Wet van 4 mei 1972, houdende uitvoering van het op 27 september 1968 te Brussel tussen de Lid-Staten van de Europese Economische Gemeenschap tot stand gekomen Verdrag betreffende de rechterlijke bevoegdheid en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken, met Protocol
- BWB-id
- BWBR0002815
- Type
- Wet
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2008-09-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0002815
- ELI
- /eli/nl/wet/1973/uitvoeringswet-eeg-executieverdrag
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/1973/uitvoeringswet-eeg-executieverdrag/2008-09-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0002815&g=2008-09-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0002815&z=2026-06-06&g=2008-09-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0002815/2008-09-01
Absolute ELI: /eli/nl/wet/1973/uitvoeringswet-eeg-executieverdrag
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Trb. In deze wet wordt onder "het verdrag" verstaan, het op 27 september 1968 te Brussel tussen de Lid-Staten van de Europese Economische Gemeenschap gesloten Verdrag betreffende de rechterlijke bevoegdheid en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken, met Protocol (1969, 101). 1972 240 04-05-1972 11154 1973 1 04-01-1973 01-02-1973
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 artikelen 985-991 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering Ten aanzien van het verlof tot tenuitvoerlegging bedoeld in artikel 31 van het verdrag, zijn deniet van toepassing. 2 artikel 7 van de Wet gebruik Friese taal in het rechtsverkeer Het in het eerste lid bedoelde verlof wordt gevraagd bij verzoekschrift, dat in de Nederlandse taal is gesteld, onverminderd. Het wordt ter griffie ingediend door een advocaat en houdt tevens in de keuze van een woonplaats binnen het arrondissement van de rechtbank. Het verzoekschrift wordt behandeld en beslist door de voorzieningenrechter van de rechtbank. 3 Onverminderd het bepaalde bij artikel 48, eerste lid, van het verdrag wordt bij ongenoegzaamheid van de bij het verzoekschrift overgelegde documenten de verzoeker de gelegenheid tot aanvulling gegeven. 4 artikel 93 onder a van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering In afwijking van het gestelde in de tweede zin van het tweede lid is de bijstand van een advocaat niet vereist indien het bedrag dat de partij tegen wie de tenuitvoerlegging wordt gevraagd moet voldoen in hoofdsom niet hoger is dan het bedrag, genoemd in. Is het eerstbedoelde bedrag uitgedrukt in een buitenlandse munteenheid, dan moet het worden omgerekend tegen de koers van de dag van de indiening van het verzoek om verlof tot tenuitvoerlegging. 2008 100 08-04-2008 20-03-2008 30815 2008 274 15-07-2008 03-07-2008 01-09-2008
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Inwilliging van het verzoek geschiedt in de vorm van een eenvoudig verlof, dat op de overgelegde expeditie van de ten uitvoer te leggen beslissing wordt gesteld. 2 De voorzieningenrechter van de rechtbank veroordeelt de schuldenaar in de kosten welke op de afgifte van het verlof zijn gevallen. 3 Weigering van het verlof tot tenuitvoerlegging geschiedt bij een met redenen omklede beslissing. 4 De kennisgeving aan de verzoeker van de op het verzoek gegeven beslissing geschiedt bij brief. 2001 584 18-12-2001 06-12-2001 27878 2001 621 20-12-2001 10-12-2001 01-01-2002 De wijzigingsopdracht voor artikel 3 is niet geheel juist.
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 De rechtbank tot welker voorzieningenrechter het verzoek om verlof tot tenuitvoerlegging werd gericht neemt kennis van het verzet, bedoeld in de artikelen 36-39 van het verdrag. 2001 584 18-12-2001 06-12-2001 27878 2001 621 20-12-2001 10-12-2001 01-01-2002
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 Het beroep in cassatie, bedoeld in artikel 37, laatste lid, van het verdrag, moet worden ingesteld binnen een maand na de dagtekening van het op verzet gewezen vonnis van de rechtbank. 1972 240 04-05-1972 11154 1973 1 04-01-1973 01-02-1973
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 Het beroep, bedoeld in artikel 40 van het verdrag, moet worden ingesteld binnen een maand na de dagtekening van de beschikking, waarbij het verlof is geweigerd. 2 leden 1-3 van artikel 2 In geval van beroep zijn devan overeenkomstige toepassing. 3 Het gerechtshof geeft zijn beschikking met bekwame spoed, doch niet dan na verhoor, althans oproeping van de partijen. 4 Het gerechtshof bepaalt dag en uur voor het verhoor. 5 De oproepingen geschieden door de griffier, en wel: a. van de partij tegen wie de tenuitvoerlegging is gevraagd, bij aangetekende brief waarvoor een bericht van ontvangst wordt verlangd, tenzij het gerechtshof een andere wijze van oproeping beveelt; b. van de verzoeker, bij brief. 6 Onverminderd het bepaalde in artikel 40, tweede lid, tweede zin, van het verdrag, kan het gerechtshof, indien een opgeroepene niet verschijnt, zijn nadere oproeping bevelen. Hetzelfde geldt, indien een partij ten onrechte niet is opgeroepen. 7 De partijen verschijnen bij advocaat. 8 Na afloop van het verhoor deelt het gerechtshof mede, wanneer de uitspraak zal plaatsvinden. 2008 100 08-04-2008 20-03-2008 30815 2008 274 15-07-2008 03-07-2008 01-09-2008
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 De beschikking van het gerechtshof is met redenen omkleed en wordt in het openbaar uitgesproken. 2 De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad zonder zekerheidstelling, voor zover het gerechtshof niet anders beslist. 3 tweede paragraaf van de twaalfde afdeling van de tweede titel van het eerste boek van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering Ten aanzien van de proceskosten is het bepaalde in devan toepassing. 2001 581 18-12-2001 06-12-2001 27824 2001 621 20-12-2001 10-12-2001 01-01-2002
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 Het beroep in cassatie, bedoeld in artikel 41 van het verdrag, moet worden ingesteld binnen een maand na de dagtekening van de beschikking van het gerechtshof. 2 Artikel 7, eerste lid , is van overeenkomstige toepassing. 3 Tegen de beschikking van de Hoge Raad is geen verzet toegelaten. 1972 240 04-05-1972 11154 1973 1 04-01-1973 01-02-1973
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Vervallen 1989 490 25-10-1989 19077 1991 607 03-12-1991 1990 90 20-02-1990 01-01-1992
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Het in de voorafgaande artikelen bepaalde is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van executoriale titels, genoemd in de artikelen 50 en 51 van het verdrag. 1972 240 04-05-1972 11154 1973 1 04-01-1973 01-02-1973
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Deze wet treedt in werking op een door Ons te bepalen tijdstip. 1972 240 04-05-1972 11154 1973 1 04-01-1973 01-02-1973