Verordening van de Sociaal-Economische Raad van 21 maart 2003 houdende regels ter zake van de aanvaarding van functies door bestuursleden bij bedrijfslichamen (Verordening aanvaarding bestuursfuncties bij bedrijfslichamen)
- BWB-id
- BWBR0014862
- Type
- pbo
- Ministerie
- Sociaal-Economische Raad
- Geldigheid
- 2003-12-21 t/m 2014-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0014862
- ELI
- /eli/nl/pbo/2003/verordening-aanvaarding-bestuursfuncties-bij-bedrijfslichame
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/pbo/2003/verordening-aanvaarding-bestuursfuncties-bij-bedrijfslichame/2003-12-21
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0014862&g=2003-12-21
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0014862&z=2026-06-06&g=2003-12-21
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0014862/2003-12-21
Absolute ELI: /eli/nl/pbo/2003/verordening-aanvaarding-bestuursfuncties-bij-bedrijfslichame
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze verordening wordt verstaan onder: a. Wet op de bedrijfsorganisatie de wet: de; b. de Raad: de Sociaal-Economische Raad; c. artikel 19 van de Wet op de bedrijfsorganisatie de Bestuurskamer: de op grond vaningestelde commissie uit het midden van de Raad. 2003 75 19-12-2003 21-03-2003 RE 7 2003 75 19-12-2003 21-03-2003 RE 7 21-12-2003
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 artikel 74, eerste lid, van de wet Een organisatie die overeenkomstigdoor de Raad is aangewezen tot het benoemen van een of meer bestuursleden of plaatsvervangende bestuursleden van een bedrijfslichaam, doet van iedere benoeming mededeling aan de voorzitter van het betrokken bedrijfslichaam. 2 Indien twee of meer organisaties zijn aangewezen tot het gezamenlijk benoemen van een of meer bestuursleden of plaatsvervangende bestuursleden van een bedrijfslichaam, geschieden de mededelingen, bedoeld in het eerste lid, hetzij door elke aangewezen organisatie afzonderlijk, hetzij door of namens die organisaties gezamenlijk. 2003 75 19-12-2003 21-03-2003 RE 7 2003 75 19-12-2003 21-03-2003 RE 7 21-12-2003
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De voorzitter van het betrokken bedrijfslichaam doet de benoemde onverwijld schriftelijk mededeling van de benoeming en doet hem daarbij een formulier toekomen voor de in het tweede lid bedoelde verklaring. 2 artikel 75 van de wet Binnen drie weken na de verzending van deze mededeling bericht de benoemde schriftelijk aan de voorzitter of hij de benoeming aanneemt. Indien hij de benoeming aanneemt, legt hij daarbij een schriftelijke verklaring over dat hij voldoet aan de ingestelde eisen. 3 Bij gebreke van zodanig bericht of van zodanige verklaring wordt hij geacht de benoeming niet te hebben aangenomen. 4 De voorzitter van het betrokken bedrijfslichaam deelt binnen een week na afloop van de in het tweede lid genoemde termijn aan de betrokken organisatie of organisaties mede of de benoemde de benoeming heeft aangenomen. 5 De voorzitter van het betrokken bedrijfslichaam doet een mededeling als bedoeld in het vierde lid mede aan de secretaris van de Bestuurskamer. 6 De secretaris van de Bestuurskamer doet mededeling van het aannemen van een benoeming tot bestuurslid of plaatsvervangend bestuurslid van een bedrijfslichaam in het Mededelingenblad Bedrijfsorganisatie. De mededeling vermeldt de organisatie, onderscheidenlijk de organisaties, welke de benoeming heeft, onderscheidenlijk hebben verricht. 2003 75 19-12-2003 21-03-2003 RE 7 2003 75 19-12-2003 21-03-2003 RE 7 21-12-2003
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 artikel 75 van de wet Het bestuurslid of plaatsvervangend bestuurslid van een bedrijfslichaam dat na zijn benoeming ophoudt te voldoen aan de ingestelde eisen, geeft hiervan onverwijld schriftelijk kennis aan de voorzitter van het betrokken bedrijfslichaam. 2 Van een kennisgeving als bedoeld in het eerste lid, alsmede van een kennisgeving betreffende het ontslag of het overlijden van een bestuurslid of plaatsvervangend bestuurslid, doet de voorzitter van het betrokken bedrijfslichaam binnen een week na de ontvangst daarvan schriftelijk mededeling aan de organisatie of organisaties die de betrokkene heeft, onderscheidenlijk hebben benoemd. 3 Indien de in het eerste en tweede lid bedoelde kennisgeving de voorzitter van een bedrijfslichaam betreft, wordt de desbetreffende mededeling gedaan door de plaatsvervangende of de eerste plaatsvervangende voorzitter van het betrokken lichaam aan de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, 4 artikel 3, tweede lid Het tweede en het derde lid zijn van overeenkomstige toepassing indien de in het eerste lid bedoelde kennisgeving ten onrechte achterwege is gelaten of de ingevolge, overgelegd verklaring geheel of gedeeltelijk onjuist is. 2003 75 19-12-2003 21-03-2003 RE 7 2003 75 19-12-2003 21-03-2003 RE 7 21-12-2003
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 2, eerste lid Indien een door de Raad aangewezen organisatie niet binnen drie maanden na haar aanwijzing en vervolgens uiterlijk vier weken voor het begin van iedere zittingsperiode van het bestuur van het betrokken bedrijfslichaam een aantal mededelingen als bedoeld in, overeenkomend met het aantal door haar te benoemen bestuursleden heeft doen toekomen aan de voorzitter van het betrokken bedrijfslichaam, doet deze de Raad daarvan onverwijld mededeling. 2 Hetzelfde doet de voorzitter van een bedrijfslichaam indien: a. artikel 2, eerste lid een organisatie niet binnen vier weken nadat hij deze organisatie heeft medegedeeld dat een door haar benoemd bestuurslid zijn benoeming niet heeft aangenomen, een nieuwe mededeling als bedoeld in, heeft gedaan; b. artikel 4, tweede lid artikel 2, eerste lid een organisatie niet binnen vier weken nadat zij een mededeling als bedoeld in, heeft ontvangen, een nieuwe mededeling als bedoeld in, heeft gedaan. 3 In de gevallen, bedoeld in het eerste en het tweede lid, kan de Raad het benoemingsrecht van de betrokken organisatie schorsen. Behoudens eerdere opheffing vervalt de schorsing indien de Raad niet binnen zes maanden nadat de schorsing is bekendgemaakt een besluit als bedoeld in het vierde lid heeft genomen. 4 In de gevallen, bedoeld in het eerste en het tweede lid, kan de Raad de aanwijzing van de betrokken organisatie intrekken en een nieuwe aanwijzing doen. 5 Indien twee of meer organisaties zijn aangewezen tot het gezamenlijk doen van een benoeming, zijn het eerste tot en met het vierde lid van overeenkomstige toepassing. 2003 75 19-12-2003 21-03-2003 RE 7 2003 75 19-12-2003 21-03-2003 RE 7 21-12-2003
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 Bij het voor de eerste maal samenstellen van het bestuur van een bedrijfslichaam treedt voor de toepassing van deze verordening de algemeen secretaris van de Raad in de plaats van de voorzitter van het betrokken bedrijfslichaam. 2 Is het bestuur voor de eerste maal samengesteld, dan treedt zolang de voorzitter van het bedrijfslichaam niet is benoemd, het oudste bestuurslid in leeftijd als voorzitter op. 2003 75 19-12-2003 21-03-2003 RE 7 2003 75 19-12-2003 21-03-2003 RE 7 21-12-2003
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 artikel 6 Onverminderd het bepaalde intreedt, zolang bij de aanvang van een zittingsperiode van het bestuur van een bedrijfslichaam de voorzitter van het betrokken lichaam niet is benoemd, als voorzitter op: met dien verstande dat steeds een later genoemde als voorzitter optreedt indien en voor zolang een eerdergenoemde niet als bestuurslid is herbenoemd, dan wel bij diens afwezigheid. hetzij degene die bij het einde van de vorige zittingsperiode voorzitter was; hetzij degene die op dat tijdstip plaatsvervangend dan wel eerste plaatsvervangend voorzitter was; hetzij degene die op dat tijdstip tweede plaatsvervangend voorzitter was; hetzij het oudste bestuurslid in leeftijd, 2003 75 19-12-2003 21-03-2003 RE 7 2003 75 19-12-2003 21-03-2003 RE 7 21-12-2003
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 De Bestuurskamer is bevoegd de besluiten te nemen die nodig zijn voor de uitvoering van deze verordening. 2003 75 19-12-2003 21-03-2003 RE 7 2003 75 19-12-2003 21-03-2003 RE 7 21-12-2003
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Deze verordening treedt in werking met ingang van de tweede dag na publicatie in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie. 2003 75 19-12-2003 21-03-2003 RE 7 2003 75 19-12-2003 21-03-2003 RE 7 21-12-2003
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Deze verordening wordt aangehaald als Verordening aanvaarding bestuursfuncties bij bedrijfslichamen. 2003 75 19-12-2003 21-03-2003 RE 7 2003 75 19-12-2003 21-03-2003 RE 7 21-12-2003
Artikel 3#
artikel 3, tweede lid