Verordening van het Productschap Pluimvee en Eieren van 15 april 2004 houdende regels ter zake van de aanduiding van bijzondere slachtpluimvee-houderijsystemen (Verordening aanduiding bijzondere slachtpluimvee-houderijsystemen (PPE) 2004)
- BWB-id
- BWBR0016616
- Type
- pbo
- Ministerie
- Productschap Pluimvee en Eieren
- Geldigheid
- 2013-03-31 t/m 2014-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0016616
- ELI
- /eli/nl/pbo/2004/verordening-aanduiding-bijzondere-slachtpluimvee-houderijsys
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/pbo/2004/verordening-aanduiding-bijzondere-slachtpluimvee-houderijsys/2013-03-31
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0016616&g=2013-03-31
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0016616&z=2026-06-06&g=2013-03-31
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0016616/2013-03-31
Absolute ELI: /eli/nl/pbo/2004/verordening-aanduiding-bijzondere-slachtpluimvee-houderijsys
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 In deze verordening wordt verstaan onder: 1. productschap : het Productschap Pluimvee en Eieren; 2. voorzitter : de voorzitter van het productschap; 3. onderneming : een onderneming waarvoor het productschap is ingesteld; 4. ondernemer : de natuurlijke of rechtspersoon die een onderneming drijft; 5. verhandelen : het in voorraad hebben, het vervoeren, het kopen, het verkopen en iedere vorm van het in de handel brengen; 6. kippen : pluimvee behorend tot de soort Gallus domesticus waarbij de punt van het borstbeen nog buigzaam is (niet verbeend); 7. geslachte kippen : geslachte kippen, met inbegrip van delen daarvan en eetbare bijproducten, alsmede producten op basis van geslachte kippen; 8. Verordening 1538/91 : Verordening (EEG) nr. 1538/91 Verordening (EEG) nr. 1906/90 van de Commissie van de Europese Economische Gemeenschap van 5 juni 1991 houdende uitvoeringsbepalingen vanvan de Raad tot vaststelling van handelsnormen voor vlees van pluimvee (Pb EG L 143). 2 Verordening 1538/91 Voor het overige neemt deze verordening de terminologie over van. 2004 44 13-08-2004 15-04-2004 PPE 36 2004 44 13-08-2004 15-04-2004 PPE 36 15-08-2004
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Met inachtneming van het bepaalde in artikel 10, eerste en derde lid van Verordening 1538/91 mag de aanduiding van de houderijsytemen: a. “Scharrel .....binnengehouden”, b. “Scharrel .....met uitloop”, c. “Boerenscharrel ......met uitloop”/“Hoeve .....met uitloop”, d. “Boerenscharrel ......met vrije uitloop”/“Hoeve .....met vrije uitloop”, èn de overeenkomstige aanduidingen in de andere talen van de Gemeenschap, slechts gebruikt worden, voor zover aan de in onderhavige verordening met betrekking tot kippen en geslachte (delen van) kippen gestelde nadere voorschriften is voldaan. 2 artikelen 3 tot en met 6 artikel 7 Het is aan ondernemers bij het verhandelen van kippen en geslachte (delen van) kippen verboden op of bij de kippen en geslachte (delen van) kippen, dan wel op of bij de verpakking ervan de in het eerste lid bedoelde benamingen en vermeldingen te gebruiken, tenzij met betrekking tot die kippen en geslachte (delen van) kippen is voldaan aan de in degestelde voorschriften en, in geval van de in het eerste lid, onder b), genoemde benaming bovendien is voldaan aan het bepaalde in. 3 Het is aan ondernemers bij het verhandelen van kippen verboden op of bij de kippen en geslachte (delen van) kippen, dan wel op of bij de verpakking ervan een aanduiding te gebruiken of te bezigen die de indruk wekt dat de kippen zijn gehouden onder omstandigheden die het welzijn van de kippen ten goede komen en die afwijkt van de in het eerste lid bedoelde aanduidingen. 2010 67 29-10-2010 07-09-2010 PPE29 2010 67 29-10-2010 07-09-2010 PPE29 31-10-2010
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 De kippen worden gehouden in stallen: a. 2 2 waarin op het grondoppervlak dat de kippen ter beschikking staat ten hoogste 12 dieren per mworden gehouden, met dien verstande dat gedurende de eerste drie levensweken van de kippen ten hoogste 15 kippen per mgrondoppervlak worden gehouden; b. waarin het voor de kippen beschikbare grondoppervlak geheel is bedekt met losse blanke houtsnippers, houtkrullen, los stro, tos gehakseld stro of ander strooiselmateriaal; c. waarin de voor de kippen bestemde ruimte zodanig is ingericht dat deze bij normaal daglicht goed verlicht wordt en wel in die mate dat bij een buitensterkte van 1.200 lux minimaal 10 lux aan daglicht beschikbaar is, een intermitterend verlichtingsschema met perioden korter dan 8 uur niet wordt toegepast en geen kunstlicht wordt toegepast gedurende een aaneengesloten periode van 8 uur vallende in de avond en in de nacht, en het kunstlicht niet afkomstig is van laag frequente TL-verlichting. 2013 15 29-03-2013 28-02-2013 PPE4 2013 15 29-03-2013 28-02-2013 PPE4 31-03-2013
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 De kippen worden verzorgd met inachtneming van de navolgende verzorgingseisen: a. vanaf de derde levensweek wordt minimaal 2 gram graan per kip per dag toegediend door het dagelijks met de hand strooien op het voor de kippen beschikbare grondoppervlak; b. gedurende de mestperiode worden diergeneesmiddelen alleen uit curatief oogpunt toegediend, behoudens in de gevallen waarin het toedienen van de diergeneesmiddelen wettelijk is voorgeschreven; c. gedurende de mestperiode worden met het oog op de preventie van coccidiose slechts de wettelijk toegestane coccidiostatica toegediend en worden daarbij de geldende wachttermijnen in acht genomen; d. per mestperiode, bij aanvang van de tweede levensweek, wordt één strobaal waarvan de bindtouwen al dan niet zijn verwijderd, per 1.000 kippen in de stal verstrekt en worden de strobalen gelijkmatig over de ruimte verdeeld. 2013 15 29-03-2013 28-02-2013 PPE4 2013 15 29-03-2013 28-02-2013 PPE4 31-03-2013
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 De kippen worden gevoed met inachtneming van de navolgende voedingseisen: a. gedurende de mestperiode wordt voeder verstrekt waarin het minimumgehalte aan graan en graanbijproducten 70% bedraagt. Aan dat voeder zijn geen dierlijke producten, met uitzondering van melkproducten, toegevoegd; b. gedurende de mestperiode worden geen groeibevorderaars toegediend. 2004 44 13-08-2004 15-04-2004 PPE 36 2004 44 13-08-2004 15-04-2004 PPE 36 15-08-2004
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Vervallen 2013 15 29-03-2013 28-02-2013 PPE4 2013 15 29-03-2013 28-02-2013 PPE4 31-03-2013
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 2 2 2 De kippen hebben ten minste tien uur per dag, met een marge van twee uur afhankelijk van het seizoen, toegang tot een uitloopruimte in de vrije lucht, waarbij de uitloopruimte een hoofdzakelijk begroeide ruimte is waar elke kip beschikt over ten minste 1 mgrondoppervlakte, met dien verstande dat de bezettingsdichtheid in de stal mag worden verhoogd tot 13 kippen per mdoch ten hoogste 27,5 kg levend gewicht per m; 2 De stal is voorzien van toegangsluiken met een minimale totale lengte van 4 meter per 1300 kippen, een minimale lengte per luik van 60 centimeter en een minimale hoogte van 30 centimeter, die gelijkelijk zijn verdeeld over de kant van de stal waar zich de uitloop bevindt; 3 De kippen hebben een gemiddeld levend slachtgewicht van maximaal 2100 gram; 4 e De kippen hebben een uitloop vanaf uiterlijk de 28levensdag. 2004 44 13-08-2004 15-04-2004 PPE 36 2004 44 13-08-2004 15-04-2004 PPE 36 15-08-2004
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 artikel 2 De ondernemer is bij verkoop aan particulieren van geslachte kippen waaraan de inbedoelde benamingen en vermeldingen zijn aangebracht verplicht om: a. Onverpakt geslachte kippen gescheiden aan te bieden, en b. Een administratie bij te houden waarin tenminste is opgenomen: het aantal stuks en netto gewicht van de aangevoerde geslachte kippen; het aantal stuks en netto gewicht van de verkochte geslachte kippen; het aantal delen, soort delen en netto gewicht van de verkochte delen van geslachte kippen. 2004 44 13-08-2004 15-04-2004 PPE 36 2004 44 13-08-2004 15-04-2004 PPE 36 15-08-2004
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 artikel 2, eerste lid De in deze verordening met betrekking tot kippen gestelde voorschriften zijn slechts van toepassing ten aanzien van in Nederland gehouden en geslachte kippen waarbij de in, genoemde aanduidingen worden gebezigd. 2004 44 13-08-2004 15-04-2004 PPE 36 2004 44 13-08-2004 15-04-2004 PPE 36 15-08-2004
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 De bepalingen van deze verordening gelden mede voor andere natuurlijke of rechtspersonen, voor zover deze handelingen verrichten die in de ondernemingen waarvoor het productschap is ingesteld plegen te worden verricht. 2004 44 13-08-2004 15-04-2004 PPE 36 2004 44 13-08-2004 15-04-2004 PPE 36 15-08-2004
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 Verordening 1538/91 artikelen 2 tot en met 7 De voorzitter kan, namens het bestuur, met inachtneming van, in uitzonderlijke gevallen op schriftelijk verzoek van belanghebbende van het bepaalde in devrijstelling of ontheffing verlenen in het geval de naleving van het daar bepaalde de volksgezondheid, diergezondheid of dierenwelzijn schaadt. 2 Aan een vrijstelling of ontheffing kunnen voorschriften of voorwaarden worden verbonden. Zij kunnen onder beperkingen worden verleend. Zij kunnen te allen tijde worden ingetrokken. 2004 44 13-08-2004 15-04-2004 PPE 36 2004 44 13-08-2004 15-04-2004 PPE 36 15-08-2004
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 Het toezicht op de naleving van de bij of krachtens deze verordening gestelde voorschriften wordt uitgeoefend door een door het bestuur aan te wijzen dienst of personen. 2 Ondernemers zijn verplicht: a. aan de door het bestuur aan te wijzen dienst of personen al die gegevens te verstrekken of te doen verstrekken die naar hun oordeel nodig zijn voor de vervulling van hun taak; b. aan de door het bestuur aan te wijzen dienst of personen inzage te geven of te doen geven van die boeken en bescheiden die naar hun oordeel nodig zijn voor de vervulling van hun taak; c. aan de door het bestuur aan te wijzen dienst of personen te allen tijde toegang te geven of te doen geven tot hun bedrijfsruimten en tot die plaatsen of vervoermiddelen waar c.q. waarin voorraden, tot het bedrijf van de ondernemer behorende, zijn opgeslagen c.q. worden vervoerd; d. te gedogen dat door de door het bestuur aan te wijzen dienst of personen monsters worden genomen uit de voorraden (waaronder begrepen verpakkingsmateriaal) van het bedrijf van de ondernemer, ongeacht de plaats waar of waarin die voorraden zich bevinden en hij zal alsdan de van hem gevorderde medewerking overeenkomstig de aanwijzingen van die controleurs en onder hun toezicht verlenen. 2004 44 13-08-2004 15-04-2004 PPE 36 2004 44 13-08-2004 15-04-2004 PPE 36 15-08-2004
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Wet tuchtrechtspraak bedrijfsorganisatie 2004 Op overtreding van het bepaalde bij of krachtens deze verordening worden tuchtrechtelijke maatregelen gesteld als voorzien in de. 2010 67 29-10-2010 07-09-2010 PPE29 2010 67 29-10-2010 07-09-2010 PPE29 31-10-2010
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 1 Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening aanduiding bijzondere slachtpluimvee-houderijsystemen (PPE) 2004. 2 Deze verordening treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dag van dagtekening van het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie waarin zij wordt geplaatst. 2004 44 13-08-2004 15-04-2004 PPE 36 2004 44 13-08-2004 15-04-2004 PPE 36 15-08-2004