Verordening zelfcontrole varkens op het verbod gebruik van bepaalde stoffen 2002
- BWB-id
- BWBR0013873
- Type
- pbo
- Ministerie
- Productschap Vee en Vlees
- Geldigheid
- 2004-01-03 t/m 2009-01-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0013873
- ELI
- /eli/nl/pbo/2004/verordening-zelfcontrole-varkens-op-het-verbod-gebruik-van-b
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/pbo/2004/verordening-zelfcontrole-varkens-op-het-verbod-gebruik-van-b/2004-01-03
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0013873&g=2004-01-03
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0013873&z=2026-06-06&g=2004-01-03
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0013873/2004-01-03
Absolute ELI: /eli/nl/pbo/2004/verordening-zelfcontrole-varkens-op-het-verbod-gebruik-van-b
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Voor de toepassing van het bij of krachtens deze verordening bepaalde wordt verstaan onder: 1. Productschap : het Productschap Vee en Vlees; 2. voorzitter : voorzitter van het Productschap; 3. bestuur : bestuur van het Productschap; 4. richtlijn : Richtlijnen 85/358/EEG 86/469/EEG 89/187/EEG 91/664 Richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen nummer 96/23/EG van 29 april 1996 inzake controlemaatregelen ten aanzien van bepaalde stoffen en residuen daarvan in levende dieren en in producten daarvan en tot intrekking van deenen de Beschikkingenen(PbEG L 25); 5. regeling : Regeling verbod handel met bepaalde stoffen behandelde dieren en producten; 6. niet-toegestane stoffen : bijlage I de stoffen, genoemd inbij deze verordening; 7. wachttermijn : Diergeneesmiddelenwet Vleeskeuringswet de termijn die na laatste toediening van een diergeneesmiddel ingevolge het bepaalde bij of krachtens deen dein acht moet worden genomen voordat het dier mag worden geslacht of producten van het dier voor consumptie mogen worden bestemd; 8. varken : landbouwhuisdier behorende tot de familie der Suidae; 9. bedrijf : artikel 1, onderdeel r., aanhef en tweede gedachtestreepje, van de Regeling identificatie en registratie van dieren 2002 bedrijf als bedoeld in; 10. afdeling : groep varkens die op een bedrijf ruimtelijk gescheiden gehouden wordt van andere (groepen) varkens; 11. be- of verwerker : ondernemer die zich toelegt op het slachten van varkens of de be- of verwerking van varkensvlees; 12. producten : vlees en vleesproducten, afkomstig van varkens; 13. certificeren : het toelaten van een bedrijf of be- of verwerker tot deelname aan een in het kader van deze verordening erkend certificeringssysteem dat ten aanzien van varkens en producten is gericht op de controle op de afwezigheid van niet-toegestane stoffen of omzettingsproducten daarvan; 14. gecertificeerd bedrijf of gecertificeerde be- of verwerker : bedrijf of be- of verwerker dat/die is toegelaten tot en deelneemt aan een in het kader van deze verordening erkend certificeringssysteem dat ten aanzien van varkens en producten is gericht op de controle op de afwezigheid van niet-toegestane stoffen of omzettingsproducten daarvan; 15. in de handel brengen : voorhanden of in voorraad hebben, ge- en verbruiken, vervoeren, aanvoeren, ontvangen, afleveren, te koop aanbieden, kopen of vervreemden; 2004 1 02-01-2004 10-07-2002 PVV 3 2004 1 02-01-2004 10-07-2002 PVV 3 03-01-2004
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 leder bedrijf dat varkens op de markt brengt en iedere natuurlijke of rechtspersoon die varkens in de handel brengt, is bij het Productschap geregistreerd. 2 Regeling identificatie en registratie van dieren 2002 leder bedrijf dat overeenkomstig deis geregistreerd, is gekweten van de in het eerste lid bedoelde verplichting. 2004 1 02-01-2004 10-07-2002 PVV 3 2004 1 02-01-2004 10-07-2002 PVV 3 03-01-2004
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Het is de be- of verwerker verboden varkens te aanvaarden of te doen aanvaarden. 2 Het in het eerste lid bedoelde verbod geldt niet indien de be- of verwerker is gecertificeerd en: a. varkens aanvaardt die afkomstig zijn van een gecertificeerd bedrijf waar gedurende een jaar voorafgaand aan de slachtdatum geen niet-toegestane stoffen of omzettingsproducten daarvan zijn aangetroffen; of b. artikel 4.9 van de Regeling handel levende dieren en levende producten varkens aanvaardt die afkomstig zijn van een bedrijf uit een EU-lidstaat dat voldoet aan artikel 9 van de richtlijn en overeenkomstigrechtstreeks naar de be- of verwerker zijn vervoerd; of c. artikel 4.8 van de Regeling handel levende dieren en levende producten varkens aanvaardt die afkomstig zijn van een bedrijf uit een derde land en die voldoen aan; of d. varkens aanvaardt die afkomstig zijn van een gecertificeerd bedrijf waar gedurende een jaar voorafgaand aan de slachtdatum niet-toegestane stoffen of omzettingsproducten daarvan zijn aangetroffen, onder de voorwaarde dat de be- of verwerker middels de bemonsteringsverklaring, bedoeld in het vierde lid, aantoont dat op het bedrijf waarvan de varkens afkomstig zijn, overeenkomstig het bepaalde in het derde lid bemonstering heeft plaatsgevonden; of e. varkens aanvaardt die niet afkomstig zijn van een gecertificeerd bedrijf, onder de voorwaarde dat de be- of verwerker middels de bemonsteringsverklaring, bedoeld in het vierde lid, aantoont dat op het bedrijf waarvan de varkens afkomstig zijn, overeenkomstig het bepaalde in het derde lid bemonstering heeft plaatsgevonden. 3 a. Diergeneesmiddelenwet De monsters, bedoeld in het tweede lid, onder d. en e., worden genomen door een door de voorzitter erkende instantie, die voldoet aan de door het bestuur bij besluit vastgestelde erkenningsvoorwaarden. De voorzitter kan de erkenning van de instantie intrekken indien de instantie niet of niet meer voldoet aan de erkenningsvoorwaarden. De analyse van de monsters geschiedt door een laboratorium dat erkend is bij of krachtens de. Uitsluitend de monsters die zijn aangeleverd door de instantie, bedoeld in de eerste volzin, worden geanalyseerd. b. De bemonstering, bedoeld in het tweede lid, onder d. en e., vindt per bedrijf vier maal per jaar plaats en wordt steekproefsgewijs uitgevoerd in één of meerdere afdeling(en) binnen het bedrijf. De afdelingen waarin bemonstering heeft plaatsgevonden blijven tot de dag na het bekend worden van het resultaat van het onderzoek van de genomen monsters of gedurende drie weken na de dag van bemonstering, compleet en gedurende deze termijn op het bedrijf aanwezig. c. De varkens die overeenkomstig het bepaalde in het tweede lid, onder d. en e., zijn bemonsterd, worden door de instantie, bedoeld onder a., gemerkt en geregistreerd. De eigenaar of houder van de varkens is verplicht te gedogen dat op of aan varkens een merk wordt aangebracht. d. Het is verboden de op grond van deze verordening aangebrachte merken geheel of gedeeltelijk te verwijderen, te veranderen, onleesbaar te maken, dan wel andere handelingen te verrichten waardoor deze merken niet meer geschikt zijn ter identificatie van de betrokken varkens. 4 a. De be-of verwerker toont de bemonstering, bedoeld in het tweede lid, onder d. en e., aan door middel van een door de instantie, bedoeld in het derde lid, onder a., opgestelde en geldige bemonsteringsverklaring. b. De bemonsteringsverklaring, bedoeld onder a., bevat ten minste de navolgende gegevens: dagtekening; het Unieke Bedrijfsnummer van het bedrijf waar bemonstering heeft plaatsgevonden; datum van bemonstering; resultaat van het onderzoek van de genomen monsters. c. De bemonsteringsverklaring, bedoeld onder a., behoudt zijn geldigheid gedurende ten hoogste vijf maanden na dagtekening hiervan, met dien verstande dat de geldigheid vervalt op de dag dat een termijn van drie weken na de dag van de eerstvolgende bemonstering, is verstreken. 2004 1 02-01-2004 23-10-2002 PVV 5 2004 1 02-01-2004 23-10-2002 PVV 5 03-01-2004 2004 1 02-01-2004 10-07-2002 PVV 3 2004 1 02-01-2004 10-07-2002 PVV 3 03-01-2004
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Het is verboden varkens en producten in de handel te brengen. 2 Het in het eerste lid bedoelde verbod geldt niet indien: a. de varkens of de producten afkomstig zijn van een gecertificeerd bedrijf waar gedurende een jaar voorafgaand aan de verhandelingsdatum geen niet-toegestane stoffen of omzettingsproducten daarvan zijn aangetroffen; of b. de varkens of de producten afkomstig zijn van een bedrijf uit een EU-lidstaat dat voldoet aan artikel 9 van de richtlijn; of c. artikel 4.8 van de Regeling handel levende dieren en levende producten Regeling keuring en handel dierlijke producten de varkens of de producten afkomstig zijn van een bedrijf uit een derde land en die voldoen aanrespectievelijk het terzake bepaalde in de; of d. de varkens of de producten afkomstig zijn van een gecertificeerd bedrijf waar gedurende een jaar voorafgaand aan de verhandelingsdatum niet-toegestane stoffen of omzettingsproducten daarvan zijn aangetroffen, onder de voorwaarde dat middels de bemonsteringsverklaring, bedoeld in het vierde lid, aantoonbaar is gemaakt dat op het bedrijf waarvan de varkens afkomstig zijn, overeenkomstig het bepaalde in het derde lid bemonstering heeft plaatsgevonden: of e. de varkens of producten niet afkomstig zijn van een gecertificeerd bedrijf, onder de voorwaarde dat middels de bemonsteringsverklaring, bedoeld in het vierde lid, aantoonbaar is gemaakt dat op het bedrijf waarvan de varkens afkomstig zijn, overeenkomstig het bepaalde in het derde lid bemonstering heeft plaatsgevonden. 3 a. Diergeneesmiddelenwet De monsters, bedoeld in het tweede lid, onder d. en e., worden genomen door een door de voorzitter erkende instantie, die voldoet aan de door het bestuur bij besluit vastgestelde erkenningsvoorwaarden. De voorzitter kan de erkenning van de instantie intrekken indien de instantie niet of niet meer voldoet aan de erkenningsvoorwaarden. De analyse van de monsters geschiedt door een laboratorium dat erkend is bij of krachtens de. Uitsluitend de monsters die zijn aangeleverd door de instantie, bedoeld in de eerste volzin, worden geanalyseerd. b. De bemonstering, bedoeld in het tweede lid, onder d. en e., vindt per bedrijf vier maal per jaar plaats en wordt steekproefsgewijs uitgevoerd in één of meerdere afdeling(en) binnen het bedrijf. De afdelingen waarin bemonstering heeft plaatsgevonden blijven tot de dag na het bekend worden van het resultaat van het onderzoek van de genomen monsters of gedurende drie weken na de dag van bemonstering compleet en gedurende deze termijn op het bedrijf aanwezig. c. De varkens die overeenkomstig het bepaalde in het tweede lid, onder d. en e., zijn bemonsterd, worden door de instantie, bedoeld onder a., gemerkt en geregistreerd. De eigenaar of houder van de varkens is verplicht te gedogen dat op of aan varkens een merk wordt aangebracht. d. Het is verboden de op grond van deze verordening aangebrachte merken geheel of gedeeltelijk te verwijderen, te veranderen, onleesbaar te maken, dan wel andere handelingen te verrichten waardoor deze merken niet meer geschikt zijn ter identificatie van de betrokken varkens. 4 a. De bemonstering, bedoeld in het tweede lid, onder d. en e., wordt aangetoond door middel van een door de instantie, bedoeld in het derde lid, onder a., opgestelde en geldige bemonsteringsverklaring. b. De bemonsteringsverklaring, bedoeld onder a., bevat ten minste de navolgende gegevens: dagtekening; het Unieke Bedrijfsnummer van het bedrijf waar bemonstering heeft plaatsgevonden; datum van bemonstering; resultaat van het onderzoek van de genomen monsters. c. De bemonsteringsverklaring, bedoeld onder a., behoudt zijn geldigheid gedurende ten hoogste vijf maanden na dagtekening hiervan, met dien verstande dat de geldigheid vervalt op de dag dat een termijn van drie weken na de dag van de eerstvolgende bemonstering, is verstreken. 2004 1 02-01-2004 23-10-2002 PVV 5 2004 1 02-01-2004 23-10-2002 PVV 5 03-01-2004 2004 1 02-01-2004 10-07-2002 PVV 3 2004 1 02-01-2004 10-07-2002 PVV 3 03-01-2004
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 3 4 bijlage II De gecertificeerde be- of verwerkers of bedrijven, bedoeld inen, zijn gecertificeerd volgens een door de voorzitter erkend certificeringssysteem dat ten aanzien van varkens en producten is gericht op de controle op de afwezigheid van niet-toegestane stoffen of omzettingsproducten daarvan en dat voldoet aan de ingenoemde erkenningscriteria. 2 a. De voorzitter erkent een certificeringssysteem als bedoeld in het eerste lid, op basis van een rapportage van een instantie die door de Raad van Accreditatie is geaccrediteerd volgens de norm NEN-EN-45011. b. De voorzitter kan de erkenning, bedoeld in het eerste lid, intrekken indien het certificeringssysteem niet of niet meer voldoet aan de erkenningscriteria. c. De voorzitter wijst één of meerdere instantie(s) aan die word(en)t belast met het toezicht op de naleving van de erkenningscriteria door de certificeringssystemen als bedoeld in het eerste lid. 2004 1 02-01-2004 10-07-2002 PVV 3 2004 1 02-01-2004 10-07-2002 PVV 3 03-01-2004
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 Het bedrijf dat na de inwerkingtreding van deze verordening nog niet is gecertificeerd volgens een door de Voorzitter erkend certificeringssysteem, is tot 1 juli 2003 onder de navolgende voorwaarden, vrijgesteld van de verplichting tot certificering: a. het bedrijf verleent de door de voorzitter aan te wijzen controle-instelling(en) te allen tijde toegang tot al zijn bedrijfsruimten; b. het bedrijf staat toe dat controleurs van de in onderdeel a. bedoelde controle-instelling(en) monsters nemen en verleent alsdan de gevorderde medewerking overeenkomstig de aanwijzingen en onder toezicht van die controleurs; c. Diergeneesmiddelenwet het bedrijf staat toe dat de in onderdeel b. bedoelde monsters worden geanalyseerd door een laboratorium dat is erkend bij of krachtens de; d. het bedrijf houdt de afdelingen waarin bemonstering heeft plaatsgevonden tot de dag na het bekend worden van het resultaat van het onderzoek van de genomen monsters of gedurende drie weken na de dag van bemonstering compleet en gedurende deze termijn op het bedrijf aanwezig; e. het bedrijf staat toe dat de in onderdeel b. bedoelde monsters en de resultaten van het onderzoek van de betreffende monsters kunnen worden afgegeven aan de Algemene Inspectiedienst ten behoeve van strafrechtelijk onderzoek. 2 Het is de be- of verwerker tot 1 juli 2003 toegestaan varkens die niet afkomstig zijn van een gecertificeerd bedrijf te aanvaarden of te doen aanvaarden indien de varken's afkomstig zijn van een bedrijf dat ingevolge het eerste lid is vrijgesteld. 3 Het is tot 1 juli 2003 toegestaan varkens die niet afkomstig zijn van een gecertificeerd bedrijf in de handel te brengen indien de varkens afkomstig zijn van een bedrijf dat ingevolge het eerste lid is vrijgesteld. 2004 1 02-01-2004 10-07-2002 PVV 3 2004 1 02-01-2004 10-07-2002 PVV 3 03-01-2004
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 artikel 2 artikel 3 De voorzitter kan van de verplichtingen, bedoeld inen van de verboden, bedoeld in, in noodgevallen of calamiteiten, op aanvraag ontheffing verlenen en aan een zodanige ontheffing beperkingen en voorschriften verbinden. 2004 1 02-01-2004 10-07-2002 PVV 3 2004 1 02-01-2004 10-07-2002 PVV 3 03-01-2004
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Overtreding van het bepaalde bij of krachtens deze verordening, is een strafbaar feit. 2004 1 02-01-2004 10-07-2002 PVV 3 2004 1 02-01-2004 10-07-2002 PVV 3 03-01-2004
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening zelfcontrole varkens op het verbod gebruik van bepaalde stoffen 2002". 2 Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na die van haar afkondiging in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie. 2004 1 02-01-2004 10-07-2002 PVV 3 2004 1 02-01-2004 10-07-2002 PVV 3 03-01-2004