger is: 25 punten; e. de mate waarin de kwaliteit van het projectplan beter is: 5 punten; f. de mate waarin het project meer bijdraagt aan duurzame ontwikkeling en aan maatschappelijke-sociale impact: 20 punten. 2 artikel 1.20 bijlage 1 Voor de toepassing van, eerste lid, geldt de tabel die is opgenomen alsbij deze regeling. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025 01-09-2025
Artikel 2.1.12 — Artikel 2.1.12 Voorschot#
Artikel 2.1.12 Voorschot 1 De Minister van SZW verleent op aanvraag vooruitlopend op realisatie van de projectactiviteiten een voorschot van 20 procent van de verleende subsidie. 2 De Minister van SZW kan onderbouwd afwijken van de in het eerste lid genoemde verstrekking van het voorschot. In ieder geval wordt geen voorschot verleend wanneer de verleningsbeschikking een of meer opschortende of ontbindende voorwaarden bevat. 3 artikel 1.31 De Minister van SZW verleent op aanvraag opvolgende voorschotten op basis van gemaakte en betaalde kosten. Het voorschot bedraagt de in de rapportage verantwoorde gemaakte en betaalde subsidiabele kosten, vermenigvuldigd met het toegestane subsidiepercentage, bedoeld in. 4 artikel 1.31, zesde lid In afwijking van, bedragen de voorschotten in totaal maximaal 80 procent van het verleende subsidiebedrag. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025 01-09-2025
Artikel 2.1.13 — Artikel 2.1.13 Subsidieaanvraag#
Artikel 2.1.13 Subsidieaanvraag 1 artikel 1.22 In aanvulling op hetbevat een aanvraag voor subsidie ten minste: a. een volledig ingevuld aanvraagformulier; b. de in het aanvraagformulier genoemde documenten, waarvoor door het SNN aangeleverde vaste formats worden gebruikt inclusief daaraan verbonden voorschriften. 2 artikel 1.22 Voor het door de Minister van SZW vastgestelde format voor het projectplan bedoeld in, eerste lid, onderdeel b, en tweede lid, geldt het maximumaantal pagina’s. Een aanvraag die hieraan niet voldoet wordt afgewezen. 3 https://www.jtf-webportal.nl/mijn/ De aanvraag wordt ingediend met gebruikmaking van het digitale aanvraagformulier via de link. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025 01-09-2025
Artikel 2.1.14 — Artikel 2.1.14 Staatssteun#
Artikel 2.1.14 Staatssteun artikel 1.4, tweede lid De subsidie bevat staatssteun en wordt gerechtvaardigd overeenkomstig. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025 01-09-2025
Artikel 2.1.15 — Artikel 2.1.15 Vervaltermijn#
Artikel 2.1.15 Vervaltermijn bijlage 1 Deze titel envervallen met ingang van 31 december 2027, met dien verstande dat deze titel van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025 01-09-2025
Artikel 2.2.1 — Artikel 2.2.1 Begripsomschrijvingen#
Artikel 2.2.1 Begripsomschrijvingen 1 In deze titel wordt verstaan onder: – kennisontwikkelingsproject: project dat zich richt op kennisontwikkeling, zijnde een onderzoeksproject of een andersoortig project waarin kennisontwikkeling centraal staat; – RIS3 2021–2027: Research & Innovation Strategy for Smart Specialization Noord-Nederland. Dit is het document waarin de innovatiestrategie voor Noord-Nederland voor de periode 2021–2027 is uiteengezet; – SNN: Samenwerkingsverband Noord-Nederland, de intermediaire instantie voor JTF-regio Groningen; – transities: de transities zoals beschreven in hoofdstuk 1.4 van de RIS3 2021–2027; – valorisatieproject: innovatietraject gericht op ontwikkeling van nieuwe producten, concepten, technologieën en diensten, of het testen van innovatieve toepassingen in de praktijkomgeving gericht op valorisatie van nieuwe technieken. 2 artikel 1.1 In afwijking vanwordt verstaan onder: – productieve investering: een investering in vaste of immateriële activa die hoofdzakelijk wordt aangewend voor de productie van goederen die aan derden verkocht worden of in het eigen productieproces worden verbruikt. 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 02-06-2023
Artikel 2.2.2 — Artikel 2.2.2 Doel subsidie#
Artikel 2.2.2 Doel subsidie Een project waaraan op basis van deze titel subsidie wordt verleend past binnen Spoor 1 en Spoor 2 van het TJTP. Het project draagt bij aan de transformatie en diversificatie van de regionale economie. Dit kan door het stimuleren van de ontwikkeling van nieuwe duurzame waardenketens of innovaties langs de lijnen van de RIS3, zoals de (versnelde) omschakeling naar groene grondstoffen, duurzame waterstof en circulariteit. 2022 34292 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259006 2022 34292 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259006 30-12-2022
Artikel 2.2.3 — Artikel 2.2.3 Doelgroep#
Artikel 2.2.3 Doelgroep De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie voor een valorisatie-, of kennisontwikkelingsproject aan: a. een natuurlijke ondernemingsvorm; b. een rechtspersoon; of c. een partij in een samenwerkingsverband van natuurlijke- of rechtspersonen. 2022 34292 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259006 2022 34292 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259006 30-12-2022
Artikel 2.2.4 — Artikel 2.2.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 2.2.4 Subsidiabele activiteiten Subsidie op basis van deze titel kan worden verstrekt voor het uitvoeren van een valorisatie-, of een kennisontwikkelingsproject binnen minimaal één van de vier RIS transities. 2022 34292 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259006 2022 34292 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259006 30-12-2022
Artikel 2.2.5 — Artikel 2.2.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 2.2.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt € 28.568.000. 2 artikel 1.18 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen, overeenkomstig. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 2.2.6 — Artikel 2.2.6 Aanvraagperiode#
Artikel 2.2.6 Aanvraagperiode 1 Een aanvraag kan worden ingediend in de periode vanaf 23 januari 2023 tot en met 29 september 2023. 2 Een aanvraag kan worden ingediend vanaf 09.00 uur op de in het eerste lid genoemde startdatum en is tijdig ingediend indien zij op de in het eerste lid genoemde einddatum vóór 17.00 uur is ontvangen. 3 https://www.jtf-webportal.nl/mijn/ www.snn.nl Aanvragen worden ingediend door middel van het door de Minister van SZW vastgestelde aanvraagformulier dat beschikbaar is viaof via/. 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 02-06-2023
Artikel 2.2.7 — Artikel 2.2.7 Hoogte subsidie#
Artikel 2.2.7 Hoogte subsidie 1 De subsidie bedraagt 30% van de subsidiabele kosten bij een valorisatieproject. 2 De subsidie bedraagt 40% van de subsidiabele kosten bij een kennisontwikkelingsproject. 3 De subsidie wordt met 10 procentpunten verhoogd indien het project daadwerkelijke samenwerking betreft, inhoudende: a. een samenwerkingsverband opgericht ten behoeve van de uitvoering van dit project, waarbij geen van de individuele aanvragers meer dan 70% van de in aanmerking komende kosten voor haar rekening neemt; of b. een samenwerkingsverband tussen een onderneming en één of meer organisaties voor onderzoek en kennisverspreiding, waarbij deze organisaties ten minste 10% van de in aanmerking komende kosten dragen en het recht hebben hun eigen onderzoeksresultaten te publiceren. 4 De subsidie bedraagt niet meer dan de maximale steunruimte op basis van de artikelen 25, 27, 28 en 29 van de Algemene Groepsvrijstellingsverordening. 5 De subsidie bedraagt minimaal € 1.000.000 per project. 6 De subsidie bedraagt maximaal € 4.000.000 per project en maximaal € 2.500.000 per projectpartner. 2022 34292 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259006 2022 34292 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259006 30-12-2022
Artikel 2.2.8 — Artikel 2.2.8 Subsidiabele kosten#
Artikel 2.2.8 Subsidiabele kosten De kosten van productieve investeringen zijn niet subsidiabel. 2022 34292 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259006 2022 34292 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259006 30-12-2022
Artikel 2.2.9 — Artikel 2.2.9 Looptijd#
Artikel 2.2.9 Looptijd Uiterlijk 30 november 2026 dienen alle projectactiviteiten volledig ten uitvoer te zijn gebracht. 2022 34292 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259006 2022 34292 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259006 30-12-2022
Artikel 2.2.10 — Artikel 2.2.10 Afwijzingsgronden#
Artikel 2.2.10 Afwijzingsgronden artikel 1.25 Onverminderdbeslist de Minister van SZW afwijzend op een aanvraag indien: a. onvoldoende vertrouwen bestaat in de technische of economische haalbaarheid van het project; b. door een aanvrager niet voldoende aannemelijk is gemaakt dat het project financieel, ruimtelijk of anderszins, obstakelvrij is; of c. niet aannemelijk is dat alle projectactiviteiten van het project uiterlijk 30 november 2026 volledig ten uitvoer kunnen zijn gebracht. 2022 34292 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259006 2022 34292 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259006 30-12-2022
Artikel 2.2.11 — Artikel 2.2.11 Beoordelingscriteria#
Artikel 2.2.11 Beoordelingscriteria 1 artikel 1.20, tweede lid Gelet op, wordt een project uitsluitend beoordeeld op de onderdelen a, c, d, e en f van artikel 1.20, eerste lid. 2 artikel 1.20, derde lid Gelet op, bedraagt het aantal punten per onderdeel van het eerste lid: a. voor criterium a maximaal 30 punten; b. voor criterium c maximaal 15 punten bij een valorisatieproject en maximaal 25 punten bij een kennisontwikkelingsproject; c. voor criterium d maximaal 25 punten bij een valorisatieproject en maximaal 15 punten bij een kennisontwikkelingsproject; d. voor criterium e maximaal 15 punten; e. voor criterium f maximaal 15 punten. 2022 34292 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259006 2022 34292 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259006 30-12-2022
Artikel 2.2.12 — Artikel 2.2.12 Voorschot#
Artikel 2.2.12 Voorschot 1 artikel 1.30 De Minister van SZW verleent op aanvraag vooruitlopend op het starten van de projectactiviteiten, conform, een voorschot van 20% van de verleende subsidie met een maximum van € 500.000. 2 De Minister van SZW kan onderbouwd afwijken van de in het eerste lid genoemde verstrekking van het voorschot. In ieder geval wordt geen voorschot verleend wanneer de verleningsbeschikking een of meer opschortende of ontbindende voorwaarden bevat. 3 In ieder geval wordt geen voorschot verleend wanneer de verleningsbeschikking één of meerdere opschortende of ontbindende voorwaarden bevat. 4 artikel 1.31 De Minister van SZW verleent op aanvraag opvolgende voorschotten op basis van gemaakte en betaalde kosten, conform. In afwijking van artikel 1.31 bedraagt het totaal bedrag aan voorschotten maximaal 80% van het verleende subsidiebedrag. 5 In afwijking van het vierde lid kan een voorschot tot een maximum van 100% van de maximaal verleende subsidie worden verstrekt, indien: a. het zeer aannemelijk is dat het project conform de subsidievoorwaarden op afzienbare termijn kan worden afgerond; b. het aannemelijk is dat de kosten die nog gemaakt worden subsidiabel gesteld zullen worden; en c. het niet toekennen van het voorschot onredelijke gevolgen voor de liquiditeitspositie van de aanvragende onderneming heeft. 2022 34292 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259006 2022 34292 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259006 30-12-2022
Artikel 2.2.13 — Artikel 2.2.13 Subsidieaanvraag#
Artikel 2.2.13 Subsidieaanvraag 1 artikel 1.22 In aanvulling op hetbevat een aanvraag voor subsidie ten minste: a. een volledig ingevuld aanvraagformulier; b. de in het aanvraagformulier genoemde documenten, waarvoor door het SNN aangeleverde vaste formats worden gebruikt inclusief daaraan verbonden voorschriften. 2 artikel 1.22, eerste lid, onderdeel b, en tweede lid Voor het door de Minister van SZW vastgestelde format voor het projectplan bedoeld in, geldt het maximumaantal pagina’s. Een aanvraag die hieraan niet voldoet wordt afgewezen. 3 https://www.jtf-webportal.nl/mijn/ De aanvraag wordt ingediend met gebruikmaking van het digitale aanvraagformulier via de link. 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 24-02-2023 Abusievelijk is een wijzigingsopdracht geformuleerd die niet
geheel juist is.
Artikel 2.2.14 — Artikel 2.2.14 Staatssteun#
Artikel 2.2.14 Staatssteun Indien de subsidie staatssteun bevat dan dient het gerechtvaardigd te worden door: a. de de-minimisverordening; of b. de artikelen 25, 27, 28 en 29 van de Algemene Groepsvrijstellingsverordening. 2022 34292 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259006 2022 34292 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259006 30-12-2022
Artikel 2.2.15 — Artikel 2.2.15 Vervaltermijn#
Artikel 2.2.15 Vervaltermijn artikel 9.2.1.2 Deze titel envervallen met ingang van 1 januari 2027, met dien verstande dat deze van toepassing blijven op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.3.1 — Artikel 2.3.1 Begripsbepalingen#
Artikel 2.3.1 Begripsbepalingen In deze titel wordt verstaan onder: − collectieve infrastructuur: gemeenschappelijke infrastructuur waar meerdere ondernemingen gebruik van kunnen maken; − diversificatie: de nieuwe activiteit is niet hetzelfde of vergelijkbaar met de activiteit die voordien in die vestiging werd uitgeoefend; − lokale infrastructuur: infrastructuur die op lokaal niveau bijdraagt tot het verbeteren van het ondernemingsklimaat en het moderniseren en ontwikkelen van de industriële basis. − oplaadinfrastructuur: vaste of mobiele infrastructuur om wegvoertuigen van elektriciteit te voorzien; − randvoorwaardelijke infrastructuur: infrastructuur die noodzakelijk geacht wordt voor de diversificatie en transformatie van het circulaire en groene bedrijfsleven in het werkingsgebied en die bijdraagt aan de transitie naar hernieuwbare energie en hernieuwbare of circulaire grondstoffen of bijdraagt aan het oplossen van lokale netcongestie; − TJTP: Territoriaal Just Transition Plan, het territoriaal plan voor een rechtvaardige transitie voor JTF-regio Groningen-Emmen 2021–2027, zoals opgenomen als bijlage bij het nationaal JTF-programma 2021–2027; − RIS3 2021–2027: regionale innovatiestrategie 2021–2027, de regionale innovatiestrategie voor slimme specialisatie voor Noord-Nederland, zoals vastgesteld door de Colleges van gedeputeerde staten van de provincies Drenthe, Fryslân en Groningen; − SNN: Samenwerkingsverband Noord-Nederland, de intermediaire instantie voor JTF-regio Groningen-Emmen; − specifieke infrastructuur: infrastructuur die is aangelegd voor vooraf identificeerbare ondernemingen en op hun behoeften is toegesneden; − transformatie: fundamentele verandering in het productieproces gericht op omschakeling naar hernieuwbare grond- of brandstoffen of naar hernieuwbare energie; − werkingsgebied: artikel 1.7, tweede lid, onderdeel a de JTF-regio Groningen-Emmen, bedoeld in. 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 24-02-2023
Artikel 2.3.2 — Artikel 2.3.2 Doel subsidie#
Artikel 2.3.2 Doel subsidie 1 Het doel van de subsidie op grond van deze titel is om spoor 2 van het TJTP uit te voeren ten aanzien van investeringen in randvoorwaardelijke infrastructuur, utiliteiten en slimme opslagsystemen. 2 Projecten dragen bij aan een kansrijke vestigingsomgeving voor circulaire en groene bedrijvigheid binnen de vier transities die zijn opgenomen in de RIS3 2021–2027: a. van een lineaire naar een circulaire economie; b. van fossiele naar hernieuwbare energie; c. van zorg naar duurzame gezondheid; d. van analoog naar digitaal. 3 Projecten moeten betrekking hebben op randvoorwaardelijke infrastructuur, utiliteiten en slimme opslagsystemen ten behoeve van het werkingsgebied. 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 24-02-2023
Artikel 2.3.3 — Artikel 2.3.3 Doelgroep#
Artikel 2.3.3 Doelgroep De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie voor een project aan: a. een rechtspersoon; b. een natuurlijke persoon ingeschreven in het handelsregister; of c. een partij in een samenwerkingsverband van natuurlijke- of rechtspersonen. 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 24-02-2023
Artikel 2.3.4 — Artikel 2.3.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 2.3.4 Subsidiabele activiteiten 1 Subsidie op grond van deze titel kan worden verstrekt voor: a. investeringen in collectieve infrastructuur, utiliteiten en slimme opslagsystemen ten behoeve van diversificatie en transformatie van industrie naar 0-emissie, hernieuwbare energie en grondstoffen of circulaire grondstoffen; of b. proceskosten die rechtstreeks samenhangen met de planvoorbereiding van infrastructuur buiten industrieterreinen. 2 Voor subsidie komen niet in aanmerking: a. gereguleerde infrastructuur; b. (rest)warmte-infrastructuur waar geen uitzicht is op volledig duurzame opwekking van warmte; c. opwekking, transport of opslag van fossiele energie; d. opwekking, transport of opslag van waterstof die niet geproduceerd is via waterelektrolyse op basis van hernieuwbare elektriciteit, of door middel van superkritische en thermische vergassing van biogeen afval of getorreficeerde biomassa; e. investeringen in opwekking van duurzame energie; f. specifieke infrastructuur; g. 2 ondergrondse CO-opslag op land; h. investeringssteun voor publiek toegankelijke oplaad- of tankinfrastructuur voor emissiearme of emissievrije wegvoertuigen; en i. steun voor het distributienetwerkgedeelte van de energie-efficiënte stadsverwarmings- en stadskoelingsinstallatie. 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 24-02-2023
Artikel 2.3.5 — Artikel 2.3.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 2.3.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt € 48.500.000. 2 artikel 1.18 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen, overeenkomstig. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 2.3.6 — Artikel 2.3.6 Aanvraagperiode#
Artikel 2.3.6 Aanvraagperiode 1 Een aanvraag kan worden ingediend in de periode vanaf 3 april 2023 9.00 uur tot en met 30 april 2025 17.00 uur. 2 https://www.jtf-webportal.nl/mijn/ www.snn.nl Aanvragen worden ingediend door middel van het door de Minister van SZW vastgestelde aanvraagformulier dat beschikbaar is viaof via. 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 08-02-2025 31-01-2025
Artikel 2.3.7 — Artikel 2.3.7 Hoogte subsidie#
Artikel 2.3.7 Hoogte subsidie 1 De subsidie bedraagt maximaal 30 procent van de subsidiabele kosten. 2 De subsidie bedraagt ten hoogste € 10.000.000 per project. 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 24-02-2023
Artikel 2.3.8 — Artikel 2.3.8 Starttermijn en looptijd#
Artikel 2.3.8 Starttermijn en looptijd 1 Met de uitvoering van de op grond van deze titel gesubsidieerde projecten wordt gestart binnen drie maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking. 2 Wanneer ten tijde van het indienen van de aanvraag de benodigde vergunningen nog niet zijn verleend, wordt de subsidie verleend onder de opschortende voorwaarde dat alle benodigde vergunningen uiterlijk vijf maanden na datum van de verleningsbeschikking zijn verkregen. 3 De uitvoering van het project is binnen 36 maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking voltooid. 4 Op verzoek van de subsidieontvanger kan de Minister van SZW de termijn, bedoeld in het eerste, tweede of derde lid, verlengen. 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 24-02-2023
Artikel 2.3.9 — Artikel 2.3.9 Afwijzingsgronden#
Artikel 2.3.9 Afwijzingsgronden artikel 1.25 Onverminderdbeslist de Minister van SZW afwijzend op een aanvraag, indien: a. de activiteiten niet worden uitgevoerd in het werkingsgebied of de resultaten niet aantoonbaar ten goede komen aan het werkingsgebied; b. de aan het project te verlenen subsidie minder bedraagt dan € 200.000; c. er onvoldoende vertrouwen is in de technische of economische haalbaarheid van het project; d. de financiering van het project, met uitzondering van de gevraagde subsidie, niet aantoonbaar sluitend is; of e. de vergunningen niet uiterlijk binnen vijf maanden na verlening van de subsidie zijn verkregen. 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 24-02-2023
Artikel 2.3.10 — Artikel 2.3.10 Beoordelingscriteria#
Artikel 2.3.10 Beoordelingscriteria 1 artikel 1.20, tweede lid Gelet op, wordt een project uitsluitend beoordeeld op de onderdelen a, d, e en f van het eerste lid van dat artikel. 2 artikel 1.20, derde lid Gelet op, bedraagt het maximaal aantal punten per onderdeel als bedoeld in het eerste lid ten hoogste: a. voor de mate waarin het project bijdraagt aan de doelstellingen van het Programma JTF Nederland 2021–2027: 40 punten; b. voor de hoogte van het economisch of financieel toekomstperspectief van het project: 20 punten; c. voor de kwaliteit van het projectplan: 20 punten; d. voor de mate waarin het project bijdraagt aan duurzame ontwikkeling en aan maatschappelijke-sociale impact: 20 punten. 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 24-02-2023
Artikel 2.3.11 — Artikel 2.3.11 Voorschot#
Artikel 2.3.11 Voorschot 1 artikel 1.30 De Minister van SZW verleent op aanvraag een voorschot vooruitlopend op te maken kosten als bedoeld invan 20 procent van de verleende subsidie met een maximum van € 500.000. 2 De Minister van SZW kan onderbouwd afwijken van de in het eerste lid genoemde verstrekking van het voorschot. In ieder geval wordt geen voorschot verleend, wanneer de verleningsbeschikking een of meer opschortende of ontbindende voorwaarden bevat. 3 artikel 1.31 De Minister van SZW verleent op aanvraag opvolgende voorschotten op basis van gerealiseerde projectactiviteiten als bedoeld in. 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 24-02-2023
Artikel 2.3.12 — Artikel 2.3.12 Subsidieaanvraag#
Artikel 2.3.12 Subsidieaanvraag 1 artikel 1.22 Onverminderdbevat een aanvraag voor subsidie ten minste: a. een volledig ingevuld aanvraagformulier; b. de bij het aanvraagformulier behorende documenten als bijlagen. 2 https://www.jtf-webportal.nl/mijn/ www.snn.nl De aanvraag wordt ingediend bij het SNN via de linkof via. 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 24-02-2023
Artikel 2.3.13 — Artikel 2.3.13 Vervaltermijn#
Artikel 2.3.13 Vervaltermijn Deze titel vervalt met ingang van 31 december 2027, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd. 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 01-02-2024
Artikel 2.4.1 — Artikel 2.4.1 Begripsbepalingen#
Artikel 2.4.1 Begripsbepalingen In deze titel wordt verstaan onder: − campus: een geografische concentratie of bundeling van bedrijven, onderwijs- of kennisinstellingen en instituten, waar gezamenlijke activiteiten ten aanzien van onderwijs, onderzoek en ontwikkeling centraal staat in de onderlinge relaties tussen de organisaties die in de campus deelnemen; − campusorganisatie: de rechtspersoon die de gezamenlijke activiteiten op de campus uitvoert of coördineert; − TJTP: Territoriaal Just Transition Plan, het territoriaal plan voor een rechtvaardige transitie voor JTF-regio Groningen-Emmen 2021–2027, zoals opgenomen als bijlage bij het nationaal JTF-programma 2021–2027; − RIS3 2021–2027: regionale innovatiestrategie 2021–2027, de regionale innovatiestrategie voor slimme specialisatie voor Noord-Nederland, zoals vastgesteld door de Colleges van gedeputeerde staten van de provincies Drenthe, Fryslân en Groningen; − SNN: Samenwerkingsverband Noord-Nederland, de intermediaire instantie voor JTF-regio Groningen-Emmen. − werkingsgebied: artikel 1.7, tweede lid, onderdeel a de JTF-regio Groningen-Emmen, bedoeld in. 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 24-02-2023
Artikel 2.4.2 — Artikel 2.4.2 Doel subsidie#
Artikel 2.4.2 Doel subsidie 1 Het doel van de subsidie op grond van deze titel is om het TJTP uit te voeren ten aanzien van de arbeidsmarktontwikkelingen die nodig zijn voor de verschillende transities. 2 Projecten waaraan op basis van deze titel subsidie wordt verleend, passen binnen spoor 3 voor het versterken van de opleidingsinfrastructuur en het toekomstbestendig maken van de beroepsbevolking. 3 Projecten dragen bij aan de ontwikkeling en totstandkoming van fysieke of niet-fysieke opleidingsinfrastructuur, met flankerende inhoudelijke (ecosysteem-) programma’s, die beantwoordt aan de behoefte aan technologie, benodigde kennis en benodigde vaardigheden bij de transities uit de RIS3 2021–2027, en waarin onderwijs- of kennisinstellingen en bedrijven doorlopend gezamenlijk kennis ontwikkelen, deze omzetten in onderwijsprogramma’s en deze flexibel inzetten voor huidige en toekomstige leden van de beroepsbevolking en het mkb. 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 24-02-2023
Artikel 2.4.3 — Artikel 2.4.3 Doelgroep#
Artikel 2.4.3 Doelgroep De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie voor een project aan: a. een rechtspersoon; b. een natuurlijke persoon ingeschreven in het handelsregister; of c. een partij in een samenwerkingsverband van natuurlijke- of rechtspersonen. 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 24-02-2023
Artikel 2.4.4 — Artikel 2.4.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 2.4.4 Subsidiabele activiteiten 1 Subsidie op grond van deze titel kan worden verstrekt voor activiteiten die de fysieke of niet-fysieke opleidingsinfrastructuur versterken door: a. de initiële opbouw of doorontwikkeling van campusorganisaties, als innovatie-ecosysteem gericht op organisatievermogen of programmatische ontwikkeling ten aanzien van om-, her- of bijscholing; b. de realisatie van fysieke onderwijs- locaties, met inbegrip van inrichting en machines, die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een of meer van de activiteiten uit de onderdelen c tot en met e; c. de ontwikkeling van aanpakken waarin kennisontwikkeling, scholing, onderzoek dan wel toegepast onderzoek en leven lang ontwikkelen worden geïntegreerd, ten dienste worden gesteld aan bedrijven, werknemers of werkzoekenden of op een toegankelijke manier beschikbaar wordt gesteld voor inwoners uit de directe omgeving; d. de omzetting van ontwikkelde kennis, met inbegrip van sociale innovatie en strategisch personeelsbeleid, van bedrijven en kennisinstellingen in lesprogramma’s, curricula, doorlopende leerlijnen en een flexibel onderwijsaanbod ten behoeve van leven lang ontwikkelen; of e. een pakket aan modulaire scholingstrajecten dat kan worden ingezet voor bedrijven, werknemers of werkzoekenden. 2 Projecten bestaan uit activiteiten als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a of onderdeel b, aangevuld met activiteiten onder minimaal één van de onderdelen c tot en met e van het eerste lid. 3 Investeringen in fysieke voorzieningen komen alleen voor subsidie in aanmerking wanneer deze plaatsvinden op een locatie gelegen in het werkingsgebied. 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 24-02-2023
Artikel 2.4.5 — Artikel 2.4.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 2.4.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt € 45.000.000. 2 artikel 1.18 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen, overeenkomstig. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 2.4.6 — Artikel 2.4.6 Aanvraagperiode#
Artikel 2.4.6 Aanvraagperiode 1 Een aanvraag kan worden ingediend in de periode vanaf 16 februari 2026 9:00 uur tot en met 12 april 2026 17:00 uur. 2 https://www.jtf-webportal.nl/mijn/ www.snn.nl Aanvragen worden ingediend door middel van het door de Minister van SZW vastgestelde aanvraagformulier dat beschikbaar is viaof via. 2026 1552 28-01-2026 26-01-2026 103516663 2026 1552 28-01-2026 26-01-2026 103516663 29-01-2026
Artikel 2.4.7 — Artikel 2.4.7 Hoogte subsidie#
Artikel 2.4.7 Hoogte subsidie 1 De subsidie bedraagt maximaal 50 procent van de subsidiabele kosten. 2 De subsidie bedraagt ten hoogste € 10.000.000 per project. 3 hoofdstuk 9 Onverminderd het eerste lid wordt maximaal een zodanig percentage aan subsidie verstrekt dat het totale percentage aan subsidie op grond van deze titel ensamen niet meer bedraagt dan 50 procent. 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 24-02-2023
Artikel 2.4.8 — Artikel 2.4.8 Subsidiabele kosten#
Artikel 2.4.8 Subsidiabele kosten artikel 1.11, derde lid Onverminderd, komen voorbereidingskosten als subsidiabele kosten in aanmerking, indien deze kosten: a. worden gemaakt om te komen tot een projectplan dat in aanmerking komt voor subsidie op grond van deze titel; b. zijn gemaakt vóór indiening van de aanvraag ter verkrijging van subsidie; c. zijn gemaakt op of na de startdatum van het project zoals ingevuld in de aanvraag ter verkrijging van subsidie; d. zijn gemaakt na 22 maart 2022; e. niet strijdig zijn met artikel 6 van de Algemene groepsvrijstellingsverordening. 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 24-02-2023
Artikel 2.4.9 — Artikel 2.4.9 Starttermijn en looptijd#
Artikel 2.4.9 Starttermijn en looptijd 1 titel Met de uitvoering van de op grond van dezegesubsidieerde projecten wordt gestart binnen zes maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking. 2 Wanneer ten tijde van het indienen van de aanvraag benodigde vergunningen nog niet zijn verleend, wordt de subsidie verleend onder de opschortende voorwaarde dat alle benodigde vergunningen uiterlijk zes maanden na datum verleningsbeschikking zijn verkregen. 3 Wanneer ten tijde van het indienen van de aanvraag de benodigde financiering nog niet is zeker gesteld kan de subsidie worden verleend onder de opschortende voorwaarde dat de financiering uiterlijk zes maanden na datum verleningsbeschikking is zeker gesteld. 4 De uitvoering van het project is binnen 36 maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking voltooid. 5 Op verzoek van de subsidieontvanger kan de Minister van SZW de termijn, bedoeld in het eerste, tweede, derde of vierde lid verlengen. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 2.4.10 — Artikel 2.4.10 Afwijzingsgronden#
Artikel 2.4.10 Afwijzingsgronden artikel 1.25 Onverminderdbeslist de Minister van SZW afwijzend op een aanvraag, indien: a. de activiteiten niet worden uitgevoerd in het werkingsgebied of de resultaten niet aantoonbaar ten goede komen aan het werkingsgebied; b. de aan het project te verlenen subsidie minder bedraagt dan € 200.000; c. er onvoldoende vertrouwen is in de technische of economische haalbaarheid van het project; d. de financiering van het project, met uitzondering van de gevraagde subsidie, niet aantoonbaar sluitend is; e. de verklaring van aanvrager ontbreekt dat de projectactiviteiten niet uit reguliere geldstromen ten behoeve van het onderwijs kunnen worden gedekt; of f. de vergunningen niet uiterlijk binnen vijf maanden na verlening van de subsidie zijn verkregen. 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 24-02-2023
Artikel 2.4.11 — Artikel 2.4.11 Beoordelingscriteria#
Artikel 2.4.11 Beoordelingscriteria 1 artikel 1.20, tweede lid Gelet op, wordt een project uitsluitend beoordeeld op de onderdelen a, b, d, e en f van het eerste lid van dat artikel. 2 artikel 1.20, derde lid Gelet op, bedraagt het aantal punten per onderdeel als bedoeld in het eerste lid ten hoogste: a. voor de mate waarin het project bijdraagt aan de doelstellingen van het Programma JTF Nederland 2021–2027: 35 punten; b. voor de mate waarin het project sociaaleconomisch integraal is: 20 punten; c. voor de hoogte van het economisch of financieel toekomstperspectief van het project: 15 punten; d. voor de kwaliteit van het projectplan: 15 punten; e. voor de mate waarin het project bijdraagt aan duurzame ontwikkeling en aan maatschappelijke-sociale impact: 15 punten. 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 24-02-2023
Artikel 2.4.12 — Artikel 2.4.12 Voorschot#
Artikel 2.4.12 Voorschot 1 artikel 1.30 De Minister van SZW verleent op aanvraag een voorschot vooruitlopend op te maken kosten als bedoeld invan 20 procent van de verleende subsidie met een maximum van € 500.000. 2 De Minister van SZW kan onderbouwd afwijken van de in het eerste lid bedoelde verlening van het voorschot. In ieder geval wordt geen voorschot verleend wanneer de verleningsbeschikking een of meer opschortende of ontbindende voorwaarden bevat. 3 artikel 1.31 De Minister van SZW verleent op aanvraag opvolgende voorschotten op basis van gerealiseerde projectactiviteiten als bedoeld in. 4 artikel 1.31, zesde lid In afwijking van, bedragen de voorschotten in totaal maximaal 80 procent van het verleende subsidiebedrag. 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 24-02-2023
Artikel 2.4.13 — Artikel 2.4.13 Subsidieaanvraag#
Artikel 2.4.13 Subsidieaanvraag 1 artikel 1.22 Onverminderdbevat een aanvraag voor subsidie ten minste: a. een volledig ingevuld aanvraagformulier; b. de bij het aanvraagformulier behorende documenten als bijlagen. 2 https://www.jtf-webportal.nl/mijn/ www.snn.nl De aanvraag wordt ingediend bij het SNN via de linkof via. 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 24-02-2023
Artikel 2.4.14 — Artikel 2.4.14 Vervaltermijn#
Artikel 2.4.14 Vervaltermijn 1 Deze titel vervalt met ingang van 31 december 2027. 2 Artikel 9.2.1.1 vervalt met ingang van 30 maart 2024. 3 artikel 9.2.1.1 In afwijking van het eerste en tweede lid blijven deze titel envan toepassing op reeds ingediende aanvragen. 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 01-02-2024
Artikel 2.5.1 — Artikel 2.5.1 Begripsbepalingen#
Artikel 2.5.1 Begripsbepalingen Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 30-09-2023
Artikel 2.5.2 — Artikel 2.5.2 Doel subsidie#
Artikel 2.5.2 Doel subsidie Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 30-09-2023
Artikel 2.5.3 — Artikel 2.5.3 Doelgroep#
Artikel 2.5.3 Doelgroep Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 30-09-2023
Artikel 2.5.4 — Artikel 2.5.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 2.5.4 Subsidiabele activiteiten Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 30-09-2023
Artikel 2.5.5 — Artikel 2.5.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 2.5.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 30-09-2023
Artikel 2.5.6 — Artikel 2.5.6 Aanvraagperiode#
Artikel 2.5.6 Aanvraagperiode Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 30-09-2023
Artikel 2.5.7 — Artikel 2.5.7 Hoogte subsidie#
Artikel 2.5.7 Hoogte subsidie Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 30-09-2023
Artikel 2.5.8 — Artikel 2.5.8 Subsidiabele kosten#
Artikel 2.5.8 Subsidiabele kosten Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 30-09-2023
Artikel 2.5.9 — Artikel 2.5.9 Starttermijn en looptijd#
Artikel 2.5.9 Starttermijn en looptijd Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 30-09-2023
Artikel 2.5.10 — Artikel 2.5.10 Afwijzingsgronden#
Artikel 2.5.10 Afwijzingsgronden Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 30-09-2023
Artikel 2.5.11 — Artikel 2.5.11 Beoordelingscriteria#
Artikel 2.5.11 Beoordelingscriteria Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 30-09-2023
Artikel 2.5.12 — Artikel 2.5.12 Voorschot#
Artikel 2.5.12 Voorschot Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 30-09-2023
Artikel 2.5.13 — Artikel 2.5.13 Subsidieaanvraag#
Artikel 2.5.13 Subsidieaanvraag Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 30-09-2023
Artikel 2.5.14 — Artikel 2.5.14 Vervaltermijn#
Artikel 2.5.14 Vervaltermijn Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 30-09-2023
Artikel 2.6.1 — Artikel 2.6.1 Begripsbepalingen#
Artikel 2.6.1 Begripsbepalingen Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 02-08-2023
Artikel 2.6.2 — Artikel 2.6.2 Doel subsidie#
Artikel 2.6.2 Doel subsidie Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 02-08-2023
Artikel 2.6.3 — Artikel 2.6.3 Doelgroep#
Artikel 2.6.3 Doelgroep Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 02-08-2023
Artikel 2.6.4 — Artikel 2.6.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 2.6.4 Subsidiabele activiteiten Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 02-08-2023
Artikel 2.6.5 — Artikel 2.6.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 2.6.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 02-08-2023
Artikel 2.6.6 — Artikel 2.6.6 Aanvraagperiode#
Artikel 2.6.6 Aanvraagperiode Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 02-08-2023
Artikel 2.6.7 — Artikel 2.6.7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 2.6.7 Hoogte van de subsidie Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 02-08-2023
Artikel 2.6.8 — Artikel 2.6.8 Subsidiabele kosten#
Artikel 2.6.8 Subsidiabele kosten Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 02-08-2023
Artikel 2.6.9 — Artikel 2.6.9 Starttermijn en looptijd#
Artikel 2.6.9 Starttermijn en looptijd Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 02-08-2023
Artikel 2.6.10 — Artikel 2.6.10 Afwijzingsgronden#
Artikel 2.6.10 Afwijzingsgronden Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 02-08-2023
Artikel 2.6.11 — Artikel 2.6.11 Beoordelingscriteria#
Artikel 2.6.11 Beoordelingscriteria Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 02-08-2023
Artikel 2.6.12 — Artikel 2.6.12 Voorschot#
Artikel 2.6.12 Voorschot Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 02-08-2023
Artikel 2.6.13 — Artikel 2.6.13 Subsidieaanvraag#
Artikel 2.6.13 Subsidieaanvraag Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 02-08-2023
Artikel 2.6.14 — Artikel 2.6.14 Vervaltermijn#
Artikel 2.6.14 Vervaltermijn Vervallen 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 02-08-2023
Artikel 2.7.1 — Artikel 2.7.1 Begripsomschrijvingen#
Artikel 2.7.1 Begripsomschrijvingen In deze titel wordt verstaan onder: − RIS3 2021–2027: Research & Innovation Strategy for Smart Specialization Noord-Nederland. Dit is het document waarin de innovatiestrategie voor Noord-Nederland voor de periode 2021–2027 is uiteengezet; − SNN: Samenwerkingsverband Noord-Nederland, de intermediaire instantie voor JTF-regio Groningen; − samenwerkingsproject: project dat wordt uitgevoerd door ten minste twee onafhankelijke projectpartners, die een aantoonbaar belang hebben bij het project; − projectpartners: samenwerkende partijen die een aantoonbaar belang hebben bij het samenwerkingsproject en die geen partnerondernemingen van elkaar zijn of verbonden met elkaar zijn als bedoeld in artikel 3, tweede en derde lid, van bijlage 1 van de Algemene groepsvrijstellingsverordening. Partijen die partnerondernemingen zijn of verbonden ondernemingen zijn, worden gezien als één projectpartner binnen een samenwerkingsproject; − transities: vier transities, zoals beschreven in hoofdstuk 1.4 van de RIS3 2021–2027; − valorisatieproject: innovatietraject gericht op ontwikkeling van nieuwe producten, concepten, technologieën en diensten, of het testen van innovatieve toepassingen in de praktijkomgeving gericht op valorisatie van nieuwe technieken. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 2.7.2 — Artikel 2.7.2 Doel subsidie#
Artikel 2.7.2 Doel subsidie Een project waaraan op basis van deze titel subsidie wordt verleend, past binnen Spoor 1 en Spoor 2 van het TJTP. Het project draagt bij aan de transformatie en diversificatie van de regionale economie. Dit kan door het stimuleren van de ontwikkeling van nieuwe duurzame waardenketens of innovaties langs de lijnen van de RIS3 2021–2027, zoals de (versnelde) omschakeling naar groene grondstoffen, duurzame waterstof en circulariteit. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 2.7.3 — Artikel 2.7.3 Doelgroep#
Artikel 2.7.3 Doelgroep De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie voor een valorisatieproject aan: a. een natuurlijke ondernemingsvorm; b. een rechtspersoon; c. een deelnemer in een samenwerkingsverband van natuurlijke- of rechtspersonen. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 2.7.4 — Artikel 2.7.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 2.7.4 Subsidiabele activiteiten Subsidie op basis van deze titel kan worden verstrekt voor het uitvoeren van valorisatieprojecten binnen minimaal één van de vier transities. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 2.7.5 — Artikel 2.7.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 2.7.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt € 14.873.000. 2 artikel 1.18 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen, overeenkomstig. 2026 1552 28-01-2026 26-01-2026 103516663 2026 1552 28-01-2026 26-01-2026 103516663 29-01-2026
Artikel 2.7.6 — Artikel 2.7.6 Aanvraagperiode#
Artikel 2.7.6 Aanvraagperiode 1 Een aanvraag kan worden ingediend in de periode vanaf 9 oktober 2023 12.00 uur tot en met 30 april 2025 12.00 uur. 2 https://www.jtf-webportal.nl/mijn/ www.snn.nl Aanvragen worden ingediend door middel van het door de Minister van SZW vastgestelde aanvraagformulier dat beschikbaar is viaof via. 3 Voorafgaand aan de aanvraag, bedoeld in het eerste lid, wordt aan de Minister van SZW een preadvies gevraagd. 4 Het preadvies geeft een advies over de mate waarin het project past binnen het doel van de subsidie. 5 Een aanvraag voor een preadvies kan worden ingediend van 1 juni 2023 12.00 uur tot en met 12 januari 2024 12.00 uur. 6 Aanvragers ontvangen uiterlijk vier weken na afloop van de periode, bedoeld in het vijfde lid, het preadvies. 7 https://www.snn.nl/over-snn/strategie-programmas/efro-noord-nederland-2021–2027/projectvoorstel-valorisatie-2023 Het preadvies wordt aangevraagd door middel van het aanvraagformulier dat beschikbaar is via. 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 08-02-2025 31-01-2025
Artikel 2.7.7 — Artikel 2.7.7 Hoogte subsidie#
Artikel 2.7.7 Hoogte subsidie 1 De subsidie bedraagt 25 procent van de subsidiabele kosten. 2 De subsidie wordt met 10 procentpunten verhoogd indien het project: a. een samenwerkingsproject betreft, waarbij geen van de individuele aanvragers meer dan 70 procent van de in aanmerking komende kosten voor haar rekening neemt; of b. een samenwerkingsproject betreft bestaande uit een onderneming en één of meer kennisinstellingen, waarbij deze kennisinstellingen ten minste 10 procent van de in aanmerking komende kosten dragen en het recht hebben hun eigen onderzoeksresultaten te publiceren. 3 De subsidie wordt nogmaals met 10 procentpunten verhoogd indien het project een samenwerkingsproject betreft tussen één of meer kennisinstellingen en minimaal twee ondernemingen die geen partnerondernemingen van elkaar of verbonden met elkaar zijn. Hierbij dienen de kennisinstellingen ten minste 10 procent van de in aanmerking komende kosten te dragen en het recht hebben hun eigen onderzoeksresultaten te publiceren, en mag geen van de individuele aanvragers meer dan 70 procent van de in aanmerking komende kosten voor haar rekening nemen. 4 In afwijking van het eerste tot en met derde lid kan de hoogte van het subsidiepercentage per aanvrager worden beperkt, indien de regels van de Algemene groepsvrijstellingsverordening en de de-minimisverordening daartoe aanleiding bieden. 5 De subsidie bedraagt minimaal € 350.000 per project. 6 De subsidie bedraagt maximaal € 800.000 per project en maximaal € 500.000 per projectpartner. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 2.7.8 — Artikel 2.7.8 Starttermijn en looptijd#
Artikel 2.7.8 Starttermijn en looptijd 1 Met de uitvoering van de op grond van deze titel gesubsidieerde projecten wordt gestart binnen drie maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking. 2 Wanneer ten tijde van het indienen van de aanvraag de benodigde vergunningen nog niet zijn verleend, wordt de subsidie verleend onder de opschortende voorwaarde dat alle benodigde vergunningen uiterlijk vijf maanden na indiening van de aanvraag zijn verkregen. 3 De uitvoering van het project is binnen 36 maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking voltooid. 4 Op verzoek van de subsidieontvanger kan de Minister van SZW de termijn, bedoeld in het eerste tot en met het vierde lid, verlengen. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 2.7.9 — Artikel 2.7.9 Afwijzingsgronden#
Artikel 2.7.9 Afwijzingsgronden artikel 1.25 Onverminderdbeslist de Minister van SZW afwijzend op een aanvraag, indien: a. onvoldoende vertrouwen bestaat in de technische of economische haalbaarheid van het project; b. door een aanvrager niet voldoende aannemelijk is gemaakt dat het project financieel, ruimtelijk of anderszins, obstakelvrij is; of c. niet aannemelijk is dat alle projectactiviteiten van het project binnen 36 maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking volledig ten uitvoer kunnen zijn gebracht. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 2.7.10 — Artikel 2.7.10 Beoordelingscriteria#
Artikel 2.7.10 Beoordelingscriteria 1 artikel 1.20, tweede lid Gelet op, wordt een project uitsluitend beoordeeld op de onderdelen a, c, d, e en f van artikel 1.20, eerste lid. 2 artikel 1.20, derde lid Gelet op, kent de Minister van SZW per onderdeel als bedoeld in het eerste lid, maximaal de volgende hoeveelheid punten toe: a. de mate waarin het project meer bijdraagt aan de doelstellingen van het Programma JTF 2021–2027: 25 punten; b. de mate waarin het technische en sociale innovatiegehalte hoger is: 25 punten; c. de mate waarin het economisch of financieel toekomstperspectief hoger is: 20 punten; d. de mate waarin de kwaliteit van het projectplan beter is: 15 punten; e. de mate waarin het project meer bijdraagt aan duurzame ontwikkeling en aan maatschappelijke-sociale impact: 15 punten. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 2.7.11 — Artikel 2.7.11 Voorschot#
Artikel 2.7.11 Voorschot 1 artikel 1.30 De Minister van SZW verleent op aanvraag een voorschot vooruitlopend op te maken kosten als bedoeld invan 30 procent van de verleende subsidie. 2 De Minister van SZW kan onderbouwd afwijken van de in het eerste lid bedoelde verlening van het voorschot. In ieder geval wordt geen voorschot verleend wanneer de verleningsbeschikking een of meer opschortende of ontbindende voorwaarden bevat. 3 artikel 1.31 De Minister van SZW verleent op aanvraag opvolgende voorschotten op basis van gerealiseerde projectactiviteiten als bedoeld in. 4 artikel 1.31, zesde lid In afwijking van, bedragen de voorschotten in totaal maximaal 80 procent van het verleende subsidiebedrag. 5 In afwijking van het vierde lid kan een voorschot tot een maximum van 100 procent van de maximaal verleende subsidie worden verstrekt, indien: en; a. het zeer aannemelijk is dat het project conform de subsidievoorwaarden op afzienbare termijn kan worden afgerond; b. het aannemelijk is dat de kosten die nog gemaakt worden subsidiabel gesteld zullen worden; c. het niet toekennen van het voorschot onredelijke gevolgen voor de liquiditeitspositie van de aanvragende onderneming heeft. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 2.7.12 — Artikel 2.7.12 Subsidieaanvraag#
Artikel 2.7.12 Subsidieaanvraag 1 artikel 1.22 Onverminderdbevat een aanvraag voor subsidie ten minste: a. een volledig ingevuld aanvraagformulier; b. de in het aanvraagformulier genoemde documenten, waarvoor door de Minister van SZW aangeleverde vaste formats worden gebruikt inclusief daaraan verbonden voorschriften; c. artikel 2.7.6, derde lid een preadvies als bedoeld in. 2 artikel 1.22, eerste lid, onderdeel b, en tweede lid Voor het door de Minister van SZW vastgestelde format voor het projectplan bedoeld in, geldt het maximumaantal pagina’s. Een aanvraag die hieraan niet voldoet, wordt afgewezen. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 2.7.13 — Artikel 2.7.13 Staatssteun#
Artikel 2.7.13 Staatssteun Indien de subsidie staatssteun bevat dan dient het gerechtvaardigd te worden door: a. de de-minimisverordening; of b. de artikelen 25, 27, 28 en 29 van de Algemene groepsvrijstellingsverordening. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 2.7.14 — Artikel 2.7.14 Vervaltermijn#
Artikel 2.7.14 Vervaltermijn artikel 9.2.1.2 Deze titel envervallen met ingang van 1 januari 2027, met dien verstande dat deze van toepassing blijven op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.8.1 — Artikel 2.8.1 Begripsomschrijvingen#
Artikel 2.8.1 Begripsomschrijvingen In deze titel wordt verstaan onder: – kennisintensieve industriële waardecirkel: samenhangende en vernieuwende industriële activiteiten die leiden tot een circulaire waardeketen gericht op het verminderen van het gebruik van niet-hernieuwbare grondstoffen, door het behoud van de waarde van producten en afgedankte productonderdelen en materialen en de inzet van biobased grondstoffen; – strategisch project: een project of programma dat significant bijdraagt aan het versterken en vergroenen van het industrieel ecosysteem in de regio en aan de ontwikkeling van groene of circulaire waardeketens met als doel maatschappelijke én economische gevolgen van de transitie op te kunnen vangen; – TJTP: Territorial Just Transition Plan, het territoriaal plan voor een rechtvaardige transitie voor JTF-regio Groningen-Emmen 2021–2027, opgenomen in de bijlage bij het nationaal JTF-programma 2021–2027. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 2.8.2 — Artikel 2.8.2 Doel subsidie#
Artikel 2.8.2 Doel subsidie Doel van subsidie op basis van deze titel is transformatie en diversificatie van de regionale economie en arbeidsmarkt conform het TJTP. Deze transformatie wordt gerealiseerd in de vorm van steun aan een strategisch project en de daarbij behorende scholing van nieuw of bestaand personeel in het werken binnen en met de te realiseren investeringen. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 2.8.3 — Artikel 2.8.3 Doelgroep#
Artikel 2.8.3 Doelgroep De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie voor een strategisch project aan: a. een rechtspersoon; b. een natuurlijke persoon ingeschreven in het handelsregister; of c. een partij in een samenwerkingsverband van natuurlijke- of rechtspersonen. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 2.8.4 — Artikel 2.8.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 2.8.4 Subsidiabele activiteiten 1 Subsidie op basis van deze titel kan worden verstrekt voor: a. strategische productieve investeringen, gericht op: 1°. het vestigen van een productiefaciliteit waarmee kansen worden benut voor realisatie van een strategische grondstofhub voor hernieuwbare koolstof in de JTF-regio; 2°. de vestiging van als strategisch aan te merken ‘net zero’ maakindustriebedrijven, producenten van technologieën die belangrijk zijn voor het realiseren van de Europese klimaatdoelstellingen; b. een strategisch project gericht op het op- en uitbouwen van een kennisintensieve industriële waardecirkel met noordelijke impact. 2 In aanvulling op het eerste lid kan subsidie worden verstrekt voor her-, om- of bijscholing en training van bestaand en nieuw personeel direct verbonden aan de uitvoering van het strategisch project en het gebruiken onderscheidenlijk bedienen van de investeringen in het project. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 2.8.5 — Artikel 2.8.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 2.8.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt € 25.000.000. 2 Hoofdstuk 9 Indien in het subsidieplafond middelen uit EZK-cofinanciering zijn opgenomen, wordt een aanvraag onder deze titel eveneens beschouwd als een aanvraag voor EZK-cofinanciering op grond van. 3 artikel 1.18 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen, overeenkomstig. 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 01-02-2024
Artikel 2.8.6 — Artikel 2.8.6 Aanvraag en preadvies#
Artikel 2.8.6 Aanvraag en preadvies 1 Een aanvraag kan worden ingediend in de periode vanaf 20 oktober 2023 9.00 uur tot en met 31 oktober 2024 17.00 uur. 2 www.jtf-webportal.nl/mijn www.snn.nl Aanvragen worden ingediend door middel van het door de Minister van SZW vastgestelde aanvraagformulier dat beschikbaar is in het/ of via. 3 Voorafgaand aan de aanvraag, bedoeld in het eerste lid, wordt een preadvies gevraagd aan de deskundigencommissie. 4 Het preadvies geeft een advies over de mate waarin het project past binnen het doel van de subsidie. 5 Een aanvraag voor een preadvies kan worden ingediend vanaf 2 oktober 2023 9.00 uur tot en met 31 mei 2024 17.00 uur. 6 www.jtf-webportal.nl/mijn/ www.snn.nl Het preadvies wordt aangevraagd door middel van het format dat beschikbaar is in hetof via. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 2.8.7 — Artikel 2.8.7 Hoogte subsidie#
Artikel 2.8.7 Hoogte subsidie 1 De subsidie bedraagt maximaal 50 procent van de subsidiabele kosten. 2 In aanvulling hierop geldt dat de hoogte van het subsidiepercentage per aanvrager kan worden beperkt, indien de regels van de Algemene groepsvrijstellingsverordening en de de-minimisverordening daartoe nopen. 3 artikel 2.8.4, eerste lid De subsidie bedraagt minimaal € 7.500.000 per strategisch project als bedoeld in. 4 artikel 2.8.4, eerste lid De subsidie bedraagt maximaal € 15.000.000 per strategisch project als bedoeld in. 5 artikel 2.8.4, tweede lid Het in het vierde lid genoemde bedrag is exclusief kosten van her-, bij- en omscholing en kan worden opgehoogd met kosten van her-, bij- en omscholing als bedoeld in, met een subsidiebedrag van maximaal € 1.000.000 per project. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 2.8.8 — Artikel 2.8.8 Subsidiabele kosten#
Artikel 2.8.8 Subsidiabele kosten 1 artikel 1.11, eerste lid, onderdeel f In afwijking van, komen kosten van investeringen alleen voor subsidie in aanmerking, voor zover deze: a. worden geactiveerd op de balans; b. niet hoger zijn dan de taxatiewaarde; en c. artikelen 3.31 tot en met 3.35 van de Wet op de inkomstenbelasting 2001 niet binnen twee jaar worden afgeschreven, tenzij het duurzame bedrijfsuitrusting is die met toepassing van deis aangewezen. 2 artikel 1.11 In afwijking vankomen voor kosten van her, bij- en omscholing uitsluitend de volgende kosten voor subsidie in aanmerking: a. andere kosten voor opleiding en training als bedoeld in artikel 1.11, eerste lid, onderdeel f; b. in geval van opleiding en training voor competenties en vaardigheden niet zijnde standaardwerkzaamheden: loonverletkosten als bedoeld in artikel 1.11, eerste lid, onderdeel b, voor de uren die medewerkers in dienst van de aanvrager deelnemen aan bij- en omscholing. 3 artikel 1.15 In aanvulling op, komen de volgende kosten niet voor subsidie in aanmerking: a. investeringen in bedrijfsgebouwen of duurzame bedrijfsuitrusting die de subsidieontvanger heeft verkregen van een natuurlijk persoon of rechtspersoon die tot hetzelfde concern behoort; b. investeringen in niet permanent op de bedrijfslocatie aanwezige duurzame bedrijfsuitrusting; c. artikel 365 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek immateriële vaste activa als omschreven in; d. zelfstandige investeringen in gebouwgebonden duurzame energie-opwekkers; e. kosten van investeringen waarvoor onomkeerbare verplichtingen zijn aangegaan voor ontvangst van de aanvraag; f. kosten van training en opleiding waarvoor verplichtingen zijn aangegaan voor ontvangst van de aanvraag. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 2.8.9 — Artikel 2.8.9 Starttermijn en looptijd#
Artikel 2.8.9 Starttermijn en looptijd 1 titel Met de uitvoering van de op grond van dezegesubsidieerde projecten wordt gestart binnen zes maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking. 2 Wanneer ten tijde van het indienen van de aanvraag benodigde vergunningen nog niet zijn verleend, wordt de subsidie verleend onder de opschortende voorwaarde dat alle benodigde vergunningen uiterlijk zes maanden na datum verleningsbeschikking zijn verkregen. 3 Wanneer ten tijde van het indienen van de aanvraag de benodigde financiering nog niet is zeker gesteld kan de subsidie worden verleend onder de opschortende voorwaarde dat de financiering uiterlijk zes maanden na datum verleningsbeschikking is zeker gesteld. 4 De uitvoering van het project is binnen 36 maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking voltooid. 5 Op verzoek van de subsidieontvanger kan de Minister van SZW de termijn, bedoeld in het eerste, tweede, derde of vierde lid verlengen. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 2.8.10 — Artikel 2.8.10 Afwijzingsgronden#
Artikel 2.8.10 Afwijzingsgronden artikel 1.25 Onverminderdbeslist de Minister van SZW afwijzend op een aanvraag, indien: a. onvoldoende vertrouwen bestaat in de technische of economische haalbaarheid van het project; b. door een aanvrager niet voldoende aannemelijk is gemaakt dat het project financieel, juridisch of anderszins, obstakelvrij is; c. niet aannemelijk is dat alle projectactiviteiten van het project binnen 48 maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking volledig ten uitvoer kunnen zijn gebracht; d. artikel 2.8.4, eerste lid, onderdeel a bij aanvragen als bedoeld in, de subsidiabele kosten minder dan € 100.000.000 bedragen; e. bij aanvragen als bedoeld in artikel 2.8.4, eerste lid, onderdeel b, de subsidiabele kosten minder dan € 20.000.000 bedragen. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 2.8.11 — Artikel 2.8.11 Beoordelingscriteria#
Artikel 2.8.11 Beoordelingscriteria 1 artikel 1.20, tweede lid artikel 2.8.4, eerste lid, onderdeel a Gelet op, wordt een project als bedoeld in, uitsluitend beoordeeld op de onderdelen a, b, d, e en f van artikel 1.20, eerste lid. 2 artikel 1.20, tweede lid artikel 2.8.4, eerste lid, onderdeel b Gelet op, wordt een project als bedoeld in, uitsluitend beoordeeld op de onderdelen a, c, d, e en f van artikel 1.20, eerste lid. 3 artikel 1.20, derde lid Gelet op, bedraagt het aantal punten per onderdeel als bedoeld in het eerste en tweede lid ten hoogste: a. de mate waarin het project meer bijdraagt aan de doelstellingen van het Programma JTF 2021–2027: 40 punten; b. de mate waarin het project meer sociaaleconomisch integraal is: 15 punten; c. de mate waarin het technische en sociale innovatiegehalte hoger is: 15 punten; d. de mate waarin het economisch of financieel toekomstperspectief hoger is: 15 punten; d. de mate waarin de kwaliteit van het projectplan beter is: 15 punten; e. de mate waarin het project meer bijdraagt aan duurzame ontwikkeling en aan maatschappelijke-sociale impact: 15 punten. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 2.8.12 — Artikel 2.8.12 Voorschot#
Artikel 2.8.12 Voorschot 1 De Minister van SZW verleent op aanvraag vooruitlopend op het starten van de projectactiviteiten een voorschot van 10 procent van de verleende subsidie. 2 De Minister van SZW kan onderbouwd afwijken van de in het eerste lid genoemde verstrekking van het voorschot. In ieder geval wordt geen voorschot verleend, wanneer de verleningsbeschikking één of meerdere opschortende of ontbindende voorwaarden bevat. 3 artikel 1.31 De Minister van SZW verleent op aanvraag opvolgende voorschotten op basis van gemaakte en betaalde kosten, conform. In afwijking van artikel 1.31 bedraagt het totaalbedrag aan voorschotten maximaal 80 procent van het verleende subsidiebedrag. 4 artikel 2.8.4, eerste lid, onderdeel b In afwijking van het derde lid kan voor een project als bedoeld in, een voorschot tot een maximum van 100 procent van de maximaal verleende subsidie worden verstrekt, indien: a. het zeer aannemelijk is dat het project conform de subsidievoorwaarden op afzienbare termijn kan worden afgerond; b. het aannemelijk is dat de kosten die nog gemaakt worden subsidiabel gesteld zullen worden; en c. het niet toekennen van het voorschot onredelijke gevolgen voor de liquiditeitspositie van de aanvragende onderneming of van één of meer leden van het consortium heeft. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 2.8.13 — Artikel 2.8.13 Subsidieaanvraag#
Artikel 2.8.13 Subsidieaanvraag artikel 1.22 In aanvulling opbevat een aanvraag voor subsidie ten minste: a. een volledig ingevuld aanvraagformulier; b. de bij het aanvraagformulier genoemde documenten als bijlagen; c. het preadvies van de deskundigencommissie. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 2.8.14 — Artikel 2.8.14 Staatssteun#
Artikel 2.8.14 Staatssteun artikel 1.4 De subsidie bevat staatssteun en wordt gerechtvaardigd door de inopgenomen artikelen uit de Algemene groepsvrijstellingsverordening. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 2.8.15 — Artikel 2.8.15 Vervaltermijn#
Artikel 2.8.15 Vervaltermijn artikel 9.2.1.4 Deze titel envervallen met ingang van 1 januari 2027, met dien verstande dat deze van toepassing blijven op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd. 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 01-02-2024
Artikel 2.9.1 — Artikel 2.9.1 Begripsbepalingen#
Artikel 2.9.1 Begripsbepalingen In deze titel wordt verstaan onder: – SNN: Samenwerkingsverband Noord-Nederland, de intermediaire instantie voor JTF-regio Groningen-Emmen; – TJTP: Territorial Just Transition Plan, het territoriaal plan voor een rechtvaardige transitie voor JTF-regio Groningen-Emmen 2021–2027, zoals opgenomen als bijlage bij het nationaal JTF-programma 2021–2027; – werkingsgebied: artikel 1.7, tweede lid, onderdeel a de JTF-regio Groningen-Emmen, zoals bedoeld in. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 2.9.2 — Artikel 2.9.2 Doel subsidie#
Artikel 2.9.2 Doel subsidie 1 Het doel van de subsidie op grond van deze titel is om het TJTP uit te voeren ten aanzien van de arbeidsmarktontwikkelingen die nodig zijn voor de verschillende transities. 2 Projecten waaraan op basis van deze titel subsidie wordt verleend, passen binnen Spoor 3 van het TJTP voor het toekomstbestendig maken van de beroepsbevolking. 3 Projecten dragen ertoe bij dat de aankomende en huidige beroepsbevolking beschikt over de juiste digitale, sociale en technische vaardigheden om de transformatie van de economie en de klimaattransitie mogelijk te maken. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 2.9.3 — Artikel 2.9.3 Doelgroep#
Artikel 2.9.3 Doelgroep De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie voor een project aan: a. een rechtspersoon; b. een natuurlijke persoon ingeschreven in het handelsregister; of c. een partij in een samenwerkingsverband van natuurlijke- of rechtspersonen. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 2.9.4 — Artikel 2.9.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 2.9.4 Subsidiabele activiteiten 1 Subsidie op grond van deze titel kan worden verstrekt voor activiteiten die: a. de beroepsbevolking en de potentiële beroepsbevolking stimuleren tot scholing, ontwikkeling van vaardigheden en een leven lang ontwikkelen; b. erop zijn gericht de leercultuur van de beroepsbevolking en bedrijven te stimuleren, met inbegrip van sociale innovatie en strategisch personeelsbeleid in het mkb; c. om-, na- of bijscholing van deelnemers; d. de startpositie van jongeren op de door transities veranderende arbeidsmarkt versterken; e. de positie van werkzoekenden op de door transities veranderende arbeidsmarkt versterken; of f. de uitstroom van opleidingen beter laten aansluiten op de vraag. 2 Projecten zijn gericht op activiteiten of de ontwikkeling van activiteiten en arrangementen die bijdragen aan de ontwikkeling en loopbanen van de beroepsbevolking of de potentiële beroepsbevolking of aan de leercultuur binnen bedrijven. 3 Projecten worden uitgevoerd in het werkingsgebied of de resultaten leiden voor deelnemers in het werkingsgebied tot het duurzaam behouden of verkrijgen van betaald werk dan wel het versterken van een duurzame arbeidspositie. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 2.9.5 — Artikel 2.9.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 2.9.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt € 28.500.000. 2 artikel 1.18 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen, overeenkomstig. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 2.9.6 — Artikel 2.9.6 Aanvraagperiode#
Artikel 2.9.6 Aanvraagperiode Een aanvraag kan worden ingediend in de periode vanaf 9 oktober 2023 9.00 uur tot en met 12 juni 2026 17.00 uur. 2026 1552 28-01-2026 26-01-2026 103516663 2026 1552 28-01-2026 26-01-2026 103516663 29-01-2026
Artikel 2.9.7 — Artikel 2.9.7 Hoogte subsidie#
Artikel 2.9.7 Hoogte subsidie 1 De subsidie bedraagt maximaal 50 procent van de subsidiabele kosten. 2 De subsidie bedraagt ten hoogste € 5.000.000 per project. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 2.9.8 — Artikel 2.9.8 Subsidiabele kosten#
Artikel 2.9.8 Subsidiabele kosten artikel 1.11, derde lid Onverminderd, komen voorbereidingskosten als subsidiabele kosten in aanmerking, indien deze kosten: a. worden gemaakt om te komen tot een projectplan dat in aanmerking komt voor subsidie op grond van deze titel; b. zijn gemaakt vóór indiening van de aanvraag ter verkrijging van subsidie; c. zijn gemaakt op of na de startdatum van het project zoals ingevuld in de aanvraag ter verkrijging van subsidie; d. zijn gemaakt na 22 maart 2022; e. niet strijdig zijn met artikel 6 van de Algemene groepsvrijstellingsverordening. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 2.9.9 — Artikel 2.9.9 Starttermijn en looptijd#
Artikel 2.9.9 Starttermijn en looptijd 1 titel Met de uitvoering van de op grond van dezegesubsidieerde projecten wordt gestart binnen zes maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking. 2 Wanneer ten tijde van het indienen van de aanvraag benodigde vergunningen nog niet zijn verleend, wordt de subsidie verleend onder de opschortende voorwaarde dat alle benodigde vergunningen uiterlijk zes maanden na datum verleningsbeschikking zijn verkregen. 3 Wanneer ten tijde van het indienen van de aanvraag de benodigde financiering nog niet is zeker gesteld kan de subsidie worden verleend onder de opschortende voorwaarde dat de financiering uiterlijk zes maanden na datum verleningsbeschikking is zeker gesteld. 4 De uitvoering van het project is binnen 36 maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking voltooid. 5 Op verzoek van de subsidieontvanger kan de Minister van SZW de termijn, bedoeld in het eerste, tweede, derde of vierde lid verlengen. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 2.9.10 — Artikel 2.9.10 Afwijzingsgronden#
Artikel 2.9.10 Afwijzingsgronden artikel 1.25 Onverminderdbeslist de Minister van SZW afwijzend op een aanvraag, indien: a. de activiteiten niet worden uitgevoerd in het werkingsgebied of de resultaten niet aantoonbaar ten goede komen aan het werkingsgebied; b. de aan het project te verlenen subsidie minder bedraagt dan € 100.000; c. de financiering van het project, met uitzondering van de gevraagde subsidie, niet aantoonbaar sluitend is; d. de verklaring van aanvrager ontbreekt dat de projectactiviteiten niet uit reguliere geldstromen ten behoeve van het onderwijs kunnen worden gedekt; of e. de vergunningen niet uiterlijk binnen vijf maanden na verlening van de subsidie zijn verkregen. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 2.9.11 — Artikel 2.9.11 Beoordelingscriteria#
Artikel 2.9.11 Beoordelingscriteria 1 artikel 1.20, tweede lid Gelet op, wordt een project uitsluitend beoordeeld op de onderdelen a, b, e en f van het eerste lid van dat artikel. 2 artikel 1.20, derde lid Gelet op, bedraagt het aantal punten per onderdeel als bedoeld in het eerste lid ten hoogste: a. voor de mate waarin het project bijdraagt aan de doelstellingen van het Programma JTF Nederland 2021–2027: 45 punten; b. voor de mate waarin het project sociaaleconomisch integraal is: 25 punten; c. voor de kwaliteit van het projectplan: 15 punten; d. voor de mate waarin het project bijdraagt aan duurzame ontwikkeling en aan maatschappelijke-sociale impact: 15 punten. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 2.9.12 — Artikel 2.9.12 Voorschot#
Artikel 2.9.12 Voorschot 1 artikel 1.30 De Minister van SZW verleent op aanvraag, vooruitlopend op te maken kosten als bedoeld in, een voorschot van 20 procent van de verleende subsidie met een maximum van € 500.000. 2 De Minister van SZW kan onderbouwd afwijken van de in het eerste lid genoemde verstrekking van het voorschot. In ieder geval wordt geen voorschot verleend wanneer de verleningsbeschikking een of meer opschortende of ontbindende voorwaarden bevat. 3 artikel 1.31 De Minister van SZW verleent op aanvraag opvolgende voorschotten op basis van gerealiseerde projectactiviteiten als bedoeld in. 4 artikel 1.31, zesde lid In afwijking van, bedragen de voorschotten in totaal maximaal 80 procent van het verleende subsidiebedrag. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 2.9.13 — Artikel 2.9.13 Subsidieaanvraag#
Artikel 2.9.13 Subsidieaanvraag 1 artikel 1.22 Onverminderdbevat een aanvraag voor subsidie ten minste: a. een volledig ingevuld aanvraagformulier; b. de bij het aanvraagformulier behorende documenten als bijlagen. 2 https://www.jtf-webportal.nl/mijn/ www.snn.nl De aanvraag wordt ingediend bij het SNN via de linkof via. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 2.9.14 — Artikel 2.9.14 Staatssteun#
Artikel 2.9.14 Staatssteun artikel 1.4 De subsidie bevat staatssteun en wordt gerechtvaardigd door de inopgenomen artikelen uit de Algemene groepsvrijstellingsverordening. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 2.9.15 — Artikel 2.9.15 Vervaltermijn#
Artikel 2.9.15 Vervaltermijn Deze titel vervalt met ingang van 31 december 2027, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd. 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 01-02-2024
Artikel 2.10.1 — Artikel 2.10.1 Begripsbepalingen#
Artikel 2.10.1 Begripsbepalingen Vervallen 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 01-02-2026
Artikel 2.10.2 — Artikel 2.10.2 Doel subsidie#
Artikel 2.10.2 Doel subsidie Vervallen 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 01-02-2026
Artikel 2.10.3 — Artikel 2.10.3 Doelgroep#
Artikel 2.10.3 Doelgroep Vervallen 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 01-02-2026
Artikel 2.10.4 — Artikel 2.10.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 2.10.4 Subsidiabele activiteiten Vervallen 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 01-02-2026
Artikel 2.10.5 — Artikel 2.10.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 2.10.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling Vervallen 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 01-02-2026
Artikel 2.10.6 — Artikel 2.10.6 Aanvraagperiode#
Artikel 2.10.6 Aanvraagperiode Vervallen 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 01-02-2026
Artikel 2.10.7 — Artikel 2.10.7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 2.10.7 Hoogte van de subsidie Vervallen 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 01-02-2026
Artikel 2.10.8 — Artikel 2.10.8 Subsidiabele kosten#
Artikel 2.10.8 Subsidiabele kosten Vervallen 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 01-02-2026
Artikel 2.10.9 — Artikel 2.10.9 Starttermijn en looptijd#
Artikel 2.10.9 Starttermijn en looptijd Vervallen 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 01-02-2026
Artikel 2.10.10 — Artikel 2.10.10 Afwijzingsgronden#
Artikel 2.10.10 Afwijzingsgronden Vervallen 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 01-02-2026
Artikel 2.10.11 — Artikel 2.10.11 Beoordelingscriteria#
Artikel 2.10.11 Beoordelingscriteria Vervallen 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 01-02-2026
Artikel 2.10.12 — Artikel 2.10.12 Voorschot#
Artikel 2.10.12 Voorschot Vervallen 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 01-02-2026
Artikel 2.10.13 — Artikel 2.10.13 Subsidieaanvraag#
Artikel 2.10.13 Subsidieaanvraag Vervallen 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 01-02-2026
Artikel 2.10.14 — Artikel 2.10.14 Vervaltermijn#
Artikel 2.10.14 Vervaltermijn Vervallen 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 2024 2880 31-01-2024 30-01-2024 2023-0000597805 01-02-2026
Artikel 2.11.1 — Artikel 2.11.1 Begripsbepalingen#
Artikel 2.11.1 Begripsbepalingen In deze titel wordt verstaan onder: – langdurig werkzoekende: Participatiewet een persoon die valt onder demet een vergrote afstand tot de arbeidsmarkt, die niet in staat is op eigen kracht aan de arbeidsmarkt deel te nemen, niet zijnde leerlingen van scholen en opleidingen; – loonwaarde: de waarde, uitgedrukt in euro's, van de arbeid die iemand nog kan uitvoeren. Voor de berekening van de loonwaarde wordt bepaald wat de actuele inzetbaarheid van de werknemer is ten opzichte van de normfunctie; – professional: een persoon met hbo werk- of denkniveau die binnen het project is aangesteld om een langdurig werkzoekende te begeleiden; – RIS3 transities: de transities, zoals beschreven in hoofdstuk 1.4 van de RIS3 2021–2027; – RIS3 2021–2027: Research & Innovation Strategy for Smart Specialization Noord-Nederland. Dit is het document waarin de innovatiestrategie voor Noord-Nederland voor de periode 2021–2027 is uiteengezet; – SOB: sociaal ontwikkelbedrijf, een bedrijf dat langdurig werkzoekenden aan het werk helpt; – sociaaleconomisch traject: SOB's stellen in samenspraak met een of meerdere bedrijven een traject op om langdurig werkzoekenden in staat te stellen om op termijn deel te nemen aan de arbeidsmarkt; – TJTP: Territorial Just Transition Plan, het territoriaal plan voor een rechtvaardige transitie voor JTF-regio Groningen-Emmen 2021–2027, zoals opgenomen als bijlage bij het nationaal JTF-programma 2021–2027; – werkingsgebied: artikel 1.7, tweede lid, onderdeel a de JTF-regio Groningen-Emmen, bedoeld in. 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 26-10-2024
Artikel 2.11.2 — Artikel 2.11.2 Doel subsidie#
Artikel 2.11.2 Doel subsidie 1 Het doel van de openstelling op grond van deze titel is om sociaaleconomische trajecten uit te voeren die passen binnen de RIS3 transities. 2 Projecten waaraan op basis van deze titel subsidie wordt verleend, passen binnen Spoor 3 van het TJTP voor het toekomstbestendig maken van de beroepsbevolking en het versterken van menselijk kapitaal en maatschappelijk perspectief. 3 Trajecten waar langdurig werkzoekenden op worden ingezet moeten bijdragen aan minimaal één van de vier transities die zijn opgenomen in de RIS3 2021–2027. 4 Projecten hebben als doel dat de deelnemende langdurig werkzoekende gedurende een traject van maximaal achttien maanden een duurzame aansluiting kan vinden op de arbeidsmarkt ten einde: a. de positie van de langdurig werkzoekenden te versterken op de arbeidsmarkt, zodat het risico dat zij definitief de aansluiting met de arbeidsmarkt verliezen wordt voorkomen of beperkt; en b. het ondersteunen en ontzorgen van werkgevers voor de invulling dan wel toekomstige invulling van vacatures door langdurig werkzoekenden uit het onbenut arbeidspotentieel in de vorm van het aanbieden van passende werkgelegenheid, aansluitend op de RIS3-transities. 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 26-10-2024
Artikel 2.11.3 — Artikel 2.11.3 Doelgroep#
Artikel 2.11.3 Doelgroep De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie voor een project aan: a. een SOB; b. een samenwerkingsverband van SOB’s; of c. een gemeente. 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 26-10-2024
Artikel 2.11.4 — Artikel 2.11.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 2.11.4 Subsidiabele activiteiten Subsidie op grond van deze titel kan worden verstrekt voor activiteiten die gericht zijn op: a. het aanbieden van passende werkgelegenheid door publieke- en private partijen, die bijdraagt aan de arbeidsmarktpositie van langdurig werkzoekenden; b. het stimuleren en aanbieden van begeleiding en scholing en ontwikkeling van vaardigheden voor langdurig werkzoekenden, met daarbij in begrepen de kosten voor randvoorwaardelijke activiteiten die daarvoor noodzakelijk zijn; c. het begeleiden van langdurig werkzoekenden om te integreren in de bedrijfsomgeving indien zij een baan hebben gevonden; d. het begeleiden van de langdurig werkzoekende waardoor de arbeidsvaardigheden toenemen en de positie van de langdurig werkzoekenden op de door transitie veranderende arbeidsmarkt wordt versterkt; of e. loonwaardemeting uitgevoerd door een professional, als (eind)onderdeel van het traject passende werkgelegenheid binnen dit project. 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 26-10-2024
Artikel 2.11.5 — Artikel 2.11.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 2.11.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt € 15.000.000. 2 artikel 1.18 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen, overeenkomstig. 3 artikel 1.21 Aanvragen worden beoordeeld door de deskundigencommissie overeenkomstig. 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 26-10-2024
Artikel 2.11.6 — Artikel 2.11.6 Aanvraagperiode#
Artikel 2.11.6 Aanvraagperiode 1 Een aanvraag kan worden ingediend in de periode vanaf 1 november 2024 09.00 uur tot en met 30 april 2025 17.00 uur. 2 www.jtf-webportal.nl/mijn/ www.snn.nl Aanvragen worden ingediend door middel van het door de Minister van SZW vastgestelde aanvraagformulier dat beschikbaar is in hetof via. 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 08-02-2025
Artikel 2.11.7 — Artikel 2.11.7 Hoogte subsidie#
Artikel 2.11.7 Hoogte subsidie 1 De hoogte van de subsidie bedraagt ten hoogste: a. artikel 2.11.8, onderdeel b 50 procent van de in aanmerking komende subsidiabele kosten voor in dienst genomen langdurig werkzoekenden, bedoeld in; of b. artikel 2.11.8, onderdeel a 100 procent voor de loonkosten voor de begeleiding van langdurig werkzoekenden, bedoeld in, en overige kosten als bedoeld in artikel 2.11.8, onderdeel c. 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 26-10-2024
Artikel 2.11.8 — Artikel 2.11.8 Subsidiabele kosten#
Artikel 2.11.8 Subsidiabele kosten 1 artikel 1.11 In afwijking vankomen uitsluitend de volgende kosten voor subsidie in aanmerking voor zover zij direct verbonden zijn met de uitvoering van het project: a. loonkosten inclusief overheadkosten voor de begeleiding van langdurig werkzoekenden; b. loonkosten van in dienst genomen langdurig werkzoekenden tegen maximaal het minimumloon voor een maximale termijn van 18 maanden; of c. overige kosten waarvoor een factuur of document met gelijkwaardige bewijskracht kan worden overgelegd. 2 artikel 1.12, eerste lid, onderdeel a respectievelijk b Bij de toepassing van het eerste lid, onderdeel b, wordt voor medewerkers die op basis van het minimumloon werken in afwijking van: a. het vaste uurtarief vastgesteld op € 20,90; b. het vaste percentage voor een voltijd dienstverband berekend over een maandtarief van € 2.892 per werknemer, of een evenredig deel daarvan bij een deeltijd dienstverband, overeenkomstig het vooraf vastgestelde vaste percentage van de tijd dat de werknemer per maand aan het project werkt en zonder verplichting om een afzonderlijk arbeidstijdregistratiesysteem op te zetten. 3 Artikel 1.11, vierde lid , is van overeenkomstige toepassing. 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 02-04-2025
Artikel 2.11.9 — Artikel 2.11.9 Starttermijn en looptijd#
Artikel 2.11.9 Starttermijn en looptijd 1 Met de uitvoering van de op grond van deze titel gesubsidieerde projecten wordt gestart binnen drie maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking. 2 De uitvoering van het project is binnen 36 maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking voltooid. 3 Op verzoek van de subsidieontvanger kan de Minister van SZW de termijnen bedoeld in het eerste of tweede lid verlengen. 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 26-10-2024
Artikel 2.11.10 — Artikel 2.11.10 Afwijzingsgronden#
Artikel 2.11.10 Afwijzingsgronden artikel 1.25 Onverminderdbeslist de Minister van SZW afwijzend op een aanvraag, indien: a. de activiteiten niet worden uitgevoerd in het werkingsgebied, tenzij de resultaten overwegend en aantoonbaar ten goede komen aan het werkingsgebied tijdens of na de te subsidiëren activiteiten; b. de aan het project te verlenen subsidie minder bedraagt dan € 2.000.000 per project; c. de financiering van het project, met uitzondering van de gevraagde subsidie, niet aantoonbaar sluitend is; of d. niet aannemelijk is dat alle projectactiviteiten van het project uiterlijk 31 december 2028 volledig ten uitvoer kunnen zijn gebracht. 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 26-10-2024
Artikel 2.11.11 — Artikel 2.11.11 Beoordelingscriteria#
Artikel 2.11.11 Beoordelingscriteria 1 artikel 1.20, tweede lid Gelet op, wordt een project uitsluitend beoordeeld op de onderdelen a, d, e en f van het eerste lid van dat artikel. 2 artikel 1.20, derde lid Gelet op, bedraagt het maximaal aantal punten per onderdeel van het eerste lid: a. voor criterium a maximaal 40 punten; b. voor criterium d maximaal 30 punten; c. voor criterium e maximaal 15 punten; en d. voor criterium f maximaal 15 punten. 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 26-10-2024
Artikel 2.11.12 — Artikel 2.11.12 Voorschot#
Artikel 2.11.12 Voorschot 1 artikel 1.30 De Minister van SZW verleent op aanvraag een voorschot vooruitlopend op te maken kosten als bedoeld invan 20 procent van de verleende subsidie met een maximum van € 500.000. 2 De Minister van SZW kan onderbouwd afwijken van de in het eerste lid genoemde verstrekking van het voorschot. In ieder geval wordt geen voorschot verleend, wanneer de verleningsbeschikking een of meer opschortende of ontbindende voorwaarden bevat. 3 artikel 1.31 De Minister van SZW verleent op aanvraag opvolgende voorschotten op basis van gerealiseerde projectactiviteiten als bedoeld in. 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 26-10-2024
Artikel 2.11.13 — Artikel 2.11.13 Subsidieaanvraag#
Artikel 2.11.13 Subsidieaanvraag artikel 1.22 Onverminderdbevat een aanvraag voor subsidie ten minste: a. een volledig ingevuld aanvraagformulier; b. de bij het aanvraagformulier behorende documenten als bijlagen. 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 26-10-2024
Artikel 2.11.14 — Artikel 2.11.14 Verplichtingen subsidieontvanger#
Artikel 2.11.14 Verplichtingen subsidieontvanger artikel 1.26 Onverminderdis de subsidieontvanger verplicht: a. de resultaten van de samenwerking met bedrijven in Noord-Nederland in overwegende mate ten goede te laten komen aan het werkingsgebied; b. een deelnemersadministratie te voeren op een door de Minister van SZW voorgeschreven wijze; en c. op basis van in de verleningsbeschikking aangewezen indicatoren te rapporteren. 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 26-10-2024
Artikel 2.11.15 — Artikel 2.11.15 Staatssteun#
Artikel 2.11.15 Staatssteun artikel 2.11.3 De subsidie, bedoeld in, bevat geen staatssteun. 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 26-10-2024
Artikel 2.11.16 — Artikel 2.11.16 Vervaltermijn#
Artikel 2.11.16 Vervaltermijn Deze titel vervalt met ingang van 31 december 2027, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd. 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 2024 34627 25-10-2024 16-10-2024 2024-0000382167 26-10-2024
Artikel 2.12.1 — Artikel 2.12.1 Begripsbepalingen#
Artikel 2.12.1 Begripsbepalingen In deze titel wordt verstaan onder: – TJTP: territoriaal plan voor een rechtvaardige transitie voor JTF-regio Groningen-Emmen 2021–2027, zoals opgenomen als bijlage bij het nationaal JTF-programma 2021–2027; – Operationeel programma JTF Groningen-Emmen: prioriteit 1, Groningen-Emmen van het door de Europese Commissie goedgekeurde Programma JTF 2021–2027. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.12.2 — Artikel 2.12.2 Doel subsidie#
Artikel 2.12.2 Doel subsidie 1 Het doel van de subsidie op grond van deze titel is om het TJTP en het Operationeel programma JTF Groningen-Emmen uit te voeren ten aanzien van een subsidie-instrument dat nodig is voor de digitale transitie en robotisering van de productieomgeving van het MKB in de JTF-regio Groningen-Emmen. 2 Projecten waaraan op basis van deze titel subsidie wordt verleend, leiden tot extra investeringen in digitalisering en robotisering door het MKB in de JTF-regio Groningen-Emmen. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.12.3 — Artikel 2.12.3 Doelgroep#
Artikel 2.12.3 Doelgroep De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie aan bestuursorganen voor een project. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.12.4 — Artikel 2.12.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 2.12.4 Subsidiabele activiteiten Subsidie op grond van deze titel kan worden verstrekt voor het opzetten en uitvoeren van een stimuleringsregeling ten behoeve van digitalisering en robotisering van de productieomgeving van het MKB in de JTF-regio Groningen-Emmen. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.12.5 — Artikel 2.12.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 2.12.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt € 10.000.000. 2 artikel 1.18 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen, overeenkomstig. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.12.6 — Artikel 2.12.6 Aanvraagperiode#
Artikel 2.12.6 Aanvraagperiode 1 Een aanvraag kan worden ingediend in de periode vanaf 16 januari 2024 09.00 uur tot en met 16 februari 2024 17.00 uur. 2 www.jtf-webportal.nl/mijn/ www.snn.nl Aanvragen worden ingediend door middel van het door de Minister van SZW vastgestelde aanvraagformulier dat beschikbaar is in hetof via. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.12.7 — Artikel 2.12.7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 2.12.7 Hoogte van de subsidie 1 De subsidie bedraagt maximaal 55 procent van de subsidiabele kosten. 2 De subsidie bedraagt ten hoogste € 10.000.000 per project. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.12.8 — Artikel 2.12.8 Starttermijn en looptijd#
Artikel 2.12.8 Starttermijn en looptijd 1 Met de uitvoering van de op grond van deze titel gesubsidieerde projecten wordt gestart binnen drie maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking. 2 De uitvoering van het project is uiterlijk 1 januari 2029 voltooid. 3 Op verzoek van de subsidieontvanger kan de Minister van SZW de termijn, bedoeld in het eerste en tweede lid, verlengen. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.12.9 — Artikel 2.12.9 Afwijzingsgronden#
Artikel 2.12.9 Afwijzingsgronden artikel 1.25 Onverminderdbeslist de Minister van SZW afwijzend op een aanvraag, indien: a. de activiteiten niet hoofdzakelijk worden verricht in of ten behoeve van de JTF-regio Groningen-Emmen; b. de aan het project te verlenen subsidie minder bedraagt dan € 5.000.000; c. er onvoldoende vertrouwen is in de technische of economische haalbaarheid van het project; of d. niet aannemelijk is dat alle projectactiviteiten van het project uiterlijk 1 januari 2029 volledig ten uitvoer kunnen zijn gebracht. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.12.10 — Artikel 2.12.10 Beoordelingscriteria#
Artikel 2.12.10 Beoordelingscriteria 1 artikel 1.20, tweede lid Gelet op, wordt een project uitsluitend beoordeeld op de onderdelen a, c, e en f van het eerste lid van dat artikel. 2 artikel 1.20, derde lid Gelet op, bedraagt het aantal punten per onderdeel van het eerste lid: a. voor criterium a maximaal 55 punten; b. voor criterium c maximaal 15 punten; c. voor criterium e maximaal 15 punten; d. voor criterium f maximaal 15 punten. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.12.11 — Artikel 2.12.11 Voorschot#
Artikel 2.12.11 Voorschot 1 De Minister van SZW verleent op aanvraag vooruitlopend op het starten van de projectactiviteiten een voorschot van 20 procent van de verleende subsidie. 2 De Minister van SZW kan onderbouwd afwijken van de in het eerste lid genoemde verstrekking van het voorschot. In ieder geval wordt geen voorschot verleend wanneer de verleningsbeschikking één of meerdere opschortende of ontbindende voorwaarden bevat. 3 artikel 1.31 De Minister van SZW verleent op aanvraag opvolgende voorschotten op basis van gemaakte en betaalde kosten, conform. 4 artikel 1.31 In afwijking vanbedraagt het totaalbedrag aan voorschotten maximaal 80 procent van het verleende subsidiebedrag. 5 In afwijking van het vierde lid kan een voorschot tot een maximum van 100 procent van de maximaal verleende subsidie worden verstrekt, indien: a. het zeer aannemelijk is dat het project conform de subsidievoorwaarden op afzienbare termijn kan worden afgerond; b. het aannemelijk is dat de kosten die nog gemaakt worden subsidiabel gesteld zullen worden; en c. het niet toekennen van het voorschot onredelijke gevolgen voor de liquiditeitspositie van de subsidieaanvrager heeft. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.12.12 — Artikel 2.12.12 Subsidieaanvraag#
Artikel 2.12.12 Subsidieaanvraag artikel 1.22 Onverminderdbevat een aanvraag voor subsidie ten minste: a. een volledig ingevuld aanvraagformulier; b. de bij het aanvraagformulier behorende documenten als bijlagen. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.12.13 — Artikel 2.12.13 Staatssteun#
Artikel 2.12.13 Staatssteun De subsidie bevat staatssteun en wordt gerechtvaardigd door: a. de artikelen 18 en 29 van de Algemene groepsvrijstellingsverordening; of b. de de-minimisverordening. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.12.14 — Artikel 2.12.14 Vervaltermijn#
Artikel 2.12.14 Vervaltermijn Deze titel vervalt met ingang van 1 januari 2027, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.13.1 — Artikel 2.13.1 Begripsbepalingen#
Artikel 2.13.1 Begripsbepalingen In deze titel wordt verstaan onder: – TJTP: territoriaal plan voor een rechtvaardige transitie voor JTF-regio Groningen-Emmen 2021–2027, zoals opgenomen als bijlage bij het nationaal JTF-programma 2021–2027; – Operationeel programma JTF Groningen-Emmen: prioriteit 3, Groningen-Emmen van het door de Europese Commissie goedgekeurde Programma JTF 2021–2027. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.13.2 — Artikel 2.13.2 Doel subsidie#
Artikel 2.13.2 Doel subsidie 1 Het doel van de subsidie op grond van deze titel is om het TJTP en het Operationeel programma JTF Groningen-Emmen uit te voeren ten aanzien van een subsidie-instrument dat nodig is voor toekomstgericht en strategisch personeelsbeleid van het MKB in de JTF-regio Groningen-Emmen. 2 Projecten waaraan op basis van deze titel subsidie wordt verleend leiden tot een toekomstgericht en strategisch personeelsbeleid van het MKB in de JTF-regio Groningen-Emmen. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.13.3 — Artikel 2.13.3 Doelgroep#
Artikel 2.13.3 Doelgroep De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie aan bestuursorganen voor een project. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.13.4 — Artikel 2.13.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 2.13.4 Subsidiabele activiteiten Subsidie op grond van deze titel kan worden verstrekt voor het opzetten en uitvoeren van een stimuleringsregeling ten behoeve van toekomstgericht strategisch personeelsbeleid van het MKB in de JTF-regio Groningen-Emmen. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.13.5 — Artikel 2.13.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 2.13.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt € 5.000.000. 2 artikel 1.18 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen, overeenkomstig. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.13.6 — Artikel 2.13.6 Aanvraagperiode#
Artikel 2.13.6 Aanvraagperiode 1 Een aanvraag kan worden ingediend in de periode vanaf 16 januari 2024 09.00 uur tot en met 16 februari 2024 17.00 uur. 2 www.jtf-webportal.nl/mijn/ www.snn.nl Aanvragen worden ingediend door middel van het door de Minister van SZW vastgestelde aanvraagformulier dat beschikbaar is in hetof via. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.13.7 — Artikel 2.13.7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 2.13.7 Hoogte van de subsidie 1 De subsidie bedraagt maximaal 55 procent van de subsidiabele kosten. 2 De subsidie bedraagt ten hoogste € 5.000.000 per project. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.13.8 — Artikel 2.13.8 Starttermijn en looptijd#
Artikel 2.13.8 Starttermijn en looptijd 1 Met de uitvoering van de op grond van deze titel gesubsidieerde projecten wordt gestart binnen drie maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking. 2 De uitvoering van het project is uiterlijk 1 januari 2029 voltooid. 3 Op verzoek van de subsidieontvanger kan de Minister van SZW de termijn, bedoeld in het eerste en tweede lid, verlengen. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.13.9 — Artikel 2.13.9 Afwijzingsgronden#
Artikel 2.13.9 Afwijzingsgronden artikel 1.25 Onverminderdbeslist de Minister van SZW afwijzend op een aanvraag, indien: a. de activiteiten niet hoofdzakelijk worden verricht in of ten behoeve van de JTF-regio Groningen-Emmen; b. de aan het project te verlenen subsidie minder bedraagt dan € 2.500.000; c. er onvoldoende vertrouwen is in de technische of economische haalbaarheid van het project; of d. niet aannemelijk is dat alle projectactiviteiten van het project uiterlijk 1 januari 2029 volledig ten uitvoer kunnen zijn gebracht. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.13.10 — Artikel 2.13.10 Beoordelingscriteria#
Artikel 2.13.10 Beoordelingscriteria 1 artikel 1.20, tweede lid Gelet op, wordt een project uitsluitend beoordeeld op de onderdelen a, c, e en f van het eerste lid van dat artikel. 2 artikel 1.20, derde lid Gelet op, bedraagt het aantal punten per onderdeel van het eerste lid: a. voor criterium a maximaal 55 punten; b. voor criterium c maximaal 15 punten; c. voor criterium e maximaal 15 punten; d. voor criterium f maximaal 15 punten. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.13.11 — Artikel 2.13.11 Voorschot#
Artikel 2.13.11 Voorschot 1 De Minister van SZW verleent op aanvraag vooruitlopend op het starten van de projectactiviteiten een voorschot van 20 procent van de verleende subsidie. 2 De Minister van SZW kan onderbouwd afwijken van de in het eerste lid genoemde verstrekking van het voorschot. In ieder geval wordt geen voorschot verleend wanneer de verleningsbeschikking één of meerdere opschortende of ontbindende voorwaarden bevat. 3 artikel 1.31 De Minister van SZW verleent op aanvraag opvolgende voorschotten op basis van gemaakte en betaalde kosten, conform. 4 artikel 1.31 In afwijking vanbedraagt het totaalbedrag aan voorschotten maximaal 80 procent van het verleende subsidiebedrag. 5 In afwijking van het vierde lid kan een voorschot tot een maximum van 100 procent van de maximaal verleende subsidie worden verstrekt, indien: a. het zeer aannemelijk is dat het project conform de subsidievoorwaarden op afzienbare termijn kan worden afgerond; b. het aannemelijk is dat de kosten die nog gemaakt worden subsidiabel gesteld zullen worden; en c. het niet toekennen van het voorschot onredelijke gevolgen voor de liquiditeitspositie van de subsidieaanvrager heeft. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.13.12 — Artikel 2.13.12 Subsidieaanvraag#
Artikel 2.13.12 Subsidieaanvraag artikel 1.22 Onverminderdbevat een aanvraag voor subsidie ten minste: a. een volledig ingevuld aanvraagformulier; b. de bij het aanvraagformulier behorende documenten als bijlagen. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.13.13 — Artikel 2.13.13 Staatssteun#
Artikel 2.13.13 Staatssteun De subsidie bevat staatssteun en wordt gerechtvaardigd door: a. de artikelen 18, 29 en 31 van de Algemene groepsvrijstellingsverordening; of b. de de-minimisverordening. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.13.14 — Artikel 2.13.14 Vervaltermijn#
Artikel 2.13.14 Vervaltermijn Deze titel vervalt met ingang van 1 januari 2029, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 2.14.1 — Artikel 2.14.1 Begripsbepalingen#
Artikel 2.14.1 Begripsbepalingen In deze titel wordt verstaan onder: – TJTP: territoriaal plan voor een rechtvaardige transitie voor JTF-regio Groningen-Emmen 2021–2027, zoals opgenomen als bijlage bij het nationaal JTF-programma 2021–2027; – Operationeel programma JTF Groningen-Emmen: prioriteit 1, Groningen-Emmen van het door de Europese Commissie goedgekeurde Programma JTF 2021–2027. 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 12-12-2024
Artikel 2.14.2 — Artikel 2.14.2 Doel subsidie#
Artikel 2.14.2 Doel subsidie 1 Het doel van de subsidie op grond van deze titel is om het TJTP en het Operationeel programma JTF Groningen-Emmen uit te voeren ten aanzien van een subsidie-instrument dat nodig is voor bevordering van onderzoek en ontwikkeling in het MKB in de JTF-regio Groningen-Emmen. 2 Projecten waaraan op basis van deze titel subsidie wordt verleend, leiden tot extra investeringen in onderzoek en ontwikkeling door het MKB in de JTF-regio Groningen-Emmen. 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 12-12-2024
Artikel 2.14.3 — Artikel 2.14.3 Doelgroep#
Artikel 2.14.3 Doelgroep De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie aan bestuursorganen voor een project. 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 12-12-2024
Artikel 2.14.4 — Artikel 2.14.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 2.14.4 Subsidiabele activiteiten Subsidie op grond van deze titel kan worden verstrekt voor het opzetten en uitvoeren van een stimuleringsregeling ten behoeve van bevordering van onderzoek en ontwikkeling in het MKB in de JTF-regio Groningen-Emmen. 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 12-12-2024
Artikel 2.14.5 — Artikel 2.14.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 2.14.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt € 6.000.000. 2 artikel 1.18 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen, overeenkomstig. 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 12-12-2024
Artikel 2.14.6 — Artikel 2.14.6 Aanvraagperiode#
Artikel 2.14.6 Aanvraagperiode 1 Een aanvraag kan worden ingediend in de periode vanaf 6 januari 2025 09.00 uur tot en met 31 maart 2025 17.00 uur. 2 www.jtf-webportal.nl/mijn/ www.snn.nl Aanvragen worden ingediend door middel van het door de Minister van SZW vastgestelde aanvraagformulier dat beschikbaar is in hetof via. 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 12-12-2024
Artikel 2.14.7 — Artikel 2.14.7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 2.14.7 Hoogte van de subsidie 1 De subsidie bedraagt maximaal 50 procent van de subsidiabele kosten. 2 De subsidie bedraagt ten hoogste € 6.000.000 per project. 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 12-12-2024
Artikel 2.14.8 — Artikel 2.14.8 Starttermijn en looptijd#
Artikel 2.14.8 Starttermijn en looptijd 1 Met de uitvoering van de op grond van deze titel gesubsidieerde projecten wordt gestart binnen drie maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking. 2 De uitvoering van het project is uiterlijk 1 juli 2029 voltooid. 3 Op verzoek van de subsidieontvanger kan de Minister van SZW de termijn, bedoeld in het eerste en tweede lid, verlengen. 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 12-12-2024
Artikel 2.14.9 — Artikel 2.14.9 Afwijzingsgronden#
Artikel 2.14.9 Afwijzingsgronden artikel 1.25 Onverminderdbeslist de Minister van SZW afwijzend op een aanvraag, indien: a. artikel 1.7, tweede lid, onderdeel a de activiteiten niet hoofdzakelijk worden verricht in of ten behoeve van de JTF-regio Groningen-Emmen, bedoeld in; b. de aan het project te verlenen subsidie minder bedraagt dan € 3.000.000; c. er onvoldoende vertrouwen is in de technische of economische haalbaarheid van het project; of d. niet aannemelijk is dat alle projectactiviteiten van het project uiterlijk 1 juli 2029 volledig ten uitvoer kunnen zijn gebracht. 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 12-12-2024
Artikel 2.14.10 — Artikel 2.14.10 Beoordelingscriteria#
Artikel 2.14.10 Beoordelingscriteria 1 artikel 1.20, tweede lid Gelet op, wordt een project uitsluitend beoordeeld op de onderdelen a, c, e en f van artikel 1.20, eerste lid. 2 artikel 1.20, derde lid Gelet op, bedraagt het maximale aantal punten per onderdeel als bedoeld in het eerste lid ten hoogste: a. voor criterium a maximaal 55 punten; b. voor criterium c maximaal 15 punten; c. voor criterium e maximaal 15 punten; d. voor criterium f maximaal 15 punten. 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 12-12-2024
Artikel 2.14.11 — Artikel 2.14.11 Voorschot#
Artikel 2.14.11 Voorschot 1 artikel 1.30 De Minister van SZW verleent op aanvraag, vooruitlopend op te maken kosten als bedoeld in, een voorschot van 20 procent van de verleende subsidie. 2 De Minister van SZW kan onderbouwd afwijken van de in het eerste lid genoemde verstrekking van het voorschot. In ieder geval wordt geen voorschot verleend wanneer de verleningsbeschikking één of meerdere opschortende of ontbindende voorwaarden bevat. 3 artikel 1.31 De Minister van SZW verleent op aanvraag opvolgende voorschotten op basis van gemaakte en betaalde kosten, conform. In afwijking van artikel 1.31, bedraagt het totaalbedrag aan voorschotten maximaal 80 procent van het verleende subsidiebedrag. 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 12-12-2024
Artikel 2.14.12 — Artikel 2.14.12 Subsidieaanvraag#
Artikel 2.14.12 Subsidieaanvraag 1 artikel 1.22 Onverminderdbevat een aanvraag voor subsidie ten minste: a. een volledig ingevuld aanvraagformulier; b. de bij het aanvraagformulier behorende documenten als bijlagen. 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 12-12-2024
Artikel 2.14.13 — Artikel 2.14.13 Staatssteun#
Artikel 2.14.13 Staatssteun De subsidie bevat staatssteun en wordt gerechtvaardigd door de artikelen 18 en 25 van de Algemene groepsvrijstellingsverordening. 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 12-12-2024
Artikel 2.14.14 — Artikel 2.14.14 Vervaltermijn#
Artikel 2.14.14 Vervaltermijn Deze titel vervalt met ingang van 1 januari 2027, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd. 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 12-12-2024
Artikel 2.15.1 — Artikel 2.15.1 Begripsbepalingen#
Artikel 2.15.1 Begripsbepalingen In deze titel wordt verstaan onder: – economische activiteit: economische activiteiten zijn alle activiteiten die gericht zijn op het aanbieden van goederen of diensten op een markt. Ze worden uitgevoerd door ondernemingen, organisaties of individuen met als doel winst te genereren. Voorbeelden van economische activiteiten zijn handel, productie, dienstverlening en commerciële exploitatie; – initieel onderwijs: initieel onderwijs is de eerste, oorspronkelijke onderwijsloopbaan van personen in het voltijdonderwijs voordat zij de arbeidsmarkt betreden; – niet economische activiteit: niet-economische activiteiten zijn activiteiten die geen marktgericht karakter hebben en waarbij geen winstoogmerk is. Ze worden doorgaans uitgevoerd door overheden, non-profitorganisaties of onderwijsinstellingen en zijn gericht op het algemeen belang, zoals onderwijs, gezondheidszorg, sociale ondersteuning, en culturele of sportieve initiatieven; – post-initieel onderwijs: onderwijs dat iemand volgt na zijn eerste, oorspronkelijke onderwijsloopbaan in het voltijdonderwijs gegeven door met publieke middelen gefinancierde onderwijsinstellingen; – primaire werkingsgebied: de provincie Groningen en de gemeente Emmen; – programmatische aanpak: een tijdelijke manier van samenwerken aan een complexe opgave bestaande uit verschillende, maar samenhangende te verwezenlijken doelen, die een organisatie of een samenwerkingsverband in staat stelt bepaalde baten (effecten van veranderingen) tot stand te brengen. Daarbij staan de activiteiten niet bij voorbaat vast voor de gehele looptijd, deze kunnen wijzigen naargelang het bereiken van het doel dat verlangt; – regionaal bedrijfsleven: ondernemingen die gevestigd zijn in het primaire werkingsgebied; – RIS3 2021–2027: regionale innovatiestrategie 2021–2027 voor slimme specialisatie voor Noord-Nederland, zoals vastgesteld door de colleges van gedeputeerde staten van de provincies Drenthe, Fryslân en Groningen; – roc: regionaal opleidingscentrum, een samenwerkingsverband van onderwijsinstituten in het middelbaar beroepsonderwijs en de volwasseneneducatie in Nederland; – start van de werkzaamheden: start van de werkzaamheden als bedoeld in artikel 2, onder 23, van de Algemene groepsvrijstellingsverordening; – studenten: natuurlijke personen die initieel onderwijs genieten aan een roc; – TJTP: Territoriaal Just Transition Plan, het territoriaal plan voor een rechtvaardige transitie voor JTF-regio Groningen-Emmen 2021–2027, bedoeld in de bijlage bij het nationaal JTF-programma 2021–2027. 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 02-04-2025
Artikel 2.15.2 — Artikel 2.15.2 Doel subsidie#
Artikel 2.15.2 Doel subsidie 1 Het doel van de openstelling op grond van deze titel is om roc's middels een programmatische aanpak in een samenwerkingsverband aan innovatieve en toekomstbestendige manieren te laten werken om te voorzien in de vraag naar praktisch geschoolden door het regionaal bedrijfsleven op basis van het TJTP alsook de RIS3-transities. Daarbij ligt het zwaartepunt op het geheel van instroom, opleiding en uitstroom van studenten in het primaire werkingsgebied voor de technische sectoren en sectoren gelieerd aan de RIS3-transities waarbij omgang met techniek onderdeel is of mogelijkerwijs moet vormen van het opleidingscurriculum. 2 Plannen waaraan op basis van deze titel subsidie wordt verleend, passen binnen Spoor 3 van het TJTP met een focus op het bijdragen aan het leveren van ondersteuning van werkgelegenheid bij jongeren en de sociaaleconomische integratie van jongeren. 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 02-04-2025
Artikel 2.15.3 — Artikel 2.15.3 Doelgroep#
Artikel 2.15.3 Doelgroep De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie voor een project aan: a. roc's; of b. samenwerkingsverbanden hoofdzakelijk bestaande uit roc's. 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 02-04-2025
Artikel 2.15.4 — Artikel 2.15.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 2.15.4 Subsidiabele activiteiten 1 Subsidie op basis van deze titel kan worden verstrekt voor een programmatische aanpak, waarbij activiteiten worden uitgevoerd ten behoeve van: a. het op innovatieve wijze bevorderen van de instroom van studenten bij of tussen roc's, mede gericht op het voorkomen van uitval van studenten; b. ontwikkeling, vormgeving, en implementatie van (modulaire) curricula; c. het bevorderen van de samenwerking tussen het regionaal bedrijfsleven en roc's wat betreft de (toekomstige) vraaggestuurde opvulling van vacatures en doorstroommogelijkheden binnen en buiten het bedrijfsleven in het primaire werkingsgebied; d. ondersteuning met betrekking tot verdere loopbaanontwikkeling binnen het regionaal bedrijfsleven of richting postinitieel onderwijs; e. het behouden en uitbouwen van samenwerkingsverbanden van roc's om aan de vraag naar praktisch geschoolde personen te kunnen voldoen; f. verspreiding van opgedane kennis met de uitvoering van het project binnen en buiten het primaire werkingsgebied. 2 De activiteiten, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a tot en met e, worden verricht ten behoeve van de uitdagingen in het primaire werkingsgebied. 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 02-04-2025
Artikel 2.15.5 — Artikel 2.15.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 2.15.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt € 10.500.000. 2 artikel 1.18 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen, overeenkomstig. 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 02-04-2025
Artikel 2.15.6 — Artikel 2.15.6 Aanvraagperiode#
Artikel 2.15.6 Aanvraagperiode 1 Een aanvraag kan worden ingediend in de periode van 14 april 2025 vanaf 9.00 uur tot en met 16 mei 2025 vóór 17.00 uur. 2 www.jtf-webportal.nl/mijn www.snn.nl Aanvragen worden ingediend door middel van het door de Minister van SZW vastgestelde aanvraagformulier dat beschikbaar is in hetof via. 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 02-04-2025
Artikel 2.15.7 — Artikel 2.15.7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 2.15.7 Hoogte van de subsidie 1 De subsidie bedraagt ten hoogste 100 procent van de subsidiabele kosten. 2 Indien er sprake is van economische activiteiten binnen de subsidieaanvraag, wordt het maximaal toegestane subsidiepercentage bepaald op basis van de staatssteunregels. 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 02-04-2025
Artikel 2.15.8 — Artikel 2.15.8 Subsidiabele kosten#
Artikel 2.15.8 Subsidiabele kosten artikel 1.11, derde lid Onverminderd, komen voorbereidingskosten als subsidiabele kosten in aanmerking, indien deze kosten: a. worden gemaakt om te komen tot een projectplan dat in aanmerking komt voor subsidie op grond van deze titel; b. zijn gemaakt vóór indiening van de aanvraag ter verkrijging van subsidie; c. zijn gemaakt op of na de startdatum van het project zoals ingevuld in de aanvraag ter verkrijging van subsidie; d. zijn gemaakt na 22 maart 2022; e. niet strijdig zijn met artikel 6 van de Algemene groepsvrijstellingsverordening. 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 02-04-2025
Artikel 2.15.9 — Artikel 2.15.9 Starttermijn en looptijd#
Artikel 2.15.9 Starttermijn en looptijd 1 Met de uitvoering van de op grond van deze titel gesubsidieerde projecten wordt gestart binnen drie maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking. 2 De uitvoering van het project is binnen 48 maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking voltooid, echter uiterlijk vóór 30 september 2029. 3 Het vaststellingsverzoek van het project dient uiterlijk op 31 december 2029 te zijn ingediend. 4 Op verzoek van de subsidieontvanger kan de Minister van SZW de termijnen, bedoeld in het eerste lid, verlengen. 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 02-04-2025
Artikel 2.15.10 — Artikel 2.15.10 Afwijzingsgronden#
Artikel 2.15.10 Afwijzingsgronden artikel 1.25 Onverminderdbeslist de Minister van SZW afwijzend op een aanvraag, indien: a. onvoldoende vertrouwen bestaat in het betrekken van het regionale bedrijfsleven bij de uitvoering van het plan; b. door een aanvrager niet voldoende aannemelijk is gemaakt dat het project financieel, juridisch of anderszins, obstakelvrij is; c. de aangevraagde en te verlenen subsidie minder dan € 5.000.000 bedraagt. 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 02-04-2025
Artikel 2.15.11 — Artikel 2.15.11 Beoordelingscriteria#
Artikel 2.15.11 Beoordelingscriteria 1 artikel 1.20, eerste lid Gelet op, wordt een project uitsluitend beoordeeld op de onderdelen a, b, e en f van het eerste lid van dat artikel. 2 artikel 1.20, derde lid Gelet op, bedraagt het aantal punten per onderdeel als bedoeld in het eerste lid ten hoogste: a. voor de mate waarin het project bijdraagt aan de doelstellingen van het Programma JTF Nederland 2021–2027: 45 punten; b. voor de mate waarin het project sociaaleconomisch integraal is: 25 punten; c. voor de kwaliteit van het projectplan: 15 punten; d. voor de mate waarin het project bijdraagt aan duurzame ontwikkeling en aan maatschappelijke-sociale impact: 15 punten. 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 02-04-2025
Artikel 2.15.12 — Artikel 2.15.12 Voorschot#
Artikel 2.15.12 Voorschot 1 artikel 1.30 De Minister van SZW verleent op aanvraag, vooruitlopend op te maken kosten als bedoeld in, een voorschot van 20 procent van de verleende subsidie met een maximum van € 1.500.000. 2 De Minister van SZW kan onderbouwd afwijken van de in het eerste lid genoemde verstrekking van het voorschot. In ieder geval wordt geen voorschot verleend wanneer de verleningsbeschikking een of meer opschortende of ontbindende voorwaarden bevat. 3 artikel 1.31 De Minister van SZW verleent op aanvraag opvolgende voorschotten op basis van gerealiseerde projectactiviteiten als bedoeld in. 4 artikel 1.31, zesde lid In afwijking van, bedragen de voorschotten in totaal maximaal 100 procent van het verleende subsidiebedrag. 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 02-04-2025
Artikel 2.15.13 — Artikel 2.15.13 Subsidieaanvraag#
Artikel 2.15.13 Subsidieaanvraag artikel 1.22 Onverminderdbevat een aanvraag voor subsidie ten minste: a. een volledig ingevuld aanvraagformulier; b. de bij het aanvraagformulier behorende documenten als bijlagen. 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 02-04-2025
Artikel 2.15.14 — Artikel 2.15.14 Staatssteun#
Artikel 2.15.14 Staatssteun artikel 1.4 De subsidie kan staatssteun bevatten en kan gerechtvaardigd worden door de inopgenomen artikelen uit de Algemene groepsvrijstellingsverordening. 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 02-04-2025
Artikel 2.15.15 — Artikel 2.15.15 Vervaltermijn#
Artikel 2.15.15 Vervaltermijn Deze titel vervalt met ingang van 1 januari 2027, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd. 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 02-04-2025
Artikel 2.16.1 — Artikel 2.16.1 Begripsbepalingen#
Artikel 2.16.1 Begripsbepalingen In deze titel wordt verstaan onder: – flankerende onderwijs- of arbeidsmarktmaatregelen: activiteiten gericht op her-, om-, en bijscholing die samenhangen met het marktgedreven onderzoeks- en investeringsproject en een duidelijke toegevoegde waarde bieden; – marktgedreven: een actieve rol van private bedrijven als projectpartner, waarbij minimaal 20 procent van de totale subsidiabele projectkosten door private bedrijven gedragen wordt; – milieu-investering: een investering in activa, technologieën, processen of infrastructuur die gericht is op het voorkomen, beperken of herstellen van milieuschade, het verbeteren van de energie- of hulpbronnenefficiëntie, het bevorderen van hernieuwbare energie, de circulaire economie, of het realiseren van een transitie naar een koolstofarme en milieuvriendelijke economie; – onderzoeksproject: een systematisch, gestructureerd en afgebakend proces, waarbij onderzoek wordt uitgevoerd om nieuwe kennis, producten of productieprocessen te ontwikkelen, of bestaande producten of productieprocessen aanmerkelijk te verbeteren; – productieve investering: een investering in vaste of immateriële activa die hoofdzakelijk wordt aangewend voor de productie van goederen die aan derden verkocht worden of in het eigen productieproces worden verbruikt; – TJTP Groningen-Emmen: het Territorial Just Transition Plan, bedoeld in artikel 11 van de JTF-verordening met betrekking tot de JTF-regio Groningen-Emmen. 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 05-06-2025
Artikel 2.16.2 — Artikel 2.16.2 Doel subsidie#
Artikel 2.16.2 Doel subsidie 1 Het doel van subsidie op grond van deze titel is om uitvoering te geven aan Spoor 1 en 2 van het TJTP Groningen-Emmen door het ondersteunen van marktgedreven onderzoeks- en investeringsprojecten of combinaties van deze activiteiten, die langs de lijnen van de RIS3 2021–2027 zorgen voor een nieuw, economisch, groen perspectief. 2 Projecten waaraan op basis van deze titel subsidie wordt verleend, passen binnen Spoor 1 of 2 van het TJTP Groningen-Emmen uit het programma JTF 2021–2027 en dragen hoofdzakelijk bij aan een nieuw economisch perspectief voor de regio of een groen perspectief voor de regio. 3 Marktgedreven investeringsprojecten binnen Spoor 1 richten zich op het vernieuwen van de regionale economie langs de lijnen van de RIS3. 4 Marktgedreven onderzoeksprojecten binnen Spoor 1 richten zich op de versterking van het kennis- en innovatiesysteem in de regio. Versterking van de kennisinfrastructuur wordt gezien als de basis van de economie door de bestaande samenwerking tussen kennisinstellingen en het bedrijfsleven te versterken voor nieuwe innovatietrajecten, voor zover deze marktgedreven zijn. Er is speciale aandacht binnen deze lijn voor de samenwerking met het mkb en het mkb onderling. 5 Marktgedreven investeringsprojecten binnen Spoor 2 zien op het stimuleren van transformatie van de industrie richting groene productieprocessen. 6 Marktgedreven onderzoeksprojecten binnen Spoor 2 richten zich specifiek op het vergroten van kennis en innovatiekracht om de transitie naar nieuwe vormen van energie en duurzame grondstoffen naar nieuwe (circulaire) waardeketens te versnellen, en op de vervaardiging van nieuwe functies en de inzet van digitale en systeemgerichte toepassingen ter ondersteuning daarvan. 7 Om de transformatie naar een nieuwe, groene economie mogelijk te maken, is het van groot belang dat de aankomende en huidige beroepsbevolking over de juiste vaardigheden beschikt. Het is mogelijk om binnen marktgedreven investerings- en onderzoeksprojecten die vallen onder Spoor 1 of 2, flankerende onderwijs- en of arbeidsmarktmaatregelen in te brengen, voor zover die een duidelijke toegevoegde waarde bieden. 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 05-06-2025
Artikel 2.16.3 — Artikel 2.16.3 Doelgroep#
Artikel 2.16.3 Doelgroep De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie voor een project aan: a. een rechtspersoon; b. een natuurlijk persoon ingeschreven in het handelsregister; c. artikel 1.4, vijfde lid een penvoerder namens de afzonderlijke partijen in een samenwerkingsverband als bedoeld in. 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 05-06-2025
Artikel 2.16.4 — Artikel 2.16.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 2.16.4 Subsidiabele activiteiten 1 Subsidie op basis van deze titel kan worden verstrekt voor marktgedreven onderzoeks- en investeringsprojecten die passen binnen Spoor 1, een nieuw economisch perspectief, of Spoor 2, een groen perspectief van het TJTP Groningen-Emmen. 2 Aanvullend kan op basis van deze titel subsidie worden verstrekt voor direct met het project samenhangende flankerende onderwijs- of arbeidsmarktmaatregelen, voor zover deze niet als hoofddoel van het project aan te merken zijn. 3 De projecten en activiteiten, bedoeld in het eerste en tweede lid, dienen in belangrijke mate te worden verricht ten behoeve van het primaire werkingsgebied de provincie Groningen of de gemeente Emmen, met dien verstande dat de onderwijs- en arbeidsmarktregio in Noord-Nederland (overige gemeenten in de provincie Drenthe en de provincie Fryslân) nauw met elkaar is verbonden. 4 Subsidiabele activiteiten binnen marktgedreven onderzoeks- en investeringsprojecten omvatten één of meerdere van de onderstaande activiteiten, gekoppeld aan het TJTP Groningen-Emmen: a. productieve investeringen; b. onderzoeks- en innovatietrajecten; c. investeringen in digitalisering of robotisering; d. investeringen in het gebruik van technologie of in systemen en infrastructuur gericht op betaalbare schone energie, waaronder ook verstaan investeringen in technologieën voor energieopslag en investeringen in technologieën ter vermindering van broeikasgasemissies; f. investeringen in het bevorderen van een circulaire economie, waaronder het voorkomen en verminderen van afval, efficiënt gebruik van hulpbronnen, hergebruik, herstel en recycling; g. investeringen in en bij de oprichting van nieuwe bedrijven, niet zijnde via financieringsinstrumenten, inclusief de realisatie van ‘demonstrators at scale’ voor eerste commerciële toepassingen van innovatieve technologie in de proces- en maakindustrie; h. flankerende onderwijs- of arbeidsmarktmaatregelen bestaande uit her-, om- of bijscholingstrajecten. 5 De subsidiabele activiteiten, bedoeld in het vierde lid, onderdelen a tot en met h, sluiten aan bij een of meerdere beoogde concrete acties, benoemd in het TJTP Groningen-Emmen, of sluiten aan bij de doelstellingen onder Sporen 1 of 2 van het TJTP Groningen-Emmen: a. digitalisering en robotisering in relatie tot de RIS3-transities; b. nieuwe technologie in clusters en individuele bedrijven in en rondom de proces- en maakindustrie; c. realisatie van ‘demonstrators at scale’ voor eerste commerciële toepassingen van innovatieve technologie in de proces- en maakindustrie; d. (door)ontwikkeling van marktgedreven innovaties waar bedrijven en kennisinstellingen kennis delen en overdragen om tot innovatie te komen; e. het uitvoeren van systeemstudies gericht op het in kaart brengen van kansrijke modaliteiten in de energie-infrastructuur; f. haalbaarheids- of engineerstudies voor de ombouw van bestaande industrie of realisatie van nieuwe waardeketens; g. productie van hernieuwbare energie; h. versneld terugdringen van gebruik fossiele brandstoffen als energiebron bij het mkb en groot bedrijf; i. investeringen van bedrijven in productie van duurzame energiedragers, met name hernieuwbare gassen als grondstof voor de industrie en duurzame biobrandstoffen, uitgezonderd biobrandstoffen waar al een bijmengverplichting van kracht is; j. projecten gericht op de (versnelde) omschakeling naar groene grondstoffen, duurzame waterstof, circulariteit, CCU en CCS en daarmee ook de aanpassing van hun productieprocessen; k. acties gericht op de implementatie van de toepassing van nieuwe grondstoffen en daarmee samenhangende businessmodellen; l. demonstratieprojecten gericht op het realiseren van toegang tot hernieuwbare energie; m. her- om- en bijscholing van werknemers en toekomstig personeel. 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 05-06-2025
Artikel 2.16.5 — Artikel 2.16.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 2.16.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt € 50.000.000. 2 artikel 1.18 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen, overeenkomstig. 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 05-06-2025
Artikel 2.16.6 — Artikel 2.16.6 Aanvraagperiode#
Artikel 2.16.6 Aanvraagperiode 1 Een aanvraag kan worden ingediend in de periode van 14 juli 2025 vanaf 9.00 uur tot en met 12 juni 2026 vóór 17.00 uur. 2 www.jtf-webportal.nl/mijn www.snn.nl Aanvragen worden ingediend door middel van het door de Minister van SZW vastgestelde aanvraagformulier dat beschikbaar is in het/ of via. 2026 1552 28-01-2026 26-01-2026 103516663 2026 1552 28-01-2026 26-01-2026 103516663 29-01-2026
Artikel 2.16.7 — Artikel 2.16.7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 2.16.7 Hoogte van de subsidie 1 Voor projecten binnen Spoor 1 of 2 bedraagt de totale samengestelde maximale subsidie € 10.000.000 voor marktgedreven onderzoeksactiviteiten en investeringen, bedoeld in het tweede en derde lid. In afwijking van het voorgaande kan de totale te verlenen subsidie € 11.000.000 bedragen, indien additionele flankerende onderwijs- en arbeidsmarktmaatregelen worden ingebracht als bedoeld in het vierde lid. 2 Voor onderzoeksactiviteiten binnen projecten bedraagt de subsidie maximaal 50 procent van de subsidiabele kosten, waarbij het maximaal te verlenen subsidiebedrag voor deze activiteiten € 4.000.000 bedraagt. 3 Voor investeringen binnen projecten bedraagt de subsidie maximaal 30 procent van de subsidiabele kosten, waarbij het maximaal te verlenen subsidiebedrag voor deze activiteiten maximaal € 10.000.000 bedraagt. 4 Voor flankerende onderwijs- en arbeidsmarktmaatregelen als onderdeel van projecten binnen Spoor 1 of 2 kan een aanvullende subsidie aangevraagd worden voor maximaal 50 procent van de subsidiabele kosten en met een maximale omvang van 10 procent van de totaal te verlenen subsidie op basis van de combinatie van de subsidies op grond van het tweede en derde lid, waarbij de aanvullende subsidie maximaal € 1.000.000 bedraagt. 5 In afwijking van het eerste, tweede en derde lid wordt de totaal te verlenen subsidie naar beneden bijgesteld, indien de AGVV hiertoe aanleiding geeft. 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 05-06-2025
Artikel 2.16.8 — Artikel 2.16.8 Starttermijn en looptijd#
Artikel 2.16.8 Starttermijn en looptijd 1 Met de uitvoering van de op grond van deze titel gesubsidieerde onderzoeks- of investeringsprojecten wordt gestart binnen drie maanden na de subsidieverlening bij onderzoeksprojecten en binnen zes maanden na de subsidieverlening voor investeringsprojecten. 2 Wanneer ten tijde van het indienen van de aanvraag de benodigde vergunningen nog niet zijn verleend, kan de subsidie verleend worden onder de opschortende voorwaarde dat alle benodigde vergunningen uiterlijk zes maanden na de subsidieverlening zijn verkregen. 3 De uitvoering van het project is uiterlijk op 29 juni 2029 voltooid. 4 Het vaststellingsverzoek van het project dient uiterlijk binnen vier weken na 29 juni 2029 te zijn ingediend. 5 Op verzoek van de subsidieontvanger kan de Minister van SZW de termijnen, bedoeld in het eerste, tweede, derde en vierde lid, verlengen. 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 05-06-2025
Artikel 2.16.9 — Artikel 2.16.9 Afwijzingsgronden#
Artikel 2.16.9 Afwijzingsgronden artikel 1.25 Onverminderdbeslist de Minister van SZW afwijzend op een aanvraag, indien: a. het project inhoudelijk niet aansluit bij de doelstellingen van Spoor 1 of 2 van het TJTP Groningen-Emmen; b. het project niet als marktgedreven valt aan te merken, conform de begripsdefinitie in deze titel; c. door een aanvrager niet voldoende aannemelijk is gemaakt dat het project financieel, juridisch of anderszins obstakelvrij is; d. het aangevraagde project de vorm van een financieringsinstrument heeft; e. de aangevraagde en te verlenen subsidie minder dan € 1.000.000,- bedraagt. 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 05-06-2025
Artikel 2.16.10 — Artikel 2.16.10 Beoordelingscriteria#
Artikel 2.16.10 Beoordelingscriteria 1 artikel 1.20 Projecten worden beoordeeld door het toekennen van punten op de criteria, bedoeld in het. 2 De toelichting op de gehanteerde criteria verschilt tussen projecten gericht op Spoor 1, een nieuw economisch perspectief, en Spoor 2, een groen economisch perspectief. 3 Voor de kwalificatie als Spoor 1 of 2 project wordt gekeken naar de doelstelling van het project in combinatie met de te leveren bijdrage aan de programma-indicatoren. 4 Voor projecten die vallen onder Spoor 1 en 2 van het TJTP Groningen-Emmen, worden de onderstaande criteria en weging gehanteerd: a. de mate waarin het project meer bijdraagt aan de doelstellingen van het Programma JTF 2021–2027: 30 punten; b. de mate waarin het project meer sociaaleconomisch integraal is: 0 punten; c. de mate waarin het technische en sociale innovatiegehalte hoger is: 20 punten; d. de mate waarin het economisch of financieel toekomstperspectief hoger is: 20 punten; e. de mate waarin de kwaliteit van het projectplan beter is: 15 punten; f. de mate waarin het project meer bijdraagt aan duurzame ontwikkeling en aan maatschappelijke-sociale impact: 15 punten. 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 05-06-2025
Artikel 2.16.11 — Artikel 2.16.11 Voorschot#
Artikel 2.16.11 Voorschot 1 De Minister van SZW verleent op aanvraag vooruitlopend op het starten van de projectactiviteiten een voorschot van 10 procent van de verleende subsidie. 2 In afwijking van het eerste lid, kan op gemotiveerd verzoek van de aanvrager een voorschot worden verleend tot maximaal 40 procent van de verleende subsidie, mits: a. de aanvraag voldoende is gemotiveerd; en b. de intermediaire instantie de risicoanalyse op uitbetaling van het voorschot positief heeft afgerond. 3 De Minister van SZW kan onderbouwd afwijken van de in het eerste lid genoemde verstrekking van het voorschot. In ieder geval wordt geen voorschot verleend, wanneer de verleningsbeschikking één of meerdere opschortende of ontbindende voorwaarden bevat. 4 artikel 1.31 De Minister van SZW verleent op aanvraag opvolgende voorschotten op basis van gemaakte en betaalde kosten, conform. In afwijking van artikel 1.31 bedraagt het totaalbedrag aan voorschotten maximaal 80 procent van het verleende subsidiebedrag. 5 In afwijking van het derde lid, kan voor een project een voorschot tot een maximum van 100 procent van de maximaal verleende subsidie worden verstrekt, indien: a. het zeer aannemelijk is dat het project conform de subsidievoorwaarden op afzienbare termijn kan worden afgerond; b. het aannemelijk is dat de kosten die nog gemaakt worden subsidiabel gesteld zullen worden; en c. het niet toekennen van het voorschot onredelijke gevolgen voor de liquiditeitspositie van de aanvragende onderneming of van één of meer leden van het consortium heeft. 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 05-06-2025
Artikel 2.16.12 — Artikel 2.16.12 Subsidieaanvraag#
Artikel 2.16.12 Subsidieaanvraag artikel 1.22 Onverminderdbevat een aanvraag voor subsidie ten minste: a. een volledig ingevuld aanvraagformulier; b. de bij het aanvraagformulier behorende documenten als bijlagen. 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 05-06-2025
Artikel 2.16.13 — Artikel 2.16.13 Staatssteun#
Artikel 2.16.13 Staatssteun artikel 1.4 De subsidie kan staatssteun bevatten en wordt gerechtvaardigd door de inopgenomen artikelen uit de Algemene groepsvrijstellingsverordening. 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 05-06-2025
Artikel 2.16.14 — Artikel 2.16.14 Vervaltermijn#
Artikel 2.16.14 Vervaltermijn Deze titel vervalt met ingang van 31 december 2029, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd. 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 05-06-2025
Artikel 2.17.1 — Artikel 2.17.1 Begripsomschrijvingen#
Artikel 2.17.1 Begripsomschrijvingen In deze titel wordt verstaan onder: – kennisinstelling: a. onderdelen a, b, g of h van de bijlage, behorende bij de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek een instelling voor hoger onderwijs, genoemd in de, een academisch ziekenhuis als bedoeld in onderdeel j van de bijlage behorende bij die wet en de Nyenrode Business Universiteit; b. een andere dan in onderdeel a bedoelde geheel of gedeeltelijk, meerjarig door de overheid gefinancierde onderzoeksorganisatie zonder winstoogmerk die activiteiten verricht met als doel de algemene wetenschappelijke of technische kennis uit te breiden; c. een geheel of gedeeltelijk, meerjarig door een andere lidstaat van de Europese Unie gefinancierde: 1°. openbare instelling voor hoger onderwijs of een daaraan verbonden ziekenhuis, gelijkwaardig aan een instelling respectievelijk academisch ziekenhuis als bedoeld in onderdeel a; 2°. onderzoeksorganisatie zonder winstoogmerk die activiteiten verricht met als doel de algemene wetenschappelijke en technische kennis uit te breiden; d. een rechtspersoon ten aanzien waarvan een instelling als bedoeld in de onderdelen a, b of c direct of indirect: 1°. meer dan de helft van het geplaatste kapitaal verschaft; 2°. volledig aansprakelijk vennoot is; of 3°. overwegende zeggenschap heeft; e. een onderzoeksorganisatie zonder winstoogmerk met eigen medewerkers in loondienst, die tot doel heeft via het structureel doen van eigen onderzoek en het ontwikkelen en testen van technische toepassingen door haar medewerkers, de technologische kennis op een specifiek terrein te bevorderen, die geen instelling is als bedoeld in de onderdelen a tot en met d; f. artikel 1.3.1 1.3.2 1.4.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs https://www.snn.nl/kennisbank/overzicht-proeftuinen-noord-nederland-0 een andere onderwijsinstelling, zoals een instelling voor beroepsonderwijs als bedoeld in,of, of proeftuin uit het overzicht op de website van SNN (), als plekken waar kennis, kunde en faciliteiten ontsloten kunnen worden ten behoeve van het project; – projectpartners: samenwerkende partijen die een aantoonbaar belang hebben bij het samenwerkingsproject en die geen partnerondernemingen van elkaar zijn of verbonden met elkaar zijn als bedoeld in artikel 3, tweede en derde lid, van bijlage 1 van de Algemene groepsvrijstellingsverordening. Partijen die partnerondernemingen zijn of verbonden ondernemingen zijn, worden gezien als één projectpartner binnen een samenwerkingsproject; – RIS3 2021–2027: Research & Innovation Strategy for Smart Specialization Noord-Nederland. Dit is het document waarin de innovatiestrategie voor Noord-Nederland voor de periode 2021–2027 is uiteengezet; – samenwerkingsproject: project dat wordt uitgevoerd door minimaal twee onafhankelijke projectpartners, die een aantoonbaar belang hebben bij het project, waarbij contractonderzoek en het verrichten van onderzoeksdiensten overeenkomstig artikel 2, onderdeel 90, van de Algemene groepsvrijstellingsverordening niet worden beschouwd als vormen van samenwerking; – SNN: Samenwerkingsverband Noord-Nederland, de intermediaire instantie voor JTF-regio Groningen; – TJTP: territoriaal plan voor een rechtvaardige transitie voor JTF-regio Groningen-Emmen 2021–2027, zoals opgenomen als bijlage bij het nationaal JTF-programma 2021–2027; – transities: vier transities zoals beschreven in hoofdstuk 1.4 van de RIS3 2021–2027; – valorisatieproject: innovatietraject gericht op ontwikkeling van nieuwe producten, concepten, technologieën en diensten, of het testen van innovatieve toepassingen in de praktijkomgeving gericht op valorisatie van nieuwe technieken. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 2.17.2 — Artikel 2.17.2 Doel subsidie#
Artikel 2.17.2 Doel subsidie titel Een project waaraan op basis van dezesubsidie wordt verleend moeten passen binnen Spoor 1 en Spoor 2 van het TJTP. Het project draagt bij aan de transformatie en diversificatie van de regionale economie. Dit kan door het stimuleren van de ontwikkeling van nieuwe duurzame waardenketens of innovaties langs de lijnen van de RIS3 2021–2027, zoals de (versnelde) omschakeling naar groene grondstoffen, duurzame waterstof en circulariteit. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 2.17.3 — Artikel 2.17.3 Doelgroep#
Artikel 2.17.3 Doelgroep De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie voor een valorisatieproject aan: a. een natuurlijke ondernemingsvorm; b. een rechtspersoon; c. een deelnemer in een samenwerkingsverband van natuurlijke- of rechtspersonen. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 2.17.4 — Artikel 2.17.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 2.17.4 Subsidiabele activiteiten titel Subsidie op basis van dezekan worden verstrekt voor het uitvoeren van valorisatieprojecten binnen minimaal één van de vier transities. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 2.17.5 — Artikel 2.17.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 2.17.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt € 6.000.000. 2 artikel 1.18 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen, overeenkomstig. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 2.17.6 — Artikel 2.17.6 Aanvraagperiode en preadvies#
Artikel 2.17.6 Aanvraagperiode en preadvies 1 Een aanvraag kan worden ingediend in de periode vanaf 16 oktober 2025 12.00 uur tot en met 16 april 2026 12.00 uur. 2 https://www.jtf-webportal.nl/mijn/ www.snn.nl Aanvragen worden ingediend door middel van het door de Minister van SZW vastgestelde aanvraagformulier dat beschikbaar is viaof via. 3 Voorafgaand aan de aanvraag, bedoeld in het eerste lid, wordt een preadvies gevraagd. 4 Het preadvies geeft een advies over de mate waarin het project past binnen het doel van de subsidie. 5 Een aanvraag voor een preadvies kan worden ingediend tot uiterlijk 4 weken voordat de projectaanvraag wordt ingediend. 6 Een aanvraag voor een preadvies die wordt ingediend buiten de periode, bedoeld in het vijfde lid, wordt niet in behandeling genomen. 7 Aanvragers ontvangen uiterlijk vier weken na afloop van de periode, bedoeld in het vijfde lid, het preadvies. 8 https://www.snn.nl/over-snn/ Het preadvies wordt aangevraagd door middel van het aanvraagformulier dat beschikbaar is via. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 2.17.7 — Artikel 2.17.7 Hoogte subsidie#
Artikel 2.17.7 Hoogte subsidie 1 De subsidie bedraagt 35 procent van de subsidiabele kosten. 2 De subsidie wordt met 10 procentpunten verhoogd indien het project: a. een samenwerkingsproject betreft, waarbij geen van de individuele aanvragers meer dan 70 procent van de in aanmerking komende kosten voor haar rekening neemt; of b. een samenwerkingsproject betreft bestaande uit een onderneming of één of meer kennisinstelling(en), waarbij de activiteiten van deze kennisinstelling(en) ten minste 10 procent van de in aanmerking komende kosten dragen en het recht hebben hun eigen onderzoeksresultaten te publiceren, en waarbij een kennisinstelling ook door middel van inhuur betrokken kan zijn bij de samenwerking. 3 De subsidie wordt nogmaals met 5 procentpunten verhoogd indien het project een samenwerkingsproject betreft tussen één of meer kennisinstelling(en) én een of meerdere ondernemingen die geen partnerondernemingen van elkaar of verbonden met elkaar zijn. Hierbij dienen de activiteiten van de kennisinstelling(en) ten minste 10 procent van de in aanmerking komende kosten te dragen en het recht hebben hun eigen onderzoeksresultaten te publiceren, én mag geen van de individuele aanvragers meer dan 70 procent van de in aanmerking komende kosten voor haar rekening nemen. 4 In afwijking van het eerste tot en met derde lid kan de hoogte van het subsidiepercentage per aanvrager worden beperkt, indien de regels van de Algemene groepsvrijstellingsverordening en de de-minimisverordening daartoe aanleiding bieden. 5 De subsidie bedraagt minimaal € 350.000 per project. 6 De subsidie bedraagt maximaal € 1.000.000 per project en maximaal € 625.000 per projectpartner. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 2.17.8 — Artikel 2.17.8 Starttermijn en looptijd#
Artikel 2.17.8 Starttermijn en looptijd 1 titel Met de uitvoering van de op grond van dezegesubsidieerde projecten wordt gestart binnen drie maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking. 2 Wanneer ten tijde van het indienen van de aanvraag de benodigde vergunningen nog niet zijn verleend, wordt de subsidie verleend onder de opschortende voorwaarde dat alle benodigde vergunningen uiterlijk vijf maanden na indiening van de aanvraag zijn verkregen. 3 De uitvoering van het project is binnen 36 maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking voltooid. 4 Op verzoek van de subsidieontvanger kan de Minister van SZW de termijn, bedoeld in het eerste tot en met derde lid, verlengen. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 2.17.9 — Artikel 2.17.9 Afwijzingsgronden#
Artikel 2.17.9 Afwijzingsgronden artikel 1.25 Onverminderdbeslist de Minister van SZW afwijzend op een aanvraag indien: a. onvoldoende vertrouwen bestaat in de technische of economische haalbaarheid van het project; b. door een aanvrager niet voldoende aannemelijk is gemaakt dat het project financieel, ruimtelijk of anderszins, obstakelvrij is; of c. niet aannemelijk is dat alle projectactiviteiten van het project binnen 36 maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking volledig ten uitvoer kunnen zijn gebracht. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 2.17.10 — Artikel 2.17.10 Beoordelingscriteria#
Artikel 2.17.10 Beoordelingscriteria 1 artikel 1.20, tweede lid Gelet op, wordt een project uitsluitend beoordeeld op de onderdelen a, c, d, e en f van artikel 1.20, eerste lid. 2 artikel 1.20, derde lid Gelet op, kent de Minister van SZW per onderdeel, genoemd in het eerste lid, maximaal de volgende hoeveelheid punten toe: a. de mate waarin het project meer bijdraagt aan de doelstellingen van het Programma JTF 2021–2027: 25 punten; c. de mate waarin het technische en sociale innovatiegehalte hoger is: 20 punten; d. de mate waarin het economisch of financieel toekomstperspectief hoger is: 20 punten; e. de mate waarin de kwaliteit van het projectplan beter is: 15 punten; f. de mate waarin het project meer bijdraagt aan duurzame ontwikkeling en aan maatschappelijke-sociale impact: 20 punten. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 2.17.11 — Artikel 2.17.11 Voorschot#
Artikel 2.17.11 Voorschot 1 artikel 1.30 De Minister van SZW verleent op aanvraag een voorschot vooruitlopend op te maken kosten als bedoeld invan 30 procent van de verleende subsidie. 2 De Minister van SZW kan onderbouwd afwijken van de in het eerste lid bedoelde verlening van het voorschot. In ieder geval wordt geen voorschot verleend wanneer de verleningsbeschikking een of meer opschortende of ontbindende voorwaarden bevat. 3 artikel 1.31 De Minister van SZW verleent op aanvraag opvolgende voorschotten op basis van gerealiseerde projectactiviteiten als bedoeld in. 4 artikel 1.31, zesde lid In afwijking van, bedragen de voorschotten in totaal maximaal 80 procent van het verleende subsidiebedrag. 5 In afwijking van het vierde lid kan een voorschot tot een maximum van 100 procent van de maximaal verleende subsidie worden verstrekt, indien: a. het zeer aannemelijk is dat het project conform de subsidievoorwaarden binnen afzienbare termijn kan worden afgerond; b. het aannemelijk is dat de kosten die nog gemaakt worden subsidiabel gesteld zullen worden; en c. het niet toekennen van het voorschot onredelijke gevolgen voor de liquiditeitspositie van de aanvragende onderneming heeft. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 2.17.12 — Artikel 2.17.12 Subsidieaanvraag#
Artikel 2.17.12 Subsidieaanvraag 1 artikel 1.22 Onverminderdbevat een aanvraag voor subsidie ten minste: a. een volledig ingevuld aanvraagformulier; b. de in het aanvraagformulier genoemde documenten, waarvoor door de Minister van SZW aangeleverde vaste formats moeten worden gebruikt inclusief daaraan verbonden voorschriften; c. artikel 2.17.6, derde lid een preadvies als bedoeld in. 2 artikel 1.22, eerste lid, onderdeel b Voor het door de Minister van SZW vastgestelde format voor het projectplan bedoeld in, en tweede lid, geldt het maximumaantal pagina’s. Een aanvraag die hieraan niet voldoet wordt afgewezen. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 2.17.13 — Artikel 2.17.13 Staatssteun#
Artikel 2.17.13 Staatssteun Indien de subsidie staatssteun bevat dan dient het gerechtvaardigd te worden door: a. de de-minimisverordening; of b. de Algemene groepsvrijstellingsverordening. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 2.17.14 — Artikel 2.17.14 Vervaltermijn#
Artikel 2.17.14 Vervaltermijn titel Dezevervalt met ingang van 31 december 2027, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 3.1.1 — Artikel 3.1.1 Begripsomschrijvingen#
Artikel 3.1.1 Begripsomschrijvingen In deze titel wordt verstaan onder: – TJTP IJmond: het Territorial Just Transition Plan IJmond, bedoeld in artikel 11 van de JTF-verordening, met betrekking tot de JTF-regio IJmond. 2022 34303 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259241 2022 34303 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259241 30-12-2022
Artikel 3.1.2 — Artikel 3.1.2 Doel subsidie#
Artikel 3.1.2 Doel subsidie Het doel van de subsidie op grond van deze titel heeft is het bevorderen van vernieuwing, versterking en diversificatie van de regionale economie, investeringen in technologie, systemen en infrastructuur om nieuwe, duurzame banen te creëren en investeringen in een wendbare en weerbare beroepsbevolking. 2022 34303 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259241 2022 34303 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259241 30-12-2022
Artikel 3.1.3 — Artikel 3.1.3 Doelgroep#
Artikel 3.1.3 Doelgroep De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie aan een aanvrager voor een project dat: a. bijlage 2 past binnen één van de inopgenomen beschrijvingen; b. wordt uitgevoerd in de JTF-regio IJmond; en c. past binnen de kaders van deze regeling. 2022 34303 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259241 2022 34303 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259241 30-12-2022
Artikel 3.1.4 — Artikel 3.1.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 3.1.4 Subsidiabele activiteiten Subsidie op basis van deze titel kan worden verstrekt voor projecten die passen binnen de sporen 1, 2 of 3 van prioritaire as 2 uit het Programma JTF 2021–2027. 2022 34303 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259241 2022 34303 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259241 30-12-2022
Artikel 3.1.5 — Artikel 3.1.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 3.1.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt € 44.304.516. 2 artikel 1.18 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen, overeenkomstig. 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 19-11-2025
Artikel 3.1.6 — Artikel 3.1.6 Aanvraagperiode#
Artikel 3.1.6 Aanvraagperiode 1 Een aanvraag kan worden ingediend vanaf 23 januari 2023 9.00 uur. 2 https://start.jtf-webportal.nl/ Aanvragen worden ingediend door middel van het door de Minister van SZW vastgestelde aanvraagformulier dat beschikbaar is in het. 2022 34303 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259241 2022 34303 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259241 30-12-2022
Artikel 3.1.7 — Artikel 3.1.7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 3.1.7 Hoogte van de subsidie 1 De subsidie bedraagt maximaal 50 procent van de subsidiabele kosten. 2 De subsidie kent een maximum van € 4.000.000 per aanvraag. 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 02-06-2023
Artikel 3.1.8 — Artikel 3.1.8 Starttermijn en looptijd#
Artikel 3.1.8 Starttermijn en looptijd 1 De activiteiten van een project in het kader van deze titel vangen niet eerder aan dan de dag waarop de aanvraag compleet is ingediend. 2 De projectactiviteiten zijn uiterlijk 31 december 2029 uitgevoerd. 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 2025 10235 01-04-2025 31-03-2025 WJZ/97642671 02-04-2025
Artikel 3.1.9 — Artikel 3.1.9 Beoordelingscriteria#
Artikel 3.1.9 Beoordelingscriteria 1 artikel 1.20, eerste lid Projecten worden beoordeeld op alle onderdelen van. 2 artikel 1.20, derde lid Gelet op, bedraagt het aantal punten per onderdeel van het eerste lid ten hoogste: a. bijdrage aan de doelstellingen van het JTF-programma 2021–2027: 20 punten; b. sociaal-economische integraliteit: 20 punten; c. technische en sociale innovatiegehalte: 15 punten; d. economisch of financieel toekomstperspectief: 15 punten; e. kwaliteit van het projectplan: 15 punten; f. bijdrage aan duurzame ontwikkeling en aan maatschappelijke-sociale impact: 15 punten. 2022 34303 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259241 2022 34303 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259241 30-12-2022
Artikel 3.1.10 — Artikel 3.1.10 Voorschot#
Artikel 3.1.10 Voorschot 1 De Minister van SZW verleent op basis van een gemotiveerde aanvraag, vooruitlopend op realisatie van de projectactiviteiten een voorschot als werkkapitaal op het moment van beschikken van de subsidie van maximaal 30 procent van de verleende subsidie. 2 De Minister van SZW kan onderbouwd afwijken van de in het eerste lid genoemde verstrekking van het voorschot. 3 In ieder geval wordt geen voorschot verleend, wanneer de verleningsbeschikking een of meer opschortende of ontbindende voorwaarden bevat. 4 artikel 1.31 De Minister van SZW verleent op aanvraag opvolgende voorschotten op basis van gerealiseerde projectactiviteiten als bedoeld in. 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 08-02-2025
Artikel 3.1.11 — Artikel 3.1.11 Vervaltermijn#
Artikel 3.1.11 Vervaltermijn bijlage 2 artikel 9.2.2.1 Deze titel,envervallen met ingang van 1 januari 2027, met dien verstande dat deze titel van toepassing blijven op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 3.3.1 — Artikel 3.3.1 Begripsomschrijvingen#
Artikel 3.3.1 Begripsomschrijvingen In deze titel wordt verstaan onder: opleidingsinstituut: artikel 3.3.3 erkende onderwijsinstelling, bedrijfsschool of private opleider als bedoeld in; EQF-register: kwalificatieregister van alle private kwalificaties die tot nu toe in Europa zijn ingeschaald in het Europese kwalificatieraamwerk; NLQF-register: kwalificatieregister van alle private kwalificaties die tot nu toe in Nederland zijn ingeschaald in het Nederlandse kwalificatieraamwerk en de Europese equivalent; NRTO: Nederlandse Raad voor Training en Opleiding, overkoepelende brancheorganisatie voor alle particuliere trainings- en opleidingsbureaus in Nederland; scholingstraject: het opleiden van een natuurlijk persoon voor een baan die bijdraagt aan de transitie naar een circulaire en klimaatneutrale economie; voorschakeltraject: het door een opleider begeleiden van een traject waarin een natuurlijk persoon leert wat de sector doet en door de begeleiding de bewuste keuze kan maken voor een baan die bijdraagt aan de transitie naar een circulaire en klimaatneutrale economie; scholingsvoucher: artikel 3.3.3 een op grond vandoor een opleidingsinstituut afgegeven document ten behoeve van het volgen van een scholings- of een voorschakeltraject. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 3.3.2 — Artikel 3.3.2 Doel scholingsvouchers#
Artikel 3.3.2 Doel scholingsvouchers Doel van de scholingsvouchers is het bevorderen van een voldoende, goed opgeleide, gemotiveerde en beschikbare beroepsbevolking. De scholingsvouchers dragen bij aan de transitieopgaven in de regio en vangen de wijzigingen en het verdwijnen van vacatures als gevolg van de transitieopgave op. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 3.3.3 — Artikel 3.3.3 Aanvraag en verstrekking scholingsvoucher#
Artikel 3.3.3 Aanvraag en verstrekking scholingsvoucher De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie ten behoeve van een of meer scholingsvouchers aan een opleidingsinstituut dat: a. erkend is door de Minister van Onderwijs Cultuur en Wetenschap; b. erkend is door de NRTO; c. erkend is door de betreffende branche of sector; d. opgenomen is in het NLQF- of EQF-register; of e. een bedrijfsschool is, gelieerd aan of formeel geaccrediteerd voor een in Nederland erkende opleiding. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 3.3.4 — Artikel 3.3.4 Subsidiabele activiteiten en omvang subsidie#
Artikel 3.3.4 Subsidiabele activiteiten en omvang subsidie 1 Een scholingsvoucher kan worden ingezet voor de volgende activiteiten: a. een scholingstraject; of b. een voorschakeltraject. 2 De subsidie bedraagt maximaal 50 procent van de subsidiabele kosten exclusief btw, met een maximum subsidiebedrag van € 1.250 per scholingsvoucher. 3 De subsidie bedraagt ten minste € 50.000 en ten hoogste € 100.000. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 3.3.5 — Artikel 3.3.5 Starttermijn en looptijd#
Artikel 3.3.5 Starttermijn en looptijd 1 De activiteiten van een project in het kader van deze titel vangen niet eerder aan dan de dag waarop de verleningsbeschikking is afgegeven. 2 Een scholingsvoucher kan door de aanvrager worden uitgegeven tot en met 31 december 2026. 3 De activiteiten van een project zijn uiterlijk 31 december 2027 door de aanvrager uitgevoerd. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 3.3.6 — Artikel 3.3.6 Subsidieplafond en wijze van verdelen#
Artikel 3.3.6 Subsidieplafond en wijze van verdelen 1 Het subsidieplafond voor deze titel bedraagt € 500.000. 2 artikel 1.18 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen, overeenkomstig. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 3.3.7 — Artikel 3.3.7 Aanvraagperiode en gegevens subsidieaanvraag#
Artikel 3.3.7 Aanvraagperiode en gegevens subsidieaanvraag 1 Een aanvraag kan worden ingediend in de periode vanaf 15 augustus 2023 9.00 uur tot en met 31 december 2026 17.00 uur. 2 https://www.jtf-webportal.nl/mijn/ Aanvragen worden ingediend door middel van het door de Minister van SZW vastgestelde aanvraagformulier dat beschikbaar is in het. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 3.3.8 — Artikel 3.3.8 Subsidiabele kosten#
Artikel 3.3.8 Subsidiabele kosten 1 De subsidie wordt verleend op basis van een door de subsidieaanvrager ingediende ontwerpbegroting als bedoeld in artikel 53, derde lid, aanhef en onderdeel b, van de GB-verordening. 2 artikel 1.11 In afwijking vanzijn de in de ontwerpbegroting op te nemen subsidiabele kosten waarvoor de scholingsvoucher kan worden ingezet de opleidingskosten, bedoeld in artikel 31, derde lid, van de Algemene groepsvrijstellingsverordening, van de natuurlijk persoon. 3 artikel 1.15 Onverminderdkomen de volgende kosten niet in aanmerking als subsidiabele kosten: a. reis- en verblijfskosten; b. kosten voor voedsel en drank; en c. kosten voor opleidingen van natuurlijke personen die ten tijde van de aanvraag de leeftijd van 30 jaren nog niet hebben bereikt, en: 1°. artikelen 2.4 2.8 2.10 2.11 van de Wet studiefinanciering 2000 de te subsidiëren opleiding kan worden aangemerkt als een onderwijssoort als bedoeld in de,,en; of 2°. artikelen 2.9 2.10 van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten de te subsidiëren opleiding kan worden aangemerkt als een onderwijssoort als bedoeld in deof. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 3.3.9 — Artikel 3.3.9 Beoordelingscriteria#
Artikel 3.3.9 Beoordelingscriteria 1 artikel 1.20, tweede lid Gelet op, wordt een project uitsluitend beoordeeld op de onderdelen a, b, e en f van artikel 1.20, eerste lid. 2 artikel 1.20, derde lid Gelet op, kent de Minister van SZW per onderdeel als bedoeld in het eerste lid maximaal de volgende hoeveelheid punten toe: a. voor de mate waarin het project meer bijdraagt aan de doelstellingen van het Programma JTF 2021–2027: 30 punten; b. voor de mate waarin het project meer sociaaleconomisch integraal is: 20 punten; c. voor de mate waarin de kwaliteit van het projectplan beter is: 20 punten; d. voor de mate waarin het project meer bijdraagt aan duurzame ontwikkeling en aan maatschappelijke-sociale impact: 30 punten. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 3.3.10 — Artikel 3.3.10 Voorschot#
Artikel 3.3.10 Voorschot 1 artikel 1.31 De Minister van SZW verleent op aanvraag een voorschot op grond van gerealiseerde projectactiviteiten als bedoeld in. 2 artikel 1.31, vijfde lid In aanvulling op, bevat de aanvraag voor een voorschot bewijsstukken waaruit blijkt hoeveel scholings- of voorschakeltrajecten met een door het opleidingsinstituut afgegeven scholingsvoucher zijn afgerond. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 3.3.11 — Artikel 3.3.11 Aanvraag vaststelling subsidie#
Artikel 3.3.11 Aanvraag vaststelling subsidie artikel 1.32, vijfde en zesde lid In aanvulling op, bevat de aanvraag tot subsidievaststelling bewijsstukken waaruit blijkt hoeveel scholings- of voorschakeltrajecten met een door het opleidingsinstituut afgegeven scholingsvoucher zijn afgerond. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 3.3.12 — Artikel 3.3.12 Staatssteun#
Artikel 3.3.12 Staatssteun Een scholingsvoucher bevat staatsteun en wordt gerechtvaardigd door artikel 31 van de Algemene groepsvrijstellingsverordening. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 3.3.13 — Artikel 3.3.13 Vervaltermijn#
Artikel 3.3.13 Vervaltermijn Deze titel vervalt met ingang van 1 januari 2027, met dien verstande dat deze titel van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 3.4.1 — Artikel 3.4.1 Begripsbepalingen#
Artikel 3.4.1 Begripsbepalingen Vervallen 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 01-01-2026
Artikel 3.4.2 — Artikel 3.4.2 Doel subsidie#
Artikel 3.4.2 Doel subsidie Vervallen 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 01-01-2026
Artikel 3.4.3 — Artikel 3.4.3 Doelgroep#
Artikel 3.4.3 Doelgroep Vervallen 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 01-01-2026
Artikel 3.4.4 — Artikel 3.4.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 3.4.4 Subsidiabele activiteiten Vervallen 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 01-01-2026
Artikel 3.4.5 — Artikel 3.4.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 3.4.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling Vervallen 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 01-01-2026
Artikel 3.4.6 — Artikel 3.4.6 Aanvraagperiode#
Artikel 3.4.6 Aanvraagperiode Vervallen 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 01-01-2026
Artikel 3.4.7 — Artikel 3.4.7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 3.4.7 Hoogte van de subsidie Vervallen 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 01-01-2026
Artikel 3.4.8 — Artikel 3.4.8 Subsidiabele kosten#
Artikel 3.4.8 Subsidiabele kosten Vervallen 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 01-01-2026
Artikel 3.4.9 — Artikel 3.4.9 Starttermijn en looptijd#
Artikel 3.4.9 Starttermijn en looptijd Vervallen 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 01-01-2026
Artikel 3.4.10 — Artikel 3.4.10 Afwijzingsgronden#
Artikel 3.4.10 Afwijzingsgronden Vervallen 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 01-01-2026
Artikel 3.4.11 — Artikel 3.4.11 Beoordelingscriteria#
Artikel 3.4.11 Beoordelingscriteria Vervallen 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 01-01-2026
Artikel 3.4.12 — Artikel 3.4.12 Voorschot#
Artikel 3.4.12 Voorschot Vervallen 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 01-01-2026
Artikel 3.4.13 — Artikel 3.4.13 Subsidieaanvraag#
Artikel 3.4.13 Subsidieaanvraag Vervallen 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 01-01-2026
Artikel 3.4.14 — Artikel 3.4.14 Vervaltermijn#
Artikel 3.4.14 Vervaltermijn Vervallen 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 01-01-2026
Artikel 4.1.1 — Artikel 4.1.1 Begripsomschrijvingen#
Artikel 4.1.1 Begripsomschrijvingen In deze titel wordt verstaan onder: TJTP Groot-Rijnmond: het Territorial Just Transition Plan, bedoeld in artikel 11 van de JTF-verordening met betrekking tot de JTF-regio Groot-Rijnmond. 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 30-12-2022
Artikel 4.1.2 — Artikel 4.1.2 Doel subsidie#
Artikel 4.1.2 Doel subsidie Het doel van de subsidie op grond van deze titel is het bevorderen van vernieuwing en versterking van de regionale economie met nieuwe, duurzame of circulaire industriële ketens en versnellen van de transitie met investeringen in technologie, systemen en infrastructuur tot decarbonisatie van bestaande industriële ketens. 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 30-12-2022
Artikel 4.1.3 — Artikel 4.1.3 Doelgroep#
Artikel 4.1.3 Doelgroep De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie aan een aanvrager van een project dat: a. bijlage 3 past binnen één van de inopgenomen beschrijvingen; b. wordt uitgevoerd in de JTF-regio Groot-Rijnmond; c. past binnen de kaders van deze regeling. 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 30-12-2022
Artikel 4.1.4 — Artikel 4.1.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 4.1.4 Subsidiabele activiteiten Subsidie op basis van deze titel kan worden verstrekt voor projecten die passen binnen de prioritaire as 3, spoor 1 – het vernieuwen en versterken regionale economie met duurzame en/of circulaire industriële ketens of spoor 2 – het versnellen van transitie met investeringen in technologie, systemen en infrastructuur tot decarbonisatie industriële ketens, van het Programma JTF 2021–2027. 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 30-12-2022
Artikel 4.1.5 — Artikel 4.1.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 4.1.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt € 31.100.000. 2 artikel 1.18 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen, overeenkomstig. 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 30-12-2022
Artikel 4.1.6 — Artikel 4.1.6 Aanvraagperiode#
Artikel 4.1.6 Aanvraagperiode 1 Een aanvraag kan worden ingediend vanaf 23 januari 2023 9.00 uur tot en met 31 mei 2025 17.00 uur. 2 https://start.jtf-webportal.nl/ Aanvragen worden ingediend door middel van het door de Minister van SZW vastgestelde aanvraagformulier dat beschikbaar is in het. 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 08-02-2025
Artikel 4.1.7 — Artikel 4.1.7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 4.1.7 Hoogte van de subsidie 1 De subsidie bedraagt maximaal 50 procent van de subsidiabele kosten. 2 De subsidie bedraagt ten hoogste € 2.000.000 per project. 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 30-12-2022
Artikel 4.1.8 — Artikel 4.1.8 Starttermijn en looptijd#
Artikel 4.1.8 Starttermijn en looptijd 1 De projectactiviteiten in het kader van deze titel vangen niet eerder aan dan de dag waarop de aanvraag compleet is ingediend. 2 De projectactiviteiten zijn uiterlijk 31 december 2029 uitgevoerd. 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 08-02-2025
Artikel 4.1.9 — Artikel 4.1.9 Beoordelingscriteria#
Artikel 4.1.9 Beoordelingscriteria 1 artikel 1.20, eerste lid Aanvragen worden beoordeeld op alle onderdelen van. 2 artikel 1.20, derde lid Gelet op, bedraagt het aantal punten per onderdeel van het eerste lid ten hoogste: a. bijdrage aan de doelstellingen van het Programma JTF 2021–2027: 20 punten; b. sociaal-economischeintegraliteit: 15 punten; c. technische en sociale innovatiegehalte: 15 punten; d. economisch of financieel toekomstperspectief: 15 punten; e. kwaliteit van het projectplan: 15 punten; f. bijdrage aan duurzame ontwikkeling en aan maatschappelijke-sociale impact: 20 punten. 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 30-12-2022
Artikel 4.1.10 — Artikel 4.1.10 Voorschot#
Artikel 4.1.10 Voorschot 1 De Minister van SZW verleent op basis van een gemotiveerde aanvraag een voorschot als werkkapitaal op het moment van beschikken van de subsidie van maximaal 30 procent van de subsidiabele projectkosten. 2 De Minister van SZW kan onderbouwd afwijken van de in het eerste lid genoemde verstrekking van het voorschot. 3 In ieder geval wordt geen voorschot verleend wanneer de verleningsbeschikking een of meer opschortende of ontbindende voorwaarden bevat. 4 artikel 1.31 De Minister van SZW verleent op aanvraag opvolgende voorschotten op basis van gerealiseerde projectactiviteiten als bedoeld in. 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 08-02-2025
Artikel 4.1.11 — Artikel 4.1.11 Vervaltermijn#
Artikel 4.1.11 Vervaltermijn titel Dezevervalt met ingang van 1 januari 2027, met dien verstande dat deze titel van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 4.2.1 — Artikel 4.2.1 Begripsomschrijvingen#
Artikel 4.2.1 Begripsomschrijvingen In deze titel wordt verstaan onder: TJTP Rijnmond: het Territorial Just Transition Plan, bedoeld in artikel 11 van de JTF-verordening met betrekking tot de regio Groot-Rijnmond. 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 30-12-2022
Artikel 4.2.2 — Artikel 4.2.2 Doel subsidie#
Artikel 4.2.2 Doel subsidie Een project in het kader van deze titel heeft tot doel het bevorderen van de beschikbaarheid van voldoende juist opgeleide en gemotiveerde weerbare beroepsbevolking voor de opgaven, bij een toenemend vacature-overschot en het verdwijnen of wijzigen van bestaande functies door de transitieopgave. 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 30-12-2022
Artikel 4.2.3 — Artikel 4.2.3 Doelgroep#
Artikel 4.2.3 Doelgroep De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie aan een aanvrager van een project dat: a. bijlage 4 past binnen één van de inopgenomen beschrijvingen; b. wordt uitgevoerd in de JTF-regio Groot-Rijnmond; en c. past binnen de kaders van deze regeling. 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 30-12-2022
Artikel 4.2.4 — Artikel 4.2.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 4.2.4 Subsidiabele activiteiten Subsidie op basis van deze titel kan worden verstrekt voor projecten die passen binnen de spoor 3 van prioritaire as 3 uit het Programma JTF 2021–2027. 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 30-12-2022
Artikel 4.2.5 — Artikel 4.2.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 4.2.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt € 9.375.000. 2 artikel 1.18 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen, overeenkomstig. 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 30-12-2022
Artikel 4.2.6 — Artikel 4.2.6 Aanvraagperiode#
Artikel 4.2.6 Aanvraagperiode 1 Een aanvraag kan worden ingediend vanaf 23 januari 2023 9.00 uur tot en met 31 mei 2025 17.00 uur. 2 https://start.jtf-webportal.nl/ Aanvragen worden ingediend door middel van het door de Minister van SZW vastgestelde aanvraagformulier dat beschikbaar is in het. 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 08-02-2025
Artikel 4.2.7 — Artikel 4.2.7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 4.2.7 Hoogte van de subsidie 1 De subsidie bedraagt maximaal 50 procent van de subsidiabele kosten. 2 De subsidie kent geen maximum per project. 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 30-12-2022
Artikel 4.2.8 — Artikel 4.2.8 Starttermijn en looptijd#
Artikel 4.2.8 Starttermijn en looptijd 1 De activiteiten van een project in het kader van deze titel vangen niet eerder aan dan de dag waarop de aanvraag compleet is ingediend. 2 De projectactiviteiten zijn uiterlijk 31 december 2029 uitgevoerd. 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 08-02-2025
Artikel 4.2.9 — Artikel 4.2.9 Beoordelingscriteria#
Artikel 4.2.9 Beoordelingscriteria artikel 1.20, derde lid Gelet op, bedraagt het aantal punten per onderdeel van het eerste lid ten hoogste: a. bijdrage aan de doelstellingen van het Programma JTF 2021–2027: 20 punten; b. sociaal-economische integraliteit: 30 punten; c. technische en sociale innovatiegehalte: 20 punten; d. economisch of financieel toekomstperspectief: 0 punten; e. kwaliteit van het projectplan: 15 punten; f. bijdrage aan duurzame ontwikkeling en aan maatschappelijke-sociale impact: 15 punten. 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 2022 34305 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000259954 30-12-2022
Artikel 4.2.10 — Artikel 4.2.10 Voorschot#
Artikel 4.2.10 Voorschot 1 De Minister van SZW verleent op basis van een gemotiveerde aanvraag een voorschot als werkkapitaal op het moment van beschikken van de subsidie van maximaal 30 procent van de subsidie. 2 De Minister van SZW kan onderbouwd afwijken van de in het eerste lid genoemde verstrekking van het voorschot. 3 In ieder geval wordt geen voorschot verleend wanneer de verleningsbeschikking een of meer opschortende of ontbindende voorwaarden bevat. 4 artikel 1.31 De Minister van SZW verleent op aanvraag opvolgende voorschotten op basis van gerealiseerde projectactiviteiten als bedoeld in. 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 08-02-2025
Artikel 4.2.11 — Artikel 4.2.11 Vervaltermijn#
Artikel 4.2.11 Vervaltermijn bijlage 4 Deze titel envervallen met ingang van 1 januari 2027, met dien verstande dat deze titel van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd. 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 2023 4789 23-02-2023 20-02-2023 2023-0000058223 24-02-2023
Artikel 4.3.1 — Artikel 4.3.1 Begripsomschrijvingen#
Artikel 4.3.1 Begripsomschrijvingen In deze titel wordt verstaan onder: opleidingsinstituut: artikel 4.3.3 erkende onderwijsinstelling, bedrijfsschool of private opleider als bedoeld in; EQF-register: kwalificatieregister van alle private kwalificaties die tot nu toe in Europa zijn ingeschaald in het Europese kwalificatieraamwerk; NLQF-register: kwalificatieregister van alle private kwalificaties die tot nu toe in Nederland zijn ingeschaald in het Nederlandse kwalificatieraamwerk en de Europese equivalent; NRTO: Nederlandse Raad voor Training en Opleiding, overkoepelende brancheorganisatie voor alle particuliere trainings- en opleidingsbureaus in Nederland; scholingstraject: het opleiden van een natuurlijk persoon voor een baan in de energietransitie of werken in de haven; voorschakeltraject: het door een opleider begeleiden van een traject waarin een natuurlijk persoon leert wat de sector doet en door de begeleiding de bewuste keuze kan maken voor een baan in de energietransitie of werken in de haven; scholingsvoucher: artikel 4.3.3 een op grond vandoor een opleidingsinstituut afgegeven document ten behoeve van het volgen van een scholings- of een voorschakeltraject. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 4.3.2 — Artikel 4.3.2 Doel scholingsvouchers#
Artikel 4.3.2 Doel scholingsvouchers Doel van de scholingsvouchers is het bevorderen van een voldoende, goed opgeleide, gemotiveerde en beschikbare beroepsbevolking. De scholingsvouchers dragen bij aan de transitieopgaven in de regio en vangen de wijzigingen en het verdwijnen van vacatures als gevolg van de transitieopgave op. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 4.3.3 — Artikel 4.3.3 Aanvraag en verstrekking scholingsvoucher#
Artikel 4.3.3 Aanvraag en verstrekking scholingsvoucher De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie ten behoeve van een of meer scholingsvouchers aan een opleidingsinstituut dat: a. erkend is door de Minister van Onderwijs Cultuur en Wetenschap; b. erkend is door de NRTO; c. erkend is door de betreffende branche of sector; d. opgenomen is in het NLQF- of EQF-register; of e. een bedrijfsschool is, gelieerd aan of formeel geaccrediteerd voor een in Nederland erkende opleiding. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 4.3.4 — Artikel 4.3.4 Subsidiabele activiteiten en omvang subsidie#
Artikel 4.3.4 Subsidiabele activiteiten en omvang subsidie 1 Een scholingsvoucher kan worden ingezet voor de volgende activiteiten: a. een scholingstraject; of b. een voorschakeltraject. 2 De subsidie bedraagt maximaal 50 procent van de subsidiabele kosten exclusief btw, met een maximum subsidiebedrag van € 1.250 per scholingsvoucher. 3 De subsidie bedraagt ten minste € 50.000 en ten hoogste € 100.000. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 4.3.5 — Artikel 4.3.5 Starttermijn en looptijd#
Artikel 4.3.5 Starttermijn en looptijd 1 De activiteiten van een project in het kader van deze titel vangen niet eerder aan dan de dag waarop de verleningsbeschikking is afgegeven. 2 Een scholingsvoucher kan door de aanvrager worden uitgegeven tot en met 31 december 2027. 3 De activiteiten van een project zijn uiterlijk 31 december 2029 door de aanvrager uitgevoerd. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 4.3.6 — Artikel 4.3.6 Subsidieplafond en wijze van verdelen#
Artikel 4.3.6 Subsidieplafond en wijze van verdelen 1 Het subsidieplafond voor deze titel bedraagt € 600.000. 2 artikel 1.18 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen, overeenkomstig. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 4.3.7 — Artikel 4.3.7 Aanvraagperiode en gegevens subsidieaanvraag#
Artikel 4.3.7 Aanvraagperiode en gegevens subsidieaanvraag 1 Een aanvraag kan worden ingediend in de periode vanaf 15 augustus 2023 9.00 uur tot en met 31 december 2026 17.00 uur. 2 https://www.jtf-webportal.nl/mijn/ Aanvragen worden ingediend door middel van het door de Minister van SZW vastgestelde aanvraagformulier dat beschikbaar is in het. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 4.3.8 — Artikel 4.3.8 Subsidiabele kosten#
Artikel 4.3.8 Subsidiabele kosten 1 De subsidie wordt verleend op basis van een door de subsidieaanvrager ingediende ontwerpbegroting als bedoeld in artikel 53, derde lid, aanhef en onderdeel b, van de GB-verordening. 2 artikel 1.11 In afwijking vanzijn de in de ontwerpbegroting op te nemen subsidiabele kosten waarvoor de scholingsvoucher kan worden ingezet de opleidingskosten, bedoeld in artikel 31, derde lid, van de Algemene groepsvrijstellingsverordening, van de natuurlijk persoon. 3 artikel 1.15 Onverminderdkomen de volgende kosten niet in aanmerking als subsidiabele kosten: a. reis- en verblijfskosten; b. kosten voor voedsel en drank; en c. kosten voor opleidingen van natuurlijke personen die ten tijde van de aanvraag de leeftijd van 30 jaren nog niet hebben bereikt en: 1°. artikelen 2.4 2.8 2.10 2.11 van de Wet studiefinanciering 2000 de te subsidiëren opleiding kan worden aangemerkt als een onderwijssoort als bedoeld in de,,en; of 2°. artikelen 2.9 2.10 van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten de te subsidiëren opleiding kan worden aangemerkt als een onderwijssoort als bedoeld in deof. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 4.3.9 — Artikel 4.3.9 Beoordelingscriteria#
Artikel 4.3.9 Beoordelingscriteria 1 artikel 1.20, tweede lid Gelet op, wordt een project uitsluitend beoordeeld op de onderdelen a, b, e en f van artikel 1.20, eerste lid. 2 artikel 1.20, derde lid Gelet op, kent de Minister van SZW per onderdeel van het eerste lid maximaal de volgende hoeveelheid punten toe: a. voor de mate waarin het project meer bijdraagt aan de doelstellingen van het Programma JTF 2021–2027: 30 punten; b. voor de mate waarin het project meer sociaaleconomisch integraal is: 20 punten; c. voor de mate waarin de kwaliteit van het projectplan beter is: 20 punten; d. voor de mate waarin het project meer bijdraagt aan duurzame ontwikkeling en aan maatschappelijke-sociale impact: 30 punten. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 4.3.10 — Artikel 4.3.10 Voorschot#
Artikel 4.3.10 Voorschot 1 De Minister van SZW verleent op basis van een gemotiveerde aanvraag een voorschot als werkkapitaal op het moment van beschikken van de subsidie van maximaal 30 procent van de subsidie. 2 artikel 1.31, vijfde lid In aanvulling op, bevat de aanvraag voor een voorschot bewijsstukken waaruit blijkt hoeveel scholings- of voorschakeltrajecten met een door het opleidingsinstituut afgegeven scholingsvoucher zijn afgerond. 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 08-02-2025
Artikel 4.3.11 — Artikel 4.3.11 Aanvraag vaststelling subsidie#
Artikel 4.3.11 Aanvraag vaststelling subsidie artikel 1.32, vijfde en zesde lid In aanvulling op, bevat de aanvraag tot subsidievaststelling bewijsstukken waaruit blijkt hoeveel scholings- of voorschakeltrajecten met een door het opleidingsinstituut afgegeven scholingsvoucher zijn afgerond. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 4.3.12 — Artikel 4.3.12 Staatssteun#
Artikel 4.3.12 Staatssteun Een scholingsvoucher bevat staatsteun en wordt gerechtvaardigd door artikel 31 van de Algemene groepsvrijstellingsverordening. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 4.3.13 — Artikel 4.3.13 Vervaltermijn#
Artikel 4.3.13 Vervaltermijn Deze titel vervalt met ingang van 1 januari 2027, met dien verstande dat deze titel van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 4.4.1 — Artikel 4.4.1 Begripsomschrijvingen#
Artikel 4.4.1 Begripsomschrijvingen In deze titel wordt verstaan onder: – elektrificatie: overgang van fossiele brandstoffen of energie naar elektriciteit of hernieuwbare energie; – TJTP Groot-Rijnmond: het Territorial Just Transition Plan, bedoeld in artikel 11 van de JTF-verordening, met betrekking tot de JTF-regio Groot-Rijnmond; – walstroom: infrastructuur aan de kade om schepen stationair op elektriciteit te laten draaien; – waterstof: waterstof geproduceerd uit hernieuwbare bronnen zoals duurzame elektriciteit via elektrolyse of uit biogrondstoffen. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 4.4.2 — Artikel 4.4.2 Doel subsidie#
Artikel 4.4.2 Doel subsidie Het doel van de subsidie op grond van deze titel is het bevorderen van vernieuwing en versterking van de regionale economie met nieuwe, duurzame of circulaire industriële ketens en versnellen van de transitie met investeringen in technologie, systemen en infrastructuur tot decarbonisatie van bestaande industriële ketens. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 4.4.3 — Artikel 4.4.3 Doelgroep#
Artikel 4.4.3 Doelgroep De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie aan een rechtspersoon of samenwerkingsverband voor een project dat: a. bijlage 5 past binnen één van de inopgenomen beschrijvingen; b. wordt uitgevoerd in de JTF-regio Groot-Rijnmond; en c. past binnen de kaders van deze regeling. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 4.4.4 — Artikel 4.4.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 4.4.4 Subsidiabele activiteiten 1 Subsidie op basis van deze titel kan worden verstrekt voor projecten die passen binnen de prioritaire as 3, Spoor 1 – het vernieuwen en versterken regionale economie met duurzame industriële ketens of Spoor 2 – het versnellen van transitie met investeringen in technologie, systemen en infrastructuur tot decarbonisatie industriële ketens, van het Programma JTF 2021–2027; en: 1°. een focus hebben op elektrificatie van de industrie en/of industriële processen; of 2°. een focus hebben op (de toepassing van) groene waterstof in de industrie of de energievoorziening. 2 Onverminderd het eerste lid komen investeringen in walstroom niet voor subsidie in aanmerking. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 4.4.5 — Artikel 4.4.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 4.4.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt € 4.650.000. 2 artikel 1.18 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen, overeenkomstig. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 4.4.6 — Artikel 4.4.6 Aanvraagperiode#
Artikel 4.4.6 Aanvraagperiode 1 Een aanvraag kan worden ingediend vanaf 15 april 2024 9.00 uur. 2 https://start.jtf-webportal.nl/ Aanvragen worden ingediend door middel van het door de Minister van SZW vastgestelde aanvraagformulier dat beschikbaar is in het. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 4.4.7 — Artikel 4.4.7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 4.4.7 Hoogte van de subsidie 1 De subsidie bedraagt maximaal 50 procent van de subsidiabele kosten. 2 De subsidie bedraagt ten hoogste € 1.500.000 per project. 3 De projectkosten bedragen ten minste € 200.000 per project. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 4.4.8 — Artikel 4.4.8 Starttermijn en looptijd#
Artikel 4.4.8 Starttermijn en looptijd 1 De projectactiviteiten in het kader van deze titel vangen niet eerder aan dan de dag waarop de aanvraag compleet is ingediend. 2 De projectactiviteiten zijn uiterlijk 31 december 2029 door de aanvrager uitgevoerd. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 4.4.9 — Artikel 4.4.9 Beoordelingscriteria#
Artikel 4.4.9 Beoordelingscriteria 1 artikel 1.20, tweede lid Gelet op, wordt een project beoordeeld op alle onderdelen van het eerste lid van dat artikel. 2 artikel 1.20, derde lid Gelet op, bedraagt het aantal punten per onderdeel als bedoeld in het eerste lid ten hoogste: a. bijdrage aan de doelstellingen van het Programma JTF 2021–2027: 20 punten; b. sociaal-economische integraliteit: 15 punten; c. technische en sociale innovatiegehalte: 15 punten; d. economisch of financieel toekomstperspectief: 15 punten; e. kwaliteit van het projectplan: 15 punten; f. bijdrage aan duurzame ontwikkeling en aan maatschappelijke-sociale impact: 20 punten. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 4.4.10 — Artikel 4.4.10 Voorschot#
Artikel 4.4.10 Voorschot 1 De Minister van SZW verleent op basis van een gemotiveerde aanvraag een voorschot als werkkapitaal op het moment van beschikken van de subsidie van maximaal 30 procent van de subsidiabele projectkosten. 2 De Minister van SZW kan onderbouwd afwijken van de in het eerste lid genoemde verstrekking van het voorschot. 3 In ieder geval wordt geen voorschot verleend, wanneer de verleningsbeschikking een of meer opschortende of ontbindende voorwaarden bevat. 4 artikel 1.31 De Minister van SZW verleent op aanvraag opvolgende voorschotten op basis van gerealiseerde projectactiviteiten als bedoeld in. 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 08-02-2025
Artikel 4.4.11 — Artikel 4.4.11 Vervaltermijn#
Artikel 4.4.11 Vervaltermijn bijlage 5 Deze titel envervallen met ingang van 1 januari 2027, met dien verstande dat deze titel van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 4.5.1 — Artikel 4.5.1 Begripsomschrijving#
Artikel 4.5.1 Begripsomschrijving In deze titel wordt verstaan onder: – TJTP Rijnmond: het Territorial Just Transition Plan, bedoeld in artikel 11 van de JTF-verordening, met betrekking tot de regio Groot-Rijnmond. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 4.5.2 — Artikel 4.5.2 Doel subsidie#
Artikel 4.5.2 Doel subsidie Een project in het kader van deze titel heeft tot doel het bevorderen van de beschikbaarheid van voldoende juist opgeleide en gemotiveerde weerbare beroepsbevolking voor de opgaven, bij een toenemend vacature-overschot en het verdwijnen of wijzigen van bestaande functies door de transitieopgave. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 4.5.3 — Artikel 4.5.3 Doelgroep#
Artikel 4.5.3 Doelgroep De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie aan een rechtspersoon of samenwerkingsverband voor een project dat: a. bijlage 4 past binnen één van de inopgenomen beschrijvingen; b. wordt uitgevoerd in de JTF-regio Groot-Rijnmond; en c. past binnen de kaders van deze regeling. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 4.5.4 — Artikel 4.5.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 4.5.4 Subsidiabele activiteiten Subsidie op basis van deze titel kan worden verstrekt voor projecten die passen binnen de Spoor 3 van prioritaire as 3 uit het Programma JTF 2021–2027. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 4.5.5 — Artikel 4.5.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 4.5.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt € 14.947.070. 2 artikel 1.18 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen, overeenkomstig. 2026 1552 28-01-2026 26-01-2026 103516663 2026 1552 28-01-2026 26-01-2026 103516663 29-01-2026
Artikel 4.5.6 — Artikel 4.5.6 Aanvraagperiode#
Artikel 4.5.6 Aanvraagperiode 1 Een aanvraag kan worden ingediend vanaf 15 april 2024 9.00 uur. 2 https://start.jtf-webportal.nl/ Aanvragen worden ingediend door middel van het door de Minister van SZW vastgestelde aanvraagformulier dat beschikbaar is in het. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 4.5.7 — Artikel 4.5.7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 4.5.7 Hoogte van de subsidie 1 De subsidie bedraagt maximaal 50 procent van de subsidiabele kosten. 2 De subsidie bedraagt ten hoogste € 2.000.000 per project. 3 De projectkosten bedragen ten minste € 200.000 per project. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 4.5.8 — Artikel 4.5.8 Starttermijn en looptijd#
Artikel 4.5.8 Starttermijn en looptijd 1 De activiteiten van een project in het kader van deze titel vangen niet eerder aan dan de dag waarop de aanvraag compleet is ingediend. 2 De projectactiviteiten zijn uiterlijk 31 december 2029 door de aanvrager uitgevoerd. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 4.5.9 — Artikel 4.5.9 Beoordelingscriteria#
Artikel 4.5.9 Beoordelingscriteria 1 artikel 1.20, tweede lid Gelet op, wordt een aanvraag beoordeeld op onderdelen a, b, c, e en f van het eerste lid van dat artikel. 2 artikel 1.20, derde lid Gelet op, bedraagt het aantal punten per onderdeel als bedoeld in het eerste lid ten hoogste: a. bijdrage aan de doelstellingen van het Programma JTF 2021–2027: 20 punten; b. sociaal-economische integraliteit: 30 punten; c. technische en sociale innovatiegehalte: 20 punten; d. kwaliteit van het projectplan: 15 punten; e. bijdrage aan duurzame ontwikkeling en aan maatschappelijke-sociale impact: 15 punten. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 4.5.10 — Artikel 4.5.10 Voorschot#
Artikel 4.5.10 Voorschot 1 De Minister van SZW verleent op basis van een gemotiveerde aanvraag een voorschot als werkkapitaal op het moment van beschikken van de subsidie van maximaal 30 procent van de subsidie. 2 De Minister van SZW kan onderbouwd afwijken van de in het eerste lid genoemde verstrekking van het voorschot. 3 In ieder geval wordt geen voorschot verleend wanneer de verleningsbeschikking een of meer opschortende of ontbindende voorwaarden bevat. 4 artikel 1.31 De Minister van SZW verleent op aanvraag opvolgende voorschotten op basis van gerealiseerde projectactiviteiten als bedoeld in. 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 08-02-2025
Artikel 4.5.11 — Artikel 4.5.11 Vervaltermijn#
Artikel 4.5.11 Vervaltermijn bijlage 4 Deze titel envervallen met ingang van 1 januari 2027, met dien verstande dat deze titel van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 4.6.1 — Artikel 4.6.1 Begripsomschrijvingen#
Artikel 4.6.1 Begripsomschrijvingen titel In dezewordt verstaan onder: – TJTP Groot-Rijnmond: het Territorial Just Transition Plan, bedoeld in artikel 11 van de JTF-verordening met betrekking tot de JTF-regio Groot-Rijnmond. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 4.6.2 — Artikel 4.6.2 Doel subsidie#
Artikel 4.6.2 Doel subsidie titel Het doel van de subsidie op grond van dezeis het bevorderen van vernieuwing en versterking van de regionale economie met nieuwe, duurzame of circulaire industriële ketens en versnellen van de transitie met investeringen in technologie, systemen en infrastructuur tot decarbonisatie van bestaande industriële ketens. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 4.6.3 — Artikel 4.6.3 Doelgroep#
Artikel 4.6.3 Doelgroep De Staatssecretaris van SZW verstrekt op aanvraag subsidie aan een aanvrager van een project dat: a. bijlage 3 past binnen één van de inopgenomen beschrijvingen; b. wordt uitgevoerd in de JTF-regio Groot-Rijnmond; en c. past binnen de kaders van deze regeling. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 4.6.4 — Artikel 4.6.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 4.6.4 Subsidiabele activiteiten titel Subsidie op basis van dezekan worden verstrekt voor projecten die passen binnen de prioritaire as 3, spoor 1 – het vernieuwen en versterken regionale economie met duurzame en/of circulaire industriële ketens of spoor 2 – het versnellen van transitie met investeringen in technologie, systemen en infrastructuur tot decarbonisatie industriële ketens, van het Programma JTF 2021–2027. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 4.6.5 — Artikel 4.6.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 4.6.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt € 13.597.000. 2 artikel 1.18 De Staatssecretaris van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen, overeenkomstig. 2026 1552 28-01-2026 26-01-2026 103516663 2026 1552 28-01-2026 26-01-2026 103516663 29-01-2026
Artikel 4.6.6 — Artikel 4.6.6 Aanvraagperiode#
Artikel 4.6.6 Aanvraagperiode 1 Een aanvraag kan worden ingediend vanaf 15 oktober 2025 9.00 uur tot en met 31 december 2029 17.00 uur. 2 https://start.jtf-webportal.nl/ Aanvragen worden ingediend door middel van het door de Staatssecretaris van SZW vastgestelde aanvraagformulier dat beschikbaar is in het webportaal Externe link:. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 4.6.7 — Artikel 4.6.7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 4.6.7 Hoogte van de subsidie 1 De subsidie bedraagt maximaal 50 procent van de subsidiabele kosten. 2 De subsidie bedraagt ten hoogste € 1.500.000 per project. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 4.6.8 — Artikel 4.6.8 Starttermijn en looptijd#
Artikel 4.6.8 Starttermijn en looptijd 1 titel De projectactiviteiten in het kader van dezevangen niet eerder aan dan de dag waarop de aanvraag compleet is ingediend. 2 De projectactiviteiten zijn uiterlijk 31 december 2029 uitgevoerd. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 4.6.9 — Artikel 4.6.9 Beoordelingscriteria#
Artikel 4.6.9 Beoordelingscriteria 1 artikel 1.20, eerste lid Aanvragen worden beoordeeld op alle onderdelen van. 2 artikel 1.20, derde lid Gelet op, bedraagt het aantal punten per onderdeel van het eerste lid ten hoogste: a. bijdrage aan de doelstellingen van het Programma JTF 2021–2027: 30 punten; b. sociaaleconomische integraliteit: 20 punten; c. technische en sociale innovatiegehalte: 15 punten; d. economisch of financieel toekomstperspectief: 15 punten; e. kwaliteit van het projectplan: 15 punten; f. bijdrage aan duurzame ontwikkeling en aan maatschappelijke-sociale impact: 20 punten. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 4.6.10 — Artikel 4.6.10 Voorschot#
Artikel 4.6.10 Voorschot 1 De Staatssecretaris van SZW verleent op basis van een gemotiveerde aanvraag een voorschot als werkkapitaal op het moment van beschikken van de subsidie van maximaal 30 procent van de subsidiabele projectkosten. 2 De Staatssecretaris van SZW kan onderbouwd afwijken van de in het eerste lid genoemde verstrekking van het voorschot. 3 In ieder geval wordt geen voorschot verleend wanneer de verleningsbeschikking een of meer opschortende of ontbindende voorwaarden bevat. 4 artikel 1.31 De Staatssecretaris van SZW verleent op aanvraag opvolgende voorschotten op basis van gerealiseerde projectactiviteiten als bedoeld in. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 4.6.11 — Artikel 4.6.11 Vervaltermijn#
Artikel 4.6.11 Vervaltermijn titel bijlage 3 Dezeenvervallen met ingang van 1 januari 2030, met dien verstande dat deze titel van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 5.1 — Artikel 5.1 Voorschot vooruitlopend op te maken kosten#
Artikel 5.1 Voorschot vooruitlopend op te maken kosten 1 artikel 1.30 De Minister van SZW kan, vooruitlopend op te maken kosten als bedoeld in, op aanvraag een voorschot verlenen voor aanvragen die zijn ingediend voor: a. titel 5.1 , zoals die luidde in de periode van 7 januari 2023 tot 8 juli 2023; b. titel 5.1 , zoals die luidde in de periode van 15 augustus 2023 tot 29 september 2023; c. titel 5.2 , zoals die luidde in de periode van 7 januari 2023 tot 30 september 2023; d. titel 5.3 , zoals die luidde in de periode van 7 januari 2023 tot 30 september 2023. 2 De aanvraag om een voorschot als bedoeld in het eerste lid, bevat ten minste een garantstelling van een overheidsinstantie tot de hoogte van het gevraagde voorschot. 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 05-06-2025
Artikel 5.1a — Artikel 5.1a Voorschot op basis van gerealiseerde projectactiviteiten#
Artikel 5.1a Voorschot op basis van gerealiseerde projectactiviteiten 1 artikel 1.31, zesde lid In afwijking van, heeft de aanvraag om een voorschot betrekking op maximaal: a. 90 procent van de verleende subsidie, bij een verleende subsidie tot € 5.000.000; b. 95 procent van de verleende subsidie, bij een verleende subsidie van minimaal € 5.000.000. 2 Het eerste lid is van toepassing op aanvragen die zijn ingediend voor: a. titel 5.2, zoals die luidde in de periode van 13 februari 2023 tot en met 29 september 2023; b. titel 5.3, zoals die luidde in de periode van 13 februari 2023 tot en met 29 september 2023. 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 19-11-2025
Artikel 5.1.1 — Artikel 5.1.1 Begripsbepalingen#
Artikel 5.1.1 Begripsbepalingen In deze titel wordt verstaan onder: – TJTP West-Noord-Brabant: regionaal territoriaal plan voor een rechtvaardige transitie, als bedoeld in artikel 11 van de JTF-verordening voor de JTF-regio West-Noord-Brabant met de titel Territorial Just Transition Plan van de COROP-regio West-Noord-Brabant. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 5.1.2 — Artikel 5.1.2 Doel subsidie#
Artikel 5.1.2 Doel subsidie 1 Doel van subsidie op grond van deze titel is uitvoering te geven aan Spoor 1 van het TJTP West- Noord-Brabant. 2 Projecten waaraan op basis van deze titel subsidie wordt verleend, passen binnen Spoor 1 van het TJTP West-Noord-Brabant uit het Programma JTF 2021–2027 en dragen bij aan innovatie ten behoeve van de energie- en grondstoffentransitie in de chemie en industrie, en daarmee aan vernieuwing en versterking van de regionale economie. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 5.1.3 — Artikel 5.1.3 Doelgroep#
Artikel 5.1.3 Doelgroep De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie voor een project aan: a. een rechtspersoon; b. een natuurlijke persoon ingeschreven in het handelsregister; of c. artikel 1.4, vijfde lid een penvoerder namens de afzonderlijke partijen in een samenwerkingsverband als bedoeld in. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 5.1.4 — Artikel 5.1.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 5.1.4 Subsidiabele activiteiten 1 Subsidie op basis van deze titel kan worden verstrekt voor een of meer van de volgende acties: a. productieve investeringen; b. investeringen in en bij de oprichting van nieuwe bedrijven; c. onderzoek en innovatie; of d. digitalisering. 2 De acties, bedoeld in het eerste lid, bestaan uit een of meer van de volgende activiteiten: a. onderzoek en innovatie gericht op: 1°. circulaire chemie, grondstoffen of materialen; 2°. chemie, grondstoffen of materialen en de eiwittransitie ten behoeve van de energie- of grondstoffentransitie; 3°. duurzame product- en procesinnovaties ten behoeve van de energie- of grondstoffentransitie. b. economische diversificatie en baancreatie in de circulaire of biobased chemie of economie; c. digitale innovatie die nodig is voor de transitie van energie, industrie en naar groene chemie; d. bevordering van de circulaire economie; e. een combinatie van één of meer activiteiten onder a tot en met d met activiteiten gericht op de arbeidsmarkt in de zin van: 1°. bij- en omscholing van werknemers en werkzoekenden; 2°. begeleiding van werkzoekenden bij het zoeken van een baan; of 3°. actieve inclusie van werkzoekenden. 3 De acties, bedoeld in het eerste lid, worden verricht in of ten behoeve van het gebied bestaande uit de volgende gemeenten in de JTF-regio West-Noord-Brabant: a. Bergen op Zoom; b. Steenbergen; c. Moerdijk; d. Drimmelen; of e. Geertruidenberg. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 5.1.5 — Artikel 5.1.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 5.1.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt € 4.000.000. 2 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op basis van rangschikking naar artikel 1.19 geschiktheid, overeenkomstig. 3 artikel 5.1.5, eerste lid, onderdeel b artikel 5.2.5, eerste lid Indien de beschikbare budgetten van, zoals deze gold tot 8 juli 2023 en, zoals deze geldt tot 30 september 2023, niet volledig zijn benut, kunnen de resterende budgetten geheel of gedeeltelijk worden toegevoegd aan het subsidieplafond, bedoeld in het eerste lid. 4 De Minister van SZW maakt verschuivingen als bedoeld in het derde lid uiterlijk bekend op 2 november 2023. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 5.1.6 — Artikel 5.1.6 Aanvraagperiode#
Artikel 5.1.6 Aanvraagperiode 1 Een aanvraag kan worden ingediend van 15 augustus 2023 10.00 uur tot en met 28 september 2023 17.00 uur. 2 Aanvragen worden ingediend door middel van het door de Minister van SZW vastgestelde https://www.jtf-webportal.nl/mijn/ aanvraagformulier dat beschikbaar is via. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 5.1.7 — Artikel 5.1.7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 5.1.7 Hoogte van de subsidie 1 De subsidie bedraagt maximaal 50 procent van de subsidiabele kosten. 2 De subsidie bedraagt ten hoogste € 5.000.000 per project. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 5.1.8 — Artikel 5.1.8 Niet-subsidiabele kosten#
Artikel 5.1.8 Niet-subsidiabele kosten artikel 1.15 artikel 1.11, eerste lid, onderdeel b Onverminderden in afwijking van, komen loonverletkosten niet voor subsidie in aanmerking. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 5.1.9 — Artikel 5.1.9 Starttermijn en looptijd#
Artikel 5.1.9 Starttermijn en looptijd 1 Met de uitvoering van de op grond van deze titel gesubsidieerde projecten wordt gestart binnen drie maanden na de subsidieverlening. 2 Wanneer ten tijde van het indienen van de aanvraag de benodigde vergunningen nog niet zijn verleend, wordt de subsidie verleend onder de opschortende voorwaarde dat alle benodigde vergunningen uiterlijk twaalf maanden na sluiting van de aanvraagperiode zijn verkregen. 3 De uitvoering van het project is binnen 36 maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking voltooid. 4 Op verzoek van de subsidieontvanger kan de Minister van SZW de termijn, bedoeld in het eerste, tweede of derde lid, verlengen. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 5.1.10 — Artikel 5.1.10 Afwijzingsgronden#
Artikel 5.1.10 Afwijzingsgronden artikel 1.25 Onverminderdbeslist de Minister van SZW afwijzend op een aanvraag, indien: a. de voor de uitvoering van de aanvraag benodigde vergunningen niet zijn aangevraagd voorafgaand aan het indienen van de subsidieaanvraag; b. de aanvrager een grote onderneming is en subsidie vraagt voor het doen van productieve investeringen; of c. de aan het project te verlenen subsidie minder bedraagt dan € 500.000. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 5.1.11 — Artikel 5.1.11 Beoordelingscriteria#
Artikel 5.1.11 Beoordelingscriteria 1 artikel 1.20, eerste lid Projecten worden beoordeeld op alle onderdelen van. 2 artikel 1.20, derde lid Gelet op, bedraagt het aantal punten per onderdeel als bedoeld in het eerste lid maximaal: sociale impact: 20 punten. a. voor de mate waarin het project bijdraagt aan de doelstellingen van het Programma JTF 2021–2027: 20 punten; b. voor de hoogte van het technische en sociale innovatiegehalte van het project: 25 punten; c. voor de hoogte van het economisch of financieel toekomstperspectief van het project: 20 punten; d. voor de kwaliteit van het projectplan: 15 punten; e. voor de mate waarin het project bijdraagt aan duurzame ontwikkeling en aan maatschappelijke- 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 5.1.12 — Artikel 5.1.12 Voorschot#
Artikel 5.1.12 Voorschot 1 artikel 1.30 De Minister van SZW kan op aanvraag een voorschot verlenen vooruitlopend op te maken kosten als bedoeld in. 2 De aanvraag om een voorschot als bedoeld in het eerste lid, bevat ten minste een garantstelling van een overheidsinstantie tot de hoogte van het gevraagde voorschot. 3 artikel 1.31 De Minister van SZW verleent op aanvraag een voorschot op grond van gerealiseerde projectactiviteiten als bedoeld in. 4 artikel 1.31, zesde lid In afwijking van, heeft de aanvraag om een voorschot betrekking op maximaal: a. 90 procent van de verleende subsidie, bij een verleende subsidie tot € 5.000.000; b. 95 procent van de verleende subsidie, bij een verleende subsidie van minimaal € 5.000.000. 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 19-11-2025
Artikel 5.1.13 — Artikel 5.1.13 Subsidieaanvraag#
Artikel 5.1.13 Subsidieaanvraag artikel 1.22 Onverminderdbevat een aanvraag voor subsidie ten minste: a. een volledig ingevuld aanvraagformulier; en b. de bij het aanvraagformulier behorende documenten als bijlagen. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 5.1.14 — Artikel 5.1.14 Vervaltermijn#
Artikel 5.1.14 Vervaltermijn Deze titel vervalt met ingang van 31 december 2027, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op subsidieaanvragen die voor deze datum zijn ingediend. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 5.2.1 — Artikel 5.2.1 Begripsbepalingen#
Artikel 5.2.1 Begripsbepalingen Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 5.2.2 — Artikel 5.2.2 Doel subsidie#
Artikel 5.2.2 Doel subsidie Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 5.2.3 — Artikel 5.2.3 Doelgroep#
Artikel 5.2.3 Doelgroep Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 5.2.4 — Artikel 5.2.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 5.2.4 Subsidiabele activiteiten Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 5.2.5 — Artikel 5.2.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 5.2.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 5.2.6 — Artikel 5.2.6 Aanvraagperiode#
Artikel 5.2.6 Aanvraagperiode Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 5.2.7 — Artikel 5.2.7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 5.2.7 Hoogte van de subsidie Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 5.2.8 — Artikel 5.2.8 Starttermijn en looptijd#
Artikel 5.2.8 Starttermijn en looptijd Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 5.2.9 — Artikel 5.2.9 Afwijzingsgronden#
Artikel 5.2.9 Afwijzingsgronden Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 5.2.10 — Artikel 5.2.10 Beoordelingscriteria#
Artikel 5.2.10 Beoordelingscriteria Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 5.2.11 — Artikel 5.2.11 Voorschot#
Artikel 5.2.11 Voorschot Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 5.2.12 — Artikel 5.2.12 Subsidieaanvraag#
Artikel 5.2.12 Subsidieaanvraag Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 5.2.13 — Artikel 5.2.13 Vervaltermijn#
Artikel 5.2.13 Vervaltermijn Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 5.3.1 — Artikel 5.3.1 Begripsbepalingen#
Artikel 5.3.1 Begripsbepalingen Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 5.3.2 — Artikel 5.3.2 Doel subsidie#
Artikel 5.3.2 Doel subsidie Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 5.3.3 — Artikel 5.3.3 Doelgroep#
Artikel 5.3.3 Doelgroep Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 5.3.4 — Artikel 5.3.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 5.3.4 Subsidiabele activiteiten Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 5.3.5 — Artikel 5.3.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 5.3.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 5.3.6 — Artikel 5.3.6 Aanvraagperiode#
Artikel 5.3.6 Aanvraagperiode Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 5.3.7 — Artikel 5.3.7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 5.3.7 Hoogte van de subsidie Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 5.3.8 — Artikel 5.3.8 Starttermijn en looptijd#
Artikel 5.3.8 Starttermijn en looptijd Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 5.3.9 — Artikel 5.3.9 Afwijzingsgronden#
Artikel 5.3.9 Afwijzingsgronden Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 5.3.10 — Artikel 5.3.10 Beoordelingscriteria#
Artikel 5.3.10 Beoordelingscriteria Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 5.3.11 — Artikel 5.3.11 Voorschot#
Artikel 5.3.11 Voorschot Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 5.3.12 — Artikel 5.3.12 Subsidieaanvraag#
Artikel 5.3.12 Subsidieaanvraag Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 5.3.13 — Artikel 5.3.13 Vervaltermijn#
Artikel 5.3.13 Vervaltermijn Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 5.4.1 — Artikel 5.4.1 Begripsbepalingen#
Artikel 5.4.1 Begripsbepalingen In deze titel wordt verstaan onder: – TJTP West-Noord-Brabant: regionaal territoriaal plan voor een rechtvaardige transitie als bedoeld in artikel 11 van de JTF-verordening voor de JTF-regio West-Noord-Brabant met de titel Territorial Just Transition Plan van de COROP-regio West-Noord-Brabant. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 5.4.2 — Artikel 5.4.2 Doel subsidie#
Artikel 5.4.2 Doel subsidie 1 Doel van subsidie op basis van deze titel is uitvoering te geven aan spoor 1, 2 en 3 van het TJTP West-Noord-Brabant. 2 Projecten waaraan op basis van deze titel subsidie wordt verleend, passen binnen prioriteit 5, spoor 1, 2 of 3, van het TJTP West-Noord-Brabant uit het Programma JTF 2021–2027 en dragen bij aan: a. innovatie ten behoeve van de energie- en grondstoffentransitie in de chemie en industrie, en daarmee aan vernieuwing en versterking van de regionale economie; b. het versnellen van transitie met investeringen in technologie, energiesystemen en infrastructuur nodig om te komen tot toekomstbestendige banen in de groene chemie; of c. het bereiken van een meer wendbare en weerbare beroepsbevolking. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 5.4.3 — Artikel 5.4.3 Doelgroep#
Artikel 5.4.3 Doelgroep De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie voor een project aan: a. een rechtspersoon; b. een natuurlijke persoon ingeschreven in het handelsregister; of c. artikel 1.4, vijfde lid een penvoerder namens de afzonderlijke partijen in een samenwerkingsverband als bedoeld in. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 5.4.4 — Artikel 5.4.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 5.4.4 Subsidiabele activiteiten 1 Subsidie op basis van deze titel kan worden verstrekt voor een of meer van de volgende activiteiten: a. productieve investeringen; b. investeringen in en bij de oprichting van nieuwe bedrijven; c. onderzoek en innovatie; d. digitalisering; e. investeringen in technologie, systemen en infrastructuur; f. voorbereidende planvorming en processen tot investeringen als bedoeld in onderdeel e; g. bij- en omscholing; h. andere activiteiten op het gebied van onderwijs en sociale inclusie. 2 De activiteiten, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a tot en met d, bestaan uit een of meer van de volgende activiteiten: a. onderzoek en innovatie gericht op: 1°. circulaire chemie, grondstoffen of materialen; 2°. biobased chemie, grondstoffen of materialen en de eiwittransitie ten behoeve van de energie- of grondstoffentransitie; of 3°. duurzame product- en procesinnovaties ten behoeve van de energie- of grondstoffentransitie. b. economische diversificatie en baancreatie in de circulaire of biobased chemie of economie; c. digitale innovatie die nodig is voor de transitie van energie, industrie en naar groene chemie; of d. bevordering van de circulaire economie. 3 De activiteiten, bedoeld in het eerste lid, onderdelen e en f, bestaan uit een of meer van de volgende activiteiten: a. elektrificatie van processen in de industrie en de chemische industrie; b. 2 lokale CO-infrastructuur; c. groene waterstof; of d. overige systemen en technologie ten behoeve van duurzame energievoorziening in de groene chemie. 4 De activiteiten, bedoeld in het eerste lid, onderdelen g en h, zijn gericht op werkenden, werkzoekenden of jongeren. 5 Onverminderd het vierde lid, zijn de activiteiten, bedoeld in het eerste lid, onderdelen g en h, gericht op een of meer van de volgende activiteiten: a. leven lang ontwikkelen in de techniek; b. ontwikkeling van benodigde kennis en vaardigheden en digitale kennis en vaardigheden voor werken in de groene chemie en energie; c. het ondersteunen van transitiepaden van werk-naar-werk door om- en bijscholing; d. bredere bekendheid van werken in de groene chemie; of e. het ontwikkelen en toevoegen van opleidingsaanbod en opleidingsinstituten ten behoeve van werken in de groene chemie. 6 De activiteiten, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a tot en met f, worden verricht in of ten behoeve van het gebied bestaande uit de volgende gemeenten in de JTF-regio West-Noord-Brabant: a. Bergen op Zoom; b. Steenbergen; c. Moerdijk; d. Drimmelen; of e. Geertruidenberg. 7 De activiteiten, bedoeld in het eerste lid, onderdelen g en h, worden verricht in of ten behoeve van het werkingsgebied West-Noord-Brabant. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 5.4.5 — Artikel 5.4.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 5.4.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt ten minste € 3.698.070 en kan worden verhoogd met onbenut budget dat resteert uit het budget uit dit artikel voor de aanvraagperiode die sloot op 28 mei 2025. 2 artikel 1.18 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen, overeenkomstig. 3 De Minister van SZW maakt verschuivingen van het beschikbare budget uiterlijk bekend op 31 juli 2026. 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 19-11-2025
Artikel 5.4.6 — Artikel 5.4.6 Aanvraagperiode#
Artikel 5.4.6 Aanvraagperiode 1 Een aanvraag kan worden ingediend vanaf 16 juni 2025 10.00 uur tot en met 15 juni 2026 17.00 uur. 2 https://www.jtf-webportal.nl/mijn/ Aanvragen worden online ingediend door middel van het door de Minister van SZW vastgestelde aanvraagformulier dat beschikbaar is via. 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 19-11-2025
Artikel 5.4.7 — Artikel 5.4.7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 5.4.7 Hoogte van de subsidie 1 De subsidie bedraagt maximaal 50 procent van de subsidiabele kosten per project. 2 hoofdstuk 9 Onverminderd het eerste lid, wordt maximaal een zodanig percentage aan subsidie verstrekt dat het totale percentage aan subsidie op grond van deze titel en, indien van toepassing,samen niet meer bedraagt dan 50 procent. 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 05-06-2025
Artikel 5.4.8 — Artikel 5.4.8 Niet- subsidiabele kosten#
Artikel 5.4.8 Niet- subsidiabele kosten artikel 1.11, eerste lid, onderdeel b In afwijking van, komen loonverletkosten niet voor subsidie in aanmerking. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 5.4.9 — Artikel 5.4.9 Starttermijn en looptijd#
Artikel 5.4.9 Starttermijn en looptijd 1 Met de uitvoering van de op grond van deze titel gesubsidieerde projecten wordt gestart binnen drie maanden na de subsidieverlening. 2 Wanneer ten tijde van het indienen van de aanvraag de benodigde vergunningen nog niet zijn verleend, wordt de subsidie verleend onder de opschortende voorwaarde dat alle benodigde vergunningen uiterlijk twaalf maanden na ontvangst van de aanvraag zijn verkregen. 3 De uitvoering van het project is voor 30 juni 2029 voltooid. 4 Op verzoek van de subsidieontvanger kan de Minister van SZW de termijn, bedoeld in het eerste, tweede lid of derde lid verlengen. 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 05-06-2025
Artikel 5.4.10 — Artikel 5.4.10 Afwijzingsgronden#
Artikel 5.4.10 Afwijzingsgronden artikel 1.25 Onverminderdbeslist de Minister van SZW afwijzend op een aanvraag, indien: a. de voor de uitvoering van de aanvraag benodigde vergunningen niet zijn aangevraagd voorafgaand aan het indienen van de subsidieaanvraag; b. de aan het project te verlenen subsidie minder bedraagt dan € 200.000. 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 05-06-2025
Artikel 5.4.11 — Artikel 5.4.11 Beoordelingscriteria#
Artikel 5.4.11 Beoordelingscriteria 1 artikel 1.20, tweede lid Gelet op, wordt een project uitsluitend beoordeeld op de onderdelen a, b, d, e en f van het eerste lid van dat artikel. 2 artikel 1.20, derde lid Gelet op, kent de Minister van SZW per onderdeel ten hoogste de volgende hoeveelheid punten toe: a. voor de mate waarin het project bijdraagt aan de doelstellingen van het Programma JTF 2021–2027: 20 punten; b. voor de mate waarin het project sociaal-economisch integraal is: 15 punten; c. voor de hoogte van het economisch en financieel toekomstperspectief: 15 punten; d. voor de kwaliteit van het projectplan: 25 punten; e. voor de mate waarin het project bijdraagt aan duurzame ontwikkeling en aan maatschappelijke-sociale impact: 25 punten. 3 artikel 5.4.4, eerste lid, onderdelen a tot en met d artikel 1.20, eerste lid In afwijking van het eerste lid, beoordeelt de Minister van SZW, indien de aangevraagde subsidie voor het project voor meer dan 50 procent bestaat uit een of meer activiteiten als bedoeld in, aanvragen op basis van alle zes criteria als bedoeld in. Gelet op artikel 1.20, derde lid, kent de Minister van SZW per onderdeel ten hoogste de volgende hoeveelheid punten toe: a. voor de mate waarin het project bijdraagt aan de doelstellingen van het Programma JTF 2021–2027: 15 punten; b. voor de mate waarin het project sociaal-economisch integraal is: 15 punten; c. voor de hoogte van het technische en sociale innovatiegehalte van het project: 15 punten; d. voor de hoogte van het economisch en financieel toekomstperspectief: 15 punten; e. voor de kwaliteit van het projectplan: 20 punten; f. voor de mate waarin het project bijdraagt aan duurzame ontwikkeling en aan maatschappelijke-sociale impact: 20 punten. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 5.4.12 — Artikel 5.4.12 Voorschot#
Artikel 5.4.12 Voorschot 1 artikel 1.30 De Minister van SZW kan op aanvraag een voorschot verlenen vooruitlopend op te maken kosten als bedoeld in. 2 De aanvraag om een voorschot als bedoeld in het eerste lid, bevat ten minste een garantstelling van een overheidsinstantie tot de hoogte van het gevraagde voorschot. 3 artikel 1.31 De Minister van SZW verleent op aanvraag een voorschot op grond van gerealiseerde projectactiviteiten als bedoeld in. 4 artikel 1.31, zesde lid In afwijking van, heeft de aanvraag om een voorschot betrekking op maximaal: a. 90 procent van de verleende subsidie, bij een verleende subsidie tot € 5.000.000; b. 95 procent van de verleende subsidie, bij een verleende subsidie van minimaal € 5.000.000. 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 19-11-2025
Artikel 5.4.13 — Artikel 5.4.13 Subsidieaanvraag#
Artikel 5.4.13 Subsidieaanvraag artikel 1.22 Onverminderdbevat een aanvraag voor subsidie ten minste: a. een volledig ingevuld aanvraagformulier; en b. de bij het aanvraagformulier behorende documenten als bijlagen. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 5.4.14 — Artikel 5.4.14 Vervaltermijn#
Artikel 5.4.14 Vervaltermijn Deze titel vervalt met ingang van 31 december 2027, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 6.1 — Artikel 6.1 Voorschot vooruitlopend op te maken kosten#
Artikel 6.1 Voorschot vooruitlopend op te maken kosten 1 artikel 1.30 De Minister van SZW kan, vooruitlopend op te maken kosten als bedoeld in, op aanvraag een voorschot verlenen voor aanvragen die zijn ingediend voor: a. titel 6.1 , zoals die luidde in de periode van 7 januari 2023 tot 1 april 2023; b. titel 6.1 , zoals die luidde in de periode van 22 juni 2023 tot 31 december 2023; c. titel 6.2 , zoals die luidde in de periode van 7 januari 2023 tot 23 mei 2023; d. titel 6.2 , zoals die luidde in de periode van 15 augustus 2023 tot 12 september 2023; e. titel 6.3 , zoals die luidde in de periode van 7 januari 2023 tot 30 september 2023. 2 De aanvraag om een voorschot als bedoeld in het eerste lid, bevat ten minste een garantstelling van een overheidsinstantie tot de hoogte van het gevraagde voorschot. 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 05-06-2025
Artikel 6.1a — Artikel 6.1a Voorschot op basis van gerealiseerde projectactiviteiten#
Artikel 6.1a Voorschot op basis van gerealiseerde projectactiviteiten 1 artikel 1.31, zesde lid In afwijking van, heeft de aanvraag om een voorschot betrekking op maximaal: a. 90 procent van de verleende subsidie, bij een verleende subsidie tot € 5.000.000; b. 95 procent van de verleende subsidie, bij een verleende subsidie van minimaal € 5.000.000. 2 Het eerste lid is van toepassing op aanvragen die zijn ingediend voor: a. titel 6.1 , zoals die luidde in de periode van 13 februari 2023 tot en met 31 maart 2023; b. titel 6.1 , zoals die luidde in de periode van 5 juni 2023 tot en met 7 juli 2023; c. titel 6.3 , zoals die luidde in de periode van 13 februari 2023 tot en met 29 september 2023. 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 19-11-2025
Artikel 6.1.1 — Artikel 6.1.1 Begripsbepalingen#
Artikel 6.1.1 Begripsbepalingen Vervallen 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 31-12-2023
Artikel 6.1.2 — Artikel 6.1.2 Doel subsidie#
Artikel 6.1.2 Doel subsidie Vervallen 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 31-12-2023
Artikel 6.1.3 — Artikel 6.1.3 Doelgroep#
Artikel 6.1.3 Doelgroep Vervallen 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 31-12-2023
Artikel 6.1.4 — Artikel 6.1.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 6.1.4 Subsidiabele activiteiten Vervallen 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 31-12-2023
Artikel 6.1.5 — Artikel 6.1.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 6.1.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling Vervallen 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 31-12-2023
Artikel 6.1.6 — Artikel 6.1.6 Aanvraagperiode#
Artikel 6.1.6 Aanvraagperiode Vervallen 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 31-12-2023
Artikel 6.1.7 — Artikel 6.1.7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 6.1.7 Hoogte van de subsidie Vervallen 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 31-12-2023
Artikel 6.1.8 — Artikel 6.1.8 Starttermijn en looptijd#
Artikel 6.1.8 Starttermijn en looptijd Vervallen 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 31-12-2023
Artikel 6.1.9 — Artikel 6.1.9 Afwijzingsgronden#
Artikel 6.1.9 Afwijzingsgronden Vervallen 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 31-12-2023
Artikel 6.1.10 — Artikel 6.1.10 Beoordelingscriteria#
Artikel 6.1.10 Beoordelingscriteria Vervallen 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 31-12-2023
Artikel 6.1.11 — Artikel 6.1.11 Voorschot#
Artikel 6.1.11 Voorschot Vervallen 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 31-12-2023
Artikel 6.1.12 — Artikel 6.1.12 Subsidieaanvraag#
Artikel 6.1.12 Subsidieaanvraag Vervallen 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 31-12-2023
Artikel 6.1.13 — Artikel 6.1.13 Vervaltermijn#
Artikel 6.1.13 Vervaltermijn Vervallen 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 31-12-2023
Artikel 6.2.1 — Artikel 6.2.1 Begripsbepalingen#
Artikel 6.2.1 Begripsbepalingen In deze titel wordt verstaan onder: – TJTP Zeeuws-Vlaanderen/Vlissingen-Oost: regionaal territoriaal plan voor een rechtvaardige transitie als bedoeld in artikel 11 van de JTF-verordening voor de regio Zeeuws-Vlaanderen met de titel Territoriaal Just Transition plan van de COROP regio Zeeuws-Vlaanderen en de relevant aanpalende zone van Vlissingen-Oost. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 6.2.2 — Artikel 6.2.2 Doel subsidie#
Artikel 6.2.2 Doel subsidie 1 Doel van subsidie op basis van deze titel is uitvoering te geven aan Spoor 2 van het TJTP Zeeuws-Vlaanderen/Vlissingen-Oost. 2 Projecten waaraan op basis van deze titel subsidie wordt verleend, passen binnen prioriteit 4, Spoor 2 van het TJTP Zeeuws-Vlaanderen/Vlissingen-Oost uit het Programma JTF 2021–2027 en dragen bij aan investeringen in technologie, systemen en infrastructuur om de transitie naar een groene chemie mogelijk te maken. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 6.2.3 — Artikel 6.2.3 Doelgroep#
Artikel 6.2.3 Doelgroep De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie voor een project aan: a. een rechtspersoon; b. een natuurlijke persoon ingeschreven in het handelsregister; of c. artikel 1.4, vijfde lid een penvoerder namens de afzonderlijke partijen in een samenwerkingsverband als bedoeld in. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 6.2.4 — Artikel 6.2.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 6.2.4 Subsidiabele activiteiten 1 Subsidie op basis van deze titel kan worden verstrekt voor investeringen in technologie, systemen en infrastructuur gericht op: a. de aanleg van het regionale netwerk voor groene waterstof en verbindingen met andere regio’s, investeringen in lokale elektrificatie en het uitwisselen van warmte via warmtenetten, voor zover er sprake is van warmte uit hernieuwbare bronnen; of b. de scholing en training voor vaardigheden die nodig zijn voor het op de juiste manier gebruiken van nieuwe infrastructuur in combinatie met onderdeel a. 2 De activiteiten, bedoeld in het eerste lid, worden verricht in of ten behoeve van het werkingsgebied Zeeuws-Vlaanderen en de relevant aanpalende zone Vlissingen-Oost. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 6.2.5 — Artikel 6.2.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 6.2.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt € 30.755.301. 2 artikel 1.19 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van rangschikking naar geschiktheid overeenkomstig. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 6.2.6 — Artikel 6.2.6 Aanvraagperiode#
Artikel 6.2.6 Aanvraagperiode 1 Een aanvraag kan worden ingediend van 15 augustus 2023 10.00 uur tot en met 11 september 2023 17.00 uur. 2 https://www.jtf-webportal.nl/mijn/ Aanvragen worden online ingediend door middel van het door de Minister van SZW vastgestelde aanvraagformulier dat beschikbaar is via. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 6.2.7 — Artikel 6.2.7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 6.2.7 Hoogte van de subsidie 1 De subsidie bedraagt maximaal 50 procent van de subsidiabele kosten. 2 De subsidie bedraagt ten hoogste € 14.000.000 per project. 3 hoofdstuk 9 Onverminderd het eerste lid, wordt maximaal een zodanig percentage aan subsidie verstrekt dat het totale percentage aan subsidie op grond van deze titel en, indien van toepassing,samen niet meer bedraagt dan 50 procent. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 6.2.7a — Artikel 6.2.7a Niet- subsidiabele kosten#
Artikel 6.2.7a Niet- subsidiabele kosten artikel 1.15 artikel 1.11, eerste lid, onderdeel b Onverminderden in afwijking van, komen loonverletkosten niet voor subsidie in aanmerking. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 6.2.8 — Artikel 6.2.8 Starttermijn en looptijd#
Artikel 6.2.8 Starttermijn en looptijd 1 Met de uitvoering van de op grond van deze titel gesubsidieerde projecten wordt gestart binnen drie maanden na de subsidieverlening. 2 Wanneer ten tijde van het indienen van de aanvraag benodigde vergunningen nog niet zijn verleend, wordt de subsidie verleend onder de opschortende voorwaarde dat alle benodigde vergunningen uiterlijk twaalf maanden na sluiting van de aanvraagperiode zijn verkregen. 3 De uitvoering van het project is binnen 36 maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking voltooid. 4 Op verzoek van de subsidieontvanger kan de Minister van SZW de termijn, bedoeld in het eerste, tweede of derde lid, met uiterlijk zes maanden verlengen. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 6.2.9 — Artikel 6.2.9 Afwijzingsgronden#
Artikel 6.2.9 Afwijzingsgronden artikel 1.25 Onverminderdbeslist de Minister van SZW afwijzend op een aanvraag indien: a. de voor de uitvoering van de aanvraag benodigde vergunningen niet zijn aangevraagd voorafgaand aan het indienen van de subsidieaanvraag; of b. de aan het project te verlenen subsidie minder bedraagt dan € 200.000. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 6.2.10 — Artikel 6.2.10 Beoordelingscriteria#
Artikel 6.2.10 Beoordelingscriteria 1 artikel 1.20, eerste lid Projecten worden beoordeeld op alle onderdelen van. 2 artikel 1.20, derde lid Gelet op, bedraagt het aantal punten per onderdeel als bedoeld in het eerste lid maximaal: a. voor de mate waarin het project bijdraagt aan de doelstellingen van het Programma JTF 2021–2027: 20 punten; b. voor de mate waarin het project sociaaleconomisch integraal is: 20 punten; c. voor de hoogte van het economisch of financieel toekomstperspectief van het project: 25 punten; d. voor de kwaliteit van het projectplan: 15 punten; e. voor de mate waarin het project bijdraagt aan duurzame ontwikkeling en aan maatschappelijke-sociale impact: 20 punten. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 6.2.11 — Artikel 6.2.11 Voorschot#
Artikel 6.2.11 Voorschot 1 artikel 1.30 De Minister van SZW kan op aanvraag een voorschot verlenen vooruitlopend op te maken kosten als bedoeld in. 2 De aanvraag om een voorschot als bedoeld in het eerste lid, bevat ten minste een garantstelling van een overheidsinstantie tot de hoogte van het gevraagde voorschot. 3 artikel 1.31 De Minister van SZW verleent op aanvraag een voorschot op grond van gerealiseerde projectactiviteiten als bedoeld in. 4 artikel 1.31, zesde lid In afwijking van, heeft de aanvraag om een voorschot betrekking op maximaal: a. 90 procent van de verleende subsidie, bij een verleende subsidie tot € 5.000.000; b. 95 procent van de verleende subsidie, bij een verleende subsidie van minimaal € 5.000.000. 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 19-11-2025
Artikel 6.2.12 — Artikel 6.2.12 Subsidieaanvraag#
Artikel 6.2.12 Subsidieaanvraag 1 artikel 1.22 Onverminderdbevat een aanvraag voor subsidie ten minste: a. een volledig ingevuld aanvraagformulier; b. de bij het aanvraagformulier behorende documenten als bijlagen. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 6.2.13 — Artikel 6.2.13 Vervaltermijn#
Artikel 6.2.13 Vervaltermijn Deze titel vervalt met ingang van 31 december 2027, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 6.3.1 — Artikel 6.3.1 Begripsbepalingen#
Artikel 6.3.1 Begripsbepalingen Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 6.3.2 — Artikel 6.3.2 Doel subsidie#
Artikel 6.3.2 Doel subsidie Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 6.3.3 — Artikel 6.3.3 Doelgroep#
Artikel 6.3.3 Doelgroep Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 6.3.4 — Artikel 6.3.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 6.3.4 Subsidiabele activiteiten Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 6.3.5 — Artikel 6.3.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 6.3.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 6.3.6 — Artikel 6.3.6 Aanvraagperiode#
Artikel 6.3.6 Aanvraagperiode Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 6.3.7 — Artikel 6.3.7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 6.3.7 Hoogte van de subsidie Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 6.3.8 — Artikel 6.3.8 Starttermijn en looptijd#
Artikel 6.3.8 Starttermijn en looptijd Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 6.3.9 — Artikel 6.3.9 Afwijzingsgronden#
Artikel 6.3.9 Afwijzingsgronden Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 6.3.10 — Artikel 6.3.10 Beoordelingscriteria#
Artikel 6.3.10 Beoordelingscriteria Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 6.3.11 — Artikel 6.3.11 Voorschot#
Artikel 6.3.11 Voorschot Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 6.3.12 — Artikel 6.3.12 Subsidieaanvraag#
Artikel 6.3.12 Subsidieaanvraag Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 6.3.13 — Artikel 6.3.13 Vervaltermijn#
Artikel 6.3.13 Vervaltermijn Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 6.4.1 — Artikel 6.4.1 Begripsbepalingen#
Artikel 6.4.1 Begripsbepalingen In deze titel wordt verstaan onder: – TJTP Zeeuws-Vlaanderen/Vlissingen-Oost: regionaal territoriaal plan voor een rechtvaardige transitie als bedoeld in artikel 11 van de JTF-verordening voor de regio Zeeuws-Vlaanderen met de titel Territoriaal Just Transition plan van de COROP regio Zeeuws-Vlaanderen en de relevant aanpalende zone van Vlissingen-Oost. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 6.4.2 — Artikel 6.4.2 Doel subsidie#
Artikel 6.4.2 Doel subsidie 1 Doel van subsidie op basis van deze titel is uitvoering te geven aan spoor 1, 2 en 3 van het TJTP Zeeuws-Vlaanderen/Vlissingen-Oost. 2 Projecten waaraan op basis van deze titel subsidie wordt verleend, passen binnen prioriteit 4 van spoor 1, 2 of 3 van het TJTP Zeeuws-Vlaanderen/Vlissingen Oost uit het Programma JTF 2021–2027 en dragen bij aan de transitie naar een duurzame chemie door: a. vernieuwing en versterking van de regionale economie; b. investeringen in technologie, systemen en infrastructuur; of c. ondersteuning van een wendbare en weerbare beroepsbevolking ten behoeve van een toekomstbestendige arbeidsmarkt. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 6.4.3 — Artikel 6.4.3 Doelgroep#
Artikel 6.4.3 Doelgroep De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie voor een project aan: a. een rechtspersoon; b. een natuurlijke persoon ingeschreven in het handelsregister; of c. artikel 1.4, vijfde lid een penvoerder namens de afzonderlijke partijen in een samenwerkingsverband als bedoeld in. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 6.4.4 — Artikel 6.4.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 6.4.4 Subsidiabele activiteiten 1 Subsidie op basis van deze titel kan worden verstrekt voor een of meer van de volgende acties: a. productieve investeringen die leiden tot economische diversificatie, modernisering en reconversie; b. investeringen in onderzoek, innovatie en digitalisering en de haalbaarheid hiervan, binnen de thema’s groene waterstof en biobased en circulaire chemie; c. investeringen in technologie, systemen en infrastructuur gericht op de aanleg van het regionale netwerk voor groene waterstof en verbindingen met andere regio’s, investeringen in lokale elektrificatie en het uitwisselen van warmte via warmtenetten, voor zover er sprake is van warmte uit hernieuwbare bronnen; d. bij- en omscholing van werknemers en werkzoekenden; e. begeleiding van werkzoekenden bij het zoeken van een baan; f. andere activiteiten dan genoemd in de onderdelen d en e op het gebied van onderwijs en sociale inclusie. 2 De activiteiten, bedoeld in het eerste lid, worden verricht in of ten behoeve van het werkingsgebied Zeeuws-Vlaanderen en de relevant aanpalende zone Vlissingen-Oost. 2024 17716 12-06-2024 11-06-2024 WJZ/53181971 2024 17716 12-06-2024 11-06-2024 WJZ/53181971 13-06-2024
Artikel 6.4.5 — Artikel 6.4.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 6.4.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt ten minste € 3.698.070 en kan worden verhoogd met onbenut budget dat resteert uit het budget uit dit artikel voor de aanvraagperiode die sloot op 28 mei 2025. 2 Het subsidieplafond, bedoeld in het eerste lid, is tot en met 31 augustus 2025 uitsluitend beschikbaar voor aanvragen met betrekking tot Spoor 3 arbeidsmarkt gerelateerde projecten. 3 artikel 1.18 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van ontvangst overeenkomstig. 4 De Minister van SZW maakt verschuivingen van het beschikbare budget uiterlijk bekend op 31 juli 2026. 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 19-11-2025
Artikel 6.4.6 — Artikel 6.4.6 Aanvraagperiode#
Artikel 6.4.6 Aanvraagperiode 1 Een aanvraag kan worden ingediend van 16 juni 2025 10.00 uur tot en met 15 juni 2026 17.00 uur. 2 https://www.jtf-webportal.nl/mijn/ Aanvragen worden online ingediend door middel van het door de Minister van SZW vastgestelde aanvraagformulier dat beschikbaar is via. 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 19-11-2025
Artikel 6.4.7 — Artikel 6.4.7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 6.4.7 Hoogte van de subsidie 1 De subsidie bedraagt maximaal 50 procent van de subsidiabele kosten. 2 hoofdstuk 9 Onverminderd het eerste lid, wordt maximaal een zodanig percentage aan subsidie verstrekt dat het totale percentage aan subsidie op grond van deze titel en, indien van toepassing,samen niet meer bedraagt dan 50 procent. 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 05-06-2025
Artikel 6.4.8 — Artikel 6.4.8 Niet- subsidiabele kosten#
Artikel 6.4.8 Niet- subsidiabele kosten artikel 1.11, eerste lid, onderdeel b In afwijking van, komen loonverletkosten niet voor subsidie in aanmerking. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 6.4.9 — Artikel 6.4.9 Starttermijn en looptijd#
Artikel 6.4.9 Starttermijn en looptijd 1 Met de uitvoering van de op grond van deze titel gesubsidieerde projecten wordt gestart binnen drie maanden na de subsidieverlening. 2 Wanneer ten tijde van het indienen van de aanvraag benodigde vergunningen nog niet zijn verleend, wordt de subsidie verleend onder de opschortende voorwaarde dat alle benodigde vergunningen uiterlijk twaalf maanden na ontvangst van de aanvraag zijn verkregen. 3 De uitvoering van het project is voor 30 juni 2029 voltooid. 4 Op verzoek van de subsidieontvanger kan de Minister van SZW de termijn, bedoeld in het eerste, tweede of derde lid, verlengen. 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 05-06-2025
Artikel 6.4.10 — Artikel 6.4.10 Afwijzingsgronden#
Artikel 6.4.10 Afwijzingsgronden artikel 1.25 Onverminderdbeslist de Minister van SZW afwijzend op een aanvraag, indien: a. de voor de uitvoering van de aanvraag benodigde vergunningen niet zijn aangevraagd voorafgaand aan het indienen van de subsidieaanvraag; of b. de aan het project te verlenen subsidie minder bedraagt dan: 1°. artikel 6.4.4, eerste lid, onderdelen a en b € 500.000 voor subsidiabele activiteiten als bedoeld in; 2°. artikel 6.4.4, eerste lid, onderdeel c € 1.000.000 voor subsidiabele activiteiten als bedoeld in; 3°. artikel 6.4.4, eerste lid, onderdelen d, e en f € 200.000 voor subsidiabele activiteiten als bedoeld in. 2024 17716 12-06-2024 11-06-2024 WJZ/53181971 2024 17716 12-06-2024 11-06-2024 WJZ/53181971 13-06-2024
Artikel 6.4.10a — Artikel 6.4.10a Beoordelingscriteria#
Artikel 6.4.10a Beoordelingscriteria artikel 1.20, tweede en derde lid Gelet op, kent de Minister van SZW per onderdeel ten hoogste de volgende hoeveelheid punten toe: a. voor de mate waarin het project bijdraagt aan de doelstellingen van het Programma JTF 2021–2027: 20 punten; b. voor de mate waarin het project sociaaleconomisch integraal is: 15 punten; c. voor de mate van waarin het project technisch en sociaal innovatief is: 15 punten; d. voor de hoogte van het economisch of financieel toekomstperspectief van het project: 15 punten; e. voor de kwaliteit van het projectplan: 15 punten; f. voor de mate waarin het project bijdraagt aan duurzame ontwikkeling en aan maatschappelijke-sociale impact: 20 punten. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023 Voorheen art. 6.4.10*.
Artikel 6.4.11 — Artikel 6.4.11 Voorschot#
Artikel 6.4.11 Voorschot 1 artikel 1.30 De Minister van SZW kan op aanvraag een voorschot verlenen vooruitlopend op te maken kosten als bedoeld in. 2 De aanvraag om een voorschot als bedoeld in het eerste lid, bevat ten minste een garantstelling van een overheidsinstantie tot de hoogte van het gevraagde voorschot. 3 artikel 1.31 De Minister van SZW verleent op aanvraag een voorschot op grond van gerealiseerde projectactiviteiten als bedoeld in. 4 artikel 1.31, zesde lid In afwijking van, heeft de aanvraag om een voorschot betrekking op maximaal: a. 90 procent van de verleende subsidie, bij een verleende subsidie tot € 5.000.000; b. 95 procent van de verleende subsidie, bij een verleende subsidie van minimaal € 5.000.000. 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 19-11-2025
Artikel 6.4.12 — Artikel 6.4.12 Subsidieaanvraag#
Artikel 6.4.12 Subsidieaanvraag artikel 1.22 Onverminderdbevat een aanvraag voor subsidie ten minste: a. een volledig ingevuld aanvraagformulier; b. de bij het aanvraagformulier behorende documenten als bijlagen. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 6.4.13 — Artikel 6.4.13 Vervaltermijn#
Artikel 6.4.13 Vervaltermijn Deze titel vervalt met ingang van 31 december 2026, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd. 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 2023 26233 02-10-2023 28-09-2023 WJZ/36501334 03-10-2023
Artikel 7.1 — Artikel 7.1 Voorschot vooruitlopend op te maken kosten#
Artikel 7.1 Voorschot vooruitlopend op te maken kosten 1 artikel 1.30 De Minister van SZW kan op aanvraag een voorschot verlenen vooruitlopend op te maken kosten, als bedoeld in, voor aanvragen die zijn ingediend voor: a. titel 7.1 , zoals die luidde in de periode van 7 januari 2023 tot 23 mei 2023; b. titel 7.2 , zoals die luidde in de periode van 7 januari 2023 tot 23 mei 2023; c. titel 7.2 , zoals die luidde in de periode van 15 augustus 2023 tot 12 september 2023; d. titel 7.3 , zoals die luidde in de periode van 7 januari 2023 tot 30 september 2023. 2 De aanvraag om een voorschot als bedoeld in het eerste lid, bevat ten minste een garantstelling van een overheidsinstantie tot de hoogte van het gevraagde voorschot. 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 05-06-2025
Artikel 7.1a — Artikel 7.1a Voorschot op basis van gerealiseerde projectactiviteiten#
Artikel 7.1a Voorschot op basis van gerealiseerde projectactiviteiten 1 artikel 1.31, zesde lid In afwijking van, heeft de aanvraag om een voorschot betrekking op maximaal a. 90 procent van de verleende subsidie, bij een verleende subsidie tot € 5.000.000; b. 95 procent van de verleende subsidie, bij een verleende subsidie van minimaal € 5.000.000. 2 Het eerste lid is van toepassing op aanvragen die zijn ingediend voor: a. titel 7.1 , zoals die luidde in de periode van 8 mei 2023 tot en met 22 mei 2023; b. titel 7.1 , zoals die luidde in de periode van 11 september 2023 tot en met 16 oktober 2023; c. titel 7.3 , zoals die luidde in de periode van 13 februari 2023 tot en met 29 september 2023. 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 19-11-2025
Artikel 7.1.1 — Artikel 7.1.1 Begripsomschrijvingen#
Artikel 7.1.1 Begripsomschrijvingen Vervallen 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 31-12-2023
Artikel 7.1.2 — Artikel 7.1.2 Doel subsidie#
Artikel 7.1.2 Doel subsidie Vervallen 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 31-12-2023
Artikel 7.1.3 — Artikel 7.1.3 Doelgroep#
Artikel 7.1.3 Doelgroep Vervallen 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 31-12-2023
Artikel 7.1.4 — Artikel 7.1.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 7.1.4 Subsidiabele activiteiten Vervallen 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 31-12-2023
Artikel 7.1.5 — Artikel 7.1.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 7.1.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling Vervallen 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 31-12-2023
Artikel 7.1.6 — Artikel 7.1.6 Aanvraagperiode#
Artikel 7.1.6 Aanvraagperiode Vervallen 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 31-12-2023
Artikel 7.1.7 — Artikel 7.1.7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 7.1.7 Hoogte van de subsidie Vervallen 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 31-12-2023
Artikel 7.1.8 — Artikel 7.1.8 Niet- subsidiabele kosten#
Artikel 7.1.8 Niet- subsidiabele kosten Vervallen 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 31-12-2023
Artikel 7.1.9 — Artikel 7.1.9 Starttermijn en looptijd#
Artikel 7.1.9 Starttermijn en looptijd Vervallen 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 31-12-2023
Artikel 7.1.10 — Artikel 7.1.10 Afwijzingsgronden#
Artikel 7.1.10 Afwijzingsgronden Vervallen 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 31-12-2023
Artikel 7.1.11 — Artikel 7.1.11 Beoordelingscriteria#
Artikel 7.1.11 Beoordelingscriteria Vervallen 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 31-12-2023
Artikel 7.1.12 — Artikel 7.1.12 Voorschot#
Artikel 7.1.12 Voorschot Vervallen 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 31-12-2023
Artikel 7.1.13 — Artikel 7.1.13 Subsidieaanvraag#
Artikel 7.1.13 Subsidieaanvraag Vervallen 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 31-12-2023
Artikel 7.1.14 — Artikel 7.1.14 Vervaltermijn#
Artikel 7.1.14 Vervaltermijn Vervallen 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 2023 24105 31-08-2023 23-08-2023 2023-0000492801 31-12-2023
Artikel 7.2.1 — Artikel 7.2.1 Begripsomschrijvingen#
Artikel 7.2.1 Begripsomschrijvingen In deze titel wordt verstaan onder: – TJTP Zuid-Limburg: regionaal territoriaal plan voor een rechtvaardige transitie als bedoeld in artikel 11 van de JTF-verordening voor de JTF-regio Zuid-Limburg met de titel Territoriaal Just Transition plan van de COROP regio Zuid-Limburg. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 7.2.2 — Artikel 7.2.2 Doel subsidie#
Artikel 7.2.2 Doel subsidie 1 Doel van subsidie op basis van deze titel is uitvoering te geven aan Spoor 2 van het TJTP Zuid-Limburg. 2 Projecten waaraan op basis van deze titel subsidie wordt verleend passen binnen prioriteit 6, Spoor 2 van het TJTP Zuid-Limburg uit het Programma JTF 2021–2027 en hebben tot doel om nieuwe, duurzame banen te creëren, door te investeren in technologie, systemen en infrastructuur. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 7.2.3 — Artikel 7.2.3 Doelgroep#
Artikel 7.2.3 Doelgroep 1 De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie voor een project aan: a. een rechtspersoon; b. een natuurlijke persoon ingeschreven in het handelsregister; of c. artikel 1.4, vijfde lid een penvoerder namens de afzonderlijke partijen in een samenwerkingsverband als bedoeld in. 2 Indien de Europese Commissie op het tijdstip van subsidieverlening nog niet heeft ingestemd met de op 31 mei 2023 ingediende wijziging van het Programma JTF 2021–2027 en de aanvrager of een van de afzonderlijke partijen in het samenwerkingsverband een grote onderneming is, wordt de subsidie verleend onder de voorwaarde dat de Europese Commissie instemt met de wijziging van het programma. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 7.2.4 — Artikel 7.2.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 7.2.4 Subsidiabele activiteiten 1 Subsidie op basis van deze titel kan worden verstrekt voor: a. investeringen in technologie, infrastructuur met als doel om het circulaire fundament van het chemiecluster te versterken; of b. voorbereidende planvorming en processen tot investeringen als bedoeld in onderdeel a. 2 De activiteiten, bedoeld in het eerste lid, zijn gericht op: a. groene waterstofinfrastructuur met nadruk op lokale aansluitingen, lokale netwerken en innovatieve toepassingen; b. circulaire infrastructuur; c. 2 CO-infrastructuur; d. lokale openbare infrastructuur voor elektrificatie van het chemiecluster; e. infrastructuur, waaronder de aanleg van kennisinfrastructuur en infrastructurele faciliteiten voor technologieontwikkeling en -overdracht; of f. een combinatie van de acties onder a tot en met e met acties gericht op de arbeidsmarkt in de zin van: i. bij- en omscholing van werknemers en werkzoekenden; ii. begeleiding van werkzoekenden bij het zoeken van een baan; iii. Actieve inclusie van werkzoekenden. 3 De activiteiten, bedoeld in het eerste lid, worden verricht in of ten behoeve van het werkingsgebied Zuid-Limburg. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 7.2.5 — Artikel 7.2.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 7.2.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt: a. artikel 7.2.4.,eerste lid, onderdeel a voor activiteiten als bedoeld in, € 18.200.937; b. artikel 7.2.4., eerste lid, onderdeel b voor activiteiten als bedoeld in, € 1.000.000. 2 artikel 1.19 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op basis van rangschikking naar geschiktheid overeenkomstig. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 7.2.6 — Artikel 7.2.6 Aanvraagperiode#
Artikel 7.2.6 Aanvraagperiode 1 Een aanvraag kan worden ingediend van 15 augustus 2023 10.00 uur tot en met 11 september 2023 17.00 uur. 2 https://www.jtf-webportal.nl/mijn/ Aanvragen worden ingediend door middel van het door de Minister van SZW vastgestelde aanvraagformulier dat beschikbaar is via. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 7.2.7 — Artikel 7.2.7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 7.2.7 Hoogte van de subsidie 1 De subsidie bedraagt maximaal 50 procent van de subsidiabele kosten. 2 De subsidie bedraagt ten hoogste: a. artikel 7.2.4, eerste lid, onderdeel a € 5.000.000 per project voor activiteiten als bedoeld in; b. artikel 7.2.4, eerste lid, onderdeel b € 250.000 per project voor activiteiten als bedoeld in. 3 hoofdstuk 9 Onverminderd het eerste lid, wordt maximaal een zodanig percentage aan subsidie verstrekt dat het totale percentage aan subsidie op grond van deze titel en, indien van toepassing,samen niet meer bedraagt dan 50 procent. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 7.2.8 — Artikel 7.2.8 Niet-subsidiabele kosten#
Artikel 7.2.8 Niet-subsidiabele kosten artikel 1.15 artikel 1.11, eerste lid, onderdeel b Onverminderden in afwijking van, komen loonverletkosten niet voor subsidie in aanmerking. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 7.2.9 — Artikel 7.2.9 Starttermijn en looptijd#
Artikel 7.2.9 Starttermijn en looptijd 1 Met de uitvoering van de op grond van deze titel gesubsidieerde projecten wordt gestart binnen drie maanden na de subsidieverlening. 2 Wanneer ten tijde van het indienen van de aanvraag de benodigde vergunningen nog niet zijn verleend, wordt de subsidie verleend onder de opschortende voorwaarde dat alle benodigde vergunningen uiterlijk achttien maanden na sluiting van de aanvraagperiode zijn verkregen. 3 De uitvoering van het project is binnen 36 maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking voltooid. 4 Op verzoek van de subsidieontvanger kan de Minister van SZW de termijn, bedoeld in het eerste, tweede of derde lid, verlengen. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 7.2.10 — Artikel 7.2.10 Afwijzingsgronden#
Artikel 7.2.10 Afwijzingsgronden artikel 1.25 Onverminderdbeslist de Minister van SZW afwijzend op een aanvraag, indien: a. de activiteit is gericht op de aanleg van 380 kV-infrastructuur; b. aanvrager een grote onderneming is en subsidie vraagt voor het doen van productieve investeringen; c. de voor de uitvoering van de aanvraag benodigde vergunningen niet zijn aangevraagd voor het indienen van de subsidieaanvraag; of d. artikel 7.2.4, eerste lid, onderdeel a de aan het project te verlenen subsidie voor activiteiten als bedoel in, minder bedraagt dan € 1.000.000. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 7.2.11 — Artikel 7.2.11 Beoordelingscriteria#
Artikel 7.2.11 Beoordelingscriteria 1 artikel 1.20, eerste lid Projecten worden beoordeeld op alle onderdelen van. 2 artikel 1.20, derde lid Gelet op, bedraagt het aantal punten per onderdeel als bedoeld in het eerste lid maximaal: a. voor de mate waarin het project bijdraagt aan de doelstellingen van het Programma JTF 2021–2027: 20 punten; b. voor de mate waarin het project bijdraagt aan sociaaleconomische integraliteit: 20 punten; c. voor de hoogte van het technische en sociale innovatiegehalte van het project: 15 punten; d. voor de hoogte van het economisch of financieel toekomstperspectief van het project: 15 punten; e. voor de kwaliteit van het projectplan: 15 punten; f. voor de mate waarin het project bijdraagt aan duurzame ontwikkeling en aan maatschappelijke-sociale impact: 15 punten. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 7.2.12 — Artikel 7.2.12 Voorschot#
Artikel 7.2.12 Voorschot 1 artikel 1.30 De Minister van SZW kan op aanvraag een voorschot verlenen vooruitlopend op te maken kosten als bedoeld in. 2 De aanvraag om een voorschot als bedoeld in het eerste lid, bevat ten minste een garantstelling van een overheidsinstantie tot de hoogte van het gevraagde voorschot. 3 artikel 1.31 De Minister van SZW verleent op aanvraag een voorschot op grond van gerealiseerde projectactiviteiten als bedoeld in. 4 artikel 1.31, zesde lid In afwijking van, heeft de aanvraag om een voorschot betrekking op maximaal: a. 90 procent van de verleende subsidie, bij een verleende subsidie tot € 5.000.000; b. 95 procent van de verleende subsidie, bij een verleende subsidie van minimaal € 5.000.000. 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 19-11-2025
Artikel 7.2.13 — Artikel 7.2.13 Subsidieaanvraag#
Artikel 7.2.13 Subsidieaanvraag 1 artikel 1.22 Onverminderdbevat een aanvraag voor subsidie ten minste: a. een volledig ingevuld aanvraagformulier; en b. de bij het aanvraagformulier behorende documenten als bijlagen. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 7.2.14 — Artikel 7.2.14 Vervaltermijn#
Artikel 7.2.14 Vervaltermijn Deze titel vervalt met ingang van 31 december 2027, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd. 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 2023 20618 24-07-2023 14-07-2023 2023-0000345655 25-07-2023
Artikel 7.3.1 — Artikel 7.3.1 Begripsomschrijvingen#
Artikel 7.3.1 Begripsomschrijvingen Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 7.3.2 — Artikel 7.3.2 Doel subsidie#
Artikel 7.3.2 Doel subsidie Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 7.3.3 — Artikel 7.3.3 Doelgroep#
Artikel 7.3.3 Doelgroep Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 7.3.4 — Artikel 7.3.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 7.3.4 Subsidiabele activiteiten Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 7.3.5 — Artikel 7.3.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 7.3.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 7.3.6 — Artikel 7.3.6 Aanvraagperiode#
Artikel 7.3.6 Aanvraagperiode Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 7.3.7 — Artikel 7.3.7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 7.3.7 Hoogte van de subsidie Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 7.3.8 — Artikel 7.3.8 Starttermijn en looptijd#
Artikel 7.3.8 Starttermijn en looptijd Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 7.3.9 — Artikel 7.3.9 Afwijzingsgronden#
Artikel 7.3.9 Afwijzingsgronden Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 7.3.10 — Artikel 7.3.10 Beoordelingscriteria#
Artikel 7.3.10 Beoordelingscriteria Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 7.3.11 — Artikel 7.3.11 Voorschot#
Artikel 7.3.11 Voorschot Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 7.3.12 — Artikel 7.3.12 Subsidieaanvraag#
Artikel 7.3.12 Subsidieaanvraag Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 7.3.13 — Artikel 7.3.13 Vervaltermijn#
Artikel 7.3.13 Vervaltermijn Vervallen 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 30-09-2023
Artikel 7.4.1 — Artikel 7.4.1 Begripsomschrijvingen#
Artikel 7.4.1 Begripsomschrijvingen In deze titel wordt verstaan onder: – TJTP Zuid-Limburg: regionaal territoriaal plan voor een rechtvaardige transitie als bedoeld in artikel 11 van de JTF-verordening voor de JTF-regio Zuid-Limburg met de titel Territoriaal Just Transition plan van de COROP regio Zuid-Limburg. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 7.4.2 — Artikel 7.4.2 Doel subsidie#
Artikel 7.4.2 Doel subsidie 1 Doel van subsidie op basis van deze titel is uitvoering te geven aan spoor 1, 2 en 3 van het TJTP Zuid-Limburg. 2 Projecten waaraan op basis van deze titel subsidie wordt verleend passen binnen prioriteit 6, spoor 1, 2 of 3 van het TJTP Zuid-Limburg uit het Programma JTF 2021–2027 en dragen bij aan een van de volgende doelstellingen: a. bevorderen van vernieuwing, versterking en diversificatie van de regionale economie of het aanjagen van innovatie ten behoeve van de ontwikkeling van een circulair en biobased chemiecluster; b. creëren van nieuwe, duurzame banen door te investeren in technologie, systemen, infrastructuur en kennisinfrastructuur; of c. investeren in een wendbare en weerbare beroepsbevolking. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 7.4.3 — Artikel 7.4.3 Doelgroep#
Artikel 7.4.3 Doelgroep 1 De Minister van SZW verstrekt op aanvraag subsidie voor een project aan: a. een rechtspersoon; b. een natuurlijke persoon ingeschreven in het handelsregister; of c. artikel 1.4, vijfde lid een penvoerder namens de afzonderlijke partijen in een samenwerkingsverband als bedoeld in. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 7.4.4 — Artikel 7.4.4 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 7.4.4 Subsidiabele activiteiten 1 Subsidie op basis van deze titel kan worden verstrekt voor een of meer van de volgende acties: a. investeringen in onderzoek en innovatie; b. investeringen in digitalisering, digitale innovatie en digitale connectiviteit; c. investeringen in technologie en infrastructuur met als doel om het circulaire fundament van het chemiecluster te versterken; d. voorbereidende planvorming en processen tot investeringen als bedoeld in onderdeel c; e. bij- en omscholing van werknemers en werkzoekenden; f. begeleiding van werkzoekenden bij het zoeken van een baan; of g. andere activiteiten dan genoemd in onderdelen e en f op het gebied van onderwijs en sociale inclusie. 2 De activiteiten, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en b, zijn gericht op: a. circulaire economie; b. biobased chemie; of c. economische diversificatie. 3 De activiteiten, bedoeld in het eerste lid, onderdelen c en d, zijn gericht op: a. groene waterstofinfrastructuur met nadruk op lokale aansluitingen, lokale netwerken en innovatieve toepassingen; b. circulaire infrastructuur; c. 2 CO-infrastructuur; d. lokale openbare infrastructuur voor elektrificatie van het chemiecluster; of e. infrastructuur, waaronder de aanleg van kennisinfrastructuur en infrastructurele faciliteiten voor technologieontwikkeling en -overdracht. 4 De activiteiten, bedoeld in het eerste lid, onderdelen e, f en g, zijn gericht op: a. leven lang ontwikkelen in de chemische sector met focus op de transitie naar circulariteit of kansrijke crossovers met de chemie; b. ontwikkeling van benodigde kennis en vaardigheden voor werken in de groene chemie; c. begeleiding van werkzoekenden bij het zoeken naar een baan in de groene chemie; of d. aantrekken en behoud van talent voor de groene chemie. 5 De activiteiten, bedoeld in het eerste lid, worden verricht in of ten behoeve van het werkingsgebied Zuid-Limburg. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 7.4.5 — Artikel 7.4.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 7.4.5 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt ten minste € 3.698.070 en kan worden verhoogd met onbenut budget dat resteert uit het budget uit dit artikel voor de aanvraagperiode die sloot op 28 mei 2025. 2 artikel 1.18 De Minister van SZW verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van ontvangst overeenkomstig. 3 De Minister van SZW maakt verschuivingen van het beschikbare budget uiterlijk bekend op 31 juli 2026. 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 19-11-2025
Artikel 7.4.6 — Artikel 7.4.6 Aanvraagperiode#
Artikel 7.4.6 Aanvraagperiode 1 Een aanvraag kan worden ingediend van 16 juni 2025 10.00 uur tot en met 15 juni 2026 17.00 uur. 2 https://www.jtf-webportal.nl/mijn/ Aanvragen worden online ingediend door middel van het door de Minister van SZW vastgestelde aanvraagformulier dat beschikbaar is via. 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 19-11-2025
Artikel 7.4.7 — Artikel 7.4.7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 7.4.7 Hoogte van de subsidie 1 De subsidie bedraagt maximaal 50 procent van de subsidiabele kosten per project. 2 hoofdstuk 9 Onverminderd het eerste lid, wordt maximaal een zodanig percentage aan subsidie verstrekt dat het totale percentage aan subsidie op grond van deze titel en, indien van toepassing,samen niet meer bedraagt dan 50 procent. 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 05-06-2025
Artikel 7.4.8 — Artikel 7.4.8 Niet-subsidiabele kosten#
Artikel 7.4.8 Niet-subsidiabele kosten artikel 1.11, eerste lid, onderdeel b In afwijking van, komen loonverletkosten niet voor subsidie in aanmerking. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 7.4.9 — Artikel 7.4.9 Starttermijn en looptijd#
Artikel 7.4.9 Starttermijn en looptijd 1 Met de uitvoering van de op grond van deze titel gesubsidieerde projecten wordt gestart binnen drie maanden na de subsidieverlening. 2 Wanneer ten tijde van het indienen van de aanvraag de benodigde vergunningen nog niet zijn verleend, wordt de subsidie verleend onder de opschortende voorwaarde dat alle benodigde vergunningen uiterlijk achttien maanden na ontvangst van de aanvraag zijn verkregen. 3 De uitvoering van het project is voor 30 juni 2029 voltooid. 4 Op verzoek van de subsidieontvanger kan de Minister van SZW de termijn, bedoeld in het eerste, tweede of derde lid, verlengen. 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 2025 17881 04-06-2025 02-06-2025 WJZ/98837375 05-06-2025
Artikel 7.4.10 — Artikel 7.4.10 Afwijzingsgronden#
Artikel 7.4.10 Afwijzingsgronden artikel 1.25 Onverminderdbeslist de Minister van SZW afwijzend op een aanvraag indien: a. de voor de uitvoering van de aanvraag benodigde vergunningen niet zijn aangevraagd voorafgaand aan het indienen van de subsidieaanvraag; of b. artikel 7.4.4, eerste lid, onderdeel d de aan het project te verlenen subsidie minder bedraagt dan € 500.000, met uitzondering van subsidiabele activiteiten als bedoeld in. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 7.4.11 — Artikel 7.4.11 Beoordelingscriteria#
Artikel 7.4.11 Beoordelingscriteria 1 artikel 1.20, derde lid Gelet op, kent de Minister van SZW per onderdeel maximaal de volgende hoeveelheid punten toe: a. voor de mate waarin het project bijdraagt aan de doelstellingen van het Programma JTF 2021–2027: 20 punten; b. voor de mate waarin het project sociaal-economisch integraal is: 15 punten; c. voor de hoogte van het economisch en financieel toekomstperspectief: 15 punten; d. voor de kwaliteit van het projectplan: 25 punten; e. voor de mate waarin het project bijdraagt aan duurzame ontwikkeling en aan maatschappelijke-sociale impact: 25 punten. 2 artikel 7.4.4, eerste lid, onderdelen a en b In afwijking van het eerste lid, kent de Minister van SZW, indien de aangevraagde subsidie voor het project voor meer dan 50 procent bestaat uit een of meer acties als bedoeld in, per onderdeel maximaal de volgende hoeveelheid punten toe: a. voor de mate waarin het project bijdraagt aan de doelstellingen van het Programma JTF 2021–2027: 15 punten; b. voor de mate waarin het project sociaal-economisch integraal is: 15 punten; c. voor de hoogte van het technische en sociale innovatiegehalte van het project: 15 punten; d. voor de hoogte van het economisch en financieel toekomstperspectief: 15 punten; e. voor de kwaliteit van het projectplan: 20 punten; f. voor de mate waarin het project bijdraagt aan duurzame ontwikkeling en aan maatschappelijke-sociale impact: 20 punten. 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 2024 39015 11-12-2024 09-12-2024 WJZ/90135892 12-12-2024
Artikel 7.4.12 — Artikel 7.4.12 Voorschot#
Artikel 7.4.12 Voorschot 1 artikel 1.30 De Minister van SZW kan op aanvraag een voorschot verlenen vooruitlopend op te maken kosten als bedoeld in. 2 De aanvraag om een voorschot als bedoeld in het eerste lid, bevat ten minste een garantstelling van een overheidsinstantie tot de hoogte van het gevraagde voorschot. 3 artikel 1.31, zesde lid In afwijking van, heeft de aanvraag om een voorschot betrekking op maximaal: a. 90 procent van de verleende subsidie, bij een verleende subsidie tot € 5.000.000; b. 95 procent van de verleende subsidie, bij een verleende subsidie van minimaal € 5.000.000. 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 19-11-2025
Artikel 7.4.13 — Artikel 7.4.13 Subsidieaanvraag#
Artikel 7.4.13 Subsidieaanvraag 1 artikel 1.22 Onverminderdbevat een aanvraag voor subsidie ten minste: a. een volledig ingevuld aanvraagformulier; en b. de bij het aanvraagformulier behorende documenten als bijlagen. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 7.4.14 — Artikel 7.4.14 Vervaltermijn#
Artikel 7.4.14 Vervaltermijn Deze titel vervalt met ingang van 31 december 2027, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd. 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 29-11-2023
Artikel 9.1.1 — Artikel 9.1.1 Begripsbepalingen#
Artikel 9.1.1 Begripsbepalingen In dit hoofdstuk wordt verstaan onder: – Rijksbeleid: het Missiegedreven Topsectoren- en Innovatiebeleid en het vigerende beleid voor klimaat en energie, digitalisering en sleuteltechnologieën, circulaire economie, dat valt onder de verantwoordelijkheid van de Minister van EZK. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 9.1.2 — Artikel 9.1.2 Subsidieverstrekking#
Artikel 9.1.2 Subsidieverstrekking hoofdstukken 2 tot en met 8 De Minister van EZK verstrekt op aanvraag subsidie voor activiteiten waarvoor subsidie is verleend op grond van deen die naar het oordeel van de Minister bijdragen aan de realisatie van het Rijksbeleid. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 9.1.3 — Artikel 9.1.3 Subsidieplafond#
Artikel 9.1.3 Subsidieplafond 1 artikel 9.1.2 Het maximaal beschikbare bedrag voor subsidies als bedoeld inbedraagt voor de programmaperiode van 1 januari 2021 tot en met 31 december 2027 € 50.000.000. 2 Het maximaal beschikbare bedrag per regio bedraagt: a. voor de JTF-regio Groningen-Emmen € 25.000.000; b. voor de JTF-regio IJmond € 5.000.000; c. voor de JTF-regio Groot-Rijnmond € 5.000.000; d. voor de JTF-regio West Noord-Brabant € 5.000.000; e. voor de JTF-regio Zeeuws-Vlaanderen € 5.000.000; f. voor de JTF-regio Zuid-Limburg € 5.000.000. 3 Het voor de EZK-cofinanciering beschikbare bedrag wordt in jaarlijkse tranches beschikbaar gesteld. 4 titel 9.2 De Minister van EZK kan op grond van dit hoofdstuk uitsluitend subsidie verstrekken indien de mogelijkheid tot het doen van een aanvraag tot subsidieverlening voor de desbetreffende activiteit of categorie van aanvragers is opengesteld door vaststelling van een subsidieplafond en een periode voor indiening van de aanvraag in. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 9.1.4 — Artikel 9.1.4 Mandaatverlening door de Minister van EZK#
Artikel 9.1.4 Mandaatverlening door de Minister van EZK 1 hoofdstuk 9 De Minister van EZK verleent bij besluit aan het Samenwerkingsverband Noord-Nederland, het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Rotterdam en Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant mandaat, volmacht en machtiging om in het kader van de uitvoering van: a. besluiten te nemen, privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten en handelingen te verrichten die een privaatrechtelijke rechtshandeling noch een besluit zijn; b. te beslissen op bezwaarschriften; en c. in rechte op te treden. 2 hoofdstuk 9 Een gemandateerde als bedoeld in het eerste lid is in het kader van de uitvoering vanbevoegd tot het verlenen van ondermandaat aan bij hem werkzame functionarissen. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 9.1.5 — Artikel 9.1.5 Afwijzingsgronden#
Artikel 9.1.5 Afwijzingsgronden De Minister van EZK beslist afwijzend op een aanvraag om subsidie, indien: a. artikel 1.4 aan de aanvrager voor de activiteiten geen subsidie wordt verleend als bedoeld in; b. artikel 9.1.2 het project onvoldoende bijdraagt aan de realisatie van het inbedoelde Rijksbeleid. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 9.1.6 — Artikel 9.1.6 Schakelbepaling#
Artikel 9.1.6 Schakelbepaling artikelen 1.24 1.26 1.27 1.28 1.29 1.30 1.31 1.32 1.33 1.34 1.35 1.36 1.37 1.38 1.39 De,,,,,,,,,,,,,enzijn van overeenkomstige toepassing op de subsidieverstrekking op grond van dit hoofdstuk. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 9.2.1.1 — Artikel 9.2.1.1 EZK-cofinanciering steun aan opleidingsinfrastructuur en flankerende campusactiviteiten#
Artikel 9.2.1.1 EZK-cofinanciering steun aan opleidingsinfrastructuur en flankerende campusactiviteiten Vervallen 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 2023 31705 28-11-2023 23-11-2023 WJZ/39772921 30-03-2024
Artikel 9.2.1.2 — Artikel 9.2.1.2 EZK-cofinanciering steun aan JTF-Call 2022 voor grote Kennis- en valorisatieprojecten die aansluiten bij de transities uit de RIS3 2021–2027#
Artikel 9.2.1.2 EZK-cofinanciering steun aan JTF-Call 2022 voor grote Kennis- en valorisatieprojecten die aansluiten bij de transities uit de RIS3 2021–2027 1 artikel 2.2.4 De Minister van EZK verstrekt subsidie voor activiteiten als bedoeld in. 2 Het subsidieplafond voor subsidie als bedoeld in het eerste lid, bedraagt € 9.000.000. 3 Een aanvraag kan worden ingediend in de periode vanaf 5 juni 2023 9.00 uur tot en met 29 september 2023 17.00 uur. 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 02-06-2023
Artikel 9.2.1.3 — Artikel 9.2.1.3 EZK-cofinanciering Steun voor middelgrote valorisatieprojecten die aansluiten bij de transities uit de RIS3 2021–2027#
Artikel 9.2.1.3 EZK-cofinanciering Steun voor middelgrote valorisatieprojecten die aansluiten bij de transities uit de RIS3 2021–2027 1 artikel 2.7.4 De Minister van EZK verstrekt subsidie voor activiteiten als bedoeld in. 2 Het subsidieplafond voor subsidie als bedoeld in het eerste lid bedraagt € 5.000.000. 3 Een aanvraag kan worden ingediend in de periode vanaf 9 oktober 2023 12.00 uur tot en met 31 januari 2025 12.00 uur. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 9.2.1.4 — Artikel 9.2.1.4 EZK-cofinanciering Strategische groene projecten#
Artikel 9.2.1.4 EZK-cofinanciering Strategische groene projecten 1 artikel 2.8.4 De Minister van EZK verstrekt subsidie voor activiteiten als bedoeld in. 2 Het subsidieplafond voor subsidie als bedoeld in het eerste lid bedraagt € 6.000.000. 3 Een aanvraag kan worden ingediend tot en met 31 oktober 2024 17.00 uur. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 9.2.2.1 — Artikel 9.2.2.1 EZK-cofinanciering Regionale subsidies voor het Territoriaal Just Transition Plan voor de regio IJmond#
Artikel 9.2.2.1 EZK-cofinanciering Regionale subsidies voor het Territoriaal Just Transition Plan voor de regio IJmond 1 artikel 3.1.3 De Minister van EZK verstrekt subsidie voor activiteiten als bedoeld in. 2 Het subsidieplafond voor subsidie als bedoeld in het eerste lid, bedraagt € 5.000.000. 3 Een aanvraag kan worden ingediend vanaf 23 januari 2023 9.00 uur. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 9.2.3.1 — Artikel 9.2.3.1 EZK-cofinanciering Regionale Subsidies voor Spoor 1 en 2 uit het Territorial Just Transition Plan voor de regio Groot-Rijnmond#
Artikel 9.2.3.1 EZK-cofinanciering Regionale Subsidies voor Spoor 1 en 2 uit het Territorial Just Transition Plan voor de regio Groot-Rijnmond 1 artikel 4.4.4 De Minister van EZK verstrekt subsidie voor activiteiten als bedoeld in. 2 Het subsidieplafond voor subsidie als bedoeld in het eerste lid bedraagt € 2.500.000. 3 Een aanvraag kan worden ingediend vanaf 15 april 2024 9.00 uur. 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 2024 7125 19-03-2024 15-03-2024 WJZ/45790625 20-03-2024
Artikel 9.2.3.2 — Artikel 9.2.3.2 EZK-cofinanciering Regionale Subsidies voor Spoor 1 en 2 uit het Territorial Just Transition Plan voor de regio Groot-Rijnmond#
Artikel 9.2.3.2 EZK-cofinanciering Regionale Subsidies voor Spoor 1 en 2 uit het Territorial Just Transition Plan voor de regio Groot-Rijnmond 1 artikel 4.6.4 De Minister van EZK verstrekt subsidie voor activiteiten als bedoeld in. 2 Het subsidieplafond voor subsidie als bedoeld in het eerste lid bedraagt € 2.500.000. 3 Een aanvraag kan worden ingediend vanaf 15 oktober 2025 9.00 uur. 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 2025 33306 09-10-2025 02-10-2025 WJZ/100957680 10-10-2025
Artikel 9.2.4.1 — Artikel 9.2.4.1 EZK-cofinanciering Subsidietitel voor steun onder Spoor 1 uit het Territorial Just Transition Plan voor de regio West-Noord-Brabant#
Artikel 9.2.4.1 EZK-cofinanciering Subsidietitel voor steun onder Spoor 1 uit het Territorial Just Transition Plan voor de regio West-Noord-Brabant 1 artikel 5.1.3 De Minister van EZK verstrekt subsidie voor activiteiten als bedoeld in. 2 Het subsidieplafond voor subsidie als bedoeld in het eerste lid bedraagt € 5.000.000. 3 Een aanvraag kan worden ingediend: a. in de eerste periode die loopt van 13 februari 2023 10.00 uur tot en met 31 maart 2023 17.00 uur; b. in de tweede periode die loopt van 5 juni 2023 10.00 uur tot en met 7 juli 2023 17.00 uur. 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 07-01-2023
Artikel 9.2.5.1 — Artikel 9.2.5.1 EZK-Cofinanciering Subsidietitel voor steun onder spoor 1 uit het Territorial Just Transition Plan voor de regio Zeeuws-Vlaanderen/Vlissingen-Oost#
Artikel 9.2.5.1 EZK-Cofinanciering Subsidietitel voor steun onder spoor 1 uit het Territorial Just Transition Plan voor de regio Zeeuws-Vlaanderen/Vlissingen-Oost 1 artikel 6.1.3 De Minister van EZK verstrekt subsidie voor activiteiten als bedoeld in. 2 Het subsidieplafond voor subsidie als bedoeld in het eerste lid bedraagt € 3.000.000. 3 Een aanvraag kan worden ingediend van 5 juni 2023 10.00 uur tot en met 7 juli 2023 17.00 uur. 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 2023 15426 01-06-2023 26-05-2023 WJZ/27195942 02-06-2023
Artikel 9.2.5.2 — Artikel 9.2.5.2 EZK-Cofinanciering Subsidietitel voor steun onder spoor 1, 2 en 3 uit het Territoriaal Just Transition Plan voor de regio Zeeuws-Vlaanderen/Vlissingen-Oost#
Artikel 9.2.5.2 EZK-Cofinanciering Subsidietitel voor steun onder spoor 1, 2 en 3 uit het Territoriaal Just Transition Plan voor de regio Zeeuws-Vlaanderen/Vlissingen-Oost 1 artikel 6.4.4, eerste lid, onderdelen a en b De Minister van EZK verstrekt subsidie voor activiteiten als bedoeld in, en activiteiten als bedoeld in artikel 6.4.4, tweede lid. 2 Het subsidieplafond voor subsidie als bedoeld in het eerste lid bedraagt € 1.919.481. 3 Een aanvraag kan worden ingediend van 16 juni 2025 10.00 uur tot en met 15 juni 2026 17.00 uur. 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 2025 38830 18-11-2025 17-11-2025 WJZ/102270834 19-11-2025
Artikel 9.2.6 — Artikel 9.2.6 EZK-cofinanciering Subsidietitel voor steun onder spoor 1 uit het Territorial Just Transition Plan voor de regio Zuid-Limburg#
Artikel 9.2.6 EZK-cofinanciering Subsidietitel voor steun onder spoor 1 uit het Territorial Just Transition Plan voor de regio Zuid-Limburg 1 artikel 7.1.3 De Minister van EZK verstrekt subsidie voor activiteiten als bedoeld in. 2 Het subsidieplafond voor subsidie als bedoeld in het eerste lid bedraagt € 5.000.000. 3 Een aanvraag kan worden ingediend van 8 mei 2023 10.00 uur tot en met 22 mei 2023 17.00 uur. 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 2023 37 06-01-2023 22-12-2022 2022-0000260130 07-01-2023
Artikel 9a.1 — Artikel 9a.1 titel 2.6 Verruiming bevoorschotting in#
Artikel 9a.1 titel 2.6 Verruiming bevoorschotting in artikel 2.6.12, eerste lid In, zoals deze luidde van 23 februari 2023 tot en met 2 augustus 2023, wordt voor ‘20 procent van de verleende subsidie met een maximum van € 500.000’ gelezen ‘40 procent van de verleende subsidie’. 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 2025 4748 07-02-2025 30-01-2025 WJZ/96481080 08-02-2025
Artikel 10.1 — Artikel 10.1 Citeertitel#
Artikel 10.1 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling JTF 2021–2027. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 10.2 — Artikel 10.2 Inwerkingtreding#
Artikel 10.2 Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 2022 34281 29-12-2022 22-12-2022 2022-0000261694 30-12-2022
Artikel 2.1.11#
artikel 2.1.11, tweede lid
Artikel 3.1.3#
artikel 3.1.3, aanhef en onderdeel a
Artikel 4.1.3#
artikelen 4.1.3
Artikel 4.6.3#
4.6.3
Artikel 4.2.3#
artikelen 4.2.3, onderdeel a
Artikel 4.5.3#
4.5.3, onderdeel a
Artikel 4.4.3#
artikel 4.4.3, onderdeel a