Leerplichtwet BES
- BWB-id
- BWBR0030281
- Type
- wet-BES
- Ministerie
- Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2025-08-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0030281
- ELI
- /eli/nl/wet-bes/2011/leerplichtwet-bes
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet-bes/2011/leerplichtwet-bes/2025-08-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0030281&g=2025-08-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0030281&z=2026-06-06&g=2025-08-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0030281/2025-08-01
Absolute ELI: /eli/nl/wet-bes/2011/leerplichtwet-bes
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen Deze wet verstaat onder: a. Onze Minister : Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap; b. school : 1°. artikel 2.68 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 een openbare of een uit openbare kas bekostigde bijzondere basisschool of school of een ingevolgeaangewezen instelling voor voortgezet onderwijs; 2°. artikel 2.66 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 een ingevolgeaangewezen bijzondere school voor voortgezet onderwijs, in een openbaar lichaam; 3°. artikel 3 een andere school die wat de inrichting van het onderwijs betreft, overeenkomt met de criteria, bedoeld in, en wat de bevoegdheden van leraren betreft, overeenkomt met een of meer van de onder 1° bedoelde scholen; 4°. artikel 2, eerste lid, onder a een andere krachtens, voor de toepassing van deze wet als school aangewezen onderwijsinstelling; c. instelling : 1°. Wet educatie en beroepsonderwijs BES een instelling voor educatie en beroepsonderwijs als bedoeld in de; 2°. artikel 2, eerste lid, onder b een andere krachtens, voor de toepassing van deze wet als instelling aangewezen cursus of instelling, waar onderwijs of vorming wordt gegeven; d. hoofd : 1°. hij die met de leiding van de school is belast; 2°. hij die met de leiding van de instelling is belast; e. ambtenaar artikel 28 : de ambtenaar, bedoeld in; f. startkwalificatie : 1°. artikel 7.2.2, eerste lid, onder b tot en met e, van de Wet educatie en beroepsonderwijs BES artikel 2.4 artikel 2.5 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 een diploma van een opleiding als bedoeld inof een diploma hoger algemeen voortgezet onderwijs of voorbereidend wetenschappelijk onderwijs als bedoeld inonderscheidenlijk; 2°. artikel 2.68 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 een bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aangewezen diploma van onderwijs aan een instelling voor voortgezet onderwijs als bedoeld in; 3°. artikel 2, eerste lid, onderdeel c een ander krachtens, voor de toepassing van deze wet aangewezen diploma; g. openbaar lichaam : het openbaar lichaam Bonaire, Sint Eustatius of Saba; h. inspectie Wet op het onderwijstoezicht : de inspectie, bedoeld in de; i. persoonsgebonden nummer BES : het ID-nummer dat van de jongere is opgenomen in de basisadministratie persoonsgegevens van het openbaar lichaam dan wel het door Onze Minister uitgegeven onderwijsnummer. 2021 57 10-02-2021 27-01-2021 35611 2021 409 31-08-2021 14-07-2021 35725 2021 599 09-12-2021 29-11-2021 01-08-2022
Artikel 2 — Artikel 2 Aanwijzing scholen, instellingen en diploma’s#
Artikel 2 Aanwijzing scholen, instellingen en diploma’s 1 Bij ministeriële regeling dan wel bij beschikking van Onze Minister kunnen: Aan de aanwijzing kunnen voorwaarden worden verbonden. a. artikel 1, onderdeel b subonderdeel 4 onderwijsinstellingen dan wel groepen daarvan worden aangewezen als school bedoeld in, b. artikel 1, onderdeel c, subonderdeel 2 cursussen of instellingen waar onderwijs of vorming wordt gegeven dan wel groepen daarvan worden aangewezen als instelling bedoeld in, en c. artikel 1, onderdeel f, subonderdeel 2 diploma’s, van een opleiding aan een school als bedoeld in onderdelen a en b, worden aangewezen als startkwalificatie, bedoeld in. 2 Onze Minister kan de aanwijzing intrekken indien het hoofd of het personeel van de school of instelling niet binnen de door hem gestelde redelijke termijn alle medewerking verleent die Onze Minister redelijkerwijs kan vorderen bij de uitoefening van zijn bevoegdheden. Indien het hoofd of het personeel van de school of instelling uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift verplicht zijn tot geheimhouding, kunnen zij het verlenen van medewerking weigeren, voor zover dit uit hun geheimhoudingsplicht voortvloeit. 2021 409 31-08-2021 14-07-2021 35725 2021 443 29-09-2021 20-09-2021 01-10-2021
Artikel 3 — Artikel 3 artikel 1, onderdeel b, subonderdeel 3 Scholen als bedoeld in#
Artikel 3 artikel 1, onderdeel b, subonderdeel 3 Scholen als bedoeld in 1 titel I van de Wet primair onderwijs BES artikelen 1.1 1.2 1.4 3.37 3.38 7.9, eerste lid 8.28 8.29 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 artikel 1, onderdeel b, subonderdeel 3 Onverminderden de,,,,,,en, moet een school als bedoeld in, a. artikelen 10, eerste, tweede, derde, lid 3a, vierde, vijfde lid, onderdeel a, zesde en zevende lid 11 12 13, eerste volzin, van de Wet primair onderwijs BES wat de inrichting van het basisonderwijs betreft, voldoen aan de criteria, bedoeld in de,,en, en tevens heeft de school een schoolplan dat ten minste een beschrijving bevat van het beleid inzake het onderwijs, bedoeld in artikel 10, derde lid, van genoemde wet; b. artikelen 2.2 2.11 2.87, eerste volzin, van de Wet voortgezet onderwijs 2020 artikel 2.2 van genoemde wet artikel 2.13 van genoemde wet wat de inrichting van het voortgezet onderwijs betreft, voldoen aan de criteria, bedoeld in de,en, en tevens heeft de school een schoolplan dat ten minste een beschrijving bevat van het beleid inzake het onderwijs, bedoeld inen besteedt het onderwijs binnen de eerste twee leerjaren van het voortgezet onderwijs aantoonbaar aandacht aan de kerndoelen, bedoeld in, en aansluitend aan de kerndoelen als onderwijsprogramma voor de eerste twee leerjaren, stelt het onderwijs de leerlingen aantoonbaar in staat om hun onderwijsloopbaan voort te zetten in het vervolgonderwijs op een niveau dat van de leerling verwacht mag worden. 2 artikel 1, onderdeel b, subonderdeel 3 Het bestuurscollege volgt bij zijn oordeel of een onderwijsvoorziening een school is als bedoeld in, een door de inspectie ter zake gegeven besluit. 3 artikel 1, onderdeel b, subonderdeel 3 Indien Onze Minister naar aanleiding van een melding als bedoeld in artikel 14 van de Wet op het onderwijstoezicht besluit dat een school niet langer voldoet aan de criteria die gelden voor een school als bedoeld in, dan volgt het bestuurscollege van het openbaar lichaam waarin de school is gevestigd dit besluit en oordeelt het dat de school niet langer een school is als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, subonderdeel 3. 4 artikel 1, onderdeel b, subonderdeel 3 Indien het besluit, bedoeld in het derde lid, daartoe aanleiding geeft, stelt het bestuurscollege de ouders van de leerlingen van de onderwijsvoorziening binnen 7 dagen schriftelijk op de hoogte van het feit dat de onderwijsvoorziening niet langer een school is als bedoeld in, of verzekert het er zich van dat de onderwijsvoorziening de ouders daarvan op de hoogte heeft gesteld. 2022 135 04-04-2022 09-02-2022 35671 2025 30 06-02-2025 24-01-2025 01-08-2025
Artikel 4 — Artikel 4 Meerderjarige jongeren#
Artikel 4 Meerderjarige jongeren artikel 6, eerste lid Indien een leerplichtige jongere of een jongere die kwalificatieplichtig is meerderjarig is, rusten de verplichtingen en bevoegdheden die in deze wet zijn toebedeeld aan de in, bedoelde personen op de jongere zelf. 2011 33 16-02-2011 03-02-2011 32419 2011 34 07-03-2011 03-02-2011 17-02-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 5 — Artikel 5 Maatregelen#
Artikel 5 Maatregelen 1 Indien de kwaliteit van het niet uit ’s Rijks kas bekostigde onderwijs ernstig of langdurig tekortschiet, kan Onze Minister op verzoek van het hoofd van een school of instelling of uit eigener beweging in overeenstemming met het hoofd maatregelen treffen. 2 Tot de maatregelen, bedoeld in het eerste lid, behoort de mogelijkheid het hoofd van een school of instelling te laten bijstaan door een extern deskundige. Ook kunnen onder voorwaarden extra financiële middelen aan de school of instelling ter beschikking worden gesteld. 2011 33 16-02-2011 03-02-2011 32419 2017 296 07-07-2017 27-06-2017 01-08-2017
Artikel 6 — Artikel 6 Verantwoordelijke personen#
Artikel 6 Verantwoordelijke personen 1 Degene die het gezag over een jongere uitoefent, en degene die zich met de feitelijke verzorging van een jongere heeft belast, zijn verplicht overeenkomstig de bepalingen van deze wet te zorgen, dat de jongere als leerling van een school staat ingeschreven en deze school na inschrijving geregeld bezoekt. Bij de inschrijving wordt een van overheidswege verstrekt document of een bewijs van uitschrijving van een andere school overgelegd waarop de gegevens van de jongere betreffende zijn geslachtsnaam, voorletters, geboortedatum, geslacht en persoonsgebonden nummer BES zijn vermeld. Indien de in de eerste volzin bedoelde personen bij de inschrijving aannemelijk hebben gemaakt dat zij geen persoonsgebonden nummer BES van de jongere kunnen overleggen, leggen zij het persoonsgebonden nummer BES van de jongere over aan de school zodra zij daarvan kennis hebben gekregen. 2 De in het eerste lid bedoelde verplichtingen gelden niet voor zover de daarin bedoelde personen kunnen aantonen dat zij daarvoor niet verantwoordelijk kunnen worden geacht. 3 De jongere die de leeftijd van 12 jaren heeft bereikt, is verplicht overeenkomstig de bepalingen van deze wet de school waaraan hij als leerling staat ingeschreven, geregeld te bezoeken, onverminderd het bepaalde in het eerste lid. 2011 33 16-02-2011 03-02-2011 32419 2011 34 07-03-2011 03-02-2011 17-02-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 7 — Artikel 7 Begin en einde van de verplichting tot inschrijving#
Artikel 7 Begin en einde van de verplichting tot inschrijving 1 De verplichting om te zorgen, dat een jongere als leerling van een school staat ingeschreven, begint op de eerste schooldag van de maand volgende op die waarin de jongere de leeftijd van vier jaar bereikt, en eindigt: a. aan het einde van het schooljaar na afloop waarvan de jongere ten minste twaalf volledige schooljaren een of meer scholen heeft bezocht; b. aan het einde van het schooljaar waarin de jongere de leeftijd van zestien jaar heeft bereikt. 2 Een jongere die een basisschool in minder dan acht schooljaren heeft doorlopen, wordt voor de toepassing van het eerste lid onder a geacht reeds acht schooljaren een school te hebben bezocht. 2011 33 16-02-2011 03-02-2011 32419 2011 34 07-03-2011 03-02-2011 17-02-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 8 — Artikel 8 Vervangende leerplicht#
Artikel 8 Vervangende leerplicht 1 artikel 6, eerste lid artikelen 2.13 2.14 2.18 2.31, vierde lid 2.38, zesde lid, van de Wet voortgezet onderwijs 2020 Indien het een jongere betreft die ten minste de leeftijd van 14 jaar heeft bereikt en waarvan naar het oordeel van het bestuurscollege is komen vast te staan, dat hij niet geschikt is volledig onderwijs aan een school te volgen, kan het bestuurscollege van het openbaar lichaam waar de jongere als ingezetene is ingeschreven, op aanvraag van de in, bedoelde personen, in overeenstemming met het bevoegd gezag van de school, toestaan dat gedurende een bepaald schooljaar, voor zover nodig, in afwijking van het bepaalde in de,,,, ende jongere aan de school een programma volgt, dat naast algemeen vormend onderwijs en op het beroep gericht onderwijs tevens praktijktijd bevat, bestaande uit arbeid van lichte aard, te verrichten naast en in de samenhang met het onderwijs. 2 De aanvraag, bedoeld in het eerste lid, gaat vergezeld van een plan van aanpak dat voorziet in een begeleidingsprogramma ten behoeve van de jongere dat is opgesteld door de school en dat ten minste bevat een beschrijving van de onderwijsdoelen en van de praktijktijd. 3 Alvorens het bestuurscollege besluit op de aanvraag, bedoeld in het eerste lid, hoort het bestuurscollege in elk geval: a. degene die de aanvraag heeft ingediend en de jongere zelf, en b. het hoofd van de school waar de jongere staat ingeschreven. 4 artikel 6, eerste lid Het bestuurscollege besluit binnen 4 weken na ontvangst van de aanvraag, bedoeld in het eerste lid, en zendt binnen 2 weken na het nemen van het besluit daarvan afschrift aan de in, bedoelde personen. 5 artikel 6, eerste lid artikelen 2.12 tot en met 2.14 2.18 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 Indien de jongere nog steeds niet geschikt is volledig onderwijs als bedoeld in het eerste lid aan een school te volgen, kunnen de in, bedoelde personen het bestuurscollege ten minste acht weken voor het verstrijken van de periode waarvoor toestemming is verleend, aanvragen om de toestemming voor het daaropvolgend schooljaar te verlengen. De aanvraag gaat vergezeld van een verklaring van het hoofd van de school waar de jongere staat ingeschreven, waarin een overzicht is gegeven van de wijze waarop uitvoering is gegeven aan het programma en waaruit blijkt dat een terugkeer van de jongere naar het onderwijs, bedoeld in deen, te ontraden is, alsmede dat voortzetting van het programma bijdraagt aan de ontwikkeling van de jongere. Het tweede en derde lid zijn van toepassing. 6 artikel 6, eerste lid Een jongere die wegens gedragsproblemen de veiligheid van medeleerlingen en personeel negatief beïnvloedt en die een grens heeft overschreden of dreigt te overschrijden en daardoor tijdelijk niet meer is te handhaven binnen de school, kan door het bestuurscollege van het openbaar lichaam waar de jongere als ingezetene is ingeschreven, op aanvraag van het bevoegd gezag van een school en na overleg met de in, bedoelde personen, opgedragen worden een niet vrijblijvend traject te volgen buiten de school. Dit traject wordt gevolgd binnen een afgebakende periode van enkele maanden, waarin de jongere gemotiveerd wordt om zijn schoolloopbaan te vervolgen. Dit traject wordt gevolgd in een daartoe door Onze Minister aangewezen organisatie. 2021 57 10-02-2021 27-01-2021 35611 2021 599 09-12-2021 29-11-2021 01-08-2022
Artikel 9 — Artikel 9 Vervangende leerplicht laatste schooljaar#
Artikel 9 Vervangende leerplicht laatste schooljaar 1 artikel 6, eerste lid artikel 7, eerste lid, onder a of b paragraaf 3 Op aanvraag van de in, bedoelde personen kan het bestuurscollege van het openbaar lichaam waar de jongere als ingezetene is ingeschreven, toestaan dat de inschrijving van de jongere aan een school voor het laatste schooljaar, bedoeld in, wordt vervangen door de inschrijving als mbo-student of vavo-student van een instelling als bedoeld in. 2 paragraaf 3 artikel 8, eerste lid artikelen 2.12 tot en met 2.14 2.18 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 De aanvraag, bedoeld in het eerste lid, gaat vergezeld van plan van aanpak dat voorziet in een begeleidingsprogramma ten behoeve van de jongere dat is opgesteld door de instelling waar de jongere ingeschreven wenst te worden. Het begeleidingsprogramma bevat ten minste een beschrijving van de onderwijs- en vormingsdoelen, waaronder algemeen vormend onderwijs en op het beroep gericht onderwijs, alsmede de wijze waarop arbeid van lichte aard zal worden verricht, naast het volgen van onderwijs aan een instelling als bedoeld indoch niet in samenhang met het onderwijs. Indien het betreft een jongere, die ten tijde van de indiening van de aanvraag een programma als bedoeld in, volgt, gaat de aanvraag tevens vergezeld van een verklaring van het hoofd van de school waar de jongere staat ingeschreven, waarin een overzicht is gegeven van de wijze waarop uitvoering is gegeven aan het programma en waaruit blijkt dat een terugkeer van de jongere naar het onderwijs, bedoeld in deen, dan wel een voortgezette toepassing van artikel 8, eerste lid, te ontraden is. 3 Alvorens het bestuurscollege besluit op de aanvraag, bedoeld in het eerste lid, hoort het bestuurscollege in elk geval: a. degene die de aanvraag heeft ingediend en de jongere zelf; b. het hoofd van de school waar de jongere het laatst stond ingeschreven en het hoofd van de instelling waar de jongere ingeschreven wenst te worden, en c. de instellingen van maatschappelijke zorg die reeds bij de begeleiding van de jongere betrokken zijn. 4 artikel 6, eerste lid Het bestuurscollege besluit binnen 4 weken na ontvangst van de aanvraag, bedoeld in het eerste lid, en zendt binnen 2 weken na het nemen van het besluit daarvan afschrift aan de in, bedoelde personen. 2021 57 10-02-2021 27-01-2021 35611 2021 599 09-12-2021 29-11-2021 01-08-2022
Artikel 10 — Artikel 10 Begin en einde van de verplichting tot geregeld schoolbezoek#
Artikel 10 Begin en einde van de verplichting tot geregeld schoolbezoek 1 De verplichting om te zorgen, dat een jongere de school waar hij als leerling staat ingeschreven, geregeld bezoekt, begint op de dag waarop hij na inschrijving op die school kan plaats nemen en eindigt tegelijk met de verplichting om te zorgen dat hij als leerling van een school staat ingeschreven. 2 Het schoolbezoek vindt geregeld plaats zolang geen les of praktijktijd wordt verzuimd. 2011 33 16-02-2011 03-02-2011 32419 2011 34 07-03-2011 03-02-2011 17-02-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 11 — Artikel 11 Inschrijving#
Artikel 11 Inschrijving 1 artikel 6, eerste lid artikel 2.107b, tweede lid 2.107l, tweede lid, van de Wet voortgezet onderwijs 2020 artikel 2.100, eerste lid 2.109, derde lid, van die wet De in, bedoelde personen zijn verplicht te zorgen dat de jongere overeenkomstig de bepalingen van deze paragraaf staat ingeschreven als leerling, vavo-student of mbo-student bij een school of instelling die volledig onderwijs, een bij de wet geregelde combinatie van leren en werken een onderwijsprogramma als bedoeld in, ofdan wel een onderwijsprogramma dat is vormgegeven volgens een samenwerkingsovereenkomst als bedoeld in, ofverzorgt en dat hij deze school of instelling na inschrijving geregeld bezoekt, als: a. paragraaf 2 ten aanzien van de jongere de leerplicht, bedoeld in, is geëindigd, en b. de jongere geen startkwalificatie heeft behaald. 2 artikel 2.58, derde lid, van de Wet voortgezet onderwijs 2020 artikel 2.59, tweede lid, van die wet De verplichting, bedoeld in het eerste lid, geldt niet ten aanzien van jongeren die in het bezit zijn van een schooldiploma praktijkonderwijs, als bedoeld in, of een verklaring als bedoeld in. 3 Artikel 6, tweede lid , is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de verplichtingen, bedoeld in het eerste lid. 4 artikel 6, eerste lid Als de inschrijving, bedoeld in het eerste lid, plaats vindt aan een andere school of instelling dan daarvoor door de jongere werd bezocht, wordt bij de inschrijving een van overheidswege verstrekt document of een bewijs van uitschrijving van een andere school of instelling overgelegd waarop de gegevens van de jongere betreffende zijn geslachtsnaam, voorletters, geboortedatum, geslacht en persoonsgebonden nummer BES zijn vermeld. Als de in, bedoelde personen bij de inschrijving aannemelijk hebben gemaakt dat zij geen persoonsgebonden nummer BES van de jongere kunnen overleggen, leggen zij het persoonsgebonden nummer BES van de jongere over aan de school zodra zij daarvan kennis hebben verkregen. 2021 57 10-02-2021 27-01-2021 35611 2021 599 09-12-2021 29-11-2021 01-08-2022
Artikel 12 — Artikel 12 Begin en einde verplichting tot inschrijving#
Artikel 12 Begin en einde verplichting tot inschrijving artikel 11, eerste lid paragraaf 2 De verplichting, bedoeld in, vangt aan direct na het einde van de leerplicht, bedoeld in, en eindigt zodra de jongere de leeftijd van 18 jaar bereikt of een startkwalificatie heeft behaald. 2011 33 16-02-2011 03-02-2011 32419 2011 34 07-03-2011 03-02-2011 17-02-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 13 — Artikel 13 De invulling van de verplichting tot geregeld schoolbezoek#
Artikel 13 De invulling van de verplichting tot geregeld schoolbezoek 1 artikel 11, eerste lid 2.107b, tweede lid 2.107l, tweede lid, van de Wet voortgezet onderwijs 2020 artikel 2.100, eerste lid 2.109, derde lid, van die wet De jongere die als leerling, vavo-student of mbo-student van een school of instelling staat ingeschreven op grond van, is verplicht het volledige onderwijsprogramma , het volledige programma van de combinatie leren en werken, het onderwijsprogramma, bedoeld in artikel, ofrespectievelijk het onderwijsprogramma dat is vormgegeven volgens een samenwerkingsovereenkomst als bedoeld in, of, te volgen dat door die school of instelling wordt aangeboden. 2 artikel 11, eerste lid artikel 20 De jongere voldoet aan de verplichting, bedoeld in, om de school of instelling na inschrijving geregeld te bezoeken, zolang hij geen les of praktijktijd verzuimt anders dan op een van de gronden, bedoeld in. 2021 57 10-02-2021 27-01-2021 35611 2021 599 09-12-2021 29-11-2021 01-08-2022
Artikel 14 — Artikel 14 Gronden voor vrijstelling van inschrijving#
Artikel 14 Gronden voor vrijstelling van inschrijving artikel 6, eerste lid De in, bedoelde personen zijn vrijgesteld van de verplichting om te zorgen, dat een jongere als leerling van een school onderscheidenlijk als vavo-student of mbo-student van een instelling staat ingeschreven, zolang a. de jongere op lichamelijke of psychische gronden niet geschikt is om tot een school onderscheidenlijk een instelling te worden toegelaten; b. zij tegen de richting van het onderwijs op alle binnen redelijke afstand van de woning – of, indien zij geen vaste verblijfplaats hebben, op alle binnen de openbare lichamen – gelegen scholen onderscheidenlijk instellingen waarop de jongere geplaatst zou kunnen worden, overwegende bedenkingen hebben; c. de jongere als leerling van een inrichting van onderwijs buiten een van de openbare lichamen staat ingeschreven en deze inrichting geregeld bezoekt. 2020 234 08-07-2020 01-07-2020 35252 2020 276 22-07-2020 08-07-2020 01-08-2020
Artikel 15 — Artikel 15 Kennisgeving#
Artikel 15 Kennisgeving 1 artikel 6, eerste lid De in, bedoelde personen kunnen zich slechts beroepen op vrijstelling, indien zij aan het bestuurscollege van het openbaar lichaam waar de jongere als ingezetene is ingeschreven, hebben kennis gegeven, voor welke jongere en op welke grond zij daarop aanspraak menen te mogen maken. 2 Deze kennisgeving moet worden ingediend: a. ten minste een maand voordat de jongere leerplichtig wordt, indien zij betrekking heeft op de aanvang van de leerplicht, en b. zolang nadien aanspraak op vrijstelling wordt gemaakt, elk jaar opnieuw voor 1 juli. 3 artikel 16 Het tweede lid onder b is niet van toepassing, indien uit de inbedoelde verklaring blijkt, dat de jongere nooit geschikt zal zijn een school onderscheidenlijk een instelling te bezoeken. 2011 33 16-02-2011 03-02-2011 32419 2011 34 07-03-2011 03-02-2011 17-02-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 16 — Artikel 16 Lichamelijke of psychische ongeschiktheid#
Artikel 16 Lichamelijke of psychische ongeschiktheid artikel 14, onderdeel a Een beroep op vrijstelling op grond van, kan slechts worden gedaan, indien bij de kennisgeving een verklaring van een door het bestuurscollege van het openbaar lichaam, waar de jongere als ingezetene is ingeschreven, aangewezen arts – niet zijnde de behandelende arts – of van een door het bestuurscollege aangewezen academisch gevormde of daarmede bij ministeriële regeling gelijkgestelde pedagoog of psycholoog is overgelegd, waaruit blijkt, dat deze de jongere niet geschikt acht om tot een school onderscheidenlijk een instelling te worden toegelaten. Deze verklaring mag niet ouder zijn dan drie maanden. 2011 33 16-02-2011 03-02-2011 32419 2011 34 07-03-2011 03-02-2011 17-02-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 17 — Artikel 17 Bedenkingen tegen richting van school#
Artikel 17 Bedenkingen tegen richting van school 1 artikel 14, onderdeel b Een beroep op vrijstelling op grond van, kan slechts worden gedaan, indien de kennisgeving de verklaring bevat, dat tegen de richting van het onderwijs op alle binnen redelijke afstand van de woning – of, bij het ontbreken van een vaste verblijfplaats, op alle binnen de openbare lichamen – gelegen scholen onderscheidenlijk instellingen waarop de jongere geplaatst zou kunnen worden, overwegende bedenkingen bestaan. 2 Deze verklaring is niet geldig, indien de jongere in het jaar, voorafgaande aan de dagtekening van de kennisgeving, geplaatst is geweest op een school onderscheidenlijk een instelling van de richting waartegen bedenkingen worden geuit. 2011 33 16-02-2011 03-02-2011 32419 2011 34 07-03-2011 03-02-2011 17-02-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 18 — Artikel 18 Bezoeken van school buiten een van de openbare lichamen#
Artikel 18 Bezoeken van school buiten een van de openbare lichamen artikel 14, onderdeel c Een beroep op vrijstelling op grond van, kan slechts worden gedaan, indien bij de kennisgeving een verklaring is overgelegd van het hoofd van de inrichting van onderwijs waaruit blijkt, dat de jongere als leerling van deze inrichting staat ingeschreven en haar geregeld bezoekt. 2011 33 16-02-2011 03-02-2011 32419 2011 34 07-03-2011 03-02-2011 17-02-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 19 — Artikel 19 Uitschrijving#
Artikel 19 Uitschrijving artikel 6, eerste lid artikel 7, eerste lid artikel 12 Op aanvraag van de in, bedoelde personen wordt een jongere binnen de in, enomschreven tijdvakken door het hoofd slechts van de lijst der leerlingen, vavo-studenten of mbo-studenten uitgeschreven: a. wegens inschrijving van de jongere op een andere school of instelling; b. artikel 14 artikelen 15 tot en met 18 wegens vrijstelling op een der gronden, genoemd in, nadat aan het hoofd gebleken is, dat aan deis voldaan; c. artikel 27 wegens de vrijstelling, bedoeld in. 2020 234 08-07-2020 01-07-2020 35252 2020 276 22-07-2020 08-07-2020 01-08-2020
Artikel 20 — Artikel 20 Gronden voor vrijstelling van geregeld schoolbezoek#
Artikel 20 Gronden voor vrijstelling van geregeld schoolbezoek artikel 6, eerste lid De in, bedoelde personen zijn vrijgesteld van de verplichting te zorgen dat de jongere de school waarop hij staat ingeschreven, geregeld bezoekt, en de leerplichtige jongere die de leeftijd van 12 jaren heeft bereikt alsmede de jongere die kwalificatieplichtig is, zijn vrijgesteld van de verplichting de school of de instelling geregeld te bezoeken, indien a. de school onderscheidenlijk de instelling is gesloten of het onderwijs is geschorst; b. bij of op grond van algemeen verbindende voorschriften het bezoeken van de school onderscheidenlijk de instelling is verboden; c. de jongere bij wijze van tuchtmaatregel tijdelijk de toegang tot de school onderscheidenlijk de instelling is ontzegd; d. de jongere wegens ziekte verhinderd is de school onderscheidenlijk de instelling te bezoeken; e. de jongere wegens vervulling van plichten voortvloeiend uit godsdienst of levensovertuiging verhinderd is de school onderscheidenlijk de instelling te bezoeken; f. artikel 6, eerste lid de jongere vanwege de specifieke aard van het beroep van een van de in, bedoelde personen slechts buiten de schoolvakanties met hen op vakantie kan gaan; g. de jongere door andere gewichtige omstandigheden verhinderd is de school onderscheidenlijk de instelling te bezoeken. 2011 33 16-02-2011 03-02-2011 32419 2011 34 07-03-2011 03-02-2011 17-02-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 21 — Artikel 21 Leeftijd leerling#
Artikel 21 Leeftijd leerling 1 artikel 6, eerste lid De in, bedoelde personen zijn met betrekking tot de jongere die nog niet de leeftijd van zes jaar heeft bereikt, voor ten hoogste 5 uren per week vrijgesteld van de verplichting om te zorgen dat deze de school waarop hij staat ingeschreven, geregeld bezoekt. Van een beroep op deze vrijstelling wordt mededeling gedaan aan het hoofd. 2 artikel 6, eerste lid Naast de vrijstelling, bedoeld in het eerste lid, kan het hoofd op aanvraag van de in, bedoelde personen ten behoeve van de jongere bedoeld in het eerste lid, tot ten hoogste 5 uren per week vrijstelling verlenen van de verplichting om te zorgen dat deze de school waarop hij staat ingeschreven, geregeld bezoekt. 2017 80 09-03-2017 22-02-2017 34607 2017 166 20-04-2017 29-03-2017 01-07-2017
Artikel 22 — Artikel 22 Ziekte#
Artikel 22 Ziekte Een beroep op vrijstelling wegens ziekte van de jongere kan slechts worden gedaan, indien daarvan binnen twee dagen na het ontstaan van de verhindering aan het hoofd kennis is gegeven, zo mogelijk met opgave van de aard van de ziekte. 2020 234 08-07-2020 01-07-2020 35252 2020 276 22-07-2020 08-07-2020 01-08-2020
Artikel 23 — Artikel 23 Plichten voortvloeiend uit godsdienst of levensovertuiging#
Artikel 23 Plichten voortvloeiend uit godsdienst of levensovertuiging Een beroep op vrijstelling wegens vervulling van plichten voortvloeiend uit godsdienst of levensovertuiging kan slechts worden gedaan indien daarvan uiterlijk twee dagen vóór de verhindering aan het hoofd kennis is gegeven. 2011 33 16-02-2011 03-02-2011 32419 2011 34 07-03-2011 03-02-2011 17-02-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 24 — Artikel 24 Vakantie#
Artikel 24 Vakantie 1 artikel 20, onder f artikel 6, eerste lid Een beroep op vrijstelling wegens vakantie van de jongere, bedoeld in, kan slechts worden gedaan indien het hoofd op aanvraag van de in, bedoelde personen verlof heeft verleend dat de jongere voor de duur van het verlof de school onderscheidenlijk de instelling niet bezoekt. 2 artikel 13 Verlof als bedoeld in het eerste lid kan door het hoofd slechts eenmaal voor ten hoogste tien dagen per schooljaar worden verleend en kan geen betrekking hebben op de eerste twee lesweken van het schooljaar. Het verlof, bedoeld in de eerste volzin, kan aan de jongere die kwalificatieplichtig is slechts worden verleend tot een evenredig deel van het aantal dagen dat hij op grond vanverplicht is onderwijs te volgen. 2017 80 09-03-2017 22-02-2017 34607 2017 166 20-04-2017 29-03-2017 01-07-2017
Artikel 25 — Artikel 25 Kennisgeving bij beroep op vrijstelling#
Artikel 25 Kennisgeving bij beroep op vrijstelling artikel 6, eerste lid Een beroep op vrijstelling wegens ziekte van de jongere, wegens vervulling van plichten voortvloeiend uit godsdienst of levensovertuiging wordt gedaan door middel van kennisgeving aan het hoofd door de in, bedoelde personen, tenzij de leerplichtige jongere of de jongere die kwalificatieplichtig is niet meer woonachtig is bij deze personen, in welk geval de kennisgeving wordt gedaan door de jongere zelf. 2011 33 16-02-2011 03-02-2011 32419 2011 34 07-03-2011 03-02-2011 17-02-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 26 — Artikel 26 Andere gewichtige omstandigheden#
Artikel 26 Andere gewichtige omstandigheden 1 artikel 20 onder g artikel 6, eerste lid Een beroep op vrijstelling wegens andere gewichtige omstandigheden als bedoeld inkan slechts worden gedaan, indien het hoofd op aanvraag van de in, bedoelde personen verlof heeft verleend, dat de jongere de school onderscheidenlijk de instelling tijdelijk niet bezoekt. 2 Indien geen verlof is gevraagd, kan het hoofd alsnog verlof verlenen, indien hem binnen twee dagen na het ontstaan van de verhindering de redenen daarvan worden medegedeeld. 3 artikel 13 Het hoofd kan ten aanzien van dezelfde jongere wegens de in het eerste lid bedoelde omstandigheden voor ten hoogste tien dagen per schooljaar verlof als bedoeld in dat lid verlenen. Indien het verlof ten aanzien van dezelfde jongere wordt gevraagd voor meer dan tien dagen per schooljaar, besluit de ambtenaar van het openbaar lichaam waar de jongere woonachtig is, het hoofd gehoord. Het verlof, bedoeld in de eerste volzin, kan aan de jongere die kwalificatieplichtig is slechts worden verleend tot een evenredig deel van het aantal dagen dat hij op grond vanverplicht is onderwijs te volgen. 2017 80 09-03-2017 22-02-2017 34607 2017 166 20-04-2017 29-03-2017 01-07-2017
Artikel 27 — Artikel 27 Vrijstelling wegens het volgen van ander onderwijs#
Artikel 27 Vrijstelling wegens het volgen van ander onderwijs artikel 14 artikel 11 In andere gevallen dan genoemd inkan het bestuurscollege op grond van bijzondere omstandigheden vrijstelling verlenen van de inopgelegde verplichtingen, indien wordt aangetoond, dat de jongere op andere wijze voldoende onderwijs geniet. 2011 33 16-02-2011 03-02-2011 32419 2011 34 07-03-2011 03-02-2011 17-02-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 27a — Artikel 27a Vrijstelling en vertrek van een openbaar lichaam#
Artikel 27a Vrijstelling en vertrek van een openbaar lichaam Bij vertrek uit een openbaar lichaam is een leerplichtige jongere die afwezig zal zijn gedurende de tijd dat er onderwijs wordt gegeven, in het bezit van een verklaring waaruit blijkt dat: a. hem vrijstelling, ontheffing of verlof is verleend als bedoeld in deze wet, of b. hij zich heeft uitgeschreven uit het bevolkingsregister teneinde zich buiten het desbetreffende openbaar lichaam te vestigen. 2011 33 16-02-2011 03-02-2011 32419 2011 34 07-03-2011 03-02-2011 17-02-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 28 — Artikel 28 Leerplichtambtenaren#
Artikel 28 Leerplichtambtenaren 1 Het toezicht op de naleving van deze wet anders dan door de hoofden is opgedragen aan het bestuurscollege. Het wijst daartoe een of meer ambtenaren aan. 2 Alvorens hun ambt te aanvaarden, leggen deze ambtenaren in handen van de gezaghebber de eed of de belofte af, waarvan het formulier bij ministeriële regeling wordt vastgesteld. 3 Deze ambtenaren zijn bevoegd hun taak uit te oefenen ten aanzien van leerlingen, vavo-studenten of mbo-studenten die in een van de openbare lichamen woon- of verblijfplaats hebben. 4 Het bestuurscollege stelt een instructie vast voor deze ambtenaren, die ten minste bevat: a. artikelen 26, derde lid 34 35 de wijze waarop de ambtenaren aan de in de,enbedoelde taken uitvoering geven; b. de wijze waarop de gevallen van schoolverzuim die ter kennis van het openbaar lichaam worden gebracht, worden behandeld; c. de wijze waarop de ambtenaren bij de uitvoering van hun taken overleg plegen en samenwerken met hun ambtgenoten; d. de aanwijzing van de diensten en instellingen waarmee de ambtenaren bij de uitvoering van hun taken dienen samen te werken. 5 artikel 184 van het Wetboek van Strafvordering BES Deze ambtenaren zijn belast met de opsporing van de bij deze wet strafbaar gestelde feiten, onverminderd. 2020 235 08-07-2020 01-07-2020 35102 2020 469 24-11-2020 12-11-2020 01-01-2021
Artikel 28a — Artikel 28a Inspectie van het onderwijs#
Artikel 28a Inspectie van het onderwijs 1 Het toezicht op de naleving van deze wet door de hoofden is opgedragen aan de Inspectie van het onderwijs. 2 artikel 28 Ten behoeve van het in het eerste lid bedoelde toezicht kan de Inspectie van het onderwijs ambtenaren als bedoeld inaanwijzen indien het bestuurscollege hierom verzoekt. 3 Aan de aanwijzing, bedoeld in het tweede lid, ligt een samenwerkingsovereenkomst tussen de Inspectie van het onderwijs en het bestuurscollege ten grondslag, waarvoor het model bij ministeriële regeling wordt vastgesteld en waarin in ieder geval de werkzaamheden zijn opgenomen die door deze ambtenaren worden verricht. 4 artikel 28 Indien toepassing is gegeven aan het tweede lid, treft het bestuurscollege maatregelen om te voorkomen dat de aangewezen ambtenaren taken verrichten ten behoeve van het toezicht, bedoeld in, met betrekking tot de scholen of instellingen waarop hij als aangewezen ambtenaar toezicht houdt. De instructie, bedoeld in artikel 28, vierde lid, is niet van toepassing voor zover het de werkzaamheden van de aangewezen ambtenaren betreft. 5 artikel 39 De ambtenaren, bedoeld in het tweede lid, zijn niet bevoegd om namens de minister een bestuurlijke boete op te leggen als bedoeld in. 2020 235 08-07-2020 01-07-2020 35102 2020 469 24-11-2020 12-11-2020 01-01-2021
Artikel 29 — Artikel 29 Toezicht op de naleving#
Artikel 29 Toezicht op de naleving 1 artikel 28 artikel 36 Ambtenaren als bedoeld in, tonen bij de uitvoering van hun taak op verzoek van belanghebbenden hun legitimatiebewijs. Deze ambtenaren hebben toegang tot scholen en tot andere plaatsen, niet zijnde woningen, voor zover dat redelijkerwijs nodig is voor de uitvoering van hun taak, en kunnen zich indien nodig met behulp van de ambtenaren, genoemd in, toegang verschaffen. Deze ambtenaren kunnen zich doen vergezellen van door hen aangewezen personen. 2 Een ieder is verplicht deze ambtenaren medewerking te verlenen door hun aanwijzingen te volgen, de door hen gevraagde inlichtingen volledig en naar waarheid te verstrekken en de benodigde bijstand te verstrekken, een en ander voor zover die medewerking redelijkerwijs nodig is bij de uitvoering van hun toezichthoudende taak. 2011 33 16-02-2011 03-02-2011 32419 2011 34 07-03-2011 03-02-2011 17-02-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 29a — Artikel 29a Controle op naleving leerplicht door ambtenaren belast met de grensbewaking#
Artikel 29a Controle op naleving leerplicht door ambtenaren belast met de grensbewaking 1 artikel 28 artikel 6 11 artikel 27a Wet toelating en uitzetting BES Onverminderd het bepaalde inkunnen ambtenaren belast met de grensbewaking, bedoeld in de, indien er ernstige twijfel bestaat of er wordt voldaan aan de verplichting de school of de instelling geregeld te bezoeken, bij vertrek van een openbaar lichaam van een jongere op wieofvan toepassing is, eisen dat deze de verklaring, bedoeld in, toont. 2 De ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, belet de jongere die niet over de in het eerste lid bedoelde verklaring beschikt, de toegang tot luchtvaartuigen of schepen. 3 artikel 28 De ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, stelt de ambtenaar, bedoeld in, zo spoedig mogelijk in kennis van een beslissing als bedoeld in het tweede lid. 2011 33 16-02-2011 03-02-2011 32419 2011 34 07-03-2011 03-02-2011 17-02-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 30 — Artikel 30 Gemeenschappelijke regeling betreffende toezicht#
Artikel 30 Gemeenschappelijke regeling betreffende toezicht Gemeenschappelijke regelingen op de openbare lichamen betreffende het toezicht op de naleving van deze wet, alsmede wijziging of intrekking daarvan, worden mede ter kennis gebracht van Onze Minister en van de openbare lichamen die bij de regeling zijn aangesloten. 2011 33 16-02-2011 03-02-2011 32419 2011 34 07-03-2011 03-02-2011 17-02-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 31 — Artikel 31 Kennisgeving in- en uitschrijvingen#
Artikel 31 Kennisgeving in- en uitschrijvingen 1 De hoofden melden een beslissing tot verwijdering van een leerling, vavo-student of mbo-student terstond aan het bestuurscollege. 2 artikel 13, eerste lid Indien de jongere geen volledig onderwijsprogramma volgt, geeft het hoofd van een instelling aan het bestuurscollege bericht van het programma van de combinatie leren en werken, bedoeld in, dat door de jongere wordt gevolgd. 3 De hoofden geven aan het bestuurscollege en aan de ambtenaar alle inlichtingen die deze in verband met de uitvoering van deze wet verlangen. 4 In de mededeling, bedoeld in het eerste en het tweede lid, vermeldt het hoofd zo mogelijk het persoonsgebonden nummer BES van de jongere. 5 artikel 124, eerste lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen Indien het bestuurscollege van het openbaar lichaam waar de leerling, vavo-student of mbo-student woon- of verblijfplaats heeft zijn bevoegdheden op grond van deze wet heeft ondergebracht in een gemeenschappelijke regeling als bedoeld in, vindt de informatieverstrekking door de hoofden, bedoeld in dit artikel, plaats aan het orgaan dat daartoe volgens die gemeenschappelijke regeling is aangewezen. 2022 177 13-05-2022 20-04-2022 35963 2022 285 07-07-2022 30-06-2022 01-08-2023
Artikel 32 — Artikel 32 Controle absoluut schoolverzuim door het bestuurscollege#
Artikel 32 Controle absoluut schoolverzuim door het bestuurscollege Het bestuurscollege controleert of de jongeren die als ingezetene zijn ingeschreven en nog leerplichtig of kwalificatieplichtig zijn, overeenkomstig de bepalingen van deze wet als leerling, vavo-student of mbo-student staan ingeschreven. 2020 234 08-07-2020 01-07-2020 35252 2020 276 22-07-2020 08-07-2020 01-08-2020
Artikel 33 — Artikel 33 Kennisgeving relatief verzuim#
Artikel 33 Kennisgeving relatief verzuim 1 Indien een ingeschreven leerling van een school ten aanzien van wie deze wet van toepassing is zonder geldige reden les- of praktijktijd heeft verzuimd en dit verzuim gedurende een periode van vier opeenvolgende lesweken meer dan zestien uren les- of praktijktijd bedraagt, geeft het hoofd van de school hiervan onverwijld kennis aan het bestuurscollege van het openbaar lichaam waar de leerling woon- of verblijfplaats heeft. 2 Indien een ingeschreven mbo-student of vavo-student van een instelling ten aanzien van wie deze wet van toepassing is zonder geldige reden gedurende een periode van vier opeenvolgende lesweken in totaal zestien uren van de lestijd heeft verzuimd, geeft het hoofd van de instelling hiervan onverwijld kennis aan het bestuurscollege van het openbaar lichaam waar de mbo-student of vavo-student woon- of verblijfplaats heeft. 3 In de kennisgeving, bedoeld in het eerste en tweede lid, vermeldt het hoofd zo mogelijk het persoonsgebonden nummer BES van de jongere. 4 artikel 124, eerste lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen Indien het bestuurscollege van het openbaar lichaam waar de leerling, vavo-student of mbo-student woon- of verblijfplaats heeft zijn bevoegdheden op grond van deze wet heeft ondergebracht in een gemeenschappelijke regeling als bedoeld in, vindt de kennisgeving, bedoeld in het eerste of tweede lid, plaats aan het orgaan dat daartoe volgens die gemeenschappelijke regeling is aangewezen. 2020 234 08-07-2020 01-07-2020 35252 2020 276 22-07-2020 08-07-2020 01-08-2020
Artikel 34 — Artikel 34 Onderzoek door leerplichtambtenaar#
Artikel 34 Onderzoek door leerplichtambtenaar 1 artikel 33 artikel 6, eerste lid Indien blijkt, dat een leerplichtige of kwalificatieplichtige jongere niet als leerling, vavo-student of mbo-student staat ingeschreven, zonder dat een grond voor vrijstelling aanwezig is, of indien een kennisgeving is ontvangen als bedoeld instelt de ambtenaar vanwege het bestuurscollege een onderzoek in. Hij hoort de in, bedoelde personen en tracht hen ertoe te bewegen hun verplichtingen na te komen. 2 artikel 6, eerste lid artikel 14 27 artikel 20 Blijkt aan de ambtenaar dat de in, bedoelde personen weigeren de jongere als leerling van een school onderscheidenlijk als mbo-student of vavo-student bij een instelling te laten inschrijven, zonder dat zij op grond vanofvan deze verplichting zijn vrijgesteld, of dat zij niet zorgen, dat de leerplichtige jongere de school of de jongere die kwalificatieplichtig is de school of instelling geregeld bezoekt, zonder dat zij op grond vanvan deze verplichting zijn vrijgesteld, dan zendt hij proces-verbaal van zijn bevindingen aan de officier van justitie. 3 artikel 20 Blijkt aan de ambtenaar, dat de leerplichtige jongere die de leeftijd van 12 jaren heeft bereikt of de jongere die kwalificatieplichtig is het onderwijs aan de school of aan de instelling niet geregeld volgt zonder dat de jongere op grond vanvan deze verplichting is vrijgesteld, dan hoort hij de jongere en tracht hem ertoe te bewegen zijn verplichtingen na te komen. Indien blijkt dat de leerplichtige jongere die de leeftijd van 12 jaren heeft bereikt, of de jongere die kwalificatieplichtig is, weigert deze verplichtingen na te komen, zendt de ambtenaar proces-verbaal van zijn bevindingen aan de officier van justitie. 4 artikel 1, onderdeel b, subonderdeel 3 artikel 6, eerste lid artikel 14 27 Indien een onderwijsvoorziening niet langer een school is als bedoeld in, onderzoekt de ambtenaar binnen vier weken nadat de ouders hiervan op de hoogte zijn gesteld, of de in, bedoelde personen de jongere bij een school hebben ingeschreven dan wel of een grond voor vrijstelling aanwezig is. Indien geen sprake is van een inschrijving bij een school dan wel een vrijstelling als bedoeld inof, wijst hij onverwijld de in artikel 6, eerste lid, bedoelde personen op de verplichting, bedoeld in dat artikel. Indien de jongere niet binnen vier weken nadat de ambtenaar de in de vorige volzin bedoelde personen op hun verplichting heeft gewezen op een school staat ingeschreven en geen sprake is van een vrijstelling als bedoeld in artikel 14 of 27, zendt de ambtenaar proces-verbaal van zijn bevindingen aan de officier van justitie. 5 artikel 6, eerste lid artikel 11 Indien de in, bedoelde personen reeds eerder zijn veroordeeld wegens het niet nakomen van de verplichtingen, opgelegd in artikel 6, eerste lid, of, zendt de ambtenaar een afschrift van het proces-verbaal aan de raad voor de kinderbescherming. 2020 234 08-07-2020 01-07-2020 35252 2020 276 22-07-2020 08-07-2020 01-08-2020
Artikel 35 — Artikel 35 Overtreding arbeidsverbod#
Artikel 35 Overtreding arbeidsverbod Indien aan het hoofd of aan de ambtenaar blijkt, dat een jongere in strijd met de ter zake geldende voorschriften arbeid verricht, geven zij hiervan terstond kennis aan een daartoe door Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aangewezen onder hem ressorterende ambtenaar. 2011 33 16-02-2011 03-02-2011 32419 2011 34 07-03-2011 03-02-2011 17-02-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 36 — Artikel 36 Bevoegdheden politie#
Artikel 36 Bevoegdheden politie Ambtenaren van politie, aangesteld voor de uitvoering van de politietaak, zijn bevoegd een jongere die zij onder schooltijd op een voor het publiek toegankelijke plaats aantreffen, te brengen naar het hoofd van de school waarop de jongere als leerling staat ingeschreven. 2013 432 01-11-2013 16-10-2013 33645 2013 432 01-11-2013 16-10-2013 33645 01-01-2014
Artikel 37 — Artikel 37 Jaarverslag openbaar lichaam en verstrekking statistische gegevens#
Artikel 37 Jaarverslag openbaar lichaam en verstrekking statistische gegevens 1 Het bestuurscollege brengt jaarlijks vóór 1 oktober verslag uit aan de eilandsraad over het in het laatst afgesloten school- of cursusjaar in het openbaar lichaam gevoerde beleid inzake de handhaving van de leerplicht en de kwalificatieplicht en de resultaten daarvan. 2 Het bestuurscollege doet jaarlijks een opgave aan Onze Minister van de omvang en behandeling van het aan hem gemelde schoolverzuim in het openbaar lichaam. 3 Het hoofd doet jaarlijks een opgave aan Onze Minister van de omvang van het schoolverzuim aan zijn school of instelling. 2011 33 16-02-2011 03-02-2011 32419 2011 34 07-03-2011 03-02-2011 17-02-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 38 — Artikel 38 Strafbedreiging verantwoordelijke personen#
Artikel 38 Strafbedreiging verantwoordelijke personen 1 artikel 6, eerste lid artikel 11 De in, bedoelde personen die de in artikel 6, eerste lid, ofopgelegde verplichtingen niet nakomen, worden gestraft met hechtenis van ten hoogste een maand of geldboete van de tweede categorie. 2 artikel 9, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht BES De leerplichtige jongere die de leeftijd van 12 jaren heeft bereikt of de jongere die kwalificatieplichtig is, die de verplichting tot geregeld volgen van het onderwijs niet nakomt, wordt gestraft met een hoofdstraf als genoemd in, met dien verstande dat de geldboete een geldboete van de tweede categorie is. 2013 88 08-03-2013 07-02-2013 33336 2013 276 03-07-2013 29-05-2013 04-07-2013
Artikel 39 — Artikel 39 Bestuurlijke boete hoofd#
Artikel 39 Bestuurlijke boete hoofd Onze Minister kan een bestuurlijke boete van ten hoogste USD 1300 per overtreding, met een maximum van USD 130 000 per schooljaar, opleggen aan het hoofd dat: a. artikel 24, tweede lid artikel 26, derde lid, eerste volzin in strijd handelt met, of, b. artikelen 31 33 niet voldoet aan een der verplichtingen, opgelegd in deof, of c. bij de uitvoering van deze wet onjuiste of onvolledige inlichtingen verstrekt. 2020 76 04-03-2020 12-02-2020 35320 2020 98 23-03-2020 16-03-2020 01-04-2020
Artikel 40 — Artikel 40 Overtreding#
Artikel 40 Overtreding De bij deze wet strafbaar gestelde feiten worden beschouwd als overtredingen. 2011 33 16-02-2011 03-02-2011 32419 2011 34 07-03-2011 03-02-2011 17-02-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 41 — Artikel 41 Nadere voorschriften#
Artikel 41 Nadere voorschriften 1 artikelen 15 31 33 37, tweede en derde lid Bij ministeriële regeling worden nadere voorschriften gegeven voor de uitvoering van deze wet en worden de modellen vastgesteld van de kennisgevingen en mededelingen, bedoeld in de,,en. Bij deze regeling kan tevens worden bepaald dat de in artikel 37, tweede of derde lid, bedoelde opgave niet wordt gedaan aan Onze Minister maar aan het Centraal Bureau voor de Statistiek. 2 artikelen 15 31 33 artikel 37, tweede en derde lid De formulieren van de kennisgevingen en mededelingen, bedoeld in de,enzijn voor de belanghebbenden kosteloos op het bestuurskantoor van het openbaar lichaam verkrijgbaar. De formulieren voor de opgaven van gegevens ten behoeve van statistisch onderzoek als bedoeld inworden door het Rijk verstrekt. 2011 33 16-02-2011 03-02-2011 32419 2011 34 07-03-2011 03-02-2011 17-02-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 42 — Artikel 42 Oude ontheffingen, vrijstellingen en verzoeken#
Artikel 42 Oude ontheffingen, vrijstellingen en verzoeken 1 Ontheffingen en vrijstellingen die krachtens de Leerplichtlandsverordening of krachtens de Leerplichtwet BES zoals die wet op 10 oktober 2010 is komen te luiden, zijn verleend, worden geacht te zijn verleend krachtens deze wet voor de resterende duur waarvoor zij werden verleend. 2 Verzoeken die op grond van artikel 4 van de Leerplichtlandsverordening zoals luidend op 9 oktober 2010 of op grond van artikel 4 van de Leerplichtwet BES, zoals dat artikel op 10 oktober 2010 is komen te luiden, zijn gedaan en waarop op die dag nog niet is beslist, worden afgehandeld met inachtneming van de regels die bij of krachtens de Leerplichtlandsverordening zijn gesteld. 2011 33 16-02-2011 03-02-2011 32419 2011 34 07-03-2011 03-02-2011 17-02-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 43 — Artikel 43 Overgangsbepaling scholen waaraan aan leerplicht wordt voldaan#
Artikel 43 Overgangsbepaling scholen waaraan aan leerplicht wordt voldaan artikel 1, onderdeel b, subonderdeel 3 Een school die op 9 oktober 2010 was aangemerkt als een niet bekostigde school, wordt met ingang van de datum van inwerkingtreding van dit artikel aangemerkt als een school als bedoeld in. 2011 33 16-02-2011 03-02-2011 32419 2011 34 07-03-2011 03-02-2011 17-02-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel 43a — Artikel 43a Inwerkingtreding#
Artikel 43a Inwerkingtreding artikelen 3 5 Deendie niet bij Besluit van 3 februari 2011, houdende vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van een aantal onderdelen van de Aanpassingswet openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba (Stb. 2011, 34) in werking zijn getreden, treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan, verschillend kan worden vastgesteld. 2011 571 06-12-2011 17-11-2011 32825 2011 571 06-12-2011 17-11-2011 32825 07-12-2011
Artikel 44 — Artikel 44 Citeertitel#
Artikel 44 Citeertitel Deze wet wordt aangehaald als: Leerplichtwet BES. 2011 33 16-02-2011 03-02-2011 32419 2011 34 07-03-2011 03-02-2011 17-02-2011 Treedt in werking in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.