Verordening op de tarieven kostenvergoedingen 2011
- BWB-id
- BWBR0028010
- Type
- pbo
- Ministerie
- Nederlandse Orde van Accountants-Administratieconsulenten
- Geldigheid
- 2011-01-01 t/m 2011-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0028010
- ELI
- /eli/nl/pbo/2011/verordening-op-de-tarieven-kostenvergoedingen-2011
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/pbo/2011/verordening-op-de-tarieven-kostenvergoedingen-2011/2011-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0028010&g=2011-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0028010&z=2026-06-06&g=2011-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0028010/2011-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/pbo/2011/verordening-op-de-tarieven-kostenvergoedingen-2011
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Het presentiegeld bedraagt € 230,– per dagdeel en € 460,– per dag. De reiskostenvergoeding bedraagt € 0,28 per kilometer. De reistijdvergoeding bedraagt € 0,70 per kilometer. 2010 12415 04-08-2010 2010 12415 04-08-2010 01-01-2011
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 artikel 1, tweede lid, van de Verordening op de kostenvergoedingen De vergoeding, bedoeld inbedraagt op jaarbasis voor: – de voorzitter van het bestuur € 23.810,– voor gederfde tijd en € 6.550,– voor gemaakte kosten; – de plaatsvervangend voorzitter van het bestuur € 9.345,– voor gederfde tijd en € 3.285,– voor gemaakte kosten; bij vervanging van de voorzitter voor een langere termijn dan één maand ontvangt de plaatsvervangend voorzitter voor de volledige vervangingsperiode naar rato de vergoeding toekomende aan de voorzitter in plaats van de vergoeding voor de plaatsvervangend voorzitter; – de overige leden van het bestuur € 2.340,– voor gederfde tijd en € 1.645,– voor gemaakte kosten; – de voorzitter van de Raad van Toezicht € 23.330,– voor gederfde tijd en € 5.845,– voor gemaakte kosten; – de plaatsvervangend voorzitter van de Raad van Toezicht € 14.620,– voor gederfde tijd en € 2.930,– voor gemaakte kosten; – de overige leden van de Raad van Toezicht € 9.345,– voor gederfde tijd en € 2.340,– voor gemaakte kosten; – de voorzitter van de Raad voor Geschillen € 3.260,– voor gederfde tijd en € 1.630,– voor gemaakte kosten; – de plaatsvervangend voorzitter van de Raad voor Geschillen € 2.445,– voor gederfde tijd en € 1.225,– voor gemaakte kosten; – de voorzitter van de Commissie voor de bezwaarschriften € 2.340,– voor gederfde tijd en € 830,– voor gemaakte kosten; – de leden van de examencommissie opleiding AA-BA € 1.075,– voor gederfde tijd en € 215,– voor gemaakte kosten. 2010 12415 04-08-2010 2010 12415 04-08-2010 01-01-2011
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 artikel 3A, eerste lid, van de Verordening op de kostenvergoedingen De vergoedingen, bedoeld in, ten behoeve van het corrigeren van onderdelen van het examen, bedragen: a. € 25,– per zitting per kandidaat voor het corrigeren van onderdelen van een gedeelte van het examen; b. € 50,– per zitting per kandidaat voor het integraal hercorrigeren als gevolg van een bezwaarschrift van onderdelen van een gedeelte van het examen. 2 artikel 3A, eerste lid, van de Verordening op de kostenvergoedingen De vergoeding, bedoeld in, ten behoeve van het samenstellen van onderdelen van een examen, bedraagt € 360,– per uur dat het examen in beslag neemt. 3 artikel 3A, eerste lid, van de Verordening op de kostenvergoedingen De vergoeding, bedoeld in, ten behoeve van het helpen samenstellen van onderdelen van een examen bedraagt € 225,– per onderdeel van een examen. 4 artikel 3B, eerste lid, van de Verordening op de kostenvergoedingen De vergoeding, bedoeld inten behoeve van het beoordelen van het eindverslag bedraagt € 50,– per beoordeeld eindverslag. 5 artikel 3B, tweede lid, van de Verordening op de kostenvergoedingen artikel 10, eerste lid van de Verordening op de praktijkstage De vergoedingen, bedoeld inten behoeve van de werkzaamheden genoemd inbedraagt € 320,– per examen. 6 artikel 3B, tweede lid, van de Verordening op de kostenvergoedingen artikel 10, tweede lid van de Verordening op de praktijkstage De vergoedingen, bedoeld inten behoeve van de werkzaamheden genoemd inbedraagt € 135,– per beoordeeld persoonlijk ontwikkelplan. 7 artikel 3B, tweede lid, van de Verordening op de kostenvergoedingen artikel 10, derde lid van de Verordening op de praktijkstage De vergoedingen, bedoeld inten behoeve van de werkzaamheden genoemd inbedraagt € 135,– per periodieke beoordeling. 8 artikel 3B, derde lid, van de Verordening op de kostenvergoedingen De vergoeding, bedoeld inten behoeve van het beoordelen van het eindverslag bedraagt € 50,– per beoordeeld portfolio. 2010 12415 04-08-2010 2010 12415 04-08-2010 01-01-2011
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2011. 2 Verordening op de tarieven kostenvergoedingen 2010 Dewordt ingetrokken op het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening. 3 Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening op de tarieven kostenvergoedingen 2011. 2010 12415 04-08-2010 2010 12415 04-08-2010 01-01-2011