Verordening van het bestuur van het Productschap Tuinbouw, d.d. 26 januari 2010, houdende regels ter zake van de bezwaarprocedure van het Productschap Tuinbouw (Verordening PT procedure bezwaarschriften 2009)
- BWB-id
- BWBR0027390
- Type
- pbo
- Ministerie
- Productschap Tuinbouw
- Geldigheid
- 2010-01-01 t/m 2014-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0027390
- ELI
- /eli/nl/pbo/2010/verordening-pt-procedure-bezwaarschriften-2009
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/pbo/2010/verordening-pt-procedure-bezwaarschriften-2009/2010-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0027390&g=2010-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0027390&z=2026-06-06&g=2010-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0027390/2010-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/pbo/2010/verordening-pt-procedure-bezwaarschriften-2009
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 In deze verordening wordt verstaan onder: a. productschap: Productschap Tuinbouw; b. voorzitter: voorzitter van de adviescommissie; c. secretaris: secretaris van het productschap; d. wet: algemene wet bestuursrecht ; e. adviescommissie: artikel 7:13 van de wet adviescommissie als bedoeld in; f. unit JZ: unit Juridische Zaken van het productschap; g. bevoegde functionaris: functionaris die op grond van de Verordening PT bevoegdheden 2009 gemachtigd is om namens de voorzitter van het productschap te beslissen op bij het productschap ingediende bezwaarschriften. 2010 7 05-02-2010 26-01-2010 PT1 2010 7 05-02-2010 26-01-2010 PT1 01-01-2010 01-01-2009 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 artikel 71 van de Wet op de bedrijfsorganisatie Deze verordening is van toepassing op ingediende bezwaarschriften welke zijn gericht tegen besluiten of andere handelingen, genomen respectievelijk verricht in het kader van autonome taken van het productschap, bedoeld in, voor zover de aard zich niet daartegen verzet. 2 Regeling Medebewind Gemeenschappelijk Landbouwbeleid, artikel 2, onderdeel e artikelen 3 tot en met 4a Deze verordening is mede van toepassing op ingediende bezwaarschriften welke zijn gericht tegen besluiten of andere handelingen, genomen respectievelijk verricht in het kader van deen. 2010 7 05-02-2010 26-01-2010 PT1 2010 7 05-02-2010 26-01-2010 PT1 01-01-2010 01-01-2009 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 De indiener van een bezwaarschrift wordt na bevestiging van de ontvangst ervan en nadat het bezwaarschrift ontvankelijk is bevonden, in de gelegenheid gesteld om te worden gehoord. 2010 7 05-02-2010 26-01-2010 PT1 2010 7 05-02-2010 26-01-2010 PT1 01-01-2010 01-01-2009 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Indien de indiener van het bezwaarschrift schriftelijk te kennen heeft gegeven geen gebruik te willen maken van de mogelijkheid om te worden gehoord wordt de zaak afgehandeld door de bevoegde functionaris. 2010 7 05-02-2010 26-01-2010 PT1 2010 7 05-02-2010 26-01-2010 PT1 01-01-2010 01-01-2009 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 artikel 3 artikel 4 Indien de indiener van het bezwaarschrift niet reageert inzake de op grond vangeboden mogelijkheid om te worden gehoord, ondanks een daartoe strekkend rappel, dan wordt de invastgelegde procedure gevolgd. 2010 7 05-02-2010 26-01-2010 PT1 2010 7 05-02-2010 26-01-2010 PT1 01-01-2010 01-01-2009 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 Het horen geschiedt onder leiding van een medewerker van de unit Juridische Zaken. Deze medewerker wordt bijgestaan door een notulist en kan zich laten bijstaan door een andere medewerker van het productschap die niet bij het primaire besluit betrokken is geweest. 2 In de hoorzitting wordt het standpunt van het productschap bepleit door een medewerker van de betreffende afdeling die inhoudelijk betrokken is geweest bij de tot standkoming van het primaire besluit. 2010 7 05-02-2010 26-01-2010 PT1 2010 7 05-02-2010 26-01-2010 PT1 01-01-2010 01-01-2009 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 In afwijking van het vorige artikel kan de unitmanager JZ – in overleg met een functionaris van de betreffende afdeling – besluiten om voor een bepaalde zaak een externe adviescommissie in te stellen. 2 Het besluit als bedoeld in het eerste lid is mede afhankelijk van de zwaarte-, mogelijke precedentwerking, de bestuurlijke gevoeligheid van de zaak en de wens van reclamant zelf. 3 artikel 7:2 van de we De adviescommissie is belast met het horen van belanghebbenden bedoeld int en het adviseren van de bevoegde functionaris ten behoeve van de beslissing op bezwaar. 2010 7 05-02-2010 26-01-2010 PT1 2010 7 05-02-2010 26-01-2010 PT1 01-01-2010 01-01-2009 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 De adviescommissie bestaat uit een voorzitter en ten minste twee leden. Deze leden worden namens de voorzitter van het productschap aangewezen, benoemd en geschorst door de secretaris. 2 De secretaris benoemt namens de voorzitter van het productschap één of meer plaatsvervangende voorzitters. 3 De voorzitter van de adviescommissie is niet in dienst van het productschap, de overige leden kunnen in dienst zijn van het productschap. 4 Als lid kan tevens worden benoemd een deskundige uit de betreffende sector van het productschap. 5 Minimaal één van de leden van de adviescommissie is een medewerker van de unit JZ. 6 De bevoegde functionaris neemt - onafhankelijk van de adviescommissie - een beslissing op bezwaar gezien het advies van de commissie. 7 Op de vergoeding aan de voorzitter en de externe leden is de Verordening PT vacatiegeld en reis- en verblijfkosten 2009 van overeenkomstige toepassing. 2010 7 05-02-2010 26-01-2010 PT1 2010 7 05-02-2010 26-01-2010 PT1 01-01-2010 01-01-2009 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 Deskundigen kunnen worden uitgenodigd om tijdens de hoorzitting als informant van de adviescommissie ter zake te fungeren. Hiervan wordt tijdig mededeling gedaan aan de belanghebbenden. 2 Een notulist zal zorgdragen voor het maken van het verslag en als zodanig de hoorzitting bijwonen. Het verslag van de hoorzitting wordt op verzoek aan belanghebbenden en indien van toepassing aan het College van Beroep voor het bedrijfsleven toegezonden. 3 De hoorzitting geschiedt achter gesloten deuren, tenzij anders is overeengekomen met belanghebbenden. 2010 7 05-02-2010 26-01-2010 PT1 2010 7 05-02-2010 26-01-2010 PT1 01-01-2010 01-01-2009 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 De adviescommissie brengt advies uit aan de bevoegde functionaris over de op het bezwaarschrift te nemen beslissing. 2010 7 05-02-2010 26-01-2010 PT1 2010 7 05-02-2010 26-01-2010 PT1 01-01-2010 01-01-2009 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2010 en werkt terug tot en met 1 januari 2009. 2010 7 05-02-2010 26-01-2010 PT1 2010 7 05-02-2010 26-01-2010 PT1 01-01-2010 01-01-2009 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening PT procedure bezwaarschriften 2009. 2010 7 05-02-2010 26-01-2010 PT1 2010 7 05-02-2010 26-01-2010 PT1 01-01-2010 01-01-2009 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.