Wet van 16 februari 1979, houdende regels inzake het voorkomen of beperken van geluidhinder
- BWB-id
- BWBR0003227
- Type
- Wet
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- 2017-05-01 t/m 2023-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0003227
- ELI
- /eli/nl/wet/1980/wet-geluidhinder
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/1980/wet-geluidhinder/2017-05-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0003227&g=2017-05-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0003227&z=2026-06-06&g=2017-05-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0003227/2017-05-01
Absolute ELI: /eli/nl/wet/1980/wet-geluidhinder
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: ander geluidsgevoelig gebouw artikel 3.38 van de Wet ruimtelijke ordening artikel 2.12, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht artikel 1.1, eerste lid, van laatstgenoemde wet : bij algemene maatregel van bestuur als zodanig aangewezen gebouw, niet zijnde een woning, dat vanwege de bestemming daarvan bijzondere bescherming tegen geluid behoeft, waarbij wat betreft de bestemming wordt uitgegaan van het gebruik dat is toegestaan op grond van het bestemmingsplan, de beheersverordening, bedoeld in, of, indien met toepassing vanvan het bestemmingsplan of de beheersverordening is afgeweken, de omgevingsvergunning, bedoeld in; bebouwde kom Wegenverkeerswet 1994 : bebouwde kom, vastgesteld krachtens de; bestemmingsplan artikel 3.1 van de Wet ruimtelijke ordening artikel 3.26 3.28 van die wet : bestemmingsplan als bedoeld in, een inpassingsplan als bedoeld inofhieronder mede begrepen; buitenstedelijk gebied hoofdstukken VI VII Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 : gebied buiten de bebouwde kom alsmede, voor de toepassing van deenvoor zover het betreft een autoweg of autosnelweg als bedoeld in het, het gebied binnen de bebouwde kom, voor zover liggend binnen de zone langs die autoweg of autosnelweg; equivalent geluidsniveau artikel 110d : gemiddelde – te bepalen op een door Onze Minister krachtens toepassing vanaangegeven wijze – van de afwisselende niveaus van het ter plaatse in de loop van een bepaalde periode optredende geluid, vastgesteld volgens de door Onze Minister krachtens toepassing van dat artikel gestelde regels; etmaalwaarde van het equivalente geluidsniveau in dB(A) met betrekking tot een industrieterrein : hoogste van de volgende drie waarden: etmaalwaarde van het equivalente geluidsniveau in dB(A) met betrekking tot een weg : hoogste van de volgende twee waarden: geluid : met het menselijk oor waarneembare luchttrillingen; geluidhinder : gevaar, schade of hinder, als gevolg van geluid; geluidplafondkaart titel 11.3 van de Wet milieubeheer : kaart met daarop aangegeven de wegen en spoorwegen, alsmede de geprojecteerde wegen en spoorwegen, waaropen de daarop berustende bepalingen van toepassing zijn; geluidsbelasting binnen een woning : geluidsbelasting binnen een geluidsgevoelige ruimte; geluidsbelasting in dB(A) vanwege een industrieterrein : etmaalwaarde van het equivalente geluidsniveau in dB(A) op een bepaalde plaats, veroorzaakt door de gezamenlijke inrichtingen op een industrieterrein; geluidsbelasting in dB(A) vanwege een weg : etmaalwaarde van het equivalente geluidsniveau in dB(A) op een bepaalde plaats, veroorzaakt door het gezamenlijke wegverkeer op een bepaald weggedeelte of een combinatie van weggedeelten; geluidsbelasting in dB den richtlijn nr. 2002/49/EG : op een geheel getal af te ronden geluidsbelasting in Lop een plaats en vanwege een bron over alle perioden van 07.00–19.00 uur, van 19.00–23.00 uur en van 23.00–07.00 uur van een jaar als omschreven in bijlage I, onderdeel 1, vanvan het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 25 juni 2002 inzake de evaluatie en de beheersing van omgevingslawaai (PbEG L 189); night geluidsbelasting L richtlijn nr. 2002/49/EG : geluidsbelasting op een plaats en vanwege een bron over alle perioden van 23.00–07.00 uur van een jaar als omschreven in bijlage I, onderdeel 2, vanvan het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 25 juni 2002 inzake de evaluatie en de beheersing van omgevingslawaai (PbEG L 189); geluidsgevoelige ruimte 2 : ruimte binnen een woning voor zover die kennelijk als slaap-, woon-, of eetkamer wordt gebruikt of voor een zodanig gebruik is bestemd, alsmede een keuken van ten minste 11 m; geluidsgevoelig terrein artikel 3.38 van de Wet ruimtelijke ordening artikel 2.12, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht artikel 1.1, eerste lid, van laatstgenoemde wet : bij algemene maatregel van bestuur als zodanig aangewezen terrein dat vanwege de bestemming daarvan bijzondere bescherming tegen geluid behoeft, waarbij wat betreft de bestemming wordt uitgegaan van het gebruik dat is toegestaan op grond van het bestemmingsplan, de beheersverordening, bedoeld in, of, indien met toepassing vanvan het bestemmingsplan of de beheersverordening is afgeweken, de omgevingsvergunning, bedoeld in; geluidsniveau in dB(A) : gemeten of berekende geluidsniveau, uitgedrukt in dB(A) overeenkomstig de door de Internationale Electrotechnische Commissie terzake opgestelde regels; geluidsvermogen : hoeveelheid geluidsenergie die door een toestel of inrichting per tijdseenheid naar de omgevende lucht kan worden uitgestraald; geprojecteerde weg : nog niet in aanleg zijnde weg, in de aanleg waarvan door een geldend bestemmingsplan wordt voorzien; geprojecteerde woning of gebouw artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht : nog niet aanwezige woning of nog niet aanwezig gebouw, waarvoor het geldende bestemmingsplan verlening van de omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit als bedoeld intoelaat, maar deze nog niet is afgegeven; gevel : bouwkundige constructie die een ruimte in een woning of gebouw scheidt van de buitenlucht, daaronder begrepen het dak; hoofdspoorweg artikel 2 van de Spoorwegwet : krachtensaangewezen hoofdspoorweg, niet zijnde een spoorwegemplacement; hoofdweg artikel 2.3 van de Wet ruimtelijke ordening : een weg waarvoor een verbinding is aangegeven op een kaart van indicatieve en limitatieve hoofdwegverbindingen, die behoort tot een structuurvisie als bedoeld in; industrieterrein: terrein waaraan in hoofdzaak een bestemming is gegeven voor de vestiging van inrichtingen en waarvan de bestemming voor het gehele terrein of een gedeelte daarvan de mogelijkheid insluit van vestiging van inrichtingen, behorende tot een bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen categorie van inrichtingen, die in belangrijke mate geluidhinder kunnen veroorzaken; inrichting artikel 1.1, derde lid, van de Wet milieubeheer : inrichting als aangewezen krachtens; inspecteur : als zodanig bij besluit van Onze Minister aangewezen ambtenaar; internationaal racecircuit: TT-Circuit Assen, Circuit Park Zandvoort of een ander bij ministeriële regeling aan te wijzen verhard circuit voor het houden van grootschalige internationale wedstrijden voor gemotoriseerde voertuigen; motorvoertuig Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 : motorvoertuig als bedoeld in het; NEN : door de Stichting Nederlands Normalisatie-instituut uitgegeven norm; Onze Minister : Onze Minister van Infrastructuur en Milieu; reconstructie van een weg artikel 77, eerste lid, onder a artikel 77, derde lid artikel 100 artikel 100b, aanhef en onder a : een of meer wijzigingen op of aan een aanwezige weg ten gevolge waarvan uit akoestisch onderzoek als bedoeld in, en, blijkt dat de berekende geluidsbelasting vanwege de weg in het toekomstig maatgevende jaar zonder het treffen van maatregelen ten opzichte van de geluidsbelasting die op grond vandan wel het bepaalde krachtens, als de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting geldt met 2 dB of meer wordt verhoogd; rijstrook : strook van de rijbaan van een weg, welke voldoende plaats biedt aan een enkele rij rijdende motorvoertuigen op meer dan drie wielen, of, indien door middel van markering een bredere strook als rijstrook is aangegeven, die strook; spoorweg artikel 1 van de Spoorwegwet : spoorweg als bedoeld in; stedelijk gebied hoofdstukken VI VII Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 : gebied binnen de bebouwde kom, doch, voor de toepassing van deenvoor zover het betreft een autoweg of autosnelweg als bedoeld in het, met uitzondering van het gebied binnen de bebouwde kom, voor zover liggend binnen de zone langs die autoweg of autosnelweg; toestel : toestel dat bij gebruik anders dan door menselijke energie geluidhinder kan veroorzaken, een luchtvaartuig daaronder niet begrepen; tracébesluit Tracéwet : tracébesluit als bedoeld in de; vaststellen van een bestemmingsplan : vaststellen of herzien van een bestemmingsplan; weg artikel 106 : voor het openbaar rij- of ander verkeer openstaande weg of openstaand pad, met inbegrip van de daarin liggende bruggen of duikers, alsmede een spoorweg die niet is aangegeven op de kaart, bedoeld in, of de geluidplafondkaart; wegaanlegger : opdrachtgever tot aanleg of reconstructie van een weg; weg in aanleg : weg met de aanleg waarvan een begin van uitvoering is gemaakt; woning artikel 3.38 van de Wet ruimtelijke ordening artikel 2.12, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht artikel 1.1, eerste lid, van laatstgenoemde wet : gebouw of gedeelte van een gebouw waar bewoning is toegestaan op grond van het bestemmingsplan, de beheersverordening, bedoeld in, of, indien met toepassing vanvan het bestemmingsplan of de beheersverordening is afgeweken, de omgevingsvergunning, bedoeld in; woning of gebouw in aanbouw artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht : nog niet aanwezige woning of nog niet aanwezig gebouw, waarvoor de omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit als bedoeld inis afgegeven. 1°. de waarde van het equivalente geluidsniveau over de periode 07.00–19.00 uur (dag); 2°. de met 5 dB(A) verhoogde waarde van het equivalente geluidsniveau over de periode 19.00–23.00 uur (avond); 3°. de met 10 dB(A) verhoogde waarde van het equivalente geluidsniveau over de periode 23.00–07.00 uur (nacht); 1°. de waarde van het equivalente geluidsniveau over de periode 07.00–19.00 uur (dag); 2°. de met 10 dB(A) verhoogde waarde van het equivalente geluidsniveau over de periode 23.00–07.00 uur (nacht); 2017 57 23-02-2017 10-02-2017 34525 2017 131 03-04-2017 17-03-2017 01-05-2017
Artikel 1a — Artikel 1a#
Artikel 1a Vervallen 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 1b — Artikel 1b#
Artikel 1b 1 artikel 1 In afwijking vankan bij algemene maatregel van bestuur worden bepaald dat bij de bepaling van de geluidsbelasting vanwege een industrieterrein, vanwege een weg of vanwege een spoorweg, van de gevel van bij de maatregel aangegeven categorieën van andere geluidsgevoelige gebouwen, de waarde van de geluidsbelasting over de periode 19.00–23.00 uur (avond) of de periode 23.00–07.00 uur (nacht) buiten beschouwing wordt gelaten voor zover genoemde gebouwen in de betrokken periode niet overeenkomstig hun bestemming worden gebruikt. 2 artikel 1 In afwijking vanwordt in deze wet en de daarop berustende bepalingen bij de bepaling van de geluidsbelasting in dB(A) vanwege een industrieterrein buiten beschouwing gelaten: a. het geluid van windturbines welke duurzame energie opwekken; b. het geluid vanwege een internationaal racecircuit gedurende ten hoogste 12 dagen per kalenderjaar. 3 night In deze wet en de daarop berustende bepalingen is de geluidsbelasting Lvanwege een industrieterrein, vanwege een weg en vanwege een spoorweg, niet van toepassing ten aanzien van de gevel van bij algemene maatregel van bestuur aangegeven categorieën van andere geluidsgevoelige gebouwen, voor zover genoemde gebouwen in de betrokken periode niet overeenkomstig hun bestemming worden gebruikt. 4 artikel 1 In afwijking vanwordt onder een gevel in de zin van deze wet en de daarop berustende bepalingen niet verstaan: a. een bouwkundige constructie waarin geen te openen delen aanwezig zijn en met een in NEN 5077 bedoelde karakteristieke geluidwering die ten minste gelijk is aan het verschil tussen de geluidsbelasting van die constructie en 33 dB onderscheidenlijk 35 dB(A), alsmede b. een bouwkundige constructie waarin alleen bij uitzondering te openen delen aanwezig zijn, mits de delen niet direct grenzen aan een geluidsgevoelige ruimte. 5 artikel 1 In afwijking vanwordt onder een wijziging op of aan een weg in deze wet en de daarop berustende bepalingen niet verstaan een wijziging die slechts bestaat uit: a. een snelheidsverlaging; b. de vervanging van een wegdeklaag door een wegdeklaag met dezelfde of een grotere geluidsreducerende werking, of c. artikel 5.12 van de Wet milieubeheer een snelheidsverhoging tot ten hoogste de maximumsnelheid, zoals die gold vóór een tijdelijke snelheidsverlaging die als maatregel is opgenomen in een programma als bedoeld in. 6 In het geval van een tijdelijke snelheidsverlaging als bedoeld in het vijfde lid, onder c, wordt als heersende waarde aangemerkt de waarde van de geluidsbelasting, zoals die zou zijn zonder de tijdelijke snelheidsverlaging. 7 Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat daarbij aangegeven categorieën van gebouwen niet worden aangemerkt als woning in de zin van deze wet. 8 artikelen 89 90, tweede tot en met vijfde lid 100 100a 100b artikel 104a artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2° of 3°, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht De,,,en, alsmedevoor zover sprake is van reconstructie als bedoeld in dat artikel, zijn niet van toepassing op een woning ten aanzien waarvan met toepassing vaneen omgevingsvergunning is verleend waarbij voor de duur van ten hoogste tien jaar is afgeweken van het bestemmingsplan. 2017 57 23-02-2017 10-02-2017 34525 2017 131 03-04-2017 17-03-2017 01-05-2017
Artikel 1c — Artikel 1c#
Artikel 1c 1 artikel 2 van de Interimwet stad-en-milieubenadering De bevoegdheid tot afwijking van een milieukwaliteitsnorm op grond vanbestaat voor de onderhavige wet slechts voor zover het de maximale waarde betreft die bij of krachtens deze wet als de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting kan worden vastgesteld. 2 Artikel 5, eerste lid, onder c, van de Interimwet stad-en-milieubenadering wordt zo toegepast dat per woning, ander geluidsgevoelig gebouw of geluidsgevoelig terrein de in het eerste lid bedoelde waarde wordt vastgesteld. 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 Vervallen 2011 269 08-06-2011 12-05-2011 31501 2011 347 12-07-2011 28-06-2011 01-01-2012
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Vervallen 2011 269 08-06-2011 12-05-2011 31501 2011 347 12-07-2011 28-06-2011 01-01-2012
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Vervallen 2011 269 08-06-2011 12-05-2011 31501 2011 347 12-07-2011 28-06-2011 01-01-2012
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 Vervallen 2011 269 08-06-2011 12-05-2011 31501 2011 347 12-07-2011 28-06-2011 01-01-2012
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Vervallen 2011 269 08-06-2011 12-05-2011 31501 2011 347 12-07-2011 28-06-2011 01-01-2012
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Vervallen 2011 269 08-06-2011 12-05-2011 31501 2011 347 12-07-2011 28-06-2011 01-01-2012
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Vervallen 2011 269 08-06-2011 12-05-2011 31501 2011 347 12-07-2011 28-06-2011 01-01-2012
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Vervallen 2011 269 08-06-2011 12-05-2011 31501 2011 347 12-07-2011 28-06-2011 01-01-2012
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Vervallen 2011 269 08-06-2011 12-05-2011 31501 2011 347 12-07-2011 28-06-2011 01-01-2012
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 20 — Artikel 20#
Artikel 20 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 21 — Artikel 21#
Artikel 21 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 22 — Artikel 22#
Artikel 22 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 23 — Artikel 23#
Artikel 23 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 24 — Artikel 24#
Artikel 24 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 25 — Artikel 25#
Artikel 25 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 26 — Artikel 26#
Artikel 26 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 27 — Artikel 27#
Artikel 27 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 28 — Artikel 28#
Artikel 28 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 29 — Artikel 29#
Artikel 29 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 30 — Artikel 30#
Artikel 30 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 31 — Artikel 31#
Artikel 31 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 32 — Artikel 32#
Artikel 32 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 33 — Artikel 33#
Artikel 33 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 34 — Artikel 34#
Artikel 34 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 35 — Artikel 35#
Artikel 35 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 36 — Artikel 36#
Artikel 36 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 37 — Artikel 37#
Artikel 37 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 38 — Artikel 38#
Artikel 38 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 39 — Artikel 39#
Artikel 39 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 40 — Artikel 40#
Artikel 40 Indien bij de vaststelling van een bestemmingsplan aan gronden een zodanige bestemming wordt gegeven dat daardoor een industrieterrein ontstaat, wordt daarbij tevens een rond het betrokken terrein gelegen zone vastgesteld, waarbuiten de geluidsbelasting vanwege dat terrein de waarde van 50 dB(A) niet te boven mag gaan. 2008 180 03-06-2008 22-05-2008 30938 2008 227 26-06-2008 16-06-2008 01-07-2008
Artikel 41 — Artikel 41#
Artikel 41 1 artikel 40 Een krachtensvastgestelde zone kan uitsluitend worden gewijzigd of opgeheven bij vaststelling of wijziging van een bestemmingsplan, met dien verstande dat opheffing alleen kan plaatsvinden wanneer de bestemming van het betrokken terrein zodanig is gewijzigd dat het geen industrieterrein meer is. 2 artikel 2.1, eerste lid, onder e, van de Wet algemene bepalingen Een wijziging van een zone kan er niet toe strekken dat enig gebied waarbinnen met inachtneming van de al verleende omgevingsvergunningen voor activiteiten met betrekking tot een inrichting als bedoeld inomgevingsrecht en de daaraan verbonden voorschriften een hogere geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, optreedt dan 50 dB(A), ophoudt van de zone deel uit te maken. 3 Een opgeheven zone bestaat voort zolang zich op het terrein een of meer inrichtingen bevinden, behorende tot een bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen categorie van inrichtingen die in belangrijke mate geluidhinder kunnen veroorzaken. 4 Onverminderd het eerste lid kan de gemeenteraad bij besluit de begrenzing van een industrieterrein, waarop de vastgestelde zone is gebaseerd, vastleggen. 2010 142 01-04-2010 25-03-2010 31953 2010 231 22-06-2010 10-06-2010 01-10-2010
Artikel 42 — Artikel 42#
Artikel 42 1 Bij het voorbereiden van de vaststelling of wijziging van een zone, wordt vanwege burgemeester en wethouders een akoestisch onderzoek ingesteld naar: a. de geluidsbelasting die door woningen binnen de ontworpen zone, alsmede door andere geluidsgevoelige gebouwen of door geluidsgevoelige terreinen, vanwege het industrieterrein ten hoogste zou kunnen worden ondervonden zonder de invloed van maatregelen die de geluidsbelasting beperken; b. artikelen 44 47, eerste lid de doeltreffendheid van de in aanmerking komende maatregelen om te voorkomen dat de in de toekomst vanwege het industrieterrein optredende geluidsbelasting van de onder a bedoelde objecten de waarden die ingevolge deen, als ten hoogste toelaatbare worden aangemerkt, te boven zou gaan. 2 artikel 45 46 47, tweede lid Indien wordt overwogen toepassing te geven aan,of, heeft het akoestisch onderzoek tevens betrekking op de doeltreffendheid van de maatregelen om te voldoen aan de vast te stellen hogere waarde voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting. 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 43 — Artikel 43#
Artikel 43 Vervallen 2008 180 03-06-2008 22-05-2008 30938 2008 227 26-06-2008 16-06-2008 01-07-2008
Artikel 44 — Artikel 44#
Artikel 44 artikel 40 artikel 45 De ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting vanwege het betrokken industrieterrein, van de gevel van woningen binnen een krachtensvast te stellen zone is, behoudens, 50 dB(A). 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 45 — Artikel 45#
Artikel 45 1 artikel 44 Voor de ter plaatse ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting, bedoeld in, kan een hogere dan de in dat artikel genoemde waarde worden vastgesteld, met dien verstande dat deze waarde voor geprojecteerde woningen 55 dB(A) en voor aanwezige of in aanbouw zijnde woningen 60 dB(A) niet te boven mag gaan. 2 Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat de bevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, enkel in bij die maatregel aan te geven gevallen kan worden toegepast. 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 46 — Artikel 46#
Artikel 46 1 artikel 44 45 Bij wijziging van een zone kan de ingevolgeofgeldende waarde voor woningen in dat gebied worden gewijzigd. 2 Een verhoging van de in het eerste lid bedoelde waarde mag ten hoogste 5 dB(A) bedragen, met dien verstande dat: a. artikel 111b, eerste lid, onder b degene ten behoeve van wie de waarde wordt verhoogd heeft verklaard dat hij uiterlijk gelijktijdig met de verhoging financiële middelen ter beschikking stelt ten behoeve van de uitvoering van maatregelen om de geluidsbelasting vanwege het industrieterrein, van de gevels van woningen die door de wijziging van de zone dan wel vaststelling van het bestemmingsplan een hogere geluidsbelasting ondervinden te beperken en te voldoen aan, en b. de waarde van wat ten tijde van de eerste zonevaststelling geprojecteerde woningen betreft 55 dB(A) en wat ten tijde van de eerste zonevaststelling aanwezige of in aanbouw zijnde woningen betreft 60 dB(A) niet te boven mag gaan. 3 Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat de bevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, enkel in bij die maatregel aan te geven gevallen kan worden toegepast. 2012 114 22-03-2012 22-02-2012 32844 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 47 — Artikel 47#
Artikel 47 1 Bij algemene maatregel van bestuur worden waarden vastgesteld voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, van de gevel van andere geluidsgevoelige gebouwen alsmede aan de grens van geluidsgevoelige terreinen binnen een zone. 2 Voor de ter plaatse ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting, bedoeld in het eerste lid, kunnen hogere dan de krachtens het eerste lid bepaalde waarden worden vastgesteld, met dien verstande dat deze waarden bij algemene maatregel van bestuur te stellen grenzen niet te boven mogen gaan. 3 Bij de maatregel, bedoeld in het tweede lid, kan worden bepaald dat de bevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, enkel in bij die maatregel aan te geven gevallen kan worden toegepast. 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 48 — Artikel 48#
Artikel 48 1 artikel 3.6, eerste lid, onder a of b, van de Wet ruimtelijke ordening artikel 44 47, eerste lid Bij de vaststelling van een bestemmingsplan of van een wijzigings- of uitwerkingsplan als bedoeld indat geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op gronden die krachtens die vaststelling gaan of blijven behoren tot een zone, worden ter zake van de geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, van de gevel van woningen, van andere geluidsgevoelige gebouwen en aan de grens van geluidsgevoelige terreinen binnen de zone de waarden in acht genomen, die ingevolge, onderscheidenlijk, als de ten hoogste toelaatbare worden aangemerkt. 2 In afwijking van het eerste lid worden bij de vaststelling van een bestemmingsplan of van een wijzigings- of uitwerkingsplan als in dat lid bedoeld hogere waarden in acht genomen, voor zover: a. artikel 45 46 47, tweede lid Experimentenwet Stad en Milieu Interimwet stad-en-milieubenadering eerder bij of krachtens,,, deof devoor de vaststelling van het bestemmingsplan of het wijzigings- of uitwerkingsplan zodanige waarden zijn vastgesteld; b. artikelen 45 46 47, tweede lid zodanige waarden noodzakelijk zijn als gevolg van een vaststelling van het plan in afwijking van het ontwerp, zoals dit ter inzage heeft gelegen, welke waarden door gedeputeerde staten redelijkerwijs met toepassing van de,of, zullen worden vastgesteld. 3 artikelen 42 43 artikel 40 Deenzijn van overeenkomstige toepassing in geval van vaststelling van een bestemmingsplan of van een wijzigings- of uitwerkingsplan dat geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op gronden, reeds behorende tot een krachtensvastgestelde zone. 2011 675 30-12-2011 22-12-2011 32588 2011 675 30-12-2011 22-12-2011 32588 31-12-2011
Artikel 49 — Artikel 49#
Artikel 49 artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2° of 3°, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht Experimentenwet Stad en Milieu Interimwet stad-en-milieubenadering artikelen 44 tot en met 47 Bij de beslissing op een aanvraag om een omgevingsvergunning waarbij met toepassing van, voor zover het betreft een afwijking voor een termijn langer dan tien jaar van het bestemmingsplan wordt afgeweken, die geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op gronden die behoren tot een zone, worden ter zake van de geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, van de gevel van woningen, van andere geluidsgevoelige gebouwen en aan de grens van geluidsgevoelige terreinen binnen de zone de waarden in acht genomen, die bij of krachtens de, dealsmede deals de ten hoogste toelaatbare worden aangemerkt. 2013 144 24-04-2013 28-03-2013 33135 2014 302 30-07-2014 09-07-2014 33919 2014 358 16-10-2014 03-10-2014 01-11-2014
Artikel 50 — Artikel 50#
Artikel 50 artikel 48 Met betrekking tot nieuw te bouwen woningen in een gebied gelegen binnen een zone van een industrieterrein met activiteiten die zeehavengebonden zijn en die noodzakelijkerwijs in de openlucht plaatsvinden, kan in afwijking vanvoor woningen waarvan de geluidsbelasting in hoofdzaak wordt bepaald door die activiteiten, een waarde worden vastgesteld van ten hoogste 60 dB(A), indien deze woningen worden gebouwd in het kader van een herstructurering, of planmatige verdichting van een bestaand woongebied, of wanneer de woningen worden gebouwd aansluitend aan het bestaande woongebied en slechts sprake is van een beperkte uitbreiding van het bestaande woongebied. 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 51 — Artikel 51#
Artikel 51 artikel 47, eerste lid artikel 48 Met betrekking tot nieuw te bouwen woningen, die dienen ter vervanging van bestaande woningen of van andere geluidsgevoelige gebouwen waarvoor toepassing is gegeven aan, kan in afwijking vaneen waarde worden vastgesteld van ten hoogste 65 dB(A), met dien verstande dat de vervanging niet zal leiden tot: a. een ingrijpende wijziging van de bestaande stedenbouwkundige functie of structuur; b. een wezenlijke toename van het aantal geluidgehinderden bij toetsing op bouwplanniveau voor ten hoogste 100 woningen. 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007 2005 705 27-12-2005 14-12-2005 30134 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 52 — Artikel 52#
Artikel 52 In deze afdeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: bestaande zone: een zone rond een op 1 januari 2007 bestaand industrieterrein. 2007 349 02-10-2007 13-09-2007 30848 2007 349 02-10-2007 13-09-2007 30848 03-10-2007 01-01-2007
Artikel 53 — Artikel 53#
Artikel 53 1 Buiten een bestaande zone mag de geluidbelasting vanwege het industrieterrein de waarde van 50 dB(A) niet te boven gaan. 2 De op 1 januari 2007 geldende ten hoogste toelaatbare geluidsbelastingen voor woningen, andere geluidsgevoelige gebouwen en geluidsgevoelige terreinen blijven gelden. 2007 349 02-10-2007 13-09-2007 30848 2007 349 02-10-2007 13-09-2007 30848 03-10-2007 01-01-2007
Artikel 54 — Artikel 54#
Artikel 54 artikelen 41 tot en met 43 47 Deenzijn van overeenkomstige toepassing op het wijzigen of opheffen van een bestaande zone. 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 55 — Artikel 55#
Artikel 55 1 artikel 53, tweede lid Bij wijziging van een bestaande zone of bij vaststelling van een bestemmingsplan voor gronden die krachtens die vaststelling deel blijven uitmaken van de bestaande zone kan met betrekking tot de woningen in dat gebied, de waarde van de op grond van, geldende ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting worden gewijzigd. 2 Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat de bevoegdheid, bedoeld in het eerste en vierde lid, enkel in bij die maatregel aan te geven gevallen kan worden toegepast. 3 Een verhoging van de in het eerste lid bedoelde waarde mag ten hoogste 5 dB(A) bedragen, met dien verstande dat: a. artikel 111b, eerste lid, onder a of b degene ten behoeve van wie de waarde wordt verhoogd heeft verklaard dat hij uiterlijk gelijktijdig met de verhoging financiële middelen ter beschikking stelt ten behoeve van de uitvoering van maatregelen om de geluidsbelasting vanwege het industrieterrein, van de gevels van woningen die door de wijziging van de bestaande zone dan wel vaststelling van het bestemmingsplan een hogere geluidsbelasting ondervinden te beperken en te voldoen aan, en b. de waarde wat ten tijde van de eerste zonevaststelling geprojecteerde woningen betreft 55 dB(A) en wat ten tijde van de eerste zonevaststelling aanwezige of in aanbouw zijnde woningen betreft 60 dB(A) niet te boven mag gaan. 4 Bij wijziging van een bestaande zone, bij vaststelling van een bestemmingsplan voor gronden die krachtens die vaststelling deel gaan uitmaken van de bestaande zone, kan met betrekking tot geprojecteerde, aanwezige of in aanbouw zijnde woningen in dat gebied, een hogere waarde dan 50 dB(A) worden vastgesteld, met dien verstande dat deze waarde voor geprojecteerde woningen de waarde 55 dB(A) en voor wat aanwezige of in aanbouw zijnde woningen betreft 60 dB(A) niet te boven mag gaan. 2012 114 22-03-2012 22-02-2012 32844 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 56 — Artikel 56#
Artikel 56 1 artikel 53, tweede lid Bij wijziging van een bestaande zone of bij vaststelling van een bestemmingplan, geldende voor tot de zone behorende gronden, kan met betrekking tot andere geluidsgevoelige gebouwen alsmede geluidsgevoelige terreinen in dat gebied, de waarde van de op grond van, geldende ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting worden gewijzigd. 2 Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat de bevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, enkel in bij die maatregel aan te geven gevallen kan worden toegepast. 3 Een verhoging van de in het eerste lid bedoelde waarde mag ten hoogste 5 dB(A) bedragen, met dien verstande dat: a. artikel 113 degene ten behoeve van wie de waarde wordt verhoogd heeft verklaard dat hij uiterlijk gelijktijdig met de verhoging financiële middelen ter beschikking stelt ten behoeve van de uitvoering van maatregelen als bedoeld in, met betrekking tot de andere geluidsgevoelige gebouwen of geluidsgevoelige terreinen die door de wijziging van de bestaande zone of vaststelling van het bestemmingsplan een hogere geluidsbelasting ondervinden, en b. de waarde wat ten tijde van de eerste zonevaststelling geprojecteerde andere geluidsgevoelige gebouwen of geluidsgevoelige terrein betreft 55 dB(A) en wat ten tijde van de eerste zonevaststelling aanwezig of in aanbouw zijnde andere geluidsgevoelige gebouwen of geluidsgevoelige terreinen betreft 60 dB(A) niet te boven mag gaan. 2008 180 03-06-2008 22-05-2008 30938 2008 227 26-06-2008 16-06-2008 01-07-2008
Artikel 57 — Artikel 57#
Artikel 57 1 artikel 3.6, eerste lid, onder a of b, van de Wet ruimtelijke ordening Bij de vaststelling van een bestemmingsplan of van een wijzigings- of uitwerkingsplan als bedoeld indat geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op gronden die krachtens die vaststelling gaan of blijven behoren tot een bestaande zone worden ter zake van de geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein a. van de gevel van woningen, binnen de bestaande zone de waarden in acht genomen die op het tijdstip van de vaststelling van de bestaande zone golden. Voor ten tijde van de vaststelling van de bestaande zone binnen de zone aanwezige, in aanbouw of geprojecteerde woningen is dit de waarde 55 dB(A), tenzij op dat tijdstip de geluidsbelasting van bedoelde woningen lager of gelijk was aan 50 dB(A), in welke geval de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting 50 dB(A) is. De vorige volzin geldt niet met betrekking tot ten tijde van de vaststelling van de bestaande zone binnen de zone aanwezige of in aanbouw zijnde woningen die op het bedoelde tijdstip reeds een hogere geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, ondervinden dan 55 dB(A). b. van de gevel van andere geluidsgevoelige gebouwen en aan de grens van geluidsgevoelige terreinen binnen de zone de waarden in acht genomen die op het tijdstip van de vaststelling van de bestaande zone bij algemene maatregel van bestuur als de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting werden aangemerkt. 2 In afwijking van het eerste lid worden bij de vaststelling van een bestemmingsplan of van een wijzigings- of uitwerkingsplan als in dat lid bedoeld hogere waarden in acht genomen, voor zover: a. deze gelden of zijn vastgesteld; b. artikel 55, eerste en tweede lid zodanige waarden noodzakelijk zijn als gevolg van een vaststelling van het plan in afwijking van het ontwerp, zoals dit ter inzage heeft gelegen, welke waarden door gedeputeerde staten redelijkerwijs met toepassing van, zullen worden vastgesteld. 3 artikelen 42 43 Deenzijn van overeenkomstige toepassing in geval van vaststelling van een bestemmingsplan of van een wijzigings- of uitwerkingsplan dat geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op gronden, reeds behorende tot een bestaande zone. 2010 135 30-03-2010 18-03-2010 32127 2010 135 30-03-2010 18-03-2010 32127 31-03-2010 2010 136 30-03-2010 18-03-2010 32254 2010 137 30-03-2010 24-03-2010 Abusievelijk is voor het derde lid een wijzigingsopdracht geformuleerd die niet geheel juist is. Inwerkingtreding voorheen door Stb. 2010/135 gesteld op 1 januari 2010.
Artikel 58 — Artikel 58#
Artikel 58 artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2° of 3°, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht Bij de beslissing op een aanvraag om een omgevingsvergunning waarbij met toepassing van, voor zover het betreft een afwijking voor een termijn langer dan tien jaar van het bestemmingsplan wordt afgeweken, die geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op gronden die behoren tot een bestaande zone, worden ter zake van de geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, van de gevel van woningen, van andere geluidsgevoelige gebouwen en aan de grens van geluidsgevoelige terreinen binnen de zone, de waarden in acht genomen, die op het tijdstip van de vaststelling van de bestaande zone als de ten hoogste toelaatbare werden aangemerkt. 2013 144 24-04-2013 28-03-2013 33135 2014 302 30-07-2014 09-07-2014 33919 2014 358 16-10-2014 03-10-2014 01-11-2014
Artikel 59 — Artikel 59#
Artikel 59 1 artikelen 44 45 Met betrekking tot de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting, vanwege een industrieterrein, van de gevel van binnen de zone nieuw te bouwen en nog niet geprojecteerde woningen, zijn deenvan overeenkomstige toepassing met dien verstande dat de vast te stellen waarde 55 dB(A) niet te boven mag gaan. 2 artikel 47 Met betrekking tot de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting vanwege een industrieterrein, van de gevel van binnen de zone nieuw te bouwen andere geluidsgevoelige gebouwen en aan de grens van binnen de zone nieuw aan te leggen geluidsgevoelige terreinen, isvan overeenkomstige toepassing. 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 60 — Artikel 60#
Artikel 60 artikel 59 Bij toepassing vanmet betrekking tot nieuw te bouwen woningen in een gebied gelegen binnen een bestaande zone van een industrieterrein met activiteiten die zeehavengebonden zijn en die noodzakelijkerwijs in de open lucht plaatsvinden, kan voor woningen waarvan de geluidsbelasting in hoofdzaak wordt bepaald door die activiteiten, een waarde worden vastgesteld van ten hoogste 60 dB(A), indien deze woningen worden gebouwd in het kader van een herstructurering, of planmatige verdichting van een bestaand woongebied, of wanneer de woningen worden gebouwd aansluitend aan het bestaande woongebied en slechts sprake is van een beperkte uitbreiding van het bestaande woongebied. 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 61 — Artikel 61#
Artikel 61 artikel 59 Bij toepassing vanmet betrekking tot nieuw te bouwen woningen, die dienen ter vervanging van bestaande woningen of van andere geluidsgevoelige gebouwen waarvoor een hogere waarde dan de ten hoogste toelaatbare waarde is vastgesteld, kan een waarde worden vastgesteld van ten hoogste 65 dB(A), met dien verstande dat de vervanging niet zal leiden tot: a. een ingrijpende wijziging van de bestaande stedenbouwkundige functie of structuur; b. een wezenlijke toename van het aantal geluidgehinderden bij toetsing op bouwplanniveau voor ten hoogste 100 woningen. 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 62 — Artikel 62#
Artikel 62 1 afdeling 2, §§ 2 3, van hoofdstuk V artikel 111b, eerste lid, onder a Gedeputeerde staten stellen uitsluitend ten aanzien van de woningen die op grond van artikel 62, eerste lid, zoals dat luidde voor 1 januari 2007 aan gedeputeerde staten zijn gemeld, met inachtneming van de regels, gegeven krachtens het tweede lid, en gelet op de maatregelen, in verband met andere woningen binnen de zone voortvloeiend uit de zonevaststelling, bedoeld inenvan de Wet geluidhinder zoals deze luidden op 1 januari 2007, een programma op van maatregelen die naar hun oordeel in aanmerking komen om de geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, van de gevels van de in het eerste lid bedoelde woningen te beperken tot 55 dB(A) en te voldoen aan. Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat tevens één of meer overeenkomstige programma's dienen te worden opgesteld, gericht op een beperking van de geluidsbelasting van de gevels van de bedoelde woningen tot bij de maatregel aangegeven hogere waarden. 2 Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gegeven omtrent de aard van de maatregelen die in aanmerking komen en omstandigheden waaronder dit het geval is, alsmede met betrekking tot de opzet van een programma als bedoeld in het tweede lid en het tijdstip van uitvoering daarvan. Hierbij kan tevens worden aangegeven dat gedeputeerde staten in aangegeven categorieën van gevallen bij het opstellen van een programma kunnen uitgaan van een geluidsbelasting die het gevolg is van te verwachten ontwikkelingen. 2012 114 22-03-2012 22-02-2012 32844 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 63 — Artikel 63#
Artikel 63 1 artikel 62, eerste lid Gedeputeerde staten leggen het ingevolge, opgestelde programma van maatregelen onverwijld voor aan Onze Minister. 2 Onze Minister stelt voor de woningen waarop het programma betrekking heeft, binnen zes maanden na ontvangst daarvan de ten hoogste toelaatbare waarde van de geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, van de gevel vast, met dien verstande dat deze waarde de 65 dB(A) niet te boven mag gaan. De gelding van deze waarde kan aan voorwaarden worden gebonden. 3 Onze Minister doet van zijn besluit mededeling aan gedeputeerde staten en aan burgemeester en wethouders. Gelijktijdig met deze mededeling deelt hij ten aanzien van elk der gevallen waarop het besluit betrekking heeft en die naar zijn aanvankelijk oordeel voor toepassing van het vierde lid in aanmerking komen, aan gedeputeerde staten en aan burgemeester en wethouders mede in hoeverre en op welke termijn hij overweegt aan dat lid ter zake toepassing te geven. 4 artikel 125 artikel 15.20, eerste lid, onder b, van de Wet milieubeheer Onze Minister stelt ten aanzien van elk der daarvoor in aanmerking komende gevallen maatregelen vast die strekken tot het terugbrengen van de geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, van de gevels van de betrokken woningen tot de bij het besluit, bedoeld in het tweede lid, vastgestelde waarde. Deze maatregelen strekken tevens, afhankelijk van de hoogte van deze waarde, tot het terugbrengen van de geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, binnen de woning. Op de door Onze Minister vastgestelde maatregelen zijnenvan toepassing. Hij doet van zijn besluit, houdende de vaststelling van maatregelen, mededeling aan gedeputeerde staten en aan burgemeester en wethouders. 2010 142 01-04-2010 25-03-2010 31953 2010 231 22-06-2010 10-06-2010 01-10-2010
Artikel 64 — Artikel 64#
Artikel 64 artikelen 62 63 Met betrekking tot andere geluidsgevoelige gebouwen en geluidsgevoelige terreinen worden bij algemene maatregel van bestuur omtrent de onderwerpen die met betrekking tot woningen geregeld zijn in deenregels gesteld. Daarbij kunnen bepalingen van die artikelen van overeenkomstige toepassing worden verklaard. 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 65 — Artikel 65#
Artikel 65 artikel 2.14, eerste lid, onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht artikelen 40 44 tot en met 47 50 51 53 tot en met 56 59 tot en met 61 63, tweede lid 64 Bij de toepassing vankan het bevoegd gezag, in afwijking van de,,,,,,, ofde in die artikelen bedoelde waarden 2 dB(A) hoger vaststellen, indien: a. op een of meer plaatsen binnen de zone of op de zonegrens de geluidsbelasting gelijk is aan de ten hoogste toegestane geluidsbelasting; b. voorzover van toepassing, de beschikbaarheid van grond voor de vestiging of wijziging van een inrichting, dit mogelijk maakt; c. artikel 8.40 van de Wet milieubeheer de geluidsbelasting in belangrijke mate wordt bepaald door inrichtingen waartoeis toegepast, en d. redelijkerwijs kan worden aangenomen dat de geluidsbelasting binnen een afzienbare termijn teruggebracht zal worden op het niveau van de eerder geldende waarden. 2010 142 01-04-2010 25-03-2010 31953 2010 231 22-06-2010 10-06-2010 01-10-2010
Artikel 66 — Artikel 66#
Artikel 66 artikel 65 artikelen 40 44 tot en met 47 50 51 53 tot en met 56 59 tot en met 61 63, tweede lid 64 artikel 2.14, eerste lid, onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht artikelen 2 4, eerste lid, onder c, en derde lid 5 tot en met 8 11 tot en met 19 van de Interimwet stad-en-milieubenadering Onverminderdkan het bevoegd gezag bij de toepassing vanbesluiten tot afwijking van de,,,,,,, of. De,,enzijn van overeenkomstige toepassing. 2010 142 01-04-2010 25-03-2010 31953 2010 231 22-06-2010 10-06-2010 01-10-2010
Artikel 67 — Artikel 67#
Artikel 67 1 Indien de geluidbelasting buiten een bestaande zone vanwege een industrieterrein de waarde van 50 dB(A) overschrijdt of op een of meer plaatsen binnen de zone of op de zonegrens de geluidsbelasting hoger is dan de ten hoogste toegestane geluidsbelasting, stellen burgemeester en wethouders voor het betreffende industrieterrein een geluidreductieplan vast. 2 Een geluidreductieplan bevat ten minste een beschrijving van: a. het te voeren beleid om de geluidbelasting binnen en buiten de bestaande zone te beperken; b. de voorgenomen in de eerstvolgende vijf jaar te treffen maatregelen om de geluidbelasting binnen die periode voor het hele industrieterrein te verminderen tot beneden de bedoelde grenswaarden; c. de wijze waarop de vermindering van de geluidsbelasting van het betreffende industrieterrein zal worden gerealiseerd indien de geluidsbelasting binnen de onder b genoemde periode niet is verminderd tot beneden de grenswaarden. 3 afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht artikel 3:15 van de Algemene wet bestuursrecht Een geluidreductieplan wordt voorbereid met overeenkomstige toepassing van de ingeregelde procedure, met dien verstande dat in afwijking van, een ieder zienswijzen naar voren kan brengen. 4 Burgemeester en wethouders stellen een geluidreductieplan niet vast dan nadat de gemeenteraad een ontwerp van het geluidreductieplan is toegezonden en deze in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en zienswijze ter kennis van burgemeester en wethouders te brengen. 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 68 — Artikel 68#
Artikel 68 Vervallen 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 69 — Artikel 69#
Artikel 69 Vervallen 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 69a — Artikel 69a#
Artikel 69a Vervallen 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 70 — Artikel 70#
Artikel 70 Vervallen 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 71 — Artikel 71#
Artikel 71 Vervallen 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 72 — Artikel 72#
Artikel 72 Vervallen 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 73 — Artikel 73#
Artikel 73 Dit hoofdstuk is van toepassing op: a. de aanleg en reconstructie van wegen die niet zijn aangegeven op de geluidplafondkaart; b. artikel 88, eerste lid de sanering van de op grond van, zoals dat luidde voor 1 januari 2007, aan Onze Minister gemelde aanwezige woningen, andere geluidsgevoelige gebouwen en geluidsgevoelige terreinen, voor zover die niet zijn gemeld vanwege de ondervonden geluidsbelasting van wegen die zijn aangegeven op de geluidplafondkaart; c. artikel 74 de projectie van woningen, andere geluidsgevoelige gebouwen en geluidsgevoelige terreinen binnen de zones van wegen, bedoeld in. 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 74 — Artikel 74#
Artikel 74 1 Een weg heeft een zone die zich uitstrekt vanaf de as van de weg tot de volgende breedte aan weerszijden van de weg: a. in stedelijk gebied: 1°. voor een weg, bestaande uit een of twee rijstroken of een of twee sporen: 200 meter; 2°. voor een weg, bestaande uit drie of meer rijstroken of drie of meer sporen: 350 meter; b. in buitenstedelijk gebied: 1°. voor een weg, bestaande uit een of twee rijstroken of een of twee sporen: 250 meter; 2°. voor een weg, bestaande uit drie of vier rijstroken of drie of meer sporen: 400 meter; 3°. voor een weg, bestaande uit vijf of meer rijstroken: 600 meter. 2 Het eerste lid geldt niet met betrekking tot een weg: a. die gelegen is binnen een als woonerf aangeduid gebied, of b. waarvoor een maximum snelheid van 30 km per uur geldt. 3 artikel 76 Voor de toepassing vanwordt, indien het een nog aan te leggen weg als bedoeld in het eerste of derde lid van dat artikel betreft, de daarbij behorende zone geacht aanwezig te zijn, zodra die weg in een ontwerp-bestemmingsplan is opgenomen. 4 De ruimte boven en onder de weg behoort tot de zone. 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 75 — Artikel 75#
Artikel 75 1 artikel 74, eerste lid De afstanden, genoemd in, worden aan weerszijden van de weg gemeten vanaf de buitenste begrenzing van de buitenste rijstrook of het buitenste spoor. 2 Indien zich langs een weg een zone bevindt die bestaat uit delen met een onderling verschillende breedte, geldt voor de aansluiting van de verschillende zonedelen dat het breedste zonedeel over een afstand gelijk aan een derde van de breedte van dat zonedeel, gemeten vanaf het punt van versmalling van de zonebreedte, nog langs de wegas doorloopt en met een loodlijn aansluit op de smalste zone. 3 Aan de uiteinden van een weg loopt de zone door over een afstand gelijk aan de breedte van de zone ter hoogte van het einde van de weg. De zone loopt door langs een lijn die is gelegen in het verlengde van de wegas. Zij behoudt de breedte die zij had ter hoogte van het einde van de weg. 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 76 — Artikel 76#
Artikel 76 1 artikel 3.6, eerste lid, onder a of b, van de Wet ruimtelijke ordening artikel 74 artikel 82 100 Bij de vaststelling van een bestemmingsplan of van een wijzigings- of uitwerkingsplan als bedoeld indat geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op gronden, behorende tot een zone als bedoeld in, worden ter zake van de geluidsbelasting, vanwege de weg waarlangs die zone ligt, van de gevel van woningen, van andere geluidsgevoelige gebouwen en van geluidsgevoelige terreinen binnen die zone de waarden in acht genomen, die ingevolgeenals de ten hoogste toelaatbare worden aangemerkt. 2 In afwijking van het eerste lid worden bij de vaststelling van een bestemmingsplan of van een wijzigings- of uitwerkingsplan als in dat lid bedoeld hogere waarden in acht genomen, voor zover: a. artikel 83 85 100a met toepassing van,ofvoor de vaststelling van het bestemmingsplan of het wijzigings- of uitwerkingsplan zodanige waarden zijn vastgesteld, dan wel b. artikel 83 85 100a zodanige waarden noodzakelijk zijn als gevolg van een vaststelling van het plan in afwijking van het ontwerp, zoals dit ter inzage heeft gelegen, welke waarden redelijkerwijs met toepassing van,of, zullen worden vastgesteld. 3 Indien op het tijdstip van de vaststelling van een bestemmingsplan of van een wijzigings- of uitwerkingsplan een weg reeds aanwezig of in aanleg is, gelden het eerste en tweede lid niet met betrekking tot de daarbij in het plan of in de zone van de betreffende weg opgenomen woningen, andere geluidsgevoelige gebouwen en geluidsgevoelige terreinen, die op dat tijdstip reeds aanwezig of in aanbouw zijn. 2011 675 30-12-2011 22-12-2011 32588 2011 675 30-12-2011 22-12-2011 32588 31-12-2011
Artikel 76a — Artikel 76a#
Artikel 76a artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2° of 3°, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht artikel 74 artikelen 82 83 85 100 100a Bij de beslissing op een aanvraag om een omgevingsvergunning waarbij met toepassing van, voor zover het betreft een afwijking voor een termijn langer dan tien jaar van het bestemmingsplan wordt afgeweken, die geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op gronden, behorende tot een zone als bedoeld in, worden ter zake van de geluidsbelasting, vanwege de weg waarlangs die zone ligt, van de gevel van woningen, van andere geluidsgevoelige gebouwen of aan de grens van geluidsgevoelige terreinen binnen die zone de waarden in acht genomen, die ingevolge de,,,enals de ten hoogste toelaatbare worden aangemerkt. 2013 144 24-04-2013 28-03-2013 33135 2014 302 30-07-2014 09-07-2014 33919 2014 358 16-10-2014 03-10-2014 01-11-2014
Artikel 77 — Artikel 77#
Artikel 77 1 artikel 3.6, eerste lid, onder a of b, van de Wet ruimtelijke ordening artikel 74 artikel 76a Bij het voorbereiden van de vaststelling van een bestemmingsplan of van een wijzigings- of uitwerkingsplan als bedoeld indat geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op gronden, behorende tot een zone als bedoeld in, of bij het voorbereiden van een omgevingsvergunning als bedoeld in, wordt vanwege burgemeester en wethouders een akoestisch onderzoek ingesteld naar: a. de geluidsbelasting die door woningen binnen de zone, alsmede door andere geluidsgevoelige gebouwen of door geluidsgevoelige terreinen, vanwege de weg zou worden ondervonden zonder de invloed van maatregelen die de geluidsbelasting beperken; b. artikel 82 artikel 100 de doeltreffendheid van de in aanmerking komende verkeersmaatregelen en andere maatregelen om te voorkomen dat de in de toekomst vanwege de weg optredende geluidsbelasting van de onder a bedoelde objecten de waarden die ingevolgeofals ten hoogste toelaatbare worden aangemerkt, te boven zou gaan. 2 artikel 83 85 100a Indien wordt overwogen toepassing te geven aan,ofheeft het akoestisch onderzoek tevens betrekking op de doeltreffendheid van de maatregelen om te voldoen aan de vast te stellen hogere waarden voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting. 3 Indien de vaststelling van het bestemmingsplan of van het wijzigings- of uitwerkingsplan of het besluit tot vrijstelling als bedoeld in het eerste lid betrekking heeft op de reconstructie van een weg, wordt tevens akoestisch onderzoek ingesteld naar de heersende waarde. 2010 142 01-04-2010 25-03-2010 31953 2010 231 22-06-2010 10-06-2010 01-10-2010
Artikel 78 — Artikel 78#
Artikel 78 Vervallen 2003 449 18-11-2003 22-10-2003 28744 2005 81 24-02-2005 08-02-2005 25-02-2005
Artikel 79 — Artikel 79#
Artikel 79 artikelen 76 77 artikel 81 artikel 80 Tot aanleg van een weg anders dan op grondslag van een overeenkomstig deenvastgesteld of herzien bestemmingsplan wordt, indien binnen de aanwezige of toekomstige zone woningen, dan wel andere geluidsgevoelige gebouwen of geluidsgevoelige terreinen aanwezig, in aanbouw of geprojecteerd zijn, niet overgegaan dan in overeenstemming met een besluit van burgemeester en wethouders, krachtensgenomen naar aanleiding van een door de wegaanlegger aan burgemeester en wethouders gedane mededeling van zijn voornemen en na een overeenkomstigingesteld onderzoek. 2007 349 02-10-2007 13-09-2007 30848 2007 349 02-10-2007 13-09-2007 30848 03-10-2007 01-01-2007
Artikel 80 — Artikel 80#
Artikel 80 1 artikel 77 Vanwege de wegaanlegger wordt binnen de zone een akoestisch onderzoek van de inomschreven strekking ingesteld. 2 artikel 81, eerste lid De resultaten van het ingestelde onderzoek worden door de wegaanlegger aan burgemeester en wethouders overgelegd te zamen met een beschrijving van de maatregelen die naar zijn oordeel nodig zijn voor het in, omschreven doel. 1992 625 03-12-1992 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 81 — Artikel 81#
Artikel 81 1 artikel 80 artikelen 82 83 85 Binnen drie maanden nadat de resultaten van het inbedoelde onderzoek zijn verkregen, nemen burgemeester en wethouders een besluit, bepalende welke maatregelen nodig zijn om te voorkomen dat de geluidsbelasting die de weg na zijn aanleg binnen de zone zal veroorzaken, de waarden die ingevolge de,enals de ten hoogste toelaatbare worden aangemerkt, te boven zou gaan. 2 Van het besluit wordt mededeling gedaan aan de wegaanlegger. 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 82 — Artikel 82#
Artikel 82 1 artikelen 83 100 100a Behoudens het in de,enbepaalde is de voor woningen binnen een zone ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting van de gevel, vanwege de weg, 48 dB. 2 Bij algemene maatregel van bestuur worden waarden vastgesteld voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting, vanwege een weg, van de gevel van andere geluidsgevoelige gebouwen, alsmede aan de grens van geluidsgevoelige terreinen binnen een zone. 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 82a — Artikel 82a#
Artikel 82a Vervallen 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 83 — Artikel 83#
Artikel 83 1 artikel 82, eerste lid Voor de ter plaatse ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting als bedoeld in, kan een hogere dan de in dat artikel genoemde waarde worden vastgesteld, met dien verstande dat deze waarde, buiten de in de volgende leden bedoelde gevallen, voor woningen in buitenstedelijk gebied 53 dB en voor woningen in stedelijk gebied 58 dB niet te boven mag gaan. 2 Bij toepassing van het eerste lid met betrekking tot in stedelijk gebied nog te bouwen woningen die nog niet zijn geprojecteerd, kan voor de aanwezige of te verwachten geluidsbelasting vanwege een aanwezige weg een hogere dan de in dat lid genoemde waarde worden vastgesteld, met dien verstande dat deze waarde 63 dB niet te boven mag gaan. 3 Bij toepassing van het eerste lid met betrekking tot woningen die reeds aanwezig of in aanbouw zijn, kan voor de toekomstige geluidsbelasting vanwege een weg die nog niet geprojecteerd is: a. voor zover het woningen in stedelijk gebied betreft, een hogere dan de in dat lid genoemde waarde worden vastgesteld, met dien verstande dat deze waarde 63 dB niet te boven mag gaan; b. voor zover het woningen in buitenstedelijk gebied betreft, een hogere dan de in dat lid genoemde waarde worden vastgesteld, met dien verstande dat deze waarde 58 dB niet te boven mag gaan. 4 Bij toepassing van het eerste lid met betrekking tot in buitenstedelijk gebied nog te bouwen woningen die nog niet zijn geprojecteerd en die ter plaatse noodzakelijk zijn vanwege de uitoefening van een agrarisch bedrijf, kan een hogere waarde worden vastgesteld die de waarde van 58 dB niet te boven mag gaan. 5 Bij toepassing van het eerste lid met betrekking tot in het stedelijk gebied nog te bouwen woningen die nog niet zijn geprojecteerd en die dienen ter vervanging van bestaande woningen of andere geluidsgevoelige gebouwen, kan voor de te verwachten geluidsbelasting vanwege een aanwezige weg een waarde van ten hoogste 68 dB worden vastgesteld, met dien verstande dat de vervanging niet zal leiden tot: a. een ingrijpende wijziging van de bestaande stedebouwkundige functie of structuur; b. een wezenlijke toename van het aantal geluidgehinderden bij toetsing op bouwplanniveau voor ten hoogste 100 woningen. 6 Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 Bij toepassing van het eerste lid met betrekking tot binnen de bebouwde kom nog te bouwen woningen binnen de zone langs een autoweg of autosnelweg als bedoeld in het, die nog niet zijn geprojecteerd en die dienen ter vervanging van bestaande woningen of andere geluidsgevoelige gebouwen, kan voor de te verwachten geluidsbelasting vanwege een aanwezige weg een waarde van ten hoogste 63 dB worden vastgesteld, met dien verstande dat de vervanging niet zal leiden tot: a. een ingrijpende wijziging van de bestaande stedebouwkundige functie of structuur; b. een wezenlijke toename van het aantal geluidgehinderden bij toetsing op bouwplanniveau voor ten hoogste 100 woningen. 7 Bij toepassing van het eerste lid met betrekking tot buiten de bebouwde kom nog te bouwen woningen die nog niet zijn geprojecteerd en die dienen ter vervanging van bestaande woningen of andere geluidsgevoelige gebouwen, kan voor de te verwachten geluidsbelasting vanwege een aanwezige weg een waarde van ten hoogste 58 dB worden vastgesteld, met dien verstande dat de vervanging niet zal leiden tot: a. een ingrijpende wijziging van de bestaande stedebouwkundige functie of structuur; b. een wezenlijke toename van het aantal geluidgehinderden bij toetsing op bouwplanniveau voor ten hoogste 100 woningen. 8 Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat de bevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, enkel in bij die maatregel aan te geven gevallen kan worden toegepast. 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 84 — Artikel 84#
Artikel 84 Vervallen 1992 348 24-06-1992 20985 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 85 — Artikel 85#
Artikel 85 1 artikel 82, tweede lid Voor de ter plaatse ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting als bedoeld in, kunnen hogere dan de krachtens dat lid bepaalde waarden worden vastgesteld, met dien verstande dat deze waarden bij algemene maatregel van bestuur te stellen grenzen niet te boven mogen gaan. 2 Bij de maatregel, bedoeld in het eerste lid, kan worden bepaald dat de bevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, enkel in bij die maatregel aan te geven gevallen kan worden toegepast. 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 86 — Artikel 86#
Artikel 86 Vervallen 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 87 — Artikel 87#
Artikel 87 Vervallen 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 87a — Artikel 87a#
Artikel 87a Vervallen 2003 449 18-11-2003 22-10-2003 28744 2005 81 24-02-2005 08-02-2005 25-02-2005
Artikel 87b — Artikel 87b#
Artikel 87b Vervallen 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 87c — Artikel 87c#
Artikel 87c Vervallen 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 87d — Artikel 87d#
Artikel 87d Vervallen 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 87e — Artikel 87e#
Artikel 87e Vervallen 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 87f — Artikel 87f#
Artikel 87f Vervallen 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 87g — Artikel 87g#
Artikel 87g Vervallen 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 87h — Artikel 87h#
Artikel 87h Vervallen 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 87i — Artikel 87i#
Artikel 87i Vervallen 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 87j — Artikel 87j#
Artikel 87j 1 Afdeling 1 van hoofdstuk VIIIA is niet van toepassing op deze afdeling. 2 afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht Op de voorbereiding van een saneringsprogramma isvan toepassing. 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 88 — Artikel 88#
Artikel 88 Vervallen 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2010 63 23-02-2010 10-02-2010 24-02-2010
Artikel 89 — Artikel 89#
Artikel 89 1 artikel 98 artikel 88, eerste lid artikel 88 artikel 111b, derde lid Burgemeester en wethouders of indien toepassing wordt gegeven aanburgemeester en wethouders of de wegaanlegger stellen uitsluitend ten aanzien van de woningen die op grond van, zoals dat luidde voor 1 januari 2007 aan Onze Minister zijn gemeld, met inachtneming van de regels, gegeven krachtens het tweede lid, een programma op van maatregelen die naar hun oordeel in aanmerking komen om de geluidsbelasting, vanwege de weg, van de gevels van de op grond van, zoals dat luidde voor 1 januari 2007 gemelde woningen zoveel mogelijk te beperken tot 48 dB en om zo nodig te voldoen aan. 2 Met betrekking tot gevallen als bedoeld in het eerste lid worden bij of krachtens algemene maatregel van bestuur regels gegeven omtrent de aard van de maatregelen die in aanmerking komen, en de omstandigheden waaronder dit het geval is, alsmede omtrent de opzet en het tijdstip van vaststelling van een programma. 2013 20 18-01-2013 14-12-2012 32537 2013 197 05-06-2013 15-04-2013 15-06-2013 23-03-2012
Artikel 90 — Artikel 90#
Artikel 90 1 artikel 98 artikel 89, eerste lid Burgemeester en wethouders of indien toepassing wordt gegeven aanburgemeester en wethouders of de wegaanlegger leggen het ingevolge, vastgestelde programma van maatregelen onverwijld voor aan Onze Minister. 2 Behoudens het derde lid stelt Onze Minister na ontvangst van zodanig programma voor de woningen waarop het betrekking heeft, als de ten hoogste toelaatbare waarde van de geluidsbelasting, vanwege de weg, van de gevels een waarde van 48 dB vast. Onze Minister doet van zijn besluit mededeling aan burgemeester en wethouders en de wegbeheerder. 3 In bij algemene maatregel van bestuur aan te geven gevallen en volgens daarbij te stellen regels kan bij een besluit als bedoeld in het tweede lid voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting een hogere dan de in dat lid genoemde waarde worden vastgesteld, met dien verstande dat deze waarde 68 dB niet te boven mag gaan. 4 In afwijking van het derde lid kan in bij algemene maatregel van bestuur aan te geven gevallen en volgens daarbij te stellen regels voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting een hogere dan de in dat lid genoemde waarde worden vastgesteld. 5 hoofdstuk X Onze Minister stelt ten aanzien van elk van de daarvoor in aanmerking komende gevallen maatregelen vast die strekken tot het terugbrengen van de geluidsbelasting, vanwege de weg, van de gevels van de betrokken woningen tot de bij het besluit, bedoeld in het tweede lid, vastgestelde waarde. Deze maatregelen strekken tevens, afhankelijk van de hoogte van deze waarde, tot het terugbrengen van de geluidsbelasting, vanwege de weg, binnen de woning. Op de door Onze Minister vastgestelde maatregelen isvan toepassing. Hij doet van zijn besluit, houdende vaststelling van maatregelen, mededeling aan burgemeester en wethouders en aan de wegbeheerder of wegaanlegger. 2007 349 02-10-2007 13-09-2007 30848 2007 349 02-10-2007 13-09-2007 30848 03-10-2007 01-01-2007
Artikel 91 — Artikel 91#
Artikel 91 Vervallen 1992 348 24-06-1992 20985 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 92 — Artikel 92#
Artikel 92 Vervallen 1992 348 24-06-1992 20985 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 93 — Artikel 93#
Artikel 93 Vervallen 1992 348 24-06-1992 20985 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 94 — Artikel 94#
Artikel 94 Vervallen 1992 348 24-06-1992 20985 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 95 — Artikel 95#
Artikel 95 Vervallen 1992 348 24-06-1992 20985 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 96 — Artikel 96#
Artikel 96 Vervallen 1992 348 24-06-1992 20985 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 97 — Artikel 97#
Artikel 97 Vervallen 1992 348 24-06-1992 20985 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 98 — Artikel 98#
Artikel 98 1 artikel 88 artikel 90, tweede tot en met vijfde lid Ten behoeve van een reconstructie van een weg met betrekking waartoe ingevolge, zoals dat luidde voor 1 januari 2007 aan Onze Minister uiterlijk twee jaar na 1 januari 2007 melding is gedaan, is deze afdeling niet van toepassing en geeft Onze Minister toepassing aan. 2 artikel 104a, eerste lid In afwijking van het eerste lid, indien toepassing wordt gegeven aan: a. artikelen 89 90, eerste lid zijn deen, niet van toepassing, en b. artikel 90, tweede en vijfde lid worden in afwijking van, de in die leden bedoelde maatregelen en ten hoogste toelaatbare waarden vastgesteld als onderdeel van een tracébesluit, en blijft in het tweede lid de zinsnede «na ontvangst van zodanig programma» buiten toepassing. 3 artikel 104a, tweede of derde lid In afwijking van het eerste lid, indien toepassing wordt gegeven aan: a. artikelen 89 90 zijn deen, eerste lid, niet van toepassing, en b. artikel 90, tweede en vijfde lid artikel 5 van de Spoedwet wegverbreding artikel 6, vijfde lid, van de Spoedwet wegverbreding worden in afwijking van, de in die leden bedoelde maatregelen en ten hoogste toelaatbare waarden vastgesteld als onderdeel van een wegaanpassingsbesluit als bedoeld in, of geluidplan als bedoeld in, en blijft in het tweede lid de zinsnede «na ontvangst van zodanig programma» buiten toepassing. 2014 581 31-12-2014 10-12-2014 33976 2014 581 31-12-2014 10-12-2014 33976 01-01-2015
Artikel 99 — Artikel 99#
Artikel 99 1 artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening artikel 81 artikel 80 Tot reconstructie van een weg wordt, indien binnen de aanwezige of toekomstige zone van die weg woningen, andere geluidsgevoelige gebouwen of geluidsgevoelige terreinen aanwezig, in aanbouw of geprojecteerd zijn, niet overgegaan dan in overeenstemming met een bestemmingsplan of een besluit tot vrijstelling als bedoeld indat in de reconstructie voorziet dan wel met een besluit van burgemeester en wethouders, met overeenkomstige toepassing vangenomen naar aanleiding van een door de wegbeheerder aan burgemeester en wethouders gedane mededeling van zijn voornemen en na een met overeenkomstige toepassing vaningesteld onderzoek. 2 Indien redelijkerwijs kan worden aangenomen dat de reconstructie van een weg zal leiden tot een toename van de geluidsbelasting van 2 dB of meer vanwege andere wegen dan de te reconstrueren weg of – als een weg gedeeltelijk wordt gereconstrueerd – vanwege de niet te reconstrueren gedeelten daarvan, heeft het in het eerste lid bedoelde onderzoek tevens betrekking op die andere wegen of de niet te reconstrueren gedeelten van de betrokken weg. 3 artikelen 100 100a 100b Bij het nemen van een besluit als bedoeld in het eerste lid worden de waarden die ingevolge de,enals de ten hoogste toelaatbare worden aangemerkt, in acht genomen. 4 Ingeval bij de reconstructie het aantal rijstroken zal worden verhoogd, wordt de zone in aanmerking genomen, die uit het hogere aantal rijstroken zal voortvloeien. 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007 Abusievelijk is een wijzigingsopdracht geformuleerd die niet geheel juist is.
Artikel 99a — Artikel 99a#
Artikel 99a Vervallen 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 100 — Artikel 100#
Artikel 100 1 Behoudens het tweede en derde lid is de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting vanwege een te reconstrueren weg, van de gevel van woningen binnen de zone 48 dB. 2 Experimentenwet Stad en Milieu Interimwet stad-en-milieubenadering Spoedwet wegverbreding Ingeval eerder bij of krachtens deze wet, de, de, of deeen hogere waarde voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting, vanwege de te reconstrueren weg, van de gevel van woningen binnen de zone is vastgesteld dan 48 dB, en de heersende waarde hoger is dan 48 dB, geldt de laagste van de volgende twee waarden als de ten hoogste toelaatbare: a. de heersende waarde; b. de eerder vastgestelde waarde. 3 Ingeval de weg op 1 januari 2007 aanwezig, in aanleg of geprojecteerd was en niet eerder een hogere waarde voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting vanwege de te reconstrueren weg is vastgesteld dan 48 dB, en de heersende waarde hoger is dan 48 dB, geldt als de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting vanwege de te reconstrueren weg, van de gevel van woningen binnen de zone die op 1 januari 2007 aanwezig, in aanbouw of geprojecteerd waren de heersende waarde. 2007 349 02-10-2007 13-09-2007 30848 2007 349 02-10-2007 13-09-2007 30848 03-10-2007 01-01-2007
Artikel 100a — Artikel 100a#
Artikel 100a 1 artikel 100 Voor de ter plaatse ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting van de gevel van woningen kan een hogere waarde dan de ingevolgegeldende worden vastgesteld, met dien verstande dat: a. de verhoging 5 dB niet te boven mag gaan, behoudens in gevallen waarin: 1°. ten gevolge van de reconstructie de geluidsbelasting van de gevel van ten minste een gelijk aantal woningen elders met een ten minste gelijke waarde zal verminderen, en 2°. artikel 90 artikel 111b, tweede of derde lid de wegbeheerder heeft verklaard dat hij financiële middelen ter beschikking stelt uiterlijk voor afloop van de reconstructie ten behoeve van de toepassing vanof, met betrekking tot woningen die door de reconstructie een hogere geluidsbelasting ondervinden, en b. artikel 83 artikel 84, tweede lid ingeval voor de betrokken woning eerder toepassing is gegeven aanof, zoals dat luidde voor 1 september 1991 of, indien geen toepassing is gegeven aan het betrokken artikel en de heersende waarde 53 dB niet te boven gaat, de waarde niet hoger mag worden gesteld dan: 1°. 58 dB bij een reconstructie van een weg in buitenstedelijk gebied en 2°. 63 dB bij een reconstructie van een weg in stedelijk gebied. 2 De krachtens het eerste lid, onder a, te stellen hogere waarde mag niet hoger worden gesteld dan 68 dB. 3 Experimentenwet Stad en Milieu Interimwet stad- en milieubenadering In afwijking van het tweede lid mag de waarde ingeval eerder bij of krachtens deze wet, deof deeen hogere waarde dan 68 dB is vastgesteld, niet hoger worden gesteld dan de eerder vastgestelde waarde. 2012 114 22-03-2012 22-02-2012 32844 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 100b — Artikel 100b#
Artikel 100b Bij algemene maatregel van bestuur kunnen voor andere geluidsgevoelige gebouwen en geluidsgevoelige terreinen overeenkomstige regels worden gesteld met betrekking tot de onderwerpen die zijn geregeld in: a. artikel 100 ; b. artikel 100a . 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 101 — Artikel 101#
Artikel 101 Vervallen 1992 625 03-12-1992 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 102 — Artikel 102#
Artikel 102 Vervallen 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 103 — Artikel 103#
Artikel 103 Vervallen 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 104 — Artikel 104#
Artikel 104 artikelen 88 tot en met 90 98 99 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen voor andere geluidsgevoelige gebouwen en geluidsgevoelige terreinen met betrekking tot de in de,engeregelde onderwerpen overeenkomstige regels worden gesteld. 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 104a — Artikel 104a#
Artikel 104a 1 Tracéwet artikelen 79 99, eerste lid Indien de aanleg of wijziging van een hoofdweg waarop devan toepassing is, leidt tot aanleg, reconstructie of wijziging van een weg of spoorweg, en daartoe binnen het betrokken tracé een hogere waarde vereist is voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting vanwege die weg of spoorweg, zijn deen, niet van toepassing en wordt door Onze Minister: a. artikel 110a, eerste, tweede en zevende lid die hogere waarde, in afwijking van, vastgesteld als onderdeel van het tracébesluit, en b. artikel 77 artikel 107 het akoestisch onderzoek, bedoeld in, dan wel als voorgeschreven op grond van, ingesteld. 2 bijlage bij de Spoedwet wegverbreding artikelen 79 99, eerste lid, Indien de uitvoering van een in de, onder A, opgenomen wegaanpassingsproject, leidt tot aanleg, reconstructie of wijziging van een weg of spoorweg, en daartoe binnen de grens van het gebied dat is begrepen in een wegaanpassingsbesluit een hogere waarde vereist is voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting vanwege die weg of spoorweg, zijn deenniet van toepassing en wordt door Onze Minister: a. artikel 110a, eerste, tweede en zevende lid die hogere waarde, in afwijking van, vastgesteld als onderdeel van het wegaanpassingsbesluit, en b. artikel 77 artikel 107 het akoestisch onderzoek, bedoeld in, dan wel als voorgeschreven op grond van, ingesteld. 3 bijlage bij de Spoedwet wegverbreding artikelen 79 99, eerste lid Indien een in de, onder B, opgenomen wegaanpassingsproject, leidt tot aanleg, reconstructie of wijziging van een weg of spoorweg, en daartoe binnen de grens van het gebied dat is begrepen in een geluidplan een hogere waarde vereist is voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting vanwege die weg of spoorweg, zijn deen, niet van toepassing en wordt door Onze Minister: a. artikel 110a, eerste, tweede en zevende lid die hogere waarde, in afwijking van, vastgesteld als onderdeel van het geluidplan, en b. artikel 77 artikel 107 het akoestisch onderzoek, bedoeld in, dan wel als voorgeschreven op grond van, ingesteld. 4 Indien toepassing wordt gegeven aan het eerste lid, wordt: a. artikel 83, eerste lid in, voor «53 dB» gelezen: 58 dB; b. artikel 110a, zesde lid in, in plaats van «geven burgemeester en wethouders» gelezen «geeft Onze Minister» en wordt in plaats van «naar hun oordeel» gelezen «naar zijn oordeel»; c. artikel 110b, eerste lid in, in plaats van «kunnen burgemeester en wethouders» gelezen «kan Onze Minister»; d. artikel 110b, tweede lid in, in plaats van «kunnen gedeputeerde staten» gelezen «kan Onze Minister»; e. artikel 111b inin plaats van «treffen burgemeester en wethouders» gelezen «treft de beheerder», en f. artikel 112 inin plaats van «treffen burgemeester en wethouders» gelezen «treft Onze Minister»; g. artikel 114a, tweede lid, onderdeel c in, in plaats van «burgemeester en wethouders aan de rechthebbende mededeling doen» gelezen «Onze Minister aan de rechthebbende mededeling doet». 5 Bij de toepassing van het eerste tot en met derde lid neemt het bevoegd gezag een maatregel gericht op het terugbrengen van de verwachte geluidsbelasting van de gevel van woningen of andere geluidsgevoelige gebouwen, niet in aanmerking, indien het treffen daarvan: Onze Minister stelt regels voor de toepassing van het criterium, bedoeld onder a. a. financieel niet doelmatig is met betrekking tot het beperken van de geluidsbelasting, dan wel b. stuit op overwegende bezwaren van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of technische aard. 2017 57 23-02-2017 10-02-2017 34525 2017 131 03-04-2017 17-03-2017 01-05-2017
Artikel 105 — Artikel 105#
Artikel 105 In het belang van het voorkomen of beperken van geluid- of trillinghinder, veroorzaakt door het gebruik van een spoorweg, kunnen bij of krachtens algemene maatregel van bestuur eisen worden gesteld met betrekking tot aard, samenstelling, wijze van aanleg of gebruik van de spoorweginfrastructuur. 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 105a — Artikel 105a#
Artikel 105a Vervallen 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 106 — Artikel 106#
Artikel 106 1 Deze afdeling is van toepassing op: a. de aanleg en wijziging van spoorwegen die daartoe zijn aangegeven op een kaart; b. de sanering van bij algemene maatregel van bestuur aangegeven woningen, andere geluidsgevoelige gebouwen en geluidsgevoelige terreinen vanwege de ondervonden geluidsbelasting van spoorwegen die zijn aangegeven op de kaart; c. de projectie van woningen, andere geluidsgevoelige gebouwen en geluidsgevoelige terreinen binnen de zones van spoorwegen die zijn aangegeven op de kaart, bedoeld in het eerste lid, of op de geluidplafondkaart. 2 De kaart, bedoeld in het eerste lid, wordt door Onze Minister vastgesteld. 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 107 — Artikel 107#
Artikel 107 hoofdstukken VI VIIIA In het belang van het voorkomen of beperken van geluidhinder vanwege spoorwegen kunnen bij of krachtens algemene maatregel van bestuur, omtrent de onderwerpen die ter beperking van de geluidsbelasting vanwege wegen geregeld zijn in deof, regels worden gesteld. Daarbij kunnen bepalingen van dat hoofdstuk van overeenkomstige toepassing worden verklaard. 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 108 — Artikel 108#
Artikel 108 1 Bij algemene maatregel van bestuur kan een gebied waar ernstige geluidhinder optreedt of is te verwachten, welke niet of niet voldoende door toepassing van de voorgaande hoofdstukken kan worden bestreden, worden aangewezen als geluidszone. Ten aanzien van deze zone zijn de bepalingen van dit hoofdstuk van toepassing. 2 Onze Minister doet van een maatregel als bedoeld in het eerste lid mededeling aan de raden der betrokken gemeenten en aan de staten der betrokken provincies. 3 hoofdstuk 8 titel 8A.6 hoofdstuk 10 van de Wet luchtvaart Een maatregel als bedoeld in het eerste lid heeft geen betrekking op het bestrijden van de geluidhinder vanwege luchthavens waarop,envan toepassing zijn. 2012 582 23-11-2012 08-11-2012 31898 2012 644 18-12-2012 06-12-2012 01-01-2013
Artikel 109 — Artikel 109#
Artikel 109 artikel 108, eerste lid Bij intrekking of wijziging van een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in, is het tweede van dat artikel van overeenkomstige toepassing. 1995 355 25-07-1995 10-07-1995 23983 1995 355 25-07-1995 10-07-1995 23983 26-07-1995
Artikel 110 — Artikel 110#
Artikel 110 1 artikel 108, eerste lid hoofdstukken V VI VII Bij een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in, worden in het belang van het voorkomen of beperken van geluidhinder in en buiten de zone omtrent de onderwerpen die ter beperking van de geluidsbelasting vanwege industrieterreinen, vanwege wegen of vanwege spoorwegen geregeld zijn in de,of, regels gesteld. Daarbij kunnen bepalingen van die hoofdstukken van overeenkomstige toepassing worden verklaard. 2 artikel 108, eerste lid hoofdstukken V VI VII Bij een maatregel als bedoeld in, kan tevens worden bepaald dat de,engeheel of ten dele niet van toepassing zijn met betrekking tot het bij de maatregel aangewezen gebied. 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 110a — Artikel 110a#
Artikel 110a 1 Burgemeester en wethouders zijn binnen de grenzen van de gemeente bevoegd tot het vaststellen van een hogere waarde voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting. 2 In afwijking van het eerste lid zijn indien ten behoeve van een activiteit in meer dan één gemeente een hogere waarde voor de bij of krachtens de wet genoemde ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting dient te worden vastgesteld, burgemeester en wethouders van de gemeente binnen wier grenzen deze activiteit zal worden uitgevoerd bevoegd een hogere waarde vast te stellen. 3 De in het eerste en tweede lid bedoelde waarde kan ambtshalve of op verzoek van degenen die daartoe bij algemene maatregel van bestuur zijn aangewezen, worden vastgesteld. 4 De vaststelling van de in het eerste en tweede lid bedoelde waarde vindt plaats volgens bij algemene maatregel van bestuur gestelde regels. 5 Het eerste en tweede lid vinden slechts toepassing indien toepassing van maatregelen, gericht op het terugbrengen van de geluidsbelasting vanwege het industrieterrein, de weg of spoorweg, van de gevel van de betrokken woningen of andere geluidsgevoelige gebouwen onderscheidenlijk aan de grens van de betrokken geluidsgevoelige terreinen tot de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting onvoldoende doeltreffend zal zijn dan wel overwegende bezwaren ontmoet van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of financiële aard. Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat de in dit lid bedoelde bevoegdheid enkel in bij die maatregel aan te geven gevallen kan worden toegepast. 6 artikel 110f artikel 110f, derde lid Indienvan toepassing is geven burgemeester en wethouders slechts toepassing aan het derde en vierde lid voorzover de gecumuleerde geluidsbelastingen na de correctie op grond van, niet leiden tot een naar hun oordeel onaanvaardbare geluidsbelasting. 7 Wet milieubeheer Wet ruimtelijke ordening Wanneer het besluit, bedoeld in het eerste lid, benodigd is in verband met de aanleg of wijziging van een hoofdspoorweg of de aanleg of reconstructie van een weg in beheer bij het Rijk of een provincie of de vaststelling of wijziging van een zone rond een industrieterrein dat als industrieterrein van regionaal belang is aangewezen bij provinciale verordening krachtens deof de, zijn gedeputeerde staten van de provincie waarbinnen de weg of spoorweg dan wel het industrieterrein van regionaal belang is gelegen bevoegd tot vaststelling van de hogere waarde. Het tweede tot en met zesde lid is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat in het tweede en zesde lid in plaats van «burgemeester en wethouders» moet worden gelezen «gedeputeerde staten» en in het tweede lid in plaats van «gemeente» telkens moet worden gelezen: provincie. 2008 180 03-06-2008 22-05-2008 30938 2008 227 26-06-2008 16-06-2008 01-07-2008
Artikel 110b — Artikel 110b#
Artikel 110b 1 artikel 110a, eerste lid Wanneer de in, genoemde activiteit tot gevolg heeft dat voor een woning, een ander geluidsgevoelig gebouw of geluidsgevoelig terrein gelegen buiten de grenzen van de gemeente binnen wier grenzen de activiteit wordt uitgevoerd een hogere waarde dan de bij of krachtens deze wet genoemde ten hoogste toelaatbare waarde dient te worden vastgesteld, kunnen burgemeester en wethouders hiertoe slechts overgaan na overleg met burgemeester en wethouders van de gemeente binnen wier grenzen de woning, het andere geluidsgevoelige gebouw of geluidsgevoelige terrein is gelegen. 2 artikel 110a, zevende lid Wanneer de in, genoemde activiteit tot gevolg heeft dat voor een woning, een ander geluidsgevoelig gebouw of geluidsgevoelig terrein gelegen buiten de grenzen van de provincie binnen wier grenzen de activiteit wordt uitgevoerd een hogere waarde dan de bij of krachtens deze wet genoemde ten hoogste toelaatbare waarde dient te worden vastgesteld, kunnen gedeputeerde staten hiertoe slechts overgaan na overleg met gedeputeerde staten van de provincie binnen wier grenzen de woning, het andere geluidsgevoelige gebouw of geluidsgevoelige terrein is gelegen. 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 110c — Artikel 110c#
Artikel 110c 1 artikel 110a afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht Op de voorbereiding van een besluit als bedoeld inis de ingeregelde procedure van toepassing, met dien verstande dat indien burgemeester en wethouders bevoegd zijn de hogere waarde vast te stellen en het besluit ten behoeve van de vaststelling of herziening van een bestemmingsplan wordt genomen, het ontwerp van het besluit tegelijkertijd met het ontwerp van het bestemmingsplan ter inzage wordt gelegd. 2 artikel 110a artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2°, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht Het eerste lid is niet van toepassing, indien het besluit, bedoeld in, wordt genomen ten behoeve van de verlening van een omgevingsvergunning waarbij met toepassing vanvan het bestemmingsplan wordt afgeweken. 3 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld omtrent: a. artikel 110a de bij een verzoek als bedoeld inover te leggen gegevens; b. artikel 110a de voorbereiding van een besluit als bedoeld in. 2013 144 24-04-2013 28-03-2013 33135 2014 358 16-10-2014 03-10-2014 01-11-2014
Artikel 110d — Artikel 110d#
Artikel 110d 1 Ten behoeve van de vaststelling van de geluidsbelasting vanwege een industrieterrein, weg of spoorweg wordt voor het bepalen van het equivalente geluidsniveau bij ministeriële regeling aangegeven: a. op welke wijze en met inachtneming van welke bestaande of te verwachten omstandigheden, de afwisselende niveaus van het ter plaatse optredende geluid worden vastgesteld, en b. op welke wijze uit de over een bepaalde periode verkregen uitkomsten het in vorengenoemde omschrijving bedoelde gemiddelde wordt afgeleid. 2 Het eerste lid is niet van toepassing met betrekking tot de vaststelling van de geluidsbelasting vanwege een weg of spoorweg die is aangegeven op de geluidplafondkaart. 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 110e — Artikel 110e#
Artikel 110e Onze Minister kan regels stellen omtrent al hetgeen betrekking heeft op de wijze waarop de akoestische onderzoeken, bedoeld in deze wet, worden uitgevoerd. 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 110f — Artikel 110f#
Artikel 110f 1 Indien een van de volgende onderdelen van deze wet of van het krachtens deze onderdelen bepaalde: artikelen 40 52 74 108 artikel 107 hoofdstuk 8 titel 8A.6 artikel 10.17 van de Wet luchtvaart van toepassing is op woningen, andere geluidsgevoelige gebouwen en geluidsgevoelige terreinen gelegen in twee of meer aanwezige of toekomstige geluidszones als bedoeld in de,,en, of als vastgesteld krachtens, dan wel in één of meer hiervoor genoemde geluidszones alsmede in een met het oog op de geluidsbelasting vastgesteld beperkingengebied als bedoeld in,of, dient degene, die bij of krachtens deze wet verplicht is tot het verrichten van een akoestisch onderzoek, ter plaatse van die woningen, andere geluidsgevoelige gebouwen en geluidsgevoelige terreinen, overeenkomstig de door Onze Minister gestelde regels, tevens onderzoek te doen naar de effecten van de samenloop van de verschillende geluidsbronnen. Aangegeven dient te worden op welke wijze met de samenloop rekening is gehouden bij de te treffen maatregelen. a. Afdeling 1 afdeling 2 van hoofdstuk V en, b. Afdeling 2 3 4 van hoofdstuk VI ,en, c. hoofdstuk VII , en d. hoofdstuk VIII , 2 Indien in een bepaald gebied een of meer van de in het eerste lid genoemde onderdelen van deze wet of van het krachtens die onderdelen bepaalde van toepassing zijn, terwijl voor dat gebied tevens uit anderen hoofde van Rijkswege een saneringsprogramma ter zake van het voorkomen of bestrijden van geluidhinder moet worden opgesteld, draagt Onze Minister zorg voor de noodzakelijke onderlinge afstemming en samenhang van de te treffen maatregelen. 3 Het eerste en tweede lid zijn uitsluitend van toepassing indien voor een woning, ander geluidgevoelig gebouw of geluidgevoelig terrein: a. een hogere waarde zal worden vastgesteld, en b. voor dezelfde woning, ander geluidsgevoelig gebouw of geluidsgevoelig terrein, de geluidsbelasting, vanwege tenminste een andere geluidsbron als bedoeld in het eerste lid, in de toekomstige situatie de voorkeurswaarde overschrijdt. 4 Het eerste en tweede lid worden alleen toegepast ten aanzien van geluidsbronnen als bedoeld in het eerste lid waarvan de geluidsbelasting in de toekomstige situatie de voorkeurswaarde overschrijdt. 5 Ten behoeve van de uitvoering van het eerste lid kan Onze Minister bepalen, dat bij de berekening en meting van de onderscheidene geluidsbelastingen van de gevels van de woningen en andere geluidsgevoelige gebouwen en de grens van geluidsgevoelige terreinen op de resultaten een door hem aan te geven correctie kan worden toegepast. 2012 582 23-11-2012 08-11-2012 31898 2012 644 18-12-2012 06-12-2012 01-01-2013
Artikel 110g — Artikel 110g#
Artikel 110g Onze Minister stelt regels op grond waarvan telkens voor een bepaalde periode, al naar gelang de geluidproductie van motorvoertuigen in de betrokken periode hoger ligt dan voor de toekomst redelijkerwijs is te verwachten, bij de berekening en meting van de geluidsbelasting van de gevel van woningen of van andere geluidsgevoelige gebouwen of aan de grens van geluidsgevoelige terreinen op het resultaat een door hem bepaalde aftrek van niet meer dan 5 dB wordt toegepast. 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 110h — Artikel 110h#
Artikel 110h den Indien voorafgaand aan 1 januari 2007 een hogere waarde voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting vanwege een weg of een spoorweg in dB(A) is vastgesteld en die waarde ook na 1 januari 2007 geldt, wordt die waarde omgerekend tot de waarde voor de geluidsbelasting Lovereenkomstig een bij ministeriële regeling te bepalen wijze. 2007 349 02-10-2007 13-09-2007 30848 2007 349 02-10-2007 13-09-2007 30848 03-10-2007 01-01-2007
Artikel 110i — Artikel 110i#
Artikel 110i 1 afdeling 2 van titel 1 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek Artikel 24, eerste lid, van Boek 3 van dat wetboek Een bestuursorgaan doet een door hem genomen onherroepelijk geworden besluit, houdende een beslissing tot het vaststellen van een hogere waarde dan de bij of krachtens deze wet genoemde waarden, zo spoedig mogelijk inschrijven in de openbare registers, bedoeld in.is niet van toepassing. 2 Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing als een besluit als bedoeld in het eerste lid, ingevolge een besluit of uitspraak in rechte waarbij dat besluit is ingetrokken of gewijzigd, of anderszins zijn waarde heeft verloren, in die zin dat op grond van de betrokken mededeling van het bestuursorgaan de vermelding van de desbetreffende korte aanduiding in de basisregistratie kadaster wordt verwijderd bij de betrokken percelen. 2007 105 22-03-2007 05-03-2007 30544 2007 499 18-12-2007 05-12-2007 01-01-2008
Artikel 111 — Artikel 111#
Artikel 111 Dit hoofdstuk is niet van toepassing op de binnenwaarden van aanwezige of in aanbouw zijnde woningen en gebouwen in zones van wegen of spoorwegen die zijn aangegeven op de geluidplafondkaart, voor zover het betreft de geluidsbelasting vanwege die wegen of spoorwegen. 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 111a — Artikel 111a#
Artikel 111a Vervallen 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 111b — Artikel 111b#
Artikel 111b 1 Indien met betrekking tot gevels van in aanbouw zijnde of aanwezige woningen een hogere geluidsbelasting, vanwege een industrieterrein, als de ten hoogste toelaatbare is vastgesteld, treffen burgemeester en wethouders met betrekking tot de geluidwering van die gevels maatregelen om te bevorderen dat de geluidsbelasting binnen de woning bij gesloten ramen ten hoogste bedraagt: a. artikel 63, tweede lid ingeval met toepassing van, een hogere geluidsbelasting dan 55 dB(A) als de ten hoogste toelaatbare is vastgesteld: 40 dB(A); b. in andere gevallen: 35 dB(A). 2 artikelen 76 77 artikelen 79 tot en met 81 Indien met betrekking tot gevels van in aanbouw zijnde of aanwezige woningen een hogere geluidsbelasting dan 48 dB vanwege een weg, als de ten hoogste toelaatbare is vastgesteld, treffen burgemeester en wethouders met betrekking tot de geluidwering van die gevels, ingeval het een weg betreft die na 1 januari 1982 is of wordt aangelegd en is opgenomen in een overeenkomstig deenvastgesteld bestemmingsplan, dan wel na dat tijdstip ingevolge een besluit, genomen met toepassing van de, is aangelegd, maatregelen om te bevorderen dat de geluidsbelasting binnen de woning bij gesloten ramen ten hoogste 33 dB bedraagt. 3 artikel 90, tweede lid Indien met betrekking tot de gevels van woningen waarvan de geluidsbelasting vanwege de weg op 1 maart 1986 hoger was dan 55 dB(A) en met toepassing van, een hogere geluidsbelasting dan 48 dB, vanwege de weg als de ten hoogste toelaatbare is vastgesteld, treffen burgemeester en wethouders met betrekking tot de geluidwering van die gevels maatregelen om te bevorderen dat de geluidsbelasting binnen de woning bij gesloten ramen ten hoogste 43 dB bedraagt. 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012 Voorheen art. 111.
Artikel 112 — Artikel 112#
Artikel 112 artikel 100a Indien met betrekking tot aanwezige of in aanbouw zijnde woningen toepassing is gegeven aantreffen burgemeester en wethouders met betrekking tot de geluidwering van de gevels van de betrokken woningen maatregelen om te bevorderen dat de geluidsbelasting, vanwege de weg, binnen de woning bij gesloten ramen na de reconstructie ten hoogste bedraagt: a. ingeval voor de betrokken woningen bij de reconstructie voor de eerste maal een hogere waarde dan 48 dB, voor de geluidsbelasting van de gevel, vanwege de weg, is vastgesteld: 33 dB; b. artikel 3 van de Woningwet ingeval voor de betrokken woningen eerder een hogere waarde voor de geluidsbelasting is vastgesteld: de waarde die voor de reconstructie ingevolge het bij of krachtens deze wet voor de onderscheiden situaties bepaalde, dan wel ingevolge het krachtensbepaalde ten hoogste toelaatbaar was. 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 113 — Artikel 113#
Artikel 113 artikelen 111b 112 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen voor daarbij aan te wijzen andere geluidsgevoelige gebouwen met betrekking tot de in deengeregelde onderwerpen overeenkomstige regels worden gesteld. 2012 114 22-03-2012 22-02-2012 32844 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 114 — Artikel 114#
Artikel 114 hoofdstuk VII VIII artikelen 111b 112 Indien toepassing wordt gegeven aanof, kunnen bij algemene maatregel van bestuur voor aanwezige of in aanbouw zijnde woningen en andere geluidsgevoelige gebouwen met betrekking tot de in deengeregelde onderwerpen overeenkomstige regels worden gesteld. 2012 582 23-11-2012 08-11-2012 31898 2012 644 18-12-2012 06-12-2012 01-01-2013
Artikel 114a — Artikel 114a#
Artikel 114a 1 Indien de rechthebbende ten aanzien van een woning of een ander geluidsgevoelig gebouw niet heeft toegestemd mee te werken aan maatregelen die moeten worden getroffen ingevolge het bij of krachtens dit hoofdstuk bepaalde, vervalt de verplichting om overeenkomstig het bij of krachtens dit hoofdstuk bepaalde maatregelen te treffen ten aanzien van die woning onderscheidenlijk dat andere geluidsgevoelige gebouw. 2 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld ten aanzien van: a. de wijze waarop aan de rechthebbende wordt verzocht om mee te werken aan de realisatie van de maatregelen; b. de wijze waarop de rechthebbende zijn toestemming verleent of onthoudt aan de realisatie van de maatregelen; c. de wijze waarop burgemeester en wethouders aan de rechthebbende mededeling doen over het vervallen van de verplichting, bedoeld in het eerste lid. 3 Artikel 110i, eerste lid , is van overeenkomstige toepassing. 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 115 — Artikel 115#
Artikel 115 Vervallen 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 116 — Artikel 116#
Artikel 116 Vervallen 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 117 — Artikel 117#
Artikel 117 Vervallen 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 117a — Artikel 117a#
Artikel 117a Vervallen 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 118 — Artikel 118#
Artikel 118 Vervallen 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 118a — Artikel 118a#
Artikel 118a Vervallen 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 119 — Artikel 119#
Artikel 119 Vervallen 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 120 — Artikel 120#
Artikel 120 Vervallen 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 121 — Artikel 121#
Artikel 121 Vervallen 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 122 — Artikel 122#
Artikel 122 Vervallen 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 123 — Artikel 123#
Artikel 123 Vervallen 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 123a — Artikel 123a#
Artikel 123a Vervallen 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 123b — Artikel 123b#
Artikel 123b Vervallen 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 124 — Artikel 124#
Artikel 124 artikel 4:21, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht In afwijking vanisvan toepassing op subsidies die krachtens dit hoofdstuk uitsluitend worden verstrekt aan rechtspersonen die krachtens publiekrecht zijn ingesteld. 1997 510 18-11-1997 06-11-1997 25280 1997 581 18-12-1997 11-12-1997 01-01-1998
Artikel 125 — Artikel 125#
Artikel 125 1 artikel 53 artikel 46 55, eerste lid Afdeling 2, van hoofdstuk V Voor zover in de kosten van de maatregelen die in verband met de vaststelling van een bij een industrieterrein behorende zone krachtens of met overeenkomstige toepassing vanzoals dat luidde op 1 januari 2007 dan wel in verband met het toepassing geven aanof, met het oog op de beperking van de geluidsbelasting van woningen binnen die zone krachtenszijn vastgesteld, niet op andere wijze wordt voorzien, komen deze kosten: a. Afdeling 2, § 5, van hoofdstuk V voor zover het maatregelen betreft ten behoeve van op het tijdstip van de vaststelling van de zone al aanwezige of in aanbouw zijnde woningen ten aanzien waarvan, van toepassing is: ten laste van het Rijk; b. voor zover het maatregelen betreft ten behoeve van op het tijdstip van de vaststelling van de zone geprojecteerde woningen: ten laste van de exploitanten van de op het industrieterrein op dat tijdstip al gevestigde inrichtingen en de betrokken gemeente, ieder voor de helft, met dien verstande dat het ten laste van de exploitanten van bedoelde inrichtingen komende gedeelte der kosten over hen verdeeld wordt zoveel mogelijk naar evenredigheid van het aandeel der onderscheidene inrichtingen in de geluidproduktie van het industrieterrein op bedoeld tijdstip; c. artikel 46 55, eerste lid voor zover het maatregelen betreft ten behoeve van woningen binnen de zone ingeval toepassing wordt gegeven aanof: ten laste van degene ten behoeve van wie de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting wordt verhoogd. 2 Woningwet hoofdstuk VIII B Tot de kosten, bedoeld in het eerste lid, worden mede gerekend de kosten, voortvloeiende uit het treffen van de krachtens deofvereiste maatregelen met betrekking tot de geluidwering van de gevels van de in dat lid bedoelde woningen. 3 Met betrekking tot andere geluidsgevoelige gebouwen is het eerste lid van overeenkomstige toepassing. 2007 349 02-10-2007 13-09-2007 30848 2007 349 02-10-2007 13-09-2007 30848 03-10-2007 01-01-2007
Artikel 126 — Artikel 126#
Artikel 126 1 artikel 74 Afdeling 3 van hoofdstuk VI Voor zover in de kosten van maatregelen die met het oog op de beperking van de geluidsbelasting van woningen binnen zones langs wegen als bedoeld inkrachtenszijn vastgesteld, niet op andere wijze wordt voorzien, komen deze kosten in gevallen waarin op 1 maart 1986 de woningen aanwezig of in aanbouw waren, terwijl de weg aanwezig was: ten laste van het Rijk. 2 artikel 90, vierde lid Indien door een reconstructie de geluidsbelasting, vanwege de gereconstrueerde weg, van de gevel van woningen binnen een zone met meer dan 5 dB is toegenomen en voor die woningen nog niet eerder toepassing is gegeven aan, komen de kosten, bedoeld in het eerste lid, ten laste van de wegbeheerder. 3 Met betrekking tot andere geluidsgevoelige gebouwen en geluidsgevoelige terreinen zijn het eerste en het tweede lid van overeenkomstige toepassing. 4 In afwijking van het eerste lid komen de kosten van maatregelen in gevallen waarin op 1 maart 1986 de woningen aanwezig of in aanbouw waren, terwijl de weg aanwezig was, maar de woningen niet tijdig overeenkomstig artikel 88 zijn gemeld, ten laste van de gemeente waarin de woningen zijn gelegen. 5 artikel 98 Indien toepassing wordt gegeven aankomt het gedeelte van de kosten van de maatregelen dat verband houdt met de reconstructie van de weg voor rekening van de wegaanlegger. 2014 581 31-12-2014 10-12-2014 33976 2014 581 31-12-2014 10-12-2014 33976 01-01-2015 Abusievelijk is een wijzigingsopdracht geformuleerd die niet
geheel juist is.
Artikel 126a — Artikel 126a#
Artikel 126a artikelen 125 126 In afwijking van deofkan Onze Minister volgens bij ministeriële regeling te stellen regels in gevallen waarin een maatregel als bedoeld in die artikelen tevens wordt getroffen met een ander oogmerk dan in die artikelen genoemd, de subsidies verstrekken ten behoeve van die maatregel op basis van door hem vastgestelde normbedragen. 2007 349 02-10-2007 13-09-2007 30848 2007 349 02-10-2007 13-09-2007 30848 03-10-2007 01-01-2007
Artikel 127 — Artikel 127#
Artikel 127 Afdeling 4 van hoofdstuk VI In geval van reconstructie van een weg komen de kosten van de maatregelen, vastgesteld krachtens, voor zover deze kosten verband houden met de reconstructie, ten laste van de wegaanlegger. 2000 505 30-11-2000 15-11-2000 27160 2000 505 30-11-2000 15-11-2000 27160 01-12-2000
Artikel 127a — Artikel 127a#
Artikel 127a Vervallen 2012 267 20-06-2012 24-11-2011 32625 2012 268 20-06-2012 06-06-2012 01-07-2012
Artikel 128 — Artikel 128#
Artikel 128 artikel 126 127 Indien een wegaanlegger, onderscheidenlijk wegbeheerder, of een gemeente zich ten gevolge van de toepassing vanofvoor kosten ziet gesteld, die redelijkerwijs niet of niet geheel te zijnen laste behoren te blijven, kan Onze Minister hem, voor zover op andere wijze in een redelijke vergoeding niet is of kan worden voorzien, op diens verzoek een naar billijkheid te bepalen vergoeding toekennen. 2014 581 31-12-2014 10-12-2014 33976 2014 581 31-12-2014 10-12-2014 33976 01-01-2015
Artikel 129 — Artikel 129#
Artikel 129 artikel 107 Bij een algemene maatregel van bestuur als bedoeld inworden regels gegeven met betrekking tot de toerekening van de kosten welke voor de aanlegger of beheerder van de spoor- of tramweg of voor de gemeenten binnen de zone zijn verbonden aan maatregelen ter voldoening aan het bij of krachtens die maatregel bepaalde, en kan worden bepaald dat de kosten van maatregelen welke met instemming van Onze Minister worden getroffen, ten laste komen van het Rijk. 2003 189 13-05-2003 03-04-2003 28651 2003 213 22-05-2003 16-05-2003 23-05-2003
Artikel 130 — Artikel 130#
Artikel 130 artikel 108 artikel 108 Bij een algemene maatregel van bestuur als bedoeld inworden regels gegeven met betrekking tot de toerekening van de kosten welke voor de gemeenten binnen de aangewezen zone zijn verbonden aan maatregelen ter voldoening aan het bij of krachtens die maatregel bepaalde, en kan, afhankelijk van de geluidsbronnen die aanleiding zijn voor de aanwijzing krachtens, worden bepaald dat de kosten van maatregelen welke met instemming van Onze Minister worden getroffen ter voldoening aan het bij of krachtens de algemene maatregel van bestuur bepaalde, ten laste komen van het Rijk. 1992 625 03-12-1992 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 131 — Artikel 131#
Artikel 131 Vervallen 1988 113 30-03-1988 19752 1988 114 30-03-1988 01-04-1988
Artikel 132 — Artikel 132#
Artikel 132 Vervallen 1988 113 30-03-1988 19752 1988 114 30-03-1988 01-04-1988
Artikel 133 — Artikel 133#
Artikel 133 Vervallen 1988 113 30-03-1988 19752 1988 114 30-03-1988 01-04-1988
Artikel 134 — Artikel 134#
Artikel 134 Vervallen 1988 113 30-03-1988 19752 1988 114 30-03-1988 01-04-1988
Artikel 135 — Artikel 135#
Artikel 135 Vervallen 1988 113 30-03-1988 19752 1988 114 30-03-1988 01-04-1988
Artikel 136 — Artikel 136#
Artikel 136 Vervallen 1988 113 30-03-1988 19752 1988 114 30-03-1988 01-04-1988
Artikel 137 — Artikel 137#
Artikel 137 Vervallen 1988 113 30-03-1988 19752 1988 114 30-03-1988 01-04-1988
Artikel 138 — Artikel 138#
Artikel 138 Vervallen 1992 415 02-07-1992 21163 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 139 — Artikel 139#
Artikel 139 Vervallen 1992 415 02-07-1992 21163 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 140 — Artikel 140#
Artikel 140 Vervallen 1992 415 02-07-1992 21163 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 141 — Artikel 141#
Artikel 141 Vervallen 1992 415 02-07-1992 21163 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 142 — Artikel 142#
Artikel 142 Vervallen 1992 415 02-07-1992 21163 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 143 — Artikel 143#
Artikel 143 Vervallen 1992 415 02-07-1992 21163 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 144 — Artikel 144#
Artikel 144 Vervallen 1992 415 02-07-1992 21163 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 145 — Artikel 145#
Artikel 145 1 artikel 110a, eerste lid artikel 6:8 van de Algemene wet bestuursrecht Indien het besluit in de zin van, wordt genomen door burgemeester en wethouders en gepaard gaat met de vaststelling van een bestemmingsplan vangt, in afwijking van, de termijn voor het indienen van een beroepschrift tegen dat besluit aan met ingang van de dag waarop beroep kan worden ingesteld tegen het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan. Indien niet binnen die termijn is beslist, vangt de beroepstermijn aan met ingang van de dag na die waarop de termijn is verstreken. 2 artikel 110a, eerste lid artikel 81 artikel 81 artikel 6:8 van de Algemene wet bestuursrecht Indien het besluit in de zin van, wordt genomen door burgemeester en wethouders en gepaard gaat met een besluit overeenkomstig, vangt in afwijking van, de termijn voor het indienen van een beroepschrift tegen dat besluit aan met ingang van de dag waarop beroep kan worden ingesteld tegen het besluit overeenkomstig. 2008 180 03-06-2008 22-05-2008 30938 2008 227 26-06-2008 16-06-2008 01-07-2008
Artikel 146 — Artikel 146#
Artikel 146 Vervallen 2012 682 27-12-2012 20-12-2012 32450 2012 684 27-12-2012 20-12-2012 01-01-2013 Deel C, artikel I, van Stb. 2012/682 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 147 — Artikel 147#
Artikel 147 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 147a — Artikel 147a#
Artikel 147a Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 148 — Artikel 148#
Artikel 148 1 artikelen 5.3 tot en met 5.16 5.18 tot en met 5.23 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht artikel 170, eerste lid Met betrekking tot de kwaliteit van de uitvoering en handhaving van het bij of krachtens deze wet bepaalde zijn deenvan toepassing, met dien verstande dat met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens deze wet bepaalde ten aanzien van inrichtingen als bedoeld in, uitsluitend belast zijn de daartoe bij besluit van Onze Minister aangewezen ambtenaren. 2 artikel 5.2, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht Het inbedoelde bestuursorgaan heeft tot taak zorg te dragen voor de bestuursrechtelijke handhaving van de op grond van het bepaalde bij of krachtens deze wet voor degene die het project, bedoeld in dat lid, uitvoert, geldende voorschriften. 2015 521 21-12-2015 09-12-2015 33872 2016 139 13-04-2016 01-04-2016 14-04-2016
Artikel 149 — Artikel 149#
Artikel 149 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 150 — Artikel 150#
Artikel 150 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 151 — Artikel 151#
Artikel 151 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 152 — Artikel 152#
Artikel 152 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 153 — Artikel 153#
Artikel 153 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 154 — Artikel 154#
Artikel 154 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 155 — Artikel 155#
Artikel 155 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 156 — Artikel 156#
Artikel 156 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 157 — Artikel 157#
Artikel 157 Vervallen 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 158 — Artikel 158#
Artikel 158 Vervallen 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 159 — Artikel 159#
Artikel 159 Vervallen 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 160 — Artikel 160#
Artikel 160 Vervallen 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 161 — Artikel 161#
Artikel 161 Vervallen 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 162 — Artikel 162#
Artikel 162 Vervallen 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 163 — Artikel 163#
Artikel 163 1 Burgemeester en wethouders van de gemeente waarin een industrieterrein geheel of in hoofdzaak is gelegen zorgen ervoor dat er voldoende informatie beschikbaar is over de geluidsruimte binnen de zone. 2 Wet milieubeheer Wet ruimtelijke ordening Het eerste lid is niet van toepassing op industrieterreinen van regionaal belang die zijn aangewezen bij provinciale verordening krachtens deof de. In dat geval dragen gedeputeerde staten voor de in het eerste lid genoemde taken zorg. 3 Het eerste lid is niet van toepassing wanneer burgemeester en wethouders in overeenstemming met gedeputeerde staten besluiten dat gedeputeerde staten voor de in het eerste lid genoemde taken zorgdragen. 4 artikel 170, eerste lid Het eerste tot en met derde lid is niet van toepassing op industrieterreinen waarop zich inrichtingen bevinden als bedoeld in. Voor die industrieterreinen draagt Onze Minister voor de in het eerste lid genoemde taken zorg. 2011 269 08-06-2011 12-05-2011 31501 2011 347 12-07-2011 28-06-2011 01-01-2012
Artikel 164 — Artikel 164#
Artikel 164 artikel 163 Ter vervulling van de inbedoelde taak kan een zonebeheerplan worden opgesteld. 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 165 — Artikel 165#
Artikel 165 1 In het belang van het verkrijgen van gegevens ten behoeve van het instellen van geluidszones rond industrieterreinen en ten behoeve van de bepaling van binnen die geluidszones te nemen maatregelen ter beperking van de geluidhinder aldaar kunnen burgemeester en wethouders, binnen een door hen aan te geven termijn gegevens betreffende de geluiduitstraling verlangen van beheerders van inrichtingen, welke binnen een zodanige zone werkzaam zijn. 2 Onze Minister kan omtrent de bepaling en de vastlegging van de in het eerste lid bedoelde gegevens regels stellen. 3 Wet milieubeheer Wet ruimtelijke ordening Het eerste lid is niet van toepassing op industrieterreinen van regionaal belang die zijn aangewezen bij provinciale verordening krachtens deof de. In dat geval hebben gedeputeerde staten de in het eerste lid genoemde bevoegdheden. 4 artikel 163, eerste lid Het eerste lid is niet van toepassing wanneer burgemeester en wethouders in overeenstemming met gedeputeerde staten besluiten dat gedeputeerde staten voor de, genoemde taken zorgdragen. In dat geval hebben gedeputeerde staten de in het eerste lid genoemde bevoegdheden. 5 artikel 170, eerste lid Het eerste lid is niet van toepassing op industrieterreinen waarop zich inrichtingen bevinden als bedoeld in. In dat geval heeft Onze Minister de in het eerste lid genoemde bevoegdheden. 2011 269 08-06-2011 12-05-2011 31501 2011 347 12-07-2011 28-06-2011 01-01-2012
Artikel 166 — Artikel 166#
Artikel 166 1 hoofdstuk VIII hoofdstuk 8 titel 8A.6 artikel 10.17 van de Wet luchtvaart In het belang van het verkrijgen van gegevens ten behoeve van het instellen van geluidszones en ten behoeve van de bepaling van binnen geluidszones te nemen maatregelen ter beperking van de geluidhinder aldaar kan Onze Minister, voor zover het betreft een geluidszone als bedoeld indan wel een met het oog op de geluidsbelasting vastgesteld beperkingengebied als bedoeld in,of, binnen een door hem aan te geven termijn gegevens betreffende de geluiduitstraling verlangen van beheerders van inrichtingen, welke binnen een zodanige zone werkzaam zijn of zullen zijn. 2 Onze Minister kan omtrent de bepaling en de vastlegging van de in het eerste lid bedoelde gegevens regels stellen. 2012 582 23-11-2012 08-11-2012 31898 2012 644 18-12-2012 06-12-2012 01-01-2013
Artikel 167 — Artikel 167#
Artikel 167 Vervallen 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 168 — Artikel 168#
Artikel 168 Vervallen 1992 348 24-06-1992 20985 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 169 — Artikel 169#
Artikel 169 Vervallen 1992 422 04-06-1992 22061 1993 693 23-12-1993 23-12-1993 01-01-1994
Artikel 170 — Artikel 170#
Artikel 170 1 artikel 62, tweede lid In afwijking van het bepaalde in, stelt Onze Minister het programma van aktiviteiten als omschreven in dat artikellid op, voor zover het programma betrekking heeft op inrichtingen, die in gebruik of mede in gebruik zijn ten behoeve van de landsverdediging. Onze Minister stelt het programma op na overleg met Onze Minister van Defensie. 2 Bij de vaststelling van het programma deelt Onze Minister aan burgemeester en wethouders van de gemeente, waarin de in het derde lid bedoelde inrichting is gelegen, en aan gedeputeerde staten mede de geluidsbelasting vanwege die inrichting na de volledige uitvoering van het programma. 3 artikel 62 Onze Minister van Defensie is ermee belast dat het programma, bedoeld in, ten aanzien van inrichtingen als bedoeld in het derde lid, wordt uitgevoerd. 2011 269 08-06-2011 12-05-2011 31501 2011 347 12-07-2011 28-06-2011 01-01-2012
Artikel 171 — Artikel 171#
Artikel 171 Vervallen 1992 422 04-06-1992 22061 1993 693 23-12-1993 23-12-1993 01-01-1994
Artikel 172 — Artikel 172#
Artikel 172 Vervallen 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 173 — Artikel 173#
Artikel 173 Vervallen 2010 142 01-04-2010 25-03-2010 31953 2010 231 22-06-2010 10-06-2010 01-10-2010
Artikel 173a — Artikel 173a#
Artikel 173a Vervallen 1992 415 02-07-1992 21163 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 174 — Artikel 174#
Artikel 174 Indien in deze wet geregelde onderwerpen in het belang van een goede uitvoering van de wet nadere regeling behoeven, kan deze geschieden bij algemene maatregel van bestuur. 1992 625 03-12-1992 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 175 — Artikel 175#
Artikel 175 Vervallen 2011 269 08-06-2011 12-05-2011 31501 2011 347 12-07-2011 28-06-2011 01-01-2012
Artikel 176 — Artikel 176#
Artikel 176 Algemene wet bestuursrecht Wet algemene bepalingen omgevingsrecht Wet milieubeheer Alle – anders dan met toepassing van de, deof de– krachtens de onderhavige wet ter inzage te leggen, te publiceren of aan belanghebbenden toe te zenden stukken, die in een vreemde taal zijn gesteld en waarbij niet een vertaling in de Nederlandse taal wordt gevoegd, of die wegens hun omvang, hun inhoud dan wel om andere redenen niet geacht kunnen worden voor de beoordeling ervan voldoende inzicht te geven aan een algemeen publiek, gaan vergezeld van een in de Nederlandse taal gestelde samenvatting. Onze Minister kan nadere regels geven over de wijze waarop deze samenvatting dient te worden opgesteld. 2010 142 01-04-2010 25-03-2010 31953 2010 231 22-06-2010 10-06-2010 01-10-2010
Artikel 177 — Artikel 177#
Artikel 177 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 178 — Artikel 178#
Artikel 178 Vervallen 1992 414 02-07-1992 21087 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 179 — Artikel 179#
Artikel 179 Vervallen 1992 348 24-06-1992 20985 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 180 — Artikel 180#
Artikel 180 De bevoegdheid van gemeenten en van waterschappen tot het maken van verordeningen blijft ten aanzien van het onderwerp waarin deze wet voorziet, gehandhaafd voorzover deze verordeningen niet met het bij of krachtens deze wet bepaalde in strijd zijn. 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007
Artikel 181 — Artikel 181#
Artikel 181 Vervallen 1992 348 24-06-1992 20985 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 182 — Artikel 182#
Artikel 182 1 Bij algemene maatregel van bestuur wordt voor de gevallen waarin een algemene maatregel van bestuur waarbij categorieën van inrichtingen die in belangrijke mate geluidhinder kunnen veroorzaken worden aangewezen in werking treedt, ten aanzien van daarbij aangewezen categorieën van inrichtingen bepaald binnen welke termijn en volgens welke normstelling en procedures moet worden voorzien in de vaststelling van een zone rond terreinen met een bestemming die de mogelijkheid insluit van vestiging van inrichtingen die tot die categorieën behoren. 2 Het in het eerste lid bepaalde geldt niet met betrekking tot terreinen waaromheen op het tijdstip van het in werking treden van de wijziging reeds een zone is tot stand gekomen. 2006 350 01-08-2006 05-07-2006 29879 2006 661 19-12-2006 07-12-2006 01-01-2007 Abusievelijk is voor het tweede lid een wijzigingsopdracht geformuleerd die niet geheel juist is.
Artikel 183 — Artikel 183#
Artikel 183 Vervallen 1992 348 24-06-1992 20985 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 184 — Artikel 184#
Artikel 184 Voor de uitvoering van deze wet ten aanzien van gebieden die niet deel uitmaken van een provincie, worden voorzover nodig bij algemene maatregel van bestuur regels gesteld ten aanzien van de bestuursorganen die de in deze wet vervatte bevoegdheden uitoefenen, en ten aanzien van de bestuursorganen die bij de uitvoering dienen te worden betrokken. 1992 422 04-06-1992 22061 1993 693 23-12-1993 23-12-1993 01-01-1994
Artikel 185 — Artikel 185#
Artikel 185 Deze wet kan worden aangehaald als: Wet geluidhinder. 1992 625 03-12-1992 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993
Artikel 186 — Artikel 186#
Artikel 186 Deze wet treedt in werking op een door Ons te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden gesteld. 1992 625 03-12-1992 1993 59 29-01-1993 27-01-1993 01-03-1993