Besluit van de voorzitter van het Hoofdproductschap Akkerbouw, namens het bestuur, van 12 juni 2003 tot vaststelling van voorschriften betreffende bedrijfserosieplannen (Besluit HPA voorschriften bedrijfserosieplan 2003)
- BWB-id
- BWBR0015218
- Type
- pbo
- Ministerie
- Hoofdproductschap Akkerbouw
- Geldigheid
- 2003-07-01 t/m 2014-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0015218
- ELI
- /eli/nl/pbo/2003/besluit-hpa-voorschriften-bedrijfserosieplan-2003
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/pbo/2003/besluit-hpa-voorschriften-bedrijfserosieplan-2003/2003-07-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0015218&g=2003-07-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0015218&z=2026-06-06&g=2003-07-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0015218/2003-07-01
Absolute ELI: /eli/nl/pbo/2003/besluit-hpa-voorschriften-bedrijfserosieplan-2003
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Dit besluit verstaat onder: a. verordening : Verordening HPA erosiebestrijding landbouwgronden 2003 en neemt over de in deze verordening gebruikte terminologie; b. bebouwing : gebouwen of bouwwerken die dienen als woning of bedrijfsruimte, waaronder niet begrepen bouwwerken van ondergeschikt belang of beperkte omvang, zoals schuilhutten, transformatorhuisjes, bushokjes en stalletjes; c. infrastructuur : spoorwegen en wegen in beheer bij rijk en provincie; d. werkingsjaar : de periode van oogst tot oogst. 2003 41 27-06-2003 12-06-2003 HPA 34 2003 41 27-06-2003 20-03-2003 HPA 33 01-07-2003
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 De ondernemer die een bedrijfserosieplan wil laten goedkeuren, is verplicht om de navolgende regels in acht te nemen. 2003 41 27-06-2003 12-06-2003 HPA 34 2003 41 27-06-2003 20-03-2003 HPA 33 01-07-2003
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De ondernemer waardeert het bij zijn onderneming in gebruik zijnde areaal landbouwgrond, niet zijnde grasland, door het toekennen van de volgende punten: en totaliseert bovengenoemde waardering. a. 40 punten per hectare landbouwgrond in gebruik op meer dan 100 meter afstand bovenstrooms van bebouwing en infrastructuur; b. 75 punten per hectare landbouwgrond in gebruik op minder dan 100 meter afstand bovenstrooms van bebouwing en infrastructuur; c. 40 punten per hectare landbouwgrond in gebruik op minder dan 100 meter afstand bovenstrooms van bebouwing en infrastructuur, mits in gebruik voor de teelt van wintergranen; d. 100 punten per hectare landbouwgrond in gebruik op minder dan 100 meter afstand bovenstrooms van bebouwing en infrastructuur, indien op 2 juli 2001 het perceel in gebruik was als grasland; 2 Voor gronden in gebruik als grasland behoeven geen punten toegekend te worden. 2003 41 27-06-2003 12-06-2003 HPA 34 2003 41 27-06-2003 20-03-2003 HPA 33 01-07-2003
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 artikel 3 De ondernemer dient maatregelen te nemen, zodanig dat het conformberekende puntenaantal op bedrijfsniveau wordt bereikt. 2 De in het eerste lid bedoelde maatregelen en de daarbij behorende waardering van punten zijn de volgende: teelttechnische maatregelen 1. grasland (index) 100 punten per hectare 2. teelt van graan / gps (zomer) 25 punten per hectare (winter) 40 punten per hectare 3. teelt van luzerne 100 punten per hectare 4. toepassen groenbemester en voorjaarsbewerking 25 punten per hectare 5. toepassen groenbemester en mulch (bodembedekker) 50 punten per hectare tevens niet kerende grondbewerking 60 punten per hectare 6. toepassen groenbemester en directzaai (bodembed.) 75 punten per hectare tevens niet kerende grondbewerking 85 punten per hectare 7. toepassen (plaatselijk) strodek 2 25 punten per 1000 m 8. toepassen grasondergroei - 9. gewasresten na oogst (stro na graan) 25 punten per hectare (korrelmaïs als MKS, CCM) 50 punten per hectare bewerkingstechnische maatregelen 10. contourploegen 25 punten per hectare 11. toepassing niet kerende grondbewerking (continue) 35 punten per hectare voor de eerste maal (na ploegen) 10 punten per hectare landschapselementen 12. groenstrook permanent 2 50 punten per 1000 rn 13. groenstrook tijdelijk 2 40 punten per 1000 m 14. randenbeheer 2 25 punten per 1000 m 15. grasbaan permanent 2 75 punten per I000 m 16. grasbaan tijdelijk 2 50 punten per 1000 m cultuurtechnische maatregelen 17. realisatie van een buffervoorziening 3 75 punten per 25 m 18. schot in stroombaan (50 cm hoog, baanbreed) 50 punten per schot 19. drainage in stroombaan 10 punten per 100 m Overig 20. overlapregeling 2 20 punten per 1000 m 3 Voor maatregelen die een waardering per hectare hebben, is de totale score per hectare maximaal 100 punten. 4 Binnen 100 meter van bebouwing en infrastructuur dienen de maatregelen zoveel mogelijk ter plaatse te worden gerealiseerd. 5 Buiten 100 meter van bebouwing en infrastructuur dienen de maatregelen zoveel mogelijk maatregelen te worden getroffen binnen kritieke locaties: percelen steiler dan 5% (gemiddeld hellingspercentage per gewasperceel); percelen waarin zich stroombanen bevinden (verwijzing naar kaart); percelen langer dan 400 meter (2 - 5%) of 300 meter (5 - 18%). 6 Landschapselementen hebben in praktijk vaak een wisselende maatvoering en hebben daarom een puntenwaardering in vierkante meters. De breedte van een landschapselement bedraagt minimaal 3 meter en maximaal 21 meter. De ondernemer kan hiervan gemotiveerd afwijken. 7 artikel 6, derde lid, onderdeel c De ondernemer mag voor het berekenen van de puntenscore in aanmerking nemen het verplichte areaal bodembedekkers, zoals bepaald invan de verordening. 2003 41 27-06-2003 12-06-2003 HPA 34 2003 41 27-06-2003 20-03-2003 HPA 33 01-07-2003
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 Voor de opstelling en uitwerking van het bedrijfserosieplan dient de ondernemer gebruik te maken van standaardformulieren, die verkrijgbaar zijn bij de Limburgse Land- en Tuinbouwbond (LLTB). 2 Voor de jaarlijkse actualisatie van het bedrijfserosieplan dient de ondernemer gebruik te maken van een logboek, dat eveneens verkrijgbaar is bij de LLTB. 3 Bij het bedrijfserosieplan en het logboek dient een kopie van de McSharry kaart te worden bijgevoegd, waarop de percelen in gebruik bij het bedrijf duidelijk worden aangegeven, alsmede de vaste maatregelen worden ingetekend door middel van onderstaande symboliek. 2003 41 27-06-2003 12-06-2003 HPA 34 2003 41 27-06-2003 20-03-2003 HPA 33 01-07-2003
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 artikel 5, tweede lid Het bedrijfserosieplan dient jaarlijks te worden geactualiseerd, met gebruikmaking van het inbedoelde logboek. Uiterlijk op 15 mei dient het logboek voor het lopende werkingsjaar te zijn opgemaakt. 2 Mutaties dienen binnen twee weken in het logboek te worden ververst. 3 De ondernemer is verantwoordelijk voor de instandhouding en goede werking van de aangelegde voorzieningen. Indien een teelttechnische maatregel mislukt, dan ligt het binnen de verantwoordelijkheid van de ondernemer om vervangende maatregelen te treffen, waardoor binnen een zelfde werkingsjaar de puntentelling voldoende blijft. 4 De ondernemer is bevoegd tezamen met een andere ondernemer waarmee een nauwe samenwerking bestaat een bedrijfserosieplan op te stellen, onder de voorwaarde dat één van de ondernemers als verantwoordelijke voor het bedrijfserosieplan wordt aangewezen. 2003 41 27-06-2003 12-06-2003 HPA 34 2003 41 27-06-2003 20-03-2003 HPA 33 01-07-2003
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Verordening HPA erosiebestrijding landbouwgronden 2003 Dit besluit wordt gepubliceerd in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie en treedt in werking op dezelfde dag dat dein werking treedt. 2003 41 27-06-2003 12-06-2003 HPA 34 2003 41 27-06-2003 20-03-2003 HPA 33 01-07-2003