Wet van 11 september 1996 tot gemeentelijke herindeling in de samenwerkingsgebieden Midden-Brabant, Breda en Westelijk Noord-Brabant en in een gedeelte van de samenwerkingsgebieden Zuidoost-Brabant en 's-Hertogenbosch
- BWB-id
- BWBR0008231
- Type
- Wet
- Ministerie
- Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
- Geldigheid
- Geldend vanaf 1998-08-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0008231
- ELI
- /eli/nl/wet/1996/wet-tot-gemeentelijke-herindeling-samenwerkingsgebieden-midd
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/1996/wet-tot-gemeentelijke-herindeling-samenwerkingsgebieden-midd/1998-08-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0008231&g=1998-08-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0008231&z=2026-06-06&g=1998-08-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0008231/1998-08-01
Absolute ELI: /eli/nl/wet/1996/wet-tot-gemeentelijke-herindeling-samenwerkingsgebieden-midd
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Met ingang van de datum van herindeling worden de gemeenten Aarle-Rixtel, Alphen en Riel, Bakel en Milheeze, Beek en Donk, Bergen op Zoom, Bergeyk, Berkel-Enschot, Bladel en Netersel, Breda, Budel, Chaam, Diessen, Dinteloord en Prinsenland, Dongen, Drunen, Dussen, Eersel, Fijnaart en Heijningen, Geertruidenberg, Gemert, 's-Gravenmoer, Halsteren, Heeze, Heusden, Hilvarenbeek, Hoeven, Hooge en Lage Mierde, Hooge en Lage Zwaluwe, Hoogeloon, Hapert en Casteren, Huijbergen, Klundert, Leende, Lieshout, Luyksgestel, Maarheeze, Made en Drimmelen, Moergestel, Nieuw-Ginneken, Nieuw-Vossemeer, Oirschot, Oisterwijk, Oost-, West- en Middelbeers, Ossendrecht, Oud en Nieuw Gastel, Oudenbosch, Prinsenbeek, Putte, Raamsdonk, Reusel, Riethoven, Rijsbergen, Roosendaal en Nispen, Sprang-Capelle, Standdaarbuiten, Steenbergen, Terheijden, Teteringen, Tilburg, Udenhout, Vessem, Wintelre en Knegsel, Vlijmen, Waalwijk, Waspik, Werkendam, Westerhoven, Willemstad, Woensdrecht, Wouw, Zevenbergen en Zundert opgeheven. 1996 449 12-09-1996 11-09-1996 24571 1996 450 12-09-1996 11-09-1996 13-09-1996
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Met ingang van de datum van herindeling worden de nieuwe gemeenten Alphen-Chaam, Bergen op Zoom, Bergeyk, Bladel, Breda, Budel, Dongen, Eersel, Geertruidenberg, Gemert-Bakel, Halderberge, Heeze-Leende, Heusden, Hilvarenbeek, Laarbeek, Made, Oirschot, Oisterwijk, Reusel-De Mierden, Roosendaal, Steenbergen, Tilburg, Waalwijk, Werkendam, Woensdrecht, Zevenbergen en Zundert ingesteld. 2 In bijlage 1 bij deze wet is aangegeven uit het gebied van welke op te heffen gemeenten het gebied van elk der nieuwe gemeenten bestaat, met dien verstande dat de grenzen van de nieuwe gemeenten komen te lopen zoals aangegeven op de bij de wet behorende kaarten. 1996 449 12-09-1996 11-09-1996 24571 1996 450 12-09-1996 11-09-1996 13-09-1996
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 De grenzen van de gemeenten Asten, Best, Deurne, Eindhoven, Etten-Leur, Geldrop, Gilze en Rijen, Goirle, Haaren, Helmond, Loon op Zand, Mierlo, Oosterhout, Rucphen, Sint-Oedenrode, Someren, Son en Breugel, Valkenswaard, Veghel, Veldhoven en Waalre worden gewijzigd als aangegeven op de bij deze wet behorende kaarten. 1996 449 12-09-1996 11-09-1996 24571 1996 450 12-09-1996 11-09-1996 13-09-1996
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 artikel 36, eerste en tweede lid, van de Wet algemene regels herindeling De inbedoelde instructies en reglementen van orde van een in bijlage 2 bij deze wet genoemde op te heffen gemeente, gelden voor de in die bijlage genoemde nieuwe gemeente, totdat zij door andere zijn vervangen. 1996 449 12-09-1996 11-09-1996 24571 1996 450 12-09-1996 11-09-1996 13-09-1996
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 artikel 39, tweede lid, van de Wet algemene regels herindeling De inbedoelde bevoegdheid tot het heffen en invorderen van gemeentelijke belastingen van een in bijlage 1 bij deze wet genoemde op te heffen gemeente, komt toe aan de organen en ambtenaren van de in die bijlage genoemde nieuwe gemeente. 1996 449 12-09-1996 11-09-1996 24571 1996 450 12-09-1996 11-09-1996 13-09-1996
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 artikel 41, eerste en tweede lid, van de Wet algemene regels herindeling De inbedoelde gemeenschappelijke regelingen, waaraan uitsluitend wordt deelgenomen door twee of meer van de in bijlage 1 bij deze wet genoemde op te heffen gemeenten, die samen geheel of grotendeels tot een en dezelfde gemeente komen te behoren, vervallen met ingang van de datum van herindeling. De besturen van de in die bijlage genoemde nieuwe gemeenten treffen in verband hiermee de nodige voorzieningen. 2 artikel 41, derde lid, van de Wet algemene regels herindeling Ingevolgetreedt het bestuur van een in bijlage 1 bij deze wet genoemde nieuwe gemeente, in de plaats van de in die bijlage genoemde op te heffen gemeenten. 1996 449 12-09-1996 11-09-1996 24571 1996 450 12-09-1996 11-09-1996 13-09-1996
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 artikelen 44 45, tweede lid, van de Wet algemene regels herindeling eerste lid bijlage 1 De in de,, enbedoelde rechten en verplichtingen van een inbij deze wet genoemde op te heffen gemeente, gaan over op de in die bijlage genoemde nieuwe gemeente. 1996 449 12-09-1996 11-09-1996 24571 1996 450 12-09-1996 11-09-1996 13-09-1996
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 artikel 48, tweede lid, van de Wet algemene regels herindeling De inbedoelde uitkeringen aan onderscheidenlijk door een in bijlage 1 bij deze wet genoemde op te heffen gemeente, geschieden aan onderscheidenlijk door de in die bijlage genoemde nieuwe gemeente. 1996 449 12-09-1996 11-09-1996 24571 1996 450 12-09-1996 11-09-1996 13-09-1996
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 a artikel 52, tweede lid, onder, van de Wet algemene regels herindeling Ingevolgeworden tussentijdse raadsverkiezingen gehouden voor de nieuwe gemeenten die bij deze wet zijn ingesteld. Met de voorbereiding van de verkiezingen bedoeld in de eerste volzin worden de in bijlage 2 bij deze wet genoemde op te heffen gemeenten belast. 2 Kieswet Indien de datum van herindeling valt binnen twee jaar voor de datum waarop reguliere verkiezingen voor de leden van de gemeenteraden ingevolge demoeten worden gehouden, dan vinden deze verkiezingen niet plaats in de gemeenten die bij deze wet zijn ingesteld. 3 Kieswet Indien de datum van herindeling valt binnen een jaar voor de datum waarop de reguliere verkiezingen voor de leden van de gemeenteraden ingevolge demoeten worden gehouden, dan eindigt de zittingsperiode van de leden van de raden van de nieuwe gemeenten gelijk met de zittingsperiode van de leden van de raden van de overige gemeenten die volgt op de eerste verkiezingen voor de gemeenteraden na de datum van herindeling. 4 b artikel 52, tweede lid, onder, van de Wet algemene regels herindeling Ingevolgeworden in de gemeenten Goirle en Haaren tussentijdse raadsverkiezingen gehouden. Het tweede, derde vijfde, zesde en zevende lid zijn van overeenkomstige toepassing. 5 Kieswet Indien de datum van herindeling valt tussen een en twee jaar voor de datum waarop de reguliere verkiezingen voor de leden van de gemeenteraden ingevolge demoeten worden gehouden, dan treden de leden van de raden van de nieuwe gemeenten tegelijk af met ingang van dinsdag 13 april 1999. 6 Kieswet artikel J6 van de Kieswet Indien de situatie bedoeld in het vijfde lid zich voordoet, worden in 1999 in de nieuwe gemeenten op de uit devoortvloeiende datum verkiezingen voor de gemeenteraden gehouden. De stemming voor deze verkiezingen kan plaatsvinden in hetzelfde stemlokaal als de stemming voor de verkiezingen voor provinciale staten. De op grond vangegeven voorschriften zijn van overeenkomstige toepassing. 7 De zittingsperiode van de leden van de raden die zijn gekozen bij de in het zesde lid bedoelde verkiezingen eindigt tegelijk met de zittingsperiode van de leden van de raden van de overige gemeenten die volgt op de eerste verkiezingen voor de gemeenteraden na de datum van de herindeling. 1998 342 18-06-1998 25-05-1998 25738 1998 342 18-06-1998 25-05-1998 25738 19-06-1998
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 artikel 59, eerste lid, van de Wet algemene regels herindeling De inbedoelde ambtenaren in dienst van een in bijlage 1 bij deze wet genoemde op te heffen gemeente, gaan op de datum van herindeling over in voorlopige dienst van de in die bijlage genoemde nieuwe gemeente. 1996 449 12-09-1996 11-09-1996 24571 1996 450 12-09-1996 11-09-1996 13-09-1996
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 artikel 70, eerste lid van de Wet algemene regels herindeling De inbedoelde archiefbescheiden van een in bijlage 1 bij deze wet genoemde op te heffen gemeente, gaan op de datum van herindeling over op de in die bijlage genoemde nieuwe gemeente. 1996 449 12-09-1996 11-09-1996 24571 1996 450 12-09-1996 11-09-1996 13-09-1996
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 artikel 71, derde lid, van de Wet algemene regels herindeling De inbedoelde gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens van een in bijlage 1 bij deze wet genoemde op te heffen gemeente, wordt op de datum van herindeling overgedragen aan de in die bijlage genoemde nieuwe gemeente. 1996 449 12-09-1996 11-09-1996 24571 1996 450 12-09-1996 11-09-1996 13-09-1996
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Wijzigt de Wet op de rechterlijke indeling. 1996 449 12-09-1996 11-09-1996 24571 1996 450 12-09-1996 11-09-1996 13-09-1996
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Wijzigt de Politiewet 1993. 1996 449 12-09-1996 11-09-1996 24571 1996 450 12-09-1996 11-09-1996 13-09-1996
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 Wijzigt de Wet verplaatsing mestproduktie. 1996 449 12-09-1996 11-09-1996 24571 1996 450 12-09-1996 11-09-1996 13-09-1996
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 artikel 10, tweede lid, van de Wet algemene regels herindeling Gedeputeerde staten van Noord-Brabant kunnen bij vaststelling van de grensbeschrijving, bedoeld in, kennelijke onjuistheden verbeteren in de grenzen zoals die zijn aangegeven op de bij deze wet behorende kaart. Zij zenden de verbeterde kaart zo spoedig mogelijk naar Onze Minister van Binnenlandse Zaken. 1996 449 12-09-1996 11-09-1996 24571 1996 450 12-09-1996 11-09-1996 13-09-1996
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 1 Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen stelt op de wijze als aangegeven in de artikelen 56, tweede lid, en 107a van de Wet op het basisonderwijs de stichtings- en opheffingsnormen voor scholen voor basisonderwijs vast voor de bij deze wet betrokken gemeenten. 2 Indien de raad van een bij deze wet betrokken gemeente binnen 3 maanden na de datum van herindeling een besluit neemt tot splitsing van de gemeente, stelt Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen voor de beide gebiedsdelen een afzonderlijke opheffingsnorm vast. Artikel 107b, eerste lid, eerste, tweede en vierde volzin, tweede lid, eerste en derde volzin, en vijfde lid, van de Wet op het basisonderwijs is van overeenkomstige toepassing. 3 De ingevolge het eerste en tweede lid vastgestelde stichtings- en opheffingsnormen treden in de plaats van de voor de betrokken gemeenten op grond van artikel 56, derde, vierde en vijfde lid, 107, tweede lid, 107b en 107c van de Wet op het basisonderwijs vastgestelde normen. De nieuwe normen gelden met ingang van 1 januari volgend op de datum van herindeling. Tot en met 31 december volgend op de datum van herindeling blijven op de scholen in de bij deze wet betrokken gemeenten de normen van toepassing die golden op de dag voorafgaande aan de datum van herindeling. 1996 449 12-09-1996 11-09-1996 24571 1996 450 12-09-1996 11-09-1996 13-09-1996
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 1 Wet waardering onroerende zaken Een nieuwe gemeente kan in de belastingverordening op de onroerende-zaakbelastingen bepalen, dat voor de toepassing van demet betrekking tot de onroerende zaken gelegen in overgaand gebied, de ingevolge de in dat gebied geldende verordeningen op de onroerende-zaakbelastingen vastgestelde waarden naar de waardepeildatum 1 januari 1992, 1 januari 1993, 1 januari 1994 of 1 januari 1996, geacht worden de waarden per 1 januari 1995 te zijn. 2 Wet waardering onroerende zaken Wet waardering onroerende zaken Indien in de verordening op de onroerende-zaakbelastingen van een nieuwe gemeente niet een bepaling is opgenomen als bedoeld in het eerste lid, en de nieuwe gemeente niet overgaat tot het bepalen en vaststellen van de waarde op de voet van de, wordt voor de toepassing van die wet de waarde van de onroerende zaken, gelegen in de nieuwe gemeente, op de voet van hoofdstuk III van die wet bepaald naar één van de in artikel 41 van die wet genoemde waardepeildata, zoals die is opgenomen in één van de verordeningen onroerende-zaakbelastingen die gelden in overgaand gebied. De op basis van die waardepeildatum vastgestelde waarden worden voor de toepassing van degeacht de waarden per 1 januari 1995 te zijn. 3 hoofdstukken III IV van de Wet waardering onroerende zaken Ingeval een belanghebbende bezwaar maakt tegen de met toepassing van het eerste dan wel tweede lid vastgestelde waarde van een onroerende zaak en aannemelijk maakt dat toepassing van deentot vaststelling van een lagere waarde zou leiden, wordt de waarde op de voet van die hoofdstukken bepaald en vastgesteld. 1996 449 12-09-1996 11-09-1996 24571 1996 450 12-09-1996 11-09-1996 13-09-1996
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. 1996 449 12-09-1996 11-09-1996 24571 1996 450 12-09-1996 11-09-1996 13-09-1996