Regeling van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, van 10 april 2023, nr. IENW/BSK-2023/86430, houdende vaststelling van tijdelijke regels voor het verlenen van een specifieke uitkering voor de aanpak van bodemopgaven voor het jaar 2023 (Tijdelijke regeling specifieke uitkering bodem 2023)
- BWB-id
- BWBR0048092
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Infrastructuur en Waterstaat
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2024-05-04
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0048092
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2023/tijdelijke-regeling-specifieke-uitkering-bodem-2023
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2023/tijdelijke-regeling-specifieke-uitkering-bodem-2023/2024-05-04
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0048092&g=2024-05-04
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0048092&z=2026-06-06&g=2024-05-04
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0048092/2024-05-04
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2023/tijdelijke-regeling-specifieke-uitkering-bodem-2023
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen 1 In deze regeling wordt verstaan onder: bevoegd gezag: Wet bodembescherming Besluit aanwijzing bevoegdgezaggemeenten Wet bodembescherming Aanvullingswet bodem Omgevingswet provincie of gemeente als bedoeld in deof gemeente als bedoeld in het, zoals die luidden voor de datum waarop dein werking is getreden; buitenproportionele opgave: artikel 13, tweede lid buitenproportionele opgave als bedoeld in; convenant bodem en ondergrond: convenant bodem en ondergrond 2016–2020 zoals dat luidde op 31 december 2020; convenant bodemontwikkelingsgebied en aanpak spoedlocaties: convenant bodemontwikkelingsgebied en spoedlocaties zoals dat luidde op 31 december 2015; historische spoedopgave: artikel 8, tweede lid aanpak van historische spoedeisende bodemverontreiniging als bedoeld in; minister: Minister van Infrastructuur en Waterstaat; oude afspraken: aantoonbare financiële afspraken die in het verleden tussen een individueel bevoegd gezag en het Rijk zijn gemaakt over de sanering van een geval van ernstige bodemverontreiniging. 2 Wet bodembescherming Aanvullingswet bodem Omgevingswet De definities en begrippen van de, zoals die luidde voor de datum waarop dein werking is getreden zijn van overeenkomstige toepassing. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Treedt in werking op de datum waarop de Aanvullingswet bodem
Omgevingswet van kracht wordt.
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 artikelen 2, eerste en derde lid 4, eerste en tweede lid 6 8 10 11 12, aanhef en onderdelen b, c, d, e, f, g, h, i en k 13 14, eerste en vierde lid 17, eerste lid, aanhef en onderdelen a, b, e en f, en tweede lid 18 21 23, eerste en vijfde lid 24, eerste lid, van het Kaderbesluit subsidies I en M De,,,,,,,,,,,,, enzijn van overeenkomstige toepassing. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 01-05-2023
Artikel 3 — Artikel 3 Doel#
Artikel 3 Doel Het doel van deze regeling is om door middel van het verstrekken van specifieke uitkeringen bevoegde gezagen in staat te stellen een aantal taken op het gebied van bodemsanering goed af te ronden en nieuwe bodemkwaliteitsopgaven te signaleren en daarop te reageren met een passende aanpak. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 01-05-2023
Artikel 4 — Artikel 4 Uitkeringsplafonds#
Artikel 4 Uitkeringsplafonds 1 Het plafond voor de specifieke uitkeringen op grond van deze regeling bedraagt voor: a. historische spoedopgaven: maximaal € 17.556.924,–; b. buitenproportionele opgaven: maximaal € 33.000.000,–, waarvan: 1° maximaal € 6.000.000,– beschikbaar is voor activiteiten met betrekking tot de aanpak van diffuus verspreid lood; 2° maximaal € 23.000.000,– beschikbaar is voor activiteiten met betrekking tot de aanpak van PFAS; en 3° Tijdelijke regeling specifieke uitkering bodem overbruggingsjaar 2021 Tijdelijke regeling specifieke uitkering bodem 2022 maximaal € 4.000.000,– beschikbaar is voor onvoorziene kosten voor de aanpak van een buitenproportionele opgave waarvoor op grond van deof deeen specifieke uitkering is verleend; en c. oude afspraken: maximaal € 21.000.000,–, waarvan: 1° maximaal € 17.000.000,– beschikbaar is voor activiteiten met betrekking tot de aanpak van oude afspraken; en 2° Tijdelijke regeling specifieke uitkering bodem overbruggingsjaar 2021 Tijdelijke regeling specifieke uitkering bodem 2022 maximaal € 4.000.000,– beschikbaar is voor onvoorziene kosten voor de aanpak van een oude afspraak of van een historische spoedopgave waarvoor op grond van deof van deeen specifieke uitkering is verleend. 2 De bedragen, genoemd in het eerste lid, zijn exclusief compensabele btw. 3 artikel 4:34 van de Algemene wet bestuursrecht Specifieke uitkeringen die worden verleend ten laste van een begroting die niet is vastgesteld of goedgekeurd, worden verleend onder de voorwaarde, bedoeld in. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 01-05-2023
Artikel 5 — Artikel 5 Reikwijdte aanvraag specifieke uitkering#
Artikel 5 Reikwijdte aanvraag specifieke uitkering 1 artikel 15 Een aanvraag voor een specifieke uitkering voor activiteiten als bedoeld in deze regeling wordt gedaan voor de aanpak van ofwel een historische spoedopgave, ofwel een buitenproportionele opgave, met inachtneming van, ofwel een oude afspraak. 2 artikelen 16 23 Onverminderd het eerste lid, kan tevens een aanvraag voor een specifieke uitkering worden gedaan voor onvoorziene kosten als bedoeld in deen. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 01-05-2023
Artikel 6 — Artikel 6 Start activiteiten historische spoedopgave en buitenproportionele opgave#
Artikel 6 Start activiteiten historische spoedopgave en buitenproportionele opgave artikel 8 artikel 13 artikelen 11 18 Een specifieke uitkering kan worden verleend voor activiteiten als bedoeld inofdie in 2023 zijn gestart mits deze zijn opgenomen in de aanvraag voor de desbetreffende specifieke uitkering en aan de bestedingsvoorwaarden, bedoeld in deenwordt voldaan. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 01-05-2023
Artikel 7 — Artikel 7 Aanvullende afwijzingsgrond#
Artikel 7 Aanvullende afwijzingsgrond artikelen 11 12 van het Kaderbesluit subsidies I en M In aanvulling op deenkan de minister afwijzend beslissen op een aanvraag om een specifieke uitkering als bedoeld in deze regeling, indien voor de activiteiten uit anderen hoofde Rijksmiddelen zijn of zullen worden verleend dan wel kunnen worden verleend. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 01-05-2023
Artikel 8 — Artikel 8 Specifieke uitkering voor historische spoedopgaven#
Artikel 8 Specifieke uitkering voor historische spoedopgaven 1 De minister kan op aanvraag een specifieke uitkering verlenen aan een bevoegd gezag voor de aanpak van een of meer historische spoedopgaven. 2 Wet bodembescherming Aanvullingswet bodem Omgevingswet Een historische spoedopgave betreft een historische spoedopgave als bedoeld in de, zoals die luidde voor de datum waarop dein werking is getreden en betreft de start, voortzetting, afbouw of afronding door het bevoegd gezag van de aanpak van historische spoedsaneringen als bedoeld in het convenant bodem en ondergrond, bestaande uit: a. de aanpak van de individuele historische spoedlocaties die zijn opgenomen in de eindrapportage van het uitvoeringsprogramma van het convenant bodem en ontwikkelingsbeleid en aanpak spoedlocaties, gepubliceerd op de website van Bodemplus; b. artikel 37 van de Wet bodembescherming Aanvullingswet bodem Omgevingswet de aanpak van individuele historische spoedlocaties waarvoor uiterlijk op de datum van de aanvraag voor een specifieke uitkering een onherroepelijke beschikking tot spoedige sanering als bedoeld in, zoals die luidde voor de datum waarop dein werking is getreden is genomen of individuele locaties waarnaar nog onderzoek moet worden uitgevoerd om uitsluitsel over de noodzaak tot spoedige sanering te kunnen geven; c. gebiedsgericht grondwaterbeheer in gebieden conform het beheer zoals dat uiterlijk op de datum van de aanvraag voor een specifieke uitkering is vastgesteld door het bevoegd gezag; d. nazorg inclusief isoleren, beheer- en controlemaatregelen, van gesaneerde locaties dan wel de afbouw daarvan; of e. de aanpak van de waterbodems die zijn opgenomen in de monitoringsrapportage van het uitvoeringsprogramma van het convenant bodem en ondergrond over het jaar 2020, gepubliceerd op de website van Bodemplus. 3 bijlage 1 De specifieke uitkering, bedoeld in het eerste lid, bedraagt maximaal het bedrag aangegeven inbij deze regeling voor het daarbij genoemde bevoegd gezag. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Treedt in werking op de datum waarop de Aanvullingswet bodem
Omgevingswet van kracht wordt.
Artikel 9 — Artikel 9 Aanvraag specifieke uitkering historische spoedopgave#
Artikel 9 Aanvraag specifieke uitkering historische spoedopgave 1 artikel 8, eerste lid Het bevoegd gezag, bedoeld in, kan een specifieke uitkering aanvragen voor activiteiten of voor financiële verplichtingen met betrekking tot de aanpak van een historische spoedopgave die in 2023 worden uitgevoerd respectievelijk worden aangegaan. 2 Een aanvraag als bedoeld in het eerste lid bevat in ieder geval de projecten of de locaties die onderdeel uitmaken van de historische spoedopgave van het bevoegd gezag waarvoor de specifieke uitkering wordt aangevraagd, onderverdeeld naar: 1° individuele spoedlocaties; 2° gebiedsgericht grondwaterbeheer; 3° nazorg inclusief isoleren, beheer- en controlemaatregelen; en 4° de aanpak van waterbodems als bedoeld op lijst C van het convenant bodem en ondergrond. 3 Een activiteit of aanpak als bedoeld in het eerste lid waarvoor een specifieke uitkering wordt aangevraagd, heeft een doorlooptijd van ten hoogste drie jaar. 4 artikel 10, vierde lid, onderdeel c, van het Kaderbesluit subsidies I en M In afwijking vanvermeldt het bevoegd gezag bij de aanvraag aan welke projecten de gevraagde specifieke uitkering zal worden besteed. 5 Een aanvraag kan worden ingediend in de periode van 1 tot en met 31 mei 2023. 6 bijlage 2 Een aanvraag wordt ingediend met gebruikmaking van het formulier, bedoeld inbij deze regeling. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 01-05-2023
Artikel 10 — Artikel 10 Wijze van verdelen middelen specifieke uitkering historische spoedopgave#
Artikel 10 Wijze van verdelen middelen specifieke uitkering historische spoedopgave 1 artikel 8, derde lid Indien een aanvrager een hogere specifieke uitkering aanvraagt dan het bedrag, bedoeld in, verleent de minister indien de aanvraag voor honorering in aanmerking komt ten hoogste het bedrag, bedoeld in dat lid. 2 artikel 4, eerste lid, onderdeel a artikel 8, derde lid artikel 9, vijfde lid In afwijking van het eerste lid wordt indien het bedrag, bedoeld in, na de verdeling, bedoeld in, juncto, niet is uitgeput, het resterende bedrag evenredig verdeeld over de op grond van artikel 9, eerste en tweede lid, gehonoreerde aanvragen, met dien verstande dat aan de desbetreffende aanvrager maximaal het aangevraagde bedrag wordt verleend. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 01-05-2023
Artikel 11 — Artikel 11 Besteding specifieke uitkering historische spoedopgave#
Artikel 11 Besteding specifieke uitkering historische spoedopgave 1 artikel 8, eerste lid Het bevoegd gezag, bedoeld in, besteedt de specifieke uitkering uitsluitend aan de in de beschikking tot subsidieverlening genoemde projecten of locaties voor zover het gaat om kosten voor onderzoek, saneringsmaatregelen of andere activiteiten die nodig zijn voor het wegnemen of beheersen van onaanvaardbare humane, ecologische dan wel verspreidingsrisico’s bij die projecten of locaties, met dien verstande dat de uitkering mag worden besteed aan een ander project of een andere locatie binnen de aanpak van de historische spoedopgave, genoemd in die beschikking. 2 Onverminderd het eerste lid besteedt het bevoegd gezag de specifieke uitkering uitsluitend aan activiteiten waarvan de kosten niet kunnen worden verhaald op de veroorzaker van de bodemverontreiniging of aan activiteiten waarvan de kosten wegens onvoldoende draagkracht niet of niet volledig kunnen worden gedragen door de eigenaar van de locatie. 3 Indien er sprake is van een situatie waarin het bevoegd gezag onverwijld moet handelen vanwege risico’s voor mens of ecologie of van verspreiding van de verontreiniging, mag de specifieke uitkering in afwijking van het tweede lid worden besteed aan de kosten daarvoor, vooruitlopend op het verhaal van die kosten op de veroorzaker van de verontreiniging of de eigenaar van de locatie. 4 Activiteiten als bedoeld in het eerste lid starten in 2023 te rekenen vanaf de startdatum van de bestedingsperiode opgenomen in de beschikking tot verlening van de specifieke uitkering. 5 artikel 9, derde lid De activiteiten zijn onverminderd, uiterlijk vijf jaar na de startdatum uitgevoerd. 6 In geval van onvoorziene vertraging in de uitvoering mogen in afwijking van het vijfde lid de projecten uiterlijk op 31 december 2030 zijn uitgevoerd. 2024 14218 03-05-2024 02-05-2024 IENW/BSK-2024/133084 2024 14218 03-05-2024 02-05-2024 IENW/BSK-2024/133084 04-05-2024
Artikel 12 — Artikel 12 Verplichting ontvanger specifieke uitkering voor historische spoedopgaven#
Artikel 12 Verplichting ontvanger specifieke uitkering voor historische spoedopgaven artikel 8, eerste lid Het bevoegd gezag, bedoeld in, verstrekt jaarlijks voor het einde van het kalenderjaar informatie aan de minister over de voortgang van de activiteiten waarvoor de desbetreffende specifieke uitkering is verleend, waarbij wordt aangegeven welke activiteiten worden uitgevoerd of zijn afgerond. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 01-05-2023
Artikel 13 — Artikel 13 Specifieke uitkering voor buitenproportionele opgaven#
Artikel 13 Specifieke uitkering voor buitenproportionele opgaven 1 De minister kan op aanvraag een specifieke uitkering verlenen aan een bevoegd gezag voor het uitvoeren van een of meer buitenproportionele opgaven. 2 Een buitenproportionele opgave is een bodem- of grondwaterkwaliteitsopgave voor het bevoegd gezag: a. met betrekking tot het element diffuus verspreid lood of het element PFAS, waarbij sprake is van een dringende noodzaak om maatregelen te nemen vanwege risico’s voor mens of ecologie of van verspreiding van de verontreiniging of omdat stagnatie dreigt van noodzakelijke maatschappelijke ontwikkelingen; b. waarvoor de aanpak vraagt om veel kennis, capaciteit en middelen van dat bevoegd gezag; en c. die niet valt onder afronding van historische spoedopgaven of onder oude afspraken. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 01-05-2023
Artikel 14 — Artikel 14 Kosten die in aanmerking komen voor een specifieke uitkering voor buitenproportionele opgaven#
Artikel 14 Kosten die in aanmerking komen voor een specifieke uitkering voor buitenproportionele opgaven artikel 13 De kosten die voor een specifieke uitkering als bedoeld inin aanmerking komen, zijn de kosten die rechtstreeks verband houden met onderzoek of met bodemsanering in het kader van de aanpak van de buitenproportionele opgave. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 01-05-2023
Artikel 15 — Artikel 15 Aanvraag specifieke uitkering voor buitenproportionele opgaven#
Artikel 15 Aanvraag specifieke uitkering voor buitenproportionele opgaven 1 artikel 13, tweede lid, onderdeel a Voor ieder element, genoemd in, wordt een separate aanvraag als bedoeld in artikel 13, eerste lid, ingediend. 2 Een aanvraag als bedoeld in het eerste lid betreft een of meer projecten en bevat per project in ieder geval een projectplan. 3 Het projectplan, bedoeld in het tweede lid, bevat: 1° een beschrijving van het doel en de activiteiten waarvoor een specifieke uitkering wordt aangevraagd en waaruit blijkt dat er voor de aanpak door het desbetreffende bevoegd gezag een dringende noodzaak is om onaanvaardbare risico’s voor mens of ecologie of van verspreiding van de verontreiniging weg te nemen; en 2° de kosten per activiteit van het project zoals opgenomen in het projectplan, waarbij wordt onderbouwd voor welk deel van de kosten de specifieke uitkering wordt gevraagd. 4 Een project of activiteit als bedoeld in het eerste en tweede lid waarvoor een specifieke uitkering wordt aangevraagd, heeft een doorlooptijd van ten hoogste drie jaar. 5 Indien activiteiten als bedoeld in het derde lid, worden uitgevoerd tezamen met andere decentrale overheden, zijn in het projectplan hun rol en verantwoordelijkheden uitgewerkt waaruit blijkt dat het bevoegd gezag de activiteiten uit het projectplan kan realiseren. 6 Een aanvraag kan worden ingediend in de periode van 1 tot en met 31 mei 2023. 7 bijlage 3 Een aanvraag wordt ingediend met gebruikmaking van het formulier, bedoeld inbij deze regeling. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 01-05-2023
Artikel 16 — Artikel 16 Aanvraag onvoorziene kosten buitenproportionele opgaven 2021 of 2022#
Artikel 16 Aanvraag onvoorziene kosten buitenproportionele opgaven 2021 of 2022 1 Tijdelijke regeling specifieke uitkering bodem overbruggingsjaar 2021 Tijdelijke regeling specifieke uitkering bodem 2022 Een bevoegd gezag waaraan op grond van deof deeen specifieke uitkering is verleend voor de aanpak van een buitenproportionele opgave kan een aanvraag doen voor een specifieke uitkering ten behoeve van onvoorziene kosten voor die aanpak, zoals prijsstijgingen door niet in redelijkheid te verwachten inflatie. 2 Een aanvraag als bedoeld in het eerste lid betreft alleen onvoorziene kosten die direct verband houden met de activiteiten waarvoor op grond van een in het eerste lid genoemde regeling een specifieke uitkering is verleend en bevat per project in ieder geval een onderbouwing van die onvoorziene kosten. 3 Het bevoegd gezag besteedt de specifieke uitkering voor onvoorziene kosten uitsluitend aan de activiteiten waarvoor op grond van een in het eerste lid genoemde regeling een specifieke uitkering is verleend. 4 Een aanvraag kan worden ingediend in de periode van 1 tot en met 31 mei 2023. 5 bijlage 5 Een aanvraag wordt ingediend met gebruikmaking van het formulier, bedoeld inbij deze regeling. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 01-05-2023
Artikel 17 — Artikel 17 Wijze van verdelen middelen specifieke uitkering voor buitenproportionele opgaven en voor onvoorziene kosten#
Artikel 17 Wijze van verdelen middelen specifieke uitkering voor buitenproportionele opgaven en voor onvoorziene kosten 1 artikel 4, eerste lid, onderdeel b artikel 15, zesde lid artikel 16, vierde lid De minister verdeelt de beschikbare bedragen, bedoeld in, na het einde van de aanvraagperiode, bedoeld inen in. 2 artikel 4, eerste lid, onderdeel b, subonderdeel 1, respectievelijk subonderdeel 2, respectievelijk subonderdeel 3 Indien het beschikbare bedrag, bedoeld in, voor de desbetreffende voor honorering in aanmerking komende aanvragen wordt overschreden, wordt het desbetreffende bedrag evenredig verdeeld over de aanvragen voor de aanpak van het element diffuus verspreid lood, respectievelijk van het element PFAS, respectievelijk voor onvoorziene kosten. 3 Indien het bedrag dat beschikbaar is voor onvoorziene kosten na de verdeling, bedoeld in het eerste en tweede lid, niet is uitgeput, wordt de helft van het resterende bedrag toegevoegd aan het beschikbare bedrag voor het element diffuus verspreid lood en de helft aan het beschikbare bedrag voor het element PFAS en worden deze bedragen evenredig verdeeld over de daarvoor voor honorering in aanmerking komende aanvragen. 4 Indien het bedrag dat beschikbaar is voor de aanpak van het element diffuus verspreid lood na de verdeling, bedoeld in het eerste, tweede en derde lid, niet is uitgeput, wordt het resterende bedrag toegevoegd aan het beschikbare bedrag voor het element PFAS en wordt dat bedrag evenredig verdeeld over de daarvoor voor honorering in aanmerking komende aanvragen. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 01-05-2023
Artikel 18 — Artikel 18 Besteding specifieke uitkering voor buitenproportionele opgaven#
Artikel 18 Besteding specifieke uitkering voor buitenproportionele opgaven 1 artikel 13, eerste lid Het bevoegd gezag, bedoeld in, besteedt de specifieke uitkering voor een buitenproportionele opgave uitsluitend aan de voorbereiding, begeleiding en uitvoering van de activiteiten zoals opgenomen in het projectplan, met dien verstande dat een uitkering voor activiteiten voor een project mag worden besteed aan andere activiteiten binnen hetzelfde element, bedoeld in artikel 13, tweede lid, onderdeel a. 2 Onverminderd het eerste lid besteedt het bevoegd gezag de specifieke uitkering uitsluitend aan activiteiten waarvan de kosten niet kunnen worden verhaald op de veroorzaker van de bodemverontreiniging of aan activiteiten waarvan de kosten wegens onvoldoende draagkracht niet of niet volledig kunnen worden gedragen door de eigenaar van de locatie. 3 Indien er sprake is van een situatie waarin het bevoegd gezag onverwijld moet handelen vanwege risico’s voor mens of ecologie of van verspreiding van de verontreiniging, mag de specifieke uitkering in afwijking van het tweede lid worden besteed aan de kosten daarvoor, vooruitlopend op het verhaal van die kosten op de veroorzaker van de verontreiniging of de eigenaar van de locatie. 4 Activiteiten als bedoeld in het eerste lid starten in 2023 te rekenen vanaf de startdatum van de bestedingsperiode opgenomen in de beschikking tot verlening van de specifieke uitkering. 5 artikel 15, vierde lid De activiteiten zijn onverminderd, uiterlijk vijf jaar na de startdatum uitgevoerd. 6 In geval van onvoorziene vertraging in de uitvoering mogen in afwijking van het vijfde lid de projecten uiterlijk op 31 december 2030 zijn uitgevoerd. 2024 14218 03-05-2024 02-05-2024 IENW/BSK-2024/133084 2024 14218 03-05-2024 02-05-2024 IENW/BSK-2024/133084 04-05-2024
Artikel 19 — Artikel 19 Verplichting ontvanger specifieke uitkering voor buitenproportionele opgaven#
Artikel 19 Verplichting ontvanger specifieke uitkering voor buitenproportionele opgaven artikel 13, eerste lid Het bevoegd gezag, bedoeld in, verstrekt jaarlijks voor het einde van het kalenderjaar informatie aan de minister over de voortgang van de activiteiten waarvoor de desbetreffende specifieke uitkering is verleend, waarbij wordt aangegeven welke projecten worden uitgevoerd of zijn afgerond. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 01-05-2023
Artikel 20 — Artikel 20 Tweede aanvraagronde voor historische spoedopgaven, buitenproportionele opgaven of onvoorziene kosten 2021 of 2022#
Artikel 20 Tweede aanvraagronde voor historische spoedopgaven, buitenproportionele opgaven of onvoorziene kosten 2021 of 2022 1 artikel 4, eerste lid, onderdeel a, of onderdeel b artikel 10, eerste en tweede lid artikel 17, eerste, tweede, derde of vierde lid Indien het beschikbare bedrag, bedoeld in, na de verdeling, bedoeld in, of in, niet is uitgeput, kan de minister voor het resterende bedrag een tweede aanvraagronde voor een specifieke uitkering voor een historische spoedopgave, voor een buitenproportionele opgave of voor onvoorziene kosten openstellen. 2 De minister maakt de indieningstermijn en het resterende beschikbare bedrag, bedoeld in het eerste lid, in de Staatscourant bekend, alsmede voor welk onderdeel of element als bedoeld in deze regeling een aanvraag kan worden ingediend. 3 bijlage 2 bijlage 3 artikel 9, vijfde lid artikel 15, zesde lid bijlage 5 artikel 16 Een aanvraag wordt ingediend met gebruikmaking van het formulier, bedoeld inbij deze regeling, indien het een historische spoedopgave betreft, met gebruikmaking van het formulier, bedoeld inbij deze regeling, indien het een buitenproportionele opgave betreft en indien de aanvraag nieuwe activiteiten of projecten betreft die niet in de aanvraagperiode, bedoeld in, of, zijn opgenomen of met gebruikmaking van het formulier, bedoeld in, bij deze regeling indien het onvoorziene kosten als bedoeld inbetreft. 4 artikel 9, eerste of tweede lid artikel 17, eerste, tweede, derde of vierde lid Een aanvraag wordt ingediend namens het bevoegd gezag door een daartoe bevoegde persoon ondertekende brief indien de aanvraag die voor honorering in aanmerking kwam niet of niet geheel is gehonoreerd op grond van, of. In de brief wordt het resterende bedrag opnieuw aangevraagd en wordt verwezen naar de desbetreffende aanvraag van mei 2023 en de desbetreffende beschikking tot verlening van de specifieke uitkering. 5 Artikel 9, tweede, derde en vierde lid artikel 15, eerste, tweede, derde, vierde en vijfde lid artikel 16, eerste en tweede lid , respectievelijk, respectievelijk, is van overeenkomstige toepassing indien een tweede aanvraagronde wordt opengesteld voor de aanpak van de historische spoedopgave, respectievelijk van de buitenproportionele opgave, respectievelijk voor onvoorziene kosten. 6 De minister verdeelt het bedrag, bedoeld in het eerste lid, op volgorde van binnenkomst van de aanvragen. 7 artikelen 11 12 artikel 16, derde lid artikelen 18 19 Deen, respectievelijk, respectievelijk deenzijn van overeenkomstige toepassing. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 01-05-2023
Artikel 21 — Artikel 21 Specifieke uitkering voor oude afspraken#
Artikel 21 Specifieke uitkering voor oude afspraken De minister kan op aanvraag een specifieke uitkering verlenen aan een bevoegd gezag voor de aanpak van een of meer gevallen van bodemverontreiniging waarover een oude afspraak is gemaakt. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 01-05-2023
Artikel 22 — Artikel 22 Aanvraag specifieke uitkering voor oude afspraken#
Artikel 22 Aanvraag specifieke uitkering voor oude afspraken 1 artikel 21 Een aanvraag als bedoeld inbevat in ieder geval een projectplan voor de uitwerking van de beoogde maatregelen voor de in dat artikel bedoelde aanpak. 2 artikel 25 De aanpak, bedoeld in het eerste lid, voldoet aan de bestedingsvoorwaarden, bedoeld in, en het doel van de sanering is concreet beschreven en meetbaar. 3 Activiteiten opgenomen in het projectplan waarvoor een specifieke uitkering wordt aangevraagd, hebben een doorlooptijd van ten hoogste drie jaar. 4 Een aanvraag kan worden ingediend in de periode van 15 oktober tot en met 31 december 2023. 5 bijlage 4 Een aanvraag wordt ingediend met gebruikmaking van het formulier, bedoeld inbij deze regeling. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 01-05-2023
Artikel 23 — Artikel 23 Aanvraag onvoorziene kosten oude afspraken en historische spoedopgaven 2021 of 2022#
Artikel 23 Aanvraag onvoorziene kosten oude afspraken en historische spoedopgaven 2021 of 2022 1 Tijdelijke regeling specifieke uitkering bodem overbruggingsjaar 2021 Tijdelijke regeling specifieke uitkering bodem 2022 Een bevoegd gezag waaraan op grond van deof deeen specifieke uitkering is verleend voor de aanpak van een of meer gevallen van bodemverontreiniging waarover een oude afspraak is gemaakt of voor de aanpak van een historische spoedopgave kan een aanvraag doen voor een specifieke uitkering ten behoeve onvoorziene kosten voor die aanpak, zoals prijsstijgingen door niet in redelijkheid te verwachten inflatie. 2 Een aanvraag als bedoeld in het eerste lid betreft alleen onvoorziene kosten die direct verband houden met de activiteiten waarvoor in de desbetreffende beschikking een specifieke uitkering is verleend en bevat per locatie of project in ieder geval een onderbouwing van de onvoorziene kosten. 3 Het bevoegd gezag besteedt de specifieke uitkering voor onvoorziene kosten uitsluitend aan de activiteiten waarvoor op grond van een in het eerste lid genoemde regeling een specifieke uitkering is verleend. 4 Een aanvraag kan worden ingediend in de periode van 15 oktober tot en met 31 december 2023. 5 bijlage 5 Een aanvraag wordt ingediend met gebruikmaking van het formulier, bedoeld inbij deze regeling. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 01-05-2023
Artikel 24 — Artikel 24 Wijze van verdelen middelen specifieke uitkering voor oude afspraken en onvoorziene kosten oude afspraken en historische spoedopgaven#
Artikel 24 Wijze van verdelen middelen specifieke uitkering voor oude afspraken en onvoorziene kosten oude afspraken en historische spoedopgaven artikel 4, onderdeel c De minister verdeelt de beschikbare bedragen, bedoeld in, op volgorde van binnenkomst van de desbetreffende aanvragen. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 01-05-2023
Artikel 25 — Artikel 25 Besteding specifieke uitkering voor oude afspraken#
Artikel 25 Besteding specifieke uitkering voor oude afspraken 1 artikel 21 Het bevoegd gezag, bedoeld in, besteedt de specifieke uitkering uitsluitend aan: a. de instandhouding of voortzetting van een reeds tussen de toenmalige Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer en het desbetreffende bevoegd gezag overeengekomen gevalsgerichte aanpak van ernstige bodemverontreiniging; b. het nemen van maatregelen die tot doel hebben om te komen tot afbouw van isoleren, beheer- en controlemaatregelen als bedoeld in het convenant bodem en ondergrond; of c. het wegnemen van onvoorziene milieuhygiënische risico’s bij de reeds overeengekomen gevalsgerichte aanpak van ernstige verontreiniging. 2 Onverminderd het eerste lid besteedt het bevoegd gezag de specifieke uitkering uitsluitend aan activiteiten waarvan de kosten niet kunnen worden verhaald op de veroorzaker van de bodemverontreiniging of aan activiteiten waarvan de kosten wegens onvoldoende draagkracht niet of niet volledig kunnen worden gedragen door de eigenaar van de locatie. 3 Indien er sprake is van een situatie waarin het bevoegd gezag onverwijld moet handelen vanwege risico’s voor mens of ecologie of van verspreiding van de verontreiniging, mag de specifieke uitkering in afwijking van het tweede lid worden besteed aan de kosten daarvoor, vooruitlopend op het verhaal van die kosten op de veroorzaker van de verontreiniging of de eigenaar van de locatie. 4 artikel 21 Een project als bedoeld instart in 2024 te rekenen vanaf de startdatum van de bestedingsperiode opgenomen in de beschikking tot verlening van de specifieke uitkering. 5 artikel 22, derde lid De projecten zijn onverminderd, uiterlijk vijf jaar na de startdatum uitgevoerd. 6 In geval van onvoorziene vertraging in de uitvoering mogen in afwijking van het vijfde lid de projecten uiterlijk op 31 december 2030 zijn uitgevoerd. 2024 14218 03-05-2024 02-05-2024 IENW/BSK-2024/133084 2024 14218 03-05-2024 02-05-2024 IENW/BSK-2024/133084 04-05-2024
Artikel 26 — Artikel 26 Voorschotverstrekking#
Artikel 26 Voorschotverstrekking 1 De minister verstrekt een voorschot van 100%. 2 In de beschikking tot verlening van een specifieke uitkering als bedoeld in deze regeling, wordt vermeld wanneer het voorschot wordt verstrekt. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 01-05-2023
Artikel 27 — Artikel 27 Verantwoording door andere overheden#
Artikel 27 Verantwoording door andere overheden 1 artikel 24, eerste lid, derde volzin, van het Kaderbesluit subsidies I en M artikelen 17a 17b van de Financiële-verhoudingswet Onverminderdzijn op de verantwoording over de besteding van een specifieke uitkering voor de aanpak van een buitenproportionele opgaven deenvan toepassing indien een gemeente die geen bevoegd gezag is middelen uit die specifieke uitkering ontvangt. 2 artikel 34a van de Wet gemeenschappelijke regelingen Op de verantwoording over de besteding van een specifieke uitkering isvan toepassing indien een omgevingsdienst middelen uit die specifieke uitkering ontvangt. 3 Artikel 17a van de Financiële-verhoudingswet is van overeenkomstige toepassing op de verantwoording over de besteding van een specifieke uitkering voor de aanpak van een historische spoedopgave en over de besteding van een specifieke uitkering voor de aanpak van een buitenproportionele opgave indien een waterschap middelen uit de desbetreffende specifieke uitkering ontvangt. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 01-05-2023
Artikel 28 — Artikel 28 Vaststelling specifieke uitkering#
Artikel 28 Vaststelling specifieke uitkering 1 artikel 17a van de Financiële-verhoudingswet artikelen 11 16, derde lid 18 23, derde lid artikel 25 artikel 12 artikel 19 De minister stelt de specifieke uitkering uiterlijk op 31 december van het jaar waarop de desbetreffende eindverantwoording, bedoeld in, is ontvangen, vast op het bedrag dat is bepaald in de verlening indien de activiteiten waarvoor de specifieke uitkering is verleend geheel zijn verricht en daarnaast volledig is voldaan aan de bestedingsvoorwaarden, bedoeld in de,,,, respectievelijk, en aan de verplichting, bedoeld in, respectievelijk. 2 artikelen 11 16, derde lid 18 23, derde lid artikel 25 artikel 12 artikel 19 De minister kan de specifieke uitkering vaststellen op een lager bedrag dan is bepaald in de verleningsbeschikking indien de activiteiten waarvoor de specifieke uitkering is verleend, niet of niet geheel hebben plaatsgevonden conform de bestedingsvoorwaarden, bedoeld in de,,,, respectievelijken de verplichting, bedoeld in, respectievelijk. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 01-05-2023
Artikel 29 — Artikel 29 Wijziging regeling#
Artikel 29 Wijziging regeling Wijzigt deze regeling. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 01-05-2023
Artikel 30 — Artikel 30 Inwerkingtreding en horizonbepaling#
Artikel 30 Inwerkingtreding en horizonbepaling 1 Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 mei 2023. 2 Deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2031, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op specifieke uitkeringen die voor die datum zijn verleend. 2024 14218 03-05-2024 02-05-2024 IENW/BSK-2024/133084 2024 14218 03-05-2024 02-05-2024 IENW/BSK-2024/133084 04-05-2024
Artikel 31 — Artikel 31 Citeertitel#
Artikel 31 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke regeling specifieke uitkering bodem 2023. 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 2023 10591 19-04-2023 10-04-2023 IENW/BSK-2023/86430 01-05-2023
Artikel 8#
artikel 8, derde lid
Artikel 9#
artikelen 9, zesde lid
Artikel 20#
20, derde lid
Artikel 8#
artikel 8, tweede lid, onderdeel a, en b
Artikel 8#
artikel 8, tweede lid, onderdeel c
Artikel 8#
artikel 8, tweede lid, onderdeel d
Artikel 8#
artikel 8, tweede lid, onderdeel e
Artikel 8#
artikel 8, tweede lid, onderdeel a en b
Artikel 8#
artikel 8, tweede lid, onderdeel c
Artikel 8#
artikel 8, tweede lid, onderdeel d
Artikel 8#
artikel 8, tweede lid, onderdeel e
Artikel 8#
artikel 8, tweede lid
Artikel 15#
artikelen 15, zevende lid
Artikel 20#
20, derde lid
Artikel 18#
artikel 18, vierde lid
Artikel 1#
artikel 1
Artikel 22#
artikel 22, vijfde lid
Artikel 1#
artikel 1
Artikel 25#
25
Artikel 16#
artikelen 16, vijfde lid
Artikel 20#
20, derde lid
Artikel 23#
23, vijfde lid
Artikel 16#
artikel 16, vijfde lid
Artikel 23#
artikel 23, vijfde lid