Wet van 31 oktober 1991, houdende regelen betreffende de openbaarheid van bestuur
- BWB-id
- BWBR0005252
- Type
- Wet
- Ministerie
- Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
- Geldigheid
- 2018-07-28 t/m 2022-04-30
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0005252
- ELI
- /eli/nl/wet/1992/wet-openbaarheid-van-bestuur
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/1992/wet-openbaarheid-van-bestuur/2018-07-28
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0005252&g=2018-07-28
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0005252&z=2026-06-06&g=2018-07-28
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0005252/2018-07-28
Absolute ELI: /eli/nl/wet/1992/wet-openbaarheid-van-bestuur
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. document: een bij een bestuursorgaan berustend schriftelijk stuk of ander materiaal dat gegevens bevat; b. bestuurlijke aangelegenheid: een aangelegenheid die betrekking heeft op beleid van een bestuursorgaan, daaronder begrepen de voorbereiding en de uitvoering ervan; c. intern beraad: het beraad over een bestuurlijke aangelegenheid binnen een bestuursorgaan, dan wel binnen een kring van bestuursorganen in het kader van de gezamenlijke verantwoordelijkheid voor een bestuurlijke aangelegenheid; d. niet-ambtelijke adviescommissie: een van overheidswege ingestelde instantie, met als taak het adviseren van een of meer bestuursorganen en waarvan geen ambtenaren lid zijn, die het bestuursorgaan waaronder zij ressorteren adviseren over de onderwerpen die aan de instantie zijn voorgelegd. Ambtenaren, die secretaris of adviserend lid zijn van een adviesinstantie, worden voor de toepassing van deze bepaling niet als leden daarvan beschouwd; e. ambtelijke of gemengd samengestelde adviescommissie: een instantie, met als taak het adviseren van één of meer bestuursorganen, die geheel of gedeeltelijk is samengesteld uit ambtenaren, tot wier functie behoort het adviseren van het bestuursorgaan waaronder zij ressorteren over de onderwerpen die aan de instantie zijn voorgelegd; f. persoonlijke beleidsopvatting: een opvatting, voorstel, aanbeveling of conclusie van een of meer personen over een bestuurlijke aangelegenheid en de daartoe door hen aangevoerde argumenten; g. artikel 19.1a van de Wet milieubeheer milieu-informatie: hetgeen daaronder wordt verstaan in. 2015 271 07-07-2015 24-06-2015 34123 2015 299 17-07-2015 06-07-2015 18-07-2015
Artikel 1a — Artikel 1a#
Artikel 1a 1 Deze wet is van toepassing op de volgende bestuursorganen: a. Onze Ministers; b. de bestuursorganen van provincies, gemeenten, waterschappen en publiekrechtelijke bedrijfsorganisatie; c. bestuursorganen die onder de verantwoordelijkheid van de onder a en b genoemde organen werkzaam zijn; d. andere bestuursorganen, voor zover niet bij algemene maatregel van bestuur uitgezonderd. 2 In afwijking van het eerste lid, onder d, is deze wet op de krachtens die bepaling uitgezonderde bestuursorganen van toepassing voorzover het gaat om het verstrekken van milieu-informatie. 2004 519 26-10-2004 30-09-2004 28835 2005 66 10-02-2005 01-02-2005 14-02-2005 De wijziging op het tweede lid kan niet worden doorgevoerd.
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Een bestuursorgaan verstrekt bij de uitvoering van zijn taak, onverminderd het elders bij wet bepaalde, informatie overeenkomstig deze wet en gaat daarbij uit van het algemeen belang van openbaarheid van informatie. 2 Het bestuursorgaan draagt er zo veel mogelijk zorg voor dat de informatie die het overeenkomstig deze wet verstrekt, actueel, nauwkeurig en vergelijkbaar is. 2005 341 07-07-2005 23-06-2005 29877 2005 342 07-07-2005 27-06-2005 08-07-2005
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Een ieder kan een verzoek om informatie neergelegd in documenten over een bestuurlijke aangelegenheid richten tot een bestuursorgaan of een onder verantwoordelijkheid van een bestuursorgaan werkzame instelling, dienst of bedrijf. 2 De verzoeker vermeldt bij zijn verzoek de bestuurlijke aangelegenheid of het daarop betrekking hebbend document, waarover hij informatie wenst te ontvangen. 3 De verzoeker behoeft bij zijn verzoek geen belang te stellen. 4 Indien een verzoek te algemeen geformuleerd is, verzoekt het bestuursorgaan de verzoeker zo spoedig mogelijk om zijn verzoek te preciseren en is het hem daarbij behulpzaam. 5 artikelen 10 11 Een verzoek om informatie wordt ingewilligd met inachtneming van het bepaalde in deen. 2004 519 26-10-2004 30-09-2004 28835 2005 66 10-02-2005 01-02-2005 14-02-2005
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Indien het verzoek betrekking heeft op gegevens in documenten die berusten bij een ander bestuursorgaan dan dat waarbij het verzoek is ingediend, wordt de verzoeker zo nodig naar dat orgaan verwezen. Is het verzoek schriftelijk gedaan, dan wordt het doorgezonden onder mededeling van de doorzending aan de verzoeker. 1992 422 04-06-1992 22061 1993 693 23-12-1993 23-12-1993 01-01-1994
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 De beslissing op een verzoek om informatie wordt mondeling of schriftelijk genomen. 2 Een gehele of gedeeltelijke afwijzing van een schriftelijk verzoek om informatie vindt schriftelijk plaats. In geval van een mondeling verzoek vindt een afwijzing schriftelijk plaats, indien de verzoeker daarom vraagt. De verzoeker wordt op deze mogelijkheid gewezen. 3 De beslissing wordt eveneens schriftelijk genomen indien het verzoek om informatie een derde betreft en deze daarom heeft verzocht. In dat geval wordt tevens aan de derde de op hem betrekking hebbende informatie toegezonden. 1992 422 04-06-1992 22061 1993 693 23-12-1993 23-12-1993 01-01-1994
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 Het bestuursorgaan beslist op het verzoek om informatie zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen vier weken gerekend vanaf de dag na die waarop het verzoek is ontvangen. 2 Het bestuursorgaan kan de beslissing voor ten hoogste vier weken verdagen. Van de verdaging wordt voor de afloop van de eerste termijn schriftelijk gemotiveerd mededeling gedaan aan de verzoeker. 3 artikel 4:15 van de Algemene wet bestuursrecht artikel 4:8 van de Algemene wet bestuursrecht Onverminderdwordt de termijn voor het geven van een beschikking opgeschort gerekend vanaf de dag na die waarop het bestuursorgaan de verzoeker meedeelt dat toepassing is gegeven aan, tot de dag waarop door de belanghebbende of belanghebbenden een zienswijze naar voren is gebracht of de daarvoor gestelde termijn ongebruikt is verstreken. 4 Indien de opschorting, bedoeld in het derde lid, eindigt, doet het bestuursorgaan daarvan zo spoedig mogelijk mededeling aan de verzoeker, onder vermelding van de termijn binnen welke de beschikking alsnog moet worden gegeven. 5 Indien het bestuursorgaan heeft besloten informatie te verstrekken, wordt de informatie verstrekt tegelijk met de bekendmaking van het besluit, tenzij naar verwachting een belanghebbende bezwaar daar tegen heeft, in welk geval de informatie niet eerder wordt verstrekt dan twee weken nadat de beslissing is bekendgemaakt. 6 Voor zover het verzoek betrekking heeft op het verstrekken van milieu-informatie: a. bedraagt de uiterste beslistermijn in afwijking van het eerste lid twee weken indien het bestuursorgaan voornemens is de milieu-informatie te verstrekken terwijl naar verwachting een belanghebbende daar bezwaar tegen heeft; b. kan de beslissing slechts worden verdaagd op grond van het tweede lid, indien de omvang of de gecompliceerdheid van de milieu-informatie een verlenging rechtvaardigt; c. zijn het derde en vierde lid niet van toepassing. 2009 384 30-09-2009 18-06-2009 31751 2009 384 30-09-2009 18-06-2009 31751 01-10-2009
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 Het bestuursorgaan verstrekt de informatie met betrekking tot de documenten die de verlangde informatie bevatten door: a. kopie ervan te geven of de letterlijke inhoud ervan in andere vorm te verstrekken, b. kennisneming van de inhoud toe te staan, c. een uittreksel of een samenvatting van de inhoud te geven, of d. inlichtingen daaruit te verschaffen. 2 Het bestuursorgaan verstrekt de informatie in de door de verzoeker verzochte vorm, tenzij: a. het verstrekken van de informatie in die vorm redelijkerwijs niet gevergd kan worden; b. de informatie reeds in een andere, voor de verzoeker gemakkelijk toegankelijke vorm voor het publiek beschikbaar is. 3 artikel 19.1a, eerste lid, onder b, van de Wet milieubeheer Indien het verzoek betrekking heeft op milieu-informatie als bedoeld in, verstrekt het bestuursorgaan, zo nodig, en indien deze informatie voorhanden is, tevens informatie over de methoden die zijn gebruikt bij het samenstellen van eerstbedoelde informatie. 2005 341 07-07-2005 23-06-2005 29877 2005 342 07-07-2005 27-06-2005 08-07-2005
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 Het bestuursorgaan dat het rechtstreeks aangaat, verschaft uit eigen beweging informatie over het beleid, de voorbereiding en de uitvoering daaronder begrepen, zodra dat in het belang is van een goede en democratische bestuursvoering. 2 Het bestuursorgaan draagt er zorg voor dat de informatie wordt verschaft in begrijpelijke vorm, op zodanige wijze, dat belanghebbende en belangstellende burgers zoveel mogelijk worden bereikt en op zodanige tijdstippen, dat deze hun inzichten tijdig ter kennis van het bestuursorgaan kunnen brengen. 1992 422 04-06-1992 22061 1993 693 23-12-1993 23-12-1993 01-01-1994
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 Het bestuursorgaan dat het rechtstreeks aangaat draagt zorg voor het openbaar maken, zo nodig en mogelijk met toelichting, van door niet-ambtelijke adviescommissies aan het orgaan uitgebrachte adviezen met het oog op het te vormen beleid, tezamen met de door het orgaan aan de commissies voorgelegde adviesaanvragen en voorstellen. 2 Staatscourant Uiterlijk binnen vier weken nadat de adviezen zijn ontvangen heeft openbaarmaking plaats en wordt daarvan mededeling gedaan in deof een andere vanwege de overheid algemeen verkrijgbaar gestelde periodiek. Van een gehele of gedeeltelijke niet-openbaarmaking wordt op gelijke wijze mededeling gedaan. 3 De in het eerste lid bedoelde stukken kunnen worden openbaar gemaakt door deze: a. op te nemen in een algemeen verkrijgbare uitgave, b. afzonderlijk uit te geven en algemeen verkrijgbaar te stellen, of c. ter inzage te leggen, in kopie te verstrekken of uit te lenen. 1992 422 04-06-1992 22061 1993 693 23-12-1993 23-12-1993 01-01-1994
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 Het verstrekken van informatie ingevolge deze wet blijft achterwege voor zover dit: a. de eenheid van de Kroon in gevaar zou kunnen brengen; b. de veiligheid van de Staat zou kunnen schaden; c. bedrijfs- en fabricagegegevens betreft, die door natuurlijke personen of rechtspersonen vertrouwelijk aan de overheid zijn meegedeeld; d. persoonsgegevens betreft als bedoeld in de artikelen 9, 10 en 87 van de Algemene verordening gegevensbescherming, tenzij de verstrekking kennelijk geen inbreuk op de persoonlijke levenssfeer maakt. 2 Het verstrekken van informatie ingevolge deze wet blijft eveneens achterwege voor zover het belang daarvan niet opweegt tegen de volgende belangen: a. de betrekkingen van Nederland met andere staten en met internationale organisaties; b. artikel 1a, onder c en d de economische of financiële belangen van de Staat, de andere publiekrechtelijke lichamen of de in, bedoelde bestuursorganen; c. de opsporing en vervolging van strafbare feiten; d. inspectie, controle en toezicht door bestuursorganen; e. de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer; f. het belang, dat de geadresseerde erbij heeft als eerste kennis te kunnen nemen van de informatie; g. het voorkomen van onevenredige bevoordeling of benadeling van bij de aangelegenheid betrokken natuurlijke personen of rechtspersonen dan wel van derden. 3 Het tweede lid, aanhef en onder e, is niet van toepassing voorzover de betrokken persoon heeft ingestemd met openbaarmaking. 4 Het eerste lid, aanhef en onder c en d, het tweede lid, aanhef en onder e, en het zevende lid, aanhef en onder a, zijn niet van toepassing voorzover het milieu-informatie betreft die betrekking heeft op emissies in het milieu. Voorts blijft in afwijking van het eerste lid, aanhef en onder c, het verstrekken van milieu-informatie uitsluitend achterwege voorzover het belang van openbaarmaking niet opweegt tegen het daar genoemde belang. 5 Het tweede lid, aanhef en onder b, is van toepassing op het verstrekken van milieu-informatie voor zover deze handelingen betreft met een vertrouwelijk karakter. 6 Het tweede lid, aanhef en onder g, is niet van toepassing op het verstrekken van milieu-informatie. 7 Het verstrekken van milieu-informatie ingevolge deze wet blijft eveneens achterwege voorzover het belang daarvan niet opweegt tegen de volgende belangen: a. de bescherming van het milieu waarop deze informatie betrekking heeft; b. de beveiliging van bedrijven en het voorkomen van sabotage. 8 Voorzover het vierde lid, eerste volzin, niet van toepassing is, wordt bij het toepassen van het eerste, tweede en zevende lid op milieu-informatie in aanmerking genomen of deze informatie betrekking heeft op emissies in het milieu. 2018 247 27-07-2018 11-07-2018 34939 2018 248 27-07-2018 11-07-2018 28-07-2018 25-05-2018
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 In geval van een verzoek om informatie uit documenten, opgesteld ten behoeve van intern beraad, wordt geen informatie verstrekt over daarin opgenomen persoonlijke beleidsopvattingen. 2 Over persoonlijke beleidsopvattingen kan met het oog op een goede en democratische bestuursvoering informatie worden verstrekt in niet tot personen herleidbare vorm. Indien degene die deze opvattingen heeft geuit of zich erachter heeft gesteld, daarmee heeft ingestemd, kan de informatie in tot personen herleidbare vorm worden verstrekt. 3 Met betrekking tot adviezen van een ambtelijke of gemengd samengestelde adviescommissie kan het verstrekken van informatie over de daarin opgenomen persoonlijke beleidsopvattingen plaatsvinden, indien het voornemen daartoe door het bestuursorgaan dat het rechtstreeks aangaat aan de leden van de adviescommissie voor de aanvang van hun werkzaamheden kenbaar is gemaakt. 4 In afwijking van het eerste lid wordt bij milieu-informatie het belang van de bescherming van de persoonlijke beleidsopvattingen afgewogen tegen het belang van openbaarmaking. Informatie over persoonlijke beleidsopvattingen kan worden verstrekt in niet tot personen herleidbare vorm. Het tweede lid, tweede volzin, is van overeenkomstige toepassing. 2004 519 26-10-2004 30-09-2004 28835 2005 66 10-02-2005 01-02-2005 14-02-2005
Artikel 11a — Artikel 11a#
Artikel 11a Vervallen 2015 271 07-07-2015 24-06-2015 34123 2015 299 17-07-2015 06-07-2015 18-07-2015
Artikel 11b — Artikel 11b#
Artikel 11b Vervallen 2015 271 07-07-2015 24-06-2015 34123 2015 299 17-07-2015 06-07-2015 18-07-2015
Artikel 11c — Artikel 11c#
Artikel 11c Vervallen 2015 271 07-07-2015 24-06-2015 34123 2015 299 17-07-2015 06-07-2015 18-07-2015
Artikel 11d — Artikel 11d#
Artikel 11d Vervallen 2015 271 07-07-2015 24-06-2015 34123 2015 299 17-07-2015 06-07-2015 18-07-2015
Artikel 11e — Artikel 11e#
Artikel 11e Vervallen 2015 271 07-07-2015 24-06-2015 34123 2015 299 17-07-2015 06-07-2015 18-07-2015
Artikel 11f — Artikel 11f#
Artikel 11f Vervallen 2015 271 07-07-2015 24-06-2015 34123 2015 299 17-07-2015 06-07-2015 18-07-2015
Artikel 11g — Artikel 11g#
Artikel 11g Vervallen 2015 271 07-07-2015 24-06-2015 34123 2015 299 17-07-2015 06-07-2015 18-07-2015
Artikel 11h — Artikel 11h#
Artikel 11h Vervallen 2015 271 07-07-2015 24-06-2015 34123 2015 299 17-07-2015 06-07-2015 18-07-2015
Artikel 11i — Artikel 11i#
Artikel 11i Vervallen 2015 271 07-07-2015 24-06-2015 34123 2015 299 17-07-2015 06-07-2015 18-07-2015
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen voor de centrale overheid regels worden gesteld met betrekking tot in rekening te brengen vergoedingen voor het ingevolge een verzoek om informatie vervaardigen van kopieën van documenten en uittreksels of samenvattingen van de inhoud daarvan. 1991 703 31-10-1991 19859 1992 185 10-04-1992 01-05-1992
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Vervallen 2016 301 23-08-2016 13-07-2016 34106 2016 301 23-08-2016 13-07-2016 34106 01-10-2016
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Nadere regels omtrent de uitvoering van het bij of krachtens deze wet bepaalde kunnen worden gesteld: a. voor de centrale overheid bij of krachtens een besluit van Onze Minister-President in overeenstemming met het gevoelen van de ministerraad; b. artikel 1a, onder c en d voor de provincies, gemeenten, waterschappen en de andere in, bedoelde bestuursorganen door hun besturen. 1998 356 25-06-1998 18-06-1998 25456 1998 356 25-06-1998 18-06-1998 25456 30-06-2003
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 Paragraaf 4.1.3.2 van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing op besluiten op grond van deze wet en op beslissingen op bezwaar tegen deze besluiten. 2016 301 23-08-2016 13-07-2016 34106 2016 301 23-08-2016 13-07-2016 34106 01-10-2016
Artikel 15a — Artikel 15a#
Artikel 15a 1 artikel 7:1, eerste lid, onderdeel f, van de Algemene wet bestuursrecht In afwijking vankan degene aan wie het recht is toegekend beroep bij de bestuursrechter in te stellen tegen het niet tijdig nemen van een besluit op grond van deze wet, alvorens beroep in te stellen bezwaar maken. 2 Artikel 6:12, eerste en vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht Het bezwaarschrift kan worden ingediend zodra het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen.is van overeenkomstige toepassing. 3 Artikel 6:20 van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de in het eerste lid van dat artikel bedoelde verplichting niet geldt gedurende de periode dat het bezwaar aanhangig is. 4 artikel 7:15, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht De vergoeding van kosten op grond vanblijft achterwege, indien: a. artikel 4:15, tweede lid, onderdeel a, van de Algemene wet bestuursrecht de indiener van het bezwaarschrift, gelet op de omvang van het verzoek, kennelijk onvoldoende heeft meegewerkt aan het bereiken van overeenstemming over een opschorting van de beslistermijn als bedoeld in, of b. het niet tijdig nemen van een besluit kennelijk het gevolg is van de wijze van indiening van het verzoek. 2016 301 23-08-2016 13-07-2016 34106 2016 301 23-08-2016 13-07-2016 34106 01-10-2016
Artikel 15b — Artikel 15b#
Artikel 15b 1 artikel 8:55d, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht In geval van een gegrond beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit op grond van deze wet of een beslissing op bezwaar tegen een dergelijk besluit waarbij nog geen besluit is bekendgemaakt, bepaalt de bestuursrechter, indien de omvang van het verzoek hiertoe aanleiding geeft, in afwijking vande termijn waarbinnen het bestuursorgaan alsnog een besluit bekendmaakt. 2 artikel 8:55d, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht Indien de bestuursrechter oordeelt dat het niet tijdig nemen van een besluit kennelijk het gevolg is van de wijze van indiening van het verzoek en nog geen besluit is bekendgemaakt, bepaalt de bestuursrechter, indien het verzoek hiertoe aanleiding geeft, in afwijking vaneen langere termijn waarbinnen het bestuursorgaan alsnog een besluit bekendmaakt. 3 artikel 8:74, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht artikel 8:75, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht De bestuursrechter kanbuiten toepassing laten en een proceskostenveroordeling op grond vanachterwege laten, indien de indiener van het beroepschrift, gelet op de omvang van het verzoek, onvoldoende heeft meegewerkt aan het bereiken van overeenstemming over: a. artikel 4:15, tweede lid, onderdeel a, van de Algemene wet bestuursrecht een opschorting van de beslistermijn als bedoeld in, of b. artikel 7:10, vierde lid, onderdeel a of b, van de Algemene wet bestuursrecht verder uitstel van de beslistermijn als bedoeld in. 4 artikel 8:74, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht artikel 8:75, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht De bestuursrechter kan eveneensbuiten toepassing laten en een proceskostenveroordeling op grond vanachterwege laten, indien hij oordeelt dat het niet tijdig nemen van een besluit kennelijk het gevolg is van de wijze van indiening van het verzoek. 2016 301 23-08-2016 13-07-2016 34106 2016 301 23-08-2016 13-07-2016 34106 01-10-2016
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 Vervallen 2015 271 07-07-2015 24-06-2015 34123 2015 299 17-07-2015 06-07-2015 18-07-2015
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 Onze Minister-President, Minister van Algemene Zaken, en Onze Minister van Binnenlandse Zaken zenden binnen vijf jaar na het in werking treden van deze wet aan de Staten-Generaal een verslag over de wijze waarop zij is toegepast. 1991 703 31-10-1991 19859 1992 185 10-04-1992 01-05-1992
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 Bevat wijzigingen in andere regelgeving. 1991 703 31-10-1991 19859 1992 185 10-04-1992 01-05-1992
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 Voor adviezen, voordrachten en andere voorstellen van de Raad van State, uitgebracht voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, blijven de op de dag voor de inwerkingtreding geldende wettelijke bepalingen van kracht. 1991 703 31-10-1991 19859 1992 185 10-04-1992 01-05-1992
Artikel 20 — Artikel 20#
Artikel 20 Bevat wijzigingen in andere regelgeving. 1991 703 31-10-1991 19859 1992 185 10-04-1992 01-05-1992
Artikel 21 — Artikel 21#
Artikel 21 Archiefwet 1962 Stb. Op verzoeken op grond van de(1962, 313) tot raadpleging of gebruik van vóór de inwerkingtreding van deze wet in een archiefbewaarplaats berustende archiefbescheiden blijven de voor de inwerkingtreding van deze wet gestelde beperkingen ten aanzien van de openbaarheid van kracht. 1991 703 31-10-1991 19859 1992 185 10-04-1992 01-05-1992
Artikel 22 — Artikel 22#
Artikel 22 Bevat wijzigingen in andere regelgeving. 1991 703 31-10-1991 19859 1992 185 10-04-1992 01-05-1992
Artikel 23 — Artikel 23#
Artikel 23 Bevat wijzigingen in andere regelgeving. 1991 703 31-10-1991 19859 1992 185 10-04-1992 01-05-1992
Artikel 24 — Artikel 24#
Artikel 24 Bevat wijzigingen in andere regelgeving. 1991 703 31-10-1991 19859 1992 185 10-04-1992 01-05-1992
Artikel 25 — Artikel 25#
Artikel 25 Stb. De Wet openbaarheid van bestuur (1978, 581) wordt ingetrokken. 1991 703 31-10-1991 19859 1992 185 10-04-1992 01-05-1992
Artikel 26 — Artikel 26#
Artikel 26 Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. 1991 703 31-10-1991 19859 1992 185 10-04-1992 01-05-1992
Artikel 27 — Artikel 27#
Artikel 27 Deze wet kan worden aangehaald als Wet openbaarheid van bestuur. 1991 703 31-10-1991 19859 1992 185 10-04-1992 01-05-1992