Wet van 2 november 1990, tot wijziging van de gemeentewet in verband met de overdracht van taken van de rijksbelastingdienst betreffende de heffing en de invordering van de onroerend-goedbelastingen aan de gemeenten
- BWB-id
- BWBR0004890
- Type
- Wet
- Ministerie
- Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
- Geldigheid
- Geldend vanaf 1990-11-22
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0004890
- ELI
- /eli/nl/wet/1990/wet-overdracht-taken-ogb
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/1990/wet-overdracht-taken-ogb/1990-11-22
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0004890&g=1990-11-22
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0004890&z=2026-06-06&g=1990-11-22
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0004890/1990-11-22
Absolute ELI: /eli/nl/wet/1990/wet-overdracht-taken-ogb
Artikel I — Artikel I#
Artikel I Bevat wijzigingen in andere regelgeving. 1990 549 02-11-1990 21356 1990 549 02-11-1990 21356 22-11-1990
Artikel II — Artikel II#
Artikel II Bevat wijzigingen in andere regelgeving. 1990 549 02-11-1990 21356 1990 549 02-11-1990 21356 22-11-1990
Artikel III — Artikel III#
Artikel III 1 Staatsblad Deze wet treedt in werking met ingang van de tweede dag na de datum van uitgifte van hetwaarin zij wordt geplaatst, met dien verstande dat: a. artikel I, onderdeel A , toepassing vindt met ingang van 1 januari 1991; b. artikel I, onderdeel B , toepassing vindt met ingang van 1 januari 1992; c. artikel 302, eerste, tweede en derde lid, van de gemeentewet , alsmede de bij of krachtens dit artikel en de artikelen 273 en 303 van die wet gegeven regelen, toepassing blijven vinden met betrekking tot belastingaanslagen, ten aanzien waarvan aanslagbiljetten zijn verzonden door de rijksbelastingdienst. 2 c, Ten aanzien van de overdracht van de bevoegdheden van de rijksbelastingdienst ter zake van de heffing en de invordering met betrekking tot de in het eerste lid, onderdeelbedoelde belastingaanslagen aan de gemeenten worden door Onze Minister van Financiën bij ministeriële regeling regels gesteld omtrent: a. de voortzetting door de gemeenten van de invordering van belastingaanslagen, ten aanzien waarvan geen aanmaning is verzonden of geen dwangbevel is betekend, dan wel ten aanzien waarvan: c, e gemeentewet een en ander in dier voege dat daarbij kan worden bepaald dat de in dit lid genoemde bevoegdheden, met de uitoefening waarvan de ontvanger der rijksbelastingen of de ambtenaren der directe belastingen een begin hebben gemaakt worden aangemerkt als bevoegdheden van de in artikel 281, tweede lid, onderdeelvan degenoemde functionaris, onderscheidenlijk de in onderdeelvan dat lid genoemde functionarissen; 1°. een aanmaning is verzonden; 2°. een dwangbevel is betekend, waarvan de tenuitvoerlegging nog niet is aangevangen of nog niet is geëindigd; 3°. een vordering is gedaan; 4°. uitstel van betaling is verleend; 5°. gedeeltelijke of voorwaardelijke kwijtschelding is verleend; 6°. andere invorderingsmaatregelen zijn genomen; b. artikel 273 van de gemeentewet andere onderwerpen waarvan regeling nodig is in verband met de overdracht van de taken van de rijksbelastingdienst ter zake van de inbedoelde belastingen aan de gemeenten. 1990 549 02-11-1990 21356 1990 549 02-11-1990 21356 22-11-1990
Artikel IV — Artikel IV#
Artikel IV Deze wet kan worden aangehaald als: Wet overdracht taken OGB. 1990 549 02-11-1990 21356 1990 549 02-11-1990 21356 22-11-1990