Culturele Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Arabische Republiek
- BWB-id
- BWBV0004833
- Type
- verdrag
- Ministerie
- Buitenlandse Zaken
- Geldigheid
- Geldend vanaf 1962-08-08
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBV0004833
- ELI
- /eli/nl/verdrag/1962/bwbv0004833
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/verdrag/1962/bwbv0004833/1962-08-08
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBV0004833&g=1962-08-08
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBV0004833&z=2026-06-06&g=1962-08-08
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBV0004833/1962-08-08
Absolute ELI: /eli/nl/verdrag/1962/bwbv0004833
Artikel I — Artikel I#
Artikel I De Overeenkomstsluitende Partijen verbinden zich de culturele, wetenschappelijke en kunstzinnige samenwerking tussen de beide Landen aan te moedigen en wel door het nemen van alle daartoe noodzakelijke maatregelen. Zij verbinden zich met name ertoe: a) de uitwisseling te bevorderen van leden van de wetenschappelijke staf van instellingen van hoger onderwijs, van hoogleraren, geleerden en studenten tussen de instellingen van wetenschap en de universiteiten van beide Landen, en hun alle faciliteiten te verlenen met betrekking tot de binnenkomst en het verblijf, zulks overeenkomstig de in elk der beide Landen van kracht zijnde wetten; b) elk in Haar eigen Land studiebeurzen in te stellen teneinde studenten en afgestudeerden van het andere Land de gelegenheid te bieden aan instituten van wetenschap en instellingen van hoger onderwijs te studeren en aldaar onderzoekingen te verrichten dan wel hun technische opleiding te voltooien; c) de organisatie van tentoonstellingen, concerten en lezingen aan te moedigen die tot een betere kennis van de cultuur van het andere Land zullen bijdragen; d) de samenwerking op het gebied van de cultuur, de wetenschap, de sport en het maatschappelijk leven te bevorderen tussen de in beide Landen erkende onderwijsinstellingen; e) de uitwisseling te vergemakkelijken van handschriften en afschriften daarvan, van kunstvoorwerpen en van wetenschappelijk bronnenmateriaal; f) elk op Haar eigen grondgebied, en overeenkomstig de in elk der beide Landen van kracht zijnde wetten, werkzaamheden op het gebied der oudheidkunde door het andere Land ondernomen te vergemakkelijken. 1961 2 11-01-1961 1962 100 27-09-1962 08-08-1962
Artikel II — Artikel II#
Artikel II De bevoegde Autoriteiten in elk der beide Landen zullen de maatregelen nemen die noodzakelijk zijn om de waarde der door de instellingen van het andere Land verleende diploma's en akademische titels te bepalen. 1961 2 11-01-1961 1962 100 27-09-1962 08-08-1962
Artikel III — Artikel III#
Artikel III De Overeenkomstsluitende Partijen zullen bijzondere aandacht besteden aan het vraagstuk van de herziening van leerboeken op het gebied van de geschiedenis en de aardrijkskunde der beide Landen. Zij zullen met name alle faciliteiten verlenen aan organen en personen, die zich aan deze taak wijden door al het materiaal, dat hun van nut kan zijn, te hunner beschikking te stellen. Deze herziening zou zich eveneens moeten uitstrekken tot het audiovisuele materiaal dat gebruikt wordt bij het geschiedenis- en aardrijkskunde-onderwijs, in het bijzonder kaarten, wandplaten, diapositieven en films. 1961 2 11-01-1961 1962 100 27-09-1962 08-08-1962
Artikel IV — Artikel IV#
Artikel IV Elk der Overeenkomstsluitende Partijen verbindt zich - voor zover zulks binnen Haar bevoegdheid ligt - faciliteiten te verlenen aan de burgers van het andere Land die de wens koesteren theoretische studiën te ondernemen of een praktische leertijd te doorlopen in Haar universiteiten, instellingen van wetenschap, fabrieken en laboratoria. 1961 2 11-01-1961 1962 100 27-09-1962 08-08-1962
Artikel V — Artikel V#
Artikel V Teneinde bij te dragen tot een goede uitvoering dezer Overeenkomst in overeenstemming met haar doeleinden keuren de Overeenkomstsluitende Partijen ter verwezenlijking der wetenschappelijke en culturele samenwerking tussen de beide Landen de oprichting van bilaterale genootschappen op hun onderscheidene grondgebieden goed. Deze genootschappen zullen aan de in elk Land van kracht zijnde wetten en voorschriften worden onderworpen. 1961 2 11-01-1961 1962 100 27-09-1962 08-08-1962
Artikel VI — Artikel VI#
Artikel VI Elk der Overeenkomstsluitende Partijen zal in Haar eigen Land jegens de andere Partij alle mogelijke faciliteiten verlenen wat betreft: I) de culturele instellingen; II) de onderwijsinstellingen. 1961 2 11-01-1961 1962 100 27-09-1962 08-08-1962
Artikel VII — Artikel VII#
Artikel VII De onderhavige Overeenkomst zal worden bekrachtigd en de akten van bekrachtiging zullen zo spoedig mogelijk te Cairo worden uitgewisseld. De Overeenkomst zal in werking treden op de datum van de uitwisseling van de akten van bekrachtiging. 1961 2 11-01-1961 1962 100 27-09-1962 08-08-1962
Artikel VIII — Artikel VIII#
Artikel VIII Wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft, zal de onderhavige Overeenkomst van toepassing zijn op het in Europa gelegen gebied. 1961 2 11-01-1961 1962 100 27-09-1962 08-08-1962
Artikel IX — Artikel IX#
Artikel IX De onderhavige Overeenkomst zal van kracht blijven voor een tijdvak van vijf jaar. Indien zij niet zes maanden voor de datum van haar beëindiging is opgezegd, zal zij stilzwijgend worden verlengd, met dien verstande dat elk van de Overeenkomstsluitende Partijen zich in dat geval het recht voorbehoudt haar op ieder tijdstip op te zeggen met inachtneming van een termijn van zes maanden. 1961 2 11-01-1961 1962 100 27-09-1962 08-08-1962