Verordening van het Productschap Vis van 13 oktober 2005, houdende regels ter zake van de aan de onder het Productschap Vis ressorterende ondernemers op te leggen heffing voor het jaar 2006 (Heffingsverordening 2006)
- BWB-id
- BWBR0018872
- Type
- pbo
- Ministerie
- Productschap Vis
- Geldigheid
- 2007-01-01 t/m 2007-04-13
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0018872
- ELI
- /eli/nl/pbo/2006/heffingsverordening-2006
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/pbo/2006/heffingsverordening-2006/2007-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0018872&g=2007-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0018872&z=2026-06-06&g=2007-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0018872/2007-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/pbo/2006/heffingsverordening-2006
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 In deze verordening wordt verstaan onder: Instellingsbesluit Productschap Vis : Besluit van 3 juni 2003, houdende instelling van een productschap voor ondernemingen op het gebied van de visserij, de be- en verwerking van vis en de handel in vis en visproducten (Stb. 2003, 253); Productschap : artikel 3 van het Instellingsbesluit Productschap Vis het Productschap Vis, als bedoeld in; Bestuur : het bestuur van het productschap; Voorzitter : de voorzitter van het productschap; Secretaris : de secretaris van het productschap; Ondernemer : degene, die een onderneming drijft, waarvoor het productschap is ingesteld; Vis : vissen, schaal- en schelpdieren, delen van vissen alsmede van schaal- en schelpdieren en puf en nest, een en ander met uitzondering van sier- en aquariumdieren; Visproducten : vis en uit vis verkregen producten, welke al dan niet na verdere be- of verwerking, tot menselijk of dierlijk voedsel kunnen dienen, welke ingedeeld kunnen worden in één van de goederencodes van het Douanewetboek van de EU beginnend met de cijfers 0301, 0302, 0303, 0304, 0305, 0306, 0307 (met uitzondering van post 030760), 051191, 1604, 1605 of 19022010; Visserij : het bedrijf van het vangen of kweken van vissen, schaal- en schelpdieren en puf en nest, een en ander met uitzondering van sier- en aquariumdieren; Basislijn : de laagwaterlijn (dieptelijn van nul meter) langs de kust en/of de lijn die door de kuststaat is getrokken tussen een aantal vaste punten, zoals aangegeven op kaarten die door de bevoegde kuststaat officieel zijn erkend; Zeevis : artikel 1, vierde lid onder c, van de Visserijwet 1963 vis verkregen door uitoefening van de visserij zeewaarts vanaf een basislijn en/of door uitoefening van de kustvisserij in de zin van, met uitzondering van garnalen, mosselen, oesters, kokkels, spisula, zwaardscheden en mesheften, en nonnetjes; Kweekvis : forel, meerval, tilapia, paling en tarbot die in Nederland wordt gekweekt en gehouden in recirculatiesystemen en vijvers ten behoeve van productiedoeleinden gericht op menselijke consumptie; Pootvis : levende jonge vis, schaal- of schelpdieren die bestemd zijn voor de kweek van kweekvis; Trawler : vaartuig waarvan de lengte over alles 60 meter of meer bedraagt of een vaartuig met een brutotonnage van meer dan 1.200 BT waarmee de pelagische visserij wordt uitgeoefend; Kotter : vaartuig waarvan de lengte over alles minder dan 60 meter bedraagt; Forel : Oncorphynchus mykiss; vissen van de soort Meerval : Clarius garipinus; vissen van de soort Tilapia : Oreochromis Spp.; vissen van de soort Paling : Anquilla anquilla; vissen van de soort Tarbot : Psetta maximus; vissen van de soort Garnalen : Crangon-crangon; garnalen van de soort Platte oesters : Ostrea Spp.; schelpdieren van de soorten Creuses : Crassostrea Spp.; schelpdieren van de soorten Oesters : platte oesters en creuses; Kokkels : Cerastoderma edule; schelpdieren van de soort Spisula : Spisula Spp.; schelpdieren van de soorten Zwaardscheden en Mesheften : Ensis Spp.; schelpdieren van de soorten Nonnetjes : Macoma balthica; schelpdieren van de soort Mosselen : Mytilus Spp. Perna Spp.; schelpdieren van de soortenof de soorten Tarra : alles wat niet tot de mossel behoort zoals losse schelpen, zeesterren, slikmosselen, slippers, pokken, kluiten modder, stenen, dode of kapotte mosselen als ook zaadmosselen met een lengte van minder dan 45 mm; Ton : 3 een inhoudsmaat van 1/7 m; Aanvoeren : het als eerste eigenaar voor de eerste keer of het met behulp van de spanvisserij aan land brengen van vis; Aanvoerder : de ondernemer, die met een in Nederland geregistreerd vissersvaartuig of op andere wijze vis aanvoert; Kleinhandelaar : : een ondernemer die als onderdeel van zijn bedrijf heeft of zijn bedrijf maakt van het verkopen van vis en/of visproducten aan particulieren, instellingen en/of bedrijven als eindverbruikers; Afslag : een veiling van vis en/of visproducten; Verwaterplaats : een al dan niet kunstmatige, al dan niet in de zee of in een zeearm in de Nederlandse kustwateren gelegen plaats of inrichting, welke door ondernemers wordt gebruikt voor het verwateren of opslaan van schelpdieren; Productiegebied : een gebied in zee, in een lagune of in een estuarium waarin zich hetzij natuurlijke gronden voor tweekleppige weekdieren, hetzij gebieden die worden gebruikt voor de kweek van tweekleppige weekdieren bevinden en waar levende tweekleppige weekdieren worden verzameld; Oesterseizoen : de periode welke loopt vanaf 1 januari t/m 31 december; Inkoopbedrag : de totale factuurwaarde van alle gekochte vis- en/of visproducten, met uitzondering van pootvis, kokkels, spisula, zwaardscheden en mesheften, nonnetjes en oesters; Kopen : zich in eigendom verwerven door de daarvoor gevraagde of geboden prijs te betalen ofwel de overeenkomst waarbij de ene partij zich verbindt vis en/of visproducten te leveren en de andere om daarvoor een prijs in geld te betalen. 2 Voor de toepassing van het bepaalde bij of krachtens deze verordening vindt het aanvoeren - voor zover dit geschiedt met een vaartuig - plaats op het tijdstip waarop het vaartuig direct of indirect verbinding met de wal heeft verkregen. 3 Indien een vaartuig mosselen op een verwaterplaats stort vóórdat het vaartuig direct of indirect verbinding met de wal heeft verkregen, vindt het aanvoeren van mosselen, in afwijking van het bepaalde in het tweede lid, plaats op het tijdstip waarop de mosselen worden gestort op een verwaterplaats. 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 01-01-2006
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 artikelen 3 3a 3b 4 4a 5 6 7 § 4 Ondernemers zijn aan en ten behoeve van het productschap een heffing verschuldigd volgens de in de,,,,,,envermelde heffingsgrondslagen met de daarbij behorende tarieven. De berekening en de wijze van betaling vinden plaats, zoals inis bepaald. 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 01-01-2006
Artikel 3 — Artikel 3 (aanvoerheffing)#
Artikel 3 (aanvoerheffing) 1 artikel 2 De heffing als bedoeld inbedraagt voor: a. de aanvoerder van zeevis: 1°. 2,29 promille van de waarde van de door hem aangevoerde zeevis, voorzover het betreft met een kotter aangevoerde zeevis en met uitzondering van garnalen; 2°. 1,88 promille van de waarde van de door hem aangevoerde zeevis, voorzover het betreft met een trawler aangevoerde zeevis en met uitzondering van garnalen; b. de aanvoerder van vis verkregen door uitoefening van de binnenvisserij: 1°. 3,66 promille van de waarde van de door hem aangevoerde vis welke is verkregen door uitoefening van de IJsselmeervisserij; 2°. artikel 1, vierde lid onder d, van de Visserijwet 1963 € 105,- per kalenderjaar wegens het aanvoeren van vis welke is verkregen door uitoefening van de binnenvisserij in de zin van- de IJsselmeervisserij hieronder niet begrepen; c. de aanvoerder van kokkels en/of spisula en/of zwaardscheden en mesheften en/of nonnetjes: 1°. 3,66 promille van de waarde van de door hem aangevoerde kokkels en/of spisula en/of zwaardscheden en mesheften, en/of nonnetjes welke zijn verkregen door uitoefening van de visserij met een mechanisch vistuig en/of door uitoefening van de visserij met een niet mechanisch vistuig; 2°. € 152,- per vergunning per kalenderjaar voor de mechanische visserij op kokkels in de Westerschelde; 3°. € 406,- per vergunning per kalenderjaar voor de mechanische visserij op kokkels in de Nederlandse wateren - de Westerschelde hieronder niet begrepen; 4°. € 279,- per vergunning per kalenderjaar voor de visserij op kokkels met een niet mechanisch vistuig in de Nederlandse wateren en; 5°. € 101,- per vergunning per kalenderjaar voor de visserij op spisula en/of zwaardscheden en mesheften en/of nonnetjes in de Nederlandse wateren; d. de aanvoerder van mosselen: € 0,50 per door hem aangevoerde ton mosselen; e. de ondernemer die kweekvis kweekt: 1°. € 0,006 per kilogram door hem gekocht voer bestemd voor forel; 2°. € 0,005 per kilogram door hem gekocht voer bestemd voor meerval; 3°. € 0,012 per kilogram door hem gekocht voer bestemd voor paling; 4°. € 0,012 per kilogram door hem gekocht voer bestemd voor tarbot; 5°. € 0,005 per kilogram door hem gekocht voer bestemd voor tilapia; f. € 0,0065 per kilogram aangevoerde garnalen. 2 Bij de bepaling van de waarde van de aangevoerde zeevis als bedoeld in het eerste lid, onder a2°, wordt het deel van de aangevoerde zeevis, dat fysiek niet in Nederland komt, buiten beschouwing gelaten. 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 01-01-2006
Artikel 3a — Artikel 3a (afslagheffing)#
Artikel 3a (afslagheffing) artikel 2 De heffing als bedoeld inbedraagt voor een afslag 0,19 promille van het aankoopbedrag van de door tussenkomst van de afslag verhandelde vis en visproducten met uitzondering van mosselen. 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 01-01-2006
Artikel 3b — Artikel 3b (administratieheffing)#
Artikel 3b (administratieheffing) Verordening Algemene Bepalingen Productschap Vis 2000 Indien een heffingsplichtige gegevens die hem krachtens deten behoeve van de onderhavige verordening en/of bij of krachtens deze verordening zijn gevraagd, niet, niet tijdig of niet volledig verstrekt, wordt de heffing berekend over de dan te ramen omvang van de grondslag die op de heffingsplichtige ingevolge deze verordening van toepassing is, welke heffing in dat geval verhoogd met € 110,- in verband met administratiekosten. 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 01-01-2006
Artikel 4 — Artikel 4 (aankoopheffing)#
Artikel 4 (aankoopheffing) artikel 2 De heffing bedoeld inbedraagt voor: a. de ondernemer die zeevis koopt van een aanvoerder: 0,91 promille van het aankoopbedrag van de door hem van een aanvoerder gekochte zeevis, die fysiek Nederland binnenkomt; b. artikel 3, eerste lid onder b de ondernemer die vis koopt van een aanvoerder, als bedoeld in: 2,52 promille van het aankoopbedrag van de door hem van een aanvoerder gekochte vis; c. de ondernemer die kokkels of spisula of zwaardscheden en mesheften of nonnetjes koopt van een aanvoerder: 2,52 promille van het aankoopbedrag van de door hem van een aanvoerder gekochte kokkels en/of spisula en/of zwaardscheden en mesheften en/of nonnetjes; d. de ondernemer die mosselen koopt van een aanvoerder: € 0,50 per door hem van een aanvoerder gekochte ton mosselen; e. artikel 3, eerste lid onder e de ondernemer die kweekvis koopt van een ondernemer, als bedoeld in: 2,52 promille van het aankoopbedrag van de door hem van een kweker gekochte kweekvis; f. artikel 3, eerste lid onder f de ondernemer die garnalen koopt van een ondernemer, als bedoeld in: € 0,0025 per kilogram garnalen. 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 01-01-2006
Artikel 4a — Artikel 4a (heffing oesters en creuses)#
Artikel 4a (heffing oesters en creuses) 1 artikel 2 De heffing als bedoeld inbedraagt voor: a. de ondernemer die oesters verhandelt: 5,51 promille over de omzet, welke hij in het afgelopen oesterseizoen heeft gerealiseerd; b. de ondernemer die één of meer oesterpercelen in eigendom heeft en/of huurt; € 2,86 per hectare per oesterperceel per kalenderjaar en; c. de ondernemer die in het bezit is van een visvergunning voor vrije gronden; € 245,- per visvergunning voor vrije gronden per kalenderjaar. 2 Indien de ondernemer als bedoeld in het eerste lid, zowel één of meerdere oesterpercelen in eigendom heeft en/of huurt, als ook over een visvergunning voor vrije gronden beschikt, wordt de ondernemer: a) artikel 4a, eerste lid, onder c vrijgesteld van de heffing als bedoeld in, onder de voorwaarde dat het bedrag aan heffing op grond van deze bepaling lager is dan het bedrag aan heffing op grond van artikel 4a, eerste lid, onder b; b) artikel 4a, eerste lid, onder b artikel 4a, eerste lid, onder c vrijgesteld van de heffing als bedoeld in, onder de voorwaarde dat het bedrag aan heffing op grond van deze bepaling lager is dan het bedrag aan heffing op grond van. 4 De in lid 1, onder a, van dit artikel bedoelde omzet per oesterseizoen wordt berekend volgens de volgende formule: Daarbij staat: P voor: het totaal aantal platte oesters, dat de ondernemer in het afgelopen oesterseizoen heeft verhandeld; i Pvoor: het totaal aantal platte oesters, dat de ondernemer in het afgelopen oesterseizoen heeft ingekocht in het buitenland; w Pvoor: het totaal aantal platte oesters, waarvan de ondernemer kan aantonen dat hij deze in het afgelopen oesterseizoen heeft gekocht van een collega-handelaar; i w (P-(P+P)) voor: het totaal aantal platte oesters, dat meetelt voor de bepaling van de omzet in platte oesters in het afgelopen oesterseizoen; p Fvoor: het forfaitaire bedrag van € 0,32, waarmee het aantal oesters dat meetelt voor de bepaling van de omzet in het laatste oesterseizoen in platte oesters, vermenigvuldigd moet worden; C voor: het aantal creuses, dat een handelaar in het afgelopen oesterseizoen heeft verhandeld; w Cvoor: het aantal creuses, waarvan de ondernemer kan aantonen dat hij deze in het afgelopen oesterseizoen gekocht heeft van een collega-ondernemer; w (C-C)) voor: het totaal aantal creuses, dat meetelt voor de bepaling van de omzet in creuses in het afgelopen oesterseizoen; c F: het forfaitaire bedrag van € 0,10, waarmee het totaal aantal creuses, dat meetelt voor de bepaling van de omzet in creuses in het afgelopen oesterseizoen, vermenigvuldigd moet worden. 4 De heffing als bedoeld in het eerste lid, onder b en c, bedraagt per kalenderjaar gezamenlijk maximaal € 551,-. 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 01-01-2006
Artikel 5 — Artikel 5 (handelsheffing)#
Artikel 5 (handelsheffing) 1 artikel 2 De inkoop is onderhevig aan een heffing als bedoeld in. 2 De heffing als bedoeld in het eerste lid bedraagt voor het inkoopbedrag in een kalenderjaar: a. tot en met € 10.600.000,-; 0,97 promille; b. van meer dan € 10.600.000,-; 0,97 promille over het inkoopbedrag tot en met € 10.600.000,- en 0,73 promille over het inkoopbedrag boven de € 10.600.000,-. 3 Bij de bepaling van het inkoopbedrag, als bedoeld in het vorige lid, wordt het deel van de inkoop, dat fysiek niet in Nederland komt, buiten beschouwing gelaten. 4 De heffing als bedoeld in het eerste lid is verschuldigd door een ondernemer die: a. de handel uitoefent in vis of uit vis verkregen producten, met uitzondering van pootvis, kokkels, spisula, zwaardscheden en mesheften, nonnetjes en oesters, welke, al dan niet na verdere be- of verwerking, tot menselijk voedsel kunnen dienen; b. vis of uit vis verkregen producten be- of verwerkt, met uitzondering van pootvis, kokkels, spisula, zwaardscheden en mesheften, nonnetjes en oesters , welke, al dan niet na verdere be- of verwerking, tot menselijk of dierlijk voedsel kunnen dienen. 5 De heffing als bedoeld in het eerste lid bedraagt voor de ondernemer die mosselen inkoopt: € 0,10 per door hem ingekochte ton mosselen. 6 artikel 4 Bij de bepaling van de inkoop, als bedoeld in het eerste lid, wordt de aankoop, als bedoeld in, indien het dezelfde heffïngsplichtige betreft, buiten beschouwing gelaten. 7 Vis en visproducten zijn eenmalig onderhevig aan een heffing als bedoeld in het eerste lid. Op het inkoopbedrag, als bedoeld in het tweede en vijfde lid van dit artikel, dient derhalve het inkoopbedrag waarover reeds een heffing als bedoeld in het eerste lid van dit artikel is opgelegd, in mindering te worden gebracht. 8 artikel 11 Op het bepaalde in het zesde en zevende lid van dit artikel is, eerste lid, van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat de ondernemer die meent dat het zesde en/of zevende lid van dit artikel van toepassing is, dit schriftelijk dient te bewijzen. 9 De heffing als bedoeld in het eerste lid kan, al dan niet na toepassing van het vorige lid, in enig kalenderjaar niet meer dan € 41.600,- bedragen. 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 01-01-2006
Artikel 6 — Artikel 6 (detailhandelsheffing)#
Artikel 6 (detailhandelsheffing) 1 artikel 2 De heffing als bedoeld inbedraagt voor een kleinhandelaar € 65,50 per verkooppunt per kalenderjaar. 2 Onder verkooppunt als bedoeld in het eerste lid, wordt onder meer verstaan een viswinkel, een viskraam of een visverkoopwagen. 3 artikel 20, derde lid De ondernemer die meent dat hij in aanmerking komt voor een gedeeltelijke vrijstelling van het eerste lid, als bedoeld in, dient dit schriftelijk te bewijzen. 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 01-01-2006
Artikel 7 — Artikel 7 (aanvoer- + aankoopheffing)#
Artikel 7 (aanvoer- + aankoopheffing) 1 artikel 3, eerste lid onderdeel a, onder 2° artikel 4, onderdeel a De aanvoerder van zeevis is naast de heffing bedoeld in, tevens de heffing bedoeld in, verschuldigd indien hij de door hem aangevoerde zeevis zonder tussenkomst van een afslag heeft verhandeld en/of in zijn onderneming be- of verwerkt of verpakt. 2 artikel 3, eerste lid onderdeel b, onder 1° artikel 4, onderdeel b De aanvoerder van vis verkregen door uitoefening van de binnenvisserij is naast de heffing bedoeld in, tevens de heffing bedoeld in, verschuldigd indien hij deze door hem aangevoerde vis zonder tussenkomst van een afslag heeft verhandeld en/of in zijn onderneming be- of verwerkt of verpakt. 3 artikel 3, eerste lid onderdeel c, onder 1° artikel 4, onderdeel c De aanvoerder van kokkels en/of spisula en/of zwaardscheden en mesheften en/of nonnetjes is naast de heffing bedoeld in, tevens de heffing bedoeld in, verschuldigd indien hij de door hem aangevoerde kokkels en spisula en zwaardscheden en mesheften, en nonnetjes in zijn onderneming be- of verwerkt of verpakt. 4 artikel 3, eerste lid onderdeel d artikel 4, onderdeel d De aanvoerder van mosselen is naast de heffing bedoeld in, tevens de heffing bedoeld in, verschuldigd indien hij de door hem aangevoerde mosselen op zijn verwaterplaats stort of in zijn onderneming be- of verwerkt of verpakt. 5 artikel 3, eerste lid onderdeel e artikel 4, onderdeel e De kweker van kweekvis is naast de heffing bedoeld in, tevens de heffing bedoeld in, verschuldigd indien hij zijn kweekvis in zijn onderneming be- of verwerkt of verpakt. 6 artikel 4 artikel 5 In de gevallen bedoeld in de voorgaande leden is de ondernemer die de betreffende vis koopt van de aanvoerder, wegens het kopen van deze vis, geen heffing als bedoeld indan welverschuldigd. 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 01-01-2006
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 artikel 3, eerste lid onderdeel a en onderdeel b, onder 1° De waarde van de aangevoerde vis, bedoeld in, wordt vastgesteld overeenkomstig het bepaalde in de volgende leden. 2 Indien de aangevoerde vis door tussenkomst van een afslag is verhandeld geldt als waarde van de vis de op de afslag gemaakte bruto besomming. 3 artikel 3, eerste lid onderdeel a, onder 1°, en onderdeel b, onder 1° Indien de aangevoerde vis, bedoeld in, zonder tussenkomst van een afslag is verhandeld geldt als waarde van de vis de door de koper, voor de aan hem verkochte vis, betaalde koopsom. 4 artikel 3, eerste lid onderdeel a, onder 2° Indien de aangevoerde vis, bedoeld in, zonder tussenkomst van een afslag is verhandeld geldt als waarde van de vis 70 % van de door de koper, voor de aan hem verkochte vis, betaalde koopsom. 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 01-01-2006
Artikel 9 — Artikel 9 (forfaitaire waarden schelpdieren)#
Artikel 9 (forfaitaire waarden schelpdieren) 1 artikel 3, eerste lid onderdeel c, onder 1° De waarde van de aangevoerde kokkels, spisula, zwaardscheden en mesheften, en nonnetjes bedoeld in, wordt vastgesteld overeenkomstig het bepaalde in de volgende leden. 2 Indien de aangevoerde kokkels gekookt zijn geldt als waarde van de kokkels het forfaitaire bedrag van € 1,75 vermenigvuldigd met de hoeveelheid aangevoerde kokkels uitgedrukt in kilogram. 3 Indien de aangevoerde kokkels niet gekookt zijn en niet afkomstig zijn uit de Westerschelde geldt als waarde van de kokkels het forfaitaire bedrag van € 0,25 vermenigvuldigd met de hoeveelheid aangevoerde kokkels uitgedrukt in kilogram. 4 Indien de aangevoerde kokkels niet gekookt zijn en afkomstig zijn uit de Westerschelde geldt als waarde van de kokkels het forfaitaire bedrag van € 0,18 vermenigvuldigd met de hoeveelheid aangevoerde kokkels uitgedrukt in kilogram. 5 Indien de aangevoerde spisula gekookt zijn geldt als waarde van de spisula het forfaitaire bedrag van € 0,374 vermenigvuldigd met de hoeveelheid aangevoerde spisula uitgedrukt in kilogram. 6 Indien de aangevoerde spisula niet gekookt zijn geldt als waarde van de spisula het forfaitaire bedrag van € 0,055 vermenigvuldigd met de hoeveelheid aangevoerde spisula uitgedrukt in kilogram. 7 Indien de aangevoerde zwaardscheden en mesheften gekookt zijn geldt als waarde van de zwaardscheden en mesheften het forfaitaire bedrag van € 1,50 vermenigvuldigd met de hoeveelheid aangevoerde zwaardscheden en mesheften uitgedrukt in kilogram. 8 Indien de aangevoerde zwaardscheden en mesheften niet gekookt zijn geldt als waarde van de zwaardscheden en mesheften het forfaitaire bedrag van € 0,50 vermenigvuldigd met de hoeveelheid aangevoerde zwaardscheden en mesheften uitgedrukt in kilogram. 9 Indien de aangevoerde nonnetjes gekookt zijn geldt als waarde van de nonnetjes het forfaitaire bedrag van € 0,374 vermenigvuldigd met de hoeveelheid aangevoerde nonnetjes uitgedrukt in kilogram. 10 Indien de aangevoerde nonnetjes niet gekookt zijn geldt als waarde van de nonnetjes het forfaitaire bedrag van € 0,055 vermenigvuldigd met de hoeveelheid aangevoerde nonnetjes uitgedrukt in kilogram. 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 01-01-2006
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 artikelen 3a 4, onderdelen a, b en e Als aankoopbedrag van de al dan niet door tussenkomst van een afslag gekochte vis of kweekvis, bedoeld in deen, geldt de door de koper, voor de door hem gekochte vis, betaalde koopsom. 2 artikel 4, onder c artikel 9 Als aankoopbedrag van de al dan niet door tussenkomst van een afslag gekochte kokkels en/of spisula en/of zwaardscheden en mesheften en/of nonnetjes, bedoeld in, geldt de waarde van de aangevoerde kokkels respectievelijk spisula respectievelijk zwaardscheden en mesheften respectievelijk nonnetjes zoals vastgesteld overeenkomstig het bepaalde in. 3 Indien de garnalen in gepelde toestand worden aangevoerd of in gepelde toestand worden gekocht van een aanvoerder, al dan niet door tussenkomst van een afslag, wordt het aantal aangevoerde of gekochte kilogrammen ter bepaling van de verschuldigde heffïng(en) vermenigvuldigd met een factor 3. 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 01-01-2006
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 Een ondernemer verstrekt aan het productschap, op schriftelijk verzoek van de secretaris, namens het bestuur, vóór de in dit verzoek genoemde datum, naar waarheid de gegevens die nodig zijn voor de vaststelling van de door de ondernemer op grond van deze verordening verschuldigde heffing. 2 Een ondernemer overlegt aan het productschap, op schriftelijk verzoek van de secretaris, namens het bestuur, vóór de in dit verzoek genoemde datum een verklaring, van een accountant als bedoeld in de desbetreffende bepalingen van het Burgerlijk Wetboek, omtrent de getrouwheid en volledigheid van de in het eerste lid bedoelde gegevens. 3 artikel 12 artikel 20 Indien blijkt dat de door de ondernemer verstrekte gegevens onjuist zijn of afwijken van aan het productschap ten dienste staande gegevens, kunnen aan de hand van deze nieuwe gegevens of overeenkomstig het bepaalde inen/of inde in rekening gebrachte en/of te brengen bedragen worden herzien en het verschil worden nagevorderd of gerestitueerd. 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 01-01-2006
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 artikel 11, eerste lid Indien een ondernemer de gegevens, bedoeld in, niet of niet volledig aan het productschap heeft verstrekt vóór de in dat artikel bedoelde datum dan wel vóór de datum van de aan de ondernemer toegezonden herinnering, is de secretaris, namens het bestuur, bevoegd de verzochte waarden, aankoopbedragen, inkoopbedragen, hoeveelheden of aantallen te schatten en op basis daarvan de verschuldigde heffing te berekenen. 2 De secretaris stelt, namens het bestuur, de betrokken ondernemer van de geschatte gegevens en het op basis daarvan berekende heffingsbedrag schriftelijk in kennis, onder mededeling dat hij alsnog in de gelegenheid wordt gesteld de eerder verzochte gegevens binnen 3 weken na verzending van de kennisgeving aan het productschap te verstrekken. 3 Indien de betrokken ondernemer binnen de in het tweede lid bedoelde termijn alsnog de verzochte gegevens aan het productschap verstrekt, wordt de verschuldigde heffing berekend op basis van deze gegevens. 4 Indien blijkt dat de door de ondernemer alsnog verstrekte gegevens, als bedoeld in het derde lid, onjuist zijn of afwijken van aan het productschap ten dienste staande gegevens, wordt de verschuldigde heffing berekend op basis van de door de secretaris geschatte waarden, aan- koopbedragen, inkoopbedragen, hoeveelheden of aantallen. 5 Indien de betrokken ondernemer binnen de in het tweede lid bedoelde termijn wederom in gebreke blijft de verzochte gegevens aan het productschap te verstrekken, wordt het bedrag, zoals berekend op de wijze bedoeld in het eerste lid, in rekening gebracht. 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 01-01-2006
Artikel 13 — Artikel 13 (mandatering afslagen en derden)#
Artikel 13 (mandatering afslagen en derden) 1 Indien vis door tussenkomst van een afslag is verhandeld worden de op grond van deze verordening wegens het aanvoeren of kopen van de vis verschuldigde heffingen door de ondernemer onmiddellijk na de verkoop aan het productschap betaald. 2 In de gevallen bedoeld in het eerste lid kunnen de door de aanvoerder of koper verschuldigde heffingen door de afslagadministratie ten behoeve van het productschap worden geïnd door middel van inhouding op de op de afslag gemaakte brutobesomming respectievelijk verrekening met het betaalde aankoopbedrag. 3 Indien vis niet door tussenkomst van een afslag is verhandeld kunnen derden worden gemandateerd om ten behoeve van het productschap de verschuldigde heffingen bij een aanvoerder of koper te innen door middel van inhouding op de gemaakte brutobesomming respectievelijk verrekening met het betaalde aankoopbedrag. 4 Bij besluit bepaalt het bestuur welke afslagen en derden gemandateerd zijn om ten behoeve van het productschap de verschuldigde heffingen bij een aanvoerder of koper te innen door middel van inhouding op de gemaakte brutobesomming respectievelijk door middel van verrekening met het betaalde aankoopbedrag. 5 Indien de heffingen op de in de vorige leden genoemde wijze volledig zijn geïnd, wordt de onder nemer geacht te dier zake aan zijn verplichting te hebben voldaan. 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 01-01-2006
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 artikel 3a De uit hoofde vanverschuldigde heffingsbedragen moeten door de afslag uiterlijk binnen 1 maand na afloop van de kalendermaand waarin de in de genoemde bepaling bedoelde vis en visproducten zijn verhandeld, aan het Productschap worden voldaan. 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 01-01-2006
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 Indien vis zonder tussenkomst van een afslag is verhandeld worden de op grond van deze verordening wegens het aanvoeren of kopen van de vis verschuldigde heffingen door de ondernemer betaald uiterlijk binnen dertig dagen na de dag waarop zij hem door het productschap in rekening zijn gebracht. 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 01-01-2006
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 artikelen 3 3a 3b 4 4a 5 6 7 De ingevolge de,,,,,,enverschuldigde heffingen worden door de ondernemer betaald uiterlijk binnen dertig dagen na de dag waarop zij hem door het productschap in rekening zijn gebracht. 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 01-01-2006
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 1 artikel 11 Het productschap brengt vooruitlopend op de opgave bedoeld inde ondernemers jaarlijks één of meer voorschotbedragen in rekening. 2 Indien en voor zover aan voorschotbedragen meer is betaald dan uit hoofde van deze verordening is verschuldigd, vindt restitutie plaats. 3 Het voorschotbedrag wordt door de ondernemer betaald uiterlijk binnen dertig dagen na de dag waarop het hem door het productschap in rekening is gebracht. 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 01-01-2006
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 artikel 11, derde lid Een nagevorderd bedrag als bedoeld in, wordt door de ondernemer betaald uiterlijk binnen veertien dagen na de dag waarop het bedrag hem door het productschap in rekening is gebracht. 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 01-01-2006
Artikel 19 — Artikel 19 (bescherming gegevens)#
Artikel 19 (bescherming gegevens) Verordening Algemene Bepalingen Productschap Vis 2000 artikelen 11 12 13 Deis van toepassing op de verwerking van gegevens, als bedoeld in de,en. 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 01-01-2006
Artikel 20 — Artikel 20 (mandatering secretaris en voorzitter)#
Artikel 20 (mandatering secretaris en voorzitter) 1 artikel 2 artikel 13 artikel 13, vierde lid De secretaris is, namens het bestuur, belast met de vaststelling en oplegging van de door een ondernemer verschuldigde heffing(en), als bedoeld in, indien deze verschuldigde heffing(en) niet reeds op grond vandoor de afslagadministratie of derden, als bedoeld in, ten behoeve van het productschap is/zijn geïnd. 2 a. De oplegging van de door een ondernemer verschuldigde heffing(en), geschiedt door de secretaris, namens het bestuur, door middel van toezending of uitreiking aan de heffingsplichtige ondernemer van een gedagtekende heffingsaanslag op basis van; 1° artikel 11 artikel 12 de gegevens als bedoeld inen/ofen/of; 2° artikel 3, eerste lid onder b onder 2° artikel 3, eerste lid onder c artikel 6 de bij het productschap bekende gegevens voor de heffing(en) als bedoeld in,en. b. De heffingsaanslag moet bevatten: 1° de naam en de woonplaats of vestigingsplaats van de heffingsplichtige ondernemer, conform de gegevens die bekend zijn bij het productschap; 2° een specificatie van het bedrag van de heffing(en) onder vermelding van de heffingsgrondslagen; 3° in de daarvoor in aanmerking komende gevallen: de toepasselijke vrijstellingen; 4° in de daarvoor in aanmerking komende gevallen: de toepasselijke verrekening met reeds betaalde voorschotbedragen; 5° het totaalbedrag van de heffingsaanslag; 6° het betalingstijdstip en informatie over de wijze van betaling; 7° artikel 3:45 van de Algemene wet bestuursrecht de vermelding van de mogelijkheid van bezwaar met inachtneming van. 3 a. artikel 11 12 De secretaris kan, namens het bestuur, de termijn van inzending van de gegevens als bedoeld inen/of, op verzoek van een ondernemer verlengen met een termijn die de secretaris redelijk acht. b. artikel 3b De secretaris kan, namens het bestuur, besluiten om de administratieheffing, als bedoeld in, niet of slechts gedeeltelijk op te leggen indien de secretaris van mening is dat dit naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn. 4 a. De secretaris kan, namens het bestuur, een voorschotbedrag, als bedoeld in artikel 17, opleggen en in rekening brengen bij de heffingsplichtige ondernemer. b. De secretaris kan, namens het bestuur, het in rekening gebrachte voorschotbedrag herzien en/of opnieuw opleggen indien blijkt dat de gegevens van de heffingsplichtige ondernemer, die hier aan ten grondslag lagen, niet in overeenstemming zijn met de werkelijkheid. 5 artikelen 14 tot en met 18 artikel 127 van de Wet op de bedrijfsorganisatie De voorzitter is, namens het bestuur, belast met de uitvoering van het bepaalde in demet inachtneming van het bepaalde in. 6 Algemene wet bestuursrecht De voorzitter is, namens het bestuur, belast met het beslissen op bezwaarschriften tegen besluiten, als bedoeld in het tweede lid met inachtneming van het bepaalde in de. 7 Algemene wet bestuursrecht De voorzitter is, namens het bestuur, belast met het beslissen op verzoeken om in te stemmen met rechtstreeks beroep bij de administratieve rechter tegen besluiten, als bedoeld in het tweede lid met inachtneming van het bepaalde in de. 8 De voorzitter kan in afwijking van het vierde lid, namens het bestuur, de heffingsplichtige ondernemer op diens verzoek bij de indiening van zijn bezwaarschrift: a. in bijzondere omstandigheden (ter beoordeling van de voorzitter) uitstel van betaling verlenen van de vastgestelde en opgelegde heffing(en), als bedoeld in het tweede lid, totdat de beslissing op het bezwaarschrift door de voorzitter is genomen; b. artikel 7:15 Algemene wet bestuursrecht een vergoeding toekennen als bedoeld in; c. ingeval beroep is ingesteld tegen een beslissing op het bezwaarschrift, in bijzondere omstandigheden (ter beoordeling van de voorzitter) uitstel van betaling verlenen van de vastgestelde en opgelegde heffing(en), als bedoeld in het tweede lid, totdat de bevoegde rechter uitspraak heeft gedaan. 9 artikel 2 De secretaris kan in afwijking van het eerste lid, namens het bestuur, de heffingsplichtige ondernemer vrijstellen van het bepaalde inindien het totaal van de door deze ondernemer verschuldigde huishoudelijke en/of bestemmingsheffing heffing(en) minder is dan € 10,-. 10 De voorzitter is, namens het bestuur, belast met het kenbaar maken en stellen van nadere eisen aan het gebruik van de elektronische weg bij het verkeer van berichten tussen ondernemers en het productschap met betrekking tot het bepaalde in de onderhavige verordening met inachtneming van het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht. 11 artikel 4 De secretaris kan, namens het bestuur, beslissen op een verzoek van een ondernemer om via de Mosselveiling te Yerseke betaalde heffingen, als bedoeld inbinnen één week te restitueren als deze ondernemer in ieder geval aan de volgende voorwaarden voldoet: a. de ondernemer dient een verzoek in bij het productschapskantoor te Yerseke onder vermelding van de partij mosselen, het productiegebied of verwatergebied waarvan deze partij afkomstig is en het productiegebied waarvoor deze partij bestemd is; b. de ondernemer brengt de partij mosselen naar de ponton van de Mosselveiling en laat de medewerkers van het productschapskantoor te Yerseke deze partij opmeten en de tarra vaststellen als deze gegevens van de partij nog niet bekend zijn; c. de ondernemer voor de betreffende partij mosselen de gegevens van de black box ter beschikking stelt indien de medewerkers van het productschapskantoor te Yerseke hierom verzoeken; d. de ondernemer andere gevraagde gegevens ter beschikking stelt of meewerkt aan nader onderzoek indien de secretaris hierom verzoekt. 12 De secretaris kan, namens het bestuur, beslissen op een verzoek van een kleinhandelaar om de door hem totaal verschuldigde heffing(en) op grond van artikel 6 en de betreffende bestemmingsheffingsverordeningen te verlagen naar € 75,- indien hij kan aantonen dat: a. het verkooppunt minder dan 1 kwartaal of 1 dag per week open is geweest; b. of de totaal verschuldigde heffing(en) op grond van de onderhavige verordening en de bestemmingsheffingsverordeningen tezamen meer is dan 1 % van de omzet. 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 01-01-2006
Artikel 21 — Artikel 21#
Artikel 21 1 Deze verordening, welke kan worden aangehaald als Heffingsverordening 2006, treedt in werking met ingang van 1 januari 2006. Indien het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie waarin deze verordening wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 31 december 2005, treedt deze verordening in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie en werkt deze terug tot en met 1 januari 2006. 2 Heffingsverordening 2005 Met ingang van de in het voorgaande lid genoemde datum wordt, behoudens ten aanzien van reeds verschuldigde heffingsbedragen, deingetrokken. 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 2005 71 09-12-2005 13-10-2005 VIS16 01-01-2006