Wet van 6 december 1909, houdende bepalingen betreffende absint
- BWB-id
- BWBR0001877
- Type
- Wet
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- 2000-02-01 t/m 2005-05-10
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0001877
- ELI
- /eli/nl/wet/1910/absintwet-1909
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/1910/absintwet-1909/2000-02-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0001877&g=2000-02-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0001877&z=2026-06-06&g=2000-02-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0001877/2000-02-01
Absolute ELI: /eli/nl/wet/1910/absintwet-1909
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Het is verboden absint in te voeren, te vervoeren, te vervaardigen, te verkoopen, af te leveren of ten verkoop of ter aflevering voorhanden te hebben. 1909 402 06-12-1909 1910 197 08-07-1910 20-07-1910
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 De doorvoer van absint is geoorloofd onder de voorwaarden, bij algemeenen maatregel van bestuur vast te stellen. 1909 402 06-12-1909 1910 197 08-07-1910 20-07-1910
Artikel 2a — Artikel 2a#
Artikel 2a 1 Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze wet zijn belast de ambtenaren van het Staatstoezicht op de volksgezondheid. 2 artikelen 5:18 5:19 van de Algemene wet bestuursrecht De in het eerste lid bedoelde ambtenaren beschikken niet over de bevoegdheden, genoemd in deen. 1997 510 18-11-1997 06-11-1997 25280 1997 581 18-12-1997 11-12-1997 01-01-1998
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering Met het opsporen van de overtredingen van deze wet zijn, behalve de bijaangewezen personen, belast de ambtenaren van het Staatstoezicht op de Volksgezondheid en die van de rijksbelastingdienst, bevoegd inzake douane. 1995 554 28-11-1995 02-11-1995 23806 1996 246 02-05-1996 16-04-1996 23806 01-06-1996
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 De opsporingsambtenaren zijn te allen tijde bevoegd tot inbeslagneming van daarvoor vatbare voorwerpen. Zij kunnen daartoe hun uitlevering vorderen. 2 Zij hebben, voor zover dat redelijkerwijs voor de vervulling van hun taak nodig is toegang: a. tot de vervoermiddelen met inbegrip van woongedeelten, waarvan hun bekend is of redelijkerwijze door hen kan worden vermoed, dat daarmede absint wordt ingevoerd of vervoerd; b. tot de plaatsen, waar een overtreding van deze wet gepleegd wordt, of waar redelijkerwijze vermoed kan worden, dat zoodanige overtreding gepleegd wordt. 1999 243 22-06-1999 27-05-1999 23251 2000 32 27-01-2000 19-01-2000 01-02-2000
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 artikel 1 Overtreding vanvan deze wet wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie. 2 Indien tijdens het plegen van het feit nog geen twee jaren zijn verloopen sedert een vroegere veroordeeling van den schuldige wegens overtreding van genoemd artikel onherroepelijk is geworden of de opgelegde geldboete is betaald, wordt de overtreding, onverminderd de verbeurdverklaring van het absint, gestraft met hechtenis van ten hoogste zes maanden of geldboete van de derde categorie. 1988 77 11-02-1988 19803 1988 172 20-04-1988 30-04-1988
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 De bij deze wet strafbaar gestelde feiten worden beschouwd als misdrijven. 1962 324 02-08-1962 6671 1962 324 02-08-1962 6671 01-10-1962
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Staatsblad Deze wet kan worden aangehaald onder den titel "Absintwet", doch met bijvoeging van het jaar en het nummer van het, waarin de wet is geplaatst. 1909 402 06-12-1909 1910 197 08-07-1910 20-07-1910
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Deze wet treedt in werking op een nader door Ons te bepalen dag. 1909 402 06-12-1909 1910 197 08-07-1910 20-07-1910