Overeenkomst inzake technische samenwerking tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek India
- BWB-id
- BWBV0002676
- Type
- verdrag
- Ministerie
- Buitenlandse Zaken
- Geldigheid
- Geldend vanaf 1993-01-28
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBV0002676
- ELI
- /eli/nl/verdrag/1993/bwbv0002676
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/verdrag/1993/bwbv0002676/1993-01-28
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBV0002676&g=1993-01-28
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBV0002676&z=2026-06-06&g=1993-01-28
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBV0002676/1993-01-28
Absolute ELI: /eli/nl/verdrag/1993/bwbv0002676
Artikel 1 — Article 1#
Article 1 The two Governments will encourage and facilitate, on the basis of equality and mutual benefit, the implementation of technical cooperation projects, in conformity with their policies of economic and social development. 1984 18 09-02-1984 01-05-1987 1993 28 23-02-1993 28-01-1993
Artikel 2 — Article 2#
Article 2 Within the framework of technical cooperation envisaged in Article 1, the competent authorities of the two Governments may decide to implement technical cooperation projects in the field of economic or social development. If the respective competent authorities agree upon the implementation of a technical cooperation project, specific arrangements shall be drawn up in accordance with the principles embodied in this Agreement which will specify the Netherlands and Indian contributions to the project and the manner in which the project is to be implemented. 1984 18 09-02-1984 01-05-1987 1993 28 23-02-1993 28-01-1993
Artikel 3 — Article 3#
Article 3 The experts proposed or nominated by the Netherlands will be required to be approved by the Government of India. The experts provided by the Netherlands shall respect the laws and regulations prevailing in India and perform advisory functions in accordance with the provisions of the Agreement as well as the specific arrangements agreed for individual projects. After consultation with the Government of the Netherlands, the Government of India may request the recall or replacement of any expert made available under this Agreement, whose work or personal conduct should prove to be unsatisfactory. The Government of the Netherlands shall have the right to recall at any time, after consultation with the Government of India, any expert made available under this Agreement. If it is deemed necessary by both Governments, the recalled expert will be replaced as soon as possible. 1984 18 09-02-1984 01-05-1987 1993 28 23-02-1993 28-01-1993
Artikel 4 — Article 4#
Article 4 The Government of India shall provide assistance, privileges and tax exemptions as listed in the Annex to this Agreement to all experts, other than Indian national resident in India, provided or financed by the Netherlands under this Agreement. 1984 18 09-02-1984 01-05-1987 1993 28 23-02-1993 28-01-1993
Artikel 5 — Article 5#
Article 5 The Government of India shall bear the liability arising, if any in respect of any damage, including damage to a third party, caused by an expert in the performance of the task assigned to such expert. Any claim against the said expert or the Government of the Netherlands shall to that extent be precluded. The Government of India may not make any claim for compensation against the said expert, irrespective of any legal foundations of such claim, except in the case of deliberate intention or gross negligence in which case the Government of the Netherlands shall render all possible administrative assistance to the Indian authorities competent for the enforcement of the claim for reimbursement. 1984 18 09-02-1984 01-05-1987 1993 28 23-02-1993 28-01-1993
Artikel 6 — Article 6#
Article 6 Equipment and other supplies made available by the Government of the Netherlands for a project agreed upon under this Agreement shall become the property of the Government of India upon arrival in Indian territory, and will be used exclusively on such projects, unless mutually agreed upon otherwise. The Government of the Kingdom of the Netherlands will not have to bear any taxes, duties and fiscal charges imposed in India on such equipment and supplies. 1984 18 09-02-1984 01-05-1987 1993 28 23-02-1993 28-01-1993
Artikel 7 — Article 7#
Article 7 Whenever the two Governments consider it necessary, their representatives will meet in order to review the results of the activities undertaken under this Agreement and to consider, by mutual consent, any question relating to the implementation of this Agreement. 1984 18 09-02-1984 01-05-1987 1993 28 23-02-1993 28-01-1993
Artikel 8 — Article 8#
Article 8 This Agreement including the Annex shall come into force on the date on which the two Governments have notified each other in writing that the required procedures have been fulfilled. This Agreement may be amended by an exchange of diplomatic notes between the two Governments and shall take effect on the date on which the two Governments have notified each other in writing that the required procedures have been fulfilled. This Agreement shall remain in force for a period of five years and shall be automatically renewed thereafter each time for a further period of three years, unless either Government gives written notice, six months in advance, of its desire to terminate the Agreement. In the event of such termination the two Governments shall mutually agree upon the completion of the projects undertaken under this Agreement. With respect to the Kingdom of the Netherlands this Agreement shall apply to the European part of the Kingdom only. 1984 18 09-02-1984 01-05-1987 1993 28 23-02-1993 28-01-1993
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Beide Regeringen zullen, op basis van gelijkheid en wederzijds voordeel, de uitvoering van projecten inzake technische samenwerking bevorderen en vergemakkelijken, in overeenstemming met hun beleid voor economische en sociale ontwikkeling. 1984 18 09-02-1984 01-05-1987 1993 28 23-02-1993 28-01-1993
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 De bevoegde autoriteiten van beide Regeringen kunnen, binnen het kader van de technische samenwerking zoals beoogd in artikel 1, besluiten tot het uitvoeren van projecten inzake technische samenwerking op het gebied van economische of sociale ontwikkeling. Indien de onderscheiden bevoegde autoriteiten de uitvoering van een project inzake technische samenwerking overeenkomen, zullen specifieke akkoorden worden opgesteld, overeenkomstig de in deze Overeenkomst vervatte beginselen, waarin de Nederlandse en Indiase bijdragen aan het project en de wijze waarop het project dient te worden uitgevoerd, nader zullen worden aangegeven. 1984 18 09-02-1984 01-05-1987 1993 28 23-02-1993 28-01-1993
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 De door Nederland voorgestelde of voorgedragen deskundigen dienen de instemming te bezitten van de Regering van India. De door Nederland ter beschikking gestelde deskundigen eerbiedigen de in India geldende wetten en voorschriften en vervullen een adviserende functie, in overeenstemming met zowel de bepalingen van deze Overeenkomst als de specifieke akkoorden, overeengekomen voor afzonderlijke projecten. Na overleg met de Regering van Nederland kan de Regering van India verzoeken om terugroeping of vervanging van iedere ingevolge deze Overeenkomst ter beschikking gestelde deskundige, wiens werk of persoonlijk gedrag onbevredigend blijkt. De Regering van Nederland heeft het recht te allen tijde, na overleg met de Regering van India, iedere ingevolge deze Overeenkomst ter beschikking gestelde deskundige terug te roepen. Indien dit door beide Regeringen noodzakelijk wordt geacht, wordt de teruggeroepen deskundige zo spoedig mogelijk vervangen. 1984 18 09-02-1984 01-05-1987 1993 28 23-02-1993 28-01-1993
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 De Regering van India verleent de hulp, de voorrechten en de belastingvrijstellingen, zoals genoemd in de Bijlage bij deze Overeenkomst, aan alle deskundigen, die geen in India woonachtige Indiase onderdanen zijn, die door Nederland ter beschikking gesteld of gefinancierd worden ingevolge deze Overeenkomst. 1984 18 09-02-1984 01-05-1987 1993 28 23-02-1993 28-01-1993
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 De Regering van India is aansprakelijk voor eventuele schade, waaronder schade aan derden, veroorzaakt door een deskundige tijdens de verrichting van de hem/haar opgedragen taak. In zoverre is elke vordering tegen deze deskundige of de Regering van Nederland uitgesloten. De Regering van India mag geen eis tot schadevergoeding tegen genoemde deskundige indienen, ongeacht of deze eis gewettigd zou zijn, behalve in geval van opzet of grove nalatigheid; in dit geval dient de Regering van Nederland alle mogelijke administratieve bijstand te verlenen aan de Indiase autoriteiten die bevoegd zijn de eis tot schadevergoeding in te stellen en ten uitvoer te leggen. 1984 18 09-02-1984 01-05-1987 1993 28 23-02-1993 28-01-1993
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Uitrusting en andere voorraden door de Regering van Nederland ter beschikking gesteld voor een project dat overeengekomen is ingevolge deze Overeenkomst, worden het eigendom van de Regering van India bij aankomst op Indiaas grondgebied en zullen slechts voor dergelijke projecten worden gebruikt, tenzij beide partijen anderszins overeengekomen zijn. De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden zal geen belastingen, rechten en fiscale heffingen, die in India op dergelijke uitrusting en voorraden worden geheven, behoeven te betalen. 1984 18 09-02-1984 01-05-1987 1993 28 23-02-1993 28-01-1993
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Indien beide Regeringen zulks noodzakelijk achten, komen hun vertegenwoordigers bijeen om de resultaten van de ingevolge deze Overeenkomst ondernomen werkzaamheden te bestuderen en om, met wederzijdse instemming, alle aangelegenheden betreffende de uitvoering van deze Overeenkomst aan een onderzoek te onderwerpen. 1984 18 09-02-1984 01-05-1987 1993 28 23-02-1993 28-01-1993
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Deze Overeenkomst, met inbegrip van de Bijlage, treedt in werking op de datum waarop de beide Regeringen elkaar schriftelijk ervan in kennis hebben gesteld dat aan de vereiste procedures is voldaan. Deze Overeenkomst kan gewijzigd worden door middel van een diplomatieke notawisseling tussen beide Regeringen; de wijziging wordt van kracht op de datum waarop de beide Regeringen elkaar schriftelijk ervan in kennis hebben gesteld dat aan de vereiste procedures is voldaan. Deze Overeenkomst blijft van kracht voor een tijdvak van 5 jaar en wordt daarna telkens automatisch voor een tijdvak van 3 jaar verlengd, tenzij één der Regeringen ten minste zes maanden vóór het verstrijken van de geldigheidsduur schriftelijk de wens te kennen geeft de Overeenkomst te beëindigen. In geval van een dergelijke beëindiging dienen de beide Regeringen in wederzijds overleg te beslissen omtrent de voltooiing van de ingevolge deze Overeenkomst ondernomen projecten. Wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft, is deze Overeenkomst slechts van toepassing op het deel van het Koninkrijk in Europa. 1984 18 09-02-1984 01-05-1987 1993 28 23-02-1993 28-01-1993