Wet van 1 november 1924, houdende wettelijke maatregelen tegen aantasting van metalen voorwerpen in den bodem door zwerfstroomen, afkomstig van de spoorstaven van electrische spoor- en tramwegen
- BWB-id
- BWBR0001921
- Type
- Wet
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- 2009-07-01 t/m 2015-11-30
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0001921
- ELI
- /eli/nl/wet/1925/wet-zwerfstromen
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/1925/wet-zwerfstromen/2009-07-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0001921&g=2009-07-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0001921&z=2026-06-06&g=2009-07-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0001921/2009-07-01
Absolute ELI: /eli/nl/wet/1925/wet-zwerfstromen
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Spoorwegwet artikelen 1, 6 of 8 der Locaalspoor- en Tramwegwet Deze wet is van toepassing op de bij deof bij een derbedoelde spoor- en tramwegen, op welke vervoer plaats heeft door middel van als gelijkstroom opgewekte electriciteit en met terugleiding van den stroom door de spoorstaven. 1924 498 01-11-1924 1925 29 05-02-1925 01-07-1925
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Ter voorkoming van aantasting van metalen voorwerpen in den bodem door zwerfstroomen, afkomstig van de spoorstaven, worden bij algemeenen maatregel van bestuur bepalingen vastgesteld betreffende de samenstelling van den bovenbouw der spoor- en tramwegen en tegen afvloeiing van den electrischen stroom naar den bodem. 2 In den algemeenen maatregel van bestuur wordt omschreven, in hoeverre van zijne bepalingen ontheffing kan worden verleend ten aanzien van niet op openbare wegen aangelegde gedeelten van spoor- en tramwegen, en ten aanzien van de spoor- en tramwegen, waarop bij het in werking treden dezer wet de dienst wordt uitgeoefend. 1924 498 01-11-1924 1925 29 05-02-1925 01-07-1925
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 artikel 2 Ingeval van kruising van spoor- of tramwegen en van onderlinge nadering tot bij den algemeenen maatregel van bestuur, bedoeld bij, te bepalen afstanden worden de kosten van de krachtens dien algemeenen maatregel te treffen voorzieningen omgeslagen over de ondernemers. 2 Bij gebreke van overeenstemming beslist Onze Minister van Verkeer en Waterstaat. 1997 580 18-12-1997 04-12-1997 25464 1997 581 18-12-1997 11-12-1997 01-01-1998
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 artikel 2 Overtreding van de bijbedoelde algemene maatregel van bestuur wordt gestraft met geldboete van de tweede categorie. 2 De beambten en bedienden van een spoor- of tramwegdienst zijn niet strafbaar, zoo hunne overtreding een gevolg is van den last, door de bestuurders van zoodanigen dienst gegeven. 3 Vervallen. 4 De krachtens het eerste lid strafbaar gestelde feiten worden beschouwd als overtredingen. 1988 77 11-02-1988 19803 1991 528 17-10-1991 07-11-1991
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 2 artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering artikelen 179 182 184 van het Wetboek van Strafrecht Met de opsporing van overtredingen van de inbedoelde algemene maatregel van bestuur zijn, onverminderd, belast de daartoe door Onze Minister van Verkeer en Waterstaat aangewezen buitengewone opsporingsambtenaren. Deze ambtenaren zijn tevens belast met de opsporing van de feiten, strafbaar gesteld in detot en meten, voor zover deze feiten betrekking hebben op een bevel, vordering of handeling, gedaan of ondernomen door henzelf. 2 Van een besluit als bedoeld in het eerste lid wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant. 3 artikelen 5:13 5:15 5:16 5:17 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht De,,,enzijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de in het eerste lid bedoelde ambtenaren. 4 artikel 2 Onze Minister van Verkeer en Waterstaat is bevoegd tot oplegging van een last onder bestuursdwang ter handhaving van de inbedoelde algemene maatregel van bestuur. 5 artikel 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht Onze Minister van Verkeer en Waterstaat is bevoegd tot oplegging van een last onder bestuursdwang ter handhaving van, voor zover het betreft de verplichting tot het verlenen van medewerking aan een krachtens het eerste lid aangewezen ambtenaar. 2009 265 30-06-2009 25-06-2009 31124 2009 266 30-06-2009 25-06-2009 01-07-2009
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Deze wet treedt in werking op een nader door Ons te bepalen tijdstip. 1924 498 01-11-1924 1925 29 05-02-1925 01-07-1925