Overeenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en IJsland, anderzijds, betreffende de deelname van IJsland aan de gezamenlijke nakoming van de verbintenissen van de Unie, haar lidstaten en IJsland voor de tweede verbintenisperiode van het Protocol van Kyoto bij het Raamverdrag van de Verenigde Naties inzake klimaatverandering
- BWB-id
- BWBV0006503
- Type
- verdrag
- Ministerie
- Buitenlandse Zaken
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2018-11-27
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBV0006503
- ELI
- /eli/nl/verdrag/2018/bwbv0006503
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/verdrag/2018/bwbv0006503/2018-11-27
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBV0006503&g=2018-11-27
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBV0006503&z=2026-06-06&g=2018-11-27
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBV0006503/2018-11-27
Absolute ELI: /eli/nl/verdrag/2018/bwbv0006503
Artikel 1 — Artikel 1 Doelstelling van de overeenkomst#
Artikel 1 Doelstelling van de overeenkomst Protocol van Kyoto Deze Overeenkomst heeft tot doel, de voorwaarden vast te stellen voor de deelname van IJsland aan de gezamenlijke nakoming van de verbintenissen van de Europese Unie, haar lidstaten en IJsland voor de tweede verbintenisperiode van het, en een effectieve uitvoering van deze deelname mogelijk te maken, inclusief de bijdrage van IJsland aan de nakoming van de rapportagevoorschriften van de Unie voor de tweede verbintenisperiode van het Protocol van Kyoto. 2015 81 28-05-2015 2018 176 11-10-2018 27-11-2018
Artikel 2 — Artikel 2 Definities#
Artikel 2 Definities In deze Overeenkomst wordt verstaan onder: a. Protocol van Kyoto bij het Raamverdrag van de Verenigde Naties inzake klimaatverandering „Protocol van Kyoto”: het(UNFCCC), zoals gewijzigd bij de wijziging van Doha van dat protocol, overeengekomen op 8 december 2012 in Doha; b. „Wijziging van Doha”: de wijziging van Doha van het Protocol van Kyoto bij het UNFCCC, overeengekomen op 8 december 2012 in Doha, tot vaststelling van de tweede verbintenisperiode van het Protocol van Kyoto, van 1 januari 2013 tot en met 31 december 2020; c. bijlage 2 „Voorwaarden van de gezamenlijke nakoming”: de voorwaarden zoals vastgesteld inbij deze Overeenkomst; d. Richtlijn 2003/87/EG „de ETS-richtlijn”:van het Europees Parlement en de Raad van 13 oktober 2003 tot vaststelling van een regeling voor de handel in broeikasgasemissierechten binnen de Gemeenschap, zoals gewijzigd. 2015 81 28-05-2015 2018 176 11-10-2018 27-11-2018
Artikel 3 — Artikel 3 Gezamenlijke nakoming#
Artikel 3 Gezamenlijke nakoming 1 bijlage B bij het Protocol van Kyoto De partijen komen overeen om gezamenlijk te voldoen aan hun gekwantificeerde verbintenissen inzake emissiebeperking en -reductie voor de tweede verbintenisperiode, opgenomen in de derde kolom van, in overeenstemming met de voorwaarden van de gezamenlijke nakoming. 2 bijlage A bij het Protocol van Kyoto Protocol van Kyoto Te dien einde neemt IJsland alle nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat zijn gezamenlijke antropogene in kooldioxide-equivalenten uitgedrukte emissies in de tweede verbintenisperiode van de ingenoemde broeikasgassen afkomstig van bronnen en putten die onder hetvallen en die buiten het toepassingsgebied van de ETS-richtlijn vallen, de in de voorwaarden van de gezamenlijke nakoming vastgestelde toegewezen hoeveelheid niet overschrijden. 3 artikel 8 Protocol van Kyoto Onverminderdvan deze overeenkomst boekt IJsland aan het einde van de tweede verbintenisperiode, overeenkomstig Besluit 1/CMP.8 of andere relevante besluiten van instanties van het UNFCCC of van heten de voorwaarden van de gezamenlijke nakoming, van zijn nationaal register de AAU’s, CER’s, ERU’s, RMU’s, tCER’s of lCER’s af die overeenstemmen met de broeikasgasemissies afkomstig van bronnen en de verwijderingen per put die vallen onder haar toegewezen hoeveelheid. 2015 81 28-05-2015 2018 176 11-10-2018 27-11-2018
Artikel 4 — Artikel 4 Toepassing van de relevante wetgeving van de Unie#
Artikel 4 Toepassing van de relevante wetgeving van de Unie 1 bijlage 1 De inbij deze Overeenkomst opgenomen wetgevingshandelingen zijn bindend voor IJsland en worden van toepassing in IJsland. Wanneer de in die bijlage opgenomen rechtshandelingen verwijzingen naar de lidstaten van de Unie bevatten, worden deze verwijzingen voor de toepassing van deze Overeenkomst tevens opgevat als verwijzingen naar IJsland. 2 Bijlage 1 artikel 6 bij deze Overeenkomst mag worden gewijzigd bij een besluit van het Comité gezamenlijke nakoming dat is ingesteld bijvan deze Overeenkomst. 3 bijlage 1 Het Comité gezamenlijke nakoming kan besluiten nemen over de nadere technische uitwerking van de toepassing op IJsland van de in de lijst inbij deze Overeenkomst opgenomen rechtshandelingen. 4 bijlage 1 Protocol van Kyoto In geval van wijzigingen vanbij deze Overeenkomst waarvoor veranderingen in de primaire wetgeving in IJsland nodig zijn, wordt bij de inwerkingtreding van deze wijzigingen rekening gehouden met de tijd die IJsland nodig heeft om deze veranderingen in te voeren en met de noodzaak om toe te zien op naleving van heten de daarmee samenhangende besluiten. 5 bijlage 1 Het is van bijzonder belang dat de Commissie haar gangbare praktijk volgt en overleg voert met deskundigen, onder wie deskundigen uit IJsland, alvorens gedelegeerde handelingen goed te keuren die inbij deze Overeenkomst zijn opgenomen of moeten worden opgenomen. 2015 81 28-05-2015 2018 176 11-10-2018 27-11-2018
Artikel 5 — Artikel 5 Rapportage#
Artikel 5 Rapportage 1 Protocol van Kyoto In overeenstemming met deze Overeenkomst, de voorschriften van het, de wijziging van Doha en de op grond daarvan aangenomen besluiten dient IJsland uiterlijk op 15 april 2015 bij het secretariaat van het UNFCCC een rapport in met het oog op het faciliteren van de berekening van de hem toegewezen hoeveelheid. 2 Protocol van Kyoto De Europese Unie stelt een rapport op met het oog op het faciliteren van de berekening van de toegewezen hoeveelheid van de Unie, en een rapport met het oog op het faciliteren van de berekening van de gezamenlijke toegewezen hoeveelheid van de Unie, haar lidstaten en IJsland („de gezamenlijke toegewezen hoeveelheid”) in overeenstemming met deze overeenkomst, de voorschriften van het, de wijziging van Doha en de op grond daarvan aangenomen besluiten. De Unie dient deze rapporten uiterlijk op 15 april 2015 in bij het secretariaat van het UNFCCC. 2015 81 28-05-2015 2018 176 11-10-2018 27-11-2018
Artikel 6 — Artikel 6 Comité gezamenlijke nakoming#
Artikel 6 Comité gezamenlijke nakoming 1 Er wordt een Comité gezamenlijke nakoming opgericht, bestaande uit vertegenwoordigers van de partijen. 2 artikel 4 Het Comité gezamenlijke nakoming ziet toe op de doeltreffende uitvoering en werking van deze Overeenkomst. Daartoe neemt het de besluiten als bedoeld invan deze Overeenkomst en pleegt het overleg en wisselt het informatie uit in verband met de uitvoering van de bepalingen van de gezamenlijke nakoming. Het Comité gezamenlijke nakoming neemt alle besluiten bij consensus. 3 Het Comité gezamenlijke nakoming komt bijeen, hetzij op verzoek van een of meer partijen, hetzij op initiatief van de Unie. Dat verzoek wordt ingediend bij de Unie. 4 1) Verordening (EU) nr. 525/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 21 mei 2013 betreffende een bewakings- en rapportagesysteem voor de uitstoot van broeikasgassen en een rapportagemechanisme voor overige informatie op nationaal niveau en op het niveau van de Unie met betrekking tot klimaatverandering, en tot intrekking van Beschikking nr. 280/2004/EG (PBEU L 165) De leden van het Comité gezamenlijke nakoming, die de Unie en haar lidstaten vertegenwoordigen, bestaan in eerste instantie uit de vertegenwoordigers van de Commissie en de lidstaten die ook deelnemen aan het Comité klimaatverandering van de Europese Unie, dat is opgericht in overeenstemming met artikel 26 van Verordening (EU) nr. 525/2013 van het Europees Parlement en de Raad. De vertegenwoordiger van IJsland wordt benoemd door het Ministerie van Milieu en Natuurlijke Hulpbronnen. De vergaderingen van het Comité gezamenlijke nakoming worden, voor zover mogelijk, gelijktijdig met die van het Comité klimaatverandering gehouden. 5 Het Comité gezamenlijke nakoming stelt bij consensus zijn reglement van orde vast. 2015 81 28-05-2015 2018 176 11-10-2018 27-11-2018
Artikel 7 — Artikel 7 Voorbehouden#
Artikel 7 Voorbehouden Er mogen geen voorbehouden worden gemaakt bij deze overeenkomst. 2015 81 28-05-2015 2018 176 11-10-2018 27-11-2018
Artikel 8 — Artikel 8 Duur en naleving#
Artikel 8 Duur en naleving 1 Protocol van Kyoto Deze Overeenkomst wordt gesloten voor de periode tot het eind van de extra periode voor het nakomen van de verbintenissen van de tweede verbintenisperiode van hetof totdat alle kwesties in verband met de uitvoering in het kader van het Protocol van Kyoto voor een van de partijen, in verband met deze verbintenisperiode of de uitvoering van de gezamenlijke nakoming, zijn opgelost, indien dit later is. Deze Overeenkomst kan niet eerder worden beëindigd. 2 IJsland doet kennisgeving aan het Comité gezamenlijke nakoming van een niet-nakoming of een dreigende niet-nakoming van de bepalingen van deze Overeenkomst. Elke niet-nakoming moet worden gemotiveerd ten genoegen van zijn leden binnen dertig dagen na de kennisgeving ervan. Anders vormt de niet-nakoming van de bepalingen van deze Overeenkomst een inbreuk op deze overeenkomst. 3 bijlage 1 artikel 4, lid 2 Protocol van Kyoto bijlage B bij het Protocol van Kyoto In geval van een inbreuk op deze Overeenkomst of een bezwaar van IJsland tegen de wijziging vanervan in overeenstemming met, moet IJsland melding maken van de gezamenlijke antropogene in kooldioxide-equivalenten uitgedrukte emissies afkomstig van bronnen en de verwijderingen per put in IJsland die onder hetin de tweede verbintenisperiode vallen, met inbegrip van emissies uit bronnen die onder de EU-regeling voor de handel in broeikasgasemissierechten vallen, tegen de gekwantificeerde doelstelling voor emissiereductie die is opgenomen in de derde kolom vanen aan het einde van de tweede verbintenisperiode AAU’s, CER’s, ERU’s, RMU’s en tCER’s of lCER’s die overeenstemmen met emissies afboeken van zijn nationaal register. 2015 81 28-05-2015 2018 176 11-10-2018 27-11-2018
Artikel 9 — Artikel 9 Depositaris#
Artikel 9 Depositaris Deze Overeenkomst, opgesteld in twee exemplaren in de Bulgaarse, de Deense, de Duitse, de Engelse, de Estse, de Finse, de Franse, de Griekse, de Hongaarse, de Italiaanse, de Kroatische, de Letse, de Litouwse, de Maltese, de Nederlandse, de Poolse, de Portugese, de Roemeense, de Sloveense, de Slowaakse, de Spaanse, de Tsjechische de Zweedse en de IJslandse taal, waarbij alle teksten gelijkelijk authentiek zijn, wordt neergelegd bij de secretaris-generaal van de Raad van de Europese Unie. 2015 81 28-05-2015 2018 176 11-10-2018 27-11-2018
Artikel 10 — Artikel 10 Neerlegging van de akten van bekrachtiging#
Artikel 10 Neerlegging van de akten van bekrachtiging 1 Deze Overeenkomst wordt door de partijen geratificeerd volgens hun respectieve nationale voorschriften. Elke partij legt haar akten van bekrachtiging neer bij de secretaris-generaal van de Raad van de Europese Unie, hetzij vóór, hetzij tegelijkertijd met de neerlegging van de akte van aanvaarding van de wijziging van Doha bij de secretaris-generaal van de Verenigde Naties. 2 artikel 20, lid 4 artikel 21, lid 7, van het Protocol van Kyoto IJsland legt zijn akte van aanvaarding van de wijziging van Doha neer bij de secretaris-generaal van de Verenigde Naties overeenkomstig, en, en wel ten laatste op de datum van de neerlegging van de laatste akte van aanvaarding door de Unie of haar lidstaten. 3 Raamverdrag van de Verenigde Naties inzake klimaatverandering artikel 4, lid 2, van het Protocol van Kyoto Bij de neerlegging van de akte van aanvaarding van de wijziging van Doha doet IJsland ook in eigen naam kennisgeving van de voorwaarden van de gezamenlijke nakoming bij het secretariaat van hetin overeenstemming met. 2015 81 28-05-2015 2018 176 11-10-2018 27-11-2018
Artikel 11 — Artikel 11 Inwerkingtreding#
Artikel 11 Inwerkingtreding Deze overeenkomst treedt in werking op de negentigste dag na de datum waarop alle partijen hun akte van bekrachtiging hebben neergelegd. 2015 81 28-05-2015 2018 176 11-10-2018 27-11-2018
Artikel 4#
artikel 4