Wet van 13 april 1995, houdende een bijzondere voorziening voor de versnelde uitvoering van werken tot versterking van enige dijkvakken langs de Rijn en zijn zijtakken en langs de bedijkte Maas, alsmede van werken tot aanleg van kaden langs de onbedijkte Maas en langs een gedeelte van de Rijksweg A2
- BWB-id
- BWBR0007338
- Type
- Wet
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- 2005-07-01 t/m 2005-09-27
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0007338
- ELI
- /eli/nl/wet/1995/deltawet-grote-rivieren
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/1995/deltawet-grote-rivieren/2005-07-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0007338&g=2005-07-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0007338&z=2026-06-06&g=2005-07-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0007338/2005-07-01
Absolute ELI: /eli/nl/wet/1995/deltawet-grote-rivieren
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 Deze wet is van toepassing op de uitvoering van werken voor: a. bijlage 1 de versterking van de dijkvakken, opgenomen in de bij deze wet behorende lijst (); b. bijlage 2 de aanleg of de versterking van de kaden, aangegeven op de bij deze wet behorende lijst met bijbehorende kaarten (); c. a b a b de aanleg van opslagplaatsen - in de nabijheid van de onderenbedoelde werken - van verontreinigde bodemmaterialen, afkomstig van de onderenbedoelde werken dan wel van in samenhang daarmee uitgevoerde rivierwerken; d. bijlage 3 de aanleg van kaden langs het gedeelte van de Rijksweg A2, aangegeven op de bij deze wet behorende kaart (). 2 Staatsblad De in het eerste lid bedoelde bijlagen kunnen worden gewijzigd bij algemene maatregel van bestuur. Een krachtens de eerste volzin vastgestelde algemene maatregel van bestuur treedt niet eerder in werking dan twee weken na de datum van uitgifte van hetwaarin hij is geplaatst. Van de plaatsing wordt onverwijld mededeling gedaan aan de beide Kamers der Staten-Generaal. 3 artikel 4, derde lid Na 1 januari 1997 is deze wet slechts van toepassing op de uitvoering van werken die zijn opgenomen op de lijst zoals deze bij wet is vastgesteld en ten aanzien waarvan vóór die datum een besluit als bedoeld in, is genomen. 1995 210 20-04-1995 13-04-1995 24109 1995 210 20-04-1995 13-04-1995 24109 21-04-1995
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 artikel 1 Ten aanzien van de uitvoering van de inbedoelde werken zijn de wettelijke voorschriften krachtens welke daarvoor een vergunning, ontheffing, vrijstelling of enig ander besluit is vereist, niet van toepassing. 2 artikel 4 Grondwet Indien wettelijke voorschriften een zodanige belemmering voor de uitvoering van het in het plan van uitvoering beschreven werk vormen, dat het volstrekt noodzakelijk wordt geacht die voorschriften buiten toepassing te laten, kunnen gedeputeerde staten bij de vaststelling van het plan als bedoeld in, bepalen dat die bij hun besluit aan te wijzen voorschriften buiten toepassing blijven. Deze bevoegdheid geldt niet indien het buiten toepassing laten van een wettelijk voorschrift in strijd zou komen met deof enige internationaalrechtelijke verplichting. 1995 210 20-04-1995 13-04-1995 24109 1995 210 20-04-1995 13-04-1995 24109 21-04-1995
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 richtlijn nr. 85/337/EEG PbEG artikel 1 Voor zovervan de Raad van de Europese Gemeenschappen van 27 juni 1985 betreffende de milieu-effectbeoordeling van bepaalde openbare en particuliere projecten (L 175) van toepassing is met betrekking tot werken als bedoeld in, wordt voor de uitvoering van die werken - met toepassing van artikel 2, derde lid, van die richtlijn - geheel vrijstelling verleend van de bepalingen van die richtlijn. 2 Hoofdstuk 7 van de Wet milieubeheer is op die werken niet van toepassing. 1995 210 20-04-1995 13-04-1995 24109 1995 210 20-04-1995 13-04-1995 24109 21-04-1995
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 artikel 1 Degene die als beheerder dient over te gaan tot de uitvoering van een werk als bedoeld in, stelt een concept-plan van uitvoering met toelichting vast. 2 Uit het concept-plan en de toelichting blijkt welke gevolgen aan de uitvoering zijn verbonden en op welke wijze met de daarbij betrokken belangen, waaronder die van landschap, natuur, cultuurhistorie, volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en milieu conform de aanbevelingen van de Commissie Toetsing Uitgangspunten Rivierdijkversterkingen (Boertien I), is rekening gehouden. 3 Gedeputeerde staten stellen op basis van het concept-plan het plan met toelichting vast. Zij nemen hun besluit zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen vier weken nadat het concept-plan met toelichting door de beheerder aan hen is toegezonden. In bijzondere omstandigheden kunnen gedeputeerde staten de in de tweede volzin genoemde termijn met ten hoogste twee weken verlengen. Indien gedeputeerde staten niet binnen de in de derde volzin bepaalde termijn beslissen, wordt het concept-plan met toelichting zoals het door de beheerder aan hen is toegezonden geacht te zijn vastgesteld door gedeputeerde staten. 4 artikel 1 De inbedoelde werken worden door de beheerder uitgevoerd overeenkomstig het door gedeputeerde staten vastgestelde plan. In geval van uitvoering in strijd met het plan kunnen gedeputeerde staten de beheerder gelasten die uitvoering te staken en ongedaan te maken hetgeen in strijd met het plan is verricht. 2005 282 14-06-2005 26-05-2005 29421 2005 320 28-06-2005 22-06-2005 01-07-2005
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 1 artikelen 73 74 75 76 van de Onteigeningswet Indien onverwijlde inbezitneming van onroerende zaken ten behoeve van de uitvoering van een werk als bedoeld involstrekt noodzakelijk geacht wordt, kan deze, voor zover die onroerende zaken in het plan zijn aangewezen, op last van de beheerder geschieden. De, vijfde en zesde lid,,enzijn van toepassing. 2 Tegen een besluit van de beheerder tot het geven van een last als bedoeld in het eerste lid, kan geen beroep worden ingesteld. 2005 282 14-06-2005 26-05-2005 29421 2005 320 28-06-2005 22-06-2005 01-07-2005
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 artikel 4, derde lid Tegen een besluit als bedoeld in, kan een belanghebbende beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. 2 Artikel 7:1 van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing. 3 artikel 6:7 van de Algemene wet bestuursrecht In afwijking vanbedraagt de termijn voor het instellen van beroep twee weken. 4 afdeling 8.2.3 van de Algemene wet bestuursrecht Het beroep wordt behandeld met toepassing van. 5 De Afdeling bestuursrechtspraak beslist binnen zes weken na afloop van de termijn, bedoeld in het derde lid. In bijzondere omstandigheden kan de Afdeling deze termijn met ten hoogste vier weken verlengen. 1995 210 20-04-1995 13-04-1995 24109 1995 210 20-04-1995 13-04-1995 24109 21-04-1995
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 artikel 1 Voor zover blijkt dat een belanghebbende ten gevolge van de uitvoering van een werk als bedoeld inschade lijdt of zal lijden welke redelijkerwijs niet of niet geheel te zijnen laste behoort te blijven en waarvan de vergoeding niet of niet voldoende op andere wijze is verzekerd, kent het bestuursorgaan dat tot de uitvoering van het werk overgaat, aan die belanghebbende een naar billijkheid te bepalen schadevergoeding toe. 1995 210 20-04-1995 13-04-1995 24109 1995 210 20-04-1995 13-04-1995 24109 21-04-1995
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 artikel 2, eerste lid artikel 1 Besluiten als bedoeld in, die voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet zijn genomen en op dat tijdstip nog niet onherroepelijk zijn geworden, vervallen van rechtswege. Besluiten die mede betrekking hebben op andere onderwerpen dan de uitvoering van de inbedoelde werken, vervallen slechts voor zover het die uitvoering betreft. 2 artikel 4, derde lid artikel 2, eerste lid Een besluit als bedoeld in, geldt als aanvulling op besluiten als bedoeld in, die voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet zijn genomen en op dat tijdstip onherroepelijk zijn. 1995 210 20-04-1995 13-04-1995 24109 1995 210 20-04-1995 13-04-1995 24109 21-04-1995
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Staatsblad Deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van hetwaarin zij wordt geplaatst. 1995 210 20-04-1995 13-04-1995 24109 1995 210 20-04-1995 13-04-1995 24109 21-04-1995
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Deze wet wordt aangehaald als: Deltawet grote rivieren. 1995 210 20-04-1995 13-04-1995 24109 1995 210 20-04-1995 13-04-1995 24109 21-04-1995
Artikel 1#
artikel 1, eerste lid, onder a
Artikel 1#
artikel 1, eerste lid, onder b
Artikel 1#
artikel 1, eerste lid, onder d