Rijkswet van 20 juli 1961, houdende de "Cassatieregeling voor de Nederlandse Antillen"
- BWB-id
- BWBR0002356
- Type
- rijkswet
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2017-03-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0002356
- ELI
- /eli/nl/rijkswet/1965/rijkswet-rechtsmacht-hoge-raad-voor-aruba-cura-ao-sint-maart
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/rijkswet/1965/rijkswet-rechtsmacht-hoge-raad-voor-aruba-cura-ao-sint-maart/2017-03-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0002356&g=2017-03-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0002356&z=2026-06-06&g=2017-03-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0002356/2017-03-01
Absolute ELI: /eli/nl/rijkswet/1965/rijkswet-rechtsmacht-hoge-raad-voor-aruba-cura-ao-sint-maart
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 De Hoge Raad der Nederlanden neemt ten aanzien van burgerlijke en strafzaken in Aruba, Curaçao en Sint Maarten en in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, voor zover in deze Rijkswet niet anders is bepaald, in overeenkomstige gevallen, op overeenkomstige wijze en met overeenkomstige rechtsgevolgen als ten aanzien van burgerlijke en strafzaken in het Europese deel van het Koninkrijk, kennis van een beroep in cassatie, ingesteld hetzij door partijen, hetzij «in het belang der wet» door de procureur-generaal bij de Hoge Raad. 2 artikel 79, eerste lid, onderdeel b, van de Wet op de rechterlijke organisatie De rechtsstelsels van Aruba, Curaçao en Sint Maarten en van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba gelden niet als rechtsstelsels van vreemde staten in de zin van. 2016 291 21-07-2016 13-07-2016 34237 2017 17 31-01-2017 25-01-2017 01-03-2017 Artikel VII van Stb. 2016/291 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 1a — Artikel 1a#
Artikel 1a De Hoge Raad neemt in belastingzaken met betrekking tot Aruba, Curaçao, Sint Maarten en de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba kennis van een beroep in cassatie, ingesteld hetzij door de belanghebbende of door Onze Minister van Financiën van onderscheidenlijk Aruba, Curaçao, Sint Maarten of Nederland, hetzij «in het belang der wet» door de procureur-generaal bij de Hoge Raad. 2010 339 01-09-2010 07-07-2010 32186 2016 237 29-06-2016 21-06-2016 01-07-2016
Artikel 1b — Artikel 1b#
Artikel 1b De Hoge Raad neemt ten aanzien van burgerlijke zaken in Aruba, Curaçao en Sint Maarten en in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, voor zover in deze rijkswet niet anders is bepaald, in overeenkomstige gevallen, op overeenkomstige wijze en met overeenkomstige rechtsgevolgen als ten aanzien van burgerlijke zaken in het Europese deel van het Koninkrijk, kennis van een gestelde prejudiciële vraag. 2016 291 21-07-2016 13-07-2016 34237 2017 17 31-01-2017 25-01-2017 01-03-2017 Artikel VII van Stb. 2016/291 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 1c — Artikel 1c#
Artikel 1c De Hoge Raad neemt ten aanzien van belastingzaken in Aruba, Curaçao en Sint Maarten en in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, voor zover in deze rijkswet niet anders is bepaald, in overeenkomstige gevallen, op overeenkomstige wijze en met overeenkomstige rechtsgevolgen als ten aanzien van belastingzaken in het Europese deel van het Koninkrijk, kennis van een gestelde prejudiciële vraag. 2016 291 21-07-2016 13-07-2016 34237 2017 17 31-01-2017 25-01-2017 01-03-2017 Artikel VII van Stb. 2016/291 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 Vervallen 2016 291 21-07-2016 13-07-2016 34237 2017 17 31-01-2017 25-01-2017 01-03-2017 Artikel VII van Stb. 2016/291 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Vervallen 2010 339 01-09-2010 07-07-2010 32186 2010 388 01-10-2010 30-09-2010 10-10-2010 Treedt in werking om 00:00 uur in Aruba, Curaçao, Sint Maarten, Bonaire, Sint Eustatius en Saba en
om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 De termijn voor het beroep in cassatie is drie maanden. In de gevallen, waarin de termijn voor het hoger beroep korter is dan één maand, is de termijn voor het beroep in cassatie het drievoud van de voor het hoger beroep bepaalde termijn met een minimum van één maand. 1961 212 20-07-1961 5959 1965 33 25-01-1965 01-03-1965
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 De termijnen van verschijning in vorderingsprocedures worden bij algemene maatregel van rijksbestuur vastgesteld. 2 Indien het beroep in cassatie aanhangig wordt gemaakt volgens de regels die gelden voor de verzoekprocedure, bericht de griffier van de Hoge Raad de verweerder of belanghebbende over de indiening van het cassatieberoep. 2016 291 21-07-2016 13-07-2016 34237 2017 17 31-01-2017 25-01-2017 01-03-2017 Artikel VII van Stb. 2016/291 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba kan, indien dit wordt gevorderd, niettegenstaande daartegen aan te wenden rechtsmiddelen, verklaren dat zijn vonnis uitvoerbaar bij voorraad zal zijn, tenzij uit de wet of uit de aard van de zaak anders voortvloeit. 2016 291 21-07-2016 13-07-2016 34237 2017 17 31-01-2017 25-01-2017 01-03-2017 Artikel VII van Stb. 2016/291 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Stb. Bij de overeenkomstige toepassing van artikel 22 van de wet van 4 juli 1957,233, treedt de president van de Hoge Raad in de plaats van de president van de rechtbank. 1961 212 20-07-1961 5959 1965 33 25-01-1965 01-03-1965
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 De zaak kan bij de Hoge Raad ook worden bepleit door advocaten, ingeschreven bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba. 2010 339 01-09-2010 07-07-2010 32186 2010 388 01-10-2010 30-09-2010 10-10-2010 Treedt in werking om 00:00 uur in Aruba, Curaçao, Sint Maarten, Bonaire, Sint Eustatius en Saba en
om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 Indien verwijzing der zaak naar een andere rechter moet plaats hebben, geschiedt deze verwijzing steeds naar het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba. 2 Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba is bij de behandeling van een zaak, als bedoeld in het vorige lid, zoveel mogelijk samengesteld uit rechters die nog niet over de zaak hebben geoordeeld. 3 Indien de Hoge Raad ten principale recht heeft gedaan, wordt deze beslissing ten uitvoer gelegd als een uitspraak in Aruba, Curaçao en Sint Maarten en in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba in hoger beroep gegeven. 2016 291 21-07-2016 13-07-2016 34237 2017 17 31-01-2017 25-01-2017 01-03-2017 Artikel VII van Stb. 2016/291 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 Partijen kunnen in strafzaken geen beroep in cassatie instellen tegen beschikkingen. 2 De verdachte kan geen beroep in cassatie instellen tegen bij verstek gewezen vonnissen. 3 Voor het openbaar ministerie wordt een beroep in cassatie ingesteld door een procureur-generaal bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba. 2010 339 01-09-2010 07-07-2010 32186 2010 388 01-10-2010 30-09-2010 10-10-2010 Treedt in werking om 00:00 uur in Aruba, Curaçao, Sint Maarten, Bonaire, Sint Eustatius en Saba en
om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 Voor het instellen van het beroep in cassatie staat de verdachte en een procureur-generaal bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba een termijn open van veertien vrije dagen. Bij algemene maatregel van rijksbestuur kan een langere termijn worden vastgesteld voor de gevallen, waarin de verdachte geen woonplaats heeft op het eiland waar de beslissing, waartegen beroep in cassatie wordt ingesteld, is uitgesproken. 2 Alvorens de stukken van het geding aan de griffier van de Hoge Raad worden gezonden, wordt aan de raadsman van de verdachte, indien hij dit verzoekt, gelegenheid gegeven de stukken in te zien. 3 titel III van het derde Boek van het Wetboek van Strafvordering Aanzeggingen en kennisgevingen als voorgeschreven invan het Europese deel van het Koninkrijk geschieden op de in Aruba, Curaçao en Sint Maarten en in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba gebruikelijke wijze, en, voor zover zij moeten uitgaan van de procureur-generaal bij de Hoge Raad, op diens uitnodiging door de zorg van een procureur-generaal bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba. 2010 339 01-09-2010 07-07-2010 32186 2010 388 01-10-2010 30-09-2010 10-10-2010 Treedt in werking om 00:00 uur in Aruba, Curaçao, Sint Maarten, Bonaire, Sint Eustatius en Saba en
om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 Vervallen 2016 291 21-07-2016 13-07-2016 34237 2017 17 31-01-2017 25-01-2017 01-03-2017 Artikel VII van Stb. 2016/291 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Als raadsman van de verdachte kunnen bij de Hoge Raad ook optreden advocaten, ingeschreven bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba. 2010 339 01-09-2010 07-07-2010 32186 2010 388 01-10-2010 30-09-2010 10-10-2010 Treedt in werking om 00:00 uur in Aruba, Curaçao, Sint Maarten, Bonaire, Sint Eustatius en Saba en
om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 1 Indien verwijzing van de zaak naar een andere rechter moet plaats hebben, geschiedt deze steeds naar het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba. 2 Indien de Hoge Raad de zaak ten principale kan afdoen, is de Hoge Raad bevoegd het opleggen van straf geheel of ten dele over te laten aan het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba. 3 Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba is in de gevallen in de beide voorgaande leden bedoeld, zoveel mogelijk samengesteld uit rechters die nog niet over de zaak hebben geoordeeld. 2010 339 01-09-2010 07-07-2010 32186 2010 388 01-10-2010 30-09-2010 10-10-2010 Treedt in werking om 00:00 uur in Aruba, Curaçao, Sint Maarten, Bonaire, Sint Eustatius en Saba en
om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 1 Een door de griffier van de Hoge Raad gewaarmerkt afschrift van het arrest van de Hoge Raad wordt zo spoedig mogelijk door de procureur-generaal bij de Hoge Raad gezonden aan de procureur-generaal bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba. 2 De procureur-generaal bij de Hoge Raad geeft tevens van de beslissing kennis aan de verdachte en aan de benadeelde partij indien deze zich in het geding heeft gevoegd. 3 De procureur-generaal bij de Hoge Raad verstrekt desgevraagd een afschrift van het arrest van de Hoge Raad aan de verdachte en de benadeelde partij, bedoeld in het tweede lid. 4 Indien bij het arrest ten principale recht is gedaan, wordt deze beslissing, voor zover geen termen zijn gevonden tot het verlenen van gratie, ten uitvoer gelegd als een uitspraak in Aruba, Curaçao en Sint Maarten en in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba in hoger beroep gegeven. 2016 291 21-07-2016 13-07-2016 34237 2017 17 31-01-2017 25-01-2017 01-03-2017 Artikel VII van Stb. 2016/291 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 15a — Artikel 15a#
Artikel 15a 1 De belanghebbende die bevoegd was in belastingzaken hoger beroep in te stellen bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba en Onze Minister van Financiën van Aruba, Curaçao, Sint Maarten of Nederland kunnen bij de Hoge Raad beroep in cassatie instellen tegen uitspraken in belastingzaken van het Gemeenschappelijk Hof. Tegen andere beslissingen van het Gemeenschappelijk Hof kan slechts tegelijkertijd met het beroep in cassatie tegen de uitspraak beroep in cassatie worden ingesteld. 2 Het beroep kan worden ingesteld binnen twee maanden na dagtekening van het afschrift van de uitspraak van het Gemeenschappelijk Hof. 3 Afdeling 4 van hoofdstuk V artikel 28, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen , met uitzondering vanis van overeenkomstige toepassing. 4 Indien verwijzing naar een andere rechter moet plaats hebben, geschiedt deze steeds naar het Gemeenschappelijk Hof. 5 Het Gemeenschappelijk Hof is in het geval, bedoeld in het vierde lid, zoveel mogelijk samengesteld uit rechters die nog niet over de zaak hebben geoordeeld. 2010 339 01-09-2010 07-07-2010 32186 2016 237 29-06-2016 21-06-2016 01-07-2016
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 artikel 456, laatste lid, van het Wetboek van Strafvordering In het geval bedoeld invan het Europese deel van het Koninkrijk zendt de procureur-generaal bij de Hoge Raad het aldaar bedoelde afschrift aan een procureur-generaal bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba. 2016 291 21-07-2016 13-07-2016 34237 2017 17 31-01-2017 25-01-2017 01-03-2017 Artikel VII van Stb. 2016/291 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 De Hoge Raad neemt geen kennis van een beroep in cassatie ingesteld door partijen tegen eindvonnissen of eindbeschikkingen, die in de Nederlandse Antillen en Aruba gewezen zijn voordat deze rijkswet aldaar in werking is getreden. 1985 660 12-12-1985 19112 1985 661 13-12-1985 01-01-1986
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 Bevat wijzigingen in andere regelgeving. 1961 212 20-07-1961 5959 1965 33 25-01-1965 01-03-1965
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 Deze wet wordt aangehaald als: Rijkswet rechtsmacht Hoge Raad voor Aruba, Curaçao, Sint Maarten en voor Bonaire, Sint Eustatius en Saba. 2016 291 21-07-2016 13-07-2016 34237 2017 17 31-01-2017 25-01-2017 01-03-2017 Artikel VII van Stb. 2016/291 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.