Verordening van het Productschap Vis van 28 oktober 2004, houdende regels ter zake van de aan de onder het Productschap Vis ressorterende ondernemers op te leggen bestemmingsheffing ten behoeve van onderwijs voor de detailhandel voor het jaar 2005 (Verordening onderwijsfonds kleinhandel 2005)
- BWB-id
- BWBR0017392
- Type
- pbo
- Ministerie
- Productschap Vis
- Geldigheid
- 2006-01-01 t/m 2006-07-14
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0017392
- ELI
- /eli/nl/pbo/2005/verordening-onderwijsfonds-kleinhandel-2005
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/pbo/2005/verordening-onderwijsfonds-kleinhandel-2005/2006-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0017392&g=2006-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0017392&z=2026-06-06&g=2006-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0017392/2006-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/pbo/2005/verordening-onderwijsfonds-kleinhandel-2005
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze verordening wordt verstaan onder: Instellingsbesluit Productschap Vis : Besluit van 3 juni 2003, houdende instelling van een productschap voor ondernemingen op het gebied van de visserij, be- en verwerking van vis en de handel in vis en visproducten (Stb. 2003, 253); Productschap: artikel 3 van het Instellingsbesluit Productschap Vis het Productschap Vis, als bedoeld in; Bestuur: het bestuur van het Productschap Voorzitter: de voorzitter van het Productschap; Onderwijsfonds kleinhandel: artikel 1, eerste lid, van de Verordening instelling van een onderwijsfonds kleinhandel het fonds ingesteld krachtens; Commissie detailhandel: de commissie ingesteld door het bestuur voor het adviseren over aangelegenheden betreffende de detailhandel; Ondernemer: degene die een onderneming drijft, waarvoor het Productschap is ingesteld; Vis: vissen, schaal- en schelpdieren, delen van vissen alsmede van schaal- en schelpdieren en puf en nest, een en ander met uitzondering van sier- en aquariumdieren; Visproducten: uit vis verkregen producten, welke al dan niet na verdere be- of verwerking, tot menselijk of dierlijk voedsel kunnen dienen; Kleinhandelaar: een ondernemer die als onderdeel van zijn bedrijf heeft of zijn bedrijf maakt van het verkopen van vis en/of visproducten aan particulieren, instellingen en/of bedrijven. 2006 8 03-02-2006 28-10-2004 VIS1 2006 8 03-02-2006 28-10-2004 VIS1 01-01-2005 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Een kleinhandelaar is jaarlijks aan het Productschap een heffing verschuldigd ten behoeve van het onderwijsfonds kleinhandel. 2 De hoogte van de in het eerste lid bedoelde heffing bedraagt € 10,-. 3 Het bestuur stelt het bedrag, als bedoeld in het tweede lid, niet eerder vast dan nadat het de Commissie detailhandel heeft gehoord. 2006 8 03-02-2006 28-10-2004 VIS1 2006 8 03-02-2006 28-10-2004 VIS1 01-01-2005 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 De ingevolge deze verordening verschuldigde heffingsbedragen moeten door de betrokken kleinhandelaar binnen dertig dagen na de dag waarop zij hem door het productschap in rekening zijn gebracht, aan het productschap worden voldaan. 2006 8 03-02-2006 28-10-2004 VIS1 2006 8 03-02-2006 28-10-2004 VIS1 01-01-2005 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 7 — Artikel 7 (bescherming gegevens)#
Artikel 7 (bescherming gegevens) Verordening Algemene Bepalingen Productschap Vis 2000 artikelen 4 5 Deis van toepassing op de verwerking van gegevens, als bedoeld in deen. 2006 8 03-02-2006 28-10-2004 VIS1 2006 8 03-02-2006 28-10-2004 VIS1 01-01-2005 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 8 — Artikel 8 (mandatering voorzitter)#
Artikel 8 (mandatering voorzitter) 1 artikel 2 De voorzitter is, namens het bestuur, belast met de vaststelling en oplegging van de door een ondernemer verschuldigde heffing(en), als bedoeld in. 2 a. De oplegging van de door een ondernemer verschuldigde heffing(en), geschiedt door de voorzitter, namens het bestuur, door middel van toezending of uitreiking aan de heffingsplichtige ondernemer van een gedagtekende heffingsaanslag op basis van; l° artikel 4 artikel 5 de gegevens als bedoeld inen/ofen/of; 2° artikel 2 de bij het productschap bekende gegevens voor de heffing(en) als bedoeld in. b. De heffingsaanslag moet bevatten: 1° de naam en de woonplaats of vestigingsplaats van de heffingsplichtige ondernemer, conform de gegevens die bekend zijn bij het productschap; 2° een specificatie van het bedrag van de heffing(en) onder vermelding van de heffingsgrondslagen; 3° in de daarvoor in aanmerking komende gevallen: de toepasselijke vrijstellingen; 4° in de daarvoor in aanmerking komende gevallen: de toepasselijke verrekening met reeds betaalde voorschotbedragen; 5° het totaalbedrag van de heffingsaanslag; 6° het betalingstijdstip en informatie over de wijze van betaling; 7° artikel 3:45 van de Algemene wet bestuursrecht de vermelding van de mogelijkheid van bezwaar met inachtneming van. 3 artikel 4 5 De voorzitter kan, namens het bestuur, de termijn van inzending van de gegevens als bedoeld inen/of, op verzoek van een ondernemer verlengen met een termijn die de voorzitter redelijk acht. 4 artikelen 3 6 artikel 127 van de Wet op de bedrijfsorganisatie De voorzitter is, namens het bestuur, belast met de uitvoering van het bepaalde in deenmet inachtneming van het bepaalde in. 5 Algemene wet bestuursrecht De voorzitter is, namens het bestuur, belast met het beslissen op bezwaarschriften tegenbesluiten, als bedoeld in het tweede lid met inachtneming van het bepaalde in de. 6 Algemene wet bestuursrecht De voorzitter is, namens het bestuur, belast met het beslissen op verzoeken om in te stemmen met rechtstreeks beroep bij de administratieve rechter tegen besluiten, als bedoeld in het tweede lid met inachtneming van het bepaalde in de. 7 De voorzitter kan in afwijking van het vierde lid, namens het bestuur, de heffingsplichtige ondernemer op diens verzoek bij de indiening van zijn bezwaarschrift: a. in bijzondere omstandigheden (ter beoordeling van de voorzitter) uitstel van betaling verlenen van de vastgestelde en opgelegde heffing(en), als bedoeld in het tweede lid, totdat de beslissing op het bezwaarschrift door de voorzitter is genomen; b. artikel 7:15 Algemene wet bestuursrecht een vergoeding toekennen als bedoeld in; c. ingeval beroep is ingesteld tegen een beslissing op het bezwaarschrift, in bijzondere omstandigheden (ter beoordeling van de voorzitter) uitstel van betaling verlenen van de vastgestelde en opgelegde heffing(en), als bedoeld in het tweede lid, totdat de bevoegde rechter uitspraak heeft gedaan. 8 artikel 2 De voorzitter kan in afwijking van het eerste lid, namens het bestuur, de heffingsplichtige ondernemer vrijstellen vanindien het totaal van de door deze ondernemer verschuldigde heffing(en) minder is dan € 10,-. 9 Algemene wet bestuursrecht De voorzitter is, namens het bestuur, belast met het kenbaar maken en stellen van nadere eisen aan het gebruik van de elektronische weg bij het verkeer van berichten tussen ondernemers en het productschap met betrekking tot het bepaalde in de onderhavige verordening met inachtneming van het bepaalde in de. 10 artikel 6 van de Heffingsverordening 2005 De voorzitter kan, namens het bestuur, beslissen op een verzoek van een kleinhandelaar om de door hem totaal verschuldigde heffing(en) op grond vanen de overige betreffende bestemmingsheffingsverordeningen te verlagen naar € 75,- indien hij kan aantonen dat: a. het verkooppunt minder dan 1 kwartaal of 1 dag per week open is geweest; b. of de totaal verschuldigde heffing(en) op grond van de onderhavige verordening en de bestemmingsheffingsverordeningen tezamen meer is dan 1 % van de omzet. 2006 8 03-02-2006 28-10-2004 VIS1 2006 8 03-02-2006 28-10-2004 VIS1 01-01-2005 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2005. 2 De Verordening bestemmingsheffing onderwijsfonds kleinhandel 2004 wordt ingetrokken, behoudens ten aanzien van reeds verschuldigde heffingsbedragen. 3 Deze verordening kan worden aangehaald als Verordening onderwijsfonds kleinhandel 2005. 2006 8 03-02-2006 28-10-2004 VIS1 2006 8 03-02-2006 28-10-2004 VIS1 01-01-2005 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Een ondernemer verstrekt aan het productschap, op schriftelijk verzoek van de voorzitter, namens het bestuur, vóór de in dit verzoek genoemde datum, naar waarheid de gegevens die nodig zijn voor de vaststelling van de door de ondernemer op grond van deze verordening verschuldigde heffing. 2 Een ondernemer overlegt aan het productschap, op schriftelijk verzoek van de voorzitter, namens het bestuur, vóór de in dit verzoek genoemde datum een verklaring, van een accountant als bedoeld in de desbetreffende bepalingen van het Burgerlijk Wetboek, omtrent de getrouwheid en volledigheid van de in het eerste lid bedoelde gegevens. 3 artikel 5 artikel 8 Indien blijkt dat de door de ondernemer verstrekte gegevens onjuist zijn of afwijken van aan het productschap ten dienste staande gegevens, kunnen aan de hand van deze nieuwe gegevens of overeenkomstig het bepaalde inen/of inde in rekening gebrachte en/of te brengen bedragen worden herzien en het verschil worden nagevorderd of gerestitueerd. 2006 8 03-02-2006 28-10-2004 VIS1 2006 8 03-02-2006 28-10-2004 VIS1 01-01-2005 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 4, eerste lid dat artikel Indien een ondernemer de gegevens, bedoeld in, niet of niet volledig aan het productschap heeft verstrekt vóór de inbedoelde datum dan wel vóór de datum van de aan de ondernemer toegezonden herinnering, is de voorzitter, namens het bestuur, bevoegd de verzochte waarden, aankoopbedragen, inkoopbedragen, hoeveelheden of aantallen te schatten en op basis daarvan de verschuldigde heffing te berekenen. 2 De voorzitter stelt, namens het bestuur, de betrokken ondernemer van de geschatte gegevens en het op basis daarvan berekende heffingsbedrag schriftelijk in kennis, onder mededeling dat hij alsnog in de gelegenheid wordt gesteld de eerder verzochte gegevens binnen 3 weken na verzending van de kennisgeving aan het productschap te verstrekken. 3 Indien de betrokken ondernemer binnen de in het tweede lid bedoelde termijn alsnog de verzochte gegevens aan het productschap verstrekt, wordt de verschuldigde heffing berekend op basis van deze gegevens. 4 Indien blijkt dat de door de ondernemer alsnog verstrekte gegevens, als bedoeld in het derde lid, onjuist zijn of afwijken van aan het productschap ten dienste staande gegevens, wordt de verschuldigde heffing berekend op basis van de door de voorzitter geschatte waarden, aankoopbedragen, inkoopbedragen, hoeveelheden of aantallen. 5 Indien de betrokken ondernemer binnen de in het tweede lid bedoelde termijn wederom in gebreke blijft de verzochte gegevens aan het productschap te verstrekken, wordt het bedrag, zoals berekend op de wijze bedoeld in het eerste lid, in rekening gebracht. 2006 8 03-02-2006 28-10-2004 VIS1 2006 8 03-02-2006 28-10-2004 VIS1 01-01-2005 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 artikel 4, derde lid Een nagevorderd bedrag als bedoeld in, wordt door de ondernemer betaald uiterlijk binnen veertien dagen na de dag waarop het bedrag hem door het productschap in rekening is gebracht. 2006 8 03-02-2006 28-10-2004 VIS1 2006 8 03-02-2006 28-10-2004 VIS1 01-01-2005 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.