Reglement erkenningen fokkerijorganisaties varkenshouderij 2001
- BWB-id
- BWBR0012676
- Type
- pbo
- Ministerie
- Productschap Vee en Vlees
- Geldigheid
- 2001-06-30 t/m 2011-05-07
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0012676
- ELI
- /eli/nl/pbo/2001/reglement-erkenningen-fokkerijorganisaties-varkenshouderij-2
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/pbo/2001/reglement-erkenningen-fokkerijorganisaties-varkenshouderij-2/2001-06-30
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0012676&g=2001-06-30
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0012676&z=2026-06-06&g=2001-06-30
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0012676/2001-06-30
Absolute ELI: /eli/nl/pbo/2001/reglement-erkenningen-fokkerijorganisaties-varkenshouderij-2
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 Verordening uitvoering Fokkerijbesluit 2001 In dit reglement worden overgenomen de begripsbepalingen van de. 2 In dit reglement wordt voorts verstaan onder: a. Fokkerijorganisatie: een instelling die een of meer stamboeken of registers voor raszuivere respectievelijk hybride fokvarkens instelt of bijhoudt. 2001 49 02-11-2001 11-07-2001 PVV 67 2001 28 29-06-2001 13-06-2001 PVV 49 30-06-2001 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Een aanvraag om erkenning als een instelling die één of meer stamboeken of registers voor raszuivere respectievelijk hybride fokvarkens instelt of bijhoudt wordt door een organisatie ingediend op een volledig en naar waarheid ingevuld en ondertekend formulier, dat overeenkomt met het door de Commissie Varkenshouderij daartoe vastgestelde model. 2 De aanvraag gaat vergezeld van de navolgende bescheiden: a. de statuten van de organisatie; b. artikel 3, eerste lid, onderdeel c artikel 4, eerste lid, onderdeel c de voorschriften, bedoeld in, indien de aanvraag betrekking heeft op erkenning als instelling die één of meer stamboeken instelt of bijhoudt, of, indien de aanvraag betrekking heeft op erkenning als instelling die één of meer registers stelt of bijhoudt; c. een beschrijving van de uitvoering van de afstammingscontrole; d. een overzicht van het aantal varkens waarover de organisatie beschikt om een programma voor rasverbetering en rasveredeling en kruisingsprogramma’s te kunnen uitvoeren of om de instandhouding van het ras te kunnen garanderen; e. een beschrijving van de wijze van gebruikmaking van de voor de uitvoering van het programma voor rasverbetering, rasveredeling of voor de instandhouding van het ras benodigde gegevens; f. modellen van certificaten die worden afgegeven van de ingeschreven varkens en hun sperma, eicellen en embryo’s; g. een beschrijving van de wijze waarop het prestatieonderzoek en de beoordeling van de genetische waarden geschiedt. 3 Indien de vraag niet overeenkomstig het eerste lid is ingediend, of niet vergezeld gaat van de in het tweede lid genoemde bescheiden, wordt hiervan door de Commissie Varkenshouderij onverwijld schriftelijk mededeling gedaan aan de organisatie, waarbij de organisatie binnen een door de Commissie Varkenshouderij te stellen termijn van maximaal 8 weken in de gelegenheid gesteld wordt de aanvraag aan te vullen. 4 De Commissie Varkenshouderij brengt binnen maximaal 16 weken na ontvangst van de aanvraag haar advies uit aan de Voorzitter. 5 De Commissie Varkenshouderij kan de termijn van 16 weken, bedoeld in het vierde lid, met maximaal 8 weken verlengen. De Commissie Varkenshouderij doet hiervan onverwijld schriftelijke mededeling aan de organisatie en aan de Voorzitter. 2001 49 02-11-2001 11-07-2001 PVV 67 2001 28 29-06-2001 13-06-2001 PVV 49 30-06-2001 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Op een aanvraag om erkenning als een instelling die één of meer stamboeken voor raszuivere fokvarkens bijhoudt of instelt, wordt positief geadviseerd, indien betrokken organisatie: a. rechtspersoonlijkheid bezit overeenkomstig de Nederlandse wetgeving; b. over statuten beschikt waarin in voorkomend geval wordt bepaald dat tussen de aangeslotenen niet mag worden gediscrimineerd; c. voorschriften heeft inzake: 1) de kenmerken van het ras, respectievelijk de rassen waarvoor het stamboek wordt bijgehouden of ingesteld; 2) het systeem voor de identificatie van de varkens; 3) het systeem voor de registratie van de afstammingen; 4) de doelstellingen op fokgebied; 5) het systeem voor de benutting van zoötechnische gegevens waarmee de bepaling van de fokwaarde wordt uitgevoerd; 6) de indeling van het stamboek indien er uiteenlopende voorwaarden voor de inschrijving van de dieren of verschillende wijzen van classificering van de in het stamboek ingeschreven dieren gelden; d. aantoont dat zij: 1) doeltreffend functioneert; 2) in staat is om de voor het bijhouden van de afstamming vereiste controles uit te voeren; 3) over voldoende varkens kan beschikken om een programma voor rasverbetering, rasveredeling en kruisingsprogramma’s te kunnen uitvoeren of om de instandhouding van het ras te kunnen garanderen. 4) in staat is om gebruik te maken van de voor de uitvoering van het programma voor rasverbetering, rasveredeling of voor de instandhouding van het ras benodigde gegevens; e. waarborgt dat: 1) richtlijn 90/118/EEG de inschrijving van de varkens in het stamboek geschiedt overeenkomstig de beschikking nr. 89/502/EEG van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 18 juli 1989 tot vaststelling van de criteria voor de inschrijving van raszuivere fokvarkens in de stamboeken (PbEG L 247) en overeenkomstig artikel 2 van de; 2) de certificaten die worden afgegeven van de ingeschreven varkens en hun sperma, eicellen en embryo’s de overeenkomstig de beschikking nr. 89/503/EEG van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 18 juli 1989 tot vaststelling van het certificaat voor raszuivere fokvarkens en voor sperma, eicellen en embryo’s daarvan (PbEG L 247) voorgeschreven gegevens bevatten: 3) het prestatieonderzoek en de beoordeling van genetische waarden geschiedt overeenkomstig de beschikking nr. 89/507/EEG van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 18 juli 1989 tot vaststelling van methoden inzake prestatieonderzoek en bepaling van de fokwaarde van raszuivere en hybride fokvarkens (PbEG L 247). 2 Aan het eerste lid, onderdeel d, onder 3), wordt voldaan indien van een minimum actieve fokpopulatie aan varkens wordt uitgegaan van tenminste 8 mannelijke en 100 vrouwelijke dieren per ras. 3 Aan het eerste lid, onderdeel e, onder 2), wordt voldaan indien de desbetreffende certificaten: a. overeenkomen met het model van één der bijlagen bij beschikking nr. 89/503/EEG; of b. artikel 6 voorzien zijn van de overeenkomstignamens de Voorzitter afgegeven verklaring. 2001 49 02-11-2001 11-07-2001 PVV 67 2001 28 29-06-2001 13-06-2001 PVV 49 30-06-2001 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Op een aanvraag om erkenning als een instelling die één of meer registers voor hybride fokvarkens bijhoudt of instelt, wordt positief geadviseerd, indien de betrokken organisatie: a. rechtspersoonlijkheid bezit overeenkomstig de Nederlandse wetgeving; b. over statuten beschikt waarin in voorkomend geval wordt bepaald dat tussen de aangeslotenen niet mag worden gediscrimineerd; c. voorschriften heeft inzake: 1) het systeem voor de identificatie van de varkens; 2) het systeem voor de registratie van de afstammingen; 3) de doelstellingen op fokgebied; 4) het systeem voor de benutting van zoötechnische gegevens; d. aantoont dat zij: 1) doeltreffend functioneert; 2) in staat is om de voor het bijhouden van de afstamming vereiste controles uit te voeren; 3) voldoende varkens omvat om een programma voor lijnverbetering, lijnveredeling of voor de instandhouding van een lijn of een kruisingsprogramma te kunnen uitvoeren; 4) in staat is om gebruik te maken van de voor de uitvoering van het programma voor lijnverbetering, lijnveredeling of voor de instandhouding van een lijn of een kruisingsprogramma benodigde gegevens over de zoötechnische prestaties; e. waarborgt dat: 1) richtlijn 90/119/EEG de inschrijving van de varkens in het register geschiedt overeenkomstig de beschikking nr. 89/505/EEG van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 18 juli 1989 tot vaststelling van de criteria voor de inschrijving van hybride fokvarkens in de registers (PbEG L 247) en overeenkomstig artikel 2 van de; 2) de certificaten die worden afgegeven van de ingeschreven varkens en hun sperma, eicellen en embryo’s de overeenkomstig de beschikking nr. 89/506/EEG van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 18 juli 1989 tot vaststelling van het certificaat voor hybride fokvarkens en voor sperma, eicellen en embryo’s daarvan (PbEG L 247) voorgeschreven gegevens bevatten: 3) het prestatieonderzoek en de beoordeling van genetische waarden geschiedt overeenkomstig de beschikking nr. 89/507/EEG van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 18 juli 1989 tot vaststelling van methoden inzake prestatieonderzoek en bepaling van de fokwaarde van raszuivere en hybride fokvarkens (PbEG L 247). 2 Aan het eerste lid, onderdeel d, onder 3), wordt voldaan indien van een minimum actieve fokpopulatie aan varkens wordt uitgegaan van tenminste 8 mannelijke en 100 vrouwelijke dieren per lijn. 3 Aan het eerste lid, onderdeel e, onder 2), wordt voldaan indien de desbetreffende certificaten: a. overeenkomen met het model van één der bijlagen bij beschikking nr. 89/506/EEG; of b. artikel 6 voorzien zijn van de overeenkomstignamens de Voorzitter afgegeven verklaring. 2001 49 02-11-2001 11-07-2001 PVV 67 2001 28 29-06-2001 13-06-2001 PVV 49 30-06-2001 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 artikel 3 In afwijking vankan op de aanvraag om erkenning als een instelling die één of meer stamboeken voor raszuivere fokvarkens bijhoudt of instelt, negatief geadviseerd worden, indien voor een ras reeds één of meer officieel erkende organisaties bestaan en een nieuwe organisatie de instandhouding van het ras in gevaar brengt of de uitvoering van het zoötechnische programma van een bestaande organisatie doorkruist. 2001 49 02-11-2001 11-07-2001 PVV 67 2001 28 29-06-2001 13-06-2001 PVV 49 30-06-2001 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 artikel 2, tweede lid, onderdeel f Indien de certificaten, bedoeld in, waarvan het model niet overeenkomt met het model van één der bijlagen bij de beschikking nr. 89/503/EEG of nr. 89/506/EEG, de overeenkomstig genoemde beschikkingen voorgeschreven gegevens bevatten, voorziet de Commissie Varkenshouderij deze namens de Voorzitter van de verklaring: “ Ondergetekende verklaart dat deze documenten de in artikel ... (1, 3, 5 of 7) van de Beschikking 89/503/EEG van de Commissie Varkenshouderij genoemde gegevens bevatten ”, indien het raszuivere fokvarkens, hun sperma, eicellen, resp. embryo’s betreft, dan wel “ Ondergetekende verklaart dat deze documenten de in artikel ... (1,3, 5 of 7) van de beschikking 89/506/EEG van de Commissie Varkenshouderij genoemde gegevens bevatten, indien het hybride fokvarkens, hun sperma, eicellen resp. embryo’s betreft. 2001 49 02-11-2001 11-07-2001 PVV 67 2001 28 29-06-2001 13-06-2001 PVV 49 30-06-2001 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 De Commissie Varkenshouderij is belast met het toezicht op de erkende instellingen. 2 artikelen 3 4 Ten behoeve van het door de Commissie Varkenshouderij uit te oefenen toezicht op de naleving van de in deengestelde voorwaarden, waaraan een instelling ook na de erkenning voortdurend dient te voldoen, is iedere erkende instelling verplicht jaarlijks voor 1 juni de navolgende bescheiden aan de Commissie Varkenshouderij ter beschikking te stellen: a. een overzicht van het aantal ingeschreven mannelijke en vrouwelijke varkens in de hoofdsectie en eventueel aanvullende secties van het stamboek respectievelijk in de registers met de bijhorende identificatie; b. artikel 2, tweede lid gegevens zoals voorgeschreven in, van eventueel nieuw ingestelde stamboeken of registers; c. artikel 2,tweede lid wijzigingen en aanvullingen met betrekking tot de gegevens, bedoeld in; en d. een overzicht van het aantal controles betreffende de afstamming en de resultaten daarvan. 2001 49 02-11-2001 11-07-2001 PVV 67 2001 28 29-06-2001 13-06-2001 PVV 49 30-06-2001 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Desgewenst kan de Commissie Varkenshouderij ter zake van het uitoefenen van toezicht elke andere informatie binnen een door de Commissie Varkenshouderij te stellen termijn en op een door de Commissie Varkenshouderij vast te stellen wijze verlangen van de organisatie of vereniging, welker informatie de organisatie of vereniging verplicht is binnen deze termijn te verschaffen. 2001 49 02-11-2001 11-07-2001 PVV 67 2001 28 29-06-2001 13-06-2001 PVV 49 30-06-2001 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 De Commissie Varkenshouderij adviseert de Voorzitter de erkenning in te trekken, indien de Commissie Varkenshouderij van oordeel is dat door de organisatie niet meer wordt voldaan aan een of meer in dit reglement gestelde voorschriften. 2001 49 02-11-2001 11-07-2001 PVV 67 2001 28 29-06-2001 13-06-2001 PVV 49 30-06-2001 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 Dit besluit wordt aangehaald als: Reglement erkenningen fokkerijorganisaties varkenshouderij 2001. 2 Verordening uitvoering Fokkerijbesluit 2001 Dit besluit treedt in werking op de dag waarop dein werking treedt. 2001 49 02-11-2001 11-07-2001 PVV 67 2001 28 29-06-2001 13-06-2001 PVV 49 30-06-2001 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.