Besluit van het bestuur van het Productschap Tuinbouw, d.d. 3 juli 2002, houdende de vaststelling van een heffing ten behoeve van hoveniersbedrijven voor het jaar 2003 (Verordening PT heffing hoveniersbedrijven 2003)
- BWB-id
- BWBR0013841
- Type
- pbo
- Ministerie
- Productschap Tuinbouw
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2003-02-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0013841
- ELI
- /eli/nl/pbo/2003/verordening-pt-heffing-hoveniersbedrijven-2003
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/pbo/2003/verordening-pt-heffing-hoveniersbedrijven-2003/2003-02-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0013841&g=2003-02-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0013841&z=2026-06-06&g=2003-02-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0013841/2003-02-01
Absolute ELI: /eli/nl/pbo/2003/verordening-pt-heffing-hoveniersbedrijven-2003
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 artikelen 1 2 van de Instellingsverordening Productschap Tuinbouw 1998 In deze verordening en de daarop berustende bepalingen worden overgenomen de begripsbepalingen van deen. 2 In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. hovenierswerkzaamheden: het aanleggen, het aanbrengen van wijzigingen in en het onderhouden van siertuinen, begraafplaatsen, groenstroken, parken, plantsoenen, landgoederen en openbaar groen in stad en landschap, inclusief werkzaamheden op sportterreinen en in bossen, met de daartoe behorende wegen, paden en pleinen in al hun onderdelen, met inbegrip van de voorbereidende grondwerkzaamheden; b. leveringen: de bij de werkzaamheden behorende levering van levende en dode materialen; c. ondernemer: natuurlijke of rechtspersoon die een onderneming drijft waarin hovenierswerkzaamheden worden verricht; d. omzet: het bruto-omzetbedrag van hovenierswerkzaamheden en leveringen over het jaar 2002. 2003 8 31-01-2003 03-07-2002 PT 4 2003 8 31-01-2003 03-07-2002 PT 4 01-02-2003 01-01-2003
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 De ondernemer is in 2003 een heffing aan het Productschap Tuinbouw verschuldigd ten behoeve van promotionele en marketingactiviteiten, economische aangelegenheden, kwaliteitsaangelegenheden, technisch onderzoek, milieu-aangelegenheden en voorlichting, alsmede ten behoeve van de algemene kosten van het Productschap Tuinbouw. 2 De heffing als bedoeld in het eerste lid wordt opgelegd door de voorzitter van het Productschap Tuinbouw, met inachtneming van het in de volgende artikelen bepaalde. 2003 8 31-01-2003 03-07-2002 PT 4 2003 8 31-01-2003 03-07-2002 PT 4 01-02-2003 01-01-2003
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De heffing die de ondernemer is verschuldigd, wordt opgelegd naar de grondslag van de in het jaar 2002 behaalde omzet. 2 De heffing als bedoeld in het eerste lid, is samengesteld uit een basisheffing van € 150, vermeerderd met de som van het bedrag dat wordt verkregen na toepassing van de hierna genoemde heffingspercentages over de hierna genoemde omzetbedragen: a. tot en met € 2.268.900,-: 0,035%, met dien verstande, dat bij een omzet van ten hoogste € 45.378,02 uitsluitend de basisheffing is verschuldigd; b. van € 2.268.900,= tot en met € 4.537.800,=: 0,02%, en c. meer dan € 4.537.800,=: 0,01%. 2003 8 31-01-2003 03-07-2002 PT 4 2003 8 31-01-2003 03-07-2002 PT 4 01-02-2003 01-01-2003
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Verordening PT Algemene bepalingen Indien de heffingsplichtige de gegevens die hem krachtens de, ten behoeve van de onderhavige verordening zijn gevraagd, niet, niet tijdig of niet volledig verstrekt, wordt de heffing berekend over de dan door de voorzitter van het Productschap Tuinbouw te ramen omvang van de grondslag die op de heffingsplichtige ingevolge deze verordening van toepassing is, in welk geval de heffing met € 40 wordt verhoogd in verband met administratiekosten. 2003 8 31-01-2003 03-07-2002 PT 4 2003 8 31-01-2003 03-07-2002 PT 4 01-02-2003 01-01-2003
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 De oplegging van de krachtens deze verordening verschuldigde heffing vindt plaats na afloop van het jaar waarover de heffing verschuldigd is en geschiedt door de voorzitter van het Productschap Tuinbouw middels toezending of uitreiking aan de heffingsplichtige van een heffingsnota. 2 Iedere heffingsnota is gedagtekend en bevat: a. naam en adres van de heffingsplichtige; b. een specificatie of toelichting omtrent de wijze waarop de heffing is berekend; c. het totaal van de heffing. 3 In afwijking van het eerste lid kan de voorzitter van het Productschap Tuinbouw de heffingsplichtige een voorlopige heffing opleggen tot het bedrag waarop de heffing vermoedelijk zal worden vastgesteld. De voorlopige heffing wordt verrekend met de krachtens deze verordening verschuldigde heffing. 2003 8 31-01-2003 03-07-2002 PT 4 2003 8 31-01-2003 03-07-2002 PT 4 01-02-2003 01-01-2003
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 artikel 3 artikel 4 Het Productschap Tuinbouw is gerechtigd om, indien hem aan de hand van te zijner beschikking gekomen gegevens blijkt, dat een aangifte als bedoeld inof een schatting als bedoeld in, niet in overeenstemming is met de werkelijkheid, een opgelegde heffing aan de hand van deze gegevens te herzien en het verschil tussen de opgelegde en de herziene heffing alsnog na te vorderen. 2003 8 31-01-2003 03-07-2002 PT 4 2003 8 31-01-2003 03-07-2002 PT 4 01-02-2003 01-01-2003
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 Betaling geschiedt binnen 30 dagen na dagtekening van de heffingsnota. 2 In afwijking van het eerste lid is de nota terstond invorderbaar: a. zodra het faillissement van de heffingsplichtige is aangevraagd; b. zodra de ondernemer het drijven van de onderneming beëindigt of van het voornemen daartoe blijkt; c. zodra de ondernemer zich metterwoon in het buitenland heeft gevestigd of van het voornemen daartoe blijkt. 2003 8 31-01-2003 03-07-2002 PT 4 2003 8 31-01-2003 03-07-2002 PT 4 01-02-2003 01-01-2003
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 artikel 7 artikel 127, tweede lid van de Wet op de bedrijfsorganisatie Aan de heffíngsplichtige, die niet of niet geheel binnen de inbedoelde termijn heeft betaald, kunnen de daaruit voortvloeiende extra kosten van € 22,50 in rekening worden gebracht, alsmede de wettelijke interest over het niet betaalde bedrag, te berekenen vanaf de dag waarop de betaling diende te zijn verricht ingevolge de aanmaning als bedoeld in. 2003 8 31-01-2003 03-07-2002 PT 4 2003 8 31-01-2003 03-07-2002 PT 4 01-02-2003 01-01-2003
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 artikel 7 8 De invorderingskosten voortvloeiend uit het niet betalen binnen de gestelde termijn als bedoeld inen, zijn voor rekening en risico van de ondernemer. 2003 8 31-01-2003 03-07-2002 PT 4 2003 8 31-01-2003 03-07-2002 PT 4 01-02-2003 01-01-2003
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 artikelen 5 tot en met 9 De voorzitter is belast met de oplegging en inning van de heffing en de daarmee samenhangende kosten als bedoeld in de. 2003 8 31-01-2003 03-07-2002 PT 4 2003 8 31-01-2003 03-07-2002 PT 4 01-02-2003 01-01-2003
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 De gegevens verkregen uit hoofde van het bepaalde in deze verordening dienen in handen van de voorzitter of door deze aan te wijzen personen van het secretariaat van het productschap te worden gesteld. 2 Deze gegevens mogen slechts worden gebezigd voor de vervulling van de taak van het productschap. 2003 8 31-01-2003 03-07-2002 PT 4 2003 8 31-01-2003 03-07-2002 PT 4 01-02-2003 01-01-2003
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2003. 2 Indien het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie waarin deze verordening en de toelichting wordt geplaatst wordt uitgegeven na 31 december 2002 treedt zij in werking met ingang van de dag na de datum van publicatie in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie waarin zij wordt geplaatst en werkt zij terug tot en met 1 januari 2003. 2003 8 31-01-2003 03-07-2002 PT 4 2003 8 31-01-2003 03-07-2002 PT 4 01-02-2003 01-01-2003
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening PT heffing hoveniersbedrijven 2003. 2003 8 31-01-2003 03-07-2002 PT 4 2003 8 31-01-2003 03-07-2002 PT 4 01-02-2003 01-01-2003