Wet van 18 december 1987, tot het uitgeven en belenen van schatkistpapier en het aangaan van geldleningen ten laste van de Staat der Nederlanden in 1988
- BWB-id
- BWBR0004254
- Type
- Wet
- Ministerie
- Financiën
- Geldigheid
- Geldend vanaf 1988-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0004254
- ELI
- /eli/nl/wet/1988/leningwet-1988
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/1988/leningwet-1988/1988-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0004254&g=1988-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0004254&z=2026-06-06&g=1988-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0004254/1988-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/wet/1988/leningwet-1988
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Onze Minister van Financiën wordt gemachtigd in 1988 schatkistpapier uit te geven en te belenen en geldleningen ten laste van de Staat der Nederlanden aan te gaan ter voorziening in de financieringsbehoefte van de Staat alsmede uit monetaire overwegingen. 1987 586 18-12-1987 20056 1987 586 18-12-1987 20056 01-01-1988
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 De looptijd van de geldleningen zal ten hoogste vijftig jaar zijn. 1987 586 18-12-1987 20056 1987 586 18-12-1987 20056 01-01-1988
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Stb. Onze Minister van Financiën stelt met inachtneming van het bepaalde in de Wet schatkistpapier (1976, 110) en deze wet de voorwaarden vast, waarop schatkistpapier wordt uitgegeven en beleend en geldleningen ten laste van de Staat der Nederlanden worden aangegaan. 1987 586 18-12-1987 20056 1987 586 18-12-1987 20056 01-01-1988
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Onze Minister van Financiën kan ter zake van geldleningen welke door middel van openbare inschrijvingen worden aangegaan, aan bankiers, makelaars in effecten en commissionairs in effecten over het nominale bedrag, toegewezen op de door hun tussenkomst gedane inschrijvingen, waarvoor het verschuldigde is gestort, een provisie toekennen van ten hoogste 1/2% (een half ten honderd). 2 Onze Minister van Financiën kan aan bemiddelaars in onderhandse geldleningen over het nominale bedrag van door hun tussenkomst tot stand gekomen onderhandse geldleningen een provisie toekennen van ten hoogste 1/8% (een achtste ten honderd). 1987 586 18-12-1987 20056 1987 586 18-12-1987 20056 01-01-1988
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 Het recht tot opvordering van een hoofdsom van de overeenkomstig deze wet aangegane vaste schuld, welke aflosbaar is gesteld, verjaart tien jaar na de eerste dag, waarop die hoofdsom aflosbaar is. 1987 586 18-12-1987 20056 1987 586 18-12-1987 20056 01-01-1988
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Deze wet treedt in werking met ingang van 1 januari 1988; zij kan worden aangehaald als: Leningwet 1988. 1987 586 18-12-1987 20056 1987 586 18-12-1987 20056 01-01-1988