Wet van 24 oktober 1984, houdende algemene regelen in verband met wijziging van de gemeentelijke indeling
- BWB-id
- BWBR0003718
- Type
- Wet
- Ministerie
- Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2024-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0003718
- ELI
- /eli/nl/wet/1984/wet-algemene-regels-herindeling
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/1984/wet-algemene-regels-herindeling/2024-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0003718&g=2024-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0003718&z=2026-06-06&g=2024-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0003718/2024-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/wet/1984/wet-algemene-regels-herindeling
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 In deze wet wordt verstaan onder: a. Onze Minister: Onze Minister van Binnenlandse Zaken; b. wijziging van de gemeentelijke indeling: instelling en opheffing van gemeenten alsmede wijziging van gemeentegrenzen die naar verwachting het inwonertal van ten minste één van de betrokken gemeenten met 10% of meer zal doen toe- of afnemen; c. wijziging van de provinciale indeling: instelling en opheffing van provincies alsmede wijziging van provinciegrenzen waardoor naar verwachting 10% of meer van het aantal inwoners van een gemeente deel gaat uitmaken van een andere provincie en wijziging van provinciegrenzen met niet provinciaal ingedeeld gebied; d. grenscorrectie: een wijziging van een gemeentegrens die naar verwachting het inwonertal van geen van de betrokken gemeenten met 10% of meer zal doen toe- of afnemen; e. herindelingsadvies: een met toepassing van deze wet voorbereid advies aan Onze Minister over wijziging van gemeentelijke en van provinciale grenzen; f. artikelen 3 13 artikel 3 herindelingsregeling: een wet, een algemene maatregel van bestuur of een besluit als bedoeld in deentot wijziging van de gemeentelijke of de provinciale indeling of tot grenscorrectie alsmede een samenstel van gelijkluidende besluiten als bedoeld intot het vaststellen van een grenscorrectie; g. herindelingsontwerp: een ontwerp van een herindelingsadvies of van een herindelingsregeling; h. datum van herindeling: 1 januari volgend op de dag van inwerkingtreding van de herindelingsregeling; i. overgaand dan wel toegevoegd gebied: gebied dat krachtens een herindelingsregeling deel gaat uitmaken onderscheidenlijk deel is gaan uitmaken van een andere gemeente of provincie. 2 Voor de toepassing van het eerste lid, onder b, c en d, wordt uitgegaan van het aantal inwoners van het desbetreffende grondgebied op het tijdstip dat: a. het herindelingsadvies dan wel de herindelingsregeling wordt vastgesteld, indien het betreft een herindelingsadvies dan wel herindelingsregeling waarvan de voorbereiding geschiedt door gemeenten of door een of meer provincies; b. het voorstel voor een herindelingsregeling aan de ministerraad wordt gezonden, indien het betreft een herindelingsregeling waarvan de voorbereiding geschiedt door Onze Minister. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Bij een herindelingsontwerp, een herindelingsadvies en een herindelingsregeling zijn een of meer kaarten gevoegd waarop de wijzigingen van de provincie- of gemeentegrenzen zijn aangegeven. 2 Uiterlijk twee maanden na de vaststelling van de herindelingsregeling stellen gedeputeerde staten een beschrijving vast van de grenzen die zijn aangegeven op de bij de herindelingsregeling gevoegde kaart of kaarten. De beschrijving geschiedt met behulp van kadastrale kenmerken en indien dat niet mogelijk is met behulp van coördinaten van het verschoven stelsel van rijksdriehoeksmeting. 3 De inwerkingtreding van de herindelingsregeling wordt bepaald op een tijdstip gelegen na de vaststelling van de grensbeschrijving. 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 21-02-2001
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Een wijziging van de gemeentelijke indeling geschiedt bij wet. 2 Een grenscorrectie geschiedt: a. bij gelijkluidende besluiten van de raden van de betrokken gemeenten; b. bij besluit van provinciale staten; c. bij algemene maatregel van bestuur of bij wet. 3 Een grenscorrectie die gepaard gaat met een wijziging van een provinciegrens geschiedt: a. bij gelijkluidende besluiten van provinciale staten van de betrokken provincies; b. bij algemene maatregel van bestuur of bij wet. 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 21-02-2001
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Een herindelingsadvies met betrekking tot een wijziging van de gemeentelijke indeling wordt door provinciale staten vastgesteld. 2 Een herindelingsadvies met betrekking tot een wijziging van de gemeentelijke indeling kan door de raden van de betrokken gemeenten worden vastgesteld. 3 Indien de besturen van de betrokken provincies van oordeel verschillen over de wenselijkheid van een grenscorrectie die gepaard gaat met een wijziging van de provinciegrens kunnen provinciale staten van één provincie een herindelingsadvies vaststellen. 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 21-02-2001
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 3, tweede lid, onder a artikel 4, tweede lid Bij de voorbereiding van een herindelingsregeling tot grenscorrectie als bedoeld in, of van een herindelingsadvies met betrekking tot een wijziging van de gemeentelijke indeling als bedoeld in, stellen de raden van de betrokken gemeenten gezamenlijk een herindelingsontwerp vast en zenden dit aan gedeputeerde staten. 2 Burgemeester en wethouders leggen het herindelingsontwerp gedurende acht weken ter inzage op de gemeentesecretarie. De terinzagelegging wordt bekendgemaakt. Gedurende de termijn van terinzagelegging kan een ieder zijn zienswijze over het ontwerp kenbaar maken aan het college van burgemeester en wethouders. 3 Het herindelingsadvies wordt door gedeputeerde staten aan Onze Minister gezonden tezamen met de zienswijze van gedeputeerde staten. 4 De gemeenteraad onderscheidenlijk burgemeester en wethouders treffen op grond van dit artikel geen voorbereidingen voor een wijziging van de grenzen van de gemeente na het tijdstip waarop gedeputeerde staten of Onze Minister hebben medegedeeld dat door hen werkzaamheden ter hand zijn genomen in verband met de voorbereiding van een wijziging van de grenzen van de gemeente. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Indien Onze Minister besluit op basis van een herindelingsadvies een voorstel voor een herindelingsregeling te doen, zendt hij het voorstel aan de ministerraad binnen vier maanden na ontvangst van het herindelingsadvies. 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 21-02-2001
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 artikel 3, tweede lid, onder b artikel 4, eerste lid artikel 8 De voorbereiding van een herindelingsregeling tot grenscorrectie als bedoeld in, of van een herindelingsadvies met betrekking tot een wijziging van de gemeentelijke indeling als bedoeld in, geschiedt met toepassing van. 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 21-02-2001
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 Gedeputeerde staten stellen burgemeester en wethouders van de betrokken gemeenten in de gelegenheid met hen overleg te voeren over de wens tot grenscorrectie of tot wijziging van de gemeentelijke indeling. Het overleg duurt ten hoogste zes maanden. 2 Uiterlijk drie maanden na afloop van het overleg stellen gedeputeerde staten een herindelingsontwerp vast en zenden dit tezamen met een verslag van het gevoerde overleg aan de gemeenteraden en aan Onze Minister. 3 Burgemeester en wethouders leggen het herindelingsontwerp binnen twee weken na ontvangst gedurende acht weken ter inzage op de gemeentesecretarie. De terinzagelegging wordt bekendgemaakt. Gedurende de termijn van terinzagelegging kan een ieder zijn zienswijze over het ontwerp kenbaar maken aan gedeputeerde staten. 4 De gemeenteraden kunnen tot uiterlijk drie maanden na ontvangst van het herindelingsontwerp hun zienswijze kenbaar maken aan gedeputeerde staten. 5 De herindelingsregeling of het herindelingsadvies wordt vastgesteld uiterlijk vier maanden na afloop van de termijn, bedoeld in het vierde lid. Een vastgesteld herindelingsadvies wordt aan Onze Minister gezonden. Van de vaststelling van een herindelingsregeling wordt aan Onze Minister mededeling gedaan. 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 21-02-2001
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 artikel 3, derde lid, onder a artikel 4, derde lid artikel 8 De voorbereiding van een herindelingsregeling tot een grenscorrectie die gepaard gaat met een wijziging van een provinciegrens als bedoeld in, of van een daartoe strekkend herindelingsadvies als bedoeld in, geschiedt met overeenkomstige toepassing van, met dien verstande dat: a. artikel 8, eerste lid tevens gedeputeerde staten van de andere betrokken provincie of provincies in de gelegenheid worden gesteld tot het voeren van het overleg bedoeld in; en b. het herindelingsontwerp tevens aan provinciale staten van de andere betrokken provincie of provincies wordt gezonden. Zij kunnen tot uiterlijk drie maanden na ontvangst van het herindelingsontwerp hun zienswijze over het ontwerp kenbaar maken aan de gedeputeerde staten die het voorstel hebben gedaan. 2 Het herindelingsontwerp wordt tevens toegezonden aan de betrokken waterschapsbesturen. 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 21-02-2001
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 artikelen 8 9 Gedeputeerde staten treffen op grond van deengeen voorbereidingen voor een wijziging van de grenzen van een gemeente na het tijdstip waarop Onze Minister heeft medegedeeld dat door hem werkzaamheden ter hand zijn genomen in verband met de voorbereiding van een wijziging van de grenzen van de gemeente. 2005 532 01-11-2005 06-10-2005 29316 2005 533 01-11-2005 20-10-2005 08-03-2006
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Indien Onze Minister besluit op basis van een herindelingsadvies een voorstel voor een herindelingsregeling te doen, zendt hij het voorstel aan de ministerraad binnen vier maanden na ontvangst van het herindelingsadvies. 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 21-02-2001
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 artikel 8, eerste tot en met vierde lid De voorbereiding van een herindelingsregeling door Onze Minister geschiedt met overeenkomstige toepassing van, met dien verstande dat: a. Onze Minister in de plaats treedt van gedeputeerde staten; b. artikel 8, eerste lid tevens gedeputeerde staten van de betrokken provincie of van de betrokken provincies in de gelegenheid worden gesteld tot het voeren van het overleg, bedoeld in; en c. het herindelingsontwerp tevens aan gedeputeerde staten van de betrokken provincie wordt gezonden dan wel aan de provinciale staten van de betrokken provincies indien het betreft een grenscorrectie die gepaard gaat met een wijziging van een provinciegrens. Zij kunnen tot uiterlijk drie maanden na ontvangst van het herindelingsontwerp hun zienswijze over het ontwerp kenbaar maken aan Onze Minister. 2 artikelen 8 9 Indien door gedeputeerde staten met betrekking tot gemeenten voorbereidingen zijn getroffen als bedoeld in deenvoor een herindelingsadvies of een herindelingsregeling en Onze Minister met toepassing van het eerste lid de voorbereiding van een herindelingsregeling ten aanzien van die gemeenten ter hand neemt, kunnen de door gedeputeerde staten getroffen voorbereidingen door Onze Minister worden aangemerkt als door hem getroffen voorbereidingen. 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 21-02-2001
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 1 Een wijziging van de provinciale indeling geschiedt bij wet. 2 Een wijziging van de provinciale indeling die betreft een wijziging van provinciegrenzen met niet provinciaal ingedeeld gebied kan geschieden bij algemene maatregel van bestuur. 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 21-02-2001
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 1 Een herindelingsadvies met betrekking tot een wijziging van de provinciale indeling wordt vastgesteld door de provinciale staten van de betrokken provincies gezamenlijk. 2 Indien de besturen van de betrokken provincies van oordeel verschillen over de wenselijkheid van een wijziging van de provinciale indeling kunnen provinciale staten van één provincie een herindelingsadvies vaststellen. 3 Een herindelingsadvies met betrekking tot een wijziging van de provinciale indeling die één provincie betreft en geschiedt zonder wijziging van grenzen van een andere provincie, wordt vastgesteld door provinciale staten. 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 21-02-2001
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 1 artikel 14, eerste lid Ten behoeve van de voorbereiding van een herindelingsadvies met betrekking tot een wijziging van de provinciale indeling als bedoeld in, stellen provinciale staten van de betrokken provincies een commissie in die is samengesteld uit leden van gedeputeerde staten van de betrokken provincies. 2 artikel 8 De voorbereiding van het herindelingsadvies geschiedt met overeenkomstige toepassing van, met dien verstande dat de commissie in de plaats treedt van gedeputeerde staten. 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 21-02-2001
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 artikel 14, tweede lid artikel 8 De voorbereiding van een herindelingsadvies met betrekking tot een wijziging van de provinciale indeling als bedoeld in, geschiedt met overeenkomstige toepassing van, met dien verstande dat: a. artikel 8, eerste lid tevens gedeputeerde staten van de andere betrokken provincie of provincies in de gelegenheid worden gesteld tot het voeren van het overleg, bedoeld in; en b. gedeputeerde staten het herindelingsontwerp tevens aan provinciale staten van de andere betrokken provincie of provincies zenden. Zij kunnen tot uiterlijk drie maanden na ontvangst van het herindelingsontwerp hun zienswijze kenbaar maken aan de gedeputeerde staten die het voorstel hebben gedaan. 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 21-02-2001
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 artikel 14, derde lid artikel 8 De voorbereiding van een herindelingsadvies met betrekking tot een wijziging van de provinciale indeling als bedoeld in, geschiedt met overeenkomstige toepassing van. 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 21-02-2001
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 Indien Onze Minister besluit op basis van een herindelingsadvies een voorstel voor een herindelingsregeling te doen, zendt hij het voorstel aan de ministerraad binnen vier maanden na ontvangst van het herindelingsadvies. 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 21-02-2001
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 1 artikel 8, eerste tot en met vierde lid De voorbereiding van een herindelingsregeling door Onze Minister geschiedt met overeenkomstige toepassing van, met dien verstande dat: a. Onze Minister in de plaats treedt van gedeputeerde staten; b. artikel 8, eerste lid tevens gedeputeerde staten van de betrokken provincie of provincies in de gelegenheid worden gesteld tot het voeren van het overleg, bedoeld in; en c. het herindelingsontwerp tevens aan provinciale staten van de betrokken provincie of provincies wordt gezonden. Deze kunnen tot uiterlijk drie maanden na ontvangst van het herindelingsontwerp hun zienswijze over het ontwerp kenbaar maken aan Onze Minister. 2 Artikel 10 is van overeenkomstige toepassing. 3 artikel 15, eerste lid artikelen 15 tot en met 17 Indien door gedeputeerde staten of een commissie als bedoeld in, met betrekking tot een wijziging van de provinciegrenzen voorbereidingen zijn getroffen als bedoeld in devoor een herindelingsadvies of een herindelingsregeling en Onze Minister met toepassing van het eerste lid de voorbereiding van een herindelingsregeling ten aanzien van die provinciegrenzen ter hand neemt, kunnen de door gedeputeerde staten of de commissie getroffen voorbereidingen door Onze Minister worden aangemerkt als door hem getroffen voorbereidingen. 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 2001 86 20-02-2001 25-01-2001 26655 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 21-02-2001
Artikel 20 — Artikel 20#
Artikel 20 Een herindelingsontwerp vastgesteld met toepassing van dit hoofdstuk wordt tevens toegezonden aan de betrokken waterschapsbesturen. 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 21-02-2001
Artikel 21 — Artikel 21#
Artikel 21 1 Met ingang van de dag waarop een gemeente blijkens een herindelingsontwerp, een herindelingsadvies of een voorstel van wet in aanmerking komt om te worden opgeheven, behoeven de door gedeputeerde staten aangewezen besluiten van de raden en de colleges van burgemeester en wethouders van de betrokken gemeenten de goedkeuring van gedeputeerde staten. 2 Aangewezen kunnen worden categorieën van besluiten die kunnen leiden tot nieuwe uitgaven, tot verhoging van bestaande uitgaven dan wel tot verlaging van bestaande inkomsten of tot vermindering van vermogen. 3 De goedkeuring kan worden onthouden wegens strijd met het financieel belang van de gemeente of gemeenten waarvan het gebied van de betrokken gemeente na herindeling deel zal gaan uitmaken. 4 Het toezicht dat is aangevangen op grond van het eerste lid blijft van kracht tot de datum van herindeling of de datum waarop Onze Minister bepaalt dat het toezicht is vervallen. 2005 530 01-11-2005 06-10-2005 28995 2005 531 01-11-2005 20-10-2005 08-03-2006
Artikel 22 — Artikel 22#
Artikel 22 Vervallen 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 21-02-2001
Artikel 23 — Artikel 23#
Artikel 23 Vervallen 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 21-02-2001
Artikel 24 — Artikel 24#
Artikel 24 Vervallen 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 21-02-2001
Artikel 25 — Artikel 25#
Artikel 25 Vervallen 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 21-02-2001
Artikel 26 — Artikel 26#
Artikel 26 Vervallen 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 21-02-2001
Artikel 27 — Artikel 27#
Artikel 27 Vervallen 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 21-02-2001
Artikel 28 — Artikel 28#
Artikel 28 De op de dag, voorafgaande aan de datum van herindeling, voor een overgaand gebied geldende gemeentelijke voorschriften behouden gedurende twee jaren na die datum voor dat gebied hun rechtskracht, voor zover het bevoegde orgaan van de gemeente waaraan dat gebied is toegevoegd, deze voorschriften niet eerder vervallen verklaart. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 29 — Artikel 29#
Artikel 29 1 artikel 28 Het bevoegde orgaan van een nieuwe gemeente kan vóór afloop van de inbedoelde termijn een voorschrift als in dat artikel bedoeld voor het gehele gebied der gemeente geldend verklaren. 2 artikel 28 Op gelijke wijze maken burgemeester en wethouders van de nieuwe gemeente tijdig vóór afloop van de inbedoelde termijn bekend welke overige in dat artikel bedoelde voorschriften na afloop van die termijn voor het gehele gebied der gemeente zullen gelden. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 30 — Artikel 30#
Artikel 30 1 De op de dag, voorafgaande aan de datum van herindeling, in een gemeente van kracht zijnde gemeentelijke voorschriften gelden gedurende twee jaren na die datum niet voor aan die gemeente toegevoegd gebied, voor zover het bevoegde orgaan van die gemeente deze voorschriften niet eerder voor dat gebied geldend verklaart. 2 Het college van burgemeester en wethouders maakt tijdig vóór afloop van de in het eerste lid bedoelde termijn bekend welke in dat lid bedoelde voorschriften na afloop van die termijn voor het toegevoegde gebied zullen gelden. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 31 — Artikel 31#
Artikel 31 hoofdstuk V van de Gemeentewet artikel 52 De op de dag, voorafgaande aan de datum van herindeling, geldende besluiten tot instelling van commissies als bedoeld invan gemeenten waarin een raadsverkiezing als bedoeld inis gehouden, vervallen met ingang van die datum. Zij kunnen binnen een maand na die datum door het op grond van dat hoofdstuk bevoegde orgaan tot instelling van de commissies geheel of ten dele wederom geldend worden verklaard. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 32 — Artikel 32#
Artikel 32 1 artikel 39 De artikelen 28 tot en met 30 zijn niet van toepassing op belastingverordeningen op de voet van artikel 220 van de Gemeentewet. Ten aanzien van overgaand gebied houden deze verordeningen op te gelden met ingang van de datum van herindeling, doch zij behouden, onverminderd, hun rechtskracht voor de belastingjaren welke vóór die datum zijn aangevangen. 2 artikel 216 van de Gemeentewet De raad van een nieuwe gemeente kan binnen drie maanden na de datum van herindeling ingevolgebesluiten tot vaststelling van een nieuwe verordening die met ingang van genoemde datum zal gelden voor de gemeente. 3 Voor gebied dat overgaat naar een andere dan een nieuwe gemeente is met ingang van de datum van herindeling van toepassing de verordening van de gemeente waaraan dat gebied is toegevoegd. Voor zover de herindeling zulks noodzakelijk maakt, is de raad van de gemeente waaraan het gebied is toegevoegd, bevoegd binnen drie maanden na de datum van herindeling te besluiten tot aanpassing van de verordening. De aangepaste verordening geldt met ingang van genoemde datum voor het gehele gebied der gemeente. 4 artikelen 28 tot en met 30 artikel 222 van de Gemeentewet artikel XV, derde tot en met vijfde lid, van de Invoeringswet van de wet materiële belastingbepalingen Gemeentewet Dezijn evenmin van toepassing op besluiten inzake de baatbelasting die zijn vastgesteld op de voet vanen op besluiten als bedoeld in. Deze besluiten worden aangemerkt als besluiten van de gemeente waaraan het gebied is toegevoegd. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 32a — Artikel 32a#
Artikel 32a Vervallen 1998 728 29-12-1998 17-12-1998 26281 1998 728 29-12-1998 17-12-1998 26281 01-01-2001
Artikel 33 — Artikel 33#
Artikel 33 artikelen 28 tot en met 30 32 Deenzijn van overeenkomstige toepassing op besluiten tot vaststelling, wijziging of intrekking van belastingverordeningen die zijn genomen vóór de datum van herindeling en die op of na die datum in werking treden. 1996 184 28-03-1996 08-02-1996 24051 1996 288 13-06-1996 20-05-1996 01-07-1996
Artikel 34 — Artikel 34#
Artikel 34 1 artikel 28 artikelen 2.4 3.1, eerste lid, van de Omgevingswet Omgevingswet artikel 9.1 van de Omgevingswet In afwijking vanen deenworden vóór de datum van herindeling vastgestelde omgevingsplannen en omgevingsvisies als bedoeld in die artikelen van deen voorkeursrechtbeschikkingen als bedoeld in, met betrekking tot overgaand gebied geacht te zijn vastgesteld door de raad van de gemeente waaraan dat gebied is toegevoegd en behouden zij hun rechtskracht zolang de raad niet anders bepaalt. De raad stelt binnen vijf jaar na de datum van herindeling één omgevingsplan en één omgevingsvisie vast. 2 artikel 4.14 van de Omgevingswet Een voor de datum van herindeling genomen voorbereidingsbesluit met het oog op de voorbereiding van in het omgevingsplan op te nemen regels als bedoeld inmet betrekking tot overgaand gebied wordt geacht te zijn genomen door de raad van de gemeente waaraan dat gebied is toegevoegd. 2020 112 09-04-2020 14-03-2020 35133 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 2020 172 17-06-2020 12-02-2020 34986 2023 113 07-04-2023 05-04-2023 01-01-2024 Artikel 4.9 van Stb. 2020/172 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 35 — Artikel 35#
Artikel 35 artikelen 28 30 Bij wijziging van een provinciegrens zijn deenvan overeenkomstige toepassing op provinciale voorschriften en het bevoegde orgaan van de betrokken provincies. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 36 — Artikel 36#
Artikel 36 1 Voor de secretaris en de griffier van een nieuwe gemeente gelden de instructies van de in de betrokken herindelingsregeling aan te wijzen gemeente totdat zij door andere zijn vervangen. 2 Voor de vergaderingen van de raad en van burgemeester en wethouders van een nieuwe gemeente gelden de reglementen van orde van de in de betrokken herindelingswet aan te wijzen gemeente totdat zij door andere zijn vervangen. 2003 56 18-02-2003 06-02-2003 28243 2003 57 18-02-2003 08-02-2003 19-02-2003 07-03-2002 De datum van inwerkingtreding is vastgesteld onder toepassing van
artikel 16, eerste lid, van de Tijdelijke referendumwet. Werkt niet terug ten aanzien van de gemeenten Bemmel, Bergen,
Dalfsen, Denekamp, Echt-Susteren, Hardenberg, Hof van Twente, Hulst,
Kesteren, Olst-Wijhe, Oss, Overbetuwe, Raalte, Rijssen,
Sittard-Geleen, Sluis, Steenwijk, Terneuzen, Venlo, Zwartewaterland
en Zwijndrecht.
Artikel 37 — Artikel 37#
Artikel 37 artikel 28 Met ingang van de datum van herindeling en zolang de inbedoelde voorschriften blijven gelden, oefenen in toegevoegd gebied de in de gemeente waarnaar dat gebied is overgegaan, bevoegde organen en ambtenaren de bevoegdheden uit welke bij die voorschriften aan overeenkomstige organen en ambtenaren zijn toegekend. 1991 317 21-06-1991 1991 316 12-06-1991 01-07-1991
Artikel 38 — Artikel 38#
Artikel 38 1 artikel 37 Bij wijziging van een provinciegrens isvan overeenkomstige toepassing ten aanzien van de bevoegdheden van de organen en de ambtenaren van de provincie. 2 artikel 4 van de Waterstaatswet 1900 In afwijking van het eerste lid wordt het toezicht op de bij de wijziging van de provinciale grens betrokken waterschappen uitgeoefend door de organen die daarmede op de dag, voorafgaande aan de datum van herindeling, belast waren, totdat bij reglementswijziging in de gevolgen van de betrokken herindelingsregeling is voorzien. Indien tussen de betrokken gedeputeerde staten niet binnen een jaar omtrent de reglementswijziging overeenstemming is bereikt, isvan toepassing. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 39 — Artikel 39#
Artikel 39 1 De bevoegdheid tot het heffen en invorderen van gemeentelijke belastingen in toegevoegd gebied over een belastingjaar dat vóór de datum van herindeling is aangevangen, blijft voorbehouden aan de organen en ambtenaren van de gemeente waartoe dat gebied vóór die datum behoorde. 2 Indien de gemeente bij een herindelingswet wordt opgeheven, komt de bevoegdheid toe aan de organen en ambtenaren van de in die wet aan te wijzen gemeente. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 40 — Artikel 40#
Artikel 40 artikelen 226 228 van de Provinciewet artikel 39, eerste lid Onverminderd deenis bij wijziging van een provinciegrens, van overeenkomstige toepassing ten aanzien van provinciale belastingen. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 41 — Artikel 41#
Artikel 41 1 Gemeenschappelijke regelingen waaraan uitsluitend wordt deelgenomen door gemeenten waarvan het gebied in zijn geheel tot een en dezelfde gemeente komt te behoren, vervallen met ingang van de datum van herindeling. Burgemeester en wethouders van die gemeente treffen in verband hiermee de nodige voorzieningen. 2 In een herindelingsregeling kan het eerste lid van overeenkomstige toepassing worden verklaard ten aanzien van gemeenschappelijke regelingen waaraan uitsluitend wordt deelgenomen door gemeenten waarvan het gebied grotendeels tot een en dezelfde gemeente komt te behoren. 3 De overige gemeenschappelijke regelingen waaraan bij een wijziging van de gemeentelijke indeling betrokken gemeenten deelnemen, blijven ongewijzigd van kracht, met dien verstande dat de betrokken herindelingsregeling de gemeente of gemeenten aanwijst die, zolang nog geen uitvoering is gegeven aan het vierde of vijfde lid van dit artikel, voor de toepassing van de regeling in de plaats treedt onderscheidenlijk treden van op te heffen gemeenten. 4 Wet gemeenschappelijke regelingen De deelnemers aan een gemeenschappelijke regeling als bedoeld in het derde lid treffen, voor zoveel nodig, binnen zes maanden na de datum van herindeling met toepassing van dede uit de gewijzigde gemeentelijke indeling voortvloeiende voorzieningen. Zij kunnen daarbij afwijken van de bepalingen van de gemeenschappelijke regeling met betrekking tot wijziging en opheffing van de regeling en het toe- en uittreden van deelnemers. De in de eerste volzin genoemde termijn kan door gedeputeerde staten van de betrokken provincie of, zo de regeling uitsluitend tussen burgemeesters is aangegaan, door de commissaris van de Koning in die provincie met ten hoogste zes maanden worden verlengd. 5 Indien de voorzieningen, bedoeld in het vierde lid, niet binnen de daarvoor gestelde termijn zijn getroffen, kan dit geschieden door gedeputeerde staten of, zo de regeling uitsluitend tussen burgemeesters is aangegaan, door de commissaris van de Koning. 6 De leden van bij gemeenschappelijke regeling ingestelde organen, aangewezen door de vóór de datum van herindeling bevoegde gemeentebesturen, blijven in deze organen zitting hebben totdat de na de datum van herindeling bevoegde gemeentebesturen, zo nodig met afwijking van hetgeen in de gemeenschappelijke regeling ten aanzien van de zittingsduur is bepaald, in de aanwijzing hebben voorzien. 7 De voorgaande leden zijn niet van toepassing ten aanzien van gemeenschappelijke regelingen die van kracht zijn voor een gebied waarvan de omvang bij of krachtens wet dan wel bij koninklijk besluit is vastgesteld. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 42 — Artikel 42#
Artikel 42 Vervallen 2005 668 22-12-2005 24-11-2005 27008 2005 669 22-12-2005 09-12-2005 01-01-2006
Artikel 43 — Artikel 43#
Artikel 43 artikel 41, derde lid Voor zover aan een gemeenschappelijke regeling als bedoeld in, wordt deelgenomen door een provincie en die regeling mede betrekking heeft op gebied dat ingevolge een herindelingsregeling naar een andere provincie overgaat, is artikel 41, derde, vierde, zesde en zevende lid, van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de betrokken provincies. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 43a — Artikel 43a#
Artikel 43a 1 artikel 81p van de Gemeentewet artikel 9:18, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht In afwijking vankan de raad van een nieuwe gemeente op uiterlijk 15 januari van het jaar waarin de gemeente is ingesteld, de behandeling van verzoekschriften als bedoeld in, opdragen aan een gemeentelijke ombudsman of ombudscommissie, dan wel een gezamenlijke ombudsman of ombudscommissie. Het besluit werkt terug tot en met de datum van herindeling. 2 Indien de raad een besluit als bedoeld in het eerste lid neemt, zendt hij dit binnen een week aan de Nationale ombudsman. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 44 — Artikel 44#
Artikel 44 1 artikelen 45 48 Onverminderd het tweede lid en deengaan op de datum van herindeling alle rechten en verplichtingen van een op te heffen gemeente over op de gemeente waaraan haar gebied wordt toegevoegd, dan wel, wanneer het gebied naar meer dan één gemeente overgaat, naar de in de betrokken herindelingsregeling aan te wijzen gemeente, zonder dat daarvoor een nadere akte wordt gevorderd. 2 Alle rechten en verplichtingen van een gemeente, betrekking hebbende op van die gemeente overgaand gebied, gaan op de datum van herindeling over op de gemeente waaraan dat gebied wordt toegevoegd, zonder dat daarvoor een nadere akte wordt gevorderd. 3 elfde afdeling van de tweede titel van het eerste boek van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering Wettelijke procedures en rechtsgedingen waarbij een gemeente waarvan gebied overgaat betrokken is, worden met ingang van de datum van herindeling voortgezet door of tegen de gemeente waaraan dat gebied wordt toegevoegd, voor zover krachtens het eerste en tweede lid de in deze leden bedoelde rechten en verplichtingen op die gemeente overgaan. Ten aanzien van de rechtsgedingen is devan overeenkomstige toepassing. 4 afdeling 2 van titel 1 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek Artikel 24, eerste lid, van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek Gedeputeerde staten van de betrokken provincie doen, ingeval op grond van het eerste en tweede lid registergoederen overgaan, de overgang van de betrokken registergoederen onverwijld inschrijven in de openbare registers, bedoeld in.is niet van toepassing. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 45 — Artikel 45#
Artikel 45 1 Met betrekking tot de voorziening van drinkwater, elektriciteit en gas blijft toegevoegd gebied deel uitmaken van het voorzieningsgebied van de bedrijven die daarin voorzagen of gerechtigd waren te voorzien op de dag, voorafgaande aan de datum van herindeling, voor zover de betrokken partijen ter zake geen nadere regeling treffen. 2 Bij opheffing van een gemeente treedt ten aanzien van de rechten en verplichtingen die verband houden met de in het eerste lid bedoelde voorzieningen de in de betrokken herindelingswet aan te wijzen gemeente voor die gemeente in de plaats, zonder dat daarvoor een nadere akte wordt gevorderd. 1991 317 21-06-1991 1991 316 12-06-1991 01-07-1991
Artikel 46 — Artikel 46#
Artikel 46 artikelen 44 45 Bij wijziging van een provinciegrens zijn deenvan overeenkomstige toepassing ten aanzien van rechten en verplichtingen van een provincie. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 47 — Artikel 47#
Artikel 47 1 Ten behoeve van de voortzetting van het comptabel beheer in verband met de overgang van gebied kunnen gedeputeerde staten, de colleges van burgemeester en wethouders van de betrokken gemeenten gehoord, aanwijzingen geven, welke door die colleges in acht moeten worden genomen. 2 Voor het tijdvak waarin voor een nieuwe gemeente nog geen begroting is vastgesteld, zijn burgemeester en wethouders bevoegd tot het doen van uitgaven, voor zover daartegen bij gedeputeerde staten geen bezwaar bestaat. 2005 530 01-11-2005 06-10-2005 28995 2005 531 01-11-2005 20-10-2005 08-03-2006
Artikel 48 — Artikel 48#
Artikel 48 1 De uitkeringen die door onderscheidenlijk aan het Rijk, de provincie of gemeenten over de vóór de datum van herindeling aangevangen boekingstijdvakken, dienstjaren of uitkeringsjaren met betrekking tot overgaand gebied van een gemeente verschuldigd zijn, worden gedaan aan onderscheidenlijk door de gemeente waartoe dat gebied vóór die datum behoorde. 2 Wanneer het een op te heffen gemeente betreft, geschieden de in het eerste lid bedoelde uitkeringen aan onderscheidenlijk door de gemeente waaraan het gebied van de op te heffen gemeente wordt toegevoegd of zo dit gebied naar meer dan één gemeente overgaat, de in de betrokken herindelingswet aan te wijzen gemeente. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 49 — Artikel 49#
Artikel 49 artikel 48 Bij wijziging van een provinciegrens isvan overeenkomstige toepassing ten aanzien van door onderscheidenlijk aan het Rijk of gemeenten met betrekking tot overgaand gebied van een provincie verschuldigde uitkeringen. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 50 — Artikel 50#
Artikel 50 1 artikelen 39 41 44 45 48 Indien in verband met de,,,eneen verrekening tussen gemeenten dient plaats te vinden worden, burgemeester en wethouders van die gemeenten gehoord, het bedrag en, zo nodig, de wijze van betaling vastgesteld: a. door gedeputeerde staten van de betrokken provincie indien de desbetreffende wijziging van de gemeentelijke indeling dan wel grenscorrectie niet gepaard gaat met wijziging van de provinciegrens; b. door de colleges van gedeputeerde staten van de betrokken provincies in onderling overleg indien de desbetreffende wijziging van de gemeentelijke indeling dan wel grenscorrectie gepaard gaat met wijziging van de provinciegrens; c. bij koninklijk besluit, de colleges, bedoeld onder b, gehoord, indien overeenstemming tussen die colleges ontbreekt. 2 Bij het vaststellen van het bedrag van de verrekening, bedoeld in het eerste lid, kunnen reserves en voorzieningen worden betrokken. 3 Op een verzoek om verrekening als bedoeld in het eerste lid beslissen gedeputeerde staten niet afwijzend dan na de colleges van burgemeester en wethouders van de in dat lid bedoelde gemeenten te hebben gehoord. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 51 — Artikel 51#
Artikel 51 1 artikelen 40 43 46 49 Indien bij een wijziging van een provinciegrens in verband met de,,eneen verrekening tussen provincies dient plaats te vinden, worden het bedrag en de wijze van betaling daarvan vastgesteld: a. door de colleges van gedeputeerde staten van de betrokken provincies in onderling overleg; b. bij koninklijk besluit, de colleges, bedoeld onder a, gehoord, indien overeenstemming tussen die colleges ontbreekt. 2 Bij het vaststellen van het bedrag van de verrekening, bedoeld in het eerste lid, kunnen reserves en voorzieningen worden betrokken. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 52 — Artikel 52#
Artikel 52 Bij een wijziging van de gemeentelijke indeling vinden tussentijdse raadsverkiezingen plaats. Indien een nieuwe gemeente wordt ingesteld is de naar inwoneraantal grootste gemeente die opgaat in de nieuwe gemeente met de voorbereiding daarvan belast. 2014 308 15-08-2014 09-07-2014 33889 2014 308 15-08-2014 09-07-2014 33889 16-08-2014
Artikel 53 — Artikel 53#
Artikel 53 1 artikel 52 De op de dag, voorafgaande aan de datum van herindeling, zitting hebbende leden van de raad van een gemeente waarvoor een verkiezing als bedoeld inwordt gehouden, treden met ingang van die datum af. 2 artikel 52, tweede volzin Indien op de datum van herindeling niet de goedkeuring van de geloofsbrieven van meer dan de helft van de leden van de raad onherroepelijk is geworden, aanvaarden de leden van de raad hun ambt niet, totdat zulks het geval is. Gedurende deze tijd hebben de leden van de raad en de wethouders van de gemeente die ingevolge, met de voorbereiding van de tussentijdse raadsverkiezing is belast zitting als leden van de raad onderscheidenlijk als wethouders. De raad en het college van burgemeester en wethouders nemen gedurende deze tijd slechts besluiten welke geen uitstel kunnen lijden. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 54 — Artikel 54#
Artikel 54 1 artikel 52 Burgemeester en wethouders van een gemeente waarvan gebied overgaat naar een gemeente waarvoor een verkiezing als bedoeld inwordt gehouden, zenden op een door gedeputeerde staten van de provincie waarvan laatstbedoelde gemeente deel uitmaakt of zal uitmaken, te bepalen datum aan burgemeester en wethouders van deze gemeente onderscheidenlijk de gemeente die ingevolge artikel 52, tweede volzin, met de voorbereiding van de tussentijdse raadsverkiezing is belast een opgave van de op bedoelde datum geregistreerde kiesgerechtigde personen welke op die datum in het overgaande gebied werkelijke woonplaats hebben. 2 artikel 55, tweede lid Indien tussen de in het eerste lid bedoelde datum en de dag van kandidaatstelling, bedoeld in, veranderingen optreden in de registratie van kiesgerechtigden die werkelijke woonplaats hebben of verkrijgen in de gemeente of het deel van de gemeente waarop een opgave als bedoeld in het eerste lid betrekking heeft, worden deze veranderingen onverwijld ter kennis gebracht van burgemeester en wethouders aan wie die opgave is gezonden, waarna dit college deze veranderingen in de opgave aanbrengt. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 55 — Artikel 55#
Artikel 55 1 artikel 52 artikel 8 van de Gemeentewet De raad van een gemeente waarvoor een verkiezing als bedoeld inwordt gehouden, zal bestaan uit het door gedeputeerde staten van de betrokken provincie met toepassing vante bepalen aantal leden. Daartoe wordt het inwonertal van een gemeente bepaald aan de hand van de door het Centraal Bureau voor de Statistiek bekend gemaakte gegevens betreffende de bevolkingscijfers per 1 januari van het jaar waarin de verkiezing plaatsvindt. 2 De kandidaatstelling vindt plaats op de maandag in de periode van 5 tot en met 11 oktober voorafgaand aan de datum van herindeling. De stemming vindt plaats op de vierenveertigste dag na de kandidaatstelling. Gedeputeerde staten kunnen, indien zwaarwegende redenen verband houdend met de dag van kandidaatstelling of met de dag van stemming daartoe nopen, bepalen dat de kandidaatstelling op een andere datum plaatsvindt, met dien verstande dat de stemming voor de datum van herindeling plaatsvindt. 3 artikelen G 1, achtste lid G 2, achtste lid G 3, eerste lid G 4, derde lid G 5, eerste lid, onder b en c, van de Kieswet Gedeputeerde staten kunnen besluiten tot afwijking van de in de,,,, enbedoelde termijnen inzake registratie van aanduidingen van politieke groeperingen. 4 artikel I 14, eerste lid, eerste volzin, van de Kieswet Indien het een nieuwe gemeente betreft worden bij de nummering van de kandidatenlijsten in afwijking vaneerst genummerd de lijsten van politieke groeperingen wier aanduiding was geplaatst boven een kandidatenlijst waaraan bij de laatstgehouden verkiezing van de raad van de gemeente die met de voorbereiding van de verkiezing is belast, een of meer zetels zijn toegekend. 5 artikel 52, tweede volzin artikel 54, eerste lid Als kiesgerechtigden worden geacht te zijn geregistreerd degenen die als zodanig zijn geregistreerd in de bij een wijziging van de gemeentelijke indeling betrokken gemeente die niet wordt opgeheven onderscheidenlijk de gemeente die ingevolge, met de voorbereiding van de tussentijdse raadsverkiezing is belast, nadat daaraan zijn toegevoegd de personen die voorkomen op de ingevolge, ontvangen opgaven zoals deze luiden na toepassing van het tweede lid van dat artikel, en daarvan zijn afgevoerd de personen die op de dag van kandidaatstelling, bedoeld in het tweede lid, werkelijke woonplaats hebben in het deel der gemeente dat op de datum van herindeling naar een andere gemeente overgaat. 6 artikel 52, tweede volzin artikel E 15, tweede lid, van de Kieswet De benoeming van de leden en de plaatsvervangende leden van de centraal stembureaus, van de gemeentelijk stembureaus en van de stembureaus geschiedt voor een door gedeputeerde staten te bepalen datum door burgemeester en wethouders van de bij een wijziging van de gemeentelijke indeling betrokken gemeente die niet wordt opgeheven onderscheidenlijk de gemeente die ingevolge, met de voorbereiding van de tussentijdse raadsverkiezing is belast. De benoeming van de leden en de plaatsvervangende leden van de centraal stembureaus geschiedt, in afwijking van het bepaalde in, voor een periode tot en met 31 december van het jaar voorafgaande aan het jaar waarin de reguliere gemeenteraadsverkiezingen plaatsvinden. 7 artikel 52, tweede volzin Voor zover ingevolge enig wettelijk voorschrift medewerking moet worden verleend door de raad, door burgemeester en wethouders of door de burgemeester, geschiedt dit door de raad, burgemeester en wethouders of de burgemeester van de bij een wijziging van de gemeentelijke indeling betrokken gemeente die niet wordt opgeheven onderscheidenlijk de gemeente die ingevolge, met de voorbereiding van de tussentijdse raadsverkiezing is belast. 2022 292 13-07-2022 15-06-2022 35489 2022 341 02-09-2022 22-08-2022 01-01-2023
Artikel 56 — Artikel 56#
Artikel 56 1 artikel 10 van de Gemeentewet artikel 52 Voor de toepassing vanten aanzien van het lidmaatschap van de raad van een gemeente waarvoor een verkiezing als bedoeld inwordt gehouden, worden onder ingezetenen verstaan zij die werkelijke woonplaats hebben in het gebied dat met ingang van de datum van herindeling het grondgebied van de betrokken gemeente vormt. 2 artikel 52, tweede volzin Het onderzoek van de geloofsbrieven van de benoemde raadsleden geschiedt vóór een door gedeputeerde staten van de betrokken provincie te bepalen datum door de raad van de bij een wijziging van de gemeentelijke indeling betrokken gemeente die niet wordt opgeheven onderscheidenlijk van de gemeente die ingevolge, met de voorbereiding van de tussentijdse raadsverkiezing is belast. 3 artikel 53, tweede lid De eerste vergadering van de raad wordt gehouden op de eerste werkdag, volgende op de datum van herindeling. In deze vergadering worden de wethouders benoemd. In het geval, bedoeld in, wordt de eerste vergadering van de nieuw gekozen raad gehouden zo spoedig mogelijk nadat veertien dagen zijn verlopen na de onherroepelijke goedkeuring van de geloofsbrieven van meer dan de helft van de leden van de raad. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 56a — Artikel 56a#
Artikel 56a Deze paragraaf is van toepassing op gemeenten waarvoor in de periode van 1 oktober tot en met 31 december van het jaar voorafgaande aan het jaar waarin de reguliere gemeenteraadsverkiezingen plaatsvinden een voorstel van wet tot wijziging van de gemeentelijke indeling is ingediend bij de Tweede Kamer der Staten-Generaal. 2014 308 15-08-2014 09-07-2014 33889 2014 308 15-08-2014 09-07-2014 33889 16-08-2014
Artikel 56b — Artikel 56b#
Artikel 56b 1 artikel F 1, eerste lid, van de Kieswet De verkiezing van de leden van de gemeenteraad in het jaar waarin de reguliere gemeenteraadsverkiezingen plaatsvinden en waarvoor de kandidaatstelling plaatsvindt op de dag, bedoeld in, blijft achterwege. 2 De zittingsduur van de leden van de raad wordt verlengd tot 1 januari van het jaar volgend op het jaar waarin de verkiezing, bedoeld in het eerste lid, achterwege blijft. 2014 308 15-08-2014 09-07-2014 33889 2014 308 15-08-2014 09-07-2014 33889 16-08-2014
Artikel 56c — Artikel 56c#
Artikel 56c artikel 52 Indien de datum van herindeling volgt op het jaar waarin reguliere gemeenteraadsverkiezingen hebben plaatsgevonden, eindigt de zittingsduur van de leden van de ingevolgegekozen raad tegelijk met de zittingsduur van de leden van de raden van de overige gemeenten die zitting hebben op de datum van herindeling. 2014 308 15-08-2014 09-07-2014 33889 2014 308 15-08-2014 09-07-2014 33889 16-08-2014
Artikel 56d — Artikel 56d#
Artikel 56d 1 artikel 56a Artikel 55, tweede lid, tweede en derde volzin Indien een voorstel van wet als bedoeld inniet uiterlijk op de donderdag in de periode van 17 september tot en met 23 september in het jaar waarin de reguliere gemeenteraadsverkiezingen plaatsvinden tot wet is verheven en in werking is getreden, vindt de kandidaatstelling voor de verkiezing van de leden van de raad van een gemeente, genoemd in dat wetsvoorstel, plaats op de maandag in de periode van 5 tot en met 11 oktober van dat jaar., is van toepassing. 2 artikelen G 1 tot en met G 5 van de Kieswet In het geval, bedoeld in het eerste lid, gelden in afwijking van dede volgende tijdstippen: a. artikelen G 1, achtste lid G 2, achtste lid, van de Kieswet artikel 56a de in de, enbedoelde kennisgeving, voorafgaande aan de kandidaatstelling voor de verkiezing van de raad van een gemeente als bedoeld invindt plaats op de veertiende dag voor die kandidaatstelling. b. G 3, eerste lid, van de Kieswet artikel 56a de in artikelbedoelde verzoeken tot registratie van aanduidingen van politieke groeperingen van de raad van een gemeente als bedoeld iningediend na de veertiende dag voor die kandidaatstelling blijven voor de daaropvolgende raadsverkiezing buiten beschouwing. c. artikel G 4, tweede lid, van de Kieswet de inbedoelde beslissing, vindt uiterlijk plaats op de elfde dag voor die kandidaatstelling. d. artikel G 5, eerste lid, onderdelen b en c, van de Kieswet de inbedoelde beschikkingen worden uiterlijk op de zevende dag voor de kandidaatstelling genomen. 3 De zittingsduur van de leden van de ingevolge het eerste lid gekozen raad eindigt tegelijk met de zittingsduur van de leden van de raden van de overige gemeenten die zitting hebben op 1 januari van het jaar volgend op het jaar waarin de reguliere gemeenteraadsverkiezing heeft plaatsgevonden. 2014 308 15-08-2014 09-07-2014 33889 2014 308 15-08-2014 09-07-2014 33889 16-08-2014
Artikel 56e — Artikel 56e#
Artikel 56e 1 Indien de datum van herindeling valt binnen drie jaar voor de datum van de reguliere gemeenteraadsverkiezingen blijven deze verkiezingen in de betrokken gemeenten achterwege. 2 artikel 52 De zittingsduur van de leden van de ingevolgegekozen raad eindigt in de in het eerste lid bedoelde situatie tegelijk met de zittingsperiode van de leden van de raden van de overige gemeenten die volgt op de eerste reguliere gemeenteraadsverkiezingen na de datum van herindeling. 2014 308 15-08-2014 09-07-2014 33889 2014 308 15-08-2014 09-07-2014 33889 16-08-2014
Artikel 57 — Artikel 57#
Artikel 57 1 afdeling 8 van titel 10 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek artikel 44, eerste of tweede lid Bij de toepassing vanop de overgang van personeel als gevolg van wijzigingen van de gemeentelijke indeling geldt als verkrijger de gemeente die op grond van, de rechtsopvolger is van de op te heffen gemeente. 2 Artikel 663, tweede zin, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek is op de overgang van personeel als gevolg van wijzigingen van de gemeentelijke indeling niet van toepassing. 3 Eden en beloften, die ambtenaren in verband met hun functie bij de op te heffen gemeente hebben afgelegd, worden geacht mede betrekking te hebben op de dienstbetrekking bij de gemeente waar zij met ingang van de datum van herindeling in dienst zijn. 2019 173 16-05-2019 17-04-2019 35073 2019 385 06-11-2019 24-10-2019 01-01-2020
Artikel 57a — Artikel 57a#
Artikel 57a Vervallen 2003 56 18-02-2003 06-02-2003 28243 2003 57 18-02-2003 08-02-2003 19-02-2003 07-03-2002 De datum van inwerkingtreding is vastgesteld onder toepassing van
artikel 16, eerste lid, van de Tijdelijke referendumwet. Werkt niet terug ten aanzien van de gemeenten Bemmel, Bergen,
Dalfsen, Denekamp, Echt-Susteren, Hardenberg, Hof van Twente, Hulst,
Kesteren, Olst-Wijhe, Oss, Overbetuwe, Raalte, Rijssen,
Sittard-Geleen, Sluis, Steenwijk, Terneuzen, Venlo, Zwartewaterland
en Zwijndrecht.
Artikel 58 — Artikel 58#
Artikel 58 artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs artikel 1 van de Wet op de expertisecentra artikel 1.1 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 In het geval van een grenscorrectie gaat op de datum van herindeling het personeel, verbonden aan de in overgaand gebied gevestigde door de gemeente in stand gehouden scholen als bedoeld in,of, over in dienst van de gemeente waaraan bedoeld gebied wordt toegevoegd. 2021 57 10-02-2021 27-01-2021 35611 2021 599 09-12-2021 29-11-2021 01-08-2022
Artikel 59 — Artikel 59#
Artikel 59 1 De aanwijzing van de secretaris van een gemeente die wordt opgeheven eindigt van rechtswege met ingang van de datum van herindeling. 2 Afdeling 8 van titel 10 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek is niet op de secretaris van toepassing. Indien hij in dienst is van de in het eerste lid bedoelde gemeente, eindigt de arbeidsovereenkomst van rechtswege op de dag voor de datum van herindeling. 3 artikel 673, eerste lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek artikel 59, tweede lid In het geval, bedoeld in het tweede lid, wordt voor de toepassing vanvoor de onderdelen a en b van dat lid gelezen «de arbeidsovereenkomst op grond van, van de Wet algemene regels herindeling van rechtswege is geëindigd». 4 artikel 57 In afwijking van het eerste en tweede lid kunnen gedeputeerde statenop verzoek van de secretaris op hem van overeenkomstige toepassing verklaren. 5 De voorgaande leden zijn van overeenkomstige toepassing op de griffier van een gemeente die wordt opgeheven. 2019 173 16-05-2019 17-04-2019 35073 2019 385 06-11-2019 24-10-2019 01-01-2020
Artikel 60 — Artikel 60#
Artikel 60 1 Indien een nieuwe gemeente wordt ingesteld, wijzen gedeputeerde staten uiterlijk een maand voor de datum van herindeling een tijdelijke secretaris en een tijdelijke griffier aan. De aanwijzing gaat in met ingang van de datum van herindeling. 2 Gemeentewet De aanwijzing van de tijdelijke secretaris en de tijdelijke griffier eindigt van rechtswege op de dag waarop overeenkomstig dein de functies van secretaris en van griffier is voorzien. 3 Artikel 36, eerste lid , is van overeenkomstige toepassing op de tijdelijke secretaris en de tijdelijke griffier. 2019 173 16-05-2019 17-04-2019 35073 2019 385 06-11-2019 24-10-2019 01-01-2020
Artikel 61 — Artikel 61#
Artikel 61 1 artikel 41, eerste of tweede lid artikel 44, eerste lid of tweede lid Het personeel, dat in dienst is van een gemeenschappelijke regeling met rechtspersoonlijkheid die ingevolge, vervalt, gaat met ingang van de datum van herindeling over in dienst van de gemeente die op grond van, de rechtsopvolger is van de op te heffen gemeente. 2 artikel 41, vierde of vijfde lid Gedeputeerde staten van de betrokken provincie kunnen bepalen dat het personeel, dat in dienst is van een gemeenschappelijke regeling met rechtspersoonlijkheid die ingevolge, wordt opgeheven, met ingang van de datum van herindeling overgaat in dienst van de bij de goedkeuring van de opheffing aan te wijzen gemeente. 3 Afdeling 8 van titel 10 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek is op de in het eerste en tweede lid bedoelde overgang van toepassing. Als verkrijger geldt de gemeente, waarnaar het personeel op grond van het eerste of tweede lid overgaat. 4 artikel 41, vierde of vijfde lid Gedeputeerde staten van de betrokken provincie kunnen bepalen dat de uitkeringen of betalingen waarop gewezen personeel, dat in dienst is of was van een ingevolge, op te heffen of opgeheven gemeenschappelijke regeling met rechtspersoonlijkheid op de dag voorafgaande aan de herindeling wegens beëindiging van het dienstverband of ziekte aanspraak maakte ten laste komen van de bij de goedkeuring van de opheffing van de gemeenschappelijke regeling aan te wijzen gemeente of gemeenten. 2019 173 16-05-2019 17-04-2019 35073 2019 385 06-11-2019 24-10-2019 01-01-2020
Artikel 62 — Artikel 62#
Artikel 62 Vervallen 2019 173 16-05-2019 17-04-2019 35073 2019 385 06-11-2019 24-10-2019 01-01-2020
Artikel 63 — Artikel 63#
Artikel 63 Vervallen 2019 173 16-05-2019 17-04-2019 35073 2019 385 06-11-2019 24-10-2019 01-01-2020
Artikel 64 — Artikel 64#
Artikel 64 Vervallen 1991 317 21-06-1991 1991 316 12-06-1991 01-07-1991
Artikel 65 — Artikel 65#
Artikel 65 Vervallen 2019 173 16-05-2019 17-04-2019 35073 2019 385 06-11-2019 24-10-2019 01-01-2020
Artikel 66 — Artikel 66#
Artikel 66 Vervallen 2019 173 16-05-2019 17-04-2019 35073 2019 385 06-11-2019 24-10-2019 01-01-2020
Artikel 67 — Artikel 67#
Artikel 67 Zij die op de dag, voorafgaande aan de datum van herindeling, ingeschreven zijn als leerling van een gemeentelijke school, gevestigd in een bij een wijziging van de gemeentelijke indeling betrokken gemeente, worden van genoemde datum af tot die school toegelaten op dezelfde voorwaarden als voordien golden. 1991 317 21-06-1991 1991 316 12-06-1991 01-07-1991
Artikel 68 — Artikel 68#
Artikel 68 1 artikel 144, eerste, zesde en zevende lid, van de Wet op het primair onderwijs artikel 138, eerste, zesde en zevende lid, van de Wet op de expertisecentra Voor zover ten aanzien van de in overgaand gebied gevestigde basisscholen, speciale scholen voor basisonderwijs, scholen voor speciaal onderwijs, voortgezet speciaal onderwijs en scholen of instellingen voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs op de datum van herindeling voor enig op die datum verstreken kalenderjaaronderscheidenlijknog niet zijn toegepast, geschiedt dit door de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeente waaraan dat gebied wordt toegevoegd. 2 artikel 145, eerste lid, van de Wet op het primair onderwijs artikel 139, eerste lid, van de Wet op de expertisecentra Bij de toepassing vanonderscheidenlijkis met betrekking tot enig vijfjarig tijdvak, eindigend vóór de datum van herindeling, het eerste lid van overeenkomstige toepassing. Voor het op de datum van herindeling lopende vijfjarige tijdvak wordt het overschrijdingsbedrag voor de periode tot het jaar waarin deze datum valt, voor de in overgaand gebied gevestigde bijzondere scholen of instellingen bepaald alsof geen herindeling heeft plaatsgevonden. 3 artikel 50 Indien in verband met de vorige leden een verrekening tussen gemeenten dient plaats te vinden, ister zake van overeenkomstige toepassing. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 69 — Artikel 69#
Artikel 69 1 artikel 5.28 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 artikel 5.26, eerste lid, van die wet Ter bepaling van de uitkering krachtenswordt voor de op de datum van herindeling lopende periode van vijf jaar, bedoeld inhet overschrijdingsbedrag per leerling over enig op die datum verstreken of het lopende kalenderjaar berekend als had geen herindeling plaatsgevonden, en over de overige jaren van dat tijdvak naar de toestand na laatstbedoeld kalenderjaar. 2 Artikel 68, derde lid , is ter zake van overeenkomstige toepassing. 2021 57 10-02-2021 27-01-2021 35611 2021 599 09-12-2021 29-11-2021 01-08-2022
Artikel 70 — Artikel 70#
Artikel 70 1 artikel 71 Onverminderd het tweede lid engaan op de datum van herindeling de archiefbescheiden van een gemeente die wordt opgeheven, over naar de gemeente waaraan het gebied van de op te heffen gemeente wordt toegevoegd, dan wel, wanneer dat gebied aan meer dan één gemeente wordt toegevoegd, naar de in de betrokken herindelingsregeling aan te wijzen gemeente. 2 artikel 71 artikel 12 van de Archiefwet 1995 artikel 9 van genoemde wet Eveneens onverminderdgaan op de datum van herindeling alle gemeentelijke archiefbescheiden, uitsluitend betrekking hebbend op overgaand gebied, over naar de gemeente waaraan dat gebied wordt toegevoegd, met dien verstande dat de overbrenging, bedoeld in, ten aanzien van deze bescheiden geschiedt als had geen herindeling plaatsgevonden. Van de overgang wordt een verklaring opgemaakt volgens de krachtensvoor vervreemding van archiefbescheiden gestelde regels. 3 De gemeenteraad en burgemeester en wethouders van de gemeente waaraan gebied is toegevoegd, hebben met ingang van de datum van herindeling het recht te allen tijde kosteloos inzage te nemen van de archiefbescheiden der gemeente waartoe dat gebied voor die datum behoorde, dan wel der gemeente waarnaar die archiefbescheiden krachtens het eerste lid zijn overgegaan, en op kosten van zijn gemeente afschriften van of uittreksels uit die archiefbescheiden te vorderen, voor zover deze mede betrekking hebben op het toegevoegde gebied. 4 Bij wijziging van een provinciegrens zijn het tweede en derde lid van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de overgang van provinciale archiefbescheiden. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 71 — Artikel 71#
Artikel 71 1 Met betrekking tot personen met een adres in overgaand gebied, wordt door burgemeester en wethouders van de gemeente waaraan het gebied wordt toegevoegd, het adres gewijzigd in de basisregistratie personen. 2 Als datum van wijziging van de gemeentenaam geldt de datum van herindeling. 2013 316 26-07-2013 10-07-2013 33555 2013 494 09-12-2013 28-11-2013 06-01-2014 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet basisregistratie
personen in werking treedt.
Artikel 71a — Artikel 71a#
Artikel 71a Wet basisregistratie personen Het persoonsregister, waarvoor burgemeester en wethouders van een gemeente die wordt opgeheven zorg dragen ter uitvoering van de, wordt door burgemeester en wethouders van deze gemeente overgedragen aan het college van burgemeester en wethouders van de gemeente waaraan het gebied van de op te heffen gemeente wordt toegevoegd, dan wel, indien dat gebied aan meer dan één gemeente wordt toegevoegd, aan de in de betrokken herindelingsregeling aan te wijzen gemeente. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 72 — Artikel 72#
Artikel 72 artikelen 40 42 van de Wet werk en bijstand artikel 10 van die wet Kosten van bijstand als bedoeld in deenen kosten van ondersteuning bij arbeidsinschakeling als bedoeld inten behoeve van personen die op of voor de datum van herindeling woonachtig zijn of geweest zijn in overgaand gebied, komen met ingang van bedoelde datum ten laste van de gemeente waaraan dat gebied is toegevoegd. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 73 — Artikel 73#
Artikel 73 Met betrekking tot zaken, de dienstplicht, met inbegrip van de mobilisatie-uitkeringen, alsmede de noodwachtplicht betreffende, vinden de voorschriften, door of namens Onze Minister van Defensie onderscheidenlijk bij koninklijk besluit dan wel door of namens Onze Minister gegeven ter zake van verhuizing, overeenkomstige toepassing ten aanzien van personen die krachtens een herindelingsregeling van een gemeente naar een andere gemeente overgaan. 1991 317 21-06-1991 1991 316 12-06-1991 01-07-1991
Artikel 74 — Artikel 74#
Artikel 74 1 artikelen 34 tot en met 38 van de Wegenwet Van de wegen onderscheidenlijk gedeelten van wegen, gelegen in aan een nieuwe gemeente toegevoegd gebied, wordt een nieuwe wegenlegger opgemaakt met inachtneming van de, met dien verstande dat het ontwerp van de legger ook kan worden opgemaakt door gedeputeerde staten van de betrokken provincie. Zolang deze nieuwe legger niet is vastgesteld, blijven de bestaande wegenleggers van kracht. 2 artikelen 39 tot en met 42 van de Wegenwet Voor zover het niet aan een nieuwe gemeente toegevoegd gebied betreft, voeren gedeputeerde staten de daarvoor in aanmerking komende wegen af van de wegenlegger der gemeente waartoe het betrokken gebied voor de datum van herindeling behoorde, en brengen zij die over naar de wegenlegger der gemeente waaraan dat gebied is toegevoegd, een en ander met toepassing, voor zoveel nodig, van de. 3 artikel 29, eerste lid, van de Wet herverdeling wegenbeheer In geval van een wijziging van de gemeentelijke indeling of een grenscorrectie levert de desbetreffende provincie binnen twee maanden na inwerkingtreding van de herindelingsregeling aan Onze Minister van Financiën de relevante basisgegevens, bedoeld in. 4 artikel 32, tweede lid, van de Wet herverdeling wegenbeheer Indien een gemeente wordt opgeheven en als gevolg daarvan de uitkering, bedoeld inniet meer kan verstrekken aan andere onderhoudsplichtigen, wordt in de herindelingsregeling een andere gemeente in dit verband als rechtsopvolger aangewezen. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 75 — Artikel 75#
Artikel 75 Een herindelingsregeling is niet van invloed op de bevoegdheid van de rechter of op die van partijen met betrekking tot zaken, op de dag, voorafgaande aan de datum van herindeling, voor enig gerecht aanhangig. 2008 100 08-04-2008 20-03-2008 30815 2008 274 15-07-2008 03-07-2008 01-09-2008
Artikel 76 — Artikel 76#
Artikel 76 Een herindelingsregeling heeft geen beperking ten gevolge van het gebied waarbinnen vóór de datum van herindeling benoemde notarissen hun ambtsbediening uitoefenen. 1991 317 21-06-1991 1991 316 12-06-1991 01-07-1991
Artikel 77 — Artikel 77#
Artikel 77 Vervallen 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 21-02-2001
Artikel 78 — Artikel 78#
Artikel 78 Vervallen 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 21-02-2001
Artikel 79 — Artikel 79#
Artikel 79 1 De besturen van de vóór de datum van herindeling bij een wijziging van de gemeentelijke indeling betrokken gemeenten dragen er in onderling overleg zorg voor dat de met het oog op de gewijzigde indeling met ingang van die datum te treffen voorzieningen tijdig worden voorbereid. Voorzieningen, de voorbereiding van de overgang van ambtenaren betreffende, zijn onderwerp van georganiseerd overleg met de centrales van verenigingen van ambtenaren en van overleg met de ondernemingsraden van de betrokken gemeenten. 2 Gedeputeerde staten bevorderen de totstandkoming van het in het eerste lid bedoelde onderling overleg tussen de gemeenten. 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 2001 85 20-02-2001 25-01-2001 25234 21-02-2001
Artikel 80 — Artikel 80#
Artikel 80 Vervallen 1991 317 21-06-1991 1993 610 11-11-1993 22893 01-01-1994
Artikel 81 — Artikel 81#
Artikel 81 Vervallen 1991 317 21-06-1991 1993 610 11-11-1993 22893 01-01-1994
Artikel 82 — Artikel 82#
Artikel 82 Vervallen 1991 317 21-06-1991 1993 610 11-11-1993 22893 01-01-1994
Artikel 83 — Artikel 83#
Artikel 83 Vervallen 1991 317 21-06-1991 1993 610 11-11-1993 22893 01-01-1994
Artikel 84 — Artikel 84#
Artikel 84 Vervallen 1991 317 21-06-1991 1993 610 11-11-1993 22893 01-01-1994
Artikel 85 — Artikel 85#
Artikel 85 Vervallen 1991 317 21-06-1991 1993 610 11-11-1993 22893 01-01-1994
Artikel 86 — Artikel 86#
Artikel 86 Vervallen 1991 317 21-06-1991 1993 610 11-11-1993 22893 01-01-1994
Artikel 87 — Artikel 87#
Artikel 87 Vervallen 1991 317 21-06-1991 1993 667 15-12-1993 23086 01-01-1994
Artikel 88 — Artikel 88#
Artikel 88 Vervallen 1991 317 21-06-1991 1993 667 15-12-1993 23086 01-01-1994
Artikel 89 — Artikel 89#
Artikel 89 Vervallen 1991 317 21-06-1991 1993 667 15-12-1993 23086 01-01-1994
Artikel 90 — Artikel 90#
Artikel 90 Vervallen 1991 317 21-06-1991 1993 667 15-12-1993 23086 01-01-1994
Artikel 91 — Artikel 91#
Artikel 91 Vervallen 1991 317 21-06-1991 1993 667 15-12-1993 23086 01-01-1994
Artikel 92 — Artikel 92#
Artikel 92 Vervallen 2013 76 28-02-2013 07-02-2013 33017 2014 83 20-02-2014 11-02-2014 19-03-2014
Artikel 93 — Artikel 93#
Artikel 93 Vervallen 1993 610 11-11-1993 22893 1993 610 11-11-1993 22893 01-01-1994
Artikel 94 — Artikel 94#
Artikel 94 Vervallen 1993 650 30-12-1993 16-12-1993 22495 1993 693 23-12-1993 23-12-1993 01-01-1994
Artikel 95 — Artikel 95#
Artikel 95 Bevat wijzigingen in andere regelgeving. 1991 317 21-06-1991 1991 316 12-06-1991 01-07-1991
Artikel 96 — Artikel 96#
Artikel 96 Vervallen 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018
Artikel 97 — Artikel 97#
Artikel 97 Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. 1991 317 21-06-1991 1991 316 12-06-1991 01-07-1991
Artikel 98 — Artikel 98#
Artikel 98 Wet algemene regels herindeling Deze wet wordt aangehaald als:. 2018 106 19-04-2018 28-03-2018 34852 2018 159 12-06-2018 16-05-2018 13-06-2018