Besluit van 8 november 1991, houdende regels met betrekking tot de aan het Rijk verschuldigde kosten en rechten terzake van reisdocumenten
- BWB-id
- BWBR0005264
- Type
- rijksKB
- Ministerie
- Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2026-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0005264
- ELI
- /eli/nl/rijkskb/1992/besluit-paspoortgelden
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/rijkskb/1992/besluit-paspoortgelden/2026-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0005264&g=2026-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0005264&z=2026-06-06&g=2026-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0005264/2026-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/rijkskb/1992/besluit-paspoortgelden
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit wordt verstaan onder: artikel 7, eerste lid, onder a, van de Paspoortwet kosten: de kosten, bedoeld in; leverancier: het bedrijf dat in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties belast is met het verrichten van diensten in verband met de verstrekking van reisdocumenten, waaronder de vervaardiging en levering van reisdocumenten; artikel 7, eerste lid, onder b, van de Paspoortwet rechten: de rechten, bedoeld in; artikel 2, eerste lid spoedlevering: de versnelde aflevering van een gepersonaliseerd reisdocument, bedoeld in. 2020 502 09-12-2020 02-12-2020 2020 502 09-12-2020 02-12-2020 01-01-2021
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 artikel 6 Een gemeente is aan het Rijk de in, eerste lid, vastgelegde kosten verschuldigd in verband met door de leverancier geleverde reisdocumenten en door de leverancier verrichte spoedleveringen. Van een spoedlevering als bedoeld in dit artikel is sprake, indien naar aanleiding van een daartoe vanuit de gemeente verstrekte opdracht, die de leverancier op werkdagen vóór 16.00 uur heeft bereikt, een gepersonaliseerd reisdocument de daarop volgende werkdag uiterlijk 16.00 uur is afgeleverd bij de in de aanvraag opgegeven uitgiftelocatie. 2 artikel 255, tweede lid, van de Gemeentewet De in het eerste lid bedoelde kosten zijn niet dan wel gedeeltelijk verschuldigd naar rato van de aan de aanvrager verleende kwijtschelding van de rechten, die op grond van de toepasselijke gemeentelijke verordening voor de desbetreffende handeling geheven kunnen worden, indien de kwijtschelding is verleend overeenkomstig de krachtensgestelde regels. 3 artikel 6, eerste lid, onderdelen a tot en met e De in, vastgelegde kosten zijn niet verschuldigd in verband met de levering van een reisdocument ter vervanging van een eerder geleverd reisdocument, indien: a. het eerder geleverde reisdocument door toedoen van de leverancier niet op de juiste wijze was vervaardigd, of b. artikel 6, eerste lid bij de uitreiking van het eerder geleverde reisdocument een verificatie van de vingerafdrukken heeft plaatsgevonden en bij deze verificatie anders dan door toedoen van de aanvrager niet kon worden vastgesteld dat diens vingerafdrukken overeenkomen met de vingerafdrukken, opgenomen in het reisdocument. In laatstgenoemde situatie wordt het verschil tussen het toepasselijke bedrag, genoemd in, en het toepasselijke bedrag, genoemd in artikel 6, tweede lid, gerestitueerd aan de betreffende gemeente. 4 artikel 6, eerste lid, onderdeel e De in, vastgelegde kosten zijn niet verschuldigd, indien de spoedlevering door toedoen van de leverancier niet binnen de gestelde periode heeft plaatsgevonden, dan wel de met spoed geleverde reisdocumenten door toedoen van de leverancier niet op de juiste wijze blijken te zijn vervaardigd. 2021 352 16-07-2021 14-07-2021 352 16-07-2021 2021 353 16-07-2021 14-07-2021 02-08-2021
Artikel 2a — Artikel 2a#
Artikel 2a 1 artikel 6, eerste lid, onderdelen a en c Een openbaar lichaam is aan het Rijk de in, vastgelegde kosten verschuldigd in verband met door de leverancier geleverde reisdocumenten. 2 artikel 8.58, eerste lid, van de Belastingwet BES De in het eerste lid bedoelde kosten zijn niet dan wel gedeeltelijk verschuldigd naar rato van de aan de aanvrager verleende kwijtschelding van de rechten, die op grond van de toepasselijke eilandsverordening voor de desbetreffende handeling geheven kunnen worden, indien de kwijtschelding is verleend overeenkomstig de krachtensgestelde regels. 3 De in het eerste lid bedoelde kosten zijn niet verschuldigd in verband met de levering van een reisdocument, die plaatsvindt ter vervanging van een eerder geleverd reisdocument, dat door toedoen van de leverancier niet op de juiste wijze was vervaardigd. 2020 502 09-12-2020 02-12-2020 2020 502 09-12-2020 02-12-2020 01-01-2021
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Onze Minister stelt maandelijks het bedrag vast van de kosten die door een gemeente of een openbaar lichaam aan het Rijk moeten worden afgedragen. Deze vaststelling geschiedt: a. artikel 2, eerste lid voor een gemeente: aan de hand van de in de voorafgaande maand geleverde reisdocumenten en verrichte spoedleveringen, bedoeld in, verminderd met de in de voorafgaande maand geleverde reisdocumenten, bedoeld in artikel 2, derde lid; b. artikel 2a, eerste lid voor een openbaar lichaam: aan de hand van de in de voorafgaande maand geleverde reisdocumenten, bedoeld in, verminderd met de in de voorafgaande maand geleverde reisdocumenten, bedoeld in artikel 2a, derde lid. 2 Onze Minister zendt voor het einde van elke kalendermaand een factuur aan de gemeente of het openbaar lichaam, waarin het bedrag van de overeenkomstig het eerste lid vastgestelde kosten die aan het Rijk moeten worden afgedragen, wordt vermeld. 3 Onze Minister stelt het bedrag vast van de kosten die aan een gemeente of een openbaar lichaam worden gerestitueerd en maakt, tegelijk met het verzenden van de factuur, bedoeld in het tweede lid, schriftelijk aan de gemeente of het openbaar lichaam bekend welk bedrag wordt gerestitueerd en op welke wijze de betaling daarvan zal plaatsvinden. De vaststelling van het te restitueren bedrag geschiedt: a. artikel 2, tweede lid voor een gemeente op basis van de door de gemeente verstrekte afschriften van de beschikkingen, inhoudende gehele of gedeeltelijke kwijtschelding als bedoeld in, en de van de gemeente ontvangen en bij de leverancier geverifieerde mededelingen omtrent gevallen waarin een spoedlevering niet binnen de gestelde periode heeft plaatsgevonden dan wel de met spoed geleverde reisdocumenten niet op de juiste wijze blijken te zijn vervaardigd, als bedoeld in artikel 2, vierde lid; b. artikel 2a, tweede lid voor een openbaar lichaam op basis van de door het openbaar lichaam verstrekte afschriften van de beschikkingen, inhoudende gehele of gedeeltelijke kwijtschelding als bedoeld in. 4 De afdracht van de aan het Rijk verschuldigde kosten, bedoeld in het tweede lid, geschiedt: a. Koninklijk Besluit van 28 maart 1925 (Stb. 1925, 125) tot regeling van de betalingen tusschen Rijk en Gemeenten door een gemeente in het kader van de rijksverrekening op grond van het, waarbij automatische verrekening bij de N.V. Bank voor Nederlandsche Gemeenten dient plaats te vinden, uiterlijk binnen vier weken na de verzending van de factuur, bedoeld in het tweede lid; b. door een openbaar lichaam door middel van automatische incasso van een door het openbaar lichaam daartoe geopende bankrekening. 5 Onze Minister regelt op welke wijze de juistheid van de bedragen die terzake van de verschuldigde kosten aan het Rijk zijn afgedragen, wordt vastgesteld. 2012 592 28-11-2012 21-11-2012 2012 592 28-11-2012 21-11-2012 01-01-2013
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 artikel 6, eerste lid, onderdeel a artikel 26 van de Paspoortwet Aruba, Curaçao en Sint Maarten zijn aan het Rijk de invastgelegde kosten verschuldigd in verband met door de leverancier geleverde reisdocumenten, indien de aanvraag voor de desbetreffende handeling bij de ingevolgedoor de Gouverneur aangewezen autoriteit is ingediend. 2 artikel 2, derde lid De in het eerste lid bedoelde kosten zijn niet verschuldigd in verband met de levering van een reisdocument, als bedoeld in. 2011 581 09-12-2011 30-11-2011 2011 581 09-12-2011 30-11-2011 01-01-2012
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 4, eerste lid artikel 2, derde lid, onderdeel b De Gouverneur stelt maandelijks het bedrag vast van de kosten die door Aruba, Curaçao en Sint Maarten aan het Rijk moeten worden afgedragen. Deze vaststelling geschiedt aan de hand van de in de voorafgaande maand geleverde reisdocumenten, bedoeld in, verminderd met de in de voorafgaande maand geleverde reisdocumenten, bedoeld in artikel 4, tweede lid en, indien het in, bedoelde geval zich heeft voorgedaan, verminderd met een overeenkomstig bedrag, als bedoeld in artikel 2, derde lid, laatste volzin. 2 De Gouverneur zendt voor het einde van elke kalendermaand een factuur aan Aruba, Curaçao en Sint Maarten, waarin het bedrag van de aan het Rijk af te dragen kosten in verband met de in de voorafgaande maand geleverde reisdocumenten, wordt vermeld. 3 De afdracht van de aan het Rijk verschuldigde kosten geschiedt uiterlijk binnen vier weken na de verzending van de factuur, bedoeld in het tweede lid, door overmaking van het daarin genoemde bedrag op de daartoe aangewezen rekening van het kabinet van de Gouverneur. 4 De Gouverneur kan, na overleg met de bevoegde autoriteiten, bepalen dat de overmaking van de aan het Rijk verschuldigde kosten plaats vindt door middel van automatische incasso van een door Aruba, Curaçao of Sint Maarten, daartoe speciaal geopende bankof girorekening. 2010 343 01-09-2010 20-08-2010 2010 387 01-10-2010 23-09-2010 10-10-2010 Treedt in werking op het tijdstip waarop de artikel I, eerste lid, van de Rijkswet wijziging Statuut in verband met de opheffing van de Nederlandse Antillen in werking treedt.
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 De aan het Rijk verschuldigde kosten bedragen: a. Wet betreffende de positie van Molukkers voor een nationaal paspoort, een nationaal paspoort dat een groter aantal bladzijden bevat (zakenpaspoort) of een reisdocument ten behoeve van een persoon die op grond van deals Nederlander wordt behandeld (faciliteitenpaspoort): 1°. ten behoeve van een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar heeft bereikt: € 49,65 USD 56,10 XCG 100,45 AWG 100,45; 2°. ten behoeve van een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt: € 28,05 USD 31,70 XCG 56,75 AWG 56,75; b. voor een reisdocument voor vluchtelingen of een reisdocument voor vreemdelingen: € 28,05 USD 31,70 XCG 56,75 AWG 56,75 c. voor een Nederlandse identiteitskaart: 1°. ten behoeve van een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar heeft bereikt: € 45,80 USD 51,80; 2°. ten behoeve van een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt: € 8,85 USD 10,00; d. voor een vervangende Nederlandse identiteitskaart voor personen met een uitreisverbod, ongeacht de leeftijd van de betrokken persoon: € 8,85; e. voor de spoedlevering van een reisdocument als bedoeld in de onderdelen a en b, of van een Nederlandse identiteitskaart, zijnde een toeslag op de in de onderdelen a tot en met c genoemde bedragen: € 60,30. 2 De van de aanvrager op grond van de toepasselijke gemeentelijke verordening of eilandsverordening ten hoogste te heffen rechten bedragen: a. Wet betreffende de positie van Molukkers voor een nationaal paspoort, een nationaal paspoort dat een groter aantal bladzijden bevat dan een nationaal paspoort (zakenpaspoort) of een reisdocument ten behoeve van een persoon die op grond van deals Nederlander wordt behandeld (faciliteitenpaspoort): 1°. ten behoeve van een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar heeft bereikt: € 88,65 in een gemeentelijke verordening USD 146,55 in een eilandsverordening; 2°. ten behoeve van een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt: € 67,05 in een gemeentelijke verordening USD 121,60 in een eilandsverordening; b. voor een reisdocument voor vluchtelingen of een reisdocument voor vreemdelingen: € 67,05 in een gemeentelijke verordening USD 121,60 in een eilandsverordening; c. voor een Nederlandse identiteitskaart: 1°. ten behoeve van een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar heeft bereikt: € 80,10 in een gemeentelijke verordening; USD 126,50 in een eilandsverordening; 2°. ten behoeve van een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt: € 43,20 in een gemeentelijke verordening; USD 83,75 in een eilandsverordening; d. voor een vervangende Nederlandse identiteitskaart voor personen met een uitreisverbod, ongeacht de leeftijd van de betrokken persoon: € 39,05; e. voor de versnelde uitreiking van een reisdocument als bedoeld in de onderdelen a en b, of van een Nederlandse identiteitskaart zijnde een toeslag op de in de onderdelen a tot en met c genoemde bedragen: € 60,30; f. voor het bezorgen van een reisdocument als bedoeld in de onderdelen a en b, of van een Nederlandse identiteitskaart zijnde een toeslag op de in de onderdelen a tot en met d genoemde bedragen: € 19,00 in een gemeentelijke verordening USD 21,05 in een eilandsverordening. 3 In afwijking van het tweede lid bedragen de op grond van de toepasselijke gemeentelijke verordening ten hoogste te heffen rechten voor een aanvrager die niet als ingezetene in de basisregistratie personen is ingeschreven: a. Wet betreffende de positie van Molukkers voor een nationaal paspoort, een nationaal paspoort dat een groter aantal bladzijden bevat dan een nationaal paspoort (zakenpaspoort) of een reisdocument ten behoeve van een persoon die op grond van deals Nederlander wordt behandeld: 1°. ten behoeve van een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar heeft bereikt: € 133,65; 2°. ten behoeve van een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt: € 112,10; b. voor een reisdocument voor vluchtelingen of een reisdocument voor vreemdelingen: € 112,10; c. voor een Nederlandse identiteitskaart: 1°. ten behoeve van een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar heeft bereikt: € 128,95; USD 145,70; XCG 260,80; AWG 260,80; 2°. ten behoeve van een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt: € 92,00; USD 104,00; XCG 186,15; AWG 186,15; d. voor een vervangende Nederlandse identiteitskaart voor personen met een uitreisverbod, ongeacht de leeftijd van de betrokken persoon: € 87,85; e. voor het bezorgen van een reisdocument als bedoeld in de onderdelen a en b, of van een Nederlandse identiteitskaart, zijnde een toeslag op de in de onderdelen a tot en met c genoemde bedragen: € 31,70. 4 De toeslag, bedoeld in het tweede lid, onderdeel e, wordt niet in rekening gebracht bij een aanvrager als bedoeld in het derde lid. 5 artikel 2, derde lid artikel 2a, derde lid De rechten, bedoeld in het tweede en derde lid, worden niet geheven voor een reisdocument indien dit reisdocument strekt tot vervanging van een eerder geleverd reisdocument als bedoeld in, of. 2025 405 04-12-2025 26-11-2025 2025 405 04-12-2025 26-11-2025 01-01-2026
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 artikel 12 Bevoegd tot het heffen van de invastgelegde rechten, dan wel tot het verlenen van gehele of gedeeltelijke kwijtschelding daarvan zijn: a. in het Europese deel van Nederland: Onze Minister en de door hem daartoe aangewezen autoriteiten, voor zover de aanvraag niet bij een burgemeester is ingediend; b. in het Caribische deel van Nederland: Onze Minister en de door hem daartoe aangewezen autoriteiten, voor zover de aanvraag betrekking heeft op verstrekking van een noodpaspoort of een laissez-passer; c. buiten het Koninkrijk: de hoofden van de door Onze Minister van Buitenlandse Zaken aangewezen consulaire posten; d. Onze Minister van Buitenlandse Zaken. 2010 343 01-09-2010 20-08-2010 2010 387 01-10-2010 23-09-2010 10-10-2010 Treedt in werking op het tijdstip waarop de artikel I, eerste lid, van de Rijkswet wijziging Statuut in verband met de opheffing van de Nederlandse Antillen in werking treedt.
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Aan de aanvrager in het buitenland die woonachtig is in het ressort van de consulaire post waar hij zijn aanvraag indient en niet in staat is anders dan met buitengewoon bezwaar de door hem aan het Rijk verschuldigde rechten geheel of gedeeltelijk te betalen kan geheel of gedeeltelijk kwijtschelding van deze rechten worden verleend. 2001 421 27-09-2001 20-09-2001 2001 421 27-09-2001 20-09-2001 01-10-2001
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 artikel 26 van de Invorderingswet 1990 Met betrekking tot het verlenen van gehele of gedeeltelijke kwijtschelding zijn de krachtensdoor Onze Minister van Financiën gestelde regels betreffende de kwijtschelding van rijksbelastingen in de privé-sfeer van overeenkomstige toepassing. 2005 631 13-12-2005 24-11-2005 2005 631 13-12-2005 24-11-2005 01-01-2006
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 artikel 12 artikel 6 van de Rijkswet op de consulaire tarieven De vaststelling van de valuta waarin de betaling van de invastgelegde rechten in het buitenland plaatsvindt en de herleiding van deze rechten in de vastgestelde valuta geschieden overeenkomstig 2003 507 16-12-2003 19-11-2003 2003 507 16-12-2003 19-11-2003 01-01-2004
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 artikel 12 artikel 26 van de Paspoortwet In Aruba, Curaçao en Sint Maarten vindt heffing dan wel kwijtschelding van de invastgelegde rechten plaats door of namens de Gouverneur, voor zover de aanvraag niet bij een ingevolgedoor de Gouverneur aangewezen autoriteit is ingediend. 2 Aan de aanvrager in Aruba, Curaçao of Sint Maarten die niet in staat is anders dan met buitengewoon bezwaar de door hem aan het Rijk verschuldigde rechten geheel of gedeeltelijk te voldoen omdat hij geen of geringe betalingscapaciteit bezit, kan op zijn schriftelijk verzoek geheel of gedeeltelijk kwijtschelding van deze rechten worden verleend. 2010 343 01-09-2010 20-08-2010 2010 387 01-10-2010 23-09-2010 10-10-2010 Treedt in werking op het tijdstip waarop de artikel I, eerste lid, van de Rijkswet wijziging Statuut in verband met de opheffing van de Nederlandse Antillen in werking treedt.
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 De rechten die ten bate van het Rijk van een aanvrager binnen het Koninkrijk kunnen worden geheven, bedragen: a. Wet betreffende de positie van Molukkers voor de verstrekking van een nationaal paspoort, een nationaal paspoort dat een groter aantal bladzijden bevat (zakenpaspoort) of een reisdocument ten behoeve van een persoon die op grond van deals Nederlander wordt behandeld (faciliteitenpaspoort): 1°. ten behoeve van een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar heeft bereikt: € 101,55 XCG 205,45 AWG 205,45; 2°. ten behoeve van een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt: € 79,90 XCG 161,70 AWG 161,70; b. voor de verstrekking van een reisdocument voor vluchtelingen, een reisdocument voor vreemdelingen, een diplomatiek paspoort of een dienstpaspoort: € 79,90 XCG 161,70 AWG 161,70; c. voor de verstrekking van een noodpaspoort of een laissez-passer: € 60,25 USD 68,10 XCG 121,90 AWG 121,90. 2 De rechten die ten bate van het Rijk van een aanvrager buiten het Koninkrijk kunnen worden geheven, bedragen: a. Wet betreffende de positie van Molukkers voor de verstrekking van een nationaal paspoort, een nationaal paspoort dat een groter aantal bladzijden bevat (zakenpaspoort) of een reisdocument ten behoeve van een persoon die op grond van deals Nederlander wordt behandeld (faciliteitenpaspoort): 1°. ten behoeve van een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar heeft bereikt: € 169,15; 2°. ten behoeve van een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt: € 147,40; b. voor de verstrekking van een reisdocument voor vluchtelingen of een reisdocument voor vreemdelingen: € 147,40; c. voor een Nederlandse identiteitskaart: 1°. ten behoeve van een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar heeft bereikt: € 167,80; 2°. ten behoeve van een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt: € 128,75; d. voor een vervangende Nederlandse identiteitskaart voor personen met een uitreisverbod, ongeacht de leeftijd van de betrokken persoon: € 122,10; e. voor de verstrekking van een noodpaspoort of een laissez-passer: € 60,25; f. indien de aanvrager kiest voor het bezorgen van het document: ten hoogste de kosten die de lokale bezorgdienst in rekening brengt voor het bezorgen van het document; g. voor het versneld aanvragen van een document als bedoeld in de onderdelen a, b of c, zijnde een toeslag op de in de onderdelen a tot en met c genoemde bedragen: € 12,40; h. artikelen 26, eerste lid, onder d, derde en vierde lid 42, eerste lid, van de Paspoortwet voor het aanvragen van een document als bedoeld in de onderdelen a en c buiten het Koninkrijk op een andere locatie dan die van de door de Minister van Buitenlandse Zaken ter uitvoering van de, enaangewezen posten, zijnde een toeslag op de in de onderdelen a en c genoemde bedragen: € 26,85. 3 artikel 2, derde lid artikel 2a, derde lid De in het eerste en tweede lid genoemde rechten worden niet geheven, indien de verstrekking van het reisdocument of de wijziging plaatsvindt in verband met een ambtelijke fout of indien de verstrekking plaatsvindt in verband met de vervanging van een eerder geleverd document als bedoeld in, of. 4 Het in het eerste lid, onderdeel a, dan wel tweede lid, onderdeel a, genoemde recht wordt niet geheven voor de verstrekking van diplomatieke paspoorten of dienstpaspoorten ten behoeve van personen die bij een Nederlandse vertegenwoordiging in het buitenland zijn tewerkgesteld, hun inwonende huwelijkspartner, geregistreerde partner of levenspartner en bij hen inwonende minderjarige kinderen. Met levenspartner wordt bedoeld degene met wie personen, die bij een Nederlandse vertegenwoordiging zijn tewerkgesteld, samenwonen en – met het oogmerk duurzaam samen te leven – een gemeenschappelijke huishouding voeren op basis van een notarieel verleden samenlevingscontract, dat de wederzijdse rechten en verplichtingen bevat ter zake van die samenwoning en gemeenschappelijke huishouding. 2025 405 04-12-2025 26-11-2025 2025 405 04-12-2025 26-11-2025 01-01-2026
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 artikel 12 De inbedoelde rechten worden geheven bij wege van een mondelinge dan wel een gedagtekende schriftelijke kennisgeving. 1991 563 08-11-1991 1991 564 08-11-1991 01-01-1992
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Paspoortwet Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag waarop dein werking treedt. 1991 563 08-11-1991 1991 564 08-11-1991 01-01-1992
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 Dit besluit kan worden aangehaald als "Besluit paspoortgelden". 1991 563 08-11-1991 1991 564 08-11-1991 01-01-1992