Regeling van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 18 juni 2025, kenmerk 4136017-1084380-MEVA, houdende regels voor de verstrekking van subsidie ter ondersteuning van samenwerkingsverbanden bij het inrichten van een vernieuwde opleidingsstructuur voor helpenden, verzorgenden en verpleegkundigen (Subsidieregeling Inrichten Opleidingsstructuur helpenden, verzorgenden en verpleegkundigen) [KetenID WGK027676]
- BWB-id
- BWBR0051150
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2026-03-14
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0051150
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2025/subsidieregeling-inrichten-opleidingsstructuur-helpenden-ver
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2025/subsidieregeling-inrichten-opleidingsstructuur-helpenden-ver/2026-03-14
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0051150&g=2026-03-14
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0051150&z=2026-06-06&g=2026-03-14
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0051150/2026-03-14
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2025/subsidieregeling-inrichten-opleidingsstructuur-helpenden-ver
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: AGB-code: Algemene Gegevens Beheer-code zoals geregistreerd in het AGB-register dat wordt beheerd door Vektis; de-minimisverordening: Verordening (EU) 2023/2831 van de Commissie van 13 december 2023 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun; DAEB: dienst van algemeen economisch belang als bedoeld in artikel 106, tweede lid, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie; DAEB de-minimisverordening: Verordening (EU) 2023/2832 van de Commissie van 13 december 2023 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun verleend aan diensten van algemeen economisch belang verrichtende ondernemingen; erkend leerbedrijf: artikel 7.2.8, eerste lid van de Wet educatie en beroepsonderwijs artikel 1.5.3 van de Wet educatie en beroepsonderwijs bedrijf of organisatie die bevoegd is om beroepspraktijkvorming te verzorgen, als bedoeld inen een erkenning heeft als bedoeld in; helpende: artikel 3 bijlage 1 van de Regeling vaststelling kwalificatiedossiers en opleidingsdomeinen 2016 helpende zorg en welzijn als bedoeld inen; GGD: artikel 14, tweede lid, van de Wet publieke gezondheid een gemeentelijke gezondheidsdienst als bedoeld in; Kaderregeling: Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS ; Kamer van Koophandel: artikel 2 van de Wet op de Kamer van Koophandel Kamer van Koophandel als bedoeld in; minister: Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport; onderwijsinstelling: a. artikel 1.1.1 artikel 1.4.1, eerste lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs instelling als bedoeld inof; of b. artikel 1.1, onderdeel g, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek instelling voor hoger onderwijs als bedoeld in; opleiding: a. artikel 1.1.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs beroepsopleiding als bedoeld in; of b. artikel 7.3a 7.3b van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek opleiding als bedoeld inof; opleidingsstructuur: onderlinge samenwerking tussen zorgaanbieders en eventueel welzijnsaanbieders en ten minste een onderwijsinstellinggericht op het organiseren van een netwerk voor het opleiden van helpenden, verzorgenden en verpleegkundigen; toelatingsvergunning: artikel 4, eerste of tweede lid, van de Wet toetreding zorgaanbieders vergunning als bedoeld in; verpleegkundige: artikel 2 van het Besluit opleidingseisen verpleegkundige 2011 verpleegkundige als bedoeld in; verzorgende: artikel 1 van het Besluit verzorgende in de individuele gezondheidszorg verzorgende als bedoeld in; welzijn: a. artikel 1.1.1, eerste lid van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 een algemene voorziening als bedoeld inof een maatwerkvoorziening als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015; b. artikel 1.1 van de Jeugdwet jeugdhulp als bedoeld in; c. artikel 1, onder c, onder d en onder da, van de Wet publieke gezondheid publieke gezondheidszorg als bedoeld in; welzijnsaanbieder: rechtspersoon die bedrijfsmatig welzijn verleent; zorg: a. artikel 1, onder d, van de Zorgverzekeringswet zorg die wordt bekostigd op grond van een zorgverzekering als bedoeld in; b. artikel 3.1.1 van de Wet langdurige zorg zorg en overige diensten als bedoeld in; zorgaanbieder: rechtspersoon die bedrijfsmatig zorg verleent. 2026 10351 13-03-2026 10-03-2026 4355243-1094872-MEVA 2026 10351 13-03-2026 10-03-2026 4355243-1094872-MEVA 14-03-2026 02-03-2026
Artikel 2 — Artikel 2 Kaderregeling Toepasselijkheid#
Artikel 2 Kaderregeling Toepasselijkheid 1 Kaderregeling artikel 10.1 Op deze regeling is devan toepassing, met uitzondering van. 2 artikel 1.5, onderdeel c of d, van de Kaderregeling De subsidie is een subsidie als bedoeld in. 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 28-06-2025
Artikel 3 — Artikel 3 Doel van de regeling#
Artikel 3 Doel van de regeling Deze regeling heeft als doel het stimuleren van activiteiten ten behoeve van de totstandkoming van vernieuwde opleidingsstructuren die bijdragen aan het vergroten van de opleidingscapaciteit voor helpenden, verzorgenden en verpleegkundigen en die passen bij de regionale arbeidsmarktopgave. 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 28-06-2025
Artikel 4 — Artikel 4 Voorwaarden samenwerkingsverband en penvoerder#
Artikel 4 Voorwaarden samenwerkingsverband en penvoerder 1 Een samenwerkingsverband bestaat uit ten minste één onderwijsinstelling die een opleiding verzorgt, blijkens de Registratie instellingen en opleidingen, en a. twee zorgaanbieders, of één zorgaanbieder en één welzijnsaanbieder; of b. één GGD en één zorg- of welzijnsaanbieder. 2 De penvoerder is een zorg- of welzijnsaanbieder binnen het samenwerkingsverband. 3 De penvoerder treedt op als subsidieaanvrager namens een samenwerkingsverband en is verantwoordelijk voor het indienen van de aanvraag tot vaststelling van de subsidie. 4 Subsidie kan enkel worden verstrekt indien de penvoerder en ten minste een andere zorg- of welzijnsaanbieder beschikt over een toelatingsvergunning en AGB-code. 5 artikel 11, zesde lid In afwijking van het eerste en vierde lid, kan subsidie worden verstrekt indien naar het oordeel van de minister op de in, aangegeven wijze is aangetoond dat het samenwerkingsverband bestaat uit ten minste twee zorgaanbieders of één welzijnsaanbieder en één zorgaanbieder, waaronder de penvoerder. 6 Indien de penvoerder mbo-leerlingen begeleidt, kan subsidie enkel worden verstrekt indien het een erkend leerbedrijf betreft. 2026 10351 13-03-2026 10-03-2026 4355243-1094872-MEVA 2026 10351 13-03-2026 10-03-2026 4355243-1094872-MEVA 14-03-2026 02-03-2026
Artikel 5 — Artikel 5 Subsidiabele activiteiten#
Artikel 5 Subsidiabele activiteiten 1 De minister kan op aanvraag aan een penvoerder subsidie verstrekken voor activiteiten die bijdragen aan het realiseren van het doel van de regeling en betreffen: a. het organiseren en het voeren van overleg en het schrijven van een breed gedragen plan om tot een vernieuwde opleidingsstructuur te komen; b. het inrichten van een vernieuwde opleidingsstructuur. 2 De activiteit, bedoeld in het eerste lid, onder a, dient uiterlijk 31 december 2026 te zijn afgerond. 3 De activiteit, bedoeld in het eerste lid, onder b, dient uiterlijk 24 maanden na de datum van de verleningsbeschikking te zijn afgerond. 4 Een aanvrager kan niet gelijktijdig subsidie aanvragen voor de activiteit, bedoeld in het eerste lid, onder a, en de activiteit, bedoeld in het eerste lid, onder b. 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 28-06-2025
Artikel 6 — Artikel 6 Staatssteun#
Artikel 6 Staatssteun 1 artikel 5, eerste lid, onder b De activiteit, zoals genoemd in, wordt aangewezen als een DAEB. 2 Subsidie wordt uitsluitend verstrekt indien de penvoerder met de Staat een overeenkomst sluit waarbij de Staat hem belast met en hij zich verplicht tot het verrichten van de DAEB, bedoeld in het eerste lid. 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 28-06-2025
Artikel 7 — Artikel 7 Hoogte van de subsidie#
Artikel 7 Hoogte van de subsidie 1 artikel 5, eerste lid, onder a De subsidie voor de activiteit, bedoeld in, bedraagt: a. € 13.000 per deelnemer in het samenwerkingsverband tot een maximum van € 78.000; en b. een vast bedrag van € 22.500 per samenwerkingsverband. 2 artikel 5, eerste lid, onder b De subsidie voor de activiteit, bedoeld in, bedraagt per aanvraag minimaal € 125.000 en maximaal € 750.000. 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 28-06-2025
Artikel 8 — Artikel 8 artikel 5, eerste lid, onder b Subsidiabele kosten voor activiteit#
Artikel 8 artikel 5, eerste lid, onder b Subsidiabele kosten voor activiteit 1 Het subsidiabele bedrag bestaat voor ten hoogste 40% uit andere kosten dan personele kosten. 2 Personele kosten zijn subsidiabel tot ten hoogste de uurtarieven zoals opgenomen in de Handleiding Overheidstarieven van het kalenderjaar waarin de subsidieaanvraag wordt ingediend. 3 De kosten voor begeleiding van helpenden, verzorgenden en verpleegkundigen komen niet voor subsidie in aanmerking. 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 28-06-2025
Artikel 9 — Artikel 9 Subsidieplafond en wijze van verdeling#
Artikel 9 Subsidieplafond en wijze van verdeling 1 Het subsidieplafond bedraagt: a. voor het jaar 2025 € 35 miljoen; b. voor het jaar 2026 € 20 miljoen. 2 artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht De minister verdeelt het ingevolge het subsidieplafond beschikbare bedrag op volgorde van binnenkomst van complete aanvragen, met dien verstande dat wanneer de penvoerder krachtensde gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvraag is aangevuld als datum van ontvangst geldt. 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 28-06-2025
Artikel 10 — Artikel 10 artikel 5, eerste lid, onder b Activiteitenplan voor activiteit#
Artikel 10 artikel 5, eerste lid, onder b Activiteitenplan voor activiteit artikel 3.4 van de Kaderregeling artikel 5, eerste lid, onder b In aanvulling op, vermeldt de penvoerder voor de activiteit, bedoeld in, in het activiteitenplan: a. een beschrijving van de wijze waarop het activiteitenplan aansluit bij een of meerdere regiobeelden of regioplannen; b. een beschrijving van de taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de deelnemers binnen het samenwerkingsverband; c. een beschrijving van de acties die het samenwerkingsverband onderneemt om de met de subsidie beoogde veranderingen duurzaam te verankeren; d. een beschrijving van de fases en mijlpalen van de activiteit; en e. een beschrijving van de mogelijke risico’s die de uitvoering kunnen belemmeren en de genomen beheersmaatregelen. 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 28-06-2025
Artikel 11 — Artikel 11 Aanvraag tot subsidieverlening#
Artikel 11 Aanvraag tot subsidieverlening 1 artikel 5, eerste lid, onder a De subsidieaanvraag voor de activiteit, bedoeld in, kan worden ingediend in de periode van 18 augustus 2025 9.00 uur tot en met 30 september 2025 13.00 uur. 2 artikel 5, eerste lid, onder b De subsidieaanvraag voor de activiteit, bedoeld in, kan worden ingediend in de periode: a. van 18 augustus 2025 9.00 uur tot en met 30 september 2025 13.00 uur; b. van 2 maart 2026 9.00 uur tot en met 27 maart 2026 13.00 uur; of c. van 31 augustus 2026 9.00 uur tot en met 28 september 2026 13.00 uur. 3 artikel 3.3 van de Kaderregeling In aanvulling opgaat de aanvraag vergezeld van: a. een opgave van het nummer waarmee de penvoerder en de andere zorg- of welzijnsaanbieder geregistreerd zijn bij de Kamer van Koophandel; en b. een samenwerkingsovereenkomst ondertekend door alle deelnemers in het samenwerkingsverband. 4 artikel 5, eerste lid, onder a Indien sprake is van de activiteit, bedoeld in, gaat de aanvraag in aanvulling op het derde lid vergezeld van een verklaring als bedoeld in artikel 7, vierde lid, van de de-minimisverordening. 5 artikel 5, eerste lid, onder b Indien sprake is van de activiteit, bedoeld in, gaat de aanvraag in aanvulling op het derde lid vergezeld van: a. een door de minister vastgestelde ondertekende overeenkomst voor het vestigen van een DAEB als bedoeld in artikel 7, tweede lid; en b. een verklaring als bedoeld in artikel 7, vierde lid, van de DAEB de-minimisverordening. 6 artikel 4, vierde lid Indien de penvoerder of de andere zorg- of welzijnsaanbieder niet beschikt over een toelatingsvergunning en AGB-code, bedoeld in, dan dient de aanvraag vergezeld te gaan van: a. een contract tussen de financier en de betreffende zorg- of welzijnsaanbieder waaruit blijkt dat er in het jaar van de aanvraag zorg is of wordt ingekocht bij deze zorg- of welzijnsaanbieder in combinatie met factuur en betalingsbewijs in de vorm van een bankafschrift waaruit blijkt dat prestaties in het jaar van de aanvraag of het jaar voorafgaand aan de aanvraag, zijn geleverd; of b. een schriftelijke verklaring van de financier aan de betreffende zorg- of welzijnsaanbieder in combinatie met een factuur en betalingsbewijs in de vorm van een bankafschrift waaruit blijkt dat prestaties in het jaar van de aanvraag of het jaar voorafgaand aan de aanvraag, zijn geleverd. 7 De penvoerder gebruikt door de minister vastgesteld formulieren voor de de-minimisverklaring, de DAEB de-minimisovereenkomst, de samenwerkingsovereenkomst, de begroting en het activiteitenplan. 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 28-06-2025
Artikel 12 — Artikel 12 Bevoorschotting#
Artikel 12 Bevoorschotting De minister verleent bij het besluit tot verlening van de subsidie een voorschot van 100% dat in een keer wordt betaald. 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 28-06-2025
Artikel 13 — Artikel 13 Verplichtingen#
Artikel 13 Verplichtingen hoofdstuk 5 van de Kaderregeling In aanvulling opis de penvoerder verplicht: a. artikel 5, eerste lid, onder a bij de activiteit, bedoeld in, in de administratie verslagen bij te houden van de overleggen tussen de deelnemers van het samenwerkingsverband; b. artikel 5, eerste lid onder b bij de activiteit, bedoeld in, eenmaal in de 12 maanden verslag te doen aan de minister over de voortgang van de gesubsidieerde activiteit. 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 28-06-2025
Artikel 14 — Artikel 14 Afwijzingsgronden#
Artikel 14 Afwijzingsgronden De minister wijst een subsidieaanvraag in ieder geval af indien: a. artikel 11, eerste en tweede lid deze na de periode, bedoeld in, wordt ontvangen; b. aan het samenwerkingsverband al een subsidie is verleend voor dezelfde activiteit; c. artikel 5, eerste lid, onder a de verstrekking van een subsidie voor de activiteit, bedoeld in, niet in overeenstemming is met de de-minimisverordening; of d. artikel 5, eerste lid, onder b de verstrekking van een subsidie voor de activiteit, bedoeld in, niet in overeenstemming is met de DAEB de-minimisverordening. 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 28-06-2025
Artikel 15 — Artikel 15 Verantwoording en vaststelling#
Artikel 15 Verantwoording en vaststelling 1 Een aanvraag tot vaststelling van de subsidie wordt ingediend binnen 22 weken na de datum waarop de activiteiten waarvoor subsidie is verleend, uiterlijk moeten zijn verricht. 2 artikel 7.6 van de Kaderregeling artikel 5, eerste lid, onder a In aanvulling op, gaat de aanvraag tot vaststelling voor de activiteit, bedoeld in, vergezeld van een breed gedragen plan ondersteund door de deelnemers in het samenwerkingsverband. 3 artikel 7.8 van de Kaderregeling artikel 5, eerste lid, onder b In aanvulling op, gaat de aanvraag tot vaststelling voor de activiteit, bedoeld in, vergezeld van een publieksvriendelijke samenvatting waarin de geleerde lessen en resultaten worden gedeeld. 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 28-06-2025
Artikel 16 — Artikel 16 Hardheidsclausule#
Artikel 16 Hardheidsclausule De minister kan een of meer bepalingen van deze regeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover toepassing gelet op het belang dat de desbetreffende bepaling beoogt te beschermen, zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard. 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 28-06-2025
Artikel 17 — Artikel 17 Inwerkingtreding en vervaldatum#
Artikel 17 Inwerkingtreding en vervaldatum Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na datum publicatie in de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en vervalt met ingang van 31 augustus 2029. 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 28-06-2025
Artikel 18 — Artikel 18 Citeertitel#
Artikel 18 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Inrichten Opleidingsstructuur helpenden, verzorgenden en verpleegkundigen. 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 2025 21709 27-06-2025 18-06-2025 4136017-1084380-MEVA 28-06-2025