Regeling van de Minister voor Langdurige Zorg en Sport van 7 juli 2023, kenmerk 3633224-1050445-DMO, houdende regels voor de verstrekking van subsidie voor woonruimte waar jongeren betaalbaar kunnen samenleven met ouderen en de begeleiding daarbij (Subsidieregeling intergenerationeel wonen)
- BWB-id
- BWBR0048391
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2024-11-16
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0048391
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2023/subsidieregeling-intergenerationeel-wonen
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2023/subsidieregeling-intergenerationeel-wonen/2024-11-16
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0048391&g=2024-11-16
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0048391&z=2026-06-06&g=2024-11-16
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0048391/2024-11-16
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2023/subsidieregeling-intergenerationeel-wonen
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: begeleider: persoon die in dienst van of in opdracht van een verhuurder een jongere ondersteuning biedt bij diens bijdrage aan de cohesie en sociale interactie in de geclusterde woonvorm bestemd voor ouderen; DAEB: dienst van algemeen economisch belang als bedoeld in artikel 106, tweede lid, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie; DAEB de-minimisverklaring: Verordening (EU) nr. 360/2012 verklaring als bedoeld in artikel 3 van devan de Commissie van 25 april 2012 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun verleend aan diensten van algemeen economisch belang verrichtende ondernemingen (PbEU 2012, L 114/8); geclusterde woonvorm: artikel 1, derde lid, onderdeel 3, van de Woningwet vijf of meer woningen als bedoeld in, gelegen in Nederland, die fysiek verbonden zijn, dan wel daarmee vergelijkbaar; handelsregister: artikel 2 van de Handelsregisterwet 2007 handelsregister als bedoeld in; huurcommissie: artikel 3a Uitvoeringswet huurprijzen woonruimte huurcommissie, bedoeld in; huurprijscheck: https://www.huurcommissie.nl/huurcommissie-helpt/huurprijscheck-zelfstandige-woonruimte https://www.huurcommissie.nl/huurcommissie-helpt/huurprijscheck-onzelfstandige-woonruimte berekeningswijze waarmee de maximale kale huurprijs van een woonruimte kan worden berekend, opgesteld door de huurcommissie en vindbaar opof; jongere: persoon met een leeftijd vanaf 18 tot en met 30 jaar; Kaderregeling: Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS ; kale huurprijs: artikel 237, derde lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek de prijs die is verschuldigd voor het enkele gebruik van de woonruimte, zonder bijkomende kosten voor nutsvoorzieningen en servicekosten, bedoeld in; minister: de Minister voor Langdurige Zorg en Sport; ouderen: personen van 55 jaar en ouder; SBI-code: code van de Standaard Bedrijfsindeling zoals gehanteerd door het Centraal Bureau voor de Statistiek waarmee de economische hoofd- of nevenactiviteit van een bedrijf wordt weergegeven in het handelsregister; verhuurder: privaatrechtelijke rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid die verhuurder is van een geclusterde woonvorm bestemd voor ouderen; woonruimte: artikel 234 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek een gebouwde onroerende zaak voor zover deze als zelfstandige woning, als bedoeld in, dan wel als niet zelfstandige woning wordt verhuurd. 2023 33016 01-12-2023 23-11-2023 3721953-1056638DMO 2023 33016 01-12-2023 23-11-2023 3721953-1056638DMO 01-01-2024
Artikel 2 — Artikel 2 Kaderregeling Toepasselijkheid#
Artikel 2 Kaderregeling Toepasselijkheid artikel 10.1 van de Kaderregeling Op deze regeling isniet van toepassing. 2023 19743 14-07-2023 07-07-2023 3633224-1050445-DMO 2023 19743 14-07-2023 07-07-2023 3633224-1050445-DMO 15-07-2023
Artikel 3 — Artikel 3 Subsidiabele activiteiten en hoogte van de subsidie#
Artikel 3 Subsidiabele activiteiten en hoogte van de subsidie 1 De minister kan op aanvraag subsidie verstrekken aan een verhuurder voor: a. het verhuren van een woonruimte aan jongeren in een geclusterde woonvorm die bestemd is voor bewoning door ouderen; en b. enkel in aanvulling op de activiteit, bedoeld onder a, het faciliteren van een begeleider voor de jongere woonachtig in een woonruimte in een geclusterde woonvorm bestemd voor ouderen. 2 De hoogte van de subsidie bedraagt: a. voor activiteiten als bedoeld in het eerste lid, onder a, per jongere per woonruimte per maand: 1°. € 200,–; of 2°. artikel 2, zesde lid, van de Wet op de loonbelasting 1964 1/12 van het bedrag per kalenderjaar van de vergoeding voor vrijwilligers zoals omschreven in. Het gaat dan om het bedrag per kalenderjaar dat van toepassing is op het eerste jaar dat de subsidiabele activiteiten, bedoeld in het eerste lid, waarvoor de subsidie wordt verstrekt aanvangen; b. voor activiteiten, bedoeld in het eerste lid, onder b, € 70 per uur voor de begeleiding van de jongere tot ten hoogste 4 uur per jongere per maand; en c. artikel 6, tweede lid maximaal € 1.000.000 per verhuurder per periode bedoeld in. 2023 33016 01-12-2023 23-11-2023 3721953-1056638DMO 2023 33016 01-12-2023 23-11-2023 3721953-1056638DMO 01-01-2024
Artikel 4 — Artikel 4 Wijze van subsidieverstrekking#
Artikel 4 Wijze van subsidieverstrekking 1 artikel 1.5, onder a, onder 2°, van de Kaderregeling Indien de subsidie minder dan € 25.000 bedraagt wordt de subsidie ambtshalve vastgesteld tot ten hoogste het bedrag waarvan de hoogte door de minister bij de verlening is genoemd, overeenkomstig. 2 artikel 1.5, onder b, van de Kaderregeling Indien de subsidie € 25.000 of meer bedraagt bestaan de te subsidiëren activiteiten uit meetbare prestatie-eenheden en wordt de subsidie vastgesteld op een bedrag per gerealiseerde prestatie-eenheid waarvan de hoogte door de minister bij de verlening is genoemd, voor ten hoogste het maximum aantal prestatie-eenheden dat door de minister bij de verlening is genoemd, overeenkomstig. 2023 19743 14-07-2023 07-07-2023 3633224-1050445-DMO 2023 19743 14-07-2023 07-07-2023 3633224-1050445-DMO 15-07-2023
Artikel 5 — Artikel 5 Staatssteun#
Artikel 5 Staatssteun 1 artikel 3, eerste lid De uitvoering van de activiteiten, zoals genoemd in, worden aangewezen als een DAEB. 2 Subsidie wordt uitsluitend verstrekt indien de subsidieaanvrager met de Staat een overeenkomst sluit waarbij de Staat hem belast met en hij zich verplicht tot het verrichten van de DAEB, bedoeld in het eerste lid. 2023 19743 14-07-2023 07-07-2023 3633224-1050445-DMO 2023 19743 14-07-2023 07-07-2023 3633224-1050445-DMO 15-07-2023
Artikel 6 — Artikel 6 Subsidievoorwaarden#
Artikel 6 Subsidievoorwaarden 1 Bijlage 1 Subsidie wordt enkel verstrekt aan een verhuurder die op 1 januari van het jaar van het indienen van een aanvraag tot subsidieverlening in het handelsregister stond ingeschreven met een hoofd- of nevenactiviteit met een bijhorende SBI-code die inis opgenomen. 2 artikel 3, eerste lid De periode voor het uitvoeren van de subsidiabele activiteiten, bedoeld in: a. wordt door de verhuurder beoogd uiterlijk aan te vangen binnen drie maanden na het besluit tot subsidieverlening; en b. loopt tot en met 31 december van het eerste of het tweede jaar volgend op de datum van het besluit tot subsidieverlening. 3 Subsidie wordt enkel verstrekt indien: a. de geclusterde woonvorm: 1°. beschikt over vijf of meer separate adressen; of 2°. artikel 3.1.1, eerste lid, van de Wet langdurige zorg bestemd is voor bewoning door personen die recht hebben op zorg in de zin van; b. de woonruimte wordt verhuurd of zal worden verhuurd aan een jongere die een leeftijd vanaf 18 tot en met 30 jaar heeft op het moment dat de huurovereenkomst wordt gesloten; c. gedurende de subsidieperiode voor minimaal twee en maximaal tien jongeren per geclusterde woonvorm een woonruimte beschikbaar is; d. een huurovereenkomst voor de woonruimte wordt opgesteld waarin in ieder geval wordt opgenomen: 1°. de geboortedatum van de jongere; 2°. artikel 234 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek een omschrijving van de woonruimte, waaronder of het een zelfstandige woning, als bedoeld in, of onzelfstandige woning betreft en het aantal m²; 3°. de kale huurprijs; 4°. een waarborg dat de kale huurprijs per maand niet hoger is dan het bedrag dat volgt uit de huurprijscheck verminderd met het bedrag dat wordt ontvangen aan subsidie voor de woonruimte op grond van de regeling; en 5°. dat de jongere een bijdrage zal leveren aan de cohesie en sociale interactie in de geclusterde woonvorm bestemd voor ouderen en daarbij wordt begeleid door een begeleider. 4 artikel 3, eerste lid, onder b Subsidie wordt enkel verstrekt voor activiteiten, bedoeld in, voor een begeleider die: a. artikel 7.2.2, eerste lid, onder d en e, van de Wet educatie en beroepsonderwijs artikel 7.4.6, eerste lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs een op gedrag en maatschappij of zorg en welzijn gerichte middenkaderopleiding of een specialistenopleiding als bedoeld inmet goed gevolg heeft afgesloten en ten bewijze daarvan een diploma als bedoeld inheeft ontvangen; of b. drie jaar relevante werkervaring op het gebied van gedrag en maatschappij of zorg en welzijn heeft. 5 Indien sprake is van subsidiabele activiteiten die zien op meer dan een woonruimte, wordt daarvoor door de verhuurder per periode bedoeld in het tweede lid, één aanvraag ingediend. 6 Subsidie wordt enkel opnieuw verstrekt aan een verhuurder na afloop van de periode, bedoeld in het tweede lid, van de reeds aan die verhuurder op grond van deze regeling verstrekte subsidie. 2023 33016 01-12-2023 23-11-2023 3721953-1056638DMO 2023 33016 01-12-2023 23-11-2023 3721953-1056638DMO 01-01-2024
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 Het subsidieplafond bedraagt voor het jaar 2025 € 1.000.000,–. 2 artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht De Minister verdeelt het ingevolge het subsidieplafond beschikbare bedrag op volgorde van binnenkomst van de aanvragen, met dien verstande dat wanneer de aanvrager krachtensde gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvraag is aangevuld als datum van ontvangst geldt. 2024 37360 15-11-2024 08-11-2024 3992060-1074125-DMO 2024 37360 15-11-2024 08-11-2024 3992060-1074125-DMO 16-11-2024
Artikel 8 — Artikel 8 Aanvraag tot subsidieverlening#
Artikel 8 Aanvraag tot subsidieverlening 1 Een aanvraag tot subsidieverlening voor het kalenderjaar 2023 kan worden ingediend van 17 juli 2023 om 9.00 uur tot en met 15 september 2023 om 16.00 uur. 2 artikel 3, eerste lid Een aanvraag tot subsidieverlening voor subsidiabele activiteiten, bedoeld in, die aanvangen in het kalenderjaar 2024 kan worden ingediend van 2 januari 2024 om 9.00 uur tot en met 31 mei 2024 om 16.00 uur. 3 artikel 3, eerste lid Een aanvraag tot subsidieverlening voor subsidiabele activiteiten, bedoeld in, die aanvangen in het kalenderjaar 2025 kan worden ingediend van 18 november 2024 om 09.00 uur tot en met 30 april 2025 om 16.00 uur. 4 Voor de aanvraag, de verklaringen van de verhuurder, bedoeld in het vierde lid en de begroting, wordt een door de minister vastgesteld formulier gebruikt. 5 Bij de aanvraag verklaart de verhuurder in een activiteitenplan: a. artikel 6 dat deze voldoet aan de voorwaarden, bedoeld in; b. artikel 3, eerste lid, onder a ingeval van activiteiten bedoeld in, op welke wijze de jongere bijdraagt aan de cohesie en sociale interactie; en c. artikel 3, eerste lid, onder b artikel 6, vierde lid ingeval van activiteiten bedoeld in, een toelichting op welke wijze de begeleider aan de voorwaarden, bedoeld in, voldoet en op welke wijze de jongere wordt begeleid. 6 artikel 3.3 van de Kaderregeling In aanvulling opgaat de aanvraag vergezeld van: a. een document waaruit blijkt dat sprake is van een geclusterde woonvorm bestemd voor ouderen dat uiterlijk op 1 januari van het jaar van het indienen van een aanvraag tot subsidieverlening is vastgesteld en door eenieder op basis van openbare informatie verifieerbaar is; b. het document dat het resultaat is van een ingevulde huurprijscheck van de woonruimte, per woonruimte; c. artikel 5, tweede lid een door de minister vastgestelde ondertekende overeenkomst voor het vestigen van een dienst van algemeen economisch belang, als bedoeld in; en d. een door de minister vastgestelde DAEB de-minimisverklaring. 2024 37360 15-11-2024 08-11-2024 3992060-1074125-DMO 2024 37360 15-11-2024 08-11-2024 3992060-1074125-DMO 16-11-2024
Artikel 9 — Artikel 9 Bevoorschotting#
Artikel 9 Bevoorschotting 1 Indien de subsidie minder dan € 25.000 bedraagt verstrekt de minister bij het besluit tot subsidieverlening een voorschot ter hoogte van 100% van het in de subsidieverlening opgenomen subsidiebedrag, dat in één keer wordt uitbetaald. 2 Indien de subsidie € 25.000 of meer bedraagt verstrekt de minister bij het besluit tot subsidieverlening een voorschot ter hoogte van 50% van het in de subsidieverlening opgenomen subsidiebedrag, dat in één keer wordt uitbetaald. 2023 19743 14-07-2023 07-07-2023 3633224-1050445-DMO 2023 19743 14-07-2023 07-07-2023 3633224-1050445-DMO 15-07-2023
Artikel 10 — Artikel 10 Verplichtingen#
Artikel 10 Verplichtingen 1 artikel 5.7, eerste lid, van de Kaderreling Indien sprake is van leegstand van de woonruimte meldt de verhuurder dit schriftelijk in aanvulling op en in afwijking van: a. bij minder dan drie maanden leegstand: 1°. artikel 6, tweede lid indien een verleende subsidie minder dan € 25.000 bedraagt, uiterlijk op de laatste dag van de periode, bedoeld in; of 2°. indien een verleende subsidie € 25.000 of meer bedraagt ten tijde van de aanvraag tot subsidievaststelling; b. bij drie maanden leegstand of meer, onverwijld na afloop van de drie maanden. 2 De betaalde kale huurprijs mag niet hoger zijn dan die in de huurovereenkomst is opgenomen, behoudens verhogingen conform wet- en regelgeving. 2023 33016 01-12-2023 23-11-2023 3721953-1056638DMO 2023 33016 01-12-2023 23-11-2023 3721953-1056638DMO 01-01-2024
Artikel 11 — Artikel 11 Aanvraag tot subsidievaststelling#
Artikel 11 Aanvraag tot subsidievaststelling artikel 6, tweede lid Indien een verleende subsidie € 25.000 of meer bedraagt vraagt de verhuurder vaststelling van de subsidie aan binnen 22 weken na de datum, bedoeld in. 2023 19743 14-07-2023 07-07-2023 3633224-1050445-DMO 2023 19743 14-07-2023 07-07-2023 3633224-1050445-DMO 15-07-2023
Artikel 12 — Artikel 12 Hardheidsclausule#
Artikel 12 Hardheidsclausule De minister kan een of meer bepalingen van deze regeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover toepassing gelet op het belang dat de desbetreffende bepaling beoogt te beschermen, zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard. 2023 19743 14-07-2023 07-07-2023 3633224-1050445-DMO 2023 19743 14-07-2023 07-07-2023 3633224-1050445-DMO 15-07-2023
Artikel 13 — Artikel 13 Inwerkingtreding en vervaldatum#
Artikel 13 Inwerkingtreding en vervaldatum Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte in de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 november 2030, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op de subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd en vastgesteld. 2023 19743 14-07-2023 07-07-2023 3633224-1050445-DMO 2023 19743 14-07-2023 07-07-2023 3633224-1050445-DMO 15-07-2023
Artikel 14 — Artikel 14 Citeertitel#
Artikel 14 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling intergenerationeel wonen. 2023 19743 14-07-2023 07-07-2023 3633224-1050445-DMO 2023 19743 14-07-2023 07-07-2023 3633224-1050445-DMO 15-07-2023
Artikel 5#
artikel 5, eerste lid