Verordening van het Productschap Vee en Vlees van 9 juni 2004, houdende vaststelling van een bestemmingsheffing ten behoeve van het fonds sociale aangelegenheden vleesindustrie voor het jaar 2004 (Verordening heffing fonds sociale aangelegenheden vleesindustrie (PVV) 2004)
- BWB-id
- BWBR0020614
- Type
- pbo
- Ministerie
- Productschap Vee en Vlees
- Geldigheid
- 2006-12-03 t/m 2021-09-29
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0020614
- ELI
- /eli/nl/pbo/2006/verordening-heffing-fonds-sociale-aangelegenheden-vleesindus-bwbr0020614
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/pbo/2006/verordening-heffing-fonds-sociale-aangelegenheden-vleesindus-bwbr0020614/2006-12-03
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0020614&g=2006-12-03
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0020614&z=2026-06-06&g=2006-12-03
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0020614/2006-12-03
Absolute ELI: /eli/nl/pbo/2006/verordening-heffing-fonds-sociale-aangelegenheden-vleesindus-bwbr0020614
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze verordening wordt verstaan onder: a. onderneming: 1° Richtlijn 64/433/EEG slachterij, uitsnijderij of voorverpakker met een erkende inrichting als bedoeld in artikel 10 vanvan de Raad d.d. 26 juni 1964 inzake gezondheidsvraagstukken op het gebied van het intracommunautaire handelsverkeer in vers vlees (Pb EG L121); 2° inleenbedrijf, als bedoeld in artikel 1 b, tweede lid, van de CAO Vleessector, dat diensten levert ten behoeve van de onder 1 bedoelde ondernemingen op het terrein van be- of verwerking van vlees; b. ondernemer: een natuurlijke of rechtspersoon die een onderneming in stand houdt; c. werknemer: 1° een ieder die werkzaam is in een onderneming als bedoeld in sub a onder 1°, waaronder begrepen – een ieder die een arbeidsovereenkomst in de zin van het Burgerlijk Wetboek is aangegaan met de ondernemer die de onderneming in stand houdt; – alsmede diegene die als zelfstandige zonder personeel of als uitzendkracht werkzaam is in de onderneming; 2° een ieder die als inleenkracht werkzaamheden verricht in een onderneming als bedoeld onder 1 sub a onder 1° en een arbeidsovereenkomst in de zin van het Burgerlijk Wetboek is aangegaan met een ondernemer die een inleenbedrijf in stand houdt; d. f.t.e.: fulltime-equivalent van de werknemer waarbij de fulltime- equivalent gemiddeld 36 uur per week bedraagt; e. fonds sociale aangelegenheden vleesindustrie: artikel 2 van de Verordening fonds sociale aangelegenheden vleesindustrie (PVV) 2003 het fonds als bedoeld in. 2006 64 01-12-2006 09-06-2004 PVV41 2006 64 01-12-2006 09-06-2004 PVV41 03-12-2006
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 Voor de toepassing van deze verordening geldt het bepaalde bij of krachtens de Verordening houdende bepalingen betreffende het opleggen van heffingen bij de producenten van vee en vlees en registratie van vleesgrossiers PVV 2003. 2006 64 01-12-2006 09-06-2004 PVV41 2006 64 01-12-2006 09-06-2004 PVV41 03-12-2006
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De ondernemer is voor het kalenderjaar 2004, ten behoeve van fonds sociale aangelegenheden vleesindustrie, een heffing verschuldigd op basis van het aantal werknemers dat op 1 april 2004 werkzaam is in de onderneming van € 13,– per f.t.e.. 2 artikel 3, tweede lid, van de Verordening huishoudelijke heffing vleesindustrie (PVV) 2004 Het aantal werknemers dat op 1 april 2004 werkzaam is in de onderneming wordt door het productschap vastgesteld op basis van de verplichte opgave van het aantal werknemers, op het tijdstip, als bedoeld in. 2006 64 01-12-2006 09-06-2004 PVV41 2006 64 01-12-2006 09-06-2004 PVV41 03-12-2006
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Verordening huishoudelijke heffing vleesindustrie (PVV) 2004 Verordening heffing o & o fonds vleesindustrie (PVV) 2004 Verordening heffing fonds sociale aangelegenheden vleesindustrie (PVV) 2004 Aan de ondernemer, die contributie heeft betaald als lid of indirect lid van een op grond van het derde lid aangewezen ondernemersorganisatie, wordt op zijn verzoek een aftrek toegestaan op het totaal aan heffing verschuldigde bedrag op grond van de, deen de. 2 De aftrek beloopt 50% van het bedrag, dat de ondernemer als contributie aan de betreffende ondernemersorganisatie over het betrokken kalenderjaar heeft betaald tot ten hoogste de helft van hetgeen hij in totaal is verschuldigd aan heffing, op grond van de in het eerste lid genoemde heffingsverordeningen, over datzelfde betrokken kalenderjaar. 3 Besluit beleidsregels Bestuurskamer De in het eerste lid bedoelde ondernemersorganisatie wordt aangewezen door het bestuur, met inachtneming van het bepaalde in hetvan de Sociaal-Economische Raad. 2006 64 01-12-2006 09-06-2004 PVV41 2006 64 01-12-2006 09-06-2004 PVV41 03-12-2006
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 Deze verordening treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dag van dagtekening van het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie waarin zij wordt geplaatst. 2006 64 01-12-2006 09-06-2004 PVV41 2006 64 01-12-2006 09-06-2004 PVV41 03-12-2006
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening heffing fonds sociale aangelegenheden vleesindustrie (PVV) 2004. 2006 64 01-12-2006 09-06-2004 PVV41 2006 64 01-12-2006 09-06-2004 PVV41 03-12-2006