Wet van 31 mei 1995, houdende wijziging van onder meer de Wet op het voortgezet onderwijs in verband met de invoering van lump-sum-bekostiging voor de personeels- en exploitatiekosten van scholen voor voorbereidend wetenschappelijk onderwijs, algemeen voortgezet onderwijs en voorbereidend beroepsonderwijs, alsmede in verband met decentralisatie van de rechtspositieregeling bij die scholen, behoudens een aantal op centraal niveau vast te stellen onderwerpen (regeling lump sum en decentralisatie rechtspositieregeling v.w.o.-a.v.o.-v.b.o.)
- BWB-id
- BWBR0007420
- Type
- Wet
- Ministerie
- Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Geldigheid
- 1998-08-01 t/m 2022-07-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0007420
- ELI
- /eli/nl/wet/1995/wijzigingswet-wet-op-het-voortgezet-onderwijs-enz-regeling-l
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/1995/wijzigingswet-wet-op-het-voortgezet-onderwijs-enz-regeling-l/1998-08-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0007420&g=1998-08-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0007420&z=2026-06-06&g=1998-08-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0007420/1998-08-01
Absolute ELI: /eli/nl/wet/1995/wijzigingswet-wet-op-het-voortgezet-onderwijs-enz-regeling-l
Artikel I — Artikel I wet op het voortgezet onderwijs Wijziging#
Artikel I wet op het voortgezet onderwijs Wijziging Bevat wijzigingen in andere regelgeving. 1995 318 27-06-1995 31-05-1995 23948 1997 21 23-01-1997 15-01-1997 23948 24-01-1997 01-01-1997 Werkt terug tot en met 1 januari 1997.
Artikel II — Artikel II Wijziging wet van 27 februari 1992 (Stb. 112)#
Artikel II Wijziging wet van 27 februari 1992 (Stb. 112) Bevat wijzigingen in andere regelgeving. 1995 318 27-06-1995 31-05-1995 23948 1995 318 27-06-1995 31-05-1995 23948 01-08-1996
Artikel III — Artikel III Wijziging wet van 27 februari 1992 (Stb. 113)#
Artikel III Wijziging wet van 27 februari 1992 (Stb. 113) Bevat wijzigingen in andere regelgeving. 1995 318 27-06-1995 31-05-1995 23948 1995 318 27-06-1995 31-05-1995 23948 01-08-1996
Artikel IV — Artikel IV wet op het primair onderwijs Wijziging#
Artikel IV wet op het primair onderwijs Wijziging Bevat wijzigingen in andere regelgeving. 1998 228 28-04-1998 02-04-1998 25409 1998 228 28-04-1998 02-04-1998 25409 01-08-1998
Artikel V — Artikel V wet op de expertisecentra Wijziging#
Artikel V wet op de expertisecentra Wijziging Bevat wijzigingen in andere regelgeving. 1998 228 28-04-1998 02-04-1998 25409 1998 228 28-04-1998 02-04-1998 25409 01-08-1998
Artikel VI — Artikel VI artikel 84b wet op het voortgezet onderwijs Vervangende verwijzing gemiddelde personeelslast in#
Artikel VI artikel 84b wet op het voortgezet onderwijs Vervangende verwijzing gemiddelde personeelslast in b artikel 84van de Wet op het voortgezet onderwijs artikel X In afwijking vanzoals gewijzigd door deze wet, heeft het in dat artikel bedoelde percentage tot 1 augustus 1998 betrekking op de salarissen die onderdeel zijn van de met inachtneming vanberekende gemiddelde personeelslast van de afzonderlijke scholen. 1995 318 27-06-1995 31-05-1995 23948 1995 318 27-06-1995 31-05-1995 23948 01-08-1996
Artikel VII — Artikel VII Vervangende verwijzing artikelen programma’s van eisen#
Artikel VII Vervangende verwijzing artikelen programma’s van eisen Wet op het voortgezet onderwijs Stb. Waar in de artikelen van dezoals luidend met ingang van 1 augustus 1996 wordt verwezen naar de artikelen 86, 87 en 88 van die wet, wordt deze verwijzing tot het tijdstip, bedoeld in artikel XV, eerste lid, van de Wet van 27 februari 1992 (112) aangemerkt als een verwijzing naar dat artikel XV. 1995 318 27-06-1995 31-05-1995 23948 1995 318 27-06-1995 31-05-1995 23948 01-08-1996
Artikel VIII — Artikel VIII Rechtspositioneel invoerings- en overgangsrecht#
Artikel VIII Rechtspositioneel invoerings- en overgangsrecht A 1. artikel I, onderdelen B tot en met M en BB artikel 38a, vierde lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs Indien op het tijdstip van inwerkingtreding van, van deze wet, door het bevoegd gezag van een openbare school voor voorbereidend wetenschappelijk onderwijs, voor hoger algemeen voortgezet onderwijs, voor middelbaar algemeen voortgezet onderwijs of voor voorbereidend beroepsonderwijs geen bepalingen omtrent aanstelling, schorsing, disciplinaire maatregelen en ontslag als bedoeld in, zijn vastgesteld, worden deze bepalingen vastgesteld door Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen en, voor zover het betreft landbouwonderwijs, Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij. 2. De overeenkomstig het eerste lid vastgestelde bepalingen worden aangemerkt als te zijn vastgesteld door de in het eerste lid bedoelde bevoegde gezagsorganen. B artikel 40a van de Wet op het voortgezet onderwijs Rechtspositiebesluit onderwijspersoneel Voor zover door het bevoegd gezag van een school voor voorbereidend wetenschappelijk onderwijs, voor hoger algemeen voortgezet onderwijs, voor middelbaar algemeen voortgezet onderwijs of voor voorbereidend beroepsonderwijs nog geen overeenstemming is bereikt met de vakorganisaties voor overheids- en onderwijspersoneel over de wijze van het voeren van overleg als bedoeld in, blijven in afwijking van dat artikel de bepalingen van hoofdstuk IV-F van hetvan kracht tot het tijdstip waarop de vorenbedoelde overeenstemming wordt bereikt. C 1. artikel 38a van de Wet op het voortgezet onderwijs Ten aanzien van het personeel van een school voor voorbereidend wetenschappelijk onderwijs, voor hoger algemeen voortgezet onderwijs, voor middelbaar algemeen voortgezet onderwijs of voor voorbereidend beroepsonderwijs blijven in afwijking van, de op 31 juli 1996 geldende regels ten aanzien van het desbetreffende personeel van toepassing tot een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de genoemde scholen verschillend kan worden gesteld. 2. Tot het in het eerste lid bedoelde tijdstip kunnen de in dat lid bedoelde op de dag voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van die wet geldende regels, voor zover bij of krachtens algemene maatregel van bestuur vastgesteld, worden gewijzigd bij algemene maatregel van bestuur onderscheidenlijk bij ministeriële regeling. D Artikel 85, vierde lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs vindt voor de eerste maal toepassing met ingang van 1 augustus 1998. 1995 318 27-06-1995 31-05-1995 23948 1995 318 27-06-1995 31-05-1995 23948 01-08-1996 1996 397 23-07-1996 03-07-1996 23946 1996 397 23-07-1996 03-07-1996 23946 01-08-1996
Artikel IX — Artikel IX Afhandeling bekostiging oude stijl#
Artikel IX Afhandeling bekostiging oude stijl Wet op het voortgezet onderwijs b Bij ministeriële regeling worden regels gegeven met betrekking tot de afrekening na 31 juli 1996 van de personeelskosten van de scholen voor voorbereidend wetenschappelijk onderwijs, voor hoger algemeen voortgezet onderwijs, voor middelbaar algemeen voortgezet onderwijs en voor voorbereidend beroepsonderwijs als bedoeld in de, alsmede van de in artikel 89, eerste lid, onderdeel, van die wet zoals luidend op 31 juli 1996, bedoelde aanvullende vergoeding voor exploitatiekosten. 1995 318 27-06-1995 31-05-1995 23948 1995 318 27-06-1995 31-05-1995 23948 01-08-1996
Artikel X — Artikel X Overgangsperiode gpl tot 1 augustus 1998#
Artikel X Overgangsperiode gpl tot 1 augustus 1998 1 artikel 85 van de Wet op het voortgezet onderwijs In afwijking vanzoals luidend met ingang van 1 augustus 1996, wordt de in dat artikel bedoelde gemiddelde personeelslast voor elk van de schooljaren 1996-1997 en 1997-1998 vastgesteld per school of scholengemeenschap. Voor elk van deze schooljaren is de gemiddelde personeelslast: a. de door Onze minister ten behoeve van die vaststelling in beschouwing genomen personele uitgaven van de school of scholengemeenschap in het schooljaar 1994-1995, gedeeld door het door Onze minister ten behoeve van die vaststelling berekende aantal formatieplaatsen van de school of scholengemeenschap, b. Stb. Rechtspositiebesluit onderwijspersoneel in voorkomende gevallen verhoogd of verlaagd wegens algemene salarismaatregelen en incidentele loonontwikkelingen die betrekking hebben op een of meer van de in beschouwing genomen soorten van personele uitgaven, alsmede verlaagd met een bij ministeriële regeling vast te stellen percentage voorzover het betreft leraren in een schaal 10-functie met uitzicht op een schaal 12-functie aan een school voor voorbereidend wetenschappelijk onderwijs, een school voor hoger algemeen voortgezet onderwijs en een scholengemeenschap waarvan ten minste een van deze scholen deel uitmaakt, in verband met het Besluit van 23 maart 1985 (155) tot wijziging van het, en c. indien het door de begrotingswetgever voorziene beloop van de personele uitgaven voor deze scholen en scholengemeenschappen daartoe noodzaakt, verhoogd of verlaagd met een percentage zodanig dat het totaal van de berekende personele vergoedingen in overeenstemming is met dat uitgavenbeloop. 2 artikel 75 van de Wet op het voortgezet onderwijs a a a Voor een school of scholengemeenschap die op 1 augustus 1996 met toepassing vanis ontstaan door samenvoeging, worden in afwijking van het eerste lid de in dat lid onderbedoelde personele uitgaven voor het schooljaar 1996-1997 vastgesteld door de som van de in het eerste lid onderbedoelde in beschouwing genomen uitgaven van de betrokken scholen of scholengemeenschappen waarop de samenvoeging betrekking heeft, te delen door de som van het in het eerste lid onderbedoelde aantal berekende formatieplaatsen van die scholen of scholengemeenschappen voor dat schooljaar. 3 artikel 75 van de Wet op het voortgezet onderwijs Voor een school of scholengemeenschap ten aanzien waarvan voor 1 oktober 1996 een verzoek ingevolgeis ingediend met het oogmerk van samenvoeging op 1 augustus 1997, wordt de in het eerste lid bedoelde gemiddelde personeelslast voor het schooljaar 1997-1998 vastgesteld door de som van de op dat schooljaar betrekking hebbende personele vergoedingen voor de betrokken scholen of scholengemeenschappen te delen door de som van het aantal formatieplaatsen van die scholen of scholengemeenschappen voor dat schooljaar. 4 Wet op het voortgezet onderwijs Het bepaalde bij en krachtens dezoals op grond van deze wet luidend met ingang van 1 augustus 1996, vindt met inachtneming van dit artikel in het schooljaar 1995-1996 op overeenkomstige wijze toepassing ten behoeve van de vaststelling van de personele vergoedingen voor het schooljaar 1996-1997. 5 Bij ministeriële regeling kunnen nadere voorschriften worden gegeven voor de toepassing van dit artikel en wordt het in het eerste lid bedoelde percentage vastgesteld. 1995 318 27-06-1995 31-05-1995 23948 1995 318 27-06-1995 31-05-1995 23948 01-08-1995
Artikel XI — Artikel XI Invoeringsbepaling vergoeding personeelskosten#
Artikel XI Invoeringsbepaling vergoeding personeelskosten 1 artikel X Indien de voor het schooljaar 1997–1998 met inachtneming vanvan deze wet vastgestelde vergoeding voor de personele kosten van een school of scholengemeenschap meer dan 3% hoger is dan de berekende personele vergoeding voor het schooljaar 1998–1999, wordt de vergoeding voor het schooljaar 1998–1999 verhoogd met het meerdere van deze 3%. 2 artikel X Indien de voor het schooljaar 1997–1998 met inachtneming vanvan deze wet vastgestelde vergoeding voor de personele kosten van een school of scholengemeenschap lager is dan de berekende personele vergoeding voor het schooljaar 1998–1999, wordt de vergoeding voor het schooljaar 1998–1999 verlaagd in verband met de in het eerste lid bedoelde verhogingen van de vergoedingen. 3 Wet op het voortgezet onderwijs Onze minister kan bepalen dat het eerste en tweede lid op overeenkomstige wijze toepassing vinden voor schooljaren na het in die leden genoemde schooljaar 1998-1999 met het oog op een geleidelijke invoering van dezoals gewijzigd door deze wet. 4 artikel 84 van de Wet op het voortgezet onderwijs artikel 85 van de Wet op het voortgezet onderwijs artikel X Bij de toepassing van het eerste en tweede lid gelden in de daar bedoelde vergelijkingen in elk geval als grondslag het aantal leerlingen dat op 1 oktober 1996 als werkelijk schoolgaand bij de school of scholengemeenschap was ingeschreven, en de formatie-omvang van de school of scholengemeenschap voor het schooljaar 1997–1998, vastgesteld op grond van. Bij de toepassing van het eerste en tweede lid worden met elkaar vergeleken de op grond vanvastgestelde gemiddelde personeelslast van de school of scholengemeenschap op 1 augustus 1998 en de gemiddelde personeelslast van de school of scholengemeenschap voor het schooljaar 1997–1998, vastgesteld met inachtneming vanvan deze wet, met dien verstande dat laatstbedoeld bedrag wordt aangepast voor zover nodig ten behoeve van de juistheid van deze vergelijking. 5 Bij ministeriële regeling worden regels gegeven voor de toepassing van dit artikel. 1998 398 09-07-1998 18-06-1998 25459 1998 398 09-07-1998 18-06-1998 25459 01-08-1998 Treedt in werking als artikel XI van de wet in werking treedt.
Artikel XII — Artikel XII Overgangsbepaling wijziging teldatum leerlingen#
Artikel XII Overgangsbepaling wijziging teldatum leerlingen 1 artikel 108 van de Wet op het voortgezet onderwijs artikel 107 van de Wet op het voortgezet onderwijs In afwijking vanzoals gewijzigd door deze wet, is voor de toepassing vande grondslag der berekening in de schooljaren 1994-1995 en 1995-1996 het aantal leerlingen dat op 15 september 1994, onderscheidenlijk 15 september 1995 als werkelijk schoolgaand bekend stond. 2 b c Stb. 2 In afwijking van artikel XV, vierde lid, onderdelenen, van de Wet van 27 februari 1992 (112) zoals gewijzigd door deze wet, vindt bij de berekening van de in die onderdelen bedoelde bedragen voor het schooljaar 1996-1997 de vermenigvuldiging plaats met het aantal geregistreerde mbruto vloeroppervlakte van de school per 15 september 1995, onderscheidenlijk met het aantal ingeschreven leerlingen van de school per 15 september 1995. 1995 318 27-06-1995 31-05-1995 23948 1995 318 27-06-1995 31-05-1995 23948 01-08-1996
Artikel XIII — Artikel XIII Overgangsbepaling schooljaar als bekostigingsperiode voor exploitatiekosten#
Artikel XIII Overgangsbepaling schooljaar als bekostigingsperiode voor exploitatiekosten 1 Stb. artikel II, onderdeel B, onder 1, 3 en 4 Artikel XV van de Wet van 27 februari 1992 (112) zoals gewijzigd door, is voor het eerst van toepassing ten aanzien van het schooljaar 1996-1997. 2 artikel XV, derde lid In afwijking van, geldt de in dat lid bedoelde ministeriële regeling van 1 januari 1996 tot en met 31 juli 1996. 1995 318 27-06-1995 31-05-1995 23948 1995 318 27-06-1995 31-05-1995 23948 01-01-1996
Artikel XIV — Artikel XIV Evaluatie#
Artikel XIV Evaluatie 1 Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen zendt, in overeenstemming met Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, voor 1 augustus 2001 aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van: a. Wet op het voortgezet onderwijs het in dezoals gewijzigd door deze wet opgenomen stelsel van personele bekostiging, en b. Stb. het stelsel van exploitatiebekostiging voor het voortgezet onderwijs dat van toepassing is nadat is uitgebracht het verslag, bedoeld in artikel XIX, eerste lid van de Wet van 27 februari 1992 (112). 2 a b Het in de aanhef van het eerste lid bedoelde verslag heeft tevens betrekking op de verhoudingen tussen de in dat lid onderenbedoelde stelsels. 1995 318 27-06-1995 31-05-1995 23948 1995 318 27-06-1995 31-05-1995 23948 01-08-1998
Artikel XV — Artikel XV Inwerkingtreding#
Artikel XV Inwerkingtreding Deze wet treedt in werking: a. artikel I, onderdelen A artikel X met ingang van 1 augustus 1995, wat betreft, EE onder 2, en, b. artikel XIII met ingang van 1 januari 1996, wat betreft, c. artikel I, met uitzondering van de onderdelen A, X onder 1 en 2, Y onder 1 en 2, Z artikelen II IX XII met ingang van 1 augustus 1996, wat betreft, AA en EE onder 2, en wat betreft detot en meten, d. artikelen XI XIV met ingang van 1 augustus 1998, wat betreft deen, en e. artikel I, onderdelen X onder 1 en 2, Y onder 1 en 2, Z met ingang van een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, wat betreften AA. 1995 318 27-06-1995 31-05-1995 23948 1995 318 27-06-1995 31-05-1995 23948 01-08-1995