Financiële verordening Loodswezen
- BWB-id
- BWBR0007548
- Type
- pbo
- Ministerie
- Nederlandse Loodsencorporatie
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2024-10-17
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0007548
- ELI
- /eli/nl/pbo/1995/financi-le-verordening-loodswezen
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/pbo/1995/financi-le-verordening-loodswezen/2024-10-17
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0007548&g=2024-10-17
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0007548&z=2026-06-06&g=2024-10-17
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0007548/2024-10-17
Absolute ELI: /eli/nl/pbo/1995/financi-le-verordening-loodswezen
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze verordening wordt verstaan onder: – afbestelling: artikel 4.6, eerste lid, onder a, van het Besluit markttoezicht registerloodsen een van de situaties als bedoeld in; – ankerwacht: artikel 4.5, onder e, van het Besluit markttoezicht registerloodsen een van de aanvullende loodsdiensten, als bedoeld in; – direct productieve loodstaak: verrichting aan boord inclusief de daarop betrekking hebbende reistijd, wachttijd en beschikbaarheidsuren, loodsen op afstand of een afbestelling; – indirecte productieve loodstaak: iedere taak, niet zijnde een direct productieve loodstaak, ter uitvoering van een bij of krachtens een wet aan een registerloods opgedragen taak, alsmede elke vorm van bijscholing ten behoeve van het beroep; – inzet- en planningssysteem: artikel 3, derde lid, onder a, van de Loodsenregisterverordening inzet- en planningssysteem als bedoeld in; – loodsen op afstand: artikel 1, onder d, van de Voorschriftenverordening registerloodsen de functie-uitoefening als bedoeld in; – loodsgebied: bijlage I, onderdeel a ieder in de tot deze verordening behorende, als zodanig omschreven gebied; – loodsgeld: artikel 4.6, eerste lid, onder f, van het Besluit markttoezicht registerloodsen de krachtens wettelijk voorschrift verschuldigde bedragen in verband met het gebruik maken van de diensten van een registerloods met uitzondering van de vergoedingen als bedoeld in; – opleiding tot MMP: opleiding tot registerloods: Master in Maritime Piloting; – organisatie: artikel 15a, tweede lid, van de Scheepvaartverkeerswet organisatie aangewezen krachtens; – personeel: werknemers in dienst van de organisatie; – samenwerkingsverband: artikel 2 van de Dienstverleningsverordening registerloodsen samenwerkingsverband als bedoeld in; en – verrichting: beroepsuitoefening door iedere registerloods aan boord van een schip dan wel vanaf een ander schip in een loodsgebied. 2016 6363 11-02-2016 02-02-2016 2016 6363 11-02-2016 02-02-2016 12-02-2016
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 bijlage II Voor de onderscheiden direct productieve en indirect productieve loodstaken gelden de vergoedingen zoals opgenomen in de tot deze verordening behorende. 2 bijlage III De vergoedingen bedoeld in het eerste lid zijn op basis van de gevalideerde administraties en vastgestelde jaarrekeningen alsmede de gemeenschappelijke exploitatie van de samenwerkingsverbanden over 2023 berekend volgens het model als opgenomen in de tot deze verordening behorende. 2024 33204 15-10-2024 03-10-2024 2024 33204 15-10-2024 03-10-2024 17-10-2024 01-01-2024
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 artikel 3, zesde lid, van het Financieel besluit Loodswezen Een samenwerkingsverband is verplicht de krachtensontvangen bedragen als volgt te vergoeden: a. aan een aangesloten registerloods volgens de regels van het samenwerkingsverband; b. bijlage II aan een niet aangesloten registerloods de vergoeding als bedoeld in de tot deze verordening behorendevoor de desbetreffende verrichte direct productieve loodstaak en indirect productieve loodstaak. 2008 101 29-05-2008 20-05-2008 2008 101 29-05-2008 20-05-2008 31-05-2008 01-01-2008
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 artikel 2, eerste lid artikel 3.1 van het Besluit markttoezicht registerloodsen De vergoedingen als bedoeld in, worden geïndexeerd overeenkomstig. 2016 6363 11-02-2016 02-02-2016 2016 6363 11-02-2016 02-02-2016 12-02-2016
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 2, eerste lid De vergoedingen als bedoeld in, worden jaarlijks door de algemene raad nader vastgesteld aan de hand van de daarvoor relevante en door de door de ledenvergadering van de Nederlandse Loodsencorporatie aangewezen accountant gevalideerde gegevens in de administraties en jaarrekeningen van de samenwerkingsverbanden alsmede van de gemeenschappelijke exploitatie van de samenwerkingsverbanden. Deze jaarlijkse nadere vaststelling bestaat uit een voorlopige vaststelling en een definitieve vaststelling. 2 Iedere voorlopige vaststelling vindt plaats op basis van de vergoedingen van het jaar voorafgaande aan het jaar van deze vaststelling. Deze vergoedingen worden aangepast: a. bijlage III artikel 27c van de Loodsenwet door de factor gemiddelde duur in uren van de betreffende verrichting, bedoeld in het model zoals vermeld als ‘Ugem_ver’ in de tot deze verordening behorende, te herberekenen, door de begrote uren, zoals deze zijn vastgesteld door de algemene raad in het tariefvoorstel als bedoeld invoor het desbetreffende jaar, in het voornoemde model te verwerken; b. artikel 4 door de uitkomsten van de herberekening als bedoeld onder a te indexeren als bedoeld in; en c. artikel 27c van de Loodsenwet de hieruit voortvloeiende hoogte van de vergoedingen te vermenigvuldigen met de factor bestaande uit de verwachte landelijke som van arbeidsvergoedingen voor het desbetreffende jaar zoals opgenomen in het tariefvoorstel als bedoeld inte delen door de uit de onderdelen a en b berekende voortvloeiende landelijke som van de arbeidsvergoedingen. 3 De voorlopige vaststellingen vinden plaats in het boekjaar voorafgaande aan het boekjaar waarin deze vaststellingen gelden. De aldus voorlopig vastgestelde vergoedingen gelden met ingang van het boekjaar volgend op het jaar waarin deze voorlopige vaststelling heeft plaatsgevonden. 4 artikel 27j, eerste lid van de Loodsenwet De definitieve vaststelling vindt plaats binnen vier maanden na afloop van het betreffende boekjaar, behoudens verlenging van deze termijn met ten hoogste zeven maanden op grond van bijzondere omstandigheden. De definitieve vaststelling vindt plaats op basis van de werkelijke uren en de som van de arbeidsvergoedingen, als bedoeld in de door de algemene raad opgenomen financiële verantwoording als bedoeld inover het betreffende jaar. De aldus definitief vastgestelde vergoedingen vervangen de voorlopige vastgestelde vergoedingen voor het betreffende jaar. 2012 13014 29-06-2012 2012 13014 29-06-2012 01-07-2012
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 Het aantal te vergoeden verrichtingen wordt bepaald door het aantal registerloodsen waarvan op grond van een wettelijke verplichting of op verzoek van de kapitein dan wel van de verkeersdeelnemer gebruik is gemaakt. 2 Als vaststelling van een verrichting geldt de registratie van deze verrichting in het inzet- en planningssysteem. 2016 6363 11-02-2016 02-02-2016 2016 6363 11-02-2016 02-02-2016 12-02-2016
Artikel 6a — Artikel 6a#
Artikel 6a 1 artikel 2.5, eerste lid, van het Besluit opleidingen en bevoegdheden nautische beroepsbeoefenaren Als vaststelling voor de tijdsduur van het loodsen vanaf de wal geldt het door de registerloods ingevulde en ondertekende loodsjournaal, zoals dit is vastgesteld krachtens. 2 bijlage II Voor het loodsen vanaf de wal geldt de uurvergoeding als bedoeld in de tot deze verordening behorendemaal de werkelijke tijdsduur van het loodsen vanaf de wal. 2017 9401 21-02-2017 07-02-2017 2017 9401 21-02-2017 07-02-2017 22-02-2017
Artikel 6b — Artikel 6b#
Artikel 6b Als vaststelling van een afbestelling geldt de registratie daarvan in het inzet- en planningssysteem. 2016 6363 11-02-2016 02-02-2016 2016 6363 11-02-2016 02-02-2016 12-02-2016
Artikel 6c — Artikel 6c#
Artikel 6c artikel 4.6 van het Besluit markttoezicht registerloodsen De vergoeding voor een ingenoemde bijzondere loodsreis is gelijk aan het voor de betreffende bijzondere loodsreis vastgestelde tarief. 2024 33204 15-10-2024 03-10-2024 2024 33204 15-10-2024 03-10-2024 17-10-2024 01-01-2024
Artikel 6d — Artikel 6d#
Artikel 6d 1 De loodsdienstleider wordt overeenkomstig de regels van het samenwerkingsbestand aangewezen. 2 Indien de functie van loodsdienstleider wordt vervuld door een bestuurder van de regionale loodsencorporatie binnen de tijd dat hij als bestuurder is vrijgesteld, geldt geen vergoeding voor loodsdienstleider. 2008 101 29-05-2008 20-05-2008 2008 101 29-05-2008 20-05-2008 31-05-2008 01-01-2008
Artikel 6e — Artikel 6e#
Artikel 6e 1 De vergoeding voor het verzorgen van de opleiding tot MMP, alsmede bijscholing ten behoeve van het beroep aan registerloodsen door de daarvoor aangewezen registerloodsen wordt, bij minder dan acht effectieve lesuren per dag, naar evenredigheid verlaagd. 2 Het aantal te vergoeden opleidingsdagen voor het verzorgen van opleidingen wordt door de algemene raad bepaald op basis van goedgekeurde opleidingsplannen, waaronder begrepen bijscholingsplannen aangaande of in het belang van het beroep van registerloods, van het betreffende jaar of op basis van een door de algemene raad vast te stellen forfaitaire basis. 2016 6363 11-02-2016 02-02-2016 2016 6363 11-02-2016 02-02-2016 12-02-2016
Artikel 6f — Artikel 6f#
Artikel 6f 1 De vergoeding voor deelname aan de door de algemene raad vastgestelde taken wordt, bij minder dan acht effectieve uren per dag, naar evenredigheid verlaagd. 2 De deelname van registerloodsen aan bij of krachtens een wet ingestelde organen, indien deze deelname voortvloeit uit het zijn van registerloods, wordt vergoed op basis van werkelijke uren. 2016 6363 11-02-2016 02-02-2016 2016 6363 11-02-2016 02-02-2016 12-02-2016
Artikel 6g — Artikel 6g#
Artikel 6g artikel 3, tweede lid, onderdeel b, van het Financieel besluit Loodswezen artikel 13, eerste lid, onderdeel b, van de Loodsenwet De vergoedingen voor de kosten, bedoeld inop grond van een door de algemene raad vastgestelde begroting, geschieden door tussenkomst van de aangewezen organisatie, met uitzondering van de kosten met betrekking tot de te verzorgen taak, zoals bedoeld in. 2016 6363 11-02-2016 02-02-2016 2016 6363 11-02-2016 02-02-2016 12-02-2016
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 De bruto-vergoeding uit hoofde van functioneel leeftijdspensioen van een registerloods bedraagt voor de eerste zestig maanden € 58.544,91 op jaarbasis en daarna € 52.103,04 op jaarbasis. 2 Inschrijvingsverordening registerloodsen Wet Arbeidsongeschiktheidsverzekering Zelfstandigen De vergoeding wordt toegekend aan de registerloodsen die vóór 1 april 2004 in het register zijn ingeschreven en waarvan de inschrijving uiterlijk op 1 juli 2008 is doorgehaald krachtens de. De toekenning vindt plaats met ingang van de datum van doorhaling in het register krachtens de Inschrijvingsverordening registerloodsen en wordt beëindigd per de eerste van de maand volgend op die waarin de betreffende registerloods de leeftijd van vijfenzestig jaar heeft bereikt. Op de vergoeding wordt in mindering gebracht de uitkering die aan betrokkene is toegekend krachtens de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet of deen het tijdelijk ouderdomspensioen als bedoeld in artikel 41 van het Pensioenstatuut 2004 van de Stichting Beroepspensioenfonds Loodsen, alsmede in het laatste geval tevens het bedrag gelijk aan de pensioenpremie die degenen, aan wie vóór 1 april 2004 de vergoeding is toegekend, verschuldigd zijn aan de Stichting Beroepspensioenfonds Loodsen. 3 De rechtspersoon die is belast met de uitkering van het functioneel leeftijdspensioen aan registerloodsen is verplicht de vergoeding, met inachtneming van de vorige leden, volledig uit te keren aan degene die recht heeft op functioneel leeftijdspensioen. 4 artikel 4 Met betrekking tot de vergoeding uit hoofde van functioneel leeftijdspensioen is, van overeenkomstige toepassing. 5 Indien in het eerste of tweede lid een wijziging wordt aangebracht die inhoudt of tot gevolg heeft een vermindering van de daarin genoemde of bedoelde vergoedingen, een vermindering van de genoemde termijn van zestig maanden dan wel een wijziging wordt aangebracht in de strekking van het vierde of dit lid, geldt deze wijziging voor degenen die op de datum van die wijziging reeds een functioneel leeftijdspensioen hebben, eerst met ingang van de eerste dag van de maand die volgt na honderdtwintig aaneengesloten maanden, te rekenen vanaf de eerste dag van de maand die aansluit op de maand waarin die wijziging is aangebracht. 2008 192 03-10-2008 09-09-2008 2008 192 03-10-2008 09-09-2008 03-10-2008 01-07-2008
Artikel 7a — Artikel 7a#
Artikel 7a De reserveringen met betrekking tot het functioneel leeftijdspensioen van registerloodsen die moeten plaatsvinden vanuit de jaarlijks werkelijke in rekening gebrachte som van loodsgelden worden door de rechtspersoon die belast is met de uitkering van het leeftijdspensioen aan registerloodsen gestort in een daarvoor bestemd volledig separaat fonds of andere overeenkomstige voorziening. 2008 45 04-03-2008 26-02-2008 2008 45 04-03-2008 26-02-2008 06-03-2008
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 De vaststelling van de bedragen, de verschuldigdheid daarvan en de maatstaven voor de vaststelling en de betaling met betrekking tot de taken van de ten behoeve van de registerloodsen te verlenen diensten geschiedt volgens de regels met betrekking tot de samenwerkingsverbanden. 1995 185 25-09-1995 12-09-1995 1995 185 25-09-1995 12-09-1995 01-10-1995
Artikel 8a — Artikel 8a#
Artikel 8a De reserveringen met betrekking tot het functioneel leeftijdsontslag die moeten plaatsvinden vanuit de jaarlijks werkelijke in rekening gebrachte som van loodsgelden worden door de organisatie gestort in een daarvoor bestemd volledig separaat fonds of andere overeenkomstige voorziening. 2008 45 04-03-2008 26-02-2008 2008 45 04-03-2008 26-02-2008 06-03-2008
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 Het door de organisatie te betalen bedrag uit hoofde van functioneel leeftijdsontslag van personeel wordt berekend op basis van de voor dat personeel bij of krachtens de collectieve arbeidsovereenkomst geldende uitkeringsregeling wegens functioneel leeftijdsontslag. 2 De vergoeding wordt toegekend per de eerste van de maand volgende op de maand, waarin betrokkene de voor hem bij de in het eerste lid bedoelde collectieve arbeidsovereenkomst bepaalde leeftijdsgrens wegens functioneel leeftijdsontslag heeft bereikt, en uit dien hoofde de betreffende arbeidsovereenkomst eindigt, en wordt beëindigd per de eerste van de maand volgende op die, waarin betrokkene de leeftijd van vijfenzestig jaar heeft bereikt. 3 artikel 4 Met betrekking tot de in het eerste lid bedoelde vergoedingen is, van overeenkomstige toepassing. 2008 101 29-05-2008 20-05-2008 2008 101 29-05-2008 20-05-2008 31-05-2008 01-01-2008
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Vervallen 2008 192 03-10-2008 09-09-2008 2008 192 03-10-2008 09-09-2008 03-10-2008 01-07-2008 Voorheen art. 11. 2008 192 03-10-2008 09-09-2008 2008 192 03-10-2008 09-09-2008 03-10-2008 01-07-2008
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Deze verordening wordt geplaatst in de Staatscourant en treedt in werking met ingang van 1 oktober 1995. 2008 192 03-10-2008 09-09-2008 2008 192 03-10-2008 09-09-2008 03-10-2008 01-07-2008 Voorheen art. 12.