Benelux-verdrag betreffende grensoverschrijdende samenwerking inzake wegvervoerinspectie
- BWB-id
- BWBV0006431
- Type
- verdrag
- Ministerie
- Buitenlandse Zaken
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2017-06-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBV0006431
- ELI
- /eli/nl/verdrag/2017/bwbv0006431
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/verdrag/2017/bwbv0006431/2017-06-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBV0006431&g=2017-06-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBV0006431&z=2026-06-06&g=2017-06-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBV0006431/2017-06-01
Absolute ELI: /eli/nl/verdrag/2017/bwbv0006431
Artikel 1 — Artikel 1 Doel#
Artikel 1 Doel Dit Verdrag beoogt: a. de verdergaande harmonisatie van het toezicht op en de handhaving van de EU-regelgeving inzake wegvervoer van goederen en personen; b. het benutten van schaalvoordelen op het terrein van capaciteit (personeel, middelen en materieel), expertise, ervaring en opleiding; c. de grensoverschrijdende, wederzijdse bijstand van de inspectiediensten inzake wegvervoer en de modaliteiten ervan. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 2 — Artikel 2 Begripsomschrijvingen#
Artikel 2 Begripsomschrijvingen 1 Voor de toepassing van dit Verdrag wordt verstaan onder: a. bevoegde autoriteit: een autoriteit die op het grondgebied van een Verdragsluitende Partij op grond van de interne bevoegdheidsverdeling verantwoordelijk is voor het toezicht op en de handhaving van de regelgeving inzake wegvervoer van goederen en personen; b. artikel 26 ambtenaar: de bevoegde ambtenaar aangeduid door middel van een invan dit Verdrag bedoelde uitvoeringsafspraak; c. artikel 1, onder c) grensoverschrijdend optreden: het optreden van ambtenaren van een Verdragsluitende Partij op het grondgebied van een andere Verdragsluitende Partij ter uitvoering van de doelstellingen bedoeld in, van dit Verdrag; d. grensoverschrijdende ambtenaar: een ambtenaar die grensoverschrijdend optreedt; e. grensoverschrijdende inspectie-eenheid: een eenheid bestaande uit ambtenaren die in organisatorische en logistieke zin als één geheel grensoverschrijdend optreedt; f. ontvangststaat: de Verdragsluitende Partij op wiens grondgebied een grensoverschrijdend optreden plaatsvindt; g. zendstaat: de Verdragsluitende Partij waarvan grensoverschrijdende ambtenaren, grensoverschrijdende inspectie-eenheden of middelen en materieel afkomstig zijn; h. verzoekende Verdragsluitende Partij: de Verdragsluitende Partij die een verzoek om grensoverschrijdend optreden of om het ter beschikking stellen van middelen en/of materieel doet; i. aangezochte Verdragsluitende Partij: de Verdragsluitende Partij waaraan een verzoek als bedoeld onder g) is gericht; j. toezicht: de werkzaamheden die door of namens de bevoegde autoriteiten worden verricht, zonder dat er een indicatie van overtreding is, om na te gaan of de toepasselijke voorschriften worden nageleefd; k. handhaving: een gedragsbeïnvloedend optreden door de bevoegde autoriteit dat leidt of moet leiden tot de naleving van de toepasselijke voorschriften; l. opsporing: een onderzoek dat geschiedt ter opheldering of ter voorkoming van een vermoedelijk gepleegd dan wel te plegen strafbaar feit en ter voorbereiding van een ter zake daarvan eventueel op te leggen strafrechtelijke sanctie. 2 artikel 26 Een lijst van bevoegde autoriteiten en ambtenaren wordt vastgesteld en geactualiseerd door middel van een invan dit Verdrag bedoelde uitvoeringsafspraak. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 3 — Artikel 3 Verhouding tot andere regelingen#
Artikel 3 Verhouding tot andere regelingen Voor zover in dit Verdrag niet uitdrukkelijk anders is bepaald, geschiedt de samenwerking in het kader van het respectievelijke recht en de internationale verplichtingen van de Verdragsluitende Partijen. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 4 — Artikel 4 Harmonisatie#
Artikel 4 Harmonisatie 1 De Verdragsluitende Partijen streven naar een verdergaande harmonisatie van het toezicht op en de handhaving van de EU-wegvervoerregelgeving. 2 artikel 27 In de invan dit Verdrag genoemde actieplannen worden ter zake voorstellen opgenomen. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 5 — Artikel 5 Risicoclassificatiesystemen#
Artikel 5 Risicoclassificatiesystemen Richtlijn 2006/22/EG Verordeningen (EEG) nr. 3820/85 (EEG) nr. 3821/85 Richtlijn 88/599/EEG De Verdragsluitende Partijen streven naar een onderlinge afstemming van hun risicoclassificatiesystemen zoals bedoeld in artikel 9 vanvan het Europees Parlement en de Raad van 15 maart 2006 inzake minimumvoorwaarden voor de uitvoering van deenvan de Raad betreffende voorschriften van sociale aard voor het wegvervoer en tot intrekking vanvan de Raad. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 6 — Artikel 6 Kennis, expertise, ervaring, opleiding, personeel, middelen en materieel#
Artikel 6 Kennis, expertise, ervaring, opleiding, personeel, middelen en materieel De Verdragsluitende Partijen ondersteunen de grensoverschrijdende samenwerking in het kader van dit Verdrag door: a. de uitwisseling van informatie betreffende hun nationale wet- en regelgeving, hun toezicht- en handhavingsstructuren en hun toezicht- en handhavingspraktijk; b. het verstrekken van een forum voor de uitwisseling van goede praktijken en ervaringen; c. de organisatie van samenwerking op het vlak van opleidingen; d. het onderling verlenen van technische en wetenschappelijke ondersteuning; e. de uitwisseling van middelen en materieel; f. het vooraf informeren van de andere Verdragsluitende Partijen bij de aanschaf van middelen en materieel die grensoverschrijdend gebruikt kunnen worden; g. de uitwisseling van personeel; h. Verordening (EG) nr. 1071/2009 Richtlijn 96/26/EG artikel 26 het verlenen van een recht tot toegang in het kader van een grensoverschrijdend optreden aan de grensoverschrijdende ambtenaren van de andere Verdragsluitende Partijen tot de nationale elektronische registers die elke Verdragsluitende Partij bijhoudt overeenkomstig de artikelen 16 en 17 vanvan het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels betreffende de voorwaarden waaraan moet zijn voldaan om het beroep van wegvervoerondernemer uit te oefenen en tot intrekking vanvan de Raad, alsmede tot andere nationale registers bepaald in een uitvoeringsafspraak zoals bedoeld invan dit Verdrag, met inachtneming van de op die registers van toepassing zijnde wetgeving inzake de verwerking van persoonsgegevens en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 7 — Artikel 7 Praktische modaliteiten van samenwerking#
Artikel 7 Praktische modaliteiten van samenwerking artikel 26 De praktische modaliteiten van de samenwerking op grond van dit Verdrag worden door de bevoegde autoriteiten geregeld door middel van uitvoeringsafspraken zoals bedoeld invan dit Verdrag. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 8 — Artikel 8 Middelen en materieel#
Artikel 8 Middelen en materieel 1 De bevoegde autoriteit van de zendstaat kan op verzoek van de ontvangststaat middelen en materieel ter beschikking stellen. Bij de terbeschikkingstelling van de middelen en het materieel gaat een inventaris, die desgevraagd wordt voorgelegd aan de bevoegde autoriteit van de ontvangststaat. 2 Bij het ter beschikking stellen van middelen en materieel staat de zendstaat in voor de noodzakelijke opleiding en toelichting ten behoeve van het gebruik van deze middelen en dit materieel. 3 De kosten ontstaan bij verlies of beschadiging van door een Verdragsluitende Partij ter beschikking gesteld materieel komen ten laste van die Verdragsluitende Partij. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 9 — Artikel 9 Grensoverschrijdend optreden#
Artikel 9 Grensoverschrijdend optreden De bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Partijen kunnen, afhankelijk van hun operationele behoeften, een grensoverschrijdend optreden organiseren. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 10 — Artikel 10 Taken bij grensoverschrijdend optreden#
Artikel 10 Taken bij grensoverschrijdend optreden artikel 26 De praktische modaliteiten van de samenwerking en de toekenning van taken bij deelname aan een grensoverschrijdend optreden worden door de bevoegde autoriteiten geregeld door middel van uitvoeringsafspraken zoals bedoeld invan dit Verdrag. Daarbij wordt bij de toekenning van taken rekening gehouden met eventueel tussen de ambtenaren bestaande verschillen in de bevoegdheden waarover zij op hun eigen grondgebied beschikken. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 11 — Artikel 11 Verzoek tot grensoverschrijdend optreden#
Artikel 11 Verzoek tot grensoverschrijdend optreden 1 Een grensoverschrijdend optreden is slechts mogelijk op verzoek. Het verzoek wordt schriftelijk of elektronisch door de bevoegde autoriteit van de verzoekende Verdragsluitende Partij gericht aan de bevoegde autoriteit van de aangezochte Verdragsluitende Partij. Het verzoek wordt ondertekend door de bevoegde autoriteit van de verzoekende Verdragsluitende Partij. In geval van een elektronisch verzoek is een ondertekening met een elektronische handtekening vereist. 2 Het verzoek bevat een omschrijving van de aard van het gewenste grensoverschrijdend optreden, alsmede van het operationele nut van dit optreden. 3 De bevoegde autoriteit van de aangezochte Verdragsluitende Partij neemt onverwijld een beslissing betreffende het verzoek. Van die beslissing wordt zo spoedig mogelijk maar in ieder geval ten laatste een week voor het beoogde grensoverschrijdend optreden schriftelijk of elektronisch mededeling gedaan aan de bevoegde autoriteit van de verzoekende Verdragsluitende Partij. De beslissing wordt ondertekend door de aangezochte Verdragsluitende Partij. In geval van een elektronische beslissing is een ondertekening met een elektronische handtekening vereist. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 12 — Artikel 12 Informatieplicht#
Artikel 12 Informatieplicht 1 artikel 11, derde lid De grensoverschrijdende ambtenaar wordt onverwijld in het bezit gesteld van een afschrift van de beslissing bedoeld in, van dit Verdrag. 2 De grensoverschrijdende ambtenaar is in het bezit van een inventaris van desgevallend meegevoerde middelen en materieel, zoals vastgesteld door de bevoegde autoriteit. Hij legt deze inventaris desgevraagd voor aan de daartoe bevoegde autoriteit van de ontvangststaat. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 13 — Artikel 13 Gebruik van dwangmiddelen#
Artikel 13 Gebruik van dwangmiddelen Tijdens een grensoverschrijdend optreden mogen de ambtenaren de tot de basisuitrusting in de zendstaat behorende individuele materiële dwangmiddelen vervoeren, meevoeren of dragen, mits deze zijn toegestaan door de ontvangststaat. Deze dwangmiddelen mogen alleen worden gebruikt met inachtneming van de wetgeving toepasselijk in de ontvangststaat. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 14 — Artikel 14 Vertrouwelijkheid#
Artikel 14 Vertrouwelijkheid Voor de grensoverschrijdende ambtenaar, de grensoverschrijdende inspectie-eenheid en de bevoegde autoriteit van de zendstaat gelden dezelfde regels inzake vertrouwelijkheid als die welke gelden voor de ambtenaren en bevoegde autoriteiten van de ontvangststaat. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 15 — Artikel 15 Toepasselijk recht en procedures#
Artikel 15 Toepasselijk recht en procedures 1 De ambtenaar treedt tijdens het grensoverschrijdend optreden op in overeenstemming met het in de ontvangststaat geldende recht. 2 Een grensoverschrijdend optreden wordt uitgevoerd volgens de wettelijke procedures van de ontvangststaat. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 16 — Artikel 16 Gezag#
Artikel 16 Gezag Gedurende het grensoverschrijdend optreden is de grensoverschrijdende ambtenaar gehouden de aanwijzingen van de betreffende bevoegde autoriteiten en de bevelen van de betreffende leidinggevende van de ontvangststaat op te volgen. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 17 — Artikel 17 Identificatie#
Artikel 17 Identificatie De grensoverschrijdende ambtenaar is te allen tijde in staat zijn officiële functie aan te tonen, door middel van een legitimatiebewijs dat aan hem is verstrekt in de zendstaat. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 18 — Artikel 18 Uiterlijke herkenbaarheid#
Artikel 18 Uiterlijke herkenbaarheid 1 De grensoverschrijdende ambtenaar is als zodanig uiterlijk herkenbaar door het dragen van dienstkledij of herkenningstekens die wijzen op het grensoverschrijdend karakter van het optreden. 2 Tijdens een grensoverschrijdend optreden zijn aan het voertuig dat wordt gebruikt door een grensoverschrijdende ambtenaar voorzieningen aangebracht die wijzen op het grensoverschrijdend karakter van het optreden. 3 De voorgaande leden zijn niet van toepassing indien dit gezien de aard van het grensoverschrijdend optreden van inspectiediensten inzake wegvervoer noodzakelijk is. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 19 — Artikel 19 Overname en beëindiging#
Artikel 19 Overname en beëindiging 1 artikel 26 Het begin en het einde van het grensoverschrijdend optreden worden vastgesteld in een uitvoeringsafspraak zoals bedoeld invan dit Verdrag. 2 In uitzonderlijke gevallen kan de bevoegde autoriteit van de ontvangststaat het grensoverschrijdend optreden overnemen, zo nodig in afwijking van de in het eerste lid genoemde uitvoeringsafspraak. Het grensoverschrijdend optreden wordt beëindigd zodra de bevoegde autoriteit van de ontvangststaat kennis geeft van deze overname. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 20 — Artikel 20 Verslag#
Artikel 20 Verslag De grensoverschrijdende ambtenaar of de leidinggevende van een grensoverschrijdende inspectie-eenheid, doet na elk grensoverschrijdend optreden verslag van dit optreden aan de bevoegde autoriteiten van de ontvangststaat. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 21 — Artikel 21 Hulpverlening#
Artikel 21 Hulpverlening Een ontvangststaat is jegens de grensoverschrijdende ambtenaren van de zendstaat tijdens het grensoverschrijdend optreden verplicht tot dezelfde bescherming en hulpverlening als jegens de eigen ambtenaren. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 22 — Artikel 22 Strafrechtelijke aansprakelijkheid#
Artikel 22 Strafrechtelijke aansprakelijkheid In het kader van de taken vallende onder de toepassing van dit Verdrag worden de ambtenaren van de zendstaat met ambtenaren van de ontvangststaat gelijkgesteld, voor wat betreft de strafbare feiten die tegen of door hen mochten worden begaan, tenzij de Verdragsluitende Partijen anders overeenkomen. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 23 — Artikel 23 Burgerrechtelijke aansprakelijkheid#
Artikel 23 Burgerrechtelijke aansprakelijkheid 1 Verbintenissen uit onrechtmatige daad begaan door een ambtenaar van de zendstaat tijdens een grensoverschrijdend optreden, worden beheerst door het recht van de ontvangststaat. 2 In het geval van een grensoverschrijdend optreden, komt de vergoeding van schade toegebracht door een ambtenaar van de zendstaat op het grondgebied van de ontvangststaat ten laste van de zendstaat. In dergelijk geval vergoedt de ontvangststaat de door de benadeelden of hun rechthebbenden geleden schade op de wijze waarop zij daartoe gehouden zou zijn, indien de schade door haar eigen ambtenaren zou zijn aangebracht. De zendstaat betaalt vervolgens de ontvangststaat het volledige bedrag terug dat deze aan de benadeelden of hun rechthebbenden heeft uitgekeerd. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 24 — Artikel 24 Arbeidsrelatie#
Artikel 24 Arbeidsrelatie De rechten en verplichtingen die voorvloeien uit de arbeidsrelatie van de grensoverschrijdende ambtenaar in de zendstaat, blijven tijdens het grensoverschrijdend optreden onverkort van kracht. Hieronder worden mede verstaan de rechten en verplichtingen op het gebied van burgerrechtelijke aansprakelijkheid. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 25 — Artikel 25 Kosten van het grensoverschrijdend optreden#
Artikel 25 Kosten van het grensoverschrijdend optreden Elke Verdragsluitende Partij draagt de kosten met betrekking tot de eigen deelname aan een grensoverschrijdend optreden, tenzij anders overeengekomen. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 26 — Artikel 26 Uitvoeringsafspraken#
Artikel 26 Uitvoeringsafspraken De bevoegde autoriteiten maken op basis van en in het kader van dit Verdrag afspraken met betrekking tot de uitvoeringsmodaliteiten. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 27 — Artikel 27 Actieplannen#
Artikel 27 Actieplannen 1 artikel 28 De ingenoemde stuurgroep stelt periodieke actieplannen ter uitvoering van dit Verdrag vast en stuurt deze toe aan de regeringen van de Verdragsluitende Partijen. 2 artikel 28 De ingenoemde stuurgroep rapporteert jaarlijks aan de regeringen van de Verdragsluitende Partijen over de uitvoering van de in het eerste lid genoemde actieplannen. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 28 — Artikel 28 Stuurgroep wegvervoerinspectie#
Artikel 28 Stuurgroep wegvervoerinspectie 1 Een stuurgroep wegvervoerinspectie, waarin alle Verdragsluitende Partijen vertegenwoordigd zijn, wordt ingesteld. 2 bijlage De samenstelling van de in het eerste lid genoemde stuurgroep is vastgesteld in debij dit Verdrag. 3 artikel 26 Het voorzitterschap, de werking en de te volgen procedure tot wijziging van de samenstelling van de in het eerste lid genoemde stuurgroep worden bepaald in een uitvoeringsafspraak zoals bedoeld invan dit Verdrag. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 29 — Artikel 29 Geschillenbeslechting#
Artikel 29 Geschillenbeslechting 1 De Verdragsluitende Partijen werken samen bij kwesties omtrent de interpretatie of toepassing van dit Verdrag. 2 Hiertoe wordt een commissie van deskundigen ingesteld, bestaande uit vertegenwoordigers van de bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Partijen. 3 Indien nodig komt de commissie van deskundigen op verzoek van een van de Verdragsluitende Partijen bijeen. 4 Geschillen betreffende de interpretatie of toepassing van dit Verdrag waarover de commissie van deskundigen geen overeenstemming kan bereiken worden bij wege van overleg tussen de regeringen van de Verdragsluitende Partijen beslecht. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 30 — Artikel 30 Toepassing van het Verdrag#
Artikel 30 Toepassing van het Verdrag De Verdragsluitende Partijen treffen de maatregelen welke nodig zijn voor de toepassing van dit Verdrag. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 31 — Artikel 31 Uitwisseling van informatie#
Artikel 31 Uitwisseling van informatie De Verdragsluitende Partijen ontwikkelen gezamenlijk een mechanisme voor de uitwisseling van informatie en evaluaties op het gebied van de controle van het wegvervoer bij toepassing van dit Verdrag, in strikte overeenstemming met de geldende voorschriften betreffende de verwerking van persoonsgegevens en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 32 — Artikel 32 Evaluatie#
Artikel 32 Evaluatie Uiterlijk drie jaren na de inwerkingtreding van dit Verdrag evalueren de Verdragsluitende Partijen de werking en effectiviteit ervan. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 33 — Artikel 33 Territoriaal toepassingsgebied#
Artikel 33 Territoriaal toepassingsgebied artikel 35 Onverminderdvan dit Verdrag, is dit Verdrag van toepassing op het grondgebied van het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden in Europa. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 34 — Artikel 34 Bekrachtiging en inwerkingtreding#
Artikel 34 Bekrachtiging en inwerkingtreding 1 De Secretaris-generaal van de Benelux Unie is depositaris van dit Verdrag, waarvan hij een eensluidend afschrift aan elke Verdragsluitende Partij doet toekomen. 2 Dit Verdrag wordt bekrachtigd, aanvaard of goedgekeurd door de Verdragsluitende Partijen. 3 De Verdragsluitende Partijen leggen hun akte van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring neer bij de depositaris. 4 De depositaris brengt de Verdragsluitende Partijen op de hoogte van de neerlegging van de akten van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring. 5 Dit Verdrag treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand volgend op de neerlegging van de laatste akte van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring. 6 De depositaris stelt de Verdragsluitende Partijen op de hoogte van de datum van inwerkingtreding van dit Verdrag. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 35 — Artikel 35 Toetreding derde landen en deelstaten#
Artikel 35 Toetreding derde landen en deelstaten vijfde lid van artikel 34 Het staat derde landen en, indien zij verdragsluitende bevoegdheid hebben, deelstaten vrij toe te treden tot dit Verdrag door de neerlegging van een akte van toetreding bij de depositaris. Voor toetredende landen of deelstaten treedt het Verdrag in werking op de eerste dag van de tweede maand volgend op de datum van neerlegging van de akte van toetreding en ten vroegste op de dag van inwerkingtreding van het Verdrag overeenkomstig hetvan dit Verdrag. De depositaris brengt de Verdragsluitende Partijen op de hoogte van de neerlegging van de akte van toetreding en van de datum van inwerkingtreding van dit Verdrag voor het toetredende land of de toetredende deelstaat. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 36 — Artikel 36 Opzegging#
Artikel 36 Opzegging Dit Verdrag kan door elke Verdragsluitende Partij te allen tijde worden opgezegd door de neerlegging van een schriftelijke verklaring bij de depositaris. De opzegging wordt zes maanden na de neerlegging van deze schriftelijke verklaring van kracht. Het Verdrag blijft in werking tussen de overige Verdragsluitende Partijen. De depositaris brengt de Verdragsluitende Partijen op de hoogte van de neerlegging van dergelijke verklaring. 2014 218 19-12-2014 2017 81 08-06-2017 01-06-2017
Artikel 28#
artikel 28
Artikel 26#
artikel 26