Wet van 17 februari 1972, houdende uitvoering van de op 10 september 1964 te Parijs ondertekende Overeenkomst inzake beslissingen tot verbetering van akten van de burgerlijke stand, met Bijlagen en aanvulling, in verband daarmede, van artikel 29 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek
- BWB-id
- BWBR0002800
- Type
- Wet
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2004-07-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0002800
- ELI
- /eli/nl/wet/1972/uitvoeringswet-inzake-overeenkomst-beslissingen-tot-verbeter
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/1972/uitvoeringswet-inzake-overeenkomst-beslissingen-tot-verbeter/2004-07-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0002800&g=2004-07-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0002800&z=2026-06-06&g=2004-07-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0002800/2004-07-01
Absolute ELI: /eli/nl/wet/1972/uitvoeringswet-inzake-overeenkomst-beslissingen-tot-verbeter
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Trb. In deze wet wordt onder "de Overeenkomst" verstaan, de op 10 september 1964 te Parijs ondertekende Overeenkomst inzake beslissingen tot verbetering van akten van de burgerlijke stand, met Bijlagen (1965, 89). 1972 85 17-02-1972 11121 1964 89 10-09-1964 21-05-1972
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 De autoriteit, bevoegd tot het toezenden of ontvangen van stukken of kennisgevingen als bedoeld in artikel 5 van de Overeenkomst, is Onze Minister van Justitie. 1972 85 17-02-1972 11121 1964 89 10-09-1964 21-05-1972
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Als Nederlandse gerechtelijke autoriteit, bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de Overeenkomst wordt aangewezen de rechtbank, binnen welker rechtsgebied de akte, waarop de beslissing tot verbetering betrekking heeft, in de registers van de burgerlijke stand is opgenomen. 2004 215 25-05-2004 13-05-2004 28958 2004 275 24-06-2004 17-06-2004 01-07-2004
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Indien bij beschikking van de rechtbank of bevel van het openbaar ministerie verbetering is gelast van fouten in akten van de burgerlijke stand overeenkomstig artikel 2 van de Overeenkomst, zendt de ambtenaar van de burgerlijke stand, nadat hij in het onder hem berustende register de verbetering heeft aangebracht, een afschrift van de beschikking of van het bevel en een afschrift van de door hem verbeterde akte aan Onze Minister van Justitie. 2004 215 25-05-2004 13-05-2004 28958 2004 275 24-06-2004 17-06-2004 01-07-2004
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 artikel 8 Onze Minister van Justitie zendt, behoudens het bepaalde in, het afschrift van de in een andere der Overeenkomstsluitende Staten op grond van artikel 2 van de Overeenkomst genomen beslissing tot verbetering van een akte van de burgerlijke stand en het afschrift van de verbeterde akte, zo nodig voorzien van door hem bezorgde vertalingen, aan de ambtenaar van de burgerlijke stand onder wie het register berust, waarin de verbetering moet worden aangebracht. 1972 85 17-02-1972 11121 1964 89 10-09-1964 21-05-1972
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 De ambtenaar van de burgerlijke stand voegt van de op grond van artikel 2 van de Overeenkomst genomen beslissing tot verbetering een latere vermelding toe aan de akte waarop de beslissing betrekking heeft. 1999 30 16-02-1999 28-01-1999 25836 1999 40 16-02-1999 04-02-1999 25836 17-02-1999
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Een ingeschreven akte en een latere vermelding van een akte worden ingevolge artikel 3 van de Overeenkomst verbeterd, doordat de ambtenaar van de burgerlijke stand, aan wie een afschrift van de beslissing tot verbetering en een afschrift van de verbeterde akte zijn overgelegd, een latere vermelding in het onder hem berustende register opneemt. Meent hij dat de verbetering buiten de werkingssfeer van de Overeenkomst valt of zelf foutief is, dan zendt hij de stukken aan Onze Minister van Justitie. 1999 30 16-02-1999 28-01-1999 25836 1999 40 16-02-1999 04-02-1999 25836 17-02-1999
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Indien Onze Minister van oordeel is, dat de tenuitvoerlegging van de verbetering op grond van artikel 4 van de Overeenkomst moet worden geweigerd, stelt hij de hem toegezonden stukken in handen van het openbaar ministerie. 1972 85 17-02-1972 11121 1964 89 10-09-1964 21-05-1972
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 Op het verzoek van het openbaar ministerie tot weigering van de tenuitvoerlegging beslist de rechtbank bij een met redenen omklede beschikking. 2 De griffier van het college waarvoor de zaak laatstelijk aanhangig was, zendt een afschrift van de beschikking, zodra deze in kracht van gewijsde is gegaan, aan Onze Minister van Justitie. 2004 215 25-05-2004 13-05-2004 28958 2004 275 24-06-2004 17-06-2004 01-07-2004
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Bevat wijzigingen in andere regelgeving. 1972 85 17-02-1972 11121 1964 89 10-09-1964 21-05-1972
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Deze wet treedt in werking met ingang van de dag waarop de Overeenkomst voor Nederland in werking treedt. 1972 85 17-02-1972 11121 1964 89 10-09-1964 21-05-1972