Wet van 25 mei 1937, tot het algemeen verbindend en het onverbindend verklaren van bepalingen van collectieve arbeidsovereenkomsten
- BWB-id
- BWBR0001987
- Type
- Wet
- Ministerie
- Sociale Zaken en Werkgelegenheid
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2023-06-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0001987
- ELI
- /eli/nl/wet/1937/wet-op-het-algemeen-verbindend-en-het-onverbindend-verklaren
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/1937/wet-op-het-algemeen-verbindend-en-het-onverbindend-verklaren/2023-06-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0001987&g=2023-06-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0001987&z=2026-06-06&g=2023-06-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0001987/2023-06-01
Absolute ELI: /eli/nl/wet/1937/wet-op-het-algemeen-verbindend-en-het-onverbindend-verklaren
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Deze wet verstaat onder: a. "Onze Minister": Onze Minister van Sociale Zaken; b. artikel 2 "verbindendverklaring": de inbedoelde algemeen verbindendverklaring; c. artikel 2 "verbindend verklaarde bepalingen": bepalingen eener collectieve arbeidsovereenkomst, welke ingevolgealgemeen verbindend zijn verklaard. 1937 801 25-05-1937 274 1937 892 07-09-1937 01-10-1937
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Onze Minister kan bepalingen van eene collectieve arbeidsovereenkomst, die in het geheele land of in een gedeelte des lands voor eene - naar zijn oordeel belangrijke - meerderheid van de in een bedrijf werkzame personen gelden, in het geheele land of in dat gedeelte des lands algemeen verbindend verklaren. Deze bepalingen zijn dan, behalve in de gevallen door Onzen Minister uitgezonderd, binnen dat gebied verbindend voor alle werkgevers en werknemers ten aanzien van arbeidsovereenkomsten, die naar den aard van den arbeid, waarop zij betrekking hebben, onder de collectieve arbeidsovereenkomst vallen of zouden vallen, hetzij deze arbeidsovereenkomsten op het tijdstip, waarop de werking der verbindendverklaring aanvangt, reeds gesloten zijn, hetzij zij daarna gesloten worden. 2 artikel 671a, tweede lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek artikel 19 der Wet op de collectieve arbeidsovereenkomst De verbindendverklaring geschiedt, behoudens voor commissies als bedoeld inen fondsen, die uit hun aard een meer permanent karakter dragen en ten aanzien waarvan een langer tijdvak kan gelden, voor een tijdvak van ten hoogste twee jaren behoudens verlenging. Het tijdstip, waarop de werking der verbindendverklaring eindigt, kan daarbij niet later worden gesteld dan het vroegste tijdstip, waarop de collectieve arbeidsovereenkomst, hetzij ingevolge het bij die overeenkomst bepaalde, hetzij ingevolgezou kunnen eindigen. 3 Verbindendverklaring heeft geen terugwerkende kracht. 4 Indien de verbindend verklaarde bepalingen aannemingen van werk en overeenkomsten van opdracht betreffen, vindt hetgeen in deze wet omtrent arbeidsovereenkomsten, werkgevers en werknemers is bepaald, overeenkomstige toepassing. 5 Van de verbindendverklaring zijn uitgesloten bepalingen eener collectieve arbeidsovereenkomst, die ten doel hebben: a. de beslissing van den rechter omtrent twistgedingen uit te sluiten; b. dwang uit te oefenen op werkgevers of werknemers om zich bij eene vakvereeniging van werkgevers of werknemers aan te sluiten; c. eene ongelijke behandeling van georganiseerden en ongeorganiseerden teweeg te brengen; d. de werknemers te betrekken bij de handhaving van regelingen betreffende de prijzen, die voor goederen of diensten door de werkgevers van derden gevorderd zullen worden, en betreffende de voorwaarden, waaronder door de werkgevers aan derden zal worden geleverd. 2020 249 15-07-2020 01-07-2020 35358 2020 250 15-07-2020 09-07-2020 30-07-2020 Treedt voor de sector wegvervoer in werking op 1 juni 2023 (Stb. 2023/152).
Artikel 2a — Artikel 2a#
Artikel 2a 1 artikel 1, eerste lid, van de Wet arbeidsvoorwaarden gedetacheerde werknemers in de Europese Unie De dienstverrichter als bedoeld in, waarborgt voor zijn gedetacheerde werknemers, wier arbeidsovereenkomst wordt beheerst door een ander recht dan het Nederlandse recht, de arbeidsvoorwaarden en -omstandigheden die zijn neergelegd in verbindend verklaarde bepalingen, of bij algemene maatregel van bestuur aangewezen bepalingen, die betrekking hebben op: a. maximale werktijden en minimale rusttijden; b. het minimale aantal vakantie- en verlofdagen, gedurende welke de verplichting van de werkgever om loon te betalen bestaat; c. beloning, waartoe in ieder geval behoren: 1°. het geldende periodeloon in de schaal; 2°. de van toepassing zijnde arbeidsduurverkorting per week, maand, jaar of periode; 3°. toeslagen voor overwerk, verschoven uren en onregelmatigheid, met inbegrip van feestdagentoeslag en ploegentoeslag; 4°. tussentijdse loonsverhoging; 5°. kostenvergoeding: toeslagen of vergoeding van uitgaven voor de kosten die noodzakelijk zijn vanwege de uitoefening van de functie, waaronder begrepen reis-, maaltijd- en verblijfkosten voor werknemers die beroepshalve van huis zijn; 6°. periodieken; 7°. eindejaarsuitkeringen; 8°. extra vergoedingen in verband met vakantie; d. voorwaarden voor het ter beschikking stellen van werknemers; e. gezondheid, veiligheid en hygiëne op het werk; f. beschermende maatregelen met betrekking tot de arbeidsvoorwaarden en arbeidsomstandigheden van kinderen, jongeren en van zwangere of pas bevallen werknemers; g. gelijke behandeling van mannen en vrouwen, alsmede andere bepalingen ter voorkoming en bestrijding van discriminatie; en h. artikel 1, eerste lid, van de Wet arbeidsvoorwaarden gedetacheerde werknemers in de Europese Unie voorwaarden van huisvesting van werknemers, indien de dienstontvanger als bedoeld inhuisvesting ter beschikking stelt aan werknemers die zich niet op hun gewone werkplaats in Nederland bevinden. 2 Tot de beloning, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, behoren niet: a. artikel 1 van de Pensioenwet artikel 1, eerste lid, van de Wet verplichte beroepspensioenregeling bijdragen aan pensioenen als bedoeld indan wel; b. bovenwettelijke socialezekerheidsaanspraken; c. toeslagen die worden uitgekeerd als vergoeding van daadwerkelijk in verband met de detachering gemaakte kosten, zoals reis-, maaltijd- en verblijfkosten. 3 Indien niet uit de arbeidsvoorwaarden en -omstandigheden die van toepassing zijn op het dienstverband blijkt of, en zo ja welke, onderdelen van een toeslag in verband met detachering worden uitgekeerd als vergoeding voor kosten die daadwerkelijk verband houden met de detachering of die onderdeel zijn van de beloning, wordt de volledige toeslag geacht te zijn uitgekeerd als vergoeding van daadwerkelijk in verband met de detachering gemaakte kosten als bedoeld in het tweede lid, onderdeel c. 4 Wanneer de detachering meer dan twaalf maanden bedraagt, waarborgt de dienstverrichter voor zijn gedetacheerde werknemers vanaf de dertiende maand alle verbindend verklaarde bepalingen die zijn neergelegd in de collectieve arbeidsovereenkomst die van toepassing is op grond van het eerste lid, met uitzondering van de bepalingen inzake procedures, formaliteiten en voorwaarden van de sluiting en de beëindiging van de arbeidsovereenkomst en inzake aanvullende bedrijfspensioenregelingen. 5 De in het vierde lid genoemde termijn van twaalf maanden bedraagt achttien maanden indien de dienstverrichter, gedurende de laatste drie maanden van de periode van ten hoogste twaalf maanden waarin de detachering plaatsvindt, aan Onze Minister een gemotiveerde kennisgeving verstrekt, dat de in eerste instantie opgegeven vermoedelijke duur van de werkzaamheden zal worden overschreden tot ten hoogste achttien maanden. Wanneer de detachering in geval van verdere verlenging meer dan achttien maanden bedraagt, waarborgt de dienstverrichter de in het vierde lid bedoelde arbeidsvoorwaarden en -omstandigheden vanaf de negentiende maand. 6 Indien een gedetacheerde werknemer door de dienstverrichter wordt vervangen door een andere gedetacheerde werknemer die op dezelfde plaats hetzelfde werk uitvoert, is de duur van de detachering de totale duur van de perioden van detachering van de afzonderlijke gedetacheerde werknemers gezamenlijk. 7 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot het eerste lid, onder meer over de voorwaarden onder welke andere dan verbindend verklaarde bepalingen gelden voor dienstverrichters en hun gedetacheerde werknemers. 8 In het geval van werkzaamheden met het oog op de initiële assemblage of de eerste installatie van een goed, die een wezenlijk bestanddeel uitmaken van een overeenkomst voor de levering van goederen, noodzakelijk zijn voor het in werking stellen van het geleverde goed en uitgevoerd worden door gekwalificeerde of gespecialiseerde werknemers van de leverende onderneming, is het eerste lid, aanhef en onder b en c, niet van toepassing, mits de duur van de detachering niet meer dan acht dagen bedraagt en het geen werkzaamheden in de sector bouwbedrijf betreft. 9 artikel 9a, eerste lid, van de Wet arbeidsvoorwaarden gedetacheerde werknemers in de Europese Unie Voor de toepassing van het derde, vierde en vijfde lid, wordt de detachering van een gedetacheerde bestuurder als bedoeld ingeacht te zijn beëindigd, wanneer hij bij het verrichten van het internationaal vervoer van goederen of personen Nederland verlaat. Deze detacheringsperiode wordt niet gecumuleerd met eerdere detacheringsperiodes in het kader van dergelijke internationale activiteiten van dezelfde bestuurder of van de bestuurder die hij vervangt. 10 In een derde land gevestigde vervoersondernemingen mogen geen gunstiger behandeling krijgen dan gelijksoortige in een lidstaat gevestigde ondernemingen op grond van dit artikel. 2023 151 10-05-2023 22-02-2023 36166 2023 152 10-05-2023 26-04-2023 01-06-2023
Artikel 2b — Artikel 2b#
Artikel 2b 1 artikel 2 Door de overgang van een onderneming, als bedoeld in artikel 662 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, gaan de rechten en verplichtingen welke op dat tijdstip voor de werkgever in die onderneming ten aanzien van daar werkzame werknemers voortvloeien uit bepalingen omtrent arbeidsvoorwaarden welke hij krachtens een besluit tot verbindendverklaring op grond vanvan deze wet verplicht is na te komen, van rechtswege over op de verkrijger van de onderneming. 2 artikel 2 De rechten en verplichtingen die ingevolge het eerste lid overgaan, eindigen op het tijdstip waarop de verkrijger ten aanzien van de arbeid, verricht door de in het eerste lid bedoelde werknemers, gebonden wordt aan een na de overgang van de onderneming tot stand gekomen collectieve arbeidsovereenkomst dan wel op het tijdstip waarop de verkrijger ten aanzien van die arbeid krachtens een na de overgang genomen besluit tot verbindendverklaring op grond vanvan deze wet, verplicht wordt bepalingen van een collectieve arbeidsovereenkomst na te komen. De rechten en verplichtingen eindigen voorts zodra de werking der verbindendverklaring eindigt. 2020 249 15-07-2020 01-07-2020 35358 2020 250 15-07-2020 09-07-2020 30-07-2020 Voorheen art. 2a. Artikel VII, tweede lid, van Stb. 2020/249 bevat overgangsrecht
m.b.t. deze wijziging. Treedt voor de sector wegvervoer in werking op een bij koninklijk
besluit te bepalen tijdstip.
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Elk beding tusschen den werkgever en den werknemer, strijdig met verbindend verklaarde bepalingen, is nietig; in plaats van zoodanig beding gelden de verbindend verklaarde bepalingen. 2 De nietigheid kan steeds worden ingeroepen door verenigingen met volledige rechtsbevoegdheid van werkgevers of werknemers, waarvan leden partij zijn bij eene arbeidsovereenkomst, waarop de verbindend verklaarde bepalingen van toepassing zijn. 3 Bij gebreke van bepalingen in eene arbeidsovereenkomst omtrent aangelegenheden, geregeld in verbindend verklaarde bepalingen, gelden die verbindend verklaarde bepalingen. 4 De in het tweede lid bedoelde vereenigingen kunnen van werkgevers of werknemers, die in strijd handelen met verbindend verklaarde bepalingen, vergoeding vorderen van de schade, die zij of hare leden daardoor lijden. Voor zover de schade in ander nadeel dan vermogensschade bestaat, zal als vergoeding een naar billijkheid te bepalen bedrag verschuldigd zijn. 1996 562 26-11-1996 14-11-1996 24770 1997 37 06-02-1997 10-01-1997 01-04-1997
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 De verbindendverklaring kan alleen geschieden op verzoek van één of meer werkgevers of één of meer vereenigingen van werkgevers of werknemers, die partij zijn bij de collectieve arbeidsovereenkomst. 2 De indiening van een verzoek tot verbindendverklaring en de inbreng van bedenkingen als bedoeld in het derde lid geschieden met inachtneming van de daaromtrent door Onze Minister gegeven voorschriften, waarbij kan worden bepaald dat de indiening van het verzoek en de inbreng van bedenkingen uitsluitend langs elektronische weg kunnen geschieden. Indien Onze Minister bepaalt dat dit uitsluitend langs elektronische weg kan geschieden, dan kan hij tevens bepalen in welke gevallen dit uitzondering kan leiden. 3 Staatscourant. Door Onzen Minister wordt van de indiening van het verzoek mededeeling gedaan in deDaarbij wordt een termijn bepaald, binnen welken bedenkingen schriftelijk bij hem kunnen worden ingebracht. 4 Onze Minister kan omtrent het verzoek tot verbindendverklaring in overleg treden met de Stichting van de Arbeid. 5 Voor de behandeling van een verzoek tot verbindendverklaring is door den aanvrager eene vergoeding verschuldigd, volgens een door Onzen Minister vast te stellen tarief. Onze Minister kan vorderen, dat de aanvrager voor de voldoening van die kosten eene waarborgsom stort. 2014 504 16-12-2014 26-11-2014 33988 2014 516 18-12-2014 10-12-2014 01-01-2015
Artikel 4a — Artikel 4a#
Artikel 4a 1 artikel 2, tweede lid, eerste zin De verlenging van de verbindendverklaring, bedoeld in, kan alleen geschieden op verzoek van alle werkgevers of verenigingen van werkgevers en werknemers, die partij zijn bij de collectieve arbeidsovereenkomst. 2 De verlenging van de verbindendverklaring geschiedt voor ten hoogste een jaar. 3 artikelen 4, tweede lid en derde lid, eerste zin 5, tweede lid De, en, zijn van overeenkomstige toepassing. 2015 233 22-06-2015 04-06-2015 34108 2015 234 22-06-2015 16-06-2015 01-07-2015
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 Het besluit, waarbij de verbindendverklaring wordt uitgesproken, houdt in: a. eene opgaaf van de bepalingen, waarop de verbindendverklaring betrekking heeft; b. eene opgaaf van het tijdstip, waarop de verbindendverklaring begint te werken en dat, waarop hare werking eindigt; c. voor zoover noodig eene omschrijving van het gebied, waar en van de werkzaamheden, waarop de verbindend verklaarde bepalingen van toepassing zijn. 2 Staatscourant Van een besluit omtrent verbindendverklaring wordt mededeling gedaan door plaatsing in de. 3 Van de verbindendverklaring wordt aanteekening gehouden in een register, dat ingericht is volgens voorschriften door Onzen Minister gegeven. De collectieve arbeidsovereenkomsten, waarvan bepalingen verbindend zijn verklaard, worden als bijlagen bij het register bewaard. 4 Het in het vorige lid bedoelde register met bijlagen ligt voor een ieder kosteloos ter inzage. Schriftelijke inlichtingen, het register betreffende, worden tegen betaling der kosten vanwege Onzen Minister aan een ieder verstrekt. 1997 510 18-11-1997 06-11-1997 25280 1997 581 18-12-1997 11-12-1997 01-01-1998
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 Onze Minister is bevoegd te allen tijde de verbindendverklaring in te trekken. 2 Indien Onze Minister overweegt de verbindendverklaring van bepalingen van eene collectieve arbeidsovereenkomst in te trekken, geeft hij daarvan kennis aan hen, die bij de collectieve arbeidsovereenkomst partij zijn en stelt hen in de gelegenheid hunne bezwaren daartegen schriftelijk of mondeling kenbaar te maken. Voorts kan Onze Minister ter zake in overleg treden met de Stichting van de Arbeid. 3 Intrekking van de verbindendverklaring heeft geen terugwerkende kracht. 4 artikel 5, derde lid Van de intrekking wordt aanteekening gehouden in het register, bedoeld in. 1997 510 18-11-1997 06-11-1997 25280 1997 581 18-12-1997 11-12-1997 01-01-1998
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 artikelen 2 6 artikel 2 Het bepaalde in detot en metvindt overeenkomstige toepassing, indien de verbindendverklaring betreft wijzigingen in de bepalingen van collectieve arbeidsovereenkomsten, die ingevolgealgemeen verbindend zijn verklaard. 1937 801 25-05-1937 274 1937 892 07-09-1937 01-10-1937
Artikel 7a — Artikel 7a#
Artikel 7a 1 Indien een verzoek is gedaan aan Onze Minister om een uitzondering te maken op de algemeen verbindend verklaarde bepalingen van een collectieve arbeidsovereenkomst, beslist Onze Minister op dit verzoek niet eerder dan op het moment dat die bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomst algemeen verbindend zijn verklaard. 2 artikel 7:10, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht Indien tegen een besluit inzake het al dan niet maken van een uitzondering op de algemeen verbindend verklaarde bepalingen van een collectieve arbeidsovereenkomst bezwaar is gemaakt, beslist Onze Minister op dat bezwaar, in afwijking van, binnen veertien weken gerekend vanaf de dag na die waarop de termijn voor het indienen van het bezwaarschrift is verstreken. 2009 542 21-12-2009 03-12-2009 31844 2009 542 21-12-2009 03-12-2009 31844 22-12-2009
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 Onze Minister kan bepalingen van eene collectieve arbeidsovereenkomst onverbindend verklaren, indien het algemeen belang zulks vereischt. 2 Indien Onze Minister overweegt één of meer bepalingen van eene collectieve arbeidsovereenkomst onverbindend te verklaren, geeft hij daarvan kennis aan hen, die bij de collectieve arbeidsovereenkomst partij zijn en stelt hen in de gelegenheid hunne bedenkingen daartegen schriftelijk of mondeling kenbaar te maken. 3 Onverbindendverklaring heeft geen terugwerkende kracht. 4 Staatscourant artikel 5, derde lid Van het besluit, waarbij de onverbindendverklaring wordt uitgesproken, wordt mededeling gedaan door plaatsing in de. Van de onverbindendverklaring wordt aantekening gehouden in het register, bedoeld in. 1997 510 18-11-1997 06-11-1997 25280 1997 581 18-12-1997 11-12-1997 01-01-1998
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 Bij onverbindendverklaring van eene bepaling van eene collectieve arbeidsovereenkomst wordt deze bepaling geacht geen deel meer uit te maken van de collectieve arbeidsovereenkomst. 2 Elk op het tijdstip van het in werking treden der onverbindendverklaring bestaand beding tusschen een werkgever en een werknemer, berustende op de onverbindend verklaarde bepaling, is nietig. 1996 562 26-11-1996 14-11-1996 24770 1997 37 06-02-1997 10-01-1997 01-04-1997
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 artikel 3 Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs Wet arbeidsvoorwaarden gedetacheerde werknemers in de Europese Unie Arbeidstijdenwet Arbeidsomstandighedenwet Indien een of meer verenigingen van werkgevers of van werknemers, op wier verzoek een verbindendverklaring is uitgesproken, het vermoeden gegrond achten, dat in een onderneming een of meer der verbindend verklaarde bepalingen niet worden nageleefd, kunnen zij met het oog op het instellen van een rechtsvordering, als bedoeld in, Onze Minister verzoeken een onderzoek daarnaar te doen instellen. Onze Minister draagt het onderzoek op aan daartoe door hem aangewezen onder hem ressorterende ambtenaren. Onze Minister verstrekt een verslag aan de vereniging, die om het onderzoek heeft gevraagd over hetgeen uit het onderzoek is gebleken. Daarbij kunnen gegevens worden verwerkt betreffende het in die onderneming naleven van de, de, de, deen de daarop berustende bepalingen, of deen de daarop berustende bepalingen. Het verslag bevat geen gegevens waaruit de identiteit van een in het onderzoek betrokken werknemer kan worden afgeleid. Indien dit niet mogelijk is, worden gegevens slechts opgenomen, voor zover de persoonlijke levenssfeer van betrokkene hierdoor niet onevenredig wordt geschaad. 2 Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs Wet arbeidsvoorwaarden gedetacheerde werknemers in de Europese Unie Arbeidstijdenwet Arbeidsomstandighedenwet Indien een naar het oordeel van Onze Minister in aanmerking komende rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid die door een of meer verenigingen van werkgevers of van werknemers is belast of mede is belast met het toezicht op de naleving van algemeen verbindend verklaarde bepalingen van een collectieve arbeidsovereenkomst, het vermoeden gegrond acht, dat in een onderneming een of meer van die verbindend verklaarde bepalingen niet worden nageleefd, kan hij met het oog op dat toezicht op de naleving Onze Minister verzoeken een onderzoek daarnaar te doen instellen. Onze Minister draagt het onderzoek op aan daartoe door hem aangewezen onder hem ressorterende ambtenaren. Onze Minister verstrekt een verslag aan de rechtspersoon, die om het onderzoek heeft gevraagd over hetgeen uit het onderzoek is gebleken. Daarbij kunnen gegevens worden verwerkt betreffende het in die onderneming naleven van de, de, de, deen de daarop berustende bepalingen, of deen de daarop berustende bepalingen. Het verslag bevat geen gegevens waaruit de identiteit van een in het onderzoek betrokken werknemer kan worden afgeleid. Indien dit niet mogelijk is, worden gegevens slechts opgenomen, voor zover de persoonlijke levenssfeer van betrokkene hierdoor niet onevenredig wordt geschaad. 3 Titel 5.2 van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing. 4 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot het in het eerste en tweede lid genoemde verslag. 2022 543 27-12-2022 21-12-2022 36216 2022 544 27-12-2022 21-12-2022 01-01-2023
Artikel 10a — Artikel 10a#
Artikel 10a 1 artikel 8 van de Wet arbeidsvoorwaarden gedetacheerde werknemers in de Europese Unie Onze Minister kan op verzoek van een of meer verenigingen van werkgevers of van werknemers de bij algemene maatregel van bestuur aangewezen gegevens, verkregen op grond van, verstrekken om na te gaan of algemeen verbindend verklaarde bepalingen van collectieve arbeidsovereenkomsten, die gelden voor gedetacheerde werknemers, worden nageleefd. 2 artikel 8 van de Wet arbeidsvoorwaarden gedetacheerde werknemers in de Europese Unie Onze Minister kan op verzoek van een rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid, die door de organisaties van werkgevers en werknemers is belast of mede is belast met het toezicht op de naleving van collectieve arbeidsovereenkomsten, bij algemene maatregel van bestuur aangewezen gegevens, verkregen op grond van, verstrekken ten behoeve van de uitvoering van het toezicht op de naleving van collectieve arbeidsovereenkomsten, die gelden voor gedetacheerde werknemers. 3 Wet arbeidsvoorwaarden gedetacheerde werknemers in de Europese Unie artikel 4 van die wet artikel 5 van die wet Onze Minister is bevoegd om op verzoek van een of meer verenigingen van werkgevers of van werknemers bij algemene maatregel van bestuur aangewezen gegevens over dienstverrichters, dan wel de voor de uitbetaling van het loon verantwoordelijke natuurlijke personen of rechtspersonen, bedoeld in de, die in het kader van de administratieve samenwerking, bedoeld in, verkregen zijn van andere lidstaten, of die worden verwerkt door de door Onze Minister aangewezen ambtenaren op grond van artikel 4, tweede lid, van die wet en in verband met het toezicht op de naleving, bedoeld in, te verstrekken om na te gaan of algemeen verbindend verklaarde bepalingen van collectieve arbeidsovereenkomsten die gelden voor gedetacheerde werknemers, worden nageleefd. 4 Wet arbeidsvoorwaarden gedetacheerde werknemers in de Europese Unie artikel 4 van die wet artikel 5 van die wet Onze Minister is bevoegd om op verzoek van een rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid, die door de organisaties van werkgevers en werknemers is belast of mede is belast met het toezicht op de naleving van collectieve arbeidsovereenkomsten bij algemene maatregel van bestuur aangewezen gegevens over dienstverrichters, dan wel de voor de uitbetaling van het loon verantwoordelijke natuurlijke personen of rechtspersonen, bedoeld in de, die in het kader van de administratieve samenwerking, bedoeld inverkregen zijn van andere lidstaten, of die worden verwerkt door de door Onze Minister aangewezen ambtenaren op grond van artikel 4, tweede lid, van die wet en in verband met het toezicht op de naleving, bedoeld in, te verstrekken ten behoeve van de uitvoering van het toezicht op de naleving van collectieve arbeidsovereenkomsten, die gelden voor gedetacheerde werknemers. 5 artikel 1, eerste lid, van de Wet arbeidsvoorwaarden gedetacheerde werknemers in de Europese Unie artikel 9a, eerste lid, van die wet Onze Minister kan aan de in het eerste en tweede lid bedoelde verenigingen en rechtspersonen relevante informatie verstrekken uit het IMI, bedoeld in, voor zover dit noodzakelijk is om te controleren of algemeen verbindend verklaarde bepalingen van collectieve arbeidsovereenkomsten, die gelden voor gedetacheerde bestuurders als bedoeld in, door de dienstverrichter worden nageleefd. 2023 151 10-05-2023 22-02-2023 36166 2023 152 10-05-2023 26-04-2023 01-06-2023
Artikel 10b — Artikel 10b#
Artikel 10b artikelen 4, vierde lid 6, tweede lid, tweede volzin artikel 17, eerste lid, van de Wet op de loonvorming Indien Onze Minister heeft vastgesteld dat de Stichting van de Arbeid heeft opgehouden te bestaan of de haar krachtens deze wet toekomende taak te vervullen, treden voor de toepassing van de, en, in haar plaats de krachtensdoor Ons aangewezen centrale organisaties van werkgevers en van werknemers. 2016 219 17-06-2016 01-06-2016 34408 2016 220 17-06-2016 08-06-2016 18-06-2016 Voorheen artikel 10a.
Artikel 10c — Artikel 10c#
Artikel 10c artikelen 2, eerste lid 6, eerste lid Onze Minister kan een onder hem ressorterende ambtenaar mandaat verlenen tot het uitoefenen van de bevoegdheden, bedoeld in de, en. 2016 219 17-06-2016 01-06-2016 34408 2016 220 17-06-2016 08-06-2016 18-06-2016 Voorheen artikel 10b.
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Bevat wijzigingen in andere regelgeving. 1937 801 25-05-1937 274 1937 892 07-09-1937 01-10-1937
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 Bevat wijzigingen in andere regelgeving. 1937 801 25-05-1937 274 1937 892 07-09-1937 01-10-1937
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Bevat wijzigingen in andere regelgeving. 1937 801 25-05-1937 274 1937 892 07-09-1937 01-10-1937
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Hetgeen nog ter voorbereiding van het in werking treden van deze wet en tot hare uitvoering noodig is, wordt bij algemeenen maatregel van bestuur geregeld. 1937 801 25-05-1937 274 1937 892 07-09-1937 01-10-1937
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 Deze wet kan worden aangehaald onder den titel: "Wet op het algemeen verbindend en het onverbindend verklaren van bepalingen van collectieve arbeidsovereenkomsten". 1937 801 25-05-1937 274 1937 892 07-09-1937 01-10-1937
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 Deze wet treedt in werking op een door Ons te bepalen tijdstip. 1937 801 25-05-1937 274 1937 892 07-09-1937 01-10-1937