Wet van 17 december 1997, houdende eenmalige uitkering aan gewezen militairen die meer dan twee jaar doch minder dan vijf jaar hebben gediend (Uitkeringswet tegemoetkoming twee tot vijfjarige diensttijd veteranen)
- BWB-id
- BWBR0009197
- Type
- Wet
- Ministerie
- Defensie
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2006-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0009197
- ELI
- /eli/nl/wet/1997/uitkeringswet-tegemoetkoming-twee-tot-vijfjarige-diensttijd-
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/wet/1997/uitkeringswet-tegemoetkoming-twee-tot-vijfjarige-diensttijd-/2006-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0009197&g=2006-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0009197&z=2026-06-06&g=2006-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0009197/2006-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/wet/1997/uitkeringswet-tegemoetkoming-twee-tot-vijfjarige-diensttijd-
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze wet wordt verstaan onder: a. militair: 1°. degene die krachtens de Dienstplichtwet werkelijke dienst heeft verricht; 2°. degene die krachtens het Oorlogsvrijwilligersbesluit werkelijke dienst heeft verricht; 3°. degene die krachtens de Surinaamse Schutterijverordening 1941, dan wel krachtens de Antilliaanse Schutterij-landsverordening 1940 werkelijke dienst heeft verricht; of 4°. Wet betreffende de positie van Molukkers degene die onder de vlag van het Koninkrijk der Nederlanden als dienst- of reserveplichtige bij het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger/Koninklijk Nederlands-Indonesisch Leger (KNIL), dan wel krachtens het Dienstplichtbesluit voor Nederlands-Indië werkelijke dienst heeft verricht, tijdens die vervulling Nederlander was of in die periode geen Nederlander was maar thans op grond van debij de toepassing van de Nederlandse wetgeving als Nederlander wordt behandeld, en die na afloop van zijn werkelijke dienst naar Nederland is vertrokken of teruggekeerd dan wel door de zorg van de Nederlandse regering is overgebracht naar Nederland. b. werkelijke dienst: 1°. de door de militair bij de Nederlandse krijgsmacht in de periode van 1 januari 1938 tot en met 31 december 1962 verrichte militaire dienst krachtens de Dienstplichtwet; 2°. de door de militair bij de Nederlandse krijgsmacht in de periode van 1 januari 1938 tot en met 31 december 1962 verrichte militaire dienst krachtens het Oorlogsvrijwilligersbesluit; 3°. de door de militair in de periode van 1 januari 1938 tot en met 31 december 1962 krachtens de Surinaamse Schutterijverordening 1941 dan wel krachtens de Antilliaanse Schutterij-landsverordening 1940 verrichte militaire dienst; of 4°. de door de militair vóór 26 juli 1950 bij het KNIL verrichte militaire dienst krachtens het Dienstplichtbesluit voor Nederlandsch-Indië en de daarop berustende uitvoeringsregelingen; 5°. de tijd doorgebracht in hechtenis en tijd van ongeoorloofde afwezigheid wordt niet meegeteld bij de berekening van de werkelijke dienst; c. weduwe: degene die Onder weduwe wordt mede verstaan de weduwnaar van de vrouwelijke militair. 1°. met de militair was gehuwd en die in Nederland, Suriname of de Nederlandse Antillen woonde, dan wel naar Nederland is vertrokken of teruggekeerd dan wel door de zorg van de Nederlandse regering is overgebracht naar Nederland, dan wel 2°. gehuwd was met een militair die is overleden in het tijdvak ingaande 1 januari 1996 en eindigend op de dag na plaatsing van deze wet in het Staatsblad. 1997 728 29-12-1997 17-12-1997 25447 1997 728 29-12-1997 17-12-1997 25447 30-12-1997
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 artikel 1, onderdeel a, onder 1°, 2° of 3° artikel 1, onderdeel a, onder 4° De militair, bedoeld in, die een werkelijke dienst van meer dan twee doch minder dan vijf jaar, hetzij tijdens de Tweede Wereldoorlog, dan wel in het voormalig Nederlands-Indië, in Korea of in het voormalig Nederlands Nieuw-Guinea doorgebracht, kan aanwijzen, alsmede de militair, bedoeld in, die daarenboven in de periode voor de inwerkingtreding van deze wet tenminste één jaar onafgebroken in Nederland gevestigd is geweest, heeft aanspraak op een eenmalige uitkering ten bedrage van € 453,78. 2 Uitkeringswet financiële compensatie langdurige militaire dienst Uitkeringswet KNIL-dienstplichttijd Eveneens aanspraak op een eenmalige uitkering ten bedrage van € 453,78 heeft degene die als militair ten minste vijf jaar werkelijke dienst kan aanwijzen, hetzij tijdens de Tweede Wereldoorlog, dan wel in het voormalig Nederlands-Indië, in Korea of in het voormalig Nederlands Nieuw-Guinea doorgebracht en niet of minder dan vijf jaar als militair in de zin van deonderscheidenlijk dein werkelijke dienst is geweest. 3 Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing op de militair die zich schuldig heeft gemaakt aan desertie of dienstweigering. 2001 481 01-11-2001 27-09-2001 27472 2001 481 01-11-2001 27-09-2001 27472 01-01-2002
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 artikel 2 Indien de ingenoemde aanspraak, in verband met het overlijden van de militair niet kan worden geëffectueerd, heeft de weduwe recht op een eenmalige uitkering, gelijk aan het in dat artikel genoemde bedrag. 1999 50 16-02-1999 28-01-1999 26019 1999 50 16-02-1999 28-01-1999 26019 17-02-1999
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 De aanvraag om een uitkering krachtens deze wet wordt schriftelijk ingediend bij: a. artikel 1, onderdeel a, onder 4° de Stichting Administratie Indonesische Pensioenen voorzover het betreft de militair, genoemd in, die bij het Koninklijk Nederlands Indisch /Indonesisch Leger werkelijke dienst heeft verricht, onderscheidenlijk diens weduwe; b. artikel 1, onderdeel a bij Onze Minister van Defensie, voorzover het betreft de overige militairen genoemd in, onderscheidenlijk hun weduwen. 1997 728 29-12-1997 17-12-1997 25447 1997 728 29-12-1997 17-12-1997 25447 30-12-1997
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 De gemeentebesturen en ambtenaren van de burgerlijke stand zijn verplicht op een door Onze Minister van Defensie onderscheidenlijk de Stichting Administratie Indonesische Pensioenen aan te geven wijze desgevraagd kosteloos inlichtingen te verschaffen en overigens ook alle medewerking te verlenen, benodigd voor de uitvoering van deze wet. 1997 728 29-12-1997 17-12-1997 25447 1997 728 29-12-1997 17-12-1997 25447 30-12-1997
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Wet inkomstenbelasting 2001 Wet op de loonbelasting 1964 Wet financiering sociale verzekeringen De over de uitkering verschuldigde belasting ingevolge de, deen premie voor de volksverzekeringen ingevolge dekomen ten laste van het Rijk. 2005 37 03-02-2005 16-12-2004 29531 2005 717 28-12-2005 15-12-2005 01-01-2006
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 De uitkering blijft buiten beschouwing bij de verlening van op het inkomen afgestemde publiekrechtelijke uitkeringen of verstrekkingen. 1997 728 29-12-1997 17-12-1997 25447 1997 728 29-12-1997 17-12-1997 25447 30-12-1997
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Wijzigt de Algemene bijstandswet. 1997 728 29-12-1997 17-12-1997 25447 1997 728 29-12-1997 17-12-1997 25447 30-12-1997
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst. 1997 728 29-12-1997 17-12-1997 25447 1997 728 29-12-1997 17-12-1997 25447 30-12-1997
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Deze wet wordt aangehaald als: Uitkeringswet tegemoetkoming twee tot vijfjarige diensttijd veteranen. 1997 728 29-12-1997 17-12-1997 25447 1997 728 29-12-1997 17-12-1997 25447 30-12-1997