Wet van 27 November 1947, houdende vaststelling van de Herverkavelingswet Walcheren
- BWB-id
- BWBR0002034
- Type
- Wet
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- 2002-01-01 t/m 2006-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0002034
- ELI
- /eli/nl/wet/1948/herverkavelingswet-walcheren-1947
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/1948/herverkavelingswet-walcheren-1947/2002-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0002034&g=2002-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0002034&z=2026-06-06&g=2002-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0002034/2002-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/wet/1948/herverkavelingswet-walcheren-1947
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Deze wet verstaat onder: 1°. "De Minister": De met de zaken van de Landbouw belaste Minister; 2°. "blok": geheel van in de herverkaveling van Walcheren begrepen onroerende goederen; 3°. "eigenaar": hem, die een recht van eigendom, opstal, erfpacht, vruchtgebruik, gebruik of bewoning heeft op tot het blok behorende onroerende goederen; 4°. "rechthebbende": eigenaar, en hem, die een niet onder 3°. genoemd zakelijk recht of een recht van huur of pacht heeft op tot het blok behorende onroerende goederen; 5°. "herverkavelingscommissie": de met de leiding en uitvoering der herverkaveling van Walcheren belaste commissie; 6°. "Raad van Beroep": de raad, welke in beroep oordeelt over de bezwaarschriften in de gevallen, waarin deze wet het indienen van zodanige bezwaren bij die raad toelaat; 7°. "Gedeputeerde Staten": Gedeputeerde Staten van Zeeland. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 Nederlandse Staatscourant Ter bevordering van het herstel van land-, tuin-, bosbouw en veehouderij op het eiland Walcheren heeft aldaar herverkaveling plaats. De Minister stelt het blok vast bij beschikking, die in dewordt bekendgemaakt. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 In het blok worden niet opgenomen begraafplaatsen, gesloten begraafplaatsen binnen dertig jaren na de sluiting en graven of grafkelders, als bedoeld in de artikelen 2 en 15 der wet van 10 April 1869 (Staatsblad n°. 65) tot vaststelling van bepalingen betrekkelijk tot het begraven van lijken, de begraafplaatsen en de begrafenisregten, zoals deze wet sedert dien is gewijzigd, binnen de termijnen, genoemd in de artikelen 23 en 25 dier wet. 2 Gebieden, waarvoor een wederopbouwplan bestaat, worden niet in het blok opgenomen, dan met goedkeuring van de Minister van Wederopbouw en Volkshuisvesting. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 In de eigendoms- of gebruikstoestand van onroerende goederen, welke bestemd zijn voor militaire doeleinden, wordt geen wijziging gebracht zonder toestemming van de Ministers van Oorlog en van Marine. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 Iedere eigenaar heeft recht op het in eigendom, opstal, erfpacht, vruchtgebruik, gebruik of bewoning verkrijgen van een waarde in kavels, welke tot het geheel der waarde van alle kavels staat als de waarde van zijn, in het blok opgenomen onroerende goederen, tot het geheel der waarde van alle opgenomen onroerende goederen. 2 derde lid van artikel 32 Onder waarde wordt in dit artikel verstaan, de schattingswaarde, zoals deze voor elk onroerend goed vaststaat of, in geval hettoepassing heeft gevonden, door de rechter-commissaris voorlopig is vastgesteld. 3 Van het bepaalde in het eerste lid kan slechts worden afgeweken, indien het de totstandkoming ener behoorlijke herverkaveling in de weg zou staan. 4 Tegen de wil van de eigenaar of van degene, die op het onroerend goed een recht van hypotheek of van grondrente heeft, mag deze afwijking niet meer bedragen dan vijf ten honderd van de waarde van het onroerend goed, op het verkrijgen waarvan de eigenaar, ingevolge het eerste lid, recht heeft. 5 artikel 6 De herverkavelingscommissie is bevoegd te bepalen, dat een eigenaar, in afwijking van het bepaalde in het eerste tot en met het vierde lid, geen recht heeft op het verkrijgen van een waarde in kavels en dat algehele vergoeding in geld door het Rijk, overeenkomstig het bepaalde in, zal plaats vinden, wanneer de waarde van de van hem in het blok opgenomen onroerende goederen zo gering is, dat de toepassing van het eerste tot en met het vierde lid zou leiden tot de vorming van een niet behoorlijk te exploiteren kavel en hij geacht kan worden geen redelijk belang bij het verkrijgen van een zodanige kavel te hebben. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 Het nadelig of voordelig verschil tussen de waarde der van de eigenaar in het blok opgenomen onroerende goederen, zoals deze uiteindelijk is vastgesteld en de waarde van de hem toebedeelde onroerende goederen, zoals deze na herschatting uiteindelijk is vastgesteld, wordt door het Rijk aan de eigenaar, onderscheidenlijk door de eigenaar aan het Rijk, in geld vergoed. 2 Indien niet bekend is aan wie een geldelijke vergoeding, als bedoeld in het eerste lid, zou moeten worden gegeven, wordt het bedrag in consignatie in 's Rijks kas gestort. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Onverminderd het bepaalde bij of krachtens enige andere wettelijke regeling heeft een overeenkomst, aangegaan in het tijdvak vanaf de inwerkingtreding dezer wet tot aan de overschrijving van de acte van toedeling in de openbare registers en waarbij onder bezwarende titel of bij schenking onder de levenden: geen rechtskracht zonder schriftelijke verklaring van de herverkavelingscommissie, waaruit blijkt, dat deze overeenkomst niet in strijd is met een behoorlijke uitvoering der herverkaveling. a. in het blok opgenomen onroerende goederen worden overgedragen of b. een recht van erfpacht, opstal, vruchtgebruik, gebruik of bewoning op zodanige goederen wordt gevestigd of gewijzigd, of waarbij een zodanig recht wordt overgedragen, 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Aan de Staat kunnen kavels worden toebedeeld; deze worden beheerd door de Minister. Overdracht van het beheer geschiedt door Ons op voordracht van de Minister. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Tenzij het belang der herverkaveling het vordert, wordt geen wijziging gebracht in de eigenaarsverhouding van: 1°. parken; 2°. gedenktekenen met bijbehorende terreinen; 3°. onroerende goederen van rechtspersonen, die bevordering van natuurschoon ten doel hebben, indien en zolang zij als zodanig door Ons zijn erkend; 4°. onroerende goederen, bestemd voor andere bedrijven dan land-, tuin-, bosbouw, veehouderij, jacht of visserij. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Elke kavel moet zó worden gevormd, dat hij: 1°. uitweg heeft op een openbare land- of waterweg en zo mogelijk daaraan belendt; 2°. zo nodig en mogelijk de gelegenheid tot behoorlijke afwatering heeft. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 De eigendom van de openbare wegen en waterlopen met de daartoe behorende kunstwerken in het blok behoort aan een door Gedeputeerde Staten aangewezen publiekrechtelijk lichaam. 2 Gedeputeerde Staten regelen het beheer en het onderhoud van de openbare wegen, waterlopen en kaden met de daartoe behorende kunstwerken. 3 De toewijzing van de eigendom, het beheer en het onderhoud geschiedt zonder geldelijke verrekening. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 De zakelijke rechten, het recht van huur en van pacht en de lasten, welke op de onroerende goederen rusten, worden geregeld of opgeheven onder regeling van de geldelijke gevolgen daarvan; tiendrenten en jachtrenten worden afgekocht overeenkomstig de daaromtrent geldende wettelijke bepalingen. Van een regeling en van het opheffen van een recht van pacht wordt door de herverkavelingscommissie mededeling gedaan aan de Grondkamer. 2 vijfde lid van artikel 5 De hypotheken gaan met behoud van haar rang over op de kavels of gedeelten van kavels, welke in de plaats van het onroerend goed, waarop zij rusten, worden toegedeeld. In geval van toepassing van het, wordt het bedrag der algehele vergoeding in geld door de herverkavelingscommissie besteed voor het aflossen van de schuldvorderingen van hypotheekhouders, die zulks wensen, onverschillig of deze schuldvorderingen al dan niet opeisbaar zijn. 3 Conservatoire en executoriale beslagen gaan over op de kavels of gedeelten van kavels, welke in de plaats van het onroerend goed, waarop zij gelegd zijn, worden toegedeeld, alsmede op de geldsommen, welke in de plaats van kavels of ter zake van ondertoedeling worden toegekend. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Pachtovereenkomsten en overeenkomsten tot wijziging, aanvulling of verlenging van een pachtovereenkomst, aangegaan in het tijdvak vanaf de inwerkingtreding dezer wet tot aan de overschrijving van de acte van toedeling in de openbare registers ten aanzien van de in het blok opgenomen onroerende goederen, hebben onverminderd het bepaalde bij of krachtens enige andere wettelijke regeling, geen rechtskracht zonder schriftelijke verklaring van de herverkavelingscommissie, waaruit blijkt, dat de overeenkomst niet in strijd is met een behoorlijke uitvoering der herverkaveling. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 1 In het belang der herverkaveling kan door de herverkavelingscommissie een recht van pacht worden gevestigd; de aldus gevestigde verbintenis heeft dezelfde kracht als een tussen partijen gesloten en overeenkomstig de wet goedgekeurde pachtovereenkomst. Alvorens een recht van pacht te vestigen, pleegt de herverkavelingscommissie overleg met de Grondkamer in zake de pachtvoorwaarden; zo mogelijk vindt overleg plaats met de betrokken partijen. 2 a b artikel 47, onderof Toepassing van het eerste lid mag niet ten gevolge hebben, dat daardoor de exploitatie van enig bedrijf ernstig zou worden bemoeilijkt, tenzij het betreft een bedrijf ten aanzien waarvan een aantekening, als bedoeld inop de lijst van de in het blok gelegen bedrijven is geplaatst. 3 Indien de eigenaar ten gevolge van de toepassing van het eerste lid schade lijdt, wordt deze door het Rijk aan de eigenaar vergoed. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 1 Er is een Herverkavelingscommissie, bestaande uit ten hoogste vijftien leden, die door Ons worden benoemd en ontslagen. Er kunnen plaatsvervangende leden worden benoemd. Zij kan zich door deskundigen doen bijstaan; de Minister stelt voor haar een instructie vast. 2 artikel 11, onder 1°., 2°., en 3°. van de Wet op de Rechterlijke Organisatie artikel 11 van de Wet op de Rechterlijke Organisatie artikel 13 van de Wet op de Rechterlijke Organisatie Staatsblad Er is een Raad van Beroep, bestaande uit ten hoogste vijf leden, die door Ons worden benoemd. Er kunnen plaatsvervangende leden worden benoemd. Zij zijn onafzetbaar gedurende de werkingsduur van deze wet, behoudens in de gevallen, bedoeld in(Wet van 18 April 1827,no. 20). De ontzetting wordt uitgesproken op de wijze, inbepaald. De derde tot en met achtste alinea van dat artikel, alsmedezijn ten aanzien van de leden van de Raad van Beroep van overeenkomstige toepassing. 3 De Raad van Beroep kan getuigen en deskundigen horen. De oproeping geschiedt bij aangetekende brief. Getuigen en deskundigen zijn na oproeping verplicht te verschijnen en de gevraagde inlichtingen te verstrekken. 4 Wij behouden Ons voor regelen te stellen betreffende: a. het toekennen van een vergoeding aan de leden van de Raad van Beroep; b. het toekennen van schadevergoeding aan de getuigen en deskundigen; c. het vaststellen van een tarief voor de werkzaamheden van de Raad van Beroep. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 1 Van de benoeming der herverkavelingscommissie en van de Raad van Beroep wordt door de Minister bericht gezonden aan Gedeputeerde Staten en aan de Arrondissementsrechtbank te Middelburg. De toezending gaat vergezeld van een kaart, waarop het te verkavelen gebied is aangegeven. 2 Zo spoedig mogelijk, in elk geval binnen dertig dagen na ontvangst van dit bericht, benoemt de rechtbank een rechtercommissaris en doet zij hiervan mededeling aan Gedeputeerde Staten, aan de herverkavelingscommissie en aan de Raad van Beroep. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 1 Het is aan eigenaren en gebruiksgerechtigden van tot het blok behorende onroerende goederen verboden handelingen te verrichten, waardoor de waarde van hun onroerende goederen zou verminderen, tenzij hun daartoe door de herverkavelingscommissie vergunning is verleend. 2 Overtreding van het bepaalde in het vorige lid wordt gestraft met geldboete van de eerste categorie. 3 Het strafbare feit wordt als een overtreding beschouwd. 4 artikelen 5 6 Waardeverminderingen, die het gevolg zijn van handelingen, bedoeld in het eerste lid van dit artikel, komen, voor de toepassing van deen, ten laste van de eigenaren. De herverkavelingscommissie houdt hiermede rekening bij het opmaken van het plan van toedeling en van de lijst van geldelijke regelingen. 2001 481 01-11-2001 27-09-2001 27472 2001 481 01-11-2001 27-09-2001 27472 01-01-2002
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 1 Wanneer de herverkavelingscommissie het ten behoeve van de herverkaveling nodig acht, dat iemands grond wordt betreden of daarop gravingen of opmetingen worden verricht of tekens gesteld, moeten zowel de eigenaren als de gebruikers van die grond dit gedogen. 2 Indien het verrichten van de in het vorige lid bedoelde handelingen niet wordt gedoogd, wordt de tussenkomst ingeroepen van de burgemeester of kantonrechter, op wiens bevel het verrichten der handelingen, desnoods met behulp van de sterke arm, wordt mogelijk gemaakt. 3 De schade, welke uit de toepassing van het eerste lid mocht voortvloeien, wordt door het Rijk vergoed. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 Indien toepassing van deze wet tengevolge zou hebben, dat een eigenaar reeds ontvangen of reeds toegezegde vergoeding voor geleden materiële oorlogsschade nogmaals geheel of gedeeltelijk zou ontvangen, vindt hiervoor verrekening plaats. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 20 — Artikel 20#
Artikel 20 De herverkavelingscommissie stelt een zo volledig mogelijke lijst samen van alle rechthebbenden met vermelding van de aard en de omvang van ieders recht. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 21 — Artikel 21#
Artikel 21 1 De herverkavelingscommissie benoemt een aantal schatters, die onder haar leiding de in het blok gelegen onroerende goederen schatten. 2 De herverkavelingscommissie verdeelt het werk der schatters; deze treden steeds in oneven getale op. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 22 — Artikel 22#
Artikel 22 1 De herverkavelingscommissie ontwerpt een stelsel van classificatie van de grond en bepaalt van elke klasse de waarde per ha. Zij maakt van deze verrichtingen een proces-verbaal van classificatie op. 2 De schatters delen de grond aan de hand van het proces-verbaal van classificatie in klassen in. 3 Indien de gronden schade hebben geleden ten gevolge van bezettings- of oorlogshandelingen, geschiedt de schatting naar de toestand, waarin deze gronden zich bevonden, voordat zij hierdoor werden getroffen. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 23 — Artikel 23#
Artikel 23 1 De door de herverkavelingscommissie samengestelde lijst van rechthebbenden, een register van de uitkomsten der schattingen en een kaart waarop de klasse-grenzen staan aangegeven, worden door de herverkavelingscommissie ter kosteloze inzage van een ieder neergelegd. 2 Van de nederlegging geschiedt openbare kennisgeving in ten minste twee nieuwsbladen en in de gemeenten op de aldaar gebruikelijke wijze, alsmede bij bijzondere kennisgeving bij aangetekende brief aan de bekende rechthebbenden. 3 Op het niet ontvangen van de kennisgeving kan geen beroep worden gedaan. 4 De lijst van rechthebbenden wordt in haar geheel of in uittreksel tegen betaling der kosten verkrijgbaar gesteld. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 24 — Artikel 24#
Artikel 24 1 artikel 23 Binnen dertig dagen na de verzending van de bijzondere kennisgeving, inbedoeld, kan iedere belanghebbende schriftelijk zijn bezwaren tegen de toekenning en omschrijving van rechten op de lijst van rechthebbenden en tegen de schattingen bij de herverkavelingscommissie indienen. 2 Deze bevoegdheid wordt met aanwijzing van de dag der verzending in de kennisgevingen vermeld. 3 Na afloop van de in het eerste lid bepaalde termijn kunnen slechts zij als rechthebbenden worden erkend, die voorkomen op de lijst van rechthebbenden of tegen de daarop voorkomende toekenning of omschrijving van rechten bezwaren hebben ingediend, benevens hun rechtverkrijgenden. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 25 — Artikel 25#
Artikel 25 Voor zover daartegen binnen de termijn en op de wijze, in het vorige artikel bepaald, geen bezwaren zijn ingediend, staan de rechten, zoals zij op de lijst van rechthebbenden zijn omschreven en toegekend, en de uitkomsten van de schattingen vast. Daarvan wordt door de herverkavelingscommissie proces-verbaal opgemaakt. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 26 — Artikel 26#
Artikel 26 1 De herverkavelingscommissie onderzoekt de tijdig ingediende bezwaren en tracht daaromtrent met belanghebbenden overeenstemming te bereiken. 2 Indien overeenstemming is verkregen, vinden de bepalingen van het vorige artikel overeenkomstige toepassing. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 27 — Artikel 27#
Artikel 27 Indien geen overeenstemming is verkregen, wordt door de herverkavelingscommissie een proces-verbaal opgemaakt van het omtrent de ingebrachte bezwaren verhandelde. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 28 — Artikel 28#
Artikel 28 artikelen 25 26 27 De herverkavelingscommissie zendt zo spoedig mogelijk een afschrift van de lijst van rechthebbenden en van de in de,ofbedoelde processen-verbaal aan de rechter-commissaris. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 29 — Artikel 29#
Artikel 29 1 artikel 24 artikel 26 Indien binnen de termijn en op de wijze, inbepaald, bezwaren zijn ingediend en hieromtrent niet overeenkomstigovereenstemming is bereikt, bepaalt de rechter-commissaris terstond na ontvangst van de in het vorige artikel bedoelde stukken tijd en plaats der bijeenkomst, waarop de belanghebbenden bij deze bezwaren of hun schriftelijk gemachtigden voor hem kunnen verschijnen, ten einde voor zover nog nodig, te geraken tot toekenning en vaststelling van rechten en tot vaststelling van de uitkomst der schattingen. 2 Hij doet hiervan mededeling aan de herverkavelingscommissie. 3 artikel 24 De bekende belanghebbenden bij de in het eerste lid bedoelde bezwaren, die op de lijst van rechthebbenden zijn geplaatst of binnen de termijn en op de wijze, inbepaald, bezwaren hebben ingediend, worden bij aangetekende brief opgeroepen om in persoon of bij schriftelijk gemachtigde de bijeenkomst bij te wonen. 4 Op het niet ontvangen van de oproeping kan geen beroep worden gedaan. 5 In de oproeping wordt opmerkzaam gemaakt op het rechtsgevolg, door de wet aan het niet bijwonen der bijeenkomst en het vaststellen van de lijst van rechthebbenden verbonden. 6 De bijeenkomst wordt niet gehouden, dan nadat ten minste veertien dagen na de oproeping zijn verstreken. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 30 — Artikel 30#
Artikel 30 1 Op de bepaalde tijd wordt de bijeenkomst gehouden onder voorzitterschap van de rechter-commissaris, bijgestaan door de Griffier der Arrondissements-Rechtbank. 2 De bijeenkomst wordt bijgewoond door één of meer leden der herkavelingscommissie met zo nodig één of meer deskundigen. 3 Indien de werkzaamheden niet op één dag kunnen aflopen verdaagt de rechter-commissaris de bijeenkomst tot een andere dag zonder nadere oproeping. 4 In de bijeenkomst worden eerst de toekenning en de vaststelling van de rechten en daarna de schattingen behandeld. Van het verhandelde omtrent elk onderwerp wordt een afzonderlijk proces-verbaal opgemaakt. 5 Zij, die niet in persoon noch bij schriftelijk gemachtigde op de bijeenkomst aanwezig zijn, wanneer hun bezwaren worden behandeld, worden geacht die bezwaren te hebben ingetrokken. 6 Het vorige lid is niet van toepassing ten aanzien van hen, die binnen een week na de dag der bijeenkomst bij aangetekende brief, gericht aan de rechter-commissaris, het niet verschijnen op de bijeenkomst verkaren met een beroep op overmacht en de gegrondheid van deze bewering binnen een door de rechter-commissaris te bepalen termijn aan deze aannemelijk maken. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 31 — Artikel 31#
Artikel 31 1 Voorzover omtrent de toekenning, de aard en de omvang der rechten overeenstemming is verkregen, staan deze vast. 2 Partijen, tussen wie geen overeenstemming is verkregen, worden, voorzover hun geschil niet reeds aanhangig is, door de rechter-commissaris naar een door hem te bepalen zitting van de rechtbank verwezen. Deze verwijzing vervangt de dagvaarding. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 32 — Artikel 32#
Artikel 32 1 Voorzover overeenstemming wordt verkregen omtrent de schattingen staan deze vast. 2 Indien geschil blijft bestaan, verwijst de rechter-commissaris de zaak naar een nader te bepalen zitting van de rechtbank. Deze verwijzing vervangt de dagvaarding. 3 Het staat de rechter-commissaris vrij de uitkomsten der schattingen, waaromtrent geen overeenstemming is verkregen, voorlopig vast te stellen, indien de herverkavelingscommissie hem zulks met het oog op een vlot verloop van de herverkaveling verzoekt. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 33 — Artikel 33#
Artikel 33 De rechtbank behandelt zaken betreffende de toekenning en de vaststelling van de rechten vóór elke andere, met uitzondering van die betreffende onteigening. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 34 — Artikel 34#
Artikel 34 1 Ten dage dienende geven zij, tussen wie geschil bestaat over de rechten betreffende in het blok gelegen percelen de gronden hunner beweringen en de middelen tot staving daarvan op bij conclusie, door een procureur getekend. Afschrift der conclusie wordt ter terechtzitting aan de procureur der weder-partij overgegeven. 2 Op een uiterlijk veertien dagen hierna te stellen door de rechtbank te bepalen dag kunnen partijen haar conclusiën bij pleidooi door een advocaat mondeling doen toelichten. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 35 — Artikel 35#
Artikel 35 1 Uiterlijk een maand na de dienende dag of, indien een dag voor pleidooi werd vastgesteld, na de daarvoor bepaalde dag, doet de rechtbank uitspraak. 2 Tegen uitspraak is geen verzet nog enige andere voorziening dan die in cassatie toegelaten. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 36 — Artikel 36#
Artikel 36 1 De cassatie wordt ingesteld binnen een maand, te rekenen van de dag, waarop het vonnis is uitgesproken. 2 Zij geschiedt door een verklaring ter griffie der rechtbank, die het vonnis heeft gewezen. 3 Deze verklaring wordt binnen veertien dagen met een ontwikkeling van de gronden der cassatie aan de tegenpartij betekend en gaat vergezeld van dagvaarding tegen de eerstvolgende, voor de behandeling van burgerlijke zaken bestemde, terechtzitting na de in het volgende lid bepaalde termijn. 4 De tegenpartij is bevoegd om uiterlijk binnen veertien dagen te antwoorden. 5 In de genoemde terechtzitting nemen de partijen haar conclusiën desverkiezende bij pleidooi mits in dezelfde terechtzitting, nader te ontwikkelen. 6 Het Openbaar Ministerie neemt zijn conclusie uiterlijk veertien dagen na de terechtzitting. 7 Uiterlijk zes weken na de terechtzitting doet de Hooge Raad uitspraak. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 37 — Artikel 37#
Artikel 37 Zodra omtrent alle geschillen over de rechten betreffende de tot het blok behorende onroerende goederen onherroepelijk is beslist, wordt de lijst van rechthebbenden door de rechtbank gesloten. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 38 — Artikel 38#
Artikel 38 1 Nadat alle rechten betreffende bij de herverkaveling betrokken percelen vaststaan, worden zij, met wie geen overeenstemming omtrent de schattingen is verkregen, alsmede de herverkavelingscommissie opgeroepen om te verschijnen op een bepaalde zitting van de rechtbank. 2 De rechtbank behandelt de zaken betreffende de schattingen vóór elke andere, met uitzondering van die betreffende onteigening. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 39 — Artikel 39#
Artikel 39 1 Ten dage dienende lichten zij, met wie geen overeenstemming is verkregen, hun standpunt, hetzij in persoon, hetzij bij schriftelijk gemachtigde, mondeling toe. 2 De rechtbank hoort de vertegenwoordigers van de herverkavelingscommissie. 3 Uiterlijk een maand na het in het tweede lid genoemde verhoor doet de rechtbank uitspraak. 4 Indien deze uitspraak van invloed is op de uitkomsten van andere schattingen, is zij bevoegd hierin wijziging aan te brengen. Zij doet dit niet alvorens belanghebbenden te hebben gehoord. 5 Het register van de uitkomsten der schattingen wordt door de rechtbank gesloten. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 40 — Artikel 40#
Artikel 40 Tegen de uitspraak van de rechtbank is geen verzet noch ook enige andere voorziening toegelaten, onverminderd de bevoegdheid van de procureur-generaal bij de Hooge Raad om zich, in het belang der wet, in cassatie te voorzien. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 41 — Artikel 41#
Artikel 41 De kosten van het geding betreffende de schattingen komen ten laste van de belanghebbende met wie geen overeenstemming is verkregen, indien deze in het ongelijk is gesteld, ten laste van het Rijk, indien hij in het gelijk wordt gesteld. Indien de rechter daartoe termen vindt in de omstandigheden van het geding, kan hij de kosten geheel of voor een deel compenseren. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 42 — Artikel 42#
Artikel 42 Zoodra de lijst van rechthebbenden en het register van de uitkomsten der schattingen zijn gesloten, geeft de rechter-commissaris hiervan kennis aan de herverkavelingscommissie; hij zendt een afschrift van de lijst van rechthebbenden aan deze commissie en aan de hypotheekbewaarder, wie het aangaat. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 43 — Artikel 43#
Artikel 43 1 De herverkavelingscommissie maakt door openbare kennisgeving in ten minste twee nieuwsbladen en in de gemeenten op de aldaar gebruikelijke wijze bekend, tegen welke voorwaarden en in welke gebieden, gebruikers van in het blok gelegen gronden door de Staat in de gelegenheid kunnen worden gesteld om buiten het blok grond te pachten en roept tevens de gegadigden daartoe op. 2 De grondgebruikers, die aan deze oproep gehoor geven en naar het oordeel van de herverkavelingscommissie in aanmerking komen om buiten het blok grond te pachten en met wie de herverkavelingscommissie tot overeenstemming komt, tekenen een verklaring, dat zij de hun in eigendom toebehorende percelen of de kavels, die daarvoor in de plaats treden, zullen verpachten, of, dat het recht van pacht op de tot dusver door hen gepachte percelen wordt beëindigd en dat te hunnen behoeve geen nieuw recht van pacht op in het blok gelegen kavels zal worden gevestigd. 3 Voor het vaststellen van tijdstip en inhoud van de openbare kennisgeving bedoeld in het eerste lid, alsmede voor het sluiten van overeenkomsten als bedoeld in het tweede lid, behoeft de herverkavelingscommissie de voorafgaande goedkeuring van de Minister van Financiën. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 44 — Artikel 44#
Artikel 44 1 De ondertekening der verklaring heeft tengevolge: artikel 13 ten aanzien van de eigenaar: dat hij verplicht is, met inachtneming van het bepaalde in, met ingang van een door de herverkavelingscommissie te bepalen dag de onroerende goederen, waarop hij tot dusver zijn bedrijf uitoefende, of de kavels, welke daarvoor in de plaats treden, te verpachten; ten aanzien van de pachter: dat zijn pachtovereenkomst eindigt met ingang van een door de herverkavelingscommissie te bepalen dag en dat hij geen recht heeft op het in pacht verkrijgen van een of meer in het blok gelegen kavels. 2 eerste lid van artikel 43 De grondgebruikers, die deze verklaring getekend hebben, worden door de Staat, overeenkomstig het bepaalde in het, in de gelegenheid gesteld buiten het blok grond te pachten. 3 De herverkavelingscommissie doet aan de verpachter bij aangetekende brief onverwijld mededeling van de ondertekening van de verklaring door de pachter. Op het niet ontvangen van de mededeling kan geen beroep worden gedaan. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 45 — Artikel 45#
Artikel 45 1 artikelen 43 44 artikelen 5 12 13 14 De herverkavelingscommissie onderzoekt of op de wijze, aangegeven in deen, voldoende grond ter beschikking komt om aan de overige rechthebbenden voorzover zij een bedrijf uitoefenen, met inachtneming van het bepaalde in de,,en, het gebruik van kavels tot een zodanige oppervlakte toe te kennen, dat daarop levensvatbare bedrijven kunnen worden gevestigd. 2 Indien zulks niet het geval is, stelt de herverkavelingscommissie een zo volledig mogelijke lijst samen van de in het blok gelegen bedrijven, waaronder in deze titel worden verstaan: landbouw-, veeteelt- en tuinbouwbedrijven. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 46 — Artikel 46#
Artikel 46 1 Alsdan kan de herverkavelingscommissie bepalen, dat met ingang van een bepaalde dag: a. een pachtovereenkomst eindigt en de pachter geen recht heeft op het in pacht verkrijgen van één of meer in het blok gelegen kavels; b. de eigenaar-grondgebruiker verplicht is de onroerende goederen, waarop hij tot dusver zijn bedrijf uitoefende, of de kavels, die daarvoor in de plaats treden, te verpachten. 2 b a tweede lid van artikel 45 Een bepaling als bedoeld ondervan het vorige lid komt bij voorkeur eerst in aanmerking, indien het gestelde in de aanhef van hetzich nog voordoet, nadat het bepaalde ondervan het vorige lid zoveel mogelijk is toegepast. b Een bepaling als bedoeld ondervan het vorige lid komt bij voorkeur niet in aanmerking ten aanzien van de eigenaar-grondgebruiker, die zijn hoofdberoep in de landbouw heeft. 3 De eigenaar-grondgebruiker en de pachters, bedoeld in het eerste lid, worden door het Rijk schadeloos gesteld. Zoveel mogelijk vindt de schadeloosstelling plaats bij minnelijk overleg, desgewenst door hen in de gelegenheid te stellen buiten het blok grond te pachten. 4 a Bij toepassing van het bepaalde in het eerste lid, onder, doet de herverkavelingscommissie hiervan onverwijld bij aangetekende brief mededeling aan de verpachter. Op het niet ontvangen van de mededeling kan geen beroep worden gedaan. 5 Voor het nemen van een besluit als bedoeld in het eerste lid behoeft de herverkavelingscommissie de voorafgaande goedkeuring van de Minister van Financiën. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 47 — Artikel 47#
Artikel 47 De herverkavelingscommissie tekent op de lijst van de in het blok gelegen bedrijven aan: a. artikel 43 ten aanzien van welke percelen een verklaring, als bedoeld in, getekend is; b. artikel 46 welke percelen de eigenaar verplicht is te verpachten en ten aanzien van welke percelen een pachtovereenkomst zal eindigen, overeenkomstig het bepaalde in; c. artikel 46 voorzover dit niet bij minnelijk overleg is vastgesteld, de schadevergoeding, bedoeld in. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 48 — Artikel 48#
Artikel 48 1 artikel 47 De herverkavelingscommissie legt de lijst van de in het blok gelegen bedrijven, met de daarop ingevolge het bepaalde ingestelde aantekeningen, neer ter kosteloze inzage van een ieder. 2 tweede lid van artikel 23 Van de nederlegging geschiedt openbare en bijzondere kennisgeving op de wijze in hetaangegeven. 3 Op het niet ontvangen van de kennisgeving kan geen beroep worden gedaan. 4 De lijst van de in het blok gelegen bedrijven, met de daarop gestelde aantekeningen, wordt in haar geheel of in uittreksel tegen betaling der kosten beschikbaar gesteld. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 49 — Artikel 49#
Artikel 49 1 artikel 48 Binnen dertig dagen na de verzending van de bijzondere kennisgeving, inbedoeld, kan ieder belanghebbende zijn bezwaren tegen de aantekeningen, gesteld op de lijst van de in het blok gelegen bedrijven, schriftelijk bij de herverkavelingscommissie indienen. 2 Deze bevoegdheid wordt met aanwijzing van de dag der verzending in de kennisgeving vermeld. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 50 — Artikel 50#
Artikel 50 artikel 49 Voorzover binnen de termijn en op de wijze invermeld geen bezwaren zijn ingediend, staan de aantekeningen vast. Daarvan wordt door de herverkavelingscommissie proces-verbaal opgemaakt. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 51 — Artikel 51#
Artikel 51 1 De herverkavelingscommissie onderzoekt de tijdig ingediende bezwaren en tracht daaromtrent overeenstemming te bereiken. 2 Indien overeenstemming is verkregen, vinden de bepalingen van het vorige artikel overeenkomstige toepassing. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 52 — Artikel 52#
Artikel 52 Indien geen overeenstemming is verkregen, wordt door de herverkavelingscommissie proces-verbaal opgemaakt van het omtrent de ingebrachte bezwaren verhandelde. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 53 — Artikel 53#
Artikel 53 artikelen 50 51 52 De herverkavelingscommissie zendt zo spoedig mogelijk een afschrift van de lijst van de in het blok gelegen bedrijven met de daarop gestelde aantekeningen en van de in de,enbedoelde processen-verbaal aan de Raad van Beroep. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 54 — Artikel 54#
Artikel 54 artikel 49 De behandeling van de bezwaren tegen de aantekeningen, gesteld op de lijst van de in het blok gelegen bedrijven, welke ingevolge het bepaalde inzijn ingebracht en waaromtrent de herverkavelingscommissie geen overeenstemming heeft weten te bereiken, geschiedt door de Raad van Beroep. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 55 — Artikel 55#
Artikel 55 1 artikel 53 De Voorzitter van de Raad van Beroep bepaalt terstond na ontvangst van de inbedoelde stukken tijd en plaats der zitting, waarop de belanghebbenden bij de bezwaren of hun schriftelijk gemachtigden ter behandeling zullen verschijnen. 2 De Voorzitter doet hiervan mededeling aan de herverkavelingscommissie. 3 artikel 49 De bekende belanghebbenden bij de in het eerste lid bedoelde bezwaren, die op de lijst van rechthebbenden zijn geplaatst of binnen de termijn en op de wijze, inbepaald, bezwaren hebben ingediend, worden bij aangetekende brief opgeroepen om in persoon of bij schriftelijk gemachtigde op de zitting te verschijnen. 4 Op het niet ontvangen van de oproeping kan geen beroep worden gedaan. 5 In de oproeping wordt opmerkzaam gemaakt op het rechtsgevolg, door de wet aan het niet bijwonen der zitting verbonden. 6 De zitting wordt niet gehouden, dan nadat ten minste veertien dagen na de oproeping zijn verstreken. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 56 — Artikel 56#
Artikel 56 1 De zitting wordt bijgewoond door één of meer leden van de herverkavelingscommissie met zo nodig een of meer deskundigen. 2 Zij, die niet in persoon noch bij schriftelijk gemachtigde, op de zitting aanwezig zijn, wanneer hun bezwaren worden behandeld, worden geacht die bezwaren te hebben ingetrokken. Daarvan wordt proces-verbaal opgemaakt. 3 Het vorige lid is niet van toepassing ten aanzien van hen, die binnen een week na de dag der zitting bij aangetekende brief, gericht aan de voorzitter van de Raad van Beroep, het niet verschijnen ter zitting verklaren met een beroep op overmacht en de gegrondheid van deze bewering binnen een door de voorzitter van de Raad van Beroep te bepalen termijn aan deze aannemelijk maken. 4 Indien de werkzaamheden niet op één dag kunnen aflopen, verdaagt de voorzitter van de Raad van Beroep de zitting tot een andere dag zonder nadere oproeping. 5 De Raad van Beroep doet uitspraak over de ingebrachte bezwaren. Van het verhandelde wordt proces-verbaal opgemaakt. 6 b artikel 47, onder Voorzover deze bezwaren betrekking hadden op de aantekeningen, bedoeld in, staan deze aantekeningen door de uitspraak van de Raad van Beroep vast en is van deze uitspraak geen beroep noch enige andere voorziening mogelijk. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 57 — Artikel 57#
Artikel 57 1 Van de uitspraak wordt afschrift gezonden aan de herverkavelingscommissie, aan de rechter-commissaris en, bij aangetekende brief, aan de bij de uitspraak betrokken belanghebbenden onder mededeling van het bepaalde in het eerste lid van het volgend artikel. 2 Op het niet ontvangen van deze mededeling kan geen beroep worden gedaan. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 58 — Artikel 58#
Artikel 58 1 artikel 57 artikel 49 a c artikel 47, onderof Binnen dertig dagen na de verzending van de inbedoelde mededeling kan ieder, die overeenkomstig het bepaalde inbezwaren had ingebracht tegen een aantekening, als bedoeld in, schriftelijk aan de Raad van Beroep verklaren, dat hij zich met de uitspraak van de Raad van Beroep daaromtrent niet kan verenigen. 2 eerste lid van dit artikel a c artikel 47, onderof Voorzover binnen de termijn en op de wijze, bedoeld in het, geen verklaringen zijn ingezonden, staan de aantekeningen, bedoeld in, door de uitspraak van de Raad van Beroep vast en is van deze uitspraak geen beroep, noch enige andere voorziening mogelijk. 3 Van de ingezonden verklaringen zendt de Raad van Beroep afschrift aan de herverkavelingscommissie en aan de rechter-commissaris. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 59 — Artikel 59#
Artikel 59 1 De rechter-commissaris verwijst partijen naar een door hem te bepalen zitting van de rechtbank. Deze verwijzing vervangt de dagvaarding. 2 De rechtbank behandelt alle zaken betreffende de aantekeningen, gesteld op de lijst van de in het blok gelegen bedrijven, vóór elke andere, met uitzondering van die betreffende onteigening. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 60 — Artikel 60#
Artikel 60 1 Ten dage dienende geven zij, die verklaard hebben, dat zij zich met de uitspraak van de Raad van Beroep niet kunnen verenigen, de gronden hunner beweringen en de middelen tot staving daarvan op bij conclusie, door een procureur getekend. Afschrift der conclusie wordt ter terechtzitting aan de procureur der weder-partij overgegeven. 2 Op een uiterlijk veertien dagen hierna te stellen, door de rechtbank te bepalen, dag kunnen partijen haar conclusiën bij pleidooi door een advocaat mondeling doen toelichten. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 61 — Artikel 61#
Artikel 61 1 Uiterlijk een maand na de dienende dag of, indien een dag voor pleidooi werd vastgesteld, na de daarvoor bepaalde dag, doet de rechtbank uitspraak. 2 Tegen de uitspraak van de rechtbank is geen verzet, noch enige andere voorziening toegelaten, onverminderd de bevoegdheid van de procureur-generaal bij de Hooge Raad om zich, in het belang der wet, in cassatie te voorzien. 3 De lijst van de in het blok gelegen bedrijven, met de daarop gestelde aantekeningen, wordt door de rechtbank gesloten. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 62 — Artikel 62#
Artikel 62 1 De herverkavelingscommissie vervaardigt een kaart van het blok met de wegen, waterlopen en kaden met de daartoe behorende kunstwerken met inachtneming van door Gedeputeerde Staten te geven richtlijnen en aanwijzingen in verband met die richtlijnen. 2 Zij doet deze kaart aan Gedeputeerde Staten toekomen, vergezeld van haar advies en van een voorstel omtrent de eigendom, het beheer en het onderhoud van de openbare wegen, waterlopen en kaden met de daartoe behorende kunstwerken. 3 Zo spoedig mogelijk nadat de herverkavelingscommissie deze stukken heeft verzonden, stellen Gedeputeerde Staten het plan van wegen, waterlopen en kaden met de daartoe behorende kunstwerken met hun afmetingen vast; de vaststelling kan ook in gedeelten geschieden. 4 artikelen 8 9 van de Wegenwet artikelen 4 5 van de Wegenwet Wegen met de daartoe behorende kunstwerken, welke voorheen voor het openbaar verkeer waren opengesteld en niet in het plan worden opgenomen, worden in afwijking van het bepaalde in deendoor het enkele feit van de niet opname aan het openbaar verkeer onttrokken. Aan wegen met de daartoe behorende kunstwerken, welke in het plan als openbare wegen worden opgenomen, maar die voorheen niet voor het openbaar verkeer waren opengesteld, wordt in afwijking van het bepaalde in deendoor het enkele feit van de opname de bestemming van openbare weg gegeven. 5 Gedeputeerde Staten zenden een afschrift van hun besluit tot vaststelling van het plan of van een gedeelte van het plan van wegen, waterlopen en kaden met de daartoe behorende kunstwerken aan de belanghebbende openbare lichamen en aan de herverkavelingscommissie, vergezeld van een kaart, aangevende de afmetingen. 6 Binnen 30 dagen na dagtekening van de verzending van de in het vorige lid bedoelde kennisgevingen, staat aan de in het vorige lid bedoelde lichamen en aan de Commissaris in de provincie Zeeland beroep op Ons open. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 63 — Artikel 63#
Artikel 63 1 6e lid van artikel 62 Na het verstrijken van de in hetgenoemde termijn, zonder dat beroep is ingesteld, en, ten aanzien van die onderdelen van het plan van wegen, waterlopen en kaden met de daartoe behorende kunstwerken, waartegen beroep is ingesteld, met ingang van de dag, volgende op die, waarop Onze beslissing in hoger beroep door Gedeputeerde Staten ter kennis van de betrokken publiekrechtelijke lichamen en van de herverkavelingscommissie is gebracht, kan de aanleg of verbetering van wegen, waterlopen en kaden met de daartoe behorende kunstwerken en de uitvoering van de overige werkzaamheden ter hand worden genomen. Zo nodig kunnen Gedeputeerde Staten toestaan, dat reeds op een vroeger tijdstip met deze werkzaamheden wordt begonnen. 2 De uitvoering der werkzaamheden geschiedt door de zorg van de herverkavelingscommissie. Gedeputeerde Staten kunnen evenwel na overleg met de herverkavelingscommissie bepalen, dat met name te noemen werken worden uitgevoerd door de openbare lichamen, die met het beheer en onderhoud daarvan zijn belast, of dat deze werken onder hun toezicht worden uitgevoerd, waarbij een doelmatig verband met andere werken voor zoveel nodig verzekerd moet zijn. Omtrent het tijdstip der uitvoering plegen de openbare lichamen overleg met de herverkavelingscommissie. Omtrent de uitvoering van werken, met het beheer en onderhoud waarvan het Rijk is belast beslist de betrokken Minister, gehoord de herverkavelingscommissie. 3 Op de terreinen kunnen tekens worden gesteld en kan houtgewas worden gekapt; zoden, aarde, grint of andere specie kan aan de terreinen worden onttrokken of daarop worden neergelegd. 4 Indien naar het oordeel der herverkavelingscommissie het belang der herverkaveling zulks vordert, kunnen gronden worden drooggelegd, ontgonnen of herontgonnen, tijdelijk geëxploiteerd, begreppeld of gedraineerd. 5 Opstallen kunnen worden afgebroken, verbouwd, verplaatst, gebouwd of herbouwd, indien naar het oordeel der herverkavelingscommissie het belang der herverkaveling zulks vordert. 6 De schade, welke een rechtstreeks gevolg is van de uitvoering van de in het eerste tot en met het vijfde lid bedoelde handelingen, wordt door het Rijk vergoed. 7 De eigenaren en gebruikers zijn verplicht te gedogen, dat hun terrein wordt betreden en daarop de werkzaamheden, bedoeld in het eerste tot en met het vijfde lid, worden verricht. 8 Indien het verrichten van de in het vorige lid bedoelde handelingen niet wordt gedoogd, wordt de tussenkomst ingeroepen van de burgemeester of kantonrechter, op wiens bevel het verrichten der handelingen, desnoods met behulp van de sterke arm, wordt mogelijk gemaakt. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 64 — Artikel 64#
Artikel 64 Zodra: gaat de herverkavelingscommissie over tot het opmaken van het plan van toedeling. a. artikelen 25 26 27 de herverkavelingscommissie de bezwaren, die betrekking hebben op de lijst van rechthebbenden, heeft behandeld en de processen-verbaal, bedoeld in de,en, heeft opgemaakt; b. de uitkomsten der schattingen vaststaan of voorlopig zijn vastgesteld; c. b artikel 47, onder de aantekeningen, bedoeld in, op de lijst van de in het blok gelegen bedrijven vaststaan, alsmede. d. het plan van wegen, waterlopen en kaden met de daartoe behorende kunstwerken is vastgesteld, 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 65 — Artikel 65#
Artikel 65 Het plan van toedeling houdt in: 1°. de kavelindeling; 2°. de toedeling der kavels; 3°. artikel 12 de inbedoelde regelingen van de zakelijke rechten, het recht van huur en van pacht en de lasten, welke op de onroerende goederen rusten; 4°. artikel 14 de ingevolgegevestigde verbintenissen; 5°. bepalingen omtrent de inbezitneming. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 66 — Artikel 66#
Artikel 66 1 artikel 64 De Minister is bevoegd, op voorstel der herverkavelingscommissie, tot het tijdstip waarop ingevolgemet het opmaken van het plan van toedeling wordt begonnen, de grenzen van het blok te wijzigen, wanneer blijkt, dat voor de uitvoering der herverkaveling bepaalde percelen niet nodig zijn. 2 In het plan van toedeling kunnen met toestemming van hen, die bevoegd zijn te beschikken, ten aanzien van niet tot het blok behorende onroerende goederen regelingen worden opgenomen betreffende grenswijziging, burenrechten en erfdienstbaarheden. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 67 — Artikel 67#
Artikel 67 1 Zodra het plan van toedeling door de herverkavelingscommissie is opgemaakt, worden de grenzen der kavels zo mogelijk op het terrein uitgezet en wordt het plan van toedeling door de herverkavelingscommissie ter kosteloze inzage van een ieder neergelegd. 2 tweede lid van artikel 23 Van de nederlegging geschiedt openbare kennisgeving op de wijze in hetaangegeven. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 68 — Artikel 68#
Artikel 68 Binnen dertig dagen na de openbare kennisgeving in het vorige artikel bedoeld, kan ieder belanghebbende schriftelijk zijn bezwaren bij de herverkavelingscommissie indienen; deze bevoegdheid wordt in de kennisgeving vermeld. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 69 — Artikel 69#
Artikel 69 1 Indien binnen de termijn en op de wijze, in het vorige artikel bedoeld, geen bezwaren zijn ingediend, staat het plan van toedeling vast. Hiervan wordt door de herverkavelingscommissie proces-verbaal opgemaakt. 2 Indien binnen de termijn en op de wijze, in het vorige artikel bedoeld, bezwaren zijn ingediend, tracht de herverkavelingscommissie overeenstemming te verkrijgen; indien overeenstemming wordt verkregen, vindt de bepaling van het vorige lid overeenkomstige toepassing. Van het verhandelde wordt proces-verbaal opgemaakt. 3 De herverkavelingscommissie zendt zo spoedig mogelijk afschriften van de processen-verbaal en van de ingediende bezwaarschriften aan de Raad van Beroep. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 70 — Artikel 70#
Artikel 70 1 Indien geen overeenstemming is verkregen, bepaalt de voorzitter van de Raad van Beroep tijd en plaats der zitting, waarop zij, die bij de ingediende bezwaren belang hebben, of hun schriftelijk gemachtigden voor de Raad van Beroep kunnen verschijnen, teneinde voor zoveel nodig te geraken tot vaststelling van het plan van toedeling. 2 De voorzitter doet hiervan mededeling aan de herverkavelingscommissie. 3 De bekende belanghebbenden worden bij aangetekende brief opgeroepen om in persoon of bij schriftelijk gemachtigde de zitting bij te wonen. Op het niet ontvangen van de oproeping kan geen beroep worden gedaan. 4 In de oproepingen wordt opmerkzaam gemaakt op het rechtsgevolg, door de wet aan het niet bijwonen der zitting verbonden. 5 De zitting wordt niet gehouden, dan nadat ten minste veertien dagen na de oproeping zijn verstreken. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 71 — Artikel 71#
Artikel 71 1 De zitting wordt bijgewoond door een of meer leden der herverkavelingscommissie met zo nodig een of meer deskundigen. 2 Zij, die niet in persoon noch bij schriftelijk gemachtigde ter zitting aanwezig zijn, wanneer hun bezwaren worden behandeld, worden geacht die bezwaren te hebben ingetrokken. Daarvan wordt proces-verbaal opgemaakt. 3 Het vorige lid is niet van toepassing ten aanzien van hen, die binnen één week na de dag der zitting bij aangetekende brief, gericht aan de voorzitter van de Raad van Beroep, het niet verschijnen ter zitting verklaren met een beroep op overmacht en de gegrondheid van deze bewering binnen een door de voorzitter van de Raad van Beroep te bepalen termijn aan deze aannemelijk maken. 4 Indien de werkzaamheden niet op één dag kunnen aflopen, verdaagt de voorzitter van de Raad van Beroep de zitting tot een andere dag zonder nadere oproeping. 5 De Raad van Beroep stelt het plan van toedeling vast. 6 Van het verhandelde wordt proces-verbaal opgemaakt. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 72 — Artikel 72#
Artikel 72 Wanneer tengevolge van de behandeling van bezwaren tegen de lijst van rechthebbenden door de rechter wijzigingen in die lijst worden aangebracht, brengt de Raad van Beroep de daardoor noodzakelijk geworden wijzigingen in het plan van toedeling aan. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 73 — Artikel 73#
Artikel 73 1 Zolang Gedeputeerde Staten nog geen besluit betreffende de eigendom, het beheer en het onderhoud der openbare wegen en waterlopen met de daartoe behorende kunstwerken en betreffende het beheer en het onderhoud der kaden hebben genomen, worden deze beschouwd als in eigendom, beheer en onderhoud of, wat de kaden betreft, in beheer en onderhoud toe te komen aan de Provincie Zeeland. Het beheer en het onderhoud der openbare wegen, waterlopen en kaden met de daartoe behorende kunstwerken gaat over op de Provincie Zeeland of op de door haar aangewezen beheerders of onderhoudsplichtigen op de tijdstippen, dat deze werken gereed zijn en door Gedeputeerde Staten zijn goedgekeurd. 2 artikelen 1 2 van de Waterstaatswet 1900 a artikelen 18 19 20 van de Wegenwet Wegen, waterlopen en kaden met de daartoe behorende kunstwerken, waarvoor een publiekrechtelijk lichaam als belast met het beheer en onderhoud wordt aangewezen, hetwelk daarmede voorheen niet was belast, gaan in afwijking van het bepaalde in deenen de,en, door het enkele feit van die aanwijzing in beheer en onderhoud op dat lichaam over op de wijze en op het tijdstip als in het eerste lid bepaald. 3 Zodra de Gedeputeerde Staten het in het eerste lid bedoelde besluit hebben genomen, zenden zij daarvan een afschrift aan de belanghebbende openbare lichamen, aan de herverkavelingscommissie en ter overschrijving in de openbare registers aan de hypotheekbewaarder, wie het aangaat. 4 Binnen dertig dagen na dagtekening van de verzending van de in het vorige lid bedoelde kennisgevingen, staat de in het vorige lid bedoelde lichamen beroep op Ons open. 5 De Minister zendt een afschrift van Ons besluit ter overschrijving in de openbare registers aan de hypotheekbewaarder, wie het aangaat. 1988 676 08-11-1988 19639 1991 188 15-04-1991 01-06-1991
Artikel 74 — Artikel 74#
Artikel 74 Indien de herverkavelingscommissie zulks verzoekt, wordt degene, aan wie krachtens het plan van toedeling enig perceel toekomt, op bevelschrift van de rechter-commissaris, desnoods door middel van de sterke arm, bij voorraad in het bezit daarvan gesteld. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 75 — Artikel 75#
Artikel 75 1 Zodra het plan van toedeling vaststaat en de lijst van rechthebbenden door de rechtbank is gesloten, maakt een door de herverkavelingscommissie aangewezen notaris de acte van toedeling op. 2 Zij wordt ondertekend door de rechter-commissaris en de herverkavelingscommissie. 3 Aan de acte wordt gehecht een kaart van het blok met aanwijzing van de kavels en wegen, waterlopen en kaden met de daartoe behorende kunstwerken. 4 In afwijking van het bepaalde in artikel 37, tweede lid, van de wet van 9 Juli 1842 (Staatsblad n°. 20) op het notarisambt, zooals deze sedert dien gewijzigd is, worden de nieuwe kavels in deze acte aangeduid met de kavelnummers, voorkomende op de in het vorige lid bedoelde kaart. 5 De acte geldt als titel voor de daarin omschreven rechten. Door de overschrijving der acte van toedeling in de openbare registers worden de daarin omschreven zakelijke rechten verkregen. 6 De aantekening van de zakelijke rechten in de openbare registers geschiedt op grond van de in de acte opgenomen gegevens. 7 De hypotheekbewaarder tekent op grond van de acte in de registers van inschrijving van hypotheken bij elke inschrijving aan, dat de hypotheek in het vervolg zal rusten op de in de acte aangewezen kavels of gedeelten van kavels. 8 De inschrijvingen van hypotheken en de overschrijvingen van conservatoire en executoriale beslagen, welke blijkens de acte niet blijven bestaan, worden ambtshalve doorgehaald. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 76 — Artikel 76#
Artikel 76 In de acte worden opgenomen: 1°. artikel 12 de inbedoelde regelingen van de zakelijke rechten, het recht van huur en van pacht en de lasten, welke op de onroerende goederen rusten, met uitzondering van bepalingen betreffende geldelijke verrekeningen; 2°. artikel 14 de ingevolgegevestigde verbintenissen. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 77 — Artikel 77#
Artikel 77 artikel 75 Na de overschrijving van de inbedoelde acte wordt hij, aan wie daarbij enig perceel is toegewezen, op bevelschrift van de rechter-commissaris desnoods door middel van de sterke arm in het bezit daarvan gesteld. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 78 — Artikel 78#
Artikel 78 1 artikel 21 artikel 22 Na voltooiing der terreinwerkzaamheden geeft de herverkavelingscommissie aan de schatters, bedoeld in, opdracht tot het herschatten der in het blok gelegen onroerende goederen, naar de toestand waarin zij zich alsdan bevinden. Deze schatting geschiedt naar dezelfde grondslagen als de schatting, genoemd in. 2 De commissie ontwerpt een stelsel van classificatie van de grond en bepaalt van elke klasse de waarde per ha. Zij maakt van deze verrichtingen een proces-verbaal van classificatie op. 3 De schatters delen de grond aan de hand van het proces-verbaal van classificatie in klassen in. 4 De gebouwen, werken en beplantingen worden zo nodig afzonderlijk geschat. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 79 — Artikel 79#
Artikel 79 De herverkavelingscommissie gaat daarna zo spoedig mogelijk over tot het opmaken van de lijst der geldelijke regelingen. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 80 — Artikel 80#
Artikel 80 De lijst der geldelijke regelingen houdt in: 1°. de uitkomsten der herschattingen; 2°. artikelen 5 6 de in deenbedoelde vergoedingen; 3°. artikel 14, derde lid artikel 18, derde lid de vergoedingen, bedoeld in, en in; 4°. artikel 19 de te verrekenen bedragen bedoeld in; 5°. artikel 12 de bepalingen der geldelijke gevolgen, voorkomende in de regelingen, bedoeld in; 6°. de afkoopsommen van tiendrenten en jachtrenten; 7°. c artikel 47, onder de bedragen der schadevergoedingen, bedoeld in, zoals deze uiteindelijk zijn vastgesteld; 8°. zesde lid van artikel 63 de vergoedingen, bedoeld in het; 9°. de vergoedingen voor de overneming van gebouwen, werken en beplantingen; 10°. de vergoedingen voor de overneming van gewassen, afrasteringen en andere prestaties van die aard. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 81 — Artikel 81#
Artikel 81 1 De in het vorige artikel bedoelde lijst der geldelijke regelingen wordt door de herverkavelingscommissie ter kosteloze inzage van een ieder neergelegd. 2 tweede lid van artikel 23 Van de nederlegging geschiedt openbare en bijzondere kennisgeving op de wijze in hetaangegeven. 3 Op het niet ontvangen van de kennisgeving kan geen beroep worden gedaan. 4 De lijst der geldelijke regelingen wordt in haar geheel of in uittreksel tegen betaling der kosten verkrijgbaar gesteld. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 82 — Artikel 82#
Artikel 82 1 artikel 81 Binnen dertig dagen na de verzending van de bijzondere kennisgeving, inbedoeld, kan iedere belanghebbende schriftelijk zijn bezwaren tegen de lijst der geldelijke regelingen bij de herverkavelingscommissie indienen. 2 Deze bevoegdheid wordt met aanwijzing van de dag der verzending in de kennisgevingen vermeld. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 83 — Artikel 83#
Artikel 83 Voor zover binnen de termijn en op de wijze, in het vorige artikel bepaald, geen bezwaren zijn ingediend, staat de lijst der geldelijke regelingen vast. Daarvan wordt door de herverkavelingscommissie proces-verbaal opgemaakt. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 84 — Artikel 84#
Artikel 84 1 De herverkavelingscommissie onderzoekt de tijdig ingediende bezwaren en tracht daaromtrent overeenstemming te bereiken. 2 Indien overeenstemming is verkregen vinden de bepalingen van het vorige artikel overeenkomstige toepassing. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 85 — Artikel 85#
Artikel 85 Indien geen overeenstemming is verkregen, wordt door de herverkavelingscommissie proces-verbaal opgemaakt van het omtrent de ingebrachte bezwaren verhandelde. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 86 — Artikel 86#
Artikel 86 artikelen 83 84 85 De herverkavelingscommissie zendt zo spoedig mogelijk een afschrift van de lijst der geldelijke regelingen en van de in de,ofbedoelde processen-verbaal aan de rechter-commissaris. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 87 — Artikel 87#
Artikel 87 1 artikel 82 artikel 84 Indien binnen de termijn en op de wijze, inbepaald, bezwaren zijn ingediend en hieromtrent niet overeenkomstigovereenstemming is bereikt, bepaalt de rechter-commissaris terstond na ontvangst van de in het vorige artikel bedoelde stukken tijd en plaats der bijeenkomst, waarop de belanghebbenden bij deze bezwaren of hun schriftelijk gemachtigden voor hem kunnen verschijnen, teneinde voorzover nog nodig te geraken tot vaststelling van de lijst der geldelijke regelingen. 2 Hij doet hiervan mededeling aan de herverkavelingscommissie. 3 De bekende belanghebbenden bij de in het eerste lid bedoelde bezwaren, worden bij aangetekende brief opgeroepen om in persoon of bij schriftelijk gemachtigde de bijeenkomst bij te wonen. 4 Op het niet ontvangen van de oproeping kan geen beroep worden gedaan. 5 In de oproeping wordt opmerkzaam gemaakt op het rechtsgevolg, door de wet aan het niet bijwonen der bijeenkomst verbonden. 6 De bijeenkomst wordt niet gehouden dan nadat ten minste veertien dagen na de oproeping zijn verstreken. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 88 — Artikel 88#
Artikel 88 1 Op de bepaalde tijd wordt de bijeenkomst gehouden onder voorzitterschap van de rechter-commissaris, bijgestaan door de Griffier der Arrondissements-Rechtbank. 2 De bijeenkomst wordt bijgewoond door één of meer leden der herverkavelingscommissie met zo nodig één of meer deskundigen. 3 Indien de werkzaamheden niet op één dag kunnen aflopen, verdaagt de rechter-commissaris de bijeenkomst tot een andere dag zonder nadere oproeping. 4 Van het verhandelde omtrent elk onderwerp wordt een afzonderlijk proces-verbaal opgemaakt. 5 Zij, die niet in persoon noch bij schriftelijk gemachtigde op de bijeenkomst aanwezig zijn, wanneer hun bezwaren worden behandeld, worden geacht die bezwaren te hebben ingetrokken. 6 Het vorige lid is niet van toepassing ten aanzien van hen, die binnen een week na de dag der bijeenkomst bij aangetekende brief, gericht aan de rechter-commissaris, het niet verschijnen op de bijeenkomst verklaren met een beroep op overmacht en de gegrondheid van deze bewering binnen een door de rechter-commissaris te bepalen termijn aan deze aannemelijk maken. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 89 — Artikel 89#
Artikel 89 1 Voorzover overeenstemming wordt verkregen omtrent de lijst der geldelijke regelingen staat deze vast. 2 Indien geschil blijft bestaan, verwijst de rechter-commissaris de zaak naar een door hem te bepalen zitting van de rechtbank. Deze verwijzing vervangt de dagvaarding. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 90 — Artikel 90#
Artikel 90 De rechtbank behandelt zaken betreffende de lijst der geldelijke regelingen vóór elke andere, met uitzondering van die betreffende onteigening. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 91 — Artikel 91#
Artikel 91 1 Ten dage dienende lichten zij, met wie geen overeenstemming is verkregen hun standpunt, hetzij in persoon, hetzij bij schriftelijk gemachtigde, mondeling toe. 2 De rechtbank hoort de vertegenwoordigers van de herverkavelingscommissie. 3 Uiterlijk een maand na het in het tweede lid genoemde verhoor doet de rechtbank uitspraak. 4 Indien deze uitspraak van invloed is op de uitkomsten van andere herschattingen, is zij bevoegd hierin wijziging aan te brengen. 5 De lijst der geldelijke regelingen wordt door de rechtbank gesloten. 6 artikel 41 Ten aanzien van de kosten van het geding vindt het bepaalde inovereenkomstige toepassing. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 92 — Artikel 92#
Artikel 92 Tegen de uitspraak van de rechtbank is geen verzet noch ook enige andere voorziening toegelaten, onverminderd de bevoegdheid van de procureur-generaal bij de Hoge Raad om zich, in het belang der wet, in cassatie te voorzien. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 93 — Artikel 93#
Artikel 93 1 artikel 75 Zodra de lijst der geldelijke regelingen door de rechtbank is gesloten, maakt de notaris, bedoeld in, de acte der geldelijke regelingen op. 2 Zij wordt ondertekend door de rechter-commissaris en de herverkavelingscommissie. 3 De acte geldt als titel voor de daarin omschreven rechten. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 94 — Artikel 94#
Artikel 94 Ten laste van het Rijk komen alle kosten der herverkaveling. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 95 — Artikel 95#
Artikel 95 1 artikel 6 Terzake van de op grond vandoor de eigenaren verschuldigde bedragen rust op de hun toegedeelde kavels onder de naam van "herverkavelingsrente" een schuldplichtigheid ten behoeve van het Rijk. 2 De overige door de eigenaren verschuldigde bedragen kunnen, ter keuze van de eigenaren, ineens worden voldaan, dan wel in de herverkavelingsrente worden begrepen. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 96 — Artikel 96#
Artikel 96 artikel 95 De rente bedraagt vijf ten honderd van het volgensverschuldigde bedrag. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 97 — Artikel 97#
Artikel 97 Vervallen 1990 222 31-05-1990 30-05-1990 21135 1990 222 31-05-1990 30-05-1990 21135 01-06-1990
Artikel 98 — Artikel 98#
Artikel 98 De rente is verschuldigd over dertig achtereenvolgende jaren te beginnen met het jaar volgende op dat, waarin de herverkavelingsrente in de kadastrale legger is aangetekend. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 99 — Artikel 99#
Artikel 99 1 Bij splitsing van een perceel wordt de rente van de nog niet ingetreden jaren verdeeld naar verhouding van de grootte van die percelen volgens de kadastrale registratie. 2 Wordt het perceel, of, in geval van splitsing, een gedeelte van het perceel, met andere grond samengevoegd, dan gaat de rente of het betrekkelijke gedeelte der rente voor de nog niet ingetreden jaren op het door die samenvoeging gevormde perceel over. 1991 376 06-06-1991 21830 1990 90 20-02-1990 01-01-1992
Artikel 100 — Artikel 100#
Artikel 100 1 De rente is verschuldigd door hem, die het genot heeft van het perceel als bezitter, eigenaar of beperkt gerechtigde. 2 artikel 104 In geval van vruchtgebruik is de degene aan wie de bezwaarde eigendom toebehoort verplicht de vruchtgebruiker bij het eindigen van zijn vruchtgebruik te vergoeden hetgeen deze, in verband met de vermindering van de waarde van de rente, berekend volgens, geacht moet worden voor aflossing te hebben betaald. 3 In geval van het recht van opstal is de rente slechts verschuldigd, voor zover zodanig recht niet betreft het leggen en houden van leidingen in, op of boven de onroerende zaak van een ander. 1991 376 06-06-1991 21830 1990 90 20-02-1990 01-01-1992
Artikel 101 — Artikel 101#
Artikel 101 Het bedrag van de rente wordt door de zorg van Het bestuur van de Dienst voor het kadaster en de openbare registers in de kadastrale registratie bij de desbetreffende percelen opgenomen. 1994 125 01-03-1994 14-02-1994 23007 1994 125 01-03-1994 14-02-1994 23007 01-05-1994
Artikel 102 — Artikel 102#
Artikel 102 1 De rente wordt geheven en ingevorderd door of vanwege Onze Minister van Financiën. 2 Algemene wet inzake rijksbelastingen Invorderingswet 1990 Stb. Stb. De heffing en de invordering van de rente geschieden met toepassing van de(1959, 301) en de(221) als ware die rente een rijksbelasting. 3 De rente wordt geheven bij wege van aanslag. Indien met betrekking tot een zelfde perceel twee of meer personen renteplichtig zijn kan de rente bij wege van één aanslag worden geheven ten name van één van hen. 4 Hoofdstuk V van de Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 95 Bezwaar en beroep bedoeld inkunnen niet zijn gegrond op de stelling dat het op grond vanverschuldigde bedrag ten onrechte of te hoog is vastgesteld. 5 Indien met toepassing van de tweede volzin van het derde lid de aanslag ten name van één renteplichtige is gesteld kan: a. de ontvanger de aanslag op het gehele perceel verhalen ten name van degene te wiens name de aanslag is gesteld, zonder rekening te houden met de renten van de overige renteplichtigen; b. de renteplichtige die de aanslag heeft voldaan hetgeen hij meer heeft voldaan dan overeenkomt met zijn renteplicht verhalen op de overige renteplichtigen naar evenredigheid van ieders renteplicht. 6 Van het vijfde lid, aanhef en onderdeel b, kan bij overeenkomst worden afgeweken. 1990 222 31-05-1990 30-05-1990 21135 1990 222 31-05-1990 30-05-1990 21135 01-06-1990
Artikel 103 — Artikel 103#
Artikel 103 Vervallen 1970 608 24-12-1970 9538 1970 608 24-12-1970 9538 30-12-1970
Artikel 104 — Artikel 104#
Artikel 104 1 Vóór of op de 1ste Juli van elk jaar kan de rente over de nog niet ingetreden jaren worden afgekocht voor hare waarde op genoemde dag. 2 Ter berekening van die waarde wordt het over een jaar verschuldigde bedrag geacht op de 1ste Juli van dat jaar te verschijnen. De berekening geschiedt voorts naar de rentevoet van drie ten honderd. 3 De verdere bepalingen omtrent den afkoop worden door de Minister van Financiën vastgesteld. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 105 — Artikel 105#
Artikel 105 De medewerking van de hypotheekbewaarder bij de uitvoering dezer wet geschiedt kosteloos. 1970 612 24-12-1970 10709 1970 612 24-12-1970 10709 01-01-1971
Artikel 106 — Artikel 106#
Artikel 106 Indien ten tijde van de totstandkoming van deze wet rechtsgeschillen aanhangig zijn met betrekking tot in de herverkaveling begrepen percelen, worden deze voortgezet en vóór alle andere, met uitzondering van die betreffende onteigening, behandeld. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 107 — Artikel 107#
Artikel 107 Na beëindiging der werkzaamheden dragen de rechter-commissaris en de Raad van Beroep alle stukken, op de herverkaveling betrekking hebbende, over aan de herverkavelingscommissie, die zorg draagt voor de toezending der stukken aan de Minister. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948
Artikel 108 — Artikel 108#
Artikel 108 1 Staatsblad Deze wet kan worden aangehaald onder de titel "Herverkavelingswet Walcheren" met bijvoeging van het jaartal van het, waarin zij is afgekondigd. 2 Zij treedt in werking op de tweede dag na die harer afkondiging. 3 Staatsblad Zij zal worden afgekondigd met inachtneming van het bepaalde in de wet van 14 Februari 1947,no. H 52. 1947 H 400 27-11-1947 468 1947 H 400 27-11-1947 468 11-01-1948